Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Debatten
Dinsdag 22 februari 2005 - Straatsburg Uitgave PB

18. River Traffic Information Services
MPphoto
 
 

  De Voorzitter. – Aan de orde is het verslag (A6-0055/2004) van mevrouw Renate Sommer, namens de Commissie vervoer en toerisme, over het voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad betreffende geharmoniseerde River Traffic Information Services op de binnenwateren in de Gemeenschap (COM(2004) 392 - C6-0042/2004 - 2004/0123(COD)).

 
  
MPphoto
 
 

  Barrot, vice-voorzitter van de Commissie.(FR) Mijnheer de Voorzitter, dames en heren, het doet me genoegen u vandaag het voorstel voor een richtlijn betreffende River Trafic Information Services te kunnen presenteren. Deze richtlijn, waarom het Parlement ook heeft gevraagd in zijn resolutie over het Witboek inzake het Europese vervoersbeleid, heeft tot doel de informatiediensten op de binnenwateren van de Gemeenschap te harmoniseren.

De Commissie heeft lang geleden al ingezien dat de binnenvaart veel mogelijkheden biedt als alternatief voor andere, overbelaste vervoerssectoren. Met andere woorden: het vervoer over de binnenwateren is vaak kosteneffectiever, betrouwbaarder en milieuvriendelijker dan andere vervoersmodi.

Met de River Trafic Information Services (RIS) opent zich een nieuw, veelbelovend perspectief voor de binnenvaart. De RIS berusten op moderne informatie- en communicatietechnologieën en maken een betere planning en een beter verkeers- en vervoersbeheer mogelijk. Deze diensten omvatten vaarweginformatie, informatie over de bevaarbaarheid, verkeersinformatie en informatie over de capaciteit in havens en terminals. Ook diensten ter ondersteuning van calamiteitenbestrijding vallen onder de RIS.

Dankzij de RIS kunnen de reizen nauwkeuriger gepland worden en kan beter worden ingespeeld op de verkeersomstandigheden en op de situatie met betrekking tot de bevaarbaarheid van de vaarwegen, en dat zal ertoe leiden dat het brandstofverbruik zal dalen en dat de emissies dus zullen afnemen. Verder maken de RIS een beter toezicht op het vervoer van gevaarlijke stoffen mogelijk, waardoor adequaat kan worden opgetreden bij ongevallen en de eventuele daaruit voortvloeiende milieuschade. Invoering van deze informatiediensten betekent een stap voorwaarts in de modernisering van het netwerk van binnenwateren, dat hiermee veiliger, betrouwbaarder en efficiënter wordt.

De doelstelling van de richtlijn is tweeledig. Enerzijds is hij erop gericht de overheidsinstanties die de diensten leveren, de gebruikers die van de diensten gebruik maken en de industrieën die de hardware en software produceren, de zekerheid te bieden die ze nodig hebben om op dit gebied tot investeringen over te gaan. Anderzijds heeft de richtlijn tot doel ervoor te zorgen dat de toepassingen op nationaal en Europees niveau interoperabel en compatibel zijn, met uiteraard mogelijkheden voor de noodzakelijke koppeling met de diensten van andere vervoersmodi.

In de richtlijn is het gebruik van de RIS door particuliere gebruikers niet verplicht gesteld, maar wij zijn ervan overtuigd dat de voordelen die deze diensten bieden zo evident zijn dat de betrokkenen er zeker gebruik van zullen maken, en dat de industrie de commerciële mogelijkheden van de RIS-technologie zal inzien. De diensten zullen beschikbaar komen tegen een redelijke prijs die voor iedereen op te brengen is. Dat is des te belangrijker daar in de binnenvaart vooral kleine en middelgrote ondernemingen actief zijn. De Commissie zal de ontwikkelingen wat dit betreft aandachtig blijven volgen.

De Raad heeft overeenstemming bereikt over een algemene oriëntatie. Het doet me deugd dat de rapporteur en de voor dit dossier bevoegde commissie, de Commissie vervoer en toerisme, meteen al in de eerste lezing geprobeerd hebben tot een akkoord te komen. Dankzij deze constructieve opstelling van beide instellingen zou de richtlijn op korte termijn aangenomen moeten kunnen worden, zodat een begin kan worden gemaakt met de invoering van de RIS. Ik zou mevrouw Sommer en de Vervoerscommissie hartelijk willen bedanken voor hun bijdrage aan deze aanpak.

Drie punten wil ik nog even onderstrepen: de interoperabiliteit van de diensten, de termijnen voor de toepassing van de richtlijn en de concordantietabel. Het Parlement heeft terecht de nadruk gelegd op datgene wat als hét centrale element van de richtlijn kan worden beschouwd: de interoperabiliteit van de diensten en de compatibiliteit van de apparatuur. Nogmaals mijn dank daarvoor aan de rapporteur. Wat de uiterste termijn voor de toepassing betreft: daarvoor is een compromis van dertig maanden gevonden, en dat lijkt me een redelijke termijn. Op het punt van de concordantietabel tenslotte is de Commissie uiteraard niet geheel tevreden, daar de verplichting tot overlegging van zo’n tabel niet in een artikel, doch slechts in een overweging neergelegd is. Hier lopen de meningen dus nog uiteen, en dit punt zal op interinstitutioneel niveau opgelost moeten worden, maar wij vinden dat dat geen reden mag zijn om de aanneming van de richtlijn in gevaar te brengen - een richtlijn die, ik zeg het nog maar eens, mijnheer de Voorzitter, dames en heren, het vervoer over de binnenwateren zal vergemakkelijken, veiliger zal maken en efficiënter zal doen verlopen. Mijns inziens is het van groot belang dat van dat potentieel voor vervoer en mobiliteit gebruik wordt gemaakt. Daarom wil ik het Parlement bij voorbaat bedanken voor zijn positief oordeel over dit voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad.

 
  
MPphoto
 
 

  Sommer (PPE-DE), rapporteur. – (DE) Mijnheer de Voorzitter, alle beloften in politieke redevoeringen en beginselverklaringen over het te voeren beleid ten spijt worden de belangen van de binnenvaart in de politieke realiteit in veel lidstaten vaak veronachtzaamd. Zoals commissaris Barrot al zei: de enige die zich ermee heeft bezighouden is de Europese Commissie. Inmiddels alweer enkele jaren geleden, in september 2001, formuleerde de Commissie in haar Witboek “Het Europese vervoersbeleid tot het jaar 2010” als doel – ik citeer: “Het gebruik van de binnenvaart als alternatieve vervoerswijze moet worden bevorderd, zodat er aanzienlijke verschuivingen kunnen optreden van het vervoer over de weg naar de binnenvaart.” Van dit doel zijn we op dit moment echter nog ver verwijderd. Het is voor velen blijkbaar moeilijk om het belang van de binnenvaart daadwerkelijk te onderkennen. Toch is er, zoals reeds gezegd, voor deze vervoerssector in de EU een beslissende rol weggelegd.

Het werd daarom hoog tijd dat de Commissie haar aankondiging in het Witboek concretiseerde en in mei vorig jaar dit voorstel voor een richtlijn betreffende River Traffic Information Services voorlegde. Het gaat om moderne informatie- en communicatietechnologieën, die in de toekomst het verkeers- en vervoersbeheer op de binnenwateren voor de lidstaten moeten vergemakkelijken.

De Europese Unie beschikt over 30 000 kilometer aan kanalen en rivieren die honderden steden en industriegebieden met elkaar verbinden. Het zogenaamde kernnet verbindt de landen van de Benelux, Frankrijk, Duitsland en Oostenrijk met elkaar. Ondanks het enorme potentieel van het hele netwerk vindt in de praktijk slechts 7 procent van het totale binnenlandse goederenvervoer - voorzover het gaat om vervoer over land - via de binnenwateren plaats - slechts 7 procent! Aan de andere kant is het zo dat door het toenemende verkeer - natuurlijk ook veroorzaakt door de zeer welkome uitbreiding van de EU naar het Oosten - wegen, spoorwegen en het luchtruim in Europa hun grenzen allang hebben bereikt. Des te belangrijker is het eindelijk die vervoerswijze te bevorderen die nog als enige over aanzienlijke reservecapaciteit beschikt. Met de nu voorliggende ontwerprichtlijn kunnen we erin slagen het potentieel van de binnenvaart beter te ontsluiten en deze sector in de intermodale vervoersketen te integreren.

Laat ik kort een paar hoofdpunten schetsen waarover wij het in onze informele trialoog eens zijn geworden: uiteraard moet rekening worden gehouden met het werk dat erkende internationale organisaties zoals de Centrale Commissie voor de Rijnvaart al hebben verricht. Daarnaast hebben we bepaald dat deze organisaties ook in het vervolg bij de ontwikkeling van geharmoniseerde River Traffic Information Services worden betrokken. Ze kunnen het RIS-comité adviseren dat ervoor zal zorgen dat er in de Europese Unie geen lappendeken van verschillende systemen ontstaat.

Commissaris Barrot heeft de mogelijke toepassingen van het RIS-concept al opgesomd: vaarweginformatie, verkeersinformatie, verkeersmanagement, ondersteuning van calamiteitenbestrijding - heel belangrijk, omdat we ook transporten van gevaarlijke goederen naar deze vervoerswijze willen verschuiven -, informatie voor het transportmanagement, voor de statistiek, voor douanediensten, voor waterwegheffingen en havengelden; andere toepassingen zijn mogelijk, de opsomming is niet uitputtend.

Deze informatie moet zonder onderscheid voor alle RIS-gebruikers toegankelijk worden gemaakt. Naast het gerechtvaardigde algemene belang, bijvoorbeeld om de concrete positie van een transport van gevaarlijke goederen te bepalen, mag natuurlijk ook het even gerechtvaardigde economische belang van de betrokken actoren niet worden vergeten – van transporteurs, rederijen, havenautoriteiten, enzovoort.

Om die reden hebben we nog eens uitdrukkelijk bepaald dat op dergelijke bedrijfsgeheimen zonder meer het recht op gegevensbescherming van toepassing is. Tegen de achtergrond van de samenstelling van de sector, die overwegend uit kleine en middelgrote bedrijven bestaat, hebben we ervoor gezorgd dat de vergoedingen die voor RIS-informatie worden gevraagd, niet hoger mogen zijn dan de kostprijs. Op deze wijze wordt voorkomen dat het gebruik van het systeem voor de sector tot een buitensporige kostenstijging leidt. Aanvullende financiële steun voor de sector, bijvoorbeeld door extra subsidies of goedkopere kredieten – wat naar mijn opvatting zeer zinvol zou zijn – was voor de Raad echter onbespreekbaar. Daar is de Raad als de dood voor, wat verwonderlijk is, gezien het belang dat de sector voor veel lidstaten heeft. Omdat we de River Traffic Information Services echter snel nodig hebben, zijn we met dit compromis akkoord gegaan.

Tot slot wil ik iedereen hartelijk bedanken voor de buitengewoon prettige samenwerking: de Raad, de Commissie, maar in het bijzonder ook mijn collega’s, de schaduwrapporteurs. Heel veel dank, want zonder de samenwerking van alle betrokkenen was het onderhavige compromis natuurlijk niet mogelijk geweest.

Ik doe nu een beroep op het hele Parlement om zowel mijn stemlijst met betrekking tot de 34 oorspronkelijke amendementen van de Commissie vervoer en toerisme te volgen, als ook de 32 in de plenaire vergadering ingediende amendementen aan te nemen. Ze zijn immers het resultaat van de informele trialoog. Hierover zijn we het eens geworden. Aangezien we allemaal de binnenvaartsector willen steunen, verwacht ik echter dat de eerste lezing van morgen ook de laatste zal zijn.

 
  
MPphoto
 
 

  Chichester (PPE-DE), rapporteur voor advies van de Commissie industrie, onderzoek en energie. - (EN) Mijnheer de Voorzitter, ik wil graag namens mijn commissie steun uitspreken voor de algemene doelstellingen van dit voorstel betreffende River Traffic Information Services. Uit mijn eigen ervaring als amateur-roeier en -zeiler weet ik hoe belangrijk informatie is om goed en veilig te kunnen navigeren.

Er waren twee punten die onze commissie met name hebben beziggehouden en ik ben blij dat de commissaris een daarvan al heeft genoemd: de belangen van het midden- en kleinbedrijf en de invloed die deze maatregel daarop zal hebben. Wettelijke en regulerende maatregelen drukken altijd zwaarder op kleine ondernemingen dan op grote organisaties. Ik ben blij dat er in dit verslag aan de belangen van het MKB is gedacht.

Het tweede punt betreft de algemene kwestie van comitologie en het voorgestelde raadgevende comité. Het is erg belangrijk dat alle betrokkenen een rol kunnen spelen binnen dit raadgevende comité. Dat hebben we ook aan de orde gesteld in andere verslagen van onze commissie over andere onderwerpen en ik ben met name blij met amendement 29 van de rapporteur, waarin de Commissie wordt opgeroepen om regelmatig vertegenwoordigers van de sector te raadplegen. Deze twee kwesties – het MKB en raadpleging – zijn erg belangrijk.

 
  
MPphoto
 
 

  Wortmann-Kool (PPE-DE), namens de PPE/DE-Fractie. Dank u wel Voorzitter, ik ben heel gelukkig met het akkoord in eerste lezing over de River Information Services en ik wil ook namens de EVP-Fractie deze rapporteur hartelijk danken voor al haar inzet en haar feliciteren met het bereikte resultaat, want dit is een belangrijk voorstel om de veiligheid in de binnenvaart te vergroten. Schippers zullen beschikken over uitgebreide informatie wat betreft waterstanden, sluisstanden en andere vaargegevens in heel Europa en haven- en terminalbedrijven kunnen door dit systeem hun capaciteit beter benutten. Een belangrijk voorstel dus om de Europese binnenvaart te bevorderen.

Mijnheer de Voorzitter, ik vind het belangrijk dat de kosten voor dit systeem, zowel voor de binnenvaartschippers als voor de overheid, niet te hoog oplopen. De binnenvaartsector bestaat uit zelfstandige, kleine ondernemers met een beperkte investeringscapaciteit en moet niet gedwongen worden tot dure systemen, terwijl er ook goedkope alternatieven op de markt verkrijgbaar zijn.

Binnenvaartschippers moeten met één systeem in alle landen aan kunnen sluiten op het RIS en ik ben dan ook blij dat dit goed geregeld is in het akkoord dat de rapporteur namens het Parlement bereikt heeft. En verder is het ook heel belangrijk dat erkend wordt dat de gebruikte systemen waterdicht moeten zijn, als het gaat om allerlei bedrijfsgevoelige informatie.

Voorzitter, ik wil van harte het resultaat van de rapporteur ondersteunen, want met deze richtlijn is een kader gecreëerd voor de River Information Services. Maar er moet nog veel technische uitwerking plaatsvinden, voordat daadwerkelijk tot invoering kan worden overgegaan. Ik wil dus graag aansluiten bij het pleidooi van de heer Chichester dat die technische uitwerking praktisch moet zijn en zoveel mogelijk moet aansluiten bij de werkprocessen van de binnenvaartschippers. Dus er is overleg nodig en ik wil de commissaris dan ook met klem vragen de binnenvaartsector goed te betrekken bij die technische uitwerking; vooral nu de Europese Unie steeds meer betrokken raakt bij het Europese binnenvaartbeleid is het overleg met de sector van groot belang, met betrekking tot deze richtlijn maar ook op andere terreinen. Commissaris, kunt u dit toezeggen? Een succes van de binnenvaart is immers heel belangrijk voor een duurzaam Europees vervoer.

 
  
MPphoto
 
 

  Stockmann (PSE), namens de PSE-Fractie. – (DE) Mijnheer de Voorzitter, mijnheer de commissaris, dames en heren, allereerst dank aan de rapporteur voor de werkelijk uitstekende samenwerking. De binnenvaart komt op snelheid en met de RIS verliest hij nog iets meer het imago van een weliswaar romantische, maar ouderwetse vorm van vervoer. Met een interoperabel grensoverschrijdend informatie- en communicatiesysteem komen we dichter bij onze visie dat de binnenvaart een gelijkwaardige schakel in de intermodale vervoersketen hoort te zijn. Het systeem zou de positie van de binnenvaart op vernuftige wijze versterken en het effect van alle noodzakelijke maatregelen voor de verbetering van de infrastructuur verre overstijgen.

De RIS hebben een meerwaarde voor het milieu, de economie en het vervoersbeleid. Ten eerste is door de verbetering van het verkeers- en vervoersbeheer nu ook op onze vaarwegen zoiets als just-in-time-vervoer denkbaar. De RIS leveren actuele informatie die voor de reisplanning en voor het opstellen van betrouwbare tijdschema’s kan worden gebruikt. De afzonderlijke vervoersprocessen worden betrouwbaarder en efficiënter.

Ten tweede: de havens worden opgewaardeerd tot intermodale knooppunten. De RIS vergemakkelijken de planning met het oog op een volledige benutting van de hulpbronnen van terminal- en havenexploitanten.

Ten derde: eindelijk krijgen we ook een uniform identificatienummer, een nummerbord voor binnenschepen. Zo’n uniform kenteken is noodzakelijk voor een efficiënte binnenvaart, voor de identificatie van schepen, voor het elektronisch volgen van schepen en voor de veiligheid. Dit alles zal het concurrentievermogen en de aantrekkingskracht van de binnenvaart vergroten.

Wat rest ons nu nog? De eigenlijke uitdaging ligt waarschijnlijk bij de koppelingen. Vaak zijn havens, die immers dikwijls ook kristallisatiepunten voor economische ontwikkeling zijn, niet trimodaal ingericht en uitgerust. Daar is nog veel te doen.

Ook moet een nog betere koppeling met short sea shipping, een vervoerswijze met zeer hoge groeicijfers, worden gerealiseerd. Daartoe moeten administratieve belemmeringen worden opgeheven.

Niet in de laatste plaats moet de Europese intermodale laadeenheid tot stand worden gebracht en ook worden geïmplementeerd. De eerste lezing daarvan hebben we gehad; het wachten is nu op het gemeenschappelijke standpunt van de Raad. Alleen zo komen we naar mijn mening dichter bij het doel van een werkelijk concurrerende intermodale vervoersketen.

Er is wel een domper op de vreugde: de voorliggende richtlijn is relatief vrijblijvend. Daarom is het nu zaak de afzonderlijke technische regels en normen die voor de invoering van de RIS nodig zijn, snel aan te nemen. We moeten voorkomen dat er een lappendeken van verschillende RIS-toepassingen ontstaat, voorzover dat al niet gebeurd is.

 
  
MPphoto
 
 

  Hennis-Plasschaert (ALDE), namens de ALDE-Fractie. - (EN) In de eerste plaats wil ik graag de rapporteur, mevrouw Sommer, bedanken voor haar geweldige prestatie. Ik wil één punt aan de orde stellen, dat ook al door commissaris Barrot is genoemd.

Alle Europese instellingen en lidstaten hebben bij herhaling openlijk verklaard dat zij er alles aan zullen doen om de besluitvorming binnen de EU transparanter te maken. Dat is iets waar wij in het Europees Parlement en met name in de ALDE-Fractie volledig achter staan. Overeenkomstig het Interinstitutioneel Akkoord en diverse actieplannen heeft de Commissie besloten dat al haar voorstellen voor richtlijnen een specifieke bepaling moeten bevatten om lidstaten te verplichten tabellen op te stellen die het verband weergeven tussen de richtlijnen en de omzettingsmaatregelen. Deze tabellen dienen aan de Commissie te worden overgelegd.

Tijdens informeel interinstitutioneel overleg dat er onlangs is geweest met het Nederlandse en het Luxemburgse voorzitterschap over voorstellen voor een richtlijn betreffende River Traffic Information Services en de erkenning van beroepsbekwaamheidsbewijzen van zeevarenden werd echter duidelijk dat de Raad niet bereid is om die bepaling te handhaven. Zoals de commissaris al zei, is de oplossing van de Raad om een overweging in te voegen waarin wordt verwezen naar de afspraak hierover, maar waardoor de verplichting van de lidstaten in de tekst van de richtlijn zelf wordt geschrapt.

De ALDE-Fractie maakt zich ernstig zorgen om de werkwijze van de Raad, aangezien die zich niet louter beperkt tot deze richtlijn. Daarom heeft onze fractie besloten om deze kwestie eruit te lichten en om een verzoek in te dienen voor een stemming in onderdelen over amendement 53. Ik ben mij ervan bewust dat u er niet allemaal blij mee bent om deze politieke strubbeling met de Raad aan te pakken via een specifiek dossier. Ik vind echter dat het Parlement nu een daad moet stellen. Ik kan alleen maar hopen dat de andere fracties er alles aan doen om de besluitvorming binnen de EU transparanter te maken en het eens zijn met onze zienswijze in deze zaak.

 
  
MPphoto
 
 

  Lichtenberger (Verts/ALE), namens de Verts/ALE-Fractie. – (DE) Mijnheer de Voorzitter, hartelijk dank voor de geboden gelegenheid. Ik wil ook van mijn kant mijn nadrukkelijke en oprechte waardering uitspreken aan het adres van de rapporteur. Het was een prettig overleg en het waren voornamelijk vrouwen die zich met dit onderwerp bezighielden. Dat wilde ik toch ook even opmerken. Het gaat om een onderwerp met ontwikkelingspotentieel, waarbij die ontwikkeling nog lang niet ten einde is. We zullen erop moeten toezien dat de overeengekomen maatregelen ook daadwerkelijk ten uitvoer worden gelegd. Eén domper werd door een vorige spreker al genoemd.

Er zijn twee zeer belangrijke zaken die we gericht moeten nastreven. Ten eerste moet er echt worden gezorgd voor interoperabiliteit, want daarvan hangt een groot deel van de acceptatie en effectiviteit van deze nieuwe voorziening af. Wanneer we er niet in slagen de koppelingen tussen de verschillende transportmiddelen zo vorm te geven dat ze productief worden, dan zal er van een verschuiving naar de vaarwegen, naar onze rivieren, weinig terechtkomen.

Ten tweede moet er een ecologische sanering van transportmiddelen over het water komen. Hier valt nog het nodige te doen. Wat ik nog heel graag wil noemen is dat er mij veel aan gelegen was transporten van gevaarlijke goederen over het water veilig te maken. De RIS zullen daaraan bijdragen.

 
  
MPphoto
 
 

  Barrot, vice-voorzitter van de Commissie.(FR) Ik zal het kort houden, mijnheer de Voorzitter, maar staat u me toe eerst mevrouw Sommer en de Commissie vervoer en toerisme nogmaals te bedanken voor het uitstekende werk dat ze geleverd hebben. Ik ga ervan uit - nu ja, ik hoop - dat het richtlijnvoorstel dankzij dat werk in de eerste lezing aangenomen zal worden. Naar verwachting zal de Commissie kunnen instemmen met een compromis waarover tijdens de informele trialoog met de Raad overeenstemming bereikt is. Wij aanvaarden de vijftien door de Vervoerscommissie goedgekeurde amendementen, die overeenkomen met het standpunt van de Raad, en uiteraard nemen wij de 34 nieuwe amendementen over die u hebt ingediend, mevrouw Sommer, aangezien ze in de lijn liggen van het compromis dat is bereikt tijdens de informele trialoog met de Raad. Ik hoop dat uw Vergadering deze aanpak zal steunen.

Verder wil ik ook een woord van dank richten tot de heer Chicester, en ik zou hem het volgende willen zeggen. Het is inderdaad zo dat de institutionele comitologieprocedures enkel voorzien in vertegenwoordiging van de lidstaten in de comitologiecomités; andere belanghebbenden zijn van vertegenwoordiging in dit verband uitgesloten. Het is niettemin de plicht van de Commissie - ik sluit me dus volledig bij uw opmerking aan, mijnheer Chicester - erop toe te zien dat de sector naar behoren wordt geraadpleegd tijdens de voorbereiding van de voorstellen, aangezien dat ook een voorwaarde is om de sector bewust te maken van de mogelijkheden die de RIS-technologie op commercieel vlak biedt en om te bereiken dat deze diensten tegen een redelijke, voor iedereen op te brengen prijs aangeboden worden. U hebt er terecht op gewezen - mevrouw Sommer heeft dat ook gedaan - dat het vooral gaat om kleine en middelgrote ondernemingen waarvoor de invoering van de RIS geen al te grote financiële lasten met zich mee mag brengen. Dat wilde ik even zeggen.

Verder hebben sommigen van u de noodzaak van intermodaliteit benadrukt. Geheel terecht, want dat is inderdaad een heel belangrijk punt. Als wij de binnenvaart willen ontwikkelen, zullen we een manier moeten vinden om die intermodaliteit in de praktijk te realiseren. Dat zal een van de hoofdpunten van mijn optreden zijn.

Ook zou ik nog willen zeggen dat ik het volledig eens ben met mevrouw Hennis-Plasschaert op het punt van de concordantietabellen. We moeten er inderdaad voor zorgen dat die er komen. De betekenis van de Unie is nu juist dat de lidstaten ermee instemmen richtlijnen om te zetten en over die omzetting van tijd tot tijd verantwoording af te leggen.

Tegelijkertijd zou ik u willen waarschuwen: past u op dat u het voorstel als zodanig niet in gevaar brengt. Het is mijns inziens van belang, mijnheer de Voorzitter, dat de interinstitutionele dialoog voortgezet wordt om te bereiken dat de opstelling van concordantietabellen een goede gewoonte wordt bij alle wetteksten. Maar nogmaals, ik zou niet graag zien dat deze richtlijn, die door mevrouw Sommer namens het Parlement en met uw hulp ontegenzeglijk verbeterd is, het niet haalt en niet snel in eerste lezing aangenomen wordt, terwijl dat toch mogelijk lijkt. Mijnheer de Voorzitter, ik zou het Parlement daarom bij voorbaat willen bedanken voor het feit dat het oog heeft voor de noodzaak van tenuitvoerlegging van deze tekst, die naar ik hoop een impuls zal betekenen voor de ontwikkeling van de binnenvaart in Europa.(1)

 
  
MPphoto
 
 

  De Voorzitter. – Het debat is gesloten.

De stemming vindt morgen, woensdag, om 11.30 uur plaats.

 
  

(1) Standpunt van de Commissie inzake de amendementen van het Parlement: zie bijlage.

Juridische mededeling - Privacybeleid