Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2006/2048(INI)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A6-0191/2007

Ingediende teksten :

A6-0191/2007

Debatten :

PV 21/06/2007 - 5
CRE 21/06/2007 - 5

Stemmingen :

PV 21/06/2007 - 8.11
CRE 21/06/2007 - 8.11
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P6_TA(2007)0287

Debatten
Donderdag 21 juni 2007 - Straatsburg Uitgave PB

5. Consumentenvertrouwen in een digitale omgeving (debat)
PV
MPphoto
 
 

  De Voorzitter. – Aan de orde is het verslag (A6-0191/2007) van Zuzana Roithová, namens de Commissie interne markt en consumentenbescherming, over consumentenvertrouwen in een digitale omgeving (2006/2048(INI)).

 
  
MPphoto
 
 

  Zuzana Roithová (PPE-DE), rapporteur. – (CS) Mijnheer de Voorzitter, mevrouw de commissaris, dames en heren. Het is mij een waar genoegen dat ik na een jaar werk samen met de schaduwrapporteur dit verslag over consumentenvertrouwen in een digitale omgeving aan u kan voorleggen.

Met dit verslag geeft het Europees Parlement een sterk signaal af aan de Europese Commissie en de lidstaten om zorg te dragen voor de modernisering van de voorwaarden voor digitaal ondernemen, alsook om ervoor te zorgen dat het niveau van consumentenbescherming in overeenstemming wordt gebracht met de nieuwste trends op digitaal gebied. Bedrijven en consumenten verwachten eenduidige, eenvoudige en afdwingbare regels om de hele internetbedrijfscultuur op een hoger plan te brengen. Het verslag is slechts het begin van dit hele proces. Ik ben me ervan bewust dat de tenuitvoerlegging van de in het verslag voorgestelde maatregelen gepaard gaat met een aanzienlijke belasting voor de Commissie, die toch al haar beperkingen kent als het gaat om financiële middelen en beschikbaar personeel.

Bij openbare hoorzittingen alsook bij enkele onderzoeken is een aantalveelzeggende feiten aan het licht gekomen die ons niet onverschillig mogen laten. Zo doet bijvoorbeeld slechts 6 procent van de consumenten via het internet aankopen in het buitenland. Verder krijgt een derde de bestelde goederen of diensten niet geleverd vanwege hun nationaliteit, verblijfplaats of de plaats van uitgifte van hun betaalkaart. Bepaalde moderne elektronische diensten waarmee digitale inhoud wordt geleverd, zijn slechts toegankelijk voor klanten afkomstig uit de vijftien oude EU-landen.

Verder zijn er nog de ontelbare elektronische overeenkomsten die de gebruiker snel aanklikt zonder deze te lezen en dus zonder te weten dat er allemaal oneerlijke en misleidende bepalingen in staan. We zijn erachter gekomen dat zelfs juridische experts niet in staat zijn precies te bepalen wat er in sommige onlineovereenkomsten, zoals licentieovereenkomsten met eindgebruikers, staat. Verder hebben detailhandelaars geen enkel idee van hun plichten op internet, en zijn zij absoluut niet thuis in de 27 verschillende rechtsstelsels. De consument is niet op de hoogte van zijn internetrechten en daarvan bestaat ook geen enkel overzichtsdocument. Gebruikers verkeren in onzekerheid over wat ze wel en niet mogen doen met de aangekochte digitale inhoud. Ook deinzen ze ervoor terug om in het buitenland geschillen af te handelen en zijn zij onder meer volledig onbekend met de gevaren van op het internet verkochte namaakmedicijnen. Daarom verzoeken wij de Commissie om een pan-Europees waarschuwingssysteem tegen oplichters op het internet te creëren, en om ervoor te zorgen dat meer soorten overeenkomsten onder het verbod op zogeheten oneerlijke voorwaarden komen te vallen.

Het uitgangspunt van de gemeenschappelijke markt is minder beperkingen en meer mogelijkheden. Het is paradoxaal genoeg echter zo dat ondanks de grenzeloze mogelijkheden van het internet de elektronische wereld heel anders in elkaar zit. Ik durf te stellen dat er 27 afzonderlijke nationale markten zijn die samen een rem vormen op de ontwikkeling van de Europese informatiemaatschappij, die daardoor achterloopt op die van de Verenigde Staten en Azië.

Het slechten van kunstmatige en natuurlijke barrières voor e-handel vereist eveneens dat er een oplossing komt voor de gefragmenteerde regels van de lidstaten. Op de lange termijn kan dit met de nodige politieke wil worden bewerkstelligd door middel van volledige harmonisering. In deze dynamische sector zijn echter snellere en flexibelere oplossingen nodig. Daarom geef ik er in dit verslag de voorkeur aan om coördinerende activiteiten te ontplooien ten behoeve van vrijwillige normen of beter gezegd overkoepelende normen, waaronder standaardovereenkomsten voor grensoverschrijdende elektronische handel. Over de inhoud ervan moet overeenstemming worden bereikt door organisaties van bedrijven en consumenten, maar dat alles met de onmisbare coördinerende rol van de Europese Commissie. Houders van het Europese vertrouwensmerk voor grensoverschrijdende e-handel moeten zich aan deze normen houden. Consumentenorganisaties zijn enthousiast over het vooruitzicht van een dergelijk vertrouwensmerk en zijn vastberaden om met behulp van reeds bestaande technische en juridische middelen alles in het werk te stellen om misbruik te ontdekken en openbaar te maken.

Verder roepen wij op tot het opstellen van een Europees handvest van gebruikersrechten in de informatiemaatschappij. Het Europees Parlement is hiermee een van de eerste parlementen ter wereld die probeert de consumentenrechten op het internet te verhelderen. Is het handvest eenmaal eenvoudig en in alle officiële talen toegankelijk, dan zullen consumenten vanzelf hun rechten beginnen op te eisen, en wordt het voor bedrijven eenvoudigweg verstandig om het handvest na te leven, om zo onnodige juridische kosten voor het oplossen van geschillen te vermijden.

Ik ben van mening dat dit verslag een impuls zal geven aan de verbetering van de digitale omgeving.

En dan is nu het moment aangebroken om de schaduwrapporteurs te bedanken voor hun uitmuntende samenwerking: mevrouw Herczog, mevrouw Rühle, de heer Schmidt en mevrouw Jäätteenmäki, alsook de assistenten, en in het bijzonder de heer Jirsa voor zijn onvervangbare deskundige hulp. Ook heb ik grote waardering voor de hulp van de coördinatoren, de voorzitter, het commissiesecretariaat en de diensten. Ook ben ik zeer te spreken over de constructieve communicatie met consumentenorganisaties, ondernemingen en verschillende medewerkers van de Commissie. Bovenal wil ik een compliment maken aan commissaris Kuneva, die zich met grote verve gestort heeft op haar nieuwe werk in de Commissie. Alle lof voor haar bereidwillige en zeer open houding. Ik ben ervan overtuigd dat zij uitstekend in staat zal zijn om de obstakels die allicht bij de tenuitvoerlegging van onze voorstellen ter verhoging van het vertrouwen in de Europese digitale omgeving opduiken, te overwinnen.

 
  
MPphoto
 
 

  Meglena Kuneva, lid van de Commissie. (EN) Mijnheer de Voorzitter, het is werkelijk een plezier om vandaag hier te kunnen zijn om met u over dit zeer belangrijke onderwerp te debatteren, namelijk over de manier waarop we het consumentenvertrouwen in de digitale omgeving kunnen vergroten.

Ik wil aan het begin van mijn toespraak mevrouw Roithová en alle schaduwrapporteurs bedanken voor hun uitstekende en zeer nauwe samenwerking – en dit is niet alleen een kwestie van beleefdheid, maar oprechte erkenning voor een zeer lastige taak.

Ik ben blij dat de Commissie en het Europees Parlement het eens zijn over een gemeenschappelijke lijn voor de aanpak van deze uiterst belangrijke en uitdagende kwestie. Dit is zonder meer een belangrijk en ambitieus verslag, en ik denk dat we in grote lijnen allemaal hetzelfde denken over de doelstellingen en over de analyse van de problemen.

De digitale economie – en meer in het bijzonder de e-handel – biedt grote mogelijkheden om het welzijn van consumenten te verbeteren door een groter scala aan producten beschikbaar te maken, de prijsconcurrentie een impuls te geven en nieuwe markten te ontwikkelen. Zij vervult ook een centrale rol bij het voltooien van de detailhandelszijde van de interne markt. Momenteel zijn de detailhandelsmarkten nog langs nationale lijnen verdeeld in minimarkten, zoals mevrouw Roithová al aangaf. Dat is in dit tijdperk van e-handel en internet niet logisch. E-handel verandert het karakter van de detailhandel wel, maar uitsluitend op nationaal niveau. Internet is grenzeloos, maar consumenten, bedrijven en regelgevers niet. Vijftig procent van de Europese consumenten die thuis een computer hebben, heeft in de afgelopen twaalf maanden iets gekocht via internet, maar slechts 12 procent van degenen die thuis een computer hebben, heeft een grensoverschrijdende aanschaf gedaan. Dit geeft aan dat het noodzakelijk is actie te ondernemen teneinde het consumentenvertrouwen aan de detailhandelszijde van de interne markt te vergroten en de fragmentatie van de markt tegen te gaan om uiteindelijk een markt voor burgers te verwezenlijken.

Zoals u weet, hebben we begin dit jaar een begin gemaakt met twee belangrijke initiatieven voor consumenten: de strategie voor het consumentenbeleid en de raadpleging over de herziening van de bestaande wetgeving op het gebied van de consumentenbescherming. Onze doelstelling als Commissie is de EU te helpen het hoofd te bieden aan de uitdagingen ten aanzien van groei en banen en het herstel van de band met haar burgers. Deze doelstelling zal worden gehaald als we tegen 2013 op geloofwaardige wijze aan alle burgers kunnen laten zien dat zij van overal in de EU kunnen winkelen – in de winkel op de hoek en op websites – in het vertrouwen dat zij overal in gelijke mate en op doeltreffende wijze beschermd worden.

De noodzaak om het consumentenvertrouwen in de digitale economie te verbeteren komt terug in elk aspect van deze strategie. Het verslag van mevrouw Roithová laat zien dat de obstakels – met inbegrip van obstakels op het gebied van regelgeving – talrijk zijn. Mijn voorgangers hebben vooruitgang geboekt bij de aanpak van een aantal daarvan via de richtlijn oneerlijke handelspraktijken en de verordening betreffende samenwerking inzake consumentenbescherming, die heeft geleid tot de oprichting van het netwerk van Europese consumentenorganisaties. Mijn prioriteit ligt nu bij het wegnemen van de resterende obstakels door middel van de hervorming van de bestaande wetgeving op het gebied van consumentenbescherming in verband met consumentenovereenkomsten.

Zoals u weet, hebben we het initiatief genomen tot een brede raadpleging over de toekomst van de consumentenbescherming, en we zijn begonnen met het analyseren van de reacties van de belanghebbenden. We zien uit naar de verschijning van het verslag van mevrouw Petre na de zomer. Uw standpunten en uw steun zullen een belangrijk referentiekader vormen voor onze vervolgwerkzaamheden en voor specifieke voorstellen. De follow-up van de Commissie naar aanleiding van de herziening van het acquis biedt een basis waarop het consumentenvertrouwen kan worden opgebouwd. De ontwikkeling van gestandaardiseerde consumentenovereenkomsten kan iets zijn om verder te onderzoeken zodra deze stevige basis is gelegd.

Een van de doelen van dit initiatief is de fragmentatie van de regelgeving op de interne markt te verminderen door middel van de doelgerichte harmonisatie van kwesties die specifieke problemen opleveren voor consumenten en bedrijven. We zullen onder andere in overweging nemen of normen en standaardisatie een rol kunnen spelen in dit proces.

Hetzelfde geldt voor zelfregulering. De Commissie heeft belangrijk werk verricht ten aanzien van de ontwikkeling van een model van beste praktijken op het gebied van zelf- en coregulering, en we zullen dat in de toekomst blijven doen. Ik deel uw zorgen over de interactie tussen verschillende wetgeving inzake onlinetransacties of digitale goederen. Er zijn vele gedetailleerde wetten, en consumenten en bedrijven zijn wellicht niet voldoende op de hoogte van hun rechten en plichten in de digitale omgeving. Ik zal samen met mijn collega's, mevrouw Reding en de heer McCreevy, onderzoeken hoe deze kwesties het best kunnen worden verhelderd.

Naar aanleiding van uw inbreng zullen we onderzoek doen naar het idee van een praktische gids die betrekking moet hebben op de diensten van de informatiemaatschappij en die burgers moet helpen meer inzicht te geven in hun rechten. Ik wil u ook bedanken voor het hameren op het belang van handhaving – ik ben het volledig met u eens. Kwalitatief hoogwaardige wetgeving volstaat niet als deze niet wordt ondersteund door doeltreffende handhaving. We hebben een netwerk van nationale handhavingsinstanties in de Europese Unie opgezet en we zullen dat netwerk nu geleidelijk uitbreiden met partners in derde landen teneinde de doeltreffendheid ervan te vergroten.

Tot besluit wil ik u bedanken voor uw inzet om Europese burgers te helpen profiteren van alle voordelen van de interne markt en de digitale economie. Ik zie ernaar uit om samen met u te werken aan de verwezenlijking van onze gemeenschappelijke doelen en een interne markt voor burgers te realiseren.

 
  
MPphoto
 
 

  David Hammerstein (Verts/ALE), rapporteur voor advies van de Commissie industrie, onderzoek en energie.(ES) Mijnheer de Voorzitter, ik wil mevrouw Roithová bedanken voor zo’n uitstekend verslag.

Het vertrouwen van de consument in de digitale omgeving is in grote mate afhankelijk van de bescherming en de duidelijkheid die we de consument binnen deze omgeving kunnen bieden.

We moeten in gedachten houden dat kleine en middelgrote ondernemingen ook consumenten zijn en de Europese Unie dient het gebruik van deze nieuwe technologieën te bevorderen en die ondernemingen aan te moedigen tot deelname aan onlinemarkten. Tegelijkertijd dienen we het vertrouwen van de consument in deze platforms te stimuleren door transparante en eerlijke transacties te garanderen.

Consumenten moeten zich bewust zijn van hun rechten en plichten in de digitale wereld. Bij sommige producten zoals MP3-spelers, dvd-recorders en computergames, is de consument verplicht om akkoord te gaan met zeer strenge voorwaarden in de kleine lettertjes en in sommige gevallen grenst dit aan het illegale en is dit in strijd met het recht op privacy.

Tegelijkertijd zijn de producenten van deze apparatuur bezig het gebruik van systemen voor het digitaal beheer van rechten uit te breiden om illegale kopieën tegen te gaan. Dit boezemt angst in en dat kan het consumentenvertrouwen ondermijnen. Om dit probleem van interoperabiliteit op te lossen, zijn open standaarden nodig die een omgeving mogelijk maken die veiliger, opener en betrouwbaarder is.

Ook softwarepatenten vormen een serieuze bedreiging voor softewareontwikkelaars bij kleine en middelgrote ondernemingen, die zich de juridische kosten niet kunnen veroorloven. Angst gaat in deze omgeving niet samen met vertrouwen, noch bij kleine en middelgrote ondernemingen noch bij consumenten.

Digitale platforms kunnen slechts voor groei en ontwikkeling zorgen als ze gebaseerd zijn op open en interoperabele standaarden. Standaarden kunnen bijdragen aan vermindering van de marktfragmentatie en het gebruik van open software kan ook een aanzienlijke bijdrage leveren aan de bevordering van onlineveiligheid.

Verbetering van de veiligheid en het vertrouwen van de consument is afhankelijk van bepaalde belangrijke aspecten: wetgeving, mechanismen die reguleringsinstrumenten versterken en tot stand brengen, zoals gedragscodes en vertrouwensmerken.

 
  
MPphoto
 
 

  Malcolm Harbour, namens de PPE-DE-Fractie. – (EN) Mijnheer de Voorzitter, het doet mij veel genoegen dit verslag te kunnen toejuichen en mijn collega, mevrouw Roithová, en de schaduwrapporteurs, die hier ook aanwezig zijn, te bedanken voor hun uitstekende werk. Het is een zeer goede teamprestatie. Ik wil mevrouw Kuneva verder bedanken voor haar bijzonder positieve reactie.

Uit dit verslag blijkt hoe waardevol een Parlementaire commissie kan zijn als het gaat om een ingewikkelde kwestie, met name een kwestie die zo veel verschillende beleidsterreinen bestrijkt. De specifieke boodschap die ik aan de commissaris wil overbrengen is dat ik hoop dat zij hiermee verder zal gaan en zal uitgroeien tot de kampioen van de consumenten in de e-wereld en de e-handel. Zoals zij al zei, zijn het immers niet alleen haar diensten die hieraan een bijdrage hebben geleverd, maar ook die van mevrouw Reding en de heer McCreevy, alsook die van de heer Frattini en de heer Verheugen, in zijn rol van kampioen van het bedrijfsleven, in het bijzonder van de kleine ondernemingen. Wat de heer Frattini betreft, wil ik wederom benadrukken dat velen van ons zich zorgen maken over de voorgestelde hervorming van met name de Rome I-verordening, die gepaard gaat met het ernstige risico dat de bepalingen worden ondermijnd op basis waarvan kleine bedrijven een actieve rol kunnen spelen in de wereld van de e-handel. Ook zijn er belangrijke bepalingen op het terrein van gegevensbescherming waarover consumenten zich zorgen maken als het gaat om het verstrekken van hun gegevens en het online gaan, die ook tot zijn werkgebied behoren. Ik denk dan ook dat een dergelijke gecoördineerde aanpak noodzakelijk is.

Verder wil ik aanhaken bij wat de heer Hammerstein Mintz zei, namelijk dat we vooral moeten kijken naar kleine ondernemingen. Grote ondernemingen kunnen ingewikkelde meertalige websites ontwikkelen die zijn gebaseerd in verschillende landen. We willen kleine ondernemingen met innovatieve en opwindende producten en diensten die in één EU-lidstaat zijn gevestigd echter ook in de gelegenheid stellen gebruik te maken van vrije en eenvoudige toegang tot die EU-markt, zodat zij werkelijk kunnen profiteren van de mogelijkheden die de e-handel hun biedt. We moeten er zeer zorgvuldig op toezien dat we de regelgeving zodanig vormgeven dat we hen daarin niet ontmoedigen, want we willen niet alleen dat consumenten online gaan, maar ook dat bedrijven hun producten online zetten, zodat die twee samengaan. Dat is immers wat we kunnen realiseren met betrekking tot onze dynamische e-handelsmarkt, die zich zal blijven ontwikkelen.

 
  
MPphoto
 
 

  Edit Herczog, namens de PSE-Fractie. (HU) Graag bedank ik de rapporteur voor het werk dat zij de afgelopen anderhalf jaar heeft verricht en waarbij zij een uitzonderlijke openheid en compromisbereidheid aan den dag heeft gelegd. Niet in de laatste plaats wil ik haar bedanken voor haar openheid aangezien wij vanaf het moment dat zij is gekozen tot commissaris samenwerken op dit gebied.

Het resultaat van dit werk is een verslag waarvan de ambitieuze politieke boodschappen door de vele compromissen niet zijn afgezwakt, zoals gewoonlijk het geval is, maar daardoor juist zijn versterkt. Dat is ook hard nodig want het gaat hier om de voorbereiding van de Europese samenleving en economie op het elektronische tijdperk. Een voorwaarde hiervoor is dat zo veel mogelijk lagen van de samenleving toegang hebben tot informatietechnologie. Als voetnoot bij dit verslag moeten we daarom in elk geval het belang van e-insluiting onderstrepen, dat wil zeggen dat ook plattelandsbewoners, mensen met een beperking, ouderen en mensen met een laag inkomen kunnen worden opgenomen in de dynamische digitale samenleving van Europa.

Het staat buiten kijf dat de informatiemaatschappij en de kenniseconomie de toekomst hebben. Zoals we inmiddels al hebben ingezien, moeten we echter tevens accepteren dat de handel, de goederen- en dienstenmarkt en daarmee de consumptie ook op kennis gebaseerd en digitaal gaan worden. Consumenten blijven echter ook op internet consumenten met rechten en plichten. Zij moeten vóór alles weten waarmee ze te maken hebben: met een flyer, een gratis krant, een product of een dienst.

Met deze kennis in het achterhoofd moeten zij zich even oplettend gedragen als in een traditionele bibliotheek, bank, reisbureau of winkel het geval zou zijn. Ze moeten weten wat ze wel en niet mogen. In ruil voor naleving van de regels genieten ze dezelfde bescherming als gezagsgetrouwe consumenten op de traditionele markt. In een digitale omgeving wakkeren echter talloze factoren het wantrouwen van consumenten aan. Het gemak en de snelheid van de informatiestroom, het veelvuldige gebrek aan consumentenvoorlichting en de snelle en grootschalige verspreiding van illegale praktijken zijn slechts enkele redenen waarom een internetgebruiker zelfs ter goeder trouw de grenzen van gezagsgetrouwe consumptie kan overschrijden. Als politici hebben wij de politieke plicht om hulpmiddelen voor de Europese elektronische omgeving te ontwikkelen die onze internetgebruikers in staat stellen gehoorzame consumenten te blijven.

Namens de Sociaal-democratische Fractie kan ik zeggen dat we op de lange termijn steun zullen geven aan het digitaal consumentenhandvest waarin aan elke consument duidelijke en begrijpelijke voorlichting wordt verschaft over hoe er op internet in bepaalde situaties gehandeld moet worden. Het Parlement is zich er terdege van bewust dat de dynamische ontwikkeling van de digitale omgeving en de toetsing van de wetten op het gebied van consumentenbescherming die momenteel plaatsvindt, de inhoud van een toekomstig handvest in grote mate zal beïnvloeden. De consumenten hebben echter ook nu al behoefte aan informatie en daarom vragen wij de Commissie om ook onder de huidige omstandigheden en op grond van de nu geldende rechtsregels een handleiding op te stellen over de rechten en de bescherming van e-consumenten.

In verband hiermee doen wij de aanbeveling dat er een netwerk van centra voor consumentenbescherming wordt opgericht, naar analogie van het Solvit-systeem en de website van Dolceta, oftewel: er moet een Europees informatie- en ondersteuningsportaal voor e-consumenten komen dat de Europese internetconsumenten bijstaat met advies, antwoorden en oplossingen. Evenzo steunen wij de opheldering van de wetgeving met betrekking tot het gebruik en de bescherming van digitale content, want de interoperabiliteit van de middelen en de inhoud enerzijds en het beheer van digitale rechten anderzijds zijn twee belangrijke basisbeginselen.

Ten slotte wil ik de consumenten en de industrie erop attent maken dat zij een gemeenschappelijk belang hebben. Evenals op de traditionele markt zijn zij ook op de digitale markt aangewezen op een houding die getuigt van respect voor de wet. Momenteel valt dit terrein onder veel commissies en we willen daarom dat de Commissie interne markt en consumentenbescherming, die hier het meest ontvankelijk voor is en het dichtstbij de consumenten staat, de verdere taken die hiermee samenhangen binnen de Commissie zal coördineren.

 
  
  

VOORZITTER: MARIO MAURO
Ondervoorzitter

 
  
MPphoto
 
 

  Olle Schmidt, namens de ALDE-Fractie. (SV) Mijnheer de Voorzitter, mevrouw de commissaris, weinigen hebben kunnen bevroeden hoe internet de wereld fundamenteel zou veranderen, zowel in politiek als in economisch opzicht. Ondanks pogingen van totalitaire regimes om de informatiestroom te beperken, krijgt internet miljoenen nieuwe gebruikers. De manier waarop wij internet gebruiken verandert ook snel van een passieve verwerving van informatie naar een interactieve benadering. Wij kopen en verkopen goederen en diensten en chatten en ontmoeten elkaar op internet. Wij hebben zelfs een tweede leven gekregen op internet, een virtuele realiteit die voor sommigen belangrijker wordt dan de echte werkelijkheid.

Statistieken laten een jaarlijkse toename van de handel op internet zien met 21 procent en hoewel de grensoverschrijdende handel in de Europese Unie niet omvangrijk is, wijst veel erop dat deze zal toenemen. Meer dan de helft van de huishoudens in Europa bezit een computer en dat aantal is in één jaar met ongeveer 4 procent gestegen. 42 procent van alle huishoudens zijn op internet aangesloten en ook hier bedraagt de toename 4 procent in één jaar. In mijn eigen land, Zweden, heeft ruim 75 procent van de bevolking thuis een internetaansluiting. Het is echter verheugend dat de grootste toename in de nieuwe lidstaten plaatsvindt.

Zoals veel van mijn collega's in dit Parlement hebben gezegd, neemt met deze ontwikkeling ook het aantal gevallen van fraude en oplichting toe. Tegen deze achtergrond is het verslag van mevrouw Roithová een belangrijke stap op weg naar een verbetering van het vertrouwen van de consumenten in de digitale markt. Wij weten dat, parallel aan het werk van het Parlement, de Commissie de hele consumentenwetgeving van de Europese Unie herziet.

In paragraaf 19 van het verslag wordt een zogenoemd Europees vertrouwensmerk voorgesteld. Dat is natuurlijk een goed idee, maar ik voorzie bepaalde problemen. Ten eerste kunnen de kosten van het actueel houden van een dergelijk kwaliteitsmerk hoog zijn. De Commissie heeft zelf berekend dat de kosten 1 miljoen euro per land per jaar bedragen, wat een aanzienlijk bedrag is. Ten tweede bestaat het gevaar dat het vertrouwensmerk wordt gestolen, misbruikt of vervalst.

Een ander belangrijk punt is het opstellen van een EU-handvest voor de rechten en plichten van gebruikers in de informatiemaatschappij. Dit is geen nieuwe kwestie en natuurlijk een belangrijk terrein voor de Commissie, zoals de commissaris ook al zei in verband met de onderhavige herziening. Ik ben van mening dat in de formuleringen die in de amendementen worden voorgesteld beter rekening wordt gehouden met de complexiteit en de snelheid van de veranderingen in de digitale omgeving.

Het hoeft misschien niet eens gezegd te worden, maar de digitale omgeving heeft natuurlijk een efficiënt kader nodig in de vorm van regels en wetgeving. Alle actoren die gebruik maken van internet moeten hun rechten en plichten kennen. Wij hebben goed geïnformeerde en geschoolde consumenten nodig. Wij hebben daarvoor niet alleen verkopers en ondernemers met verantwoordelijkheidsgevoel nodig, maar ook moedige innovatoren die nieuwe mogelijkheden en nieuwe banen zien. Wij hebben natuurlijk ook wetten nodig die goed functioneren in een veranderende omgeving.

De Commissie moet een evenwicht weten te vinden in al deze belangen om te komen tot een Europese Unie die beter in staat is concurrerender te worden en aan de vereisten van de Strategie van Lissabon te voldoen.

Tot slot wil ik erop wijzen dat wij nooit mogen vergeten dat vrijheid en vrije toegang tot informatie de basis hebben gelegd voor het enorme succes van internet.

 
  
MPphoto
 
 

  Mieczysław Edmund Janowski, namens de UEN-Fractie.(PL) Mijnheer de Voorzitter, ik wil mijn waardering uitspreken voor mevrouw Zuzana Roithová, die dit cruciale thema heeft aangesneden. We mogen niet vergeten dat de eerste stappen voor het ontwikkelen van internet nog maar veertig jaar geleden zijn gezet. Tegenwoordig kunnen we spreken van een internetrevolutie.

Dit fantastische middel biedt ons op zeer veel terreinen enorme mogelijkheden. Toch stelt het ons ook voor veel uitdagingen. Het kan namelijk worden gebruikt voor nuttige zaken, maar ook voor criminele doeleinden, net als overigens het geval is bij veel andere middelen die de mens in de loop der tijden heeft uitgevonden.

Het gebruik van digitale technologie voor e-handel moet ook in deze context worden bezien. E-handel omvat het kopen van verschillende goederen en diensten. De juridische en technische antwoorden op dit fenomeen moeten aan een reeks criteria voldoen. In het verslag wordt daaraan aandacht besteed. Ik wil graag een paar punten ter overweging voorleggen.

Allereerst zou de toegang tot e-handel aanmerkelijk breder moeten zijn. Vandaar dat er in dit Parlement al vaak is gehamerd op het bevorderen van breedbandinternet. Momenteel beschikt maar 25 procent van de huishoudens in de Europese Unie over een breedbandverbinding, en daarmee over een verbindingen van hoge kwaliteit.

Ten tweede moet de koper zeker weten dat deze vorm van handel veilig is, zowel wat de transactie zelf betreft als wat betreft het verkrijgen van passende garantie op de aangeschafte goederen en diensten, ongeacht grenzen.

Ten derde mag de anonimiteit, die dikwijls inherent is aan deze transacties, op geen enkele manier criminaliteit in de hand werken, zoals piraterij op het gebied van films of muziek die onder het auteursrecht vallen. Daarom is het noodzakelijk dat we de term "bestemd voor eigen gebruik" nader preciseren.

Ten vierde dienen politie en justitie bijzonder alert te zijn op bepaalde activiteiten via internet, zoals het kopen van pedoseksueel of pornografisch materiaal, de verspreiding van prostitutie, en andere zaken die ons een slecht geweten bezorgen.

Ten vijfde moet betaling via internet voor beide partijen volledig veilig kunnen verlopen. Ten zesde moet het mogelijk zijn dat potentiële afnemers de informatie in reclame voor goederen of diensten die digitaal kunnen worden aangeschaft, kunnen verifiëren.

Ten zevende moet de veiligheid van digitale banktransacties rigoureus worden verbeterd. Ten achtste is het gebruik van digitale middelen van belang voor het verlenen van bepaalde medische diensten, alsmede voor diagnostiek en controle op afstand, vooral in de meer afgelegen gebieden.

Ten negende zijn educatieve e-diensten het volgende essentiële thema op dit vlak. Ten tiende, en laten we dit vooral niet vergeten, komen veel verbeteringen voor personen met een handicap voort uit het gebruik van digitale fora voor consumenten.

Tot besluit benadruk ik dat we geen solide, concurrerende markt voor digitale diensten kunnen opbouwen zonder eerlijkheid, transparantie, goede kwaliteit en flexibiliteit.

 
  
MPphoto
 
 

  Heide Rühle, namens de Verts/ALE-Fractie.(DE) Mijnheer de Voorzitter, mevrouw de commissaris, beste collega's. Ik wil in het bijzonder de rapporteur bedanken. Het is haar verdienste dat het Parlement vandaag een prima initiatiefverslag kan aannemen. Ik hoop en verwacht dat de Commissie bij de herziening van het Europese consumentenrecht rekening zal houden met de aanbevelingen en conclusies in dit verslag.

Onze fractie steunt uw verslag, mevrouw Roithová, en ook de meeste van uw compromisamendementen. We vinden het wel jammer dat u uw voorstel heeft afgezwakt op het vlak van het Europese vertrouwensmerk. We zullen dus niet instemmen met amendement 4 en we stemmen ook tegen de amendementen van de Liberalen.

De bescherming van de intellectuele eigendom mag niet leiden tot een uitholling van consumentenrechten. Consumenten hebben duidelijke informatie nodig over hun juridische situatie wanneer ze omgaan met digitale informatie en over het beheer van hun digitale rechten. Ze hebben recht op interoperabele oplossingen.

In het verslag komen belangrijke onderwerpen aan de orde, zoals de vraag om een Europees handvest van consumentenrechten, het opzetten van een Europees systeem voor vroegtijdige waarschuwing en een gegevensbank voor de bestrijding van frauduleuze praktijken via het internet. Het gaat om het invoeren van een verplichte externe audit voor enkele specifieke elektronische diensten, zoals internetbankieren, en de standaardisering van de Europese bepalingen inzake grensoverschrijdende elektronische facturen. Tot slot wordt verzocht om een gecoördineerd totaalconcept voor de digitale wereld, met inbegrip van een analyse van externe factoren, zoals de bescherming van de privacy, de toegang van de burger tot informatietechnologie en de veiligheid van het internet.

In het verslag wordt de Commissie verder opgeroepen de controle van maatregelen over verzamelde klachten bij grensoverschrijdende juridische geschillen tussen bedrijven en consumenten op digitaal vlak te versnellen. We zullen het verslag steunen en hopen dat het in de plenaire vergadering wordt aangenomen.

 
  
MPphoto
 
 

  Nils Lundgren, namens de IND/DEM-Fractie. (SV) Mijnheer de Voorzitter, handel en de uitwisseling van goederen, diensten en kapitaal vormen de feitelijke basis van economische welvaart. Daarom is alle technologie die de transactiekosten in de handel verlaagt ook fundamenteel voor het vergroten van de welvaart. Nu de wereld onderling steeds meer verbonden wordt met behulp van moderne communicatie, veilige en snelle betalingsmethoden en het verdwijnen van veel protectionisme, raken steeds meer landen in de wereld betrokken bij de wereldhandel. Op de lange termijn is dit in het voordeel van iedereen op aarde. Het is daarom de belangrijkste taak van de Europese Unie om er alles aan te doen de handel gemakkelijker te maken, ten eerste binnen de Europese Unie en ten tweede tussen de Europese Unie en de rest van de wereld.

De Europese Unie is zeer succesvol in het eenvoudiger maken van de handel in de Europese Unie en heeft een grote bijdrage geleverd aan de economische ontwikkeling van de EU-landen. De grote uitzondering is landbouw, waarin geen enkele liberalisering heeft plaatsgevonden en waarin dus nog grote vooruitgang in welvaart kan worden geboekt.

Als het gaat om de handel tussen de Europese Unie en de rest van de wereld, ziet het er aanzienlijk slechter uit. Het protectionisme van de Europese Unie ten opzichte van de omliggende wereld is enorm en omvat niet alleen de landbouwsector maar ook arbeidsintensieve industrieproducten. De economische kosten voor de arme landen in de wereld en de consumenten in de Europese Unie zijn zeer hoog. Daarom willen wij vooral op deze gebieden onze politieke middelen gebruiken om een EU-beleid te ontwerpen voor toenemende handel en welvaart.

EU-handel is vandaag de dag een verschijnsel van kleine omvang, maar ik weet dat wij er allemaal van overtuigd zijn dat deze vorm van handel een grote toekomst heeft. Mevrouw Roithová behandelt daarom een zaak die in de toekomst heel belangrijk zal blijken te zijn, maar de vraag is wat de rol van de Europese Unie op dit gebied en in deze fase van de ontwikkeling van e-handel kan zijn.

Mevrouw Roithová en de Commissie industrie, onderzoek en energie beweren dat consumenten geen grensoverschrijdende aankopen via internet in de Europese Unie durven doen vanwege de slechte rechtszekerheid. Misschien is dat zo, maar weten wij dat zeker? Elk nieuw terrein en elk nieuwvastgesteld probleem wordt in dit Parlement als bewijs gepresenteerd dat de Europese Unie moet ingrijpen. De vermoeiende frase "dit toont aan dat de Europese Unie nodig is" wordt herhaald als een mantra. In elke sociaaleconomische analyse van dergelijke problemen probeert men echter eerst vast te stellen wat de tekortkomingen van de markt zijn, of deze door politieke maatregelen gecorrigeerd kunnen worden en, zo ja, wat deze maatregelen kunnen zijn en op welk politiek niveau zij moeten worden genomen.

In dit Parlement is het uitgangspunt meestal dat de tekortkomingen op communautair niveau opgelost kunnen en moeten worden. Elk geconstateerd probleem wordt als reden aangevoerd om de strategische posities van de Europese Unie te versterken ten koste van de lidstaten of van internationale organen met een mondialere reikwijdte. Man merkt die Absicht, oftewel merkt deze bedoeling voortdurend.

E-handel staat nog in de kinderschoenen en wij weten niet wat zijn groei remt, op welke gebieden hij zal floreren en welke vormen hij dan aanneemt. Ik adviseer het Parlement dan ook om zich te verzetten tegen alle voorstellen met betrekking tot beursprogramma's en voorlichtings- en informatiecampagnes die door de Europese Unie worden gestuurd en gesponsord en om te wachten met het verzoeken om handvesten voor rechten, mechanismen voor conflictoplossing en harmonisering van het overeenkomstenrecht op communautair niveau. Daarnaast adviseer ik om "nee" te zeggen tegen een logo voor een Europees vertrouwensmerk op dit gebied.

De landen en regio's die creatief zijn en op verschillende gebieden pioniers zijn, zijn de landen die ondernemers de vrijheid bieden hun weg te vinden naar oplossingen die politici of ambtenaren doorgaans niet kunnen voorzien. Wat e-handel betreft zullen wij ondervinden dat er heel sterke prikkels voor ondernemingen zijn om zekerheid voor consumenten te creëren. Deze zekerheid moet daarom door de financiële markt tot stand worden gebracht met behulp van nieuwe verzekeringsdiensten en door handelsmerken die de producenten zelf ontwikkelen.

 
  
MPphoto
 
 

  Milan Gaľa (PPE-DE). – (SK) Graag bedank ik mevrouw Roithová voor dit verslag. Het is het juiste antwoord op een dynamische digitale omgeving die volop in beweging is. Dit is een terrein waarmee we dagelijks allemaal te maken hebben, of we nu consument zijn of ondernemer. Nieuwe technologieën bieden enorme kansen om de interne markt optimaal te benutten. Uit de cijfers komt echter naar voren dat slechts 6 procent van de Europese consumenten wel eens een onlinetransactie verricht, en dat 33 procent hiermee problemen ondervindt, omdat zij in een ander land wonen dan de verkopers van de goederen.

Volgens de Eurobarometerenquête is 48 procent van de detailhandelaars in de Europese Unie bereid grensoverschrijdend te verkopen, maar slechts 29 procent van de bedrijven verricht daadwerkelijk grensoverschrijdende transacties met ten minste één ander land in de Europese Unie. En toch geeft 57 procent van de detailhandelaars in de Europese Unie aan internetverkopen te effectueren. De grootste obstakels voor grensoverschrijdende transacties zijn de onzekerheid met betrekking tot transacties, afwijkende boekhoudregels, problemen met de afhandeling van klachten en geschillen, afwijkende nationale consumentenbeschermingswetgevingen, problemen op het gebied van de aftersalesdiensten, extra kosten als gevolg van grensoverschrijdende leveringen en vertaalkosten.

Door de vele obstakels is het gebruik van de onlineomgeving ingewikkelder dan dat van het offlinemilieu. Daarom vind ik het voorstel om een strategie vast te stellen voor het vergroten van het consumentenvertrouwen, belangrijk. Het streven van dit voorstel zou moeten zijn om een antwoord op de problematiek te formuleren en internettransacties stapsgewijs aantrekkelijker te maken, zodat er een eind komt aan de versnippering van de interne markt in de digitale omgeving. Dit zou moeten leiden tot een betere toegankelijkheid van goederen en diensten die online in andere lidstaten worden aangeboden.

 
  
MPphoto
 
 

  Evelyne Gebhardt (PSE).(DE) Mijnheer de Voorzitter, mevrouw Roithová, hartelijk dank voor uw goede verslag en ook hartelijk dank aan de schaduwrapporteur, Mevrouw Herczog, die voor onze fractie deze werkzaamheden heeft gevolgd.

Het gaat om een onderwerp dat voor de burgers van groot belang is. Ik vind het zeer positief dat commissaris Kuneva op dit vlak actie zal ondernemen. Dat is echt noodzakelijk en daarbij kunnen we u alleen maar steunen. U kunt rekenen op onze volledige steun.

Onze burgers ondervinden in de digitale omgeving veel problemen. Ze krijgen hun producten niet of niet op tijd. Ze willen iets in een ander land bestellen maar dat gaat niet omdat ze – zoals het bedrijf zegt – in het verkeerde land wonen. Of ze bestellen iets en zitten plots met een abonnement opgescheept. Dat zijn de problemen waarmee de burgers geconfronteerd worden. Natuurlijk zijn er in de Europese Unie al heel wat positieve regelingen op dit vlak, maar ze zijn zeer onsamenhangend. Het is van groot belang dat we positieve wetgeving opstellen die voldoet aan de verwachtingen van de burgers op dit vlak, en met name aan de verwachtingen van de consument.

We willen dat burgers op dit vlak kunnen profiteren van de interne markt. Ze kunnen dat echter alleen maar als we hun ook rechtszekerheid bieden en als ze weten op welke basis ze zaken kunnen doen, als ze weten dat ze hun recht kunnen halen als ze een conflict met een bedrijf hebben en niet twaalf of vijftien jaar moeten wachten. Ze zullen ook van deze openstelling van de markt profiteren als ze de prijzen beter kunnen vergelijken en als ze beschikken over meer informatie. U ziet dat er nog veel gedaan moet worden op dit vlak.

De burgers verwachten namelijk van ons dat we niet enkel de interne markt reguleren, niet enkel op constructieve wijze regels voor bedrijven opstellen en vereenvoudigen en ervoor zorgen dat bedrijven zich binnen de Europese Unie vrij kunnen bewegen. De burgers verwachten een Europa dat er ook is voor hen en dat beleid ontwikkelt dat niet alleen dient om de economie te stimuleren, waarbij de burgers alleen aan die economie moeten bijdragen. Het is juist het beleid dat met name op het vlak van consumentenbescherming op digitaal vlak de toon moet zetten! Het moet duidelijk zijn dat we een beleid maken voor consumenten, dat de economie er is voor consumenten. Wanneer dit gebeurt, mevrouw Kuneva – en ik weet dat u die kant ook op wilt – dan zullen we precies bereiken wat we willen, namelijk een Europa voor de burgers, een Europa waarin zij zonder problemen en zonder hindernissen inkopen online in een ander land kunnen doen, waarbij zij weten dat zij rechten hebben en dat zij die rechten volledig kunnen uitoefenen. U kunt in elk geval rekenen op de volledige steun van mijn fractie, mevrouw de commissaris, en we zullen graag met u in deze richting verder werken.

 
  
MPphoto
 
 

  Marek Aleksander Czarnecki (UEN).(PL) Mijnheer de Voorzitter, de markt van elektronische transactiediensten is vandaag de dag van onschatbare waarde bij het leveren van producten, diensten en informatie. Toch vraagt mevrouw Roithová in haar verslag zeer terecht aandacht voor het feit dat de groei en ontwikkeling van deze markt voortdurend gepaard gaan met fragmentatie in de afzonderlijke lidstaten van de Europese Unie.

Ik sluit me aan bij het standpunt dat het ontbreken van geharmoniseerde regelgeving binnen de Europese Unie en het gebrek aan vertrouwen van consumenten in elektronische transacties op den duur schadelijk kunnen zijn voor het wereldwijde concurrentievermogen van de Europese Unie, vooral nu Europa momenteel zo ver achter blijft bij de Verenigde Staten en Aziatische landen.

Het opzetten van een Europees informatiesysteem is een goed idee, ondanks de grote hoeveelheden tijd en geld die daarvoor nodig zijn. Het ziet er wel naar uit dat dit voorstel de veiligheid van elektronische transacties tussen de verschillende lidstaten kan vergroten. Juist de uiteenlopende regelgeving van de lidstaten en de slechte toegankelijkheid daarvan worden namelijk door ondernemingen genoemd als belangrijkste oorzaak van de onzekerheid met betrekking tot het verrichten van deze transacties.

Ik vind dat de situatie in de nieuwe lidstaten eveneens een prangende kwestie is. Deze landen hebben te kampen met een ernstig gebrek aan financiële middelen voor informatiecampagnes over toegang tot elektronische diensten en ook de kwaliteit ervan is een belangrijk punt. Individuele burgers van deze lidstaten, vooral op het platteland, hebben vaak geen toegang tot deze diensten. Terecht wordt er in het verslag gewezen op discriminatie van consumenten uit deze groep landen inzake e-handel. Ik vind dat de Commissie dringend werk van deze zaak moet maken, omdat alle consumenten in de Europese Unie recht hebben op een gelijke behandeling.

 
Juridische mededeling - Privacybeleid