Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2005/2245(INI)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A6-0207/2006

Ingediende teksten :

A6-0207/2006

Debatten :

PV 06/07/2006 - 4
CRE 06/07/2006 - 4

Stemmingen :

PV 06/07/2006 - 6.18
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P6_TA(2006)0320

Debatten
Donderdag 6 juli 2006 - Straatsburg Uitgave PB

4. Eerlijke handel en ontwikkeling (debat)
PV
MPphoto
 
 

  De Voorzitter. Aan de orde is het verslag (A6-0207/2006) van Frithjof Schmidt, namens de Commissie ontwikkelingssamenwerking, over eerlijke handel en ontwikkeling [2005/2245(INI)].

 
  
MPphoto
 
 

  Frithjof Schmidt (Verts/ALE), rapporteur. (DE) Mevrouw de Voorzitter, commissaris, dames en heren, met dit verslag over eerlijke handel en ontwikkeling reageren wij als Parlement op het opmerkelijke economische en politieke succesverhaal van de eerlijke handel.

De afgelopen jaren bedroegen de groeipercentages van de eerlijke handel in Europa gemiddeld 20 procent, en deze ontwikkeling houdt aan. In sommige landen bedraagt het marktaandeel — zoals van koffie in Groot-Brittannië - zelfs 20 procent. Hieruit blijkt hoe succesvol een initiatief is van het maatschappelijk middenveld onder de voorwaarden van de markt, dat het tot nu toe heeft gered zonder veel ondersteuning en financiering door de staat. Tegelijkertijd is dit ook een rechtstreeks succes in het kader van de armoedebestrijding, want eerlijke prijzen garanderen een eerlijk inkomen. Het is tevens voor de sociale en maatschappelijke ontwikkeling in de landen van het Zuiden zeer essentieel dat producenten in deze landen een eerlijk inkomen ontvangen.

Tegelijkertijd blijkt uit dit alles de hoge mate van bewustheid bij de Europese consument en zijn belangstelling voor sociale verantwoordelijkheid in de internationale handel en voor hoge kwaliteit van de producten. Bij dit onderwerp gaat het derhalve ook om de bescherming van consumentenbelangen. Eerlijke prijzen, eerlijke arbeids- en productieomstandigheden en voldoen aan milieunormen; dit komt de levenskwaliteit van producenten in het Zuiden en van consumenten in het Noorden in gelijke mate ten goede.

In de Commissie ontwikkelingssamenwerking heerste tot mijn grote vreugde ook grote overeenstemming. Daarom wil ik hier tevens al mijn collega’s in de Commissie ontwikkelingssamenwerking, de schaduwrapporteurs en de coördinatoren uitdrukkelijk bedanken voor hun constructieve advies. Het verslag is unaniem goedgekeurd in de commissie. Hieraan ging een intensieve gedachtewisseling met de Fair Trade-beweging en talrijke organisaties vooraf over de problemen van de eerlijke handel. Wij hebben in de commissie gezamenlijk criteria ontwikkeld en voorgesteld waaraan producten met de aanduiding Fair Trade moeten voldoen, zodat de consumenten niet worden misleid.

Daarom wordt de Commissie in dit verslag aangespoord een aanbeveling over Fair Trade op te stellen. Hierbij gaat het om de bevordering van een politiek en economisch concept en niet bijvoorbeeld om het promoten van een handelsmerk. Het gaat ook niet om een wettelijk bindende gedetailleerde regeling of om een Fair Trade-wet voor geheel Europa. Het is en mag ook niet onze bedoeling zijn om deze succesvolle opkomende markt te overreguleren en zodoende eventueel te belemmeren. Het gaat er echter wel om criteria te definiëren die het wezen uitmaken van het concept “eerlijke handel”.

Belangrijke criteria, die in het verslag hiervoor worden voorgesteld, zijn onder andere prijzen voor producenten die hun bestaan waarborgen, consumenteninformatie over de prijs die producenten hanteren, dat wil zeggen transparantie, het voldoen aan de fundamentele arbeidsnormen van de Internationale Arbeidsorganisatie ten aanzien van gezondheid en veiligheid op het werk en ten aanzien van kinderarbeid bij de productie, het voldoen aan milieunormen, steun aan productie- en markttoegang voor producentenorganisaties en het monitoren van de naleving van deze criteria. Deze punten zouden opgenomen moeten worden in de aanbeveling van de Commissie.

Ik wil hier ook uitdrukkelijk de Commissie bedanken. Met name in de directoraten-generaal Ontwikkeling en Handel was de openheid ten opzichte van – en ik zou ook willen zeggen de sympathie voor – dit verslag duidelijk te merken. Wij hebben een zeer constructieve gedachtewisseling gehad.

Nog een persoonlijke opmerking: ik weet, commissaris Mandelson, dat u graag chocolade eet, en ik heb vaak gezien dat u de voorkeur geeft aan eerlijk verhandelde chocolade van Oxfam. Dat zijn twee voorkeuren die wij beiden delen. Ik weet dus al op grond van uw consumptiepatroon dat u open staat voor dit onderwerp.

Ik wil nog een keer uitdrukkelijk een beroep op u doen. Roep in het Aid for Trade-programma, waarover wij momenteel discussiëren bij de WTO, een Aid for Fair Trade-sector in het leven. Wanneer wij ook maar 10 procent van de middelen op dit gebied zouden kunnen besteden aan de Fair Trade-sector, zou dat een geweldige opsteker zijn voor dit goede concept. Help ons door eerlijk verhandelde producten met voorrang te behandelen bij openbare aanbestedingen en blaas artikel 23 van de Overeenkomst van Cotonou nieuw leven in, op grond waarvan de eerlijke handel in de samenwerking met de ACS-staten (de staten in Afrika, het Caribische gebied en de Stille oceaan) een belangrijke plaats dient te krijgen en ondersteund moet worden.

De Europese Unie heeft een goed gecoördineerd Fair Trade-beleid nodig. Ik hoop dat het Parlement vandaag een belangrijke stap zal doen in die richting, en daarna is het aan de Commissie om nog een belangrijke stap te doen. Wij hebben die aanbeveling nodig, commissaris Mandelson.

 
  
MPphoto
 
 

  Peter Mandelson, lid van de Commissie. (EN) Mijnheer de Voorzitter, ik wil om te beginnen de heer Schmidt bedanken voor zijn verslag, maar ook omdat hij heeft gewezen op mijn steeds meer in het oog lopende eetgewoonten, die, vrees ik, steeds zichtbaarder worden naarmate ik groei in mijn werk als handelscommissaris. Ik wil hem oprecht en hartelijk bedanken voor zijn verslag, waarvan ik denk dat het waardevol is en goed zal worden ontvangen.

Fair Trade is in mijn visie een van de belangrijkste instrumenten voor de bevordering van duurzame ontwikkeling en het bestrijden van de armoede in de wereld, en als concept maakt het een snelle ontwikkeling door. Het is zonder twijfel een zeer populaire handelspraktijk. Het vindt steeds meer ingang bij het publiek en de aantrekkingskracht ervan is groeiende, en het draagt bij aan het vergroten van de bewustheid van het publiek ten aanzien van alles wat te maken heeft met het begrip duurzaamheid.

Het gaat niet alleen om het consumeren van iets dat in inhoudelijk opzicht kwaliteit heeft. Het stimuleert ook de hersenen. Het zet je aan het denken en dat is nog veel waardevoller. Consumenten houden wel degelijk rekening met de productievoorwaarden. Mensen vinden dat belangrijk, ze eten niet zomaar alles, en Fair Trade heeft op dit terrein op een zeer aantrekkelijke manier pionierswerk verricht.

De Commissie steunt Fair Trade actief. We hebben afspraken gemaakt over Fair Trade in de Cotonou-overeenkomst met de ACS-landen, en ook in onze mededeling over een coherent ontwikkelingsbeleid nemen we verplichtingen op ons.

Veel hulpprojecten op het gebied van handel en ontwikkeling ondersteunen Fair Trade: ontwikkelingsprojecten voor een bedrag van meer dan vier miljoen euro in 2003, en dat bedrag groeit. Het gaat hierbij voornamelijk om ondersteuning van activiteiten van niet-gouvernementele organisaties, maar ook om directe bijdragen aan de harmonisering van bestaande standaarden. Ook nemen wij deel aan Fair Trade-evenementen.

Je zou kunnen argumenteren dat terwijl Fair Trade helpt om het geweten te sussen van degenen die zulke producten kopen, anderen gewoon doorgaan met het uitbuiten van de armen. Ik ben niet gelukkig met dat argument: Fair Trade is niet een middel dat alle problemen van arme producenten oplost, en ook is het niet noodzakelijkerwijs zo dat wanneer je geen Fair Trade-producten koopt, je de armen aan het uitbuiten bent.

Wat nodig is om de armoede aan te pakken en de ontwikkeling te stimuleren, is een algemeen en coherent beleidskader. Dat is wat we moeten ontwikkelen en conceptualiseren, en dit verslag zal ons daarbij helpen.

Fair Trade is een particulier initiatief en beperkt zich tot de deelnemende producenten, terwijl de Millenniumdoelstellingen van de VN voor iedereen bedoeld zijn. Dus Fair Trade is een particulier initiatief en is specifiek, terwijl de Millenniumdoelstellingen algemeen zijn en een brede opzet hebben; maar er bestaat een duidelijke onderlinge relatie tussen de twee. Individuen en beleidsmakers in de EU streven verschillende doelen na.

Een individu maakt een persoonlijke keuze. Hij of zij heeft het recht om die keuze te volgen. Je kunt dat niet automatisch in een breder beleid vertalen. De individuele consument kijkt naar één pak koffie, en terecht. Beleidsmakers moeten echter kijken naar de sector als geheel en naar onze verplichtingen jegens die sector als geheel.

We hebben een complete en publieke oplossing nodig - een oplossing die zich daarom niet tot alleen Fair Trade moet beperken. Zoals in het verslag terecht wordt opgemerkt, zijn er andere, niet-Fair Trade-handelsinitiatieven die dezelfde resultaten kunnen behalen als Fair Trade, die hetzelfde groeipotentieel hebben en die de keuze van consumenten en internationale handelsstelsels kunnen beïnvloeden. We moeten gebruik maken van het volledige potentieel van alle geloofwaardige initiatieven die bijdragen aan duurzaamheid. Dat moet onze toetssteen zijn. Helpt het, draagt het iets bij? Als dat zo is, dan moet dat bepalend zijn voor onze reactie en onze houding ertegenover.

Wat wij willen, voortbouwend op eerder aangegane verplichtingen, is samen met onze partners de mogelijkheden nagaan om in de economische partnerschapovereenkomsten met de ACS-landen, en ook in andere handelsovereenkomsten, specifieke prikkels op te nemen voor het verbeteren van de markttoegang voor Fair Trade-producten. Daar kunnen we naar mijn mening onze belangen het beste behartigen en ons engagement het beste in de praktijk brengen.

Het is daarom heel nuttig dat het verslag wijst op het gevaar dat er verkeerde nationale wetgeving wordt ontwikkeld met betrekking tot Fair Trade. Ik realiseer me dat er in sommige landen initiatieven worden ontwikkeld die schade zouden kunnen toebrengen aan de status die Fair Trade al heeft bereikt. We moeten daar waakzaam op zijn en kijken of we niet een meer coherente en collectieve aanpak nodig hebben om de grootst mogelijke voordelen voor Fair Trade te kunnen realiseren.

Andersom zou een al te sterke vergroeiing met een particulier initiatief als Fair Trade het risico van discriminatie van andere systemen met zich meebrengen, waarvan sommige in het verslag worden genoemd, initiatieven die hetzelfde claimen en die we ook kunnen en moeten steunen.

U heeft gelijk wanneer u zegt dat de consumenten beschermd moeten worden, de vraag is alleen hoe. Ik denk dat de rol van het beleid is dat het ervoor moet zorgen dat de boodschappen die worden gegeven aan de consumenten accuraat en transparant zijn, en ik ben blij dat dit ook benadrukt wordt in het verslag. We hebben al bescherming tegen misleidende aanspraken, maar misschien moeten we overwegen om nog verder te gaan en nog meer te doen om de consument actief te betrekken bij de ethiek van de productie.

Ik denk dat er ruimte is voor betere informatie over aanspraken in het algemeen, en daar wordt momenteel aan gewerkt. Ik zal mijn diensten vragen om te bekijken hoe duurzaamheid kan worden bevorderd met behulp van verschillende certificerings- en garantiesystemen met inbegrip van Fair Trade.

We zullen alle voorstellen bekijken die in dit verslag worden gedaan en we zullen het Europees Parlement uiteraard op de hoogte houden van verdere ontwikkelingen. We hebben een permanente dialoog met het Parlement nodig. Daarom ben ik blij dat dit verslag het kader verschaft, zowel voor die dialoog als voor de wijze waarop we ons engagement op dit terrein in de praktijk kunnen, moeten en zullen brengen.

Afsluitend wil ik de rapporteur nogmaals bedanken voor de kwaliteit van zijn verslag.

 
  
MPphoto
 
 

  Jörg Leichtfried (PSE), rapporteur voor advies van de Commissie internationale handel. - (DE) Mevrouw de Voorzitter, mijnheer de commissaris, dames en heren, allereerst wil ik de rapporteur, Frithjof Schmidt, van harte gelukwensen omdat hij deze problematiek doelgericht en succesvol tot de stemming heeft gebracht. Ofschoon deze vraagstukken reeds herhaaldelijk door de Commissie en het Parlement zijn behandeld, is er steeds weer behoefte aan maatregelen om de eerlijke handel in staat te stellen zich efficiënt en succesvol verder te ontwikkelen. Belangrijk is hier dat er centrale normen en criteria worden ingevoerd voor de ontwikkeling van de markt. Wel moet men bij deze jonge sector altijd voor ogen houden dat door overhaaste richtlijnen het gevaar ontstaat van schematische harmonisatie en buitensporige regelgeving.

Europa is met zestig à zeventig procent van de totale verkoop van Fair Trade-producten de grootste afzetmarkt en biedt mijns inziens nog meer groeimogelijkheden. Daarbij is het voor mij belangrijk dat gemeentes, steden, deelstaten en andere regionale bestuursorganen er telkens weer aan worden herinnerd dat zij rekening moeten houden met Fair Trade-producten bij hun aanbestedingen en die producten bij evenementen en dergelijke moeten gebruiken.

Op grond van de geringe verscheidenheid aan Fair Trade-producten weet de klant vaak niet zeker of het bij het als een Fair Trade gekenmerkte product ook daadwerkelijk om een Fair Trade-product gaat. Hoe groter de markt, hoe groter ook deze onzekerheid wordt. Daarom moeten wij misschien in de toekomst over een Europees Fair Trade-logo nadenken.

Voor de producenten van Fair Trade-producten vraag ik bestaansverzekerende prijzen, eerlijke productievoorwaarden en naleving van de milieunormen met het oog op een duurzame ontwikkeling. Eerlijke handel moet onlosmakelijk verbonden zijn met fundamentele arbeidsnormen. Als wij er nu in slagen om positieve voorwaarden te scheppen voor de ontwikkeling en de bevordering van eerlijke handel, kunnen wij als Europeanen in deze sector een zeer belangrijke voortrekkersrol gaan vervullen.

 
  
MPphoto
 
 

  Filip Kaczmarek, namens de PPE-DE-Fractie. – (PL) Mevrouw de Voorzitter, ik zou de heer Schmidt willen gelukwensen en bedanken voor zijn verslag en voor zijn interessante betoog over Fair Trade. Fair Trade kan een positieve bijdrage leveren aan de ontwikkeling van arme landen door de producenten en hun gezinnen een beter bestaan en een betere toegang tot de wereldmarkten te verzekeren. Daarnaast biedt het Fair Trade-systeem een effectieve mogelijkheid tot het bevorderen van duurzame ontwikkeling. Ik zou uw aandacht willen vestigen op een aantal punten uit het verslag die op inhoudelijk vlak een probleem vormen.

Ten eerste: naar mijn mening wordt in het verslag het concept Fair Trade (met hoofdletters) soms verward met "fair trade", eerlijke handel, in de algemene betekenis van het woord. Deze tekst zal het eerste document in de geschiedenis van de Europese wetgeving zijn over de Fair Trade-sector, dus over Fair Trade met hoofdletters, in de vorm van een verslag over producten met het Fair Trade-logo die als zodanig worden verkocht. Het onderwerp van het verslag had de etikettering van goederen moeten zijn, om misbruik van de Fair Trade-ideologie ten nadele van consumenten die dergelijke producten willen kopen, tegen te gaan.

Het verslag betreft de Fair Trade-sector. Wat ik zou willen benadrukken, is dat de tekst die we hier behandelen echter geen verslag is over "fair trade" of eerlijke handel in de volgende betekenis: het tot stand brengen van een eerlijkere internationale handel. Het spreekt voor zich dat fair trade (met kleine letters) iets anders betekent. Het is een poging om de hele handel rechtvaardiger te maken, een thema dat al herhaaldelijk aan bod kwam in andere resoluties en verslagen van het Europees Parlement.

Naar mijn gevoel is om die reden de verwijzing naar de Cotonou-overeenkomst in deze context niet terecht, aangezien het in die overeenkomst gaat over "fair trade" met kleine en dus niet met hoofdletters. Ik ben eveneens van mening dat de stabilisatie van prijzen eerder onwaarschijnlijk is. De opmerkingen daarover zullen de beoordeling van het verslag in zijn geheel niet vergemakkelijken.

 
  
MPphoto
 
 

  Linda McAvan, namens de PSE-Fractie. (EN) Mevrouw de Voorzitter, gisteravond werd ik naar huis gereden door een Ghanese taxichauffeur. Ik denk dat hij een van de weinige mensen was die aan het werk waren, vanwege het voetbal. Ik vroeg hem of hij het prettig leven vond in Frankrijk. Hij zei dat het oké was, maar dat hij Ghana miste. Hier in Frankrijk konden drie van zijn kinderen naar de universiteit, iets wat volstrekt onmogelijk was in Ghana.

Vorig jaar was ik Ghana. Wat de taxichauffeur zei, bevestigde wat ik daar gezien had. Ik ben naar Noord-Ghana geweest en heb daar met tomatenkwekers en rijstboeren gesproken. Ze verdienden niet genoeg om van te leven en daardoor konden ze hun kinderen niet naar school sturen en hadden ze geen toegang tot gezondheidszorg. Tegelijkertijd werden op de markt in Noord-Ghana gesubsidieerde rijst uit de VS en tomatenproducten uit de EU verkocht, die goedkoper waren dan de lokale producten.

Tijdens dezelfde reis bezochten we Fair Trade-cacaoboeren in Midden-Ghana. Dat waren zeker geen rijke mensen, maar ze kregen een duurzame prijs en ze hadden langetermijncontracten voor hun product. Daardoor hadden ze toegang tot gezondheidszorg, was er een school voor hun kinderen, en de Fair-Trade-premie betekende dat er geïnvesteerd werd in water in hun dorpen. Ik zag dezelfde verschillen tussen Fair Trade-boeren en niet-Fair Trade-boeren op de bananenplantages van de Bovenwindse Eilanden.

We willen eerlijke prijzen voor boeren in alle ontwikkelingslanden. We hopen dat de WTO een rechtvaardiger systeem zal kunnen ontwikkelen, maar ondertussen hebben we Fair Trade nodig, met hoofdletters. Het doet me genoegen om te horen dat de Commissie daar steun aan zal geven.

Met betrekking tot het punt van de andere etiketten, ja, er worden ook andere ethische etiketten ontwikkeld. Sommige daarvan zijn erg goed, maar we moeten voorzichtig zijn op dit punt. Het label Fair Trade moet niet voor een prikkie te koop zijn. Als de markt groter wordt, zijn er steeds meer spelers die een ethisch label willen, maar daar niet de volle prijs voor willen betalen. Dus we moeten goed bekijken wie we steunen en ervoor zorgen dat de labels echt ethisch zijn. Fair Trade gaat over prijzen en duurzaamheid. Het gaat over de Millenniumdoelstelling van het terugdringen van de armoede.

 
  
MPphoto
 
 

  Sajjad Karim, namens de ALDE-Fractie. (EN) Mevrouw de Voorzitter, ik wil beginnen met het feliciteren van onze rapporteur, de heer Schmidt, omdat hij de lat hoger heeft gelegd en daarmee onze ambities omhoog heeft geschroefd. Ik ben er zeker van we dat allemaal zeer veel baat zullen hebben bij het opvolgen van zijn aanbevelingen. Ik verwelkom ook de opvattingen zoals die zijn verwoord door de Commissie. Ik weet zeker dat onze partnerschapbenadering tot veel goeds gaat leiden.

Het is met name van belang omdat vandaag de dag veel van wat we eten en drinken afkomstig is uit de ontwikkelingslanden, waar boeren en arbeiders het steeds moeilijker hebben om op een fatsoenlijke manier in hun levensonderhoud te voorzien. In onze mondiale markt is het gebruik van internationaal erkende labels of aanduidingen waar bewuste consumenten vertrouwen in kunnen hebben een logische stap en kan het een belangrijke bijdrage aan economische en sociale verbeteringen in de hele wereld leveren. Door een duidelijke etikettering gaan individuele mensen beseffen dat ook zij een bijdrage kunnen leveren aan het vinden van een oplossing voor de internationale armoede. Het simpele besluit om producten met een Fair Trade-etiket te kopen kan een enorme impact hebben, omdat telers en arbeiders daardoor een eerlijkere beloning ontvangen en hun arbeidsvoorwaarden zien verbeteren, en het kan het cruciale verschil uitmaken of ze in staat zijn om hun gezinnen te onderhouden of niet.

In de afgelopen vijf jaar heeft het Verenigd Koninkrijk bewezen dat het de meest dynamische Fair Trade-structuren van alle EU-lidstaten heeft en is het de snelst groeiende Fair Trade-markt van de wereld. Een ongelooflijke 87 procent van de Britse bevolking koopt liever producten van bedrijven die iets positiefs voor de gemeenschap doen. Op de vraag welke producten in deze categorie vallen, vermeldt 27 procent specifiek Fair Trade-producten. Dit cijfer kan en moet nog veel hoger worden en het is de plicht van alle verantwoordelijke leden van dit Huis om de bewustwording in verband met dit noodzakelijke project te vergroten.

In mijn eigen noordwestelijke kiesdistrict zijn we vastbesloten om gelijkheid en duurzame ontwikkeling waar mogelijk te bevorderen. Garstang in Lancashire was de eerste stad die in 2001 de Fair Trade-status kreeg. Dertien steden in het noordwesten, waaronder industriële grootmachten als Manchester, Lancaster en Liverpool, zijn allemaal gevolgd. Kendal was de eerste Fair Trade-gemeente en nu heeft het bestuur van het graafschap Lancashire plechtig beloofd om het eerste Fair Trade-graafschap te worden.

Net als in het Europees Parlement zijn Fair Trade-producten te koop in veel gebouwen van de Raad, de thee en de koffie die geschonken worden tijdens vergaderingen zijn Fair Trade-producten en er zijn bewustmakingsdagen gehouden om het personeel te informeren over de voordelen van Fair Trade.

 
  
MPphoto
 
 

  Miguel Portas, namens de GUE/NGL-Fractie.(PT) De onderhandelingen bij de Wereldhandelsorganisatie zijn wederom in een impasse geraakt, en dat is een heel goed moment om dit verslag over fair trade te bespreken. We weten dat eerlijke handel binnen het kader van alle handel die er op deze wereld gevoerd worden nauwelijks van betekenis is – slechts één miljoen landbouwers geniet de voordelen van dit systeem. Dat mag een groot aantal lijken, maar dat is het niet. De EU moet zich daarom sterk maken voor fair trade, al was het alleen maar om haar eigen geweten te sussen. Ons gemeenschappelijk landbouwbeleid is immers verantwoordelijk voor honger en armoede in het Zuiden. Fair trade zou uw beleid aanzien kunnen verlenen, mijnheer de commissaris. Anderen – landbouwers, handelsnetwerken en veeleisende consumenten – kunnen dit systeem dan weer een extra impuls geven.

De heer Schmidt heeft een aantal goede voorstellen gedaan. Positief zijn vooral de voorstellen voor een lager btw-tarief en het afschaffen van invoerrechten. De werkelijke verdienste van dit verslag is echter dat het de juiste weg wijst en een aanzet tot hoop verschaft. Met eerlijke handel kan dit een veel betere wereld worden.

 
  
MPphoto
 
 

  Eoin Ryan, namens de UEN-Fractie. (EN) Mevrouw de Voorzitter, op de eerste plaats wil ik de rapporteur feliciteren met een uitstekend verslag, een verslag waar we al veel te lang op wachten.

Fair Trade gaat over het betalen van een eerlijke prijs aan arme producenten en het helpen van die arme producenten bij het vergaren van de vaardigheden en kennis die ze nodig hebben om hun bedrijf te ontwikkelen en zich aan de armoede te onttrekken. Ik ben het eens met de commissaris. Het is niet het enige antwoord, maar het is een deel van de oplossing.

Mensen die boodschappen doen en producten met het Fair Trade-etiket uitkiezen spelen een essentiële rol bij het verlichten van de armoede en het steunen van gemarginaliseerde producenten op een manier die de waardigheid en de zelfvoorziening van die producenten ten goede komt. Nieuwe cijfers die vandaag bekend zijn geworden laten zien dat de omzet van producten met het Fair Trade-etiket in 2005 wereldwijd 1,1 miljard euro bedroeg. Dat houdt een stijging in van 37 procent ten opzichte van 2004. De boodschap is duidelijk: consumenten steunen Fair Trade graag. Wanneer we de verkoop van Fair Trade-producten willen bevorderen, om zo meer gemarginaliseerde producenten te kunnen helpen, is het belangrijk dat we de grote commerciële producenten erbij betrekken en supermarkten overhalen om Fair Trade-producten te gaan verkopen, want daar doen de meeste mensen hun boodschappen.

De substantiële wereldwijde groei van Fair Trade in 2005 laat ook zien dat meer en meer producenten, handelaren en leveranciers vertrouwen hebben in het Fair Trade-etiket en zich willen aansluiten bij het systeem. De uitdaging die voor ons ligt is dat we de standaarden voor die etikettering zullen moeten zien te handhaven.

Onlangs heb ik Guatemala bezocht met Trocaire, een Ierse niet-gouvernementele organisatie. Tijdens ons verblijf hebben we het koffiebedrijf Claremont bezocht, waar vijftig families, die daar al drie generaties werkten en woonden, in wat alleen maar omschreven kan worden als feodale omstandigheden, uit hun boerderijen waren gezet omdat de eigenaresse, die toevallig ook de schoonzus van de president van het land is, had besloten dat ze hen liever niet op het landgoed wilde hebben en wilde veranderen wat ze deden. Het gaat om een groep mensen die een coöperatie wilden oprichten om Fair Trade-koffie te gaan produceren. Ze wisten hoe ze koffie moesten produceren; zoals ik al zei, dat doen ze al generaties lang. Ik wil alleen maar zeggen dat ik de situatie van deze mensen in Guatemala hier in dit Huis ter sprake heb willen brengen omdat ik het een absolute schande vind dat mensen in deze tijd nog op een dergelijke manier kunnen worden behandeld.

Fair Trade gaat niet alleen over verkopen en kopen, het gaat over het creëren van rechtvaardige voorwaarden voor mensen van over de hele wereld.

 
  
MPphoto
 
 

  Christofer Fjellner (PPE-DE). – (SV) Mevrouw de Voorzitter, mijnheer de commissaris, ik ben een voorstander van Fair Trade. Voor mij betekent dat vrije handel, een handel zonder douaneheffingen en quota in een omgeving waarin vrij ondernemerschap en eigendomsrecht worden gerespecteerd. Dit verslag heeft in sommige opzichten een ander visie dan ik, en hier en daar lijkt het bijna naar het tegendeel te streven.

In het verslag worden twee verschillende soorten Fair Trade door elkaar gehaald. Als ondernemingen en organisaties zelf definiëren wat ze rechtvaardig vinden en de consument dan producten aanbieden die volgens de aldus gedefinieerde criteria worden geproduceerd, dan is dat een blijk van consumentenmacht en dat is een heel goed ding.

Van de andere soort Fair Trade is sprake wanneer politici een vrijwillige zakenrelatie aangaan en voorwaarden en prijzen vaststellen die zij als rechtvaardig beschouwen en die ze dan Fair Trade kunnen noemen. Voor mij is dat socialisme en iets heel slechts. In het verslag wordt voorgesteld om de Fair Trade van de ondernemingen een eigen rechtsgrond te geven en om politieke doelen en criteria op te stellen. Daarmee wordt de zo belangrijke consumentenmacht veranderd in een soort socialistische planeconomie. Het verbaast mij dat zoveel leden van het Parlement dit wenselijk vinden.

Hoewel de Fair Trade-etikettering een blijk van consumentenmacht en iets heel positiefs is, wil ik toch afsluiten met iedereen, politici en burgers, op te roepen om kritische consumenten te blijven, vooral wat betreft producten met Fair-Trade-etiketten. Vaak geven die meer geld en invloed aan organisaties die worden gestuurd door linkse idealen en door verzet tegen de vrijhandel, dan aan de echte armen in onderontwikkelde landen. Tropicana en Dole orange juice dragen waarschijnlijk meer bij aan ontwikkeling en armoedebestrijding dan het gegeven voorbeeld van Oxfam.

De onbezonnen wijze waarop het Europees Parlement Oxfam omarmt, is een heel goed voorbeeld van de idiote dingen die kunnen gebeuren als wij kritiekloos achter de Fair Trade-producten staan. Zo komt bijvoorbeeld de orange juice van Oxfam die hier in het Parlement wordt verkocht, uit Cuba. Totdat iemand mij heeft uitgelegd hoe het Fair Trade kan worden genoemd als ik door de staat geproduceerde juice koop en mijn geld naar een communistische dictatuur gaat, eis ik dat de Oxfamproducten uit het hele assortiment van het Parlement worden gehaald, want dat is geen Fair Trade.

 
  
MPphoto
 
 

  Karin Scheele (PSE). - (DE) Mevrouw de Voorzitter, ik wil de rapporteur en de rapporteur voor advies van harte gelukwensen. Dit is een heel goed verslag. Bij vele sprekers krijgt men vaak het gevoel dat ze het verslag niet hebben gelezen en dan dingen zeggen die zij uit andere politieke fora hebben meegenomen.

Of men fair trade nu met een hoofdletter of een kleine letter schrijft, voor mij is heel belangrijk erop te wijzen dat het Fair Trade-label, met de daarbij behorende voorwaarden, een voorbeeld voor de wereldmarkt kan zijn. Ik vraag mij af waarom er in dit Parlement zoveel angst bestaat voor eerlijkheid in de wereldhandel. Wij zouden ons heel wat discussies over ontwikkelings- en migratiebeleid kunnen besparen als het wereldhandelssysteem eerlijker was.

Wij hebben met ondernemers uit de ACS-landen - uit de landen in Afrika, het Caribisch gebied en de Stille Oceaan - gesproken toen er twee weken geleden een parlementaire ontmoeting plaatsvond in Wenen. De vertegenwoordigers van deze kleine ondernemers hebben ons gezegd dat dit Fair Trade-label een uitermate belangrijke rol speelt in hun gebied. Bovendien waren zij van mening dat als heel de internationale handel meer die richting zou uitgaan, dat een goed voorbeeld en een oplossing zou zijn voor het probleem in hun gebied. Ook werd gewezen op de enorme invloed die een eerlijke handelsproductie in het algemeen uitoefent op de strijd tegen de armoede, maar vooral op het leven van de vrouwen.

Het is belangrijk dat duidelijk te zeggen, en ik hoop dat wij het verslag van de rapporteur ongewijzigd kunnen aannemen, en zowel het Fair Trade-label als ook fair trade als dusdanig krachtig ondersteunen.

 
  
MPphoto
 
 

  Fiona Hall (ALDE). – (EN) Mevrouw de Voorzitter, ik wil de rapporteur bedanken voor zijn uitstekende verslag. Fair Trade is een succesverhaal. De verkoop van Fair Trade-producten in het Verenigd Koninkrijk is tussen 2002 en 2004 verdubbeld, en Fair Trade-koffie en thee zijn gangbare begrippen geworden.

De schatting is dat er in het Verenigd Koninkrijk elke dag drie miljoen warme drankjes van Fair Trade worden verkocht. De grootste Fair-Trade-organisatie van het Verenigd Koninkrijk, Tradecraft, heeft haar hoofdkantoor in Gateshead, in mijn kiesdistrict. Ik ben trots op de groei die Fair Trade op dit moment doormaakt in het noordoosten van Engeland, met meer en meer plaatsen die zich uitroepen tot Fair Trade-gemeente.

Maar hoewel Fair Trade in veel plaatsen groeit, is het in sommige lidstaten beter ontwikkeld dan in andere. EU-steun aan Fair Trade door het vergroten van de consumentenbewustwording kan ertoe bijdragen dat Fair Trade in heel Europa gaat groeien. Een bescheiden hoeveelheid promotie voor Fair Trade zou al tot een substantiële groei van de verkoop van Fair Trade-producten en een duidelijke vermindering van de armoede in de producerende landen kunnen leiden.

 
  
MPphoto
 
 

  Georgios Papastamkos (PPE-DE). - (EL) Mevrouw de Voorzitter, de verwezenlijking van de Millenniumdoelstellingen, een eerlijkere verdeling van de baten van de mondialisering en een efficiëntere integratie van de ontwikkelingslanden in het wereldhandelssysteem zijn de grote uitdagingen waar de internationale gemeenschap in de wereld mee geconfronteerd is.

Niemand betwist dat de initiatieven van de fair trade-programma’s een positieve bijdrage leveren aan een duurzame economische en sociale ontwikkeling van de ontwikkelingslanden.

Het is bekend dat de Unie een van de meest open markten ter wereld is, vooral dankzij het “Alles behalve wapens”-initiatief voor de minst ontwikkelde landen en de preferentiële behandeling van andere ontwikkelingslanden.

Noodzakelijk is echter niet alleen vrije markttoegang. Noodzakelijk is eveneens een evenwichtigere toegang en een herverdeling van de middelen tussen concurrentiekrachtige exporteurs en kleine producenten. Noodzakelijk is ook de strijd tegen sociale en ecologische dumping.

De concessies van de Unie en haar ontwikkelingsbeleid moeten hoofdzakelijk zijn gericht op de kwetsbare landen en met name op de landen die daar het meest behoefte aan hebben. Het zou onvoorstelbaar zijn indien de Europese markt opengesteld zou worden ten bate van de grote exporteurs in de ontwikkelingslanden en ten koste van de kleine en middelgrote Europese producenten. Daarom is het bijzonder belangrijk om eerlijke handelsstelsels te ontwikkelen en producten te bevorderen die voldoen aan hoge sociale en milieunormen. Die vraagstukken komen namelijk momenteel in de onderhandelingen in de Wereldhandelsorganisatie niet aan bod.

Tot slot wil ook ik op mijn beurt de rapporteur, de heer Schmidt, van harte gelukwensen met zijn goede bijdrage aan de behandeling van de vraagstukken inzake eerlijke wereldhandel.

 
  
MPphoto
 
 

  Glenys Kinnock (PSE).(EN) Mevrouw de Voorzitter, ik verwelkom de betrokkenheid van de commissaris bij deze materie en het is goed dat hij heel duidelijk heeft gemaakt dat dit verder gaat dan alleen het kopen van chocolaatjes van Oxfam.

Daarnaast wil ik zeggen dat ook ik, net als Linda McAvan, veel ervaringen heb opgedaan in ontwikkelingslanden, zoals Oeganda, waar ik vorig jaar een boer heb ontmoet die een kilo koffiebonen verkocht voor 150 Oegandese shilling. Vervolgens betaalde ik 1 000 Oegandese shilling voor één kopje koffie. Dat is het soort onrechtvaardigheid waar de Fair Trade-beweging probeert iets aan te doen.

Mijn eigen land, Wales, heeft nu er nu voor gekozen om een baken van Fair Trade-praktijken te worden. Deze week is onze minister-president met voorstellen gekomen om van Wales een Fair Trade-natie te maken. We zijn nu bezig met het vergroten van de bekendheid van de bevolking van Wales met vraagstukken die betrekking hebben op Fair Trade. Dat betekent werk aan de winkel op scholen, in het vrijwilligerswerk, in bedrijfsnetwerken en op andere plekken, en het vergroten van de bewustwording van onze bevolking met betrekking tot dit soort zaken.

Ik denk dat Wales in 2007 een Fair Trade-natie gaat worden en onze steun aan Fair Trade zal, zoals anderen ook hebben gezegd, een enorm verschil uitmaken voor de levens van talloze arme mensen, wat betekent dat we een bijdrage zullen leveren aan het uitbannen van de armoede.

 
  
MPphoto
 
 

  Wiesław Stefan Kuc (PSE). – (PL) Mevrouw de Voorzitter, ik steun het verslag van de heer Schmidt en de ontwerpresolutie van het Europees Parlement volledig.

Die documenten kort samenvattend, kan ik stellen dat eerlijke handel niet enkel synoniem is met het streven naar rechtvaardige prijzen en een betere toegang tot de markten, maar ook met het opkrikken van de maatschappelijke normen, het uitbannen van armoede, met technologische ondersteuning en capaciteitsopbouw. Het betekent bovendien dat er aandacht wordt besteed aan de sociaaleconomische situatie van de producenten en hun lokale gemeenschappen. Daarom zou ik, namens de leden van de werkgroep van het Europees Parlement over de vernietiging van verouderde pesticiden en de niet-gouvernementele organisaties die met ons samenwerken, de aandacht willen vestigen op het probleem van de tienduizenden ton verouderde pesticiden die in Afrikaanse landen, landen van de voormalige Sovjet-Unie, EU-lidstaten en kandidaat-lidstaten liggen opgeslagen. Die pesticiden vormen een ernstige bedreiging voor de ontwikkeling van de betrokken staten. Ze beperken de productie van gezond voedsel en bijgevolg het aandeel van die landen in de handel.

Laten we deze landen alstublieft helpen om de oorzaak van deze bedreiging te vernietigen.

 
  
MPphoto
 
 

  Peter Mandelson, lid van de Commissie. - (EN) Mevrouw de Voorzitter, dit is een belangrijk en verhelderend debat geweest dat de burgers in Europa die handel effectiever in dienst willen stellen van ontwikkeling, een zeer duidelijke boodschap zal zenden.

Dat Fair Trade-systemen geen wondermiddel zijn, wil nog niet zeggen dat we ze niet moeten steunen. Dat ze geen totaaloplossing zijn, mag ons niet blind maken voor het feit dat ze een zeer belangrijke bijdrage leveren aan de totaaloplossing die we willen zien, wanneer we handel in dienst van ontwikkeling stellen, zodat we de armoede in de wereld kunnen aanpakken. Dit verslag en dit debat stellen ons in staat een standpunt in te nemen en een boodschap over te brengen, niet het minst omdat er sprake is van toenemende publieke belangstelling en bezorgdheid. Ik denk dat met name de toespraak van de heer Karim de toename van de activiteiten, alsmede de groeiende opinievorming en bewustwording onder het publiek heeft geïllustreerd. We moeten als politici die opinie uitdragen en weerspiegelen en manieren zoeken om haar kracht bij te zetten.

Consumenten worden daarom steeds bewuster en willen een weloverwogen keuze maken. Dit alles leidt tot druk op de normale ondernemers, producenten en handelaren om hun inzet te verhogen om zo te voldoen aan de hogere verwachtingen en normen van het publiek. Dit vertaalt zich weer in druk op regeringen om actie te ondernemen om deze normen te verhogen en het consumentenbewustzijn en de consumenteninformatie te vergroten. We hebben hier dus te maken met een “heilzame” cirkel, waaraan we moeten bijdragen.

Natuurlijk is het zo dat wat werkt in de particuliere context en wat werkt voor een keuze van een individuele consument, niet automatisch en ongewijzigd kan worden omgezet in een voorgeschreven overheidsbeleid. Dat is duidelijk. Het is evenmin zo dat één bepaald Fair Trade-systeem of Fair Trade-label dat systeem of dat label het exclusieve recht op goedkeuring geeft. Er zijn ook andere organisaties en NGO's, zoals de Rainforest Alliance, die veel van dezelfde milieu- en sociale voordelen brengen door samen te werken met normale bedrijven. De belangrijkste beleidsuitdaging is zoveel mogelijk uit al deze inspanningen te halen, niet enkele te identificeren om andere, bewust of onbewust, te discrimineren.

De Commissie verbindt zich er opnieuw toe op dit gebied met NGO's samen te werken. We verwelkomen de steun van het Parlement. Onder leiding van de heer Michel vinden momenteel algemenere werkzaamheden plaats met betrekking tot verandering in de levering van basisproducten. We zijn van plan via deze werkzaamheden het opzetten van een webportaal als clearinginstituut voor informatie over allerlei soorten garantiesystemen voor consumenten te steunen.

Er zijn ook andere ideeën en voorstellen die ik mee terug wil nemen naar de Commissie en met mijn collega's wil bestuderen. We moeten goede modellen vaststellen die zorgen voor hogere normen. Dat is waar we ons samen voor inzetten, en ik kijk ernaar uit dit werk met het Parlement voor te zetten.

 
  
MPphoto
 
 

  De Voorzitter. Het debat is gesloten.

De stemming vindt vandaag plaats.

 
Juridische mededeling - Privacybeleid