Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Volledig verslag van de vergaderingen
Woensdag 15 maart 2006 - Straatsburg Uitgave PB

12. Euromediterraan beleid / Voorbereiding met het oog op de volgende bijeenkomst van de EMPA (debat)
Notulen
MPphoto
 
 

  De Voorzitter. - Aan de orde zijn de verklaringen van de Raad en de Commissie over het Euromediterraan beleid en de voorbereiding met het oog op de volgende bijeenkomst van de EMPA.

 
  
MPphoto
 
 

  Hans Winkler, fungerend voorzitter van de Raad. - (DE) Mijnheer de Voorzitter, mevrouw de commissaris, dames en heren, in het kader van het korte debat over het Midden-Oosten dat vandaag is gehouden naar aanleiding van de recente gebeurtenissen, is terecht ook de Euromediterrane samenwerking genoemd. Deze samenwerking is van groot belang, niet alleen in verband met de problematiek in het Midden-Oosten, maar ook in andere contexten. Ik wil hier niet herhalen wat ik vandaag al namens de Raad over de gebeurtenissen in het Midden-Oosten heb gezegd. Intussen heeft ook het voorzitterschap een verklaring hierover afgegeven. Ik wil nu graag ingaan op het Euromed-proces zelf.

Het Oostenrijks voorzitterschap volgt op de Top van Barcelona van november vorig jaar, die werd gehouden ter gelegenheid van de tiende verjaardag van de eerste Top van Barcelona, en waar, naast een gedragscode voor terrorismebestrijding, ook een vijfjarig werkprogramma werd aangenomen voor het Partnerschap inzake politieke en economische hervormingen. Ik geloof dat deze documenten en overeenkomsten van zeer groot belang zijn.

Daarnaast zijn wij met onze mediterrane partners overeengekomen om meer te investeren in onderwijs, en gezamenlijk alle aspecten van legale en illegale immigratie aan te pakken. Dat is een andere heel belangrijke kwestie.

Het is nu aan het Oostenrijks voorzitterschap om zich in te zetten voor de uitvoering van al deze projecten. Wij zullen dat graag, voortvarend en met overtuiging doen. Ik wil ook van de gelegenheid gebruik maken om aan te kondigen dat de ministers van Handel elkaar op 24 maart in Marrakesh zullen ontmoeten en dat de Euromed-ministers van Financiën elkaar op 25 en 26 juni in Tunis zullen ontmoeten.

Wij zullen vooral ook de Commissie steunen om prioriteit te geven aan de media, omdat wij ervan overtuigd zijn dat met name de media een belangrijke rol spelen bij het intercultureel begrip. In dit verband zal het Euromed-seminar ‘xenofobie en racisme in de media’, dat al lang geleden was gepland, nu in mei worden georganiseerd, tijdens het Oostenrijks voorzitterschap.

Zoals u hebt gehoord van de Oostenrijkse minister van Buitenlandse Zaken en fungerend voorzitter van de Raad Algemene Zaken en Externe Betrekkingen, heeft de Raad zich de afgelopen weken intensief beziggehouden met de cartoonkwestie, onder meer tijdens de informele bijeenkomst van de ministers van Buitenlandse Zaken in Salzburg. Ook hierover heb ik u al kunnen toespreken. Met name dit probleem heeft ons duidelijk gemaakt dat wij doelbewust moeten kiezen voor een toekomstgerichte dialoog tussen de Europese Unie en de islamitische wereld en met moslimgemeenschappen in Europa. Het Euromediterraan Partnerschap biedt een bijzonder belangrijk, zelfs ideaal forum voor de dialoog met de landen in het Middellandse Zeegebied. Deze dialoog is mijns inziens op alle niveaus heel belangrijk, met name ook voor het rechtstreekse contact tussen jonge mensen, en ik geloof dat het Euromediterraan Partnerschap inderdaad een sleutelrol kan en moet spelen. Met dit doel voor ogen werd het afgelopen jaar de Anna Lindh-stichting voor de interculturele dialoog opgericht. Deze stichting heeft een belangrijke rol, juist in deze tijd.

In de conclusies van de Raad Algemene Zaken en Externe Betrekkingen van 27 februari 2006 worden uitdrukkelijk het proces van Barcelona en de Anna Lindh-stichting genoemd, naast andere multilaterale organisaties die op dit gebied een rol spelen. Dat juichen wij ten zeerste toe.

Het is nu van belang dat wij alle beschikbare instrumenten van het Euromediterraan Partnerschap inzetten voor het overwinnen van spanningen zoals wij die recentelijk hebben gezien. Op 22 februari is er al een ontmoeting geweest tussen hogere Euromed-ambtenaren. Die ontmoeting heeft een zeer open gedachtewisseling over de gebeurtenissen mogelijk gemaakt en alle deelnemers de gelegenheid geboden om concrete maatregelen voor te stellen.

Men is het er in principe over eens dat de structuren die nodig zijn om dit probleem op te lossen, al bestaan. Ik geloof niet dat wij nieuwe moeten creëren. Het is nu aan ons om ervoor te zorgen dat alle passende middelen voor een dialoog worden ingezet om de voortzetting te garanderen van de jarenlange inspanningen die zijn ondernomen om de volken aan beide zijden van de Middellandse Zee dichter bij elkaar te brengen.

De Euromediterrane Parlementaire Vergadering brengt vertegenwoordigers van de volken aan beide zijden van de Middellandse Zee bijeen. Wij verwachten dat zij in deze situatie een bijzonder belangrijke bijdrage zullen leveren aan de verdere stabilisering van de situatie en aan een beter begrip.

De Euromediterrane Parlementaire Vergadering heeft het proces van Barcelona een dringend noodzakelijke nieuwe dimensie verleend en in het bijzonder zijn legitimiteit vergroot. Relevante werkgroepen werden al bij de voorbereiding van de Top van Barcelona in november 2005 aan het werk gezet.

De Commissie politieke zaken, veiligheid en mensenrechten van de Euromediterrane Parlementaire Vergadering heeft tijdens haar vergadering op de zesde van deze maand een zakelijk en uitvoerig debat gevoerd over de cartoons en eveneens gewezen op de noodzaak van een versterkte dialoog. Ik ben ervan overtuigd dat ook de voltallige vergadering op 26 en 27 maart een passend antwoord zal kunnen geven op de gerezen vragen. Het Oostenrijks voorzitterschap volgt en steunt de vele initiatieven die in dit opzicht worden genomen.

Juist vandaag, tijdens de vergadering van het Comité van hoge ambtenaren voor het proces van Barcelona - het Euromed-Comité - is de titel van een seminar dat in Wenen zal worden gehouden, op verzoek van onze mediterrane partners veranderd. Daarmee werd tegemoet gekomen aan hun verzoek om religieuze gevoelens te respecteren.

Ik ben ervan overtuigd dat de communicatie tussen de traditionele Euromed-comités en de Euromediterrane Parlementaire Vergadering nog verder verbeterd kan worden. Ik hoop dat wij, met een beetje fantasie, onder Oostenrijks voorzitterschap verdere vooruitgang in deze kwestie kunnen boeken, ten behoeve van alle Euromed-comités en het Partnerschap in zijn totaliteit.

Daarnaast zou, vooral met het oog op de recente gebeurtenissen, versterkt kunnen worden samengewerkt met bijvoorbeeld de OVSE of ook de ‘alliantie van beschavingen’, die zoals u weet een Spaans-Turks initiatief is onder auspiciën van de VN. Oostenrijk wil zich graag blijven inzetten in deze bredere context en heeft de High Level Group van de ‘alliantie van beschavingen’ al uitgenodigd om zijn derde vergadering eind mei in Wenen te houden.

 
  
MPphoto
 
 

  Benita Ferrero-Waldner, lid van de Commissie. - (EN) Mijnheer de Voorzitter, we zijn hier bijeen om te debatteren over het proces van Barcelona en de voorbereidingen voor de volgende bijeenkomst van de Euromediterrane Parlementaire Vergadering.

Staat u mij toe enkele woorden te wijden aan de recente gebeurtenissen in de Palestijnse gebieden, want daar was vandaag maar weinig tijd voor tijdens de bespreking van de Gymnich-bijeenkomst, en er waren maar twee commissarissen. Ik heb mijn plaats afgestaan aan commissaris Rehn voor het debat over de Westelijke Balkan en daarom zal ik, als u het mij toestaat, nu iets zeggen over de gebeurtenissen van gisteren. Die zijn niet alleen actueel, maar raken ook aan de kern van het Euromediterrane partnerschap en aan ons gemeenschappelijk doel van een regio van vrede, stabiliteit, welvaart en kansen. Ik zie niet in hoe die acties van gisteren op enigerlei wijze hebben kunnen bijdragen aan het bereiken van dat doel.

De Israëlische aanval op de gevangenis van Jericho en de manier waarop de Israëli’s de gevangenbewaarders en de gevangenen in het openbaar hebben behandeld, is onaanvaardbaar en moet worden veroordeeld. Ik betreur ook het geweld, de ontvoeringen en de aanvallen op kantoren van de Commissie en van sommige lidstaten in Gaza en op de Westoever.

De eerste slachtoffers van deze ineenstorting van het openbaar gezag zijn de Palestijnen zelf. In de huidige omstandigheden, en gezien de belangrijke politieke deadlines in zowel Israël als de Palestijnse gebieden, is het belangrijker dan ooit dat beide partijen zich terughoudend en verantwoordelijk opstellen. Aanvallen zoals die van gisteren en provocerende verklaringen leveren geen enkele bijdrage aan de verbetering van de vooruitzichten. De Palestijnse Autoriteit moet dan ook een eind maken aan het geweld en de onveiligheid. Gisteravond heb ik - evenals ongetwijfeld ook u, mijnheer de Voorzitter - een uitstekend onderhoud gehad met president Abbas, voordat hij terugging en ik heb hem gevraagd om iets te doen aan de toenemende geweldsuitbarstingen en confrontaties. Hij heeft op dit moment een van de moeilijkste banen ter wereld, en die is er na de gebeurtenissen van gisteren niet makkelijker op geworden. De manier waarop hij een nieuwe Palestijnse Autoriteit zal weten samen te stellen, zal van invloed zijn op de vredeskansen in het Midden-Oosten en gevolgen hebben voor ons allen.

De Europese Unie is een betrouwbare partner van het Palestijnse volk. Geen enkele donor heeft meer gedaan om ze te helpen. Ik heb president Abbas nogmaals gezegd dat we steun willen blijven verlenen aan een betere toekomst, aan een toekomst van vrede en welvaart, maar dat we tegelijkertijd onverminderd zullen vasthouden aan onze principes en daarbij de deur open laten staan voor positieve ontwikkelen. Alle toekomstige hulp aan een nieuwe Palestijnse Autoriteit zal worden bekeken in het licht van het standpunt dat de Palestijnse Autoriteit zal innemen met betrekking tot de drie sleutelbeginselen: beëindiging van geweld, erkenning van Israël en aanvaarding van de bestaande akkoorden, met inbegrip van de routekaart. De mensen waarmee president Abbas onderhandelt, moeten weten en begrijpen dat hun besluiten belangrijke gevolgen hebben.

Staat u mij toe nu enkele woorden te wijden aan het Euromediterrane partnerschap. Op de Top van Barcelona van afgelopen november zijn belangrijke resultaten bereikt met het oog op de toekomst. Het vijfjarenprogramma waarover tijdens de top overeenstemming is bereikt en de gedragscode voor terrorismebestrijding vormen een zeer ambitieuze agenda die het partnerschap meer tastbaarheid, meer politieke relevantie en een grotere operationele capaciteit zal verlenen.

Om gevolg te geven aan de top moeten we er nu voor zorgen dat alle partners constructief en effectief bijdragen aan het bereiken van de gezamenlijke doelstellingen met betrekking tot de politieke en economische hervormingen, tot groei en werkgelegenheid, mensenrechten en gendervraagstukken, scholing en migratiebeheersing, regionale stabiliteit en terrorismebestrijding.

De Commissie is al begonnen met het implementeren van dat vijfjarenprogramma. Er zijn samen met het huidige en het komende voorzitterschap van de Raad, alsmede met de mediterrane partners, initiatieven ontplooid om het succes van deze gezamenlijke onderneming te waarborgen. We hebben de nodige middelen gereserveerd voor bijstand en steun via MEDA en het toekomstige Europese nabuurschaps- en partnerschapsinstrument, dat ook een substantiële faciliteit omvat voor het aanmoedigen van vooruitgang bij bestuurshervormingen, die wij een ‘bestuursfaciliteit’ noemen.

Dit jaar zullen er verscheidene nieuwe en innovatieve activiteiten gelanceerd worden. De voorbereidingen voor de organisatie van de eerste Euromediterrane ministeriële bijeenkomst over gendervraagstukken eind dit jaar zijn vergevorderd.

Twee subregionale conferenties - een in de Maghreb en een in de Mashreq - zullen de weg plaveien voor de vertegenwoordigers van de overheid en het maatschappelijk middenveld om het belang van gelijkheid tussen mannen en vrouwen voor de economische en sociale ontwikkeling te bestuderen en met praktische voorstellen te komen voor de verbetering van de toegang van vrouwen tot de arbeidsmarkt en het openbare leven.

Op de Top van Barcelona hebben de Euromediterrane partners met nadruk gewezen op het belang van migratie, sociale integratie, rechtvaardigheid en veiligheid. Zij hebben duidelijk gemaakt dat deze zaken van gezamenlijk belang zijn in het partnerschap en daaraan gewerkt moet worden met behulp van een uitgebalanceerde en allesomvattende aanpak. De voorbereidingen zijn gestart voor een ministeriële bijeenkomst waarop alle onderwerpen aan de orde zullen komen, van illegale migratie tot mensenhandel en mensensmokkel.

Dit regionale initiatief wordt aangevuld met onze bilaterale programma’s voor de versterking van de institutionele capaciteit, het beheer van legale migratie, de verbetering van grenscontroles en de bestrijding van illegale migratie en mensenhandel.

De heer Winkler heeft de ministeriële handelsbijeenkomst al genoemd, waar de heer Mandelson bij aanwezig zal zijn en waar getracht zal worden het doel van een Europese vrijhandelszone dichterbij te brengen.

We hopen ook dat we vergelijkbare vooruitgang zullen zien bij de Zuid-Zuidhandel - het ‘Agadir-proces’. De zogenoemde cartooncrisis heeft duidelijk gemaakt hoe gevaarlijk het is om vooroordelen, verkeerde informatie en onbegrip te laten doorwoekeren. We betreuren dat die cartoons een belediging waren voor moslims over de hele wereld, maar we hebben ook alle gewelddadige acties en bedreigingen van burgers en eigendommen van de Europese Unie en andere landen krachtig veroordeeld. Steun voor een interculturele dialoog op alle niveaus is belangrijk, en ik ben blij dat hierop in Salzburg sterk is aangedrongen. We zijn ervan overtuigd dat het proces van Barcelona daar een kader voor heeft en dat de structuur er al is: we hebben de Anna Lindh-stichting en 35 andere structuren binnen een heel netwerk.

We moeten het maatschappelijk middenveld en de media de helpende hand toesteken, en alle media-seminars die gepland worden door het Oostenrijkse voorzitterschap zijn meer dan welkom.

In deze context ben ik erg blij met het initiatief om ideeën over dit onderwerp uit te wisselen tijdens de volgende Euromediterrane Parlementaire Vergadering. Daarvandaan zal ik naar de top van de Arabische Liga in Khartoum gaan, want het is uitermate belangrijk dat we nu iedere kans aangrijpen om echt te praten met onze Arabische vrienden en collega’s.

In dit kritieke tijdsgewricht moet onze boodschap duidelijk zijn: alleen met een vastberaden maar ook vreedzame gedachtewisseling en met volledige eerbiediging van de vrijheid van meningsuiting kan het onderlinge begrip worden verdiept en respect voor elkaar worden gekweekt. Dat is zelfs de essentie van het proces van Barcelona. Daarom willen wij meer hoop op vooruitgang geven. Samen willen we het doel van veiligheid, stabiliteit en welvaart verwezenlijken.

(Applaus)

 
  
MPphoto
 
 

  Edward McMillan-Scott, namens de PPE-DE-Fractie. - (EN) Mijnheer de Voorzitter, het is mij een groot genoegen u als Voorzitter te zien aan het begin van dit debat over de Euromediterrane Parlementaire Vergadering, waar u zich altijd zo voor inzet. Van de collega’s hier in dit Parlement zitten veel pioniers van het Euromediterrane beleid aan de linkerzijde, en aanzienlijk minder in het midden en aan de rechterzijde, met als gewaardeerde uitzonderingen de heer Busuttil, de heer Kasoulides en mevrouw Saïfi, maar wellicht komen er meer.

Zoals vandaag al eerder is opgemerkt, hadden Véronique De Keyser en ik gisteravond een ontmoeting met de president van Palestina. Wij betreuren de omstandigheden waaronder hij naar huis moest terugkeren zeer. Ik vind het ironisch en tragisch dat juist de twee landen die het meest de mond vol hebben over meer democratie in het Midden-Oosten, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten, gisteren hun post in Jericho hebben verlaten. De regeringen van die beide landen hadden hun garnizoenen juist moeten versterken in plaats van ze terug te trekken.

Het zou gepast zijn als wij op de Euromediterrane Parlementaire Vergadering in het bijzonder van de Raad zouden horen wie voor deze beslissingen verantwoordelijk was, wie ze nam en wanneer en waarom ze werden genomen. Ik hoop dat wij tijdens die vergadering zo mogelijk een verklaring zullen krijgen van de Raad, bijgestaan door de Commissie.

Het werk van Euromed steunt voornamelijk op haar commissies. Wij zijn bijzonder dankbaar voor het werk dat daar plaatsvindt en voor de mogelijkheid tot samenwerking tussen Palestina en Israël die deze Vergadering biedt, een mogelijkheid die uniek is in de wereld. Het is een bijzondere bijeenkomst, die plaatsvindt aan de vooravond van Israëlische verkiezingen en volgt op de verkiezingen van 25 januari in Palestina. Het feit dat er geen vertegenwoordigers van die twee landen aanwezig zijn, betekent niet dat zij uit onze gedachten zijn. Zij vormen juist onze eerste zorg. Naar mijn mening biedt deze vergadering - de laatste onder uw voorzitterschap als Voorzitter van het Europees Parlement - de Commissie, de Raad en het Parlement een geweldige kans om nog eens te benadrukken hoe belangrijk het voor ons is dat de parlementaire dimensie in het Middellandse-Zeegebied werkelijk van de grond komt.

Ik hoop dat het werk dat ik in mijn eigen subcommissie doe ertoe zal bijdragen dat het Europees Parlement in de toekomst het operationele en organisatorische hart van de Euromediterrane Vergadering zal worden. Daar werk ik aan.

(Applaus)

 
  
MPphoto
 
 

  Pasqualina Napoletano, namens de PSE-Fractie. - (IT) Mijnheer de Voorzitter, mevrouw de commissaris, mijnheer de minister, dames en heren, de dramatische gebeurtenissen van deze uren in Palestina nopen ons ertoe een oordeel te geven. Zoals u al gezegd hebt, mevrouw de commissaris, raken deze gebeurtenissen de kern van het Euromediterrane partnerschap.

Tegen de Israëlische autoriteiten wil ik zeggen dat een verkiezingscampagne, hoe belangrijk die ook is, niet mag betekenen dat het bestaand juridisch kader onderuit wordt gehaald. Een van de bakens daarvan - de voornaamste baken - is de functie van president Abu Mazen. Hij is het slachtoffer van een onverantwoorde aanval op de gevangenis van Jericho en het vastnemen van gevangenen. Aangezien de detentie van die gevangenen onder de bevoegdheid van de Palestijnse Autoriteit viel, is Abu Mazen in feite uit zijn macht ontzet. Bovendien wil ik van de Raad horen wat hij vindt van de houding van de troepen van Groot-Brittannië en de Verenigde Staten, die ter plekke aanwezig waren.

Al onze politieke en morele steun gaat uit naar de president van de Palestijnse Autoriteit, die hier vandaag in ons midden had moeten zijn. Wij beseffen in wat voor moeilijke positie hij verkeert, vooral na de politieke verkiezingen in Palestina. Zoals u zelf gezegd hebt, mevrouw de commissaris, moet Europa de Israëlische autoriteiten tot de orde roepen en manen tot eerbiediging van het recht en respect voor hun legitieme gesprekspartners, net zo goed als wij dat van Hamas eisen. Als het openbaar gezag in elkaar stort, wordt de deur wagenwijd opengezet voor wraakacties en geweld. Daar was trouwens al sprake van. Wij moeten trachten daar een stokje voor te steken. Het bericht over de vrijlating van de gijzelaars komt in dat opzicht heel gelegen.

De Iraanse crisis is ook zo’n pijnlijk hoofdstuk. Ik heb waardering voor de verklaringen van minister Straw hieromtrent en hopelijk houdt hij zich daar volledig aan. Hij heeft gezegd dat er geen enkele militaire optie bestaat. De minister heeft expliciet een standpunt geuit dat heel Europa zou moeten overnemen en dat de socialistische fractie in het Europees Parlement al ten volle onderschrijft, omdat dat ook ons standpunt is. Als men de onderhandelingen de rug toekeert, kan dat leiden tot een rampzalige reeks gebeurtenissen, die wij al van Irak kennen.

Dit maakt ons niet zwakker. Integendeel, het opent de mogelijkheid voor een intensieve dialoog; het is een geruststelling voor de Iraanse en Syrische bevolkingen die zich bedreigd voelen. Wij moeten vooral proberen de spanning te verminderen. Wij moeten vermijden dat er monsterverbonden worden gesmeed uit naam van de strijd tegen het Westen. Wij dienen ervoor te zorgen dat de internationale gemeenschap verenigd blijft in haar druk op Iran en dit land overreedt zich te houden aan de verplichtingen die het zelf heeft onderschreven door het non-proliferatieverdrag te ondertekenen, met het oog op ontwapening in het Midden-Oosten en de gehele Middellandse Zee.

Het is te hopen dat Europa in dit uiterst delicate tijdsgewricht met één stem weet te spreken, dat het autonoom en daadkrachtig overkomt. Hopelijk ook wordt de volgende vergadering van de Euromediterrane Parlementaire Vergadering een goede gelegenheid om deze thema’s aan te pakken.

 
  
MPphoto
 
 

  Hélène Flautre, namens de Verts/ALE-Fractie. - (FR) Mijnheer de Voorzitter, ook ik wil de aanval veroordelen die het Israëlische leger gisteren op de gevangenis in Jericho heeft uitgevoerd. Dergelijke acties dragen enkel bij tot een radicalisering van het beleid van Hamas, wat de al erg gespannen relaties in de regio nog bemoeilijkt.

Met het oog op de schendingen van het internationaal recht en de rechten van de mens, en gezien de democratische inzet in deze regio, is het betreurenswaardig dat de verklaringen en verbintenissen die zijn voortgekomen uit de top van Barcelona niet gepaard zijn gegaan met een sterkere en concretere inspanning ter bevordering van de rechten van de mens en de democratie.

Vrijheid van meningsuiting is een universeel recht dat van wezenlijk belang is voor de ontwikkeling van elke democratie. De Europese Unie mag daarom geen enkele gelegenheid voorbij laten gaan om dit recht te verdedigen en te bevorderen.

Het gaat hier niet enkel om de gevolgen van de publicatie van de spotprenten over de profeet Mohammed. Wie in Algerije kritiek uitoefent op de president, moet terechtstaan voor laster en wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf of boete. Dit is het geval voor Ali Dilem, Bachir El Arabi, berichtgever van Le Sud-Ouest d’Alger, en Hakim Laâlam, columnist van Le Soir d’Algérie.

Mohamed Benchicou, directeur van Le Matin, zit sinds 14 juni 2004 vast in de gevangenis van El-Harrach. Hoewel hij met steeds ernstigere gezondheidsproblemen te kampen heeft, weigeren de autoriteiten hem te laten behandelen. Hij werd veroordeeld of in staat van beschuldiging gesteld wegens bijna vijftig persdelicten. Hij is een gewetensgevangene en geen gevangene van gemeen recht, zoals sommigen beweren!

Meester Abbou, advocaat en mensenrechtenactivist, zit tengevolge van de publicatie van twee kritische artikelen nu al meer dan een jaar in de cel in Tunesië, dat binnenkort het voorzitterschap van de EMPA op zich zal nemen. Om zijn ongenoegen te uiten over zijn opsluiting en de omstandigheden waarin hij wordt vastgehouden, heeft hij een tijd geleden zijn mond al dichtgenaaid. Hij overweegt nu een hongerstaking te beginnen.

In Marokko werden Aboubakr Jamai en Fahd Iraki van de krant L’Hebdomadaire veroordeeld tot het betalen van het equivalent van 143 keer het Marokkaanse minimumjaarloon. Het Spaanse dagblad El Mundo kreeg wegens een artikel van Ali Lmrabet een verschijningsverbod opgelegd voor zijn uitgave van 2 februari 2006. De journalisten van het weekblad TelQuel werden eveneens veroordeeld voor laster.

Ik zou willen afronden met een oproep om tijdens de debatten van de EMPA meer aandacht te besteden aan de rechten van de mens en de democratie. Dat is eveneens het uitdrukkelijke verzoek van de winnaars van de Sacharovprijs 2005, Verslaggevers zonder Grenzen.

 
  
MPphoto
 
 

  Luisa Morgantini, namens de GUE/NGL-Fractie. - (IT) Mijnheer de Voorzitter, dames en heren, “loop maar naar de duivel met uw geld”, zei Ayman tegen mij bij Karni, het crossing checkpoint van Gaza. Dat zei hij niet omdat hij onze hulp niet aanvaardde, want daar was hij toch wel blij mee. Hij wilde alleen maar zeggen: “genoeg zo, wij hebben nu vrijheid en waardigheid nodig, niet alleen maar humanitaire hulp”. Anderzijds kunnen wij ons geweten niet geruststellen met de gedachte dat wij onze hulp voortzetten. Het is juist onze plicht de Palestijnen te helpen.

De actie van gisteren is, zoals zovele andere, illegaal, cynisch, onmenselijk. Illegaal omdat het illegaal is, maar ook cynisch omdat men de verkiezingen in het achterhoofd heeft. In feite was het een kwestie van wraakneming en bruut kolonialisme. Ik geloof dat Israël onderhand moet beseffen dat zijn eigen voortbestaan en zijn liefde voor de democratie alleen maar gegarandeerd worden als het land de andere volkeren respecteert. Maar dat doet het niet, en daar mogen wij niet aan meewerken. En dat doen wij trouwens ook niet.

De commissaris en de Raad hebben dat vanochtend heel openlijk gezegd. Onze Parlementaire Vergadering is heel belangrijk, maar er is een probleem dat wij het hoofd moeten bieden: de deelname van de Palestijnse vertegenwoordiging aan deze Vergadering. Wij moeten absoluut akkoord gaan met de aanwezigheid van degene die door de Palestijnse Wetgevende Raad zal worden aangewezen.

Het is zonde dat deze precies een dag vóór de Israëlische verkiezingen plaatsvindt, want dit houdt in dat een essentiële component van de Vergadering niet aanwezig zal zijn. Wij moeten er hoe dan ook voor zorgen dat de Vergadering goed functioneert, ook omdat, als wij de Palestijnse kwestie niet oplossen, onze Vergadering voortdurend als voornaamste punt op de agenda het vraagstuk Palestina en Israël krijgt. Als de Vergadering niet goed werkt, kunnen wij ook niet de problemen aanpakken die de commissaris en de Raad zo helder hebben uiteengezet, en dan zal er geen Middellands-Zeegebied komen dat echt samenwerkt.

 
  
MPphoto
 
 

  Paul Marie Coûteaux, namens de IND/DEM-Fractie. - (FR) Mijnheer de Voorzitter, ik wil graag gebruik maken van dit debat om het bureau van de Euromediterrane Parlementaire Vergadering geluk te wensen met de officiële mededeling die het gepubliceerd heeft naar aanleiding van de beruchte spotprenten. Je zou de figuur van Mohammed kunnen beschouwen als het symbool van eenheid voor een islam die kwetsbaarder en diverser, zelfs verdeelder is dan je zou denken. Wie aan deze figuur raakt, treft de islam in het hart. Het is niet zo dat we dat niet konden weten. Het is net zozeer onmogelijk dat we niet aan de gevolgen hebben gedacht van wat we hebben gedaan, namelijk het aanwakkeren van het conflict tussen de beschavingen. We weten niet precies wiens belangen dit moet dienen. Wie heeft baat bij het versterken van deze conflicten? Die vraag zou ik willen stellen. Wij, Europeanen, in geen geval en ook Frankrijk zeker niet, dat de belangrijkste mediterrane grootmacht is en wiens invloed afhankelijk is van een delicaat evenwicht tussen zijn Europese continentale beleid enerzijds en zijn mediterrane en Afrikaanse beleid anderzijds.

Deze stelling brengt weliswaar twee redenen tot bezorgdheid met zich mee. Enerzijds waren de scheepjes EMPA en Euromed nog veel te broos om al te water te worden gelaten. Ze zijn niet enkel kwetsbaar wat betreft de beschikbare middelen, maar nog veel meer wat hun intellectuele inspiratie aangaat. Ik heb namelijk de indruk dat beide instellingen nog steeds vasthouden aan een zeer eurocentrische opvatting van democratie en rechten van de mens - daarvan hebben we net nog maar eens een voorbeeld gezien -, die niet enkel koloniale trekjes heeft, maar die ons bovendien belet - dat hebben we ook in december in Barcelona vastgesteld - aan te pakken wat echt belangrijk is, te weten de economische, financiële en commerciële samenwerking en het beheer van migratiestromen. In tegenstelling tot wat de Commissie daarnet opperde, zou ik hier zelf overigens wel van samenwerking willen spreken, eerder dan van een vrijhandelszone, wat me een erg gevaarlijke formulering lijkt.

Wat me eveneens zorgen baart, is dat het thema van de beschavingen een oude waarheid is die we al sinds Karel Martel kennen: we hoefden niet op Amerikaanse denkers te wachten om daarop gewezen te worden. Je moet wel erg dwaze illusies over het mondialisme koesteren om plots verbaasd vast te stellen dat beschavingen niet onderling verwisselbaar zijn - en mensen nog minder - en dat het samenleven van verschillende groepen niet vanzelfsprekend is. Deze benaderingswijze à la Huntington heeft natuurlijk tot doel een andere boodschap de wereld in te sturen, namelijk dat we allemaal voorbestemd zijn om deel uit te maken van een zogenaamd "Westen" - tussen aanhalingstekens uiteraard -, waarvan de hoofdstad alleen Washington kan zijn en waarbij de Europeanen de oorlogszuchtige ondernemingen van de Verenigde Staten maar te volgen hebben. Dit hele concept van het Westen is, zoals we weten, ideologisch bedrog. Het is net omdat de beschavingen onophoudelijk met elkaar in conflict zijn, dat er nood is aan een beleid, aan politiek, aan een wil om samen te leven, kortom, aan een kader zoals dat van de EMPA en Euromed. Laten we dus beginnen deze structuren te versterken, want ik heb de indruk dat ze steeds zwakker worden, terwijl hun belang jaar na jaar toeneemt.

 
  
MPphoto
 
 

  Simon Busuttil (PPE-DE). - (MT) Telkens als wij een stap voorwaarts zetten in het kader van het Proces van Barcelona, gebeurt er helaas iets in het Midden-Oosten dat een terugval veroorzaakt. Laat ik echter bij de zaak blijven. Ik voer hier het woord als lid van de Economische Commissie van de Euromediterrane Parlementaire Vergadering. Ik zou willen dat de Commissie en de Raad een studie van de Universiteit van Manchester analyseerden waarvan de titel luidt ‘Sustainable Impact Assessment Study of the Euromed Free-Trade Area’. Wij hebben deze studie besproken in de Economische Commissie van de Vergadering en zij geeft werkelijk een verontrustend beeld van het effect dat het beleid van de Europese Unie zou hebben waarvan het doel is in het Middellandse-Zeegebied een vrijhandelszone te creëren. Voorspeld wordt dat het beleid vooral negatieve gevolgen zal hebben voor onze mediterrane partnerlanden, terwijl het toch de bedoeling is dat deze landen voordelen en geen nadelen ondervinden van het Proces van Barcelona. Laat ik hier enkele van de mogelijke negatieve gevolgen citeren: stijging van de werkloosheid, daling van de lonen, negatieve impact op hulpbronnen zoals water en biodiversiteit en andere ongunstige milieueffecten. Uiteraard wordt in het verslag niet aangedrongen op een stopzetting of ontmanteling van het plan om een vrijhandelszone tot stand te brengen. Er wordt echter wel onderstreept dat wij deze negatieve gevolgen ernstig moeten nemen en nu reeds preventieve maatregelen ten uitvoer moeten leggen, voordat het te laat is. Daarom zou ik graag van zowel de Commissie als de Raad vernemen wat hun standpunt terzake is en welke maatregelen zij denken te nemen om mogelijke negatieve gevolgen van de totstandkoming van een vrijhandelszone in het Middellandse-Zeegebied te verhelpen. Het lijdt bijvoorbeeld geen twijfel dat in het beleid van de Europese Unie ten aanzien van de bedoelde landen een evenwicht moet worden gevonden tussen enerzijds het handelsaspect en anderzijds een sterkere samenwerking in de financiële en sociale sector en op onderwijs- en milieugebied. Ik rond mijn discours dan ook af met het verzoek aan zowel de Commissie als de Raad om actiever deel te nemen aan de Euromediterrane Parlementaire Vergadering en een antwoord te geven op de vragen die door de leden van het Parlement worden gesteld.

 
  
MPphoto
 
 

  Carlos Carnero González (PSE). - (ES) Mijnheer de Voorzitter, mag ik u in de eerste plaats bedanken voor uw aanwezigheid hier, en mag ik u met name feliciteren met het goede werk dat u hebt verricht aan het roer van de werkzaamheden van de Euromediterrane Parlementaire Vergadering in de afgelopen twaalf maanden, in de tijd waarin u namens dit Parlement de leiding had over die werkzaamheden.

We moeten in staat zijn te onderkennen wat we goed doen en wat we slecht doen. Laten we in dit geval onderkennen wat we goed doen. Het Euromediterrane proces is een succes en de Top van Barcelona van afgelopen november was dat ook. Het proces leeft en ontwikkelt zich.

Stelt u zich eens voor hoeveel het ons zou kosten als het Euromediterrane proces niet bestond. Ik denk bijvoorbeeld aan de gebeurtenissen rond de cartoons, of wat er gisteren is gebeurd in Jericho. De prijs zou enorm zijn. Hoe zouden we de dialoog moeten aangaan? Hoe zouden we wegen moeten vinden om via samenwerking de problemen op te lossen?

Het actieplan dat is aangenomen in Barcelona, bevat een aantal buitengewoon belangrijke punten. Enkele daarvan zijn al genoemd. Ik zou iets willen noemen dat mijns inziens van substantieel belang is: ‘ja’ tegen de vrijhandelszone maar met economische cohesie en ook sociale cohesie. Daar weten wij in Europa veel vanaf en dat zal precies de sleutel zijn tot succes met betrekking tot de eerste doelstelling.

Ook is bijvoorbeeld de gedragscode voor de strijd tegen het terrorisme aan de orde gekomen. In een gebied als dit was een dergelijke gedragscode tien jaar geleden nog ondenkbaar. Nu hebben we hem.

Bovendien heeft de Top van Barcelona het gezamenlijke initiatief van Spanje en Turkije inzake de ‘alliantie van beschavingen’ overgenomen, wat niet betekent dat het cultuurrelativisme wordt omarmd, maar juist dat culturen worden geholpen om dezelfde richting in te slaan, de richting van de verdediging van de democratie, de vrijheid, de mensenrechten en de gelijkheid tussen mensen.

In dat kader beschikken we met de Euromediterrane Parlementaire Vergadering over een buitengewoon belangrijk platform voor politiek debat. Ik denk dat we met het oog op de bijeenkomst van de 26ste en 27ste vier dingen moeten doen: de besluitvorming stroomlijnen, de debatten weer organiseren rondom rapporteurs per commissie, zorgen voor de aanwezigheid en deelname van de Commissie en de Raad - zoals ook Voorzitter Borrell vanochtend bij de opening van de vergadering heeft gevraagd, en waar de gebeurtenissen om vragen - en tenslotte het maatschappelijk middenveld meekrijgen.

Als we dit voor elkaar krijgen, zullen we op de goede weg zijn.

 
  
MPphoto
 
 

  David Hammerstein Mintz (Verts/ALE). - (ES) Mijnheer de Voorzitter, in mijn krappe minuutje zou ik een heel concreet voorstel willen doen.

Het is duidelijk dat ik het geheel eens ben met de meningen die hier al geventileerd zijn over de gebeurtenissen in Jericho.

Vanuit het perspectief van de politiek moeten we, nu meer dan ooit, in deze geweldsspiraal en na het conflict rond de tekeningen van Mohammed, zoeken naar wegen om in harmonie samen te leven in het Middellandse Zeegebied.

In de context van de commissie van de Euromediterrane Parlementaire Vergadering die belast is met culturele aangelegenheden, hebben we voorgesteld om een comité voor cultureel contact in het leven te roepen, bestaande uit wijze, gerespecteerde mensen die openstaan voor dialoog, om een antwoord te vinden op culturele en religieuze conflicten, om te bemiddelen, te verduidelijken en om de culturele en religieuze spanningen tussen de beide oevers van de Middellandse Zee weg te nemen.

De Anna Lindh-stichting, die gevestigd is in Alexandrië, zou perfect de organisatie op zich kunnen nemen van dit comité van wijzen, dat preventief zou kunnen optreden bij soortgelijke conflicten, door verduidelijking te geven bij onbegrip over de andere cultuur, door twijfels weg te nemen over wat er nu werkelijk gebeurd is.

Ik denk dat we hiermee tijdens de bijeenkomst van de 26ste een stapje vooruit kunnen zetten op weg naar de tolerantie die we in het Middellandse Zeegebied willen hebben.

 
  
MPphoto
 
 

  Tokia Saïfi (PPE-DE). - (FR) Mijnheer de Voorzitter, mijnheer de minister, mevrouw de commissaris, we kunnen niet anders dan vaststellen dat de werkzaamheden van de top van Barcelona geen gepast antwoord hebben gegeven op de enorme uitdagingen en de daaraan verbonden verwachtingen. We moeten de toekomst dus vastberadener tegemoet gaan en dit keer resultaten boeken.

In het licht van de recente ontwikkelingen is de Euromediterrane Parlementaire Vergadering de ideale plaats om ons partnerschap, dat gebaseerd is op dialoog, uitwisseling en wederzijds begrip, te verdiepen. Meer dan ooit moet de EMPA versterkt en in haar rol ondersteund worden. Het tot stand brengen van vrede en het garanderen van veiligheid zijn doelstellingen die meer dan ooit een centrale plaats moeten innemen bij onze besluitvorming en die gepaard moeten gaan met concrete daden.

Om het hoofd te kunnen bieden aan de moeilijke situatie op lokaal niveau en een steeds onzekerdere regionale context is een dringende aanpak vereist. Ik denk dat de Europese Unie hier vandaag een zware verantwoordelijkheid draagt. Ik zeg dit als voorzitster van de politieke commissie van de EMPA omdat ik, met aan mijn zijde een Palestijnse en een Israëlische ondervoorzitter, de oplossing van het conflict in het Midden-Oosten in het hart van onze werkzaamheden wil plaatsen. De Europese Unie moet met één stem spreken en de verwerpelijke daden veroordelen die de escalatie van het geweld opnieuw versterken en een al kwetsbaar vredesproces ondermijnen.

Ik betreur ten zeerste dat de Palestijnse president, Mahmoud Abbas, tengevolge van de incidenten in Jericho niet is kunnen komen spreken voor dit Parlement, en ik zou hierbij mijn bezorgdheid over deze situatie willen uitspreken.

Mevrouw de commissaris, wij hebben naar u geluisterd. Uw overtuiging en wilskracht zijn ons opgevallen. We zijn in de EMPA en samen met voorzitter Borrell vastberaden om vooruit te gaan. Ik denk dat het de hoogste tijd is om de mensen niet langer teleur te stellen.

 
  
MPphoto
 
 

  Véronique De Keyser (PSE). - (FR) Mijnheer de Voorzitter, mevrouw de commissaris, de gebeurtenissen in Jericho, die ertoe hebben geleid dat Mahmoud Abbas hier niet aanwezig kon zijn, waren niet toevallig. Ze hebben een politieke betekenis. Het lijdt geen twijfel dat ze in de eerste plaats tegen Mahmoud Abbas waren gericht. Hij had het land immers nog maar net verlaten of de Israëlische troepen hadden de gevangenis in Jericho al bestormd.

Maar hij is niet het enige doelwit. Niemand heeft vermeld dat Ahmed Saadat lid was van de net verkozen Palestijnse Wetgevende Raad. Er werd evenmin gezegd noch benadrukt dat Hamas, die enkele bescheiden stappen had gezet in de richting van erkenning van de staat Israël en diens grenzen van 1967, na de vernederende beelden van halfnaakte, vastgebonden en geblinddoekte gevangenen onmogelijk verder kan gaan met dit erkenningsproces.

Dit is ook een vernedering voor ons, Europeanen. We verwachtten Mahmoud Abbas, maar hij is niet gekomen. Ons hele beleid ten opzichte van Palestina staat op het spel. Vandaag, na de plundering van onze kantoren en de gijzeling van onze burgers, hoor ik sommige Parlementsleden in dit halfrond zeggen dat wij, als belangrijkste donoren, Palestina niet langer financiële steun moeten verlenen aangezien het zich zo ondankbaar opstelt. Dat is het resultaat van wat er zich in Jericho heeft afgespeeld.

Aan die Parlementsleden, die eraan twijfelen of we Palestina nog langer moeten steunen, wil ik het volgende zeggen: er is vandaag geen enkele Palestijn die het geld dat wij Palestina geven niet zou willen inruilen tegen een duidelijk EU-standpunt over de huidige gebeurtenissen. Kunnen wij vandaag nog het feit verzwijgen dat Israël een unilaterale weg, een veiligheidsweg is ingeslagen die niets meer gemeen heeft met de vastgelegde routekaart? Het plan Olmert is unilateraal, wat eveneens gold voor de - overigens positief onthaalde - terugtrekking uit de Gazastrook, en geldt voor de inlijving van de Westelijke Jordaanoever en de heerschappij over Oost-Jeruzalem. De Palestijnse werkelijkheid staat synoniem met een eindeloze bezetting, met een muur die veroordeeld is door Den Haag, maar er nog steeds staat. Het vele geld dat wij uittrekken om Palestina te helpen overleven, volstaat niet om aan deze realiteit te ontsnappen. Met andere woorden, het vredesproces gaat vandaag achteruit in plaats van vooruit.

Kortom, mevrouw de commissaris, misschien is er inderdaad een plan B nodig om Palestina te steunen, maar het is ook en vooral noodzakelijk dat Europa een duidelijk en moedig politiek standpunt inneemt. Hoe verwacht u anders dat de Palestijnen nog hoop koesteren en ons geloven wanneer we het hebben over de routekaart?

 
  
MPphoto
 
 

  Ioannis Kasoulides (PPE-DE). - (EN) Mijnheer de Voorzitter, de gebeurtenissen in Jericho zijn vanochtend en later al uitgebreid besproken door de collega’s, maar in de commissie voor bevordering van de levenskwaliteit, de menselijke betrekkingen en de cultuur zal de kwestie van de spotprenten zeker aan de orde komen.

Wij moeten de inhoud van de spotprenten ondubbelzinnig veroordelen. Respect voor de religieuze waarden en identiteit van anderen, zoals van onze islamitische Europese medeburgers, is een Europese waarde en alleen domme mensen kunnen dat niet begrijpen. In Europa zijn wij echter verplicht ook het recht van domme mensen op vrije meningsuiting te verdedigen, en onze Arabische partners moeten dat begrijpen.

De nieuwe initiatieven van de Commissie op het gebied van migratie en de recente besluiten van de Raad om de migratiestromen te reguleren, in plaats van alleen over illegale immigratie te praten, verdienen lof. Beleidsmaatregelen zoals de goed voorbereide en georganiseerde opvang van migranten - waaraan op de binnenlandse markten behoefte is -, het stimuleren van de mobiliteit van hoogopgeleide personen teneinde te voorkomen dat zij massaal hun land verlaten, het vergemakkelijken van het overmaken van geld, inburgering van migranten, het gemeenschappelijk asielbeleid voor alle lidstaten, enzovoort, zullen door onze mediterrane partners zeker worden gewaardeerd.

Het is waar dat sommige van deze landen zijn veranderd van landen van oorsprong of doorreis in landen van bestemming. Daarom moeten wij samenwerken, door technische middelen, ervaring en verantwoordelijkheid te delen, om zo de mensenhandel en de illegale immigratie te bestrijden.

 
  
  

VOORZITTER: EDWARD McMILLAN-SCOTT
Ondervoorzitter

 
  
MPphoto
 
 

  Béatrice Patrie (PSE). - (FR) Mijnheer de Voorzitter, mevrouw de commissaris, mijnheer de minister, dames en heren, als voorzitster van de delegatie van het Europees Parlement voor de betrekkingen met de Mashrek-landen, sluit ik me natuurlijk aan bij wat net werd gezegd over de recente gebeurtenissen in Palestina en in het bijzonder bij de veroordeling van de aanval op de gevangenis in Jericho, die zeker niet bijdraagt tot het tot stand brengen van vrede en democratie.

Ik wil hier graag de Anna Lindh-stichting vermelden, die zich inzet voor het bevorderen van de dialoog tussen de beschavingen. Dit thema werd ook door een werkgroep van de Euromediterrane Parlementaire Vergadering behandeld. Deze instelling kampt nu al met een aantal structurele moeilijkheden. Enkele partnerlanden hebben hun nationale netwerk nog niet gestructureerd en er is aanzienlijke vertraging ontstaan bij de betaling van de bijdragen. Er bestaat grote onzekerheid over het feit of de stichting nog over voldoende financiële middelen zal beschikken na 2008.

De bestaande problemen moeten dus onmiddellijk worden aangepakt. Dat moet gebeuren door de financiële duurzaamheid van de Anna Lindh-stichting te verzekeren, de zichtbaarheid van zijn optreden en de daarin opgenomen prioriteiten te garanderen en de Europese regelgeving voor de financiering van projecten te versoepelen. Daarnaast moet er een Europese televisiezender in het Arabisch worden opgericht, en moeten de drie werktalen van de organisatie in haar officiële mededelingen op gelijke voet worden behandeld.

Tot slot moet de Euromediterrane Parlementaire Vergadering zich, samen met de Raad en de Europese Commissie, in alle ernst over deze kwestie buigen.

 
  
MPphoto
 
 

  Jamila Madeira (PSE). - (PT) Mijnheer de Voorzitter, de meest recente, tragische gebeurtenissen verlenen de toch al voor zich sprekende conclusies van onze ontmoeting in november extra relevantie. Economische welstand en maatschappelijke vooruitgang liggen niet binnen ieders bereik. Dat leidt tot manifestaties van geweld.

Zoals bekend zijn degenen die het zonder gezondheidszorg en een degelijke opleiding moeten stellen vaak afkomstig uit de landen in het zuiden van het Middellandse Zeebekken. Dit soort discriminatie treft in de eerste plaats de maatschappelijk zwakkeren, en dan met name vrouwen en armen.

Het toekomstscenario baart ons zorgen, vooral als we proberen vast te stellen wat de gevolgen zullen zijn voor de duurzaamheid van de Euromediterrane vrijhandelszone, die - zoals u zelf gezegd heeft, mevrouw de commissaris - al in 2010 operationeel zou moeten zijn. Dan blijkt dat er bij het terugbrengen van de armoede de onmiddellijke vorderingen zeer beperkt zullen zijn, al kunnen er wel andere positieve gevolgen voortvloeien uit de drastische gedaanteverandering die de economieën van onze partners zullen ondergaan. Het is evenmin waarschijnlijk dat er op korte termijn veel zal verbeteren op het gebied van gezondheidszorg en onderwijs. Als er niets gebeurt, zal de toestand op deze gebieden vermoedelijk achteruit gaan.

Wat de mensenrechten betreft, beschikken de EU en de Euromediterrane instellingen, wat de economische en sociale rechten en de rol van deze rechten in het Barcelona-proces aangaat, niet over een overkoepelend methodologisch concept. Het is van groot belang dat we ons daarmee gaan bezig houden.

Dit is volgens mij binnen de huidige context - maar eigenlijk overal en altijd - een heel belangrijke vraag. We zullen er in het kader van het MEDA-Programma dan ook de nodige aandacht aan moeten besteden.

In dit partnerschip zullen de volgende onderwerpen prioritaire aandacht moeten krijgen: bestrijding van kinderarbeid, samenwerking bij het bestrijden van discriminatie op het gebied van sociale zekerheid, dialoog over sociale hervormingen en bevordering van de gelijke kansen voor mannen en vrouwen.

Gelet op de huidige toestand is het van groot belang dat dit onderwerp in het kader van het proces van Barcelona aan de orde wordt gebracht.

 
  
MPphoto
 
 

  Hans Winkler, fungerend voorzitter van de Raad. - (DE) Mijnheer de Voorzitter, mevrouw de commissaris, dames en heren, ik ben u allen zeer dankbaar voor het feit dat u in uw toespraken hebt gewezen op de positieve gevolgen van het Euromediterraan Partnerschap. Men kan natuurlijk een groot aantal kwesties noemen waaraan nog gesleuteld moet worden. Mevrouw Madeira deed dat zojuist nog. We mogen dan ook geenszins op onze lauweren rusten - en dat doen wij ook niet -, maar moeten onszelf tot taak stellen om te blijven werken aan alle terreinen die mevrouw Madeira heeft genoemd: gezondheidszorg, sociale dialoog, duurzaamheid, genderkwesties, kansen op onderwijs, enzovoort. Dit kan niet van de ene op de andere dag worden gerealiseerd. Het zou een illusie zijn te geloven dat wij alleen door dit Partnerschap in korte tijd veranderingen kunnen teweegbrengen, maar wij moeten eraan werken, en, zoals de commissaris zei, de instrumenten daarvoor zijn er.

De kwestie mensenrechten is meermaals genoemd. Dit ligt niet alleen mij persoonlijk, maar de hele Raad bijzonder na aan het hart. Ik wil hieraan toevoegen dat ik niet geloof dat de Raad of de EU als geheel ervan kan worden beschuldigd dat zij geen coherent, methodisch mensenrechtenbeleid voert. Ik geloof wel degelijk dat wij een dergelijk beleid hebben. Verder geloof ik dat het mensenrechtenagentschap, dat hopelijk binnenkort en met uw hulp kan worden opgericht, een bijdrage zal kunnen leveren aan een methodische aanpak van de mensenrechtenkwestie.

Mijnheer de Voorzitter, ik sluit mij graag aan bij de woorden van dank aan het adres van al de betrokken parlementariërs, zoals uzelf en uw subcommissie en mevrouw De Keyser en anderen, die voortdurend en met grote inzet werken aan een beter begrip tussen de volken in het Euromediterrane Partnerschap. Wij moeten hun dankbaar zijn en ons best doen om u te steunen en bij te staan, ook als u het met sommige maatregelen van de Raad niet helemaal eens bent.

Iran is ook genoemd in dit verband. Ik wil dienaangaande alleen kwijt dat het uiteraard het beleid van de Raad is om hier met vreedzame middelen, door onderhandelingen resultaten te bereiken.

De heer Carnero González heeft iets heel belangrijks gezegd, namelijk dat op de top in november iets gebeurd is dat een paar jaren geleden niet mogelijk zou zijn geweest. Als wij deze verklaring tegen het terrorisme, deze ‘gedragscode terrorismebestrijding’ nader bekijken, zien we dat het een goed uitgangspunt bevat, ook voor moeilijke, gevoelige kwesties, en vanzelfsprekend is de strijd tegen het terrorisme, met alle bekende politieke problemen, een hele moeilijke kwestie. Het is een uitgangspunt dat ons in staat stelt om nog meer resultaten te bereiken, en de Raad is het eens met deze doelstelling.

Ik bedank alle afgevaardigden voor hun goede ideeën en voorstellen die wij uiteraard graag zullen opnemen en bekijken.

 
  
MPphoto
 
 

  Benita Ferrero-Waldner, lid van de Commissie. - (EN) Mijnheer de Voorzitter, ik ben het er helemaal mee eens dat de volgende bijeenkomst van de Euromediterrane Parlementaire Vergadering buitengewoon belangrijk is, en ik kan nu al aankondigen dat ik daar persoonlijk aanwezig zal zijn. Deze keer is dat wel mogelijk en ik ben zeker van plan te komen.

U hebt een uitstekende ontwerpresolutie ingediend. Alle belangrijke onderwerpen staan erin: vrijheid van meningsuiting en respect voor godsdienstige overtuigingen, uitzicht op een werkelijk partnerschap. Dat is wat wij willen. Dat betekent dat niet alleen wij, maar ook onze partners dat moeten waarmaken. Samen moeten wij de juiste combinatie zien te vinden, zodat zij zich steeds verder kunnen ontwikkelen. Aan enkele specifieke vraagstukken moeten wij ook speciaal aandacht besteden. Een daarvan - dat mij zeer na aan het hart ligt en die ook in onze mededeling staat - is onderwijs. Ik heb altijd gevonden dat wij met onderwijs een positieve invloed kunnen uitoefenen op de volgende generatie. Wij moeten ons uiterste best doen om dingen te realiseren.

Ik ben het ook helemaal eens met de heer Carnero González. Naar mijn mening was Barcelona een succes. Het is echter onjuist om te zeggen dat het geen volledig succes was omdat er alleen staatshoofden waren. De inhoud was goed. Nu moeten wij ervoor zorgen dat het allemaal kan worden uitgevoerd binnen ons vijfjarenprogramma. Ik ben voor liberalisering, maar ik ben het met u eens dat daarbij ook rekening moet worden gehouden met sociale cohesie en sociale stabiliteit, met sociale rechten, energievraagstukken en uiteraard onderwijs.

Ik wil graag kort iets zeggen over enkele onderzoeken die zijn uitgevoerd. Het onderzoek van de universiteit van Manchester is tamelijk negatief, maar andere studies zijn veel positiever. Ik heb het al eerder gezegd: wat wij met het Euromediterraan Partnerschap wilden creëren, is inderdaad een partnerschap. Dat betekent dat beide partijen hun uiterste best moeten doen om dingen in gang te zetten, en er zijn nog steeds veel hervormingen nodig.

Met meer handel willen wij ook bereiken dat er meer banen komen, dat wil zeggen meer banen voor meer jongeren. Daarnaast proberen wij natuurlijk ook goede vooruitzichten voor de arbeidsmarkt te creëren, evenals duurzame ontwikkeling die rekening houdt met sociale en milieueisen. Het Europees nabuurschapsbeleid beoogt dit Euromediterraan Partnerschap aan te vullen. Met dit beleid proberen wij niet alleen de mensenrechten, maar ook alle andere factoren te bevorderen die deze landen zullen verzekeren van een beter leven in de toekomst.

Tot slot moeten wij helaas constateren dat dit alles wordt overschaduwd door het Israëlisch/Palestijnse conflict. Dit is helaas niet het beste moment. Wij staan op een uiterst kritiek, cruciaal punt. Hopelijk kunnen wij, zelfs in deze kritieke fase, zorg dragen voor een betere toekomst.

 
  
MPphoto
 
 

  De Voorzitter. - Het debat is gesloten.

(De vergadering wordt om 19.50 uur onderbroken en om 21.00 uur hervat)

Schriftelijke verklaring (artikel 142)

 
  
MPphoto
 
 

  Ilda Figueiredo (GUE/NGL). - (PT) De recente ontwikkelingen in Palestina zijn van dien aard dat de president van de Palestijnse Autoriteit, de heer Abbas, zich gedwongen voelde om naar zijn land terug te keren. Hij heeft zijn afspraak om het Europees Parlement toe te spreken moeten afzeggen.

De Europese Unie moet een duidelijk standpunt innemen met betrekking tot de voortdurende agressie van Israël tegen Palestina. De recente vernieling van de gevangenis van Jericho is daar wel het meest extreme en vernederende voorbeeld van. Die vernieling heeft plaatsgevonden nadat de Palestijnse Autoriteit, de VS en Groot-Brittannië een akkoord hadden bereikt over de veiligheid van de gevangenen. Toch zijn er na deze misdadige aanval van Israël geen stappen ondernomen.

De Commissie en de Raad zijn hoe dan ook op de hand van de Israëlische regering, terwijl het misdadige geweld tegen Palestina blijft toenemen. Daar moet een einde aan komen. Er moeten maatregelen worden genomen om te verhinderen dat Israël dit onaanvaardbare beleid voortzet en Palestina de meest elementaire rechten blijft ontzeggen.

Bij de volgende bijeenkomst van de Euromediterrane Vergadering moet het Europees Parlement duidelijk maken dat het zich solidair opstelt met Palestina, en dat we het door Israël gebruikte geweld veroordelen. Dat geweld staat een vreedzame oplossing in het Midden-Oosten in de weg. De resoluties van de VN en de keuzes van het Palestijnse volk moeten worden gerespecteerd.

 
  
  

VOORZITTER: PIERRE MOSCOVICI
Ondervoorzitter

 
Juridische mededeling - Privacybeleid