Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2007/0012(CNS)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A6-0183/2007

Ingediende teksten :

A6-0183/2007

Debatten :

PV 06/06/2007 - 22
CRE 06/06/2007 - 22

Stemmingen :

PV 07/06/2007 - 5.14
CRE 07/06/2007 - 5.14
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P6_TA(2007)0232

Volledig verslag van de vergaderingen
Woensdag 6 juni 2007 - Brussel Uitgave PB

22. Raming van de inkomsten en uitgaven van het Europees Parlement voor 2008 (debat)
Notulen
MPphoto
 
 

  De Voorzitter. - Aan de orde is de gecombineerde behandeling van het verslag (A6-0202/2007) van Ville Itälä, namens de Begrotingscommissie, over de raming van de inkomsten en uitgaven van het Europees Parlement voor het begrotingsjaar 2008 [2007/2018(BUD)].

 
  
MPphoto
 
 

  Ville Itälä (PPE-DE), rapporteur. - (FI) Mijnheer de Voorzitter, allereerst wil ik alle coördinatoren, de schaduwrapporteur en de vertegenwoordigers van de verschillende fracties bedanken voor onze uitstekende samenwerking, evenals voor hun wil om compromissen te bewerkstelligen. Dit werd al zichtbaar toen wij onlangs in de plenaire vergadering stemden over de begrotingsrichtsnoeren. Wij bereikten toen een grote meerderheid op alle belangrijke gebieden met betrekking tot algemene kwesties.

Ik wil echter beginnen met te zeggen dat ik hoop dat de Voorzitter mijn opmerkingen over de wijze waarop dit proces vordert aan het Bureau van het Parlement wil doorgeven. Naar mijn mening is het proces niet op de gewenste wijze verlopen, omdat op het moment waarop de Begrotingscommissie over de richtsnoeren stemde, het Bureau van het Parlement over de ramingen stemde die wij vandaag hier behandelen. Hierdoor kan gemakkelijk het beeld ontstaan dat het Bureau zich absoluut niets aantrekt van hetgeen de Begrotingscommissie doet, omdat het Bureau al een stap verder heeft gezet. Dit proces kan in de toekomst niet op deze wijze worden voortgezet. Wij moeten beslist nauwer met elkaar samenwerken en nagaan wat beide organen doen.

Wat de inhoud van de begroting betreft hebben wij het uiterst belangrijke basisprincipe dat al in verband met de richtsnoeren is aangenomen en dat zegt dat de begroting van 2008 op het niveau van 2007 moet blijven. Hier moeten wij natuurlijk het inflatiecijfer bij optellen en de kosten van mogelijke bouwprojecten van aftrekken, die op de lange termijn namelijk een goedkoper alternatief zijn dan huren.

Het lijkt er echter op dat er op dit gebied verschillende projecten worden gezocht die nieuwe uitgavenposten zullen gaan vormen. Wanneer in het voorstel wordt gesproken over gerechtvaardigde behoeften, “justified needs”, dan betekent dat beslist niet dat het voldoende is dat een project aangenaam en leuk is: het moet echt noodzakelijk zijn voor het functioneren van dit Parlement en vanuit het oogpunt van de belastingbetaler.

2008 is het laatste jaar dat dit Parlement de belastingbetaler kan laten zien dat wij echt kunnen bezuinigen en verantwoordelijk kunnen handelen bij de opstelling van de begroting. Wij kunnen aantonen dat wij geen nieuwe projecten beginnen, tenzij ze echt noodzakelijk zijn. Nu er geen sprake is van een uitbreiding of nieuwe talen, moeten deze projecten tot een minimum worden beperkt. Het belangrijkste is echter dat wij de belastingbetaler kunnen laten zien dat dit een verantwoordelijke instelling is. De mensen in Europa en de Europese ondernemingen moeten goed bedenken waar zij hun geld aan uitgeven en moeten elke cent en euro omdraaien. Het Parlement moet het voorbeeld geven en kan niet op een andere manier werken. Anders verdwijnt de geloofwaardigheid, en daarna wordt het veel moeilijker om bepaalde dingen voor elkaar te krijgen, en dan zal het vertrouwen in het Parlement aanzienlijk afnemen. Het is nu dus de juiste tijd vertrouwen te winnen en op verantwoorde wijze te handelen.

Een voorbeeld van het soort zaken waarin wij orde moeten brengen, en van het soort projecten waaraan wij zo nodig geld kunnen besteden, is de aanpassing met betrekking tot vertalingen. Wij moeten waarborgen dat de commissies op tijd vertalingen krijgen, en ik sta achter het voorstel van de Sociaal-democratische Fractie in het Europees Parlement. Hopelijk krijgt het een zo groot mogelijke steun.

Tot slot wil ik over het informatiebeleid spreken. Ik heb voorgesteld om de leden van het Parlement meer mogelijkheden te geven om geld te gebruiken voor het uitnodigen van kleine en lokale media, die niet zelf het geld hebben om journalisten hierheen te sturen. Dit is een manier om zo dicht mogelijk bij de mensen te komen. Ik weet uit ervaring dat deze journalisten met leden van het Parlement willen spreken en willen schrijven wat leden over bepaalde zaken vinden en waarom zij op een bepaalde manier stemmen. Daarom heb ik voorgesteld om rekening te houden met vooral kleine en lokale media, en ik hoop dat hierover een nog grotere consensus te vinden is dan dat er op dit moment tussen de fracties bestaat.

 
  
MPphoto
 
 

  Monica Maria Iacob-Ridzi, în numele grupului PPE-DE. – În primul rând, aş dori să-l felicit pe domnul Itälä pentru acest raport privind bugetul instituţiei noastre pe 2008.

Parlamentul ia astăzi decizii care afectează aproape 500 de milioane de cetăţeni. Codecizia a devenit regulă generală astfel că, până la 80% din legile adoptate în statele membre reprezintă acte votate în acest for. Responsabilitatea Parlamentului faţă de cetăţeni este mai mare ca niciodată. În consecinţă, toată munca desfăşurată în Parlament trebuie să fie la înălţimea acestei responsabilităţi.

Raportul subliniază că prima din priorităţile pentru 2008 este asigurarea de servicii eficiente pentru membri, în vederea unui proces legislativ eficient. Datorită recomandărilor acestui raport, vom avea traduceri în toate limbile din cele 20 de comisii ale Parlamentului. Mai mult, munca noastră va fi comunicată mai bine printr-un post de televiziune propriu şi va fi creat un program prin care jurnalişti din presa locală şi regională vor putea veni în Parlament pentru a duce informaţia europeană în comunităţile lor. Însă, cea mai importantă resursă a Parlamentului rămân oamenii care lucrează aici. În acest sens, am depus un amendament la raport care vizează tocmai personalul acestei instituţii şi mai exact numărul insuficient de angajaţi din statul pe care-l reprezint.

În urma aderării României şi Bulgariei, Secretariatul general al Parlamentului şi mai mult, practic a decis că un număr egal de agenţi permanenţi, şi anume 113 pentru fiecare din cele două ţări, ar fi necesar în serviciul instituţiei. Aceasta este o problemă pentru că, procentual, mai puţini tineri români pot obţine un post în Parlamentul European deoarece populaţia României este de aproape trei ori mai mare decât cea a Bulgariei. În acelaşi timp, europarlamentarii români de două ori mai mulţi decât cei bulgari, pot conta pe serviciile tehnice ale unui personal insuficient, fapt ce poate afecta eficienţa muncii noastre. O anume proporţionalitate a fost întotdeauna respectată în Instituţiile europene. Parlamentul a ţinut cont în trecut de considerente precum mărimea delegaţiei sau a populaţiei statelor membre, iar Oficiul de personal al Uniunii Europene, EPSO, a scos la concurs anul acesta un număr semnificativ mai mare de posturi pentru cetăţenii români, şi anume 440 faţă de 275. Stimaţi colegi, amendamentul meu doreşte corectarea acestei situaţii anormale, Parlamentul fiind singura instituţie în care această discriminare persistă contrar spiritului democratic ce-i este caracteristic.

 
  
MPphoto
 
 

  Vladimír Maňka, namens de PSE-Fractie. - (SK) Ik wil de rapporteur feliciteren met zijn verslag en hem bedanken voor de uitstekende samenwerking.

Vorige maand is de Begrotingscommissie toegesproken door marketingdeskundigen, en die waren het er over eens dat WebTV een uitstekend instrument is om de Europese burgers voor te lichten. Het project moet daarom zo snel mogelijk worden afgerond. In de commissie zijn we overeengekomen dat kleine lokale media meer betrokken moeten worden bij de activiteiten van het Europees Parlement. Dit zal de Europese burgers meer bewust maken van het werk van het Europees Parlement.

We verschillen echter van mening over de vraag hoe dit moet gebeuren. Eén opvatting daarbij is dat elk lid geld moeten krijgen, waarmee hij of zij journalisten die voor lokale media werken, kunnen uitnodigen om naar het Europees Parlement te komen. Mijn fractie is niet bereid om deze aanpak te steunen. Daarom dienen we namens de leden van de Sociaal-democratische Fractie in het Europees Parlement een amendement in waarin we voorstellen dat er duidelijke spelregels worden vastgesteld voor de communicatie met lokale en regionale media. Het idee is om aan de ene kant zo veel mogelijk journalisten naar Brussel en Straatsburg te krijgen en aan de andere kant ervoor te zorgen dat onze procedures helder en transparant zijn.

Collega’s, u wilt ongetwijfeld allemaal dat uw werk efficiënt is. U wilt uw kiezers kunnen laten zien dat u de beschikbare middelen zo efficiënt mogelijk gebruikt. Maar het gebeurt vaak dat cruciale documenten die de leden ontvangen voor de debatten in commissies in maar één of twee talen beschikbaar zijn. Als er dan, als gevolg daarvan, een buitengewone commissievergadering moet worden bijeengeroepen, heeft dit een negatief effect op het hele proces, en dit is niet efficiënt. Dames en heren, gezien dit alles vertrouw ik erop dat u uw steun zult geven aan dit amendement, dat gericht is op het voorkomen van dit soort tekortkomingen en van een zinloze stijging van de kosten.

 
  
MPphoto
 
 

  Anne E. Jensen, namens de ALDE-Fractie. - (DA) Mijnheer de Voorzitter, de ALDE-Fractie steunt de leidraad die de heer Itälä voor de begroting 2008 van het Parlement heeft vastgesteld. De leidraad is dat de begroting moet worden gehandhaafd op het niveau van 2007, na verrekening van de inflatie. De begroting mag niet hoger uitkomen, tenzij daar bijzondere redenen voor zijn. 2008 is immers een consolidatiejaar na de uitbreidingen en de extra kredieten die nodig waren door de uitbreidingen. Nu is het tijd om de puntjes op de i te zetten en na te gaan of er mogelijkheden zijn om effectiever te werken en nieuwe prioriteiten vast te stellen binnen onze administratie. Er zijn uiteraard nieuwe behoeften. Er zijn dingen die beter kunnen. Dat geldt voor tolk- en vertaaldiensten, waarbij de leden niet altijd de service krijgen waar ze behoefte aan hebben, en dat geldt eveneens voor de behoeften aan professionele ondersteuning bij de wetgevingswerkzaamheden, die ook toenemen. Daarnaast moet het Europees Parlement betere communicatiemiddelen ontwikkelen, bijvoorbeeld door middel van web-tv.

De leidraad is dat de middelen voor deze verbeteringen gevonden moeten worden binnen het genoemde begrotingskader. Nu heeft het Bureau evenwel besloten om het voorontwerp voor de ramingen vast te stellen op 1,49 miljard euro, wat overeenkomt met 20 procent van de administratieve uitgaven binnen de EU, en dat is dus het bedrag dat we vastleggen als bovengrens voor de begroting. Tegelijkertijd zijn er in totaal 55 miljoen euro in de reserve opgenomen voor het onroerendgoedbeleid en voor nieuwe beleidsprioriteiten. 10 miljoen euro gaan naar de verkiezingscampagne 2009 en 14 miljoen euro naar onvoorziene uitgaven. Het Bureau van het Parlement geeft echter geen gedetailleerde informatie over welke projecten men in gedachten heeft. De ALDE-Fractie heeft het onroerendgoedbeleid altijd gesteund. Het is prima dat het Parlement gebouwen koopt in plaats van ze te huren, wanneer dat voordeliger is. Wij steunen ook de campagne in de aanloop tot de verkiezingen, maar wij vinden het niet redelijk dat men een begroting voorstelt met zulke grote, niet nader gespecificeerde bedragen. De begroting moet de feitelijke behoeften weerspiegelen en een duidelijk en inzichtelijk beeld geven van de economische situatie in het komende jaar. Daar ligt dus een taak voor de heer Itälä, en ik wens hem veel succes met de onderhandelingen over een meer realistische begroting. Het Parlement heeft hier een voortrekkersrol te vervullen en dient minstens die begrotingsdiscipline te kunnen opbrengen die wij ook van de andere instellingen verwachten en eisen.

 
  
MPphoto
 
 

  Petre Popeangă, în numele grupului ITS. – Apreciez în mod deosebit raportul privind estimarea bugetului de venituri şi cheltuieli pentru exerciţiul financiar 2008 elaborat de Ville Itälä cu un înalt profesionalism, îl susţin şi o să recomand colegilor din grup votarea acestuia.

Separat de aceste consideraţii de ordin general, dar fără a le exclude, o să menţionez câteva aprecieri de natură particulară care nu fac decât să accentueze caracterul consistent al raportului.

Pornind de la ideea că bugetul pentru anul 2008 ar trebui să fie un buget pentru contribuabilul european, am apreciat preocuparea raportorului faţă de necesitatea ca acesta, contribuabilul, să fie informat cât mai în detaliu asupra tuturor activităţilor Parlamentului şi, în special, asupra viitoarelor alegeri europene. În acest sens, deosebit de oportună mi se pare propunerea raportorului privind elaborarea unui program special de informare, al cărui principal destinatar şi beneficiar să fie format, în special, prin structurile media locale de mai mică anvergură. De asemenea, consider că propunerea raportorului privind aprobarea unor surse financiare care să permită realizarea unor întâlniri directe cu ziariştii locali în Parlament este deosebit de valoroasă şi o susţin fără rezerve, deoarece apreciez că este unul dintre cele mai eficiente mijloace de a face cunoscute, direct şi în deplină transparenţă, toate activităţile acestuia.

Din lipsă de timp, o să mă limitez la a mai menţiona un singur aspect din raport şi anume acela al multilingvismului. Sunt întru totul de acord cu raportorul că acestui deosebit de important domeniu trebuie să i se acorde o atenţie particulară, având în vedere posibilele efecte datorate interpretării eronate a textelor ca urmare a unor traduceri mai puţin exacte a acestora. Tot în acest sens, consider că, în special reprezentanţilor noilor state membre trebuie să li se asigure un suport lingvistic corespunzător proporţional cu numărul acestora din diferitele structuri unionale.

 
  
MPphoto
 
 

  Sergej Kozlík (NI). - (SK) Het Europees Parlement is zeker niet goedkoop. De totale kosten - meer dan 1,427 miljard euro - zijn behoorlijk hoog en het is absoluut noodzakelijk dat alle begrotingsposten en uitgaven heel duidelijk worden gerechtvaardigd.

De raming van de ontvangsten en uitgaven van het Europees Parlement in het begrotingsjaar 2008 bevat echter een redelijk aantal onbekenden, en heeft daarom iets van een kat in de zak. In zijn verslag heeft de rapporteur naar mijn mening heel goed een aantal knelpunten vastgesteld, en je kunt het er alleen maar mee eens zijn dat het peil van de verzameloverschrijvingen nogal hoog was.

In 2005 bedroegen de verzameloverschrijvingen in totaal 124 miljoen euro, en in 2006 meer dan 105 miljoen. Dat is bijna 10 procent van alle kredieten. De oproep van het Parlement aan de administratieve diensten om de benodigde kredieten binnen de uitgavengroepen nauwkeuriger te ramen, is daarom zeker op zijn plaats. Ik ben ook ingenomen met het idee om een specifiek programma te ontwikkelen om het bewustzijn met betrekking tot de werkzaamheden van het Europees Parlement te vergroten door kleine lokale media te betrekken bij het systeem. Die media zijn minder gericht op roddel en kunnen de burgers op een goede manier informeren over de besluiten die worden genomen door de Europese instellingen, waaronder het Europees Parlement.

 
  
MPphoto
 
 

  Ingeborg Gräßle (PPE-DE). - (DE) Mijnheer de Voorzitter, voor wie houden we dit debat eigenlijk en tot wie richten wij ons? Ik ben teleurgesteld dat we hier dingen bespreken die wij al lang besproken hebben. Met welk recht doen we dit eigenlijk, zonder een gesprekspartner te hebben die naar ons luistert? Als de Commissie het zich echter zou permitteren om in afwezigheid van de bevoegde commissaris over haar begroting te spreken, zouden we wel een ander geluid laten horen. Ik ben persoonlijk zeer teleurgesteld over de manier waarop de administratie van het Parlement en ook het Bureau omgaan met de Begrotingscommissie en haar leden.

Ik wil nu graag zeggen wat de belangrijkste boodschap is met betrekking tot de begroting van het Europese Parlement. Welke kernboodschap moeten wij onze kiezers geven? We moeten zeggen dat we ons serieus kwijten van onze taak om voor Europa zo goed, efficiënt en voor onze de kiezers zo zuinig mogelijke wetgeving op te stellen. Daarbij horen ook betere arbeidsvoorwaarden voor de afgevaardigden. Zij moeten in het centrum van de besprekingen staan. Het imago is belangrijk, maar de inhoud van ons beleid is belangrijker dan het uiterlijk en de verpakking. Voor goede inhoud is echter een goede, wetenschappelijke dienst nodig. Anders zijn wij niet in staat om betere wetten op te stellen.

Als voorbereiding op de Europese verkiezingen hebben wij niet enkel een campagne van de administratie nodig, maar moeten ook de afgevaardigden en medewerkers meer mogelijkheden krijgen. Daar hoort een bepaalde mate aan soepelheid bij. Hoe heeft het Europese Parlement het sinds 1 januari 2007 van kracht zijnd Financieel Reglement omgezet, dat herzien is en minder bureaucratie bevat? Ik heb de indruk dat we in dit Parlement nog nooit zo veel papieren rompslomp hadden als nu, en de onduidelijkheid was nooit tevoren zo groot als nu. Het Statuut van de Leden en het pensioenfonds zijn nog niet geregeld. Ik vraag de administratie van het Parlement om hiervoor een gepaste oplossing te vinden, in plaats van hoogdravende plannen te maken voor een interparlementaire topbijeenkomst of de bouw van een museum. Ik verheug me nu al op de web-tv. Dan zal te zien zijn hoe weinig collega’s deelnemen aan de werkzaamheden van dit Parlement.

 
  
MPphoto
 
 

  Paulo Casaca (PSE). - (PT) Ik wil me graag aansluiten bij hetgeen mevrouw Gräßle heeft gezegd. Daarom zeg ik u, mijnheer de Voorzitter, dat we niet opnieuw over de begroting mogen gaan debatteren als er geen enkele vertegenwoordiger van de structuur van het Parlement aanwezig is om ons aan te horen. Dat is een onvergeeflijk verzuim, en ik hoop maar dat dit niet opnieuw zal gebeuren.

Ik wil verder graag zeggen dat ik me zorgen maak over de wijze waarop de vertaalsector wordt behandeld. Ik begrijp niet hoe het mogelijk is dat mensen die al 10 of 12 jaar normaal hebben gewerkt nu opeens te horen krijgen dat ze geen werk meer krijgen, omdat ze het contract dat ze normaliter in december ontvangen ditmaal niet gekregen hebben. Het is geen manier om mensen zo te behandelen. Het staat bovendien haaks op de beginselen van een sociaal Europa. Ik wil daarom graag zeggen dat deze manier van doen onaanvaardbaar is en ik vraag u, mijnheer de Voorzitter, om deze boodschap aan de secretaris-generaal door te geven.

 
  
MPphoto
 
 

  Nathalie Griesbeck (ALDE). - (FR) Mijnheer de Voorzitter, ik wil onze collega bedanken voor zijn verslag, maar ik sluit me volledig aan bij de opmerkingen die Anne Jensen hierover maakte.

Ik wilde vanavond ingaan op een van de, in mijn ogen, wezenlijke punten die in dit verslag aan de orde komen: het voorlichtingsbeleid, dat het mogelijk maakt doeltreffend te communiceren met de half miljard burgers die wij inmiddels zijn. In dit opzicht wil ik op mijn beurt zeggen dat ik mij volledig schaar achter de kredieten voor het nieuwe beleid ter bevordering van lokale media. Dat neemt niet weg, dames en heren, dat we een nieuw soort Europees openbaar debat op gang moeten brengen, een debat dat over de landsgrenzen heen gaat en in heel Europa navolging kan vinden. Daartoe moeten we drie grote projecten ter hand nemen.

Ten eerste, de televisiezender van het Europees Parlement op internet moet snel werkelijkheid worden, zodat we dichter bij onze medeburgers komen en ons werk inzichtelijker wordt. Ten tweede moeten we alle nieuwe communicatiemiddelen gebruiken. Zo organiseer ik vanuit Brussel een discussieforum op internet met leerlingen uit Dijon in het kader van een Frans-Duits project. Ten derde zou ik, bij wijze van kritische kanttekening, willen zeggen dat de totstandbrenging van een bezoekerscentrum in Brussel niet mag verhullen dat er te weinig faciliteiten zijn voor groepen die de plenaire vergaderingen van het Europees Parlement in Straatsburg bezoeken, en daar moeten we over nadenken.

 
  
MPphoto
 
 

  Hans-Peter Martin (NI). - (DE) Mijnheer de Voorzitter, ook ik vind het jammer dat er zo weinig belangstelling is voor wat hier besproken wordt, maar waarschijnlijk heb ik daar andere redenen voor dan de meeste onder u. U mag namelijk blij zijn dat zo weinig mensen te weten komen wat hier weer wordt voorgesteld! Ik ben er van overtuigd dat er op de hele wereld geen andere plaats te vinden is waar men voor zo weinig werk zo veel krijgt als in het Europese Parlement, of het nu als afgevaardigde of als ambtenaar is.

Als u het eens van naderbij bekijkt, ziet u om welke verspilling het gaat: een verhoging met 60 procent van de post voor onvoorziene uitgaven, een explosie bij de verbouwing: van 17 miljoen naar 27 miljoen, met name van de kosten voor architecten en ingenieurs. Ik ben er van overtuigd dat de rapporteur, die me nu net toeknikt, op een redelijke manier geprobeerd heeft daar het deksel op te houden, maar de grote fracties en de meerderheid hier laten hem zijn gang niet gaan!

Ik weet niet waar u vandaan komt, en ik weet ook niet of ik er nog in zal slagen om u ooit nog eens het gevoel terug te geven waarmee u vroeger misschien in de politiek bent gegaan, namelijk het gevoel van idealisme, dat ik niemand wil ontzeggen. Maar wat doen we hier met die 1,5 miljard? Iedereen weet toch dat we met de helft ook zouden toekomen. Maar dat wil men niet. Men verspilt liever middelen. Dan zegt mevrouw Gräßle nog dat ze meer medewerkers wil. Degene hier die waarschijnlijk als enige massaal kritiek krijgt, krijgt niet eens een medewerker! Ik zeg u: als de burger echt zou weten wat hier gaande was, zou dit Parlement niet meer als democratisch Parlement bekeken worden maar als een bolwerk van willekeur en verspilling!

 
  
MPphoto
 
 

  Paul Rübig (PPE-DE). - (DE) Mijnheer de Voorzitter, dames en heren, ik vind dit debat in het Parlement heel zinvol. Hier zitten degenen die verantwoordelijkheid dragen. Ik geloof dat het belangrijk is om baas in eigen huis te zijn, en daar horen ook gepaste arbeidsvoorwaarden bij.

Wanneer ik bedenk dat we de vergaderdocumenten in het Parlement in gedrukte vorm mee naar de plenaire zaal moeten nemen, dan moet ik zeggen dat onze werkmethoden niet modern zijn. Eigenlijk zou het vanzelfsprekend moeten zijn dat wij op onze werkplek de nodige computeruitrusting met internettoegang hadden, om ook in de plenaire zaal goed en grondig te kunnen werken.

Bovendien zijn er in dit gebouw bijvoorbeeld niet voldoende lokalen voor besprekingen. Wanneer we nu burgers van thuis ontvangen en met hen een echte discussie willen voeren, hebben we eigenlijk geen ruimte waar zeven, acht, negen of tien personen plaats kunnen nemen. We moeten dus iets doen om onze arbeidsvoorwaarden te verbeteren.

Het zou ook nuttig zijn om het publiek te laten zien hoe de individuele leden van dit Parlement werken. Het zou geen kwaad kunnen indien wij nu een uitzending via de web-tv hadden en morgen de kijkcijfers bij elk agendapunt konden zien. Dan zou heel duidelijk worden dat de Europese burgers zeker belangstelling hebben voor wat hier in het Parlement gebeurt.

Daarom is het ook belangrijk een brede kring van journalisten aan te spreken. Ik heb veel waardering voor onze correspondenten in Brussel, maar er moet nog veel meer worden gedaan - ook in het kader van opleidings- en vormingsprogramma’s voor journalisten in Europa - om een objectievere kijk op en een eerlijkere beoordeling van de Europese Unie te kweken.

 
  
MPphoto
 
 

  Szabolcs Fazakas (PSE). - (HU) Het Europees Parlement heeft de laatste tijd, tot ons aller vreugde, een steeds prominentere rol vervuld in de samenwerking tussen de Europese instellingen, en daarnaast heeft het in de Europese publieke opinie steeds grotere erkenning verworven. Dit alles is behalve aan ons, op politieke en professionele leest geschoeid wetgevend werk in de eerste plaats te danken aan ons succesvol informatiebeleid.

Als wij er echter voor willen zorgen dat ons informatiebeleid - dat zich naast Web-tv bezighoudt met de ontvangst van groepen bezoekers, het organiseren van tentoonstellingen en het opzetten van informatiecentra in de lidstaten - het verwachte resultaat kan behalen, is het noodzakelijk deze beleidsvormen te voorzien van de juiste gelden, oftewel de juiste begrotingsmiddelen.

Enerzijds als verantwoordelijke quaestor voor deze portefeuille, anderzijds als lid van de Begrotingscommissie hoop ik dat het Europees Parlement een unaniem standpunt kan innemen in deze financieringskwestie, waarmee ons beleid op succesvolle wijze kan worden verwezenlijkt. Dit is namelijk niet alleen belangrijk voor het Europees Parlement maar ook voor de publieke opinie in Europa.

 
  
MPphoto
 
 

  Mairead McGuinness (PPE-DE). - (EN) Mijnheer de Voorzitter, ik wil de rapporteur graag bedanken voor zijn werk. Ik hoop dat de collega’s zijn eerste opmerkingen hebben gehoord, toen hij zei dat het hem stoorde dat het Bureau ons een stap voor was. Dat is denk ik genoteerd. In andere gevallen zouden we graag zien dat het Bureau ons een stap voor was, en dan gebeurt dat niet, maar hier zou het het Parlement niet voor de voeten mogen lopen.

Ik wil het specifiek hebben over het informatiebeleid, want ik stond zelf ooit ‘in de loopgraven’. In een vorig leven was ik een van de journalisten die naar het Parlement gehaald werden. We zouden er goed aan doen te onderzoeken waarom de dingen in het verleden verkeerd zijn uitgepakt. Dan kunnen wij ervoor zorgen dat we geen geld meer uitgeven aan dezelfde fouten. Ik ben het ermee eens om lokale journalisten hier naartoe te halen, maar net als politiek is nieuws altijd lokaal, en voor de leden van dit Parlement is het heidens karwei om die dikke documenten te vertalen in echte verhalen die de mensen echt raken. Als we dat niet kunnen, dan moeten we geen journalisten naar Brussel halen. We moeten echter wel proberen dat volgend jaar te doen.

 
  
MPphoto
 
 

  Silvia-Adriana Ţicău (PSE). – Dat fiind faptul că România şi Bulgaria sunt cele mai noi membre ale Uniunii Europene, consider că este important ca posturile aferente acestor ţări să fie ocupate prin concurs cât mai curând şi, de asemenea, că este necesar să existe un buget pentru informarea jurnaliştilor specializaţi din mass-media naţională cu privire la rolul si atribuţiile Parlamentului European.

Un rol important îl au birourile de informare ale Parlamentului, care trebuie să aibă resursele financiare necesare pentru a prezenta şi promova Parlamentul European la nivel naţional. Parlamentul European în 2008 trebuie să asigure o mai bună legiferare şi comunicare către public a beneficiilor aduse de politica comunitară. Din păcate, pentru mulţi cetăţeni ai statelor membre, Bruxelles înseamnă mai multă birocraţie, iar acţiunile în beneficiul cetăţenilor sunt mai puţin cunoscute. Avem datoria să schimbăm această percepţie. Bugetul Parlamentului European pentru 2008 trebuie să asigure servicii de traducere pentru toate întâlnirile oficiale, în toate limbile naţionale ale participanţilor, precum şi resursele necesare pentru o politică de informare şi comunicare eficientă - mă refer în special la modernizarea sistemelor informatice, la finanţarea programului Web TV şi a centrului audio-vizual. Felicit raportorul.

 
  
MPphoto
 
 

  De Voorzitter. - Het debat is gesloten.

De stemming vindt donderdag plaats.

 
Juridische mededeling - Privacybeleid