Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2004/0175(COD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A6-0021/2007

Ingediende teksten :

A6-0021/2007

Debatten :

PV 12/02/2007 - 13
CRE 12/02/2007 - 13

Stemmingen :

PV 13/02/2007 - 4.5
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P6_TA(2007)0028

Volledig verslag van de vergaderingen
Maandag 12 februari 2007 - Straatsburg Uitgave PB

13. Infrastructuur voor ruimtelijke informatie in de Gemeenschap (INSPIRE) (debat)
Notulen
MPphoto
 
 

  De Voorzitter. – Aan de orde is het verslag (A6-0021/2007) van Frieda Brepoels, namens de Delegatie van het Europees Parlement in het bemiddelingscomité, over de door het bemiddelingscomité goedgekeurde gemeenschappelijke ontwerptekst van de richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot oprichting van een infrastructuur voor ruimtelijke informatie in de Gemeenschap (INSPIRE) (PE-CONS 3685/2006 – C6-0445/2006 – 2004/0175(COD)).

 
  
MPphoto
 
 

  Frieda Brepoels (PPE-DE), rapporteur. Mijnheer de Voorzitter, mijnheer de commissaris, collega's, eindelijk gaan we de vruchten plukken van meer dan tweeëneenhalf jaar volgehouden inzet van heel veel mensen, zowel in de Commissie als in het Parlement, die absoluut geloven in de meerwaarde van de INSPIRE-richtlijn voor het milieubeleid in de Europese Unie. Ik weet dat het zeker niet het meest sexy dossier is dat we hier al behandeld hebben en gezien het hoge technische gehalte ging iedereen er dan ook van uit dat een akkoord in de eerste lezing tot de mogelijkheden behoorde. Dit was evenwel buiten de waard van sommige lidstaten gerekend die absoluut niet wilde horen van enige harmonisatie van ruimtelijke milieu-informatie, die vooral ook wakker lagen van vergoedingen en vergunningen en in dit initiatief een bedreiging zagen van nationale monopolies. Niet minder dan vijf Raadsvoorzitterschappen hadden INSPIRE op hun prioriteitenlijstje staan, maar het was wachten op het Finse voorzitterschap, dat in de nacht van 21 november 2006 de lidstaten ervan kon overtuigen het verzet op te geven. Ik wil van deze gelegenheid dan ook gebruik maken om iedereen die aan dit succes heeft meegewerkt, van harte te bedanken, de commissaris en zijn medewerkers op kop. Zij hebben al heel veel voorbereidend werk verricht samen met een internationaal team van experts, dat bijzonder enthousiast reageert, waardoor er ook geen tijd verloren is gegaan. Maar ook de schaduwrapporteurs en hun medewerkers, de Juridische Dienst van het Parlement, het secretariaat van de milieucommissie en het bemiddelingssecretariaat, het Raadsvoorzitterschap en al zijn medewerkers.

Dit voor wat de procedure betreft, maar nu graag ook iets over de inhoud. Zoals u weet wil INSPIRE een infrastructuur voor ruimtelijke informatie in Europa opzetten om het milieubeleid op alle niveaus bij te staan. Het zal voor iedereen duidelijk zijn dat men alleen voor een goed beleid kan zorgen als men kan bouwen op betrouwbare en hoogwaardige informatie. Beleidsmakers moeten bij het opstellen van nieuwe beleidsmaatregelen rekening houden met een steeds toenemende verwevenheid en complexiteit van de problemen die vandaag de dag de levenskwaliteit beïnvloeden. In het zesde milieuprogramma wordt ook aandacht gevraagd voor die betrouwbare kennis, maar ook voor een geïnformeerde deelname van de burgers. De richtlijn, die we hopelijk morgen zullen goedkeuren, stelt de doelstellingen vast en de lidstaten hebben nu twee jaar de tijd om hun nationale wetgeving en administratieve procedures op punt te zetten. Met andere woorden, vóór de volgende Europese verkiezingen is INSPIRE een feit en het zal gebaseerd zijn op de reeds bestaande infrastructuur voor ruimtelijke data van de verschillende lidstaten. Via een geoportaal biedt INSPIRE immers de mogelijkheid aan de lidstaten om alle geografische databestanden beschikbaar te maken, dit als een eerste stap naar harmonisatie. Dit idee, dat iedereen als zodanig natuurlijk verwelkomt, bracht evenwel verhitte discussies op gang binnen sommige lidstaten die angstvallig die vergoedingen van de verkoop van geografische data wilden beschermen, maar ook strengere beperkingen inzake toegang tot informatie wilden opleggen dan het Verdrag van Aarhus bepaalt. Het waren precies die twee laatste uitdagingen die het Parlement beletten om reeds in tweede lezing tot een akkoord te komen met de Raad. Ik wil nogmaals aan de collega's zeggen dat ik heel blij ben dat we tijdens de bemiddelingsprocedure hebben kunnen verkrijgen dat over het algemeen diensten voor het zoeken en raadplegen van ruimtelijke gegevens, gratis ter beschikking moeten worden gesteld. Enkel onder duidelijk geformuleerde voorwaarden mogen vergoedingen in rekening worden gebracht, dit om de financiële leefbaarheid van sommige overheidsdiensten niet in het gedrang te brengen.

Voor wat de intellectuele-eigendomsrechten betreft, heeft het Parlement ervoor gekozen strikt de bepalingen van het Verdrag van Aarhus betreffende de toegang tot informatie inzake milieuaangelegenheden op te leggen en dus geen strengere beperkingen op basis van vertrouwelijkheid toe te staan, zoals de Raad vroeg. Ik denk dat we een eerbaar compromis hebben gevonden en ik hoop dat het Parlement morgen ook volmondig dit akkoord steunt zodat de implementatie echt van start kan gaan in de lidstaten.

Nog kort iets over de toepasssingsmogelijkheden. Die zijn nagenoeg onuitputtelijk indien leemtes en inconsistenties tussen Europese geografische databestanden worden weggewerkt die nu vaak planning onmogelijk maken en in bepaalde gevallen zelfs voor chaos zorgen. Zo is het systeem essentieel om de waterkwaliteit in Europa te verbeteren en te beheren. Ook kan de verzamelde informatie bijdragen tot het voorkomen en beheersen van overstromingen.

Alles bij elkaar durf ik te stellen dat INSPIRE een belangrijke aanvulling betekent van de reeds bestaande milieuwetgeving in de Europese Unie en we zullen de implementatie ervan in de lidstaten met heel veel interesse op de voet volgen.

 
  
MPphoto
 
 

  Stavros Dimas, lid van de Commissie. – (EL) Mijnheer de Voorzitter, ik wil deze gelegenheid gebruiken om u te feliciteren met uw verkiezing tot Voorzitter en ik ben zeker dat u volledig zult beantwoorden aan de verwachtingen van de Europese burgers en van degenen die u hebben verkozen.

Ik kan erg kort zijn.

Mijnheer de Voorzitter, dames en heren, om te beginnen wil ik van ganser harte de delegatie van het Parlement bedanken, die heeft deelgenomen aan de compromisbesprekingen met de Raad op 21 november 2006. Meer bepaald wil ik de heer Vidal-Quadras bedanken en gelukwensen, leider van de Parlementsdelegatie, en uiteraard de rapporteur, mevrouw Frieda Brepoels, die ik speciaal wil loven en bedanken voor haar uitzonderlijke bijdrage aan de debatten tijdens de hele onderhandelingsfase.

Wij hebben gezorgd voor een stevige basis waarop wij een geïntegreerde infrastructuur kunnen bouwen voor ruimtelijke informatie in de Europese Unie.

Deze infrastructuur is nodig om de volgende redenen:

Eerst en vooral zijn goede wetgevende regelingen gebaseerd op correcte informatie. Correcte informatie betekent uitvoerige analyses van milieuproblemen, hun oorzaken en de mogelijke gevolgen van de verschillende oplossingen.

Deze analyses hangen zijn afhankelijk van geografische gegevens. Op dit moment wordt onze beleidsvorming bemoeilijkt door het feit dat die gegevens verspreid zijn over verschillende databanken, die moeilijk toegankelijk zijn. Bovendien worden uiteenlopende regels gehanteerd voor gegevensopslag, zodat het onmogelijk is gegevens onderling te combineren, wat de beleidsvorming net zou vereenvoudigen.

Ik ben blij dat we erin zijn geslaagd ook de laatste moeilijkheden te overwinnen en dat we een bevredigend resultaat hebben bereikt. De Commissie aanvaardt zonder enig voorbehoud de compromistekst en ik wil het Parlement ertoe aanmoedigen het mooie resultaat goed te keuren dat de onderhandelingsgroep heeft bereikt.

 
  
MPphoto
 
 

  De Voorzitter. – Hartelijk dank, commissaris Dimas. Ik stel uw goede wensen persoonlijk bijzonder op prijs en wij zullen onze goede samenwerking voortzetten.

 
  
MPphoto
 
 

  Eija-Riitta Korhola, namens de PPE-DE-Fractie. – (FI) Mijnheer de Voorzitter, allereerst wil ik als lid van het bemiddelingscomité de rapporteur, mevrouw Brepoels, en de delegatievoorzitter, de heer Vidal-Quadras, bedanken voor hun uitstekende werk. Ook het Finse voorzitterschap verdient waardering voor de bemiddelingsprocedure.

Het succes van het communautair milieubeleid hangt in grote mate af van de toegang tot betrouwbare wetenschappelijke informatie en de soepele overdracht van deze informatie. Op die manier is dit voorstel voor een richtlijn, dat door bemiddeling tot stand is gekomen en waarmee een wettelijk kader wordt geschapen voor het oprichten van een infrastructuur voor ruimtelijke informatie in Europa (INSPIRE), een voorwaarde voor wetenschappelijke beoordelingen die op basis van milieuwetgeving worden uitgevoerd.

In verschillende fasen van de behandeling van INSPIRE was het belangrijkste doel het wegnemen van belemmeringen die vooral het gemeenschappelijk gebruik van milieu-informatie door autoriteiten bemoeilijken. In de bemiddeling ontstond algemene consensus over de beginselen waarmee autoriteiten en andere organen van de Gemeenschap gebruik kunnen maken van cartografische en andere specifieke informatie die onder deze richtlijn vallen en nu in handen zijn van andere autoriteiten.

Er werd ook een goed eindresultaat bereikt met betrekking tot de toegang van het publiek tot informatie. In de toekomst zullen uitgebreidere netwerkdiensten met betrekking tot het milieu beschikbaar zijn. Deze op de burgers gerichte diensten zullen in de meeste gevallen gratis zijn.

Het wordt toegestaan kosten in rekening te brengen voor snel veranderende gegevens, zoals van bepaalde meteorologische diensten. De Gemeenschap beschikt al vóór de oprichting van INSPIRE over enkele instrumenten waarmee eerst de beschikbaarheid van betrouwbare gegevens, vooral gegevens met betrekking tot de publieke sector, kan worden bevorderd en waarmee later de gegevens kunnen worden geharmoniseerd om op communautair niveau vergelijkingen mogelijk te maken. Een van die instrumenten is de richtlijn inzake de toegang van het publiek tot milieu-informatie, waarvoor ik rapporteur was. Met de problemen die bij de behandeling ervan aan het licht kwamen is rekening gehouden bij de voorbereiding van INSPIRE, waarvoor ik iedereen van harte wil bedanken. Al met al biedt de richtlijn een goede basis voor de ontwikkeling van infrastructuur voor ruimtelijke informatie in de Europese Gemeenschap en maakt het mogelijk hoogwaardige informatie en diensten in de lidstaten in stand te houden.

 
  
  

VOORZITTER: DIANA WALLIS
Ondervoorzitter

 
  
MPphoto
 
 

  Inés Ayala Sender, namens de PSE-Fractie. – (ES) In de eerste plaats wil ik mevrouw Brepoels en de overige collega’s gelukwensen met hun inspanningen voor de behandeling van het onderhavige verslag. Ik denk dat het resultaat positief is, dankzij het werk van dit Huis dat aanzienlijke verbeteringen heeft aangebracht, dankzij de inspanningen van de Commissie om ons te helpen – ik spreek nu namens mevrouw Sornosa – en ten slotte ook dankzij het begrip van de Raad in het bemiddelingscomité.

Ik heb geen enkele twijfel over het nut van dit voorstel als basisinstrument voor de formulering, toepassing, het toezicht en de beoordeling van het milieubeleid op alle niveaus, en van het beleid of de activiteiten die al dan niet rechtstreeks van invloed kunnen zijn op het milieu.

Verder is het in onze ogen adequaat om die infrastructuur van de Gemeenschap te baseren op de infrastructuren voor ruimtelijke gegevens die al zijn opgesteld en beheerd worden in de lidstaten, met volledige toepassing van het subsidiariteitsbeginsel, vooral in staten die verschillende bestuurslagen kennen, wat vaak het geval is, zoals bijvoorbeeld in mijn land, Spanje.

Netwerkdiensten zijn nodig voor de uitwisseling van ruimtelijke gegevens tussen de verschillende overheidsniveaus in de Gemeenschap. Deze diensten moeten het mogelijk maken ruimtelijke gegevens te lokaliseren, bewerken, bekijken en downloaden, en om toegang te verschaffen tot ruimtelijke gegevens en diensten voor elektronische handel.

Doel van dit instrument is om de potentiële voordelen en mogelijkheden die de globalisering van gegevens en diensten biedt aan regeringen, particuliere ondernemingen, universiteiten, de samenleving als geheel, en vooral ook aan de burger, optimaal te benutten. Ik denk dat dit essentieel is, want op die manier blijven we op de hoogte van iets wat al algemeen is dankzij internet en de informatie die door dit medium verschaft wordt.

Verder vind ik het cruciaal dat het is opgezet als instrument voor het verschaffen van informatie van de overheid. In dit verband hopen wij dat INSPIRE een aanvulling zal zijn op de informatie van de publieke sector en op de richtlijnen inzake de toegang tot milieugegevens die zijn aangenomen uit hoofde van het Verdrag van Aarhus dat we onlangs hebben goedgekeurd, en waarin een reeks kwestie behandeld wordt die niet zijn opgenomen in deze richtlijnen, zoals de algemene beschikbaarstelling van gegevens van overheden, en de kwesties van de interoperabiliteit.

Ten slotte moet gezegd dat ik blij ben met het akkoord dat de Raad heeft bereikt over de – in de meeste gevallen – kosteloze toegang tot deze dienst, alsook over het hoofdstuk met betrekking tot de vertrouwelijke aard van de gegevens, die uiteindelijk in overeenstemming zullen zijn met de bepalingen die zijn vastgelegd in het Verdrag van Aarhus, betreffende de toegang van het publiek tot milieugegevens.

 
  
MPphoto
 
 

  De Voorzitter. – Het debat is gesloten.

De stemming vindt morgen plaats.

 
Juridische mededeling - Privacybeleid