Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2006/0278(COD)
Stadium plenaire behandeling
Kies een document :

Ingediende teksten :

A6-0253/2007

Debatten :

PV 04/09/2007 - 14
CRE 04/09/2007 - 14

Stemmingen :

PV 05/09/2007 - 5.3
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P6_TA(2007)0370

Debatten
Woensdag 5 september 2007 - Straatsburg Uitgave PB

8. Stemverklaringen
PV
  

- Verslag-Casaca (A6-0297/2007)

 
  
MPphoto
 
 

  Pedro Guerreiro (GUE/NGL), schriftelijk. − (PT) Wij beschouwen de duurzaamheid van visserijbestanden als essentieel voor de voortzetting van visserijactiviteiten en de levensvatbaarheid van de visserijsector, maar wij accepteren geen beleid inzake vlootbeheer – zoals in de EU is aangenomen – of een reductie van de vloot, waarvan de belangrijkste gevolgen een aanmerkelijke reductie van de productiemiddelen en een drastisch verlies aan banen zullen inhouden.

Om de doelstelling van een duurzaam evenwicht tussen vangstcapaciteit en vangstmogelijkheden te bereiken, moet rekening worden gehouden met de sociale en economische situatie in de visserijsector door mechanismen toe te passen voor het subsidiëren of compenseren van vissers die getroffen zijn door de economische consequenties van milieuvriendelijke visserijactiviteiten en door maatregelen om het vissen te beperken, vooral in achtergebleven gebieden die afhankelijk zijn van de visserijsector.

Evenzo moeten in de visserij de inspanningen worden gekoppeld aan bestaande middelen en aan de bescherming van de mariene omgeving. Dit zou tegelijkertijd de kleinschalige kustvisserij en de ambachtelijke visserij zouden stimuleren en visserijgemeenschappen beschermen; het zou in dit verband bijzonder nuttig zijn om exclusieve viszones van de lidstaten te vergroten van de huidige 12 zeemijlen tot 24 zeemijlen en voor de buitenste gebieden van 100 zeemijlen tot 200 zeemijlen.

 
  
MPphoto
 
 

  Robert Navarro (PSE), schriftelijk. – (FR) Ik stemde voor het verslag van mijn collega, de heer Casaca, omdat het duidelijk de nadruk legt op de perverse gevolgen van het huidige systeem dat soms leidt tot het nemen van besluiten die niet stroken met de werkelijkheid ter plaatse.

Neem bijvoorbeeld het geval van het vissen met thonaille (kieuwnetten voor tonijn) in de Middellandse Zee. Degenen die dat doen hebben inspanningen verricht om hun vismethoden te ontwikkelen, maar onlangs aangenomen wetgeving legt hen disproportionele beperkingen op die het gevaar inhouden dat ze verdwijnen. Ze worden in feite geconfronteerd met oneerlijke concurrentie van collega’s in het oostelijk deel van de Atlantische oceaan, zowel de Spanjaarden als de Fransen. Conform de voorstellen van het verslag zou een aanpak die uitgaat van geografische visgebieden en die rekening houdt met de specifieke eigenschappen van de gehanteerde methoden het mogelijk hebben gemaakt om te zorgen voor een eerlijker verdeling van bevissingscapaciteit en daarmee in staat zijn een duurzaam evenwicht te waarborgen tussen vangstcapaciteit en vangstmogelijkheden.

 
  
  

- Verslag-Elles (A6-0300/2007)

 
  
MPphoto
 
 

  Glyn Ford (PSE), schriftelijk. − (EN) Ik steun het verslag van de heer Elles inzake het ontwerp van gewijzigde begroting nr. 5/2007. Daarmee wil ik wijzen op een bijzonder probleem voor mijn eigen land dat nadelige gevolgen zou kunnen hebben bij steun voor extra uitgaven.

Het probleem van Groot-Brittannië is dat Margaret Thatcher met het akkoord van Fontainebleau van 1984 toekomstige Britse regeringen een gifpil gaf. Fontainebleau geeft aan Groot-Brittannië een terugbetaling van tweederde van het verschil van onze jaarlijkse contributie en jaarlijkse ontvangsten uit de EU. Op deze manier betaalt Groot-Brittannië twee keer voor ieder nieuw uitgavenprogramma: eerst betalen we onze 50 procent en dan raken we tweederde van de EU-bijdrage kwijt, waarmee we, uniek in ons geval de EU-bijdrage van 50 procent verminderen tot minder dan 17 procent. Gezien het feit dat de contributie van Groot-Brittannië even beneden de 15 procent van het totale budget ligt, betekent ieder nieuw project waarvoor Groot-Brittannië minder dan eenderde van de opbrengst krijgt, kapitaalverlies voor Groot-Brittannië.

 
  
  

- Verslag-Liberadzki (A6-0253/2007)

 
  
MPphoto
 
 

  Pedro Guerreiro (GUE/NGL), schriftelijk. − (PT) Het verslag stelt dat ongeveer 110 miljard tonkilometer aan gevaarlijke goederen – gevaarlijk voor de bevolking en het milieu – jaarlijks binnen de EU wordt getransporteerd, dat is een aandeel van bijna 8 procent van het totale goederenvervoer. Hiervan wordt 58 procent per spoor, 25 procent per luchtvracht en 17 procent via de binnenvaart vervoerd.

Het internationale vervoer van gevaarlijke goederen wordt geregeld door internationale overeenkomsten.

In dat verband vinden we dat de nuttige en noodzakelijke samenwerking op EU-niveau de volledige soevereiniteit van de lidstaten met betrekking tot het vervoer van (gevaarlijke) goederen binnen hun territoir moet waarborgen, bijvoorbeeld door middel van het recht op reglementering, op verstrekking van individuele vergunningen en verbod op vervoer van gevaarlijke goederen, met name om redenen van nationale veiligheid en bescherming van het milieu.

Dit is een principiële zaak die nog belangrijker is in verband met de ongebreidelde liberalisatie van vervoer die door de EU wordt gestimuleerd.

 
  
MPphoto
 
 

  Dieter-Lebrecht Koch (PPE-DE), schriftelijk. Het voorstel van de Commissie om de Europese regelgeving inzake het vervoer van gevaarlijke goederen te vereenvoudigen en te harmoniseren, verdient – ook in het kader van “better regulation” – ten volle onze goedkeuring.

Nog op 31 augustus 2007 bezocht ik de centrale waar het verkeer wordt geregeld voor zeven wegtunnels, waaronder de langste tunnel van Duitsland. Daarbij werd ik gewezen op de noodzaak van harmonisatie, met name van voorschriften op het gebied van het vervoer van gevaarlijke goederen door tunnels.

Niet alleen het goederenvervoer als zodanig, maar ook het vervoer van gevaarlijke goederen neemt zeer snel toe. Het gaat om een wereldwijde trend, zodat zelfs de aanwas niet meer door één bepaald vervoermiddel kan worden opgevangen. Daarom is het zinvol om niet alleen regelgeving uit te vaardigen voor het weg- en spoorvervoer, maar ook de binnenscheepvaart erbij te betrekken. Dat vergroot de kansen voor een co-modaal vervoerssysteem als oplossing voor onze vervoersproblemen. Dat het voorliggende besluit rekening houdt met de specifieke aanbevelingen van de Verenigde Naties en tegelijkertijd het subsidiariteitsvereiste van de lidstaten in acht neemt, is met het oog op het begrip bij de burgers bijzonder vermeldenswaard. Doordat de richtlijn vier „oude” richtlijnen samenvoegt en tweeduizend pagina’s aan wetsteksten uitspaart, geldt zij als voorbeeld voor de wijze waarop de bureaucratie kan worden verminderd.

De lidstaten kunnen ook in de toekomst, bijvoorbeeld uit het oogpunt van nationale veiligheid of milieubescherming, het binnenlandse vervoer van bepaalde gevaarlijke goederen aan regels onderwerpen of zelfs verbieden. Alles bij elkaar genomen mogen de burgers ervan uitgaan dat deze richtlijn tevens zal bijdragen aan de vervoers- en milieuveiligheid.

 
  
MPphoto
 
 

  Fernand Le Rachinel (ITS), schriftelijk. – (FR) Dit keer is het voorstel van de Commissie dat streeft naar harmonisatie van de regels voor het vervoer van gevaarlijke goederen een stap in de goede richting. De voorgestelde tekst streeft werkelijk naar vereenvoudiging en vereniging van bestaande gemeenschapswetgeving.

Op dit moment gaan niet minder dan vier richtlijnen en veel besluiten van de Commissie over het vervoer van gevaarlijke goederen over land (spoor, weg) en binnenvaart. Deze ongelijksoortige verzameling betekent dat de regels te complex zijn, moeilijk zijn om te zetten in nationale wetgeving en vaak achterhaald zijn.

Dit is een bijzonder belangrijk onderwerp, omdat de omvang van het vervoer over land in de EU voortdurend toeneemt, evenals de omvang van gevaarlijke goederen. Jaarlijks wordt er bijna 110 miljard tonkilometer per jaar van deze goederen in de EU vervoerd, een aandeel van ongeveer 8 procent van alle vervoerde goederen. Vanwege haar strategische positie als kruispunt van Europa raakt de Franse infrastructuur met haar wegen, spoorwegen en vaarwegen vaak verstopt en is daarom bijzonder gevoelig voor vervoersongevallen.

Het wordt hoog tijd dat alle marginale, excessieve EU-wetgeving over deze zaak wordt geschrapt om de verschillende vervoerders, maar ook de nationale autoriteiten de mogelijkheid te bieden de veiligheid van dit type vervoer te waarborgen en optimaal te vergroten.

 
  
MPphoto
 
 

  Andreas Mölzer (ITS), schriftelijk. Gelet op de voortdurende toename van het goederenvervoer zal er met de rampzalige vrachtwagenbrand in de Gotthardtunnel en soortgelijke incidenten beslist geen einde zijn gekomen aan de afschuwelijke berichten over ongelukken met vrachtwagens. Dat geldt des te meer omdat vrachtauto’s onevenredig vaak bij ongelukken op snelwegen zijn betrokken en men zich door steeds smaller wordende marges en een steeds grotere concurrentiedruk vaak niet aan de rusttijden houdt. Ook door slecht wegdek en filevorming nemen de risico’s toe.

Wanneer een vervoerder van gevaarlijke goederen bij een dergelijk ongeluk is betrokken, zijn de gevolgen natuurlijk des te ernstiger. Ook vinden er nog steeds illegale transporten van radioactieve, bijtende of explosieve stoffen plaats, zodat er bij sommige ongelukken voor hulpverleners een levensgevaarlijke situatie ontstaat. Daarom is het alleszins redelijk om de veiligheidseisen aan te passen. Om die reden heb ik voor het verslag gestemd, maar dan moeten ook de controles worden verscherpt.

 
  
MPphoto
 
 

  Luís Queiró (PPE-DE), schriftelijk. − (PT) Een van de elementaire verplichtingen en verantwoordelijkheden van de EU is het scheppen van veilige levensomstandigheden voor Europese burgers. De omvang van goederenvervoer over land binnen de EU breidt zich voortdurend uit en in het verlengde van die toename neemt ook de omvang van het vervoer van gevaarlijke goederen toe.

We moeten er daarom voor zorgen dat de wetgeving die van toepassing is op het transport van gevaarlijke goederen wordt vereenvoudigd en verduidelijkt. Het voornemen om in een enkele richtlijn het vervoer van gevaarlijke goederen via spoor, weg en binnenvaart op te nemen, kan een stimulans vormen voor gemeenschappelijke modaliteiten en, door toepassing van vastgestelde regels, tot verbetering leiden van de veiligheid en snelheid op basis van de vaststelling van nieuwe criteria inzake snelle bezorging van goederen en de levering van de betreffende diensten. Eerste vereiste daarvoor is daarom een steeds grotere veiligheid in het vervoer door het hele gebied van de EU, met inbegrip van het vervoer van gevaarlijke goederen; dat zal naar mijn mening mogelijk worden met de tenuitvoerlegging van de maatregelen die in de richtlijn staan.

 
  
MPphoto
 
 

  Andrzej Jan Szejna (PSE), schriftelijk. − (PL) ) Ik stem vóór het verslag van Boguslaw Liberadzki over het vervoer van gevaarlijke goederen over land.

Professor Liberadzki een vooraanstaande specialist op gebied van vervoer. Zijn verslag is professioneel geschreven en geeft een grondige analyse van het gerezen probleem.

Een van de prioriteiten van de EU is ongetwijfeld ervoor te zorgen dat Europeanen veilige levensomstandigheden genieten. Dit houdt ook de veiligheid van het vervoer door de Unie in, en in het bijzonder het vervoer van gevaarlijke goederen. Het toegenomen verkeer van goederen en diensten heeft ook gezorgd voor een toename in weg- en spoorvervoer en vervoer via binnenvaart. Daarom steun ik het initiatief om deze vervoersvormen samen in een enkele richtlijn onder te brengen. Ik vind dat we op Europees niveau moeten streven naar vaststelling van wetgeving met de grootste toegevoegde waarde voor de burgers van de EU. Het samenbrengen van de regelingen in een enkel document van de EU zal hun transparantie en toegankelijkheid en ook de doeltreffendheid van hun toepassing vergroten.

 
  
  

- Verslagen-Jeggle (A6-0282/2007, A6-0283/2007, A6-0284/2007)

 
  
MPphoto
 
 

  Andreas Mölzer (ITS). - Mijnheer de Voorzitter, ik heb voor de verslagen van mevrouw Jeggle gestemd, omdat ik hoop dat het daardoor voor onze boeren gemakkelijker wordt om het hoofd boven water te houden. Er is een tijd geweest dat boeren heel goed van hun opbrengsten konden leven. Tegenwoordig stijgen de prijzen van levensmiddelen voortdurend, maar terwijl de grote bedrijven daarvan profiteren en flinke winsten opstrijken, wordt de gewone boer steeds meer gedwongen zijn hand op te houden. Vaak is een klein boerenbedrijf alleen nog rendabel als nevenactiviteit. Daarbij is liefde voor de natuur vaak de enige reden waarom velen die dubbele taak op zich nemen. Steeds meer boeren gooien echter de handdoek in de ring, wat in de sectoren fruit, groenten en diervoeders al heeft geleid tot de situatie dat we van import afhankelijk zijn.

Sinds de toetreding van Oostenrijk tot de EU is meer dan de helft van de Oostenrijkse boeren ermee opgehouden, dus met de melkproductie gestopt. We zullen daarom spoedig het moment bereiken waarop we niet meer zelf in onze behoefte aan verse melk en verse zuivelproducten kunnen voorzien.

 
  
MPphoto
 
 

  Hynek Fajmon (PPE-DE). - (CS) Mijnheer de Voorzitter, dames en heren, tijdens de stemming van vandaag over de drie verslagen over melk heb ik mijn steun uitgesproken voor de voorstellen van de Commissie, omdat ik vind dat ze stappen in de goede richting beschrijven.

De overmaat aan reglementering van de markt in melk en melkproducten voor consumptiemelk in de EU is zowel onnodig als zinloos en zowel consumenten als producenten lijden hieronder. Het is daarom zeer juist dat de bestaande regels worden geliberaliseerd. Het is aanbevelenswaardig dat naast de drie bestaande categorieën consumptiemelk er categorieën met een ander vetgehalte worden toegestaan. Het gevolg is dat zowel consumenten als producenten een grotere keuze krijgen. Een dergelijke ontwikkeling kan slechts worden toegejuicht.

De Commissie moet de liberalisering van de markt voor consumptiemelk feitelijk met kracht nastreven, omdat het bestaande stelsel van melkquota zowel verouderd als zinloos is. Er is geen reden om door te gaan met het opleggen van boetes aan producenten voor het produceren van grote hoeveelheden melk. Nu, op het moment dat de vraag naar melk en melkproducten in de hele wereld toeneemt, bewijzen melkquota duidelijk een obstakel te vormen voor de ontwikkeling van de melksector in de hele EU.

 
  
MPphoto
 
 

  Liam Aylward (UEN), schriftelijk. (EN) De huidige kracht van de melksector schept een groot optimisme onder de melkveehouders in Europa. Er is meer vraag naar zuivel in Azië, krimpende productie in Europa en het toegenomen gebruik van landbouwgrond voor biobrandstoffen in de Verenigde Staten drijft de prijs van zuivel op tot recordhoogte.

Als lid van het Europees parlement dat het platteland van Ierland vertegenwoordigt, ben ik blij dat melkveehouders een welverdiende meevaller krijgen, al blijven de productiekosten stijgen waardoor het vooral voor de kleinere melkveehouders moeilijk wordt om te overleven.

Een verandering in marktreguleringsmechanismen brengt instabiliteit met zich mee. Met de geplande opheffing van de melkquota tegen 2015 moeten voorzieningen worden getroffen om de wisselvalligheden van de markt op te vangen. De reactie van de producenten is onbekend. Een verhoging van de melkproductie zal leiden tot een sterke prijsdaling. Beschermende maatregelen die zijn toegestaan volgens de WTO zullen cruciaal zijn voor stabiliteit.

Momenteel worden uitvoerrestituties belast met het nultarief vanwege de sterke mondiale zuivelmarkt. We moeten ervoor zorgen dat deze mechanismen behouden blijven om mogelijk op een latere datum te worden ingevoerd.

Verandering in de zuivelsector is onvermijdelijk, maar er dient een goed begeleide overgang te komen om de Europese boeren een stabiele en schitterende toekomst te bieden.

 
  
MPphoto
 
 

  Ilda Figueiredo (GUE/NGL), schriftelijk. − (PT) Wij stemmen in met lijn van het verslag dat het belangrijk is om een belangrijke kwalitatieve stimulans aan het programma voor schoolmelk te geven. We betreuren het echter dat in de huidige vorm met de gekozen managementfilosofie en met de huidige toegekende middelen dit programma in veel opzichten een aanmoediging is geworden om te stoppen met het drinken van melk, gezien de slechte kwaliteit en de onbevredigende aard van de geboden producten in relatie tot de smaak van de leerlingen in het lagere vervolgonderwijs.

We zijn het daarom eens dat de reeks producten in dit programma moet worden uitgebreid, zowel qua variatie als op het punt van de rationalisatie van voeding en dieet. Laten we er echter wel aan denken dat we eenvoudige kwesties als het gebrek aan koelsystemen dringend moeten oplossen, omdat dit scholen en veel Portugese leerlingen belet iets anders te gebruiken dan UHT-melk.

De voedingswaarde van melk is bekend en we weten dat we de mensen moeten aansporen tot het drinken van melk. Maar om dat mogelijk te maken is er hulp nodig om kwaliteitsmelk te produceren en het zijn de talloze kleine kudden die de oplossing bieden; die ligt bij de grotere familieboerenbedrijven die door middel van niet-intensieve veehouderij de dorpsgemeenschappen in leven en het platteland bevolkt houden.

 
  
MPphoto
 
 

  Hélène Goudin en Nils Lundgren (IND/DEM), schriftelijk. (SV) De verslagen over melkproducten van de Commissie landbouw vormen een allegaartje. De Junilijst steunt de Commissie voor wat betreft het punt dat de productie en de verkoop moet worden toegestaan van consumptiemelk die niet is ingedeeld in een van de drie categorieën die op dit moment van toepassing zijn. Een dergelijke liberalisatie is goed en maakt de zaken gemakkelijker voor Zweden dat sinds 1995 problemen heeft met de aanpassing van Zweedse tradities aan de rigide regels van de EU inzake melkproducten.

De andere twee verslagen over melk bouwen voort op het Gemeenschappelijk landbouwbeleid van de EU en zijn door de Junilijst afgewezen. Melkproductie moet een zaak zijn van de vrije markt en onderworpen worden aan normale controles op levensmiddelen uit hoofde van de volksgezondheid.

De amendementen van de Commissie landbouw in het verslag A6-0283/2007 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector melk en zuivelproducten zijn eenvoudigweg absurd. De commissie doet het voorstel dat budgettaire besparingen in de melksector opnieuw worden verdeeld en dat een melkfondsherstructureringsprogramma wordt opgericht, dat steun wordt gegeven aan hen die in de melksector te maken hebben met een toenemende liberalisering van de markt, dat maatregelen ter bevordering van de afzet en inzake voorlichting op voedingsgebied (promotional activities) voor de melksector worden versterkt, dat steun wordt gegeven voor melkproductie in berggebieden en dat de schoolmelkregeling wordt versterkt.

Wij zijn sterk gekant tegen deze voorstellen. De Junilijst zou opmerken dat het wel zo goed is dat het Europees Parlement geen medebeslissingsbevoegdheid heeft in het landbouwbeleid van de EU, omdat de Unie dan in de val zou lopen van protectionisme en aanzienlijke subsidies voor alle verschillende groepen in de landbouwsector.

 
  
MPphoto
 
 

  Christel Schaldemose (PSE), schriftelijk. − (DA) De Deense afgevaardigden van de Socialistische Fractie in het Europees Parlement – de heer Rasmussen, mevrouw Thomsen, mevrouw Schaldemose, en de heren Jørgensen en Christensen – hebben niet alleen tegen de voorstellen gestemd, maar eveneens tegen de door het Parlement voorgestelde amendementen. Naar de mening van de delegatie is hervorming van de schoolmelkregeling noodzakelijk, maar het voorstel gaat niet ver genoeg. De delegatie is van oordeel dat steun voor melk met een hoog vetgehalte volledig moet worden afgeschaft, terwijl gezonde melk de meeste steun behoort te ontvangen.

De delegatie benadrukt echter dat ze steun geeft aan de hervorming van de landbouwsteun van de EU in de richting van een grotere marktoriëntatie, en dat het landbouwbeleid van de EU onder meer moet worden gekoppeld aan milieubeleid en initiatieven op het gebied van volksgezondheid.

 
  
MPphoto
 
 

  Catherine Stihler (PSE), schriftelijk. – (EN) Om de integriteit van dit Parlement te waarborgen, dienen alle leden met een financieel belang in de zuivelsector te verklaren dat ze een belang hebben bij deze stemmingen.

 
  
  

- Resolutie: B6-0267/2007

 
  
MPphoto
 
 

  Hubert Pirker (PPE-DE). - (DE) Mijnheer de Voorzitter, ik heb voor deze ontwerpresolutie gestemd, omdat ik van mening ben dat we na enige tijd moeten onderzoeken en beoordelen of deze maatregel ook echt nuttig en effectief is. Als de maatregel niet effectief is, moeten we hem afschaffen. Als de maatregel gedeeltelijk effect en nut heeft, zullen er geëigende aanpassingen nodig zijn. In ieder geval moeten we toewerken naar een gestandaardiseerde implementatie, dat wil zeggen naar uniformiteit bij de controles, zodat er een einde komt aan de ergerniswekkende situaties waarmee we op dit moment op de luchthavens worden geconfronteerd.

 
  
MPphoto
 
 

  John Attard-Montalto (PSE).(MT) Ik wil graag uitleggen dat er geen enkel compromis mag worden gesloten als het om de veiligheid gaat. We moeten begrip tonen voor beperkingen als het meenemen van vloeistoffen in een vliegtuig. Het is waar dat het een ongemak vormt, het is waar dat het vervelend is om de dingen die je bij je hebt weg te moeten gooien, maar aan de andere kant staat de veiligheid voorop; veiligheid is de beste weg.

Als de Britse geheime diensten ons vertellen dat er nog steeds een dreiging is, dan is er nog steeds een dreiging. We kunnen geen enkel compromis sluiten. Daarom moeten we zeer zorgvuldig zijn als we resoluties aannemen en moties aanvaarden die op deze zaak betrekking hebben, zodat we niet in enig opzicht zwak of lafhartig in onze houding lijken te zijn.

 
  
MPphoto
 
 

  Zita Pleštinská (PPE-DE). - (SK) Tijdens mijn geregelde zakenreizen ben ik getuige van vervelende problemen waarmee passagiers worden geconfronteerd die op luchthavens vloeistoffen in hun handbagage bij zich hebben. Passagiers moeten hun cosmetica afgeven. Ze kunnen gelukkig een halve liter mineraalwater drinken, maar aftershave of shampoo die de toegestane limiet overschrijden, eindigen in een gereedstaande container.

Passagiers zien deze strenge luchthavencontroles als een schending van hun rechten. Ze weten niet waarom ze dit moeten doen en zijn boos op de Unie met haar bureaucratische regels. Het doel van hun vlucht is anders en daarom begrijpen ze niet waarom ze afstand moeten doen van elementaire verzorgingsproducten. Evenmin hebben de medewerkers de tijd noch de bereidheid die nodig is om de strenge regels te rechtvaardigen als een geschikte maatregel tegen terrorisme.

Ik stem voor de ontwerpresolutie die voorstelt dat er een eind komt aan de controversiële maatregelen waardoor luchtreizigers worden getroffen en die de noodzaak benadrukt van onderzoek naar effectieve middelen om explosieven in vloeistoffen te ontdekken. Ik ben van oordeel dat de Europese Commissie het verbod op het meenemen van vloeistoffen aan boord van een vliegtuig grondig zal analyseren en – als er geen verdere feiten bekend worden – deze controversiële maatregel zal afschaffen.

 
  
MPphoto
 
 

  Gerard Batten, Derek Roland Clark, Nigel Farage, John Whittaker en Thomas Wise (IND/DEM), schriftelijk. (EN) Hoewel UKIP ten principale elke intrekking van EU-regelgeving steunt, gaat het hier om een kwestie van nationale veiligheid en als zodanig zou de partij geen maatregel kunnen steunen die luchtreizigers en bemanning in gevaar zou kunnen brengen. Zoals de Britse regering heeft aangegeven, blijft het terrorisme een ernstige en voortdurende dreiging.

 
  
MPphoto
 
 

  Graham Booth (IND/DEM), schriftelijk. (EN) Hoewel UKIP ten principale elke intrekking van EU-regelgeving steunt, gaat het hier om een kwestie van nationale veiligheid en als zodanig zou de partij geen maatregel kunnen steunen die luchtreizigers en bemanning in gevaar zou kunnen brengen. Zoals de Britse regering heeft aangegeven, blijft het terrorisme een ernstige en voortdurende dreiging.

Visie van de regering van het Verenigd Koninkrijk:

De regering is blij met de erkenning van de TRAN-commissie bij resolutie dat Europa een hoog veiligheidsniveau in de luchtvaart nodig heeft. Terrorisme blijft een ernstige en voortdurende dreiging. In de huidige situatie is het onpraktisch om meer dan een klein percentage te testen van de vloeistoffen die passagiers wensen mee te nemen. Terwijl er wordt gewerkt aan een betere, technologische oplossing vormen tot dat moment de voorlopige controles de enige behoorlijke garantie van de veiligheid van de passagiers.

 
  
MPphoto
 
 

  Glyn Ford (PSE), schriftelijk. (EN) Ik stemde voor deze resolutie in het bijzonder vanwege de daarin besloten vraag om een beoordeling van de effectiviteit en billijkheid van Verordening (EG) nr. 1546/2006 (vloeistoffen die aan boord van luchtvaartuigen worden gebracht). Wat ik het meest absurd vind, is dat ik naar Europa kan vliegen met belastingvrije vloeistoffen – alcohol, parfum of buiten de EU gekocht voedsel – maar dat als ik op een ander vliegtuig binnen de EU moet overstappen, dit door de autoriteiten in beslag zal worden genomen.

Is het niet bij de Commissie opgekomen dat terroristen zich waarschijnlijk sterker bewust zijn van de verordening dan de gemiddelde passagier en daarom dienovereenkomstig handelen? Het impliceert eveneens dat de veiligheid op alle buiten de EU gelegen luchthavens inferieur is aan de slechtste EU-luchthaven. Als een frequent luchtvaartpassagier vind ik dat moeilijk, zo niet onmogelijk om te geloven.

 
  
MPphoto
 
 

  Pedro Guerreiro (GUE/NGL), schriftelijk. – (PT) Met betrekking tot de verordening inzake het meenemen van vloeistoffen aan boord van vliegtuigen ben ik van oordeel dat het aannemen van het amendement – dat ook door onze Fractie in ingediend – dat de Europese Commissie “uitnodigt” die verordening in te trekken een positieve stap is, aangezien er geen aanwijzingen zijn dat deze effectief is op het punt van veiligheid en er evenmin overtuigende feiten zijn gepresenteerd, zoals beloofd was, door middel van een uitputtend openbaar verslag. Voorts werd benadrukt dat als de Commissie van plan is een verordening van deze aard in de toekomst te presenteren, zij eerst een verslag dient op te stellen waarin wordt aangetoond dat een dergelijke maatregel effectief zal zijn.

Ik wil er op wijzen dat, hoewel de huidige verordening wordt toegepast, de Commissie zelfs geen specifieke verklaring van de verboden en beperkingen waaraan het publiek wordt onderworpen, een lijst met uitzonderingen op deze regels of de redenen voor de maatregel heeft gepubliceerd of aan het publiek beschikbaar heeft gesteld. Evenmin zorgde de Commissie ervoor dat de luchtreizigers volledig en correct werden geïnformeerd over hun rechten vooral met betrekking tot gevallen van machtsmisbruik bij de toepassing van veiligheidsregels.

 
  
MPphoto
 
 

  Ian Hudghton (Verts/ALE), schriftelijk. – (EN) Ik steun maatregelen ter herziening van de huidige beperkingen inzake de hoeveelheid vloeistoffen die passagiers aan boord van vliegtuigen in de EU mogen brengen. Ik stemde voor de resolutie die aan de Europese Commissie vraagt om de beperkingen te herzien en ervoor te zorgen dat ze in verhouding staan tot de risico’s.

We hebben beperkingen nodig die realistisch zijn en in verhouding staan tot de mogelijke dreiging. We nemen de noodzaak van bescherming tegen terroristische dreigingen zeer serieus, maar onze maatregelen moeten proportioneel en gerechtvaardigd zijn.

Er bestaat bij verscheidene partijen bezorgdheid dat de huidige beperkingen die door de Europese Commissie zijn getroffen disproportioneel kostbaar zijn en ontwrichtend werken. Ik zie graag dat de situatie opnieuw wordt bekeken, en, als deze beperkingen blijven, dat de Commissie dan duidelijk aangeeft waarom ze precies nodig zijn.

 
  
MPphoto
 
 

  Timothy Kirkhope (PPE-DE), schriftelijk. (EN) De Britse conservatieven staan geheel achter een herziening van de regeling inzake de vloeistoffen die passagiers wel of niet aan boord van vliegtuigen mogen meenemen. De manier waarop deze verordening binnen de EU is toegepast, is verschillend. Dat heeft geleid tot inconsistenties en onmiskenbare onbillijkheden. Iedere herziening dient dit aspect als een spoedkwestie behandelen. We vinden het echter niet juist om in dit stadium op te roepen tot een intrekking van de regelingen, gezien het beginsel dat niet vooruit dient te worden gelopen op de uitkomst van een onderzoek door deskundigen en dat de bescherming van het publiek voorop moet staan.

 
  
MPphoto
 
 

  Roger Knapman (IND/DEM), schriftelijk. (EN) UKIP ondersteunt de intrekking van alle EU-regelgeving. Dit is echter een bijzondere maatregel die voor passagiers en bemanning een gevaar oplevert en die we daarom niet kunnen ondersteunen.

 
  
MPphoto
 
 

  David Martin (PSE), schriftelijk. (EN) Ik stemde tegen deze resolutie die bedoeld is ter intrekking van bestaande regelgeving die vorig jaar werd ingevoerd en die beperkingen oplegt met betrekking tot vloeistoffen aan boord van vliegtuigen. Ik ben bezorgd dat Britse liberale en groene leden van het Europees Parlement nu de mogelijkheid hebben geschapen om deze regeling in te trekken, zelfs tegen het klemmende advies van zowel de veiligheidsdiensten als het ministerie van transport om deze regeling in stand te houden. Hoewel ik instem met een doorlopende herziening van de regelgeving, is het zowel voorbarig als gevaarlijk om de huidige regelgeving in te trekken.

 
  
MPphoto
 
 

  Luís Queiró (PPE-DE), schriftelijk. – (PT) Ik vind dat er sprake is van een reële bedreiging van de veiligheid in het luchtvervoer en dat de daarmee gepaard gaande risico’s enorm zijn. Daarom ben ik van mening dat het ongemak voor passagiers in verhouding staat tot datgene wat we beschermen en dat er in de kwestie hier geen sprake is van schending van rechten, vrijheden of waarborgen, maar eenvoudigweg van een technische maatregel die bewezen heeft effectief te zijn. Ik ben daarom van oordeel dat het Europees Parlement te gehaast is en zijn bevoegdheid overschrijdt door te vragen dat de Verordening inzake vloeistoffen die aan boord van een vliegtuig worden gebracht, niet moet worden ten uitvoer gelegd tenzij er nieuwe aanwijzingen zijn die een dergelijke tenuitvoerlegging steunen.

Het voorzorgsbeginsel zou voorschrijven dat het beter is enig licht ongemak te ondervinden dan met een ramp te maken te krijgen. Het veiligheidsbeginsel schrijft voor dat we de dingen niet gemakkelijker moeten maken, tenzij we zeker zijn van de eraan verbonden risico’s.

Ik stemde tegen de ontwerpresolutie waarin maatregelen worden vastgesteld voor de tenuitvoerlegging van de gemeenschappelijke basisnormen op het gebied van de beveiliging van de luchtvaart (meebrengen van vloeistoffen aan boord van een vliegtuig).

 
  
MPphoto
 
 

  Frédérique Ries (ALDE), schriftelijk. – (FR) Op een moment dat een groot aantal vakantiegangers weer aan het werk gaat, is het verstandig na te denken over enkele veiligheidsregels aan boord van vliegtuigen en op luchthavens.

Als geheugensteuntje: jaarlijks passeren er meer dan zestien miljoen passagiers de nationale luchthaven van Brussel en sinds november vorig jaar zijn zij onderworpen aan een verbod op het meevoeren van vloeistoffen in hun handbagage.

Volgens mij is er geen sprake van afbreuk doen aan de veiligheid. Een groot aantal passagiers heeft echter geklaagd over de manier waarop dit verbod op de verschillende Europese vliegvelden wordt gehandhaafd: op sommige vliegvelden kunnen zij op de luchthaven gekochte producten meenemen in hun handbagage, op andere niet.

Daar komt bij dat het lastig is zo’n soort maatregel op passagiers toe te passen als de toegevoegde waarde op het punt van veiligheid niet boven twijfel is verheven en dat lijkt niet het geval te zijn.

Het lijkt mij dus redelijk om aan de Commissie te vragen de redelijkheid van deze maatregel aan te tonen en, als dit bewezen is, te zorgen voor uniforme toepassing met een grote transparantie. Op die manier zullen de reizigers eindelijk weten wat ze moeten doen.

 
  
MPphoto
 
 

  Peter Skinner (PSE), schriftelijk. (EN) Ik stemde tegen dit verslag, omdat het belangrijk is dat deze maatregel niet wordt ingetrokken. Wel is het echt zinvol om de gevolgen van deze maatregel te onderzoeken. De passagiers die via Europese luchthavens zoals Gatwick in mijn regio reizen, zijn vaak in verwarring en ontdaan door de toepassing van deze regeling. In het bijzonder de manier waarop van passagiers wordt verwacht dat ze hun “belastingvrij” op een luchthaven gekochte vloeistoffen moeten geven aan de autoriteiten die handbagage controleren. Het probleem schijnt te liggen bij passagiers die onderweg zijn en die op de luchthaven “op doorreis” aankopen doen en vervolgens trachten om via de beveiligingscontrole hun vlucht te vervolgen. Ik was tegen een volledige intrekking, omdat er nog steeds terechte zorgen zijn over de veiligheid die onze eerste prioriteit moet zijn. Er zijn ook alternatieven voor een eenvoudige intrekking die gerieflijker zijn voor de passagiers en waarbij de veiligheid gehandhaafd blijft.

 
  
MPphoto
 
 

  Geoffrey Van Orden (PPE-DE), schriftelijk. (EN) De huidige, ondoordachte beveiligingsmaatregelen op luchthavens en in vliegtuigen zijn een ongelukkige en voortdurende herinnering aan het terrorisme. Ze zijn niet bevorderlijk voor het vertrouwen van de burger. Er moeten beveiligingscontroles zijn – zowel aan de publieke kant als aan de luchtzijde (airside). Maar deze zouden zinvol en flexibel moeten zijn. Boven alles, zouden ze effectiever moeten worden. Dit houdt “profilering” in, een kernmaatregel die wordt vermeden uit angst voor een beschuldiging van “discriminatie”.

Het is merkwaardig dat de Europese Commissie denkt groen licht te hebben gegeven aan nieuwe veiligheidsmaatregelen voor de Europese luchthavens. Regeringen van EU-landen dienen hun maatregelen te coördineren, maar dit dient geen voorwendsel te zijn om de competentie van de Commissie naar nieuwe gebieden uit te breiden. Zeker, de Britse regering dient zich te verzetten tegen elke verdere poging om ons nationale veto op het gebied van justitie en politie op te heffen. De International Civil Aviation Organisation, met haar mondiale bereik is het geschikte lichaam om ervoor te zorgen dat de luchthavens overal ter wereld voldoen aan de veiligheidseisen. We onthielden ons van stemming over de resolutie.

 
  
  

- Verslag-Ayala Sender (A6-0286/2007)

 
  
MPphoto
 
 

  Jean-Pierre Audy (PPE-DE), schriftelijk. – (FR) Ik stemde vóór het verslag van mijn collega mevrouw Ayala Sender, dat ingaat op de mededeling van de Commissie over de goederenlogistiek in Europa en duurzame mobiliteit. We kijken uit naar het verslag van de Commissie over het actieplan voor goederenlogistiek in de herfst 2007. De tijd dringt echter dat er over het onderwerp logistiek een debat wordt begonnen over het ambitieuze Europese beleid inzake territoriale ontwikkeling, dat in het bijzonder gebaseerd is op de financiering van de infrastructuur (autosnelwegen, spoorwegen, luchthavens, havens, nieuwe technologieën, satellieten, enzovoort) met behulp van vreemd vermogen door, bijvoorbeeld meer gebruik te maken van de Europese Investeringsbank (EIB), die ongeveer 1 000 miljard euro kan vrijmaken van het investeringspotentieel over 10 jaar, publiek-private partnerschappen (PPP’s), enzovoort. Een ambitieus Europees beleid inzake territoriale ontwikkeling dat is gebaseerd op aanzienlijke investeringen is een van de voorwaarden zijn om logistieke ondernemers in staat te stellen hun taak naar behoren en kostenefficiënt te vervullen met inachtneming van het milieu.

 
  
MPphoto
 
 

  Hélène Goudin en Nils Lundgren (IND/DEM), schriftelijk. (SV) Het is terecht om samen te werken aan het inrichten van een soepel functionerend vervoerssysteem tussen lidstaten met een zienswijze over het stimuleren van de interne markt. Wij stellen echter vraagtekens bij veel afzonderlijke punten in dit verslag. Zo delen wij niet de visie dat het gemeenschappelijk vervoersbeleid te weinig middelen krijgt en dat EU verdere investeringen op dit gebied moet doen. We twijfelen aan de noodzaak tot gemeenschappelijke opleidingsnormen voor personeel dat betrokken is bij vervoer en logistiek, omdat we er alle vertrouwen in hebben dat elke lidstaat in staat is dit gebied op bevredigende wijze te beheersen. Ten slotte zijn we van oordeel dat de lidstaten onafhankelijk moeten besluiten of er al dan niet vrachtwagens van zestig ton worden toegelaten. Vanwege deze kritische kanttekening hebben we ervoor gekozen tegen het verslag te stemmen.

 
  
MPphoto
 
 

  Pedro Guerreiro (GUE/NGL), schriftelijk. – (PT) Hoewel veel overwegingen met betrekking tot dit verslag een vermelding verdienen, moeten we in deze stemverklaring erop wijzen dat we niet begrijpen waarom het door ons voorgestelde amendement werd verworpen. Dit amendement streefde naar het opnemen van een vermelding van de buitenste regio’s – zoals de Azoren en Madeira – binnen de vaststelling van de prioriteiten voor goederenlogistiek in de verschillende EU-landen.

Onze amendementen die werden verworpen, legden het accent op:

- het strategisch belang van overheidsdiensten en hun bijdragen aan de publieke sector bij de bevordering van economische, sociale en territoriale cohesie, en kritiek op beleidsopvattingen die de rol van de staat als verschaffer van openbare diensten betwisten;

- het stimulerend effect van overheidsinvesteringen die medegefinancierd worden door het Structuurfonds krachtens het cohesiebeleid dat private investeringen aantrekt en de mogelijkheid van het gebruik van gemeenschapsfondsen om private investeringen te financieren in die gevallen waarin er geen overheidsinvesteringsstrategie is.

De verwerping is des te opmerkelijker aangezien het verslag er nota van neemt dat logistiek in eerste instantie een zakelijke activiteit is, maar dat de overheid als katalysator kan dienen en verzoekt om bij het financieren van logistiek als onderdeel van het actieplan de beste praktijk tot algemene leidraad te maken, zoals verschillende initiatieven voor het gebruik van gecombineerde privé- en overheidsfinanciering.

Voor de goede verstaander…

 
  
MPphoto
 
 

  Dieter-Lebrecht Koch (PPE-DE), schriftelijk. (DE) Ik heb vooral voor de richtlijn gestemd omdat ze het publiek meer bewust maakt van de vervoerssector. Vervoerslogistiek is per slot van rekening een van de bepalende factoren voor economische groei, concurrentievermogen en leefbaarheid in Europa en draagt bij aan het verminderen van de belasting van het milieu.

Wat naar mijn idee echter niet in deze richtlijn thuishoort, zijn de te weinig onderbouwde en kortzichtige uitspraken over de toelating van extra lange vrachtwagens. Ik stem alleen voor de richtlijn omdat ik hoop dat de Commissie deze kwestie op korte termijn oppakt en apart regelt. Daarbij moet zowel op veiligheids- en milieuaspecten als op vervoers- en logistieke aspecten worden gelet. De nieuwste technologische verworvenheden moeten even goed aan de orde komen als de mogelijkheden om op politiek niveau strenge regels voor het gebruik van dergelijke voertuigen vast te stellen. Voorbeelden zijn voorschriften voor het gebruik van rijhulpsystemen zoals hulpsystemen bij het remmen en het wisselen van rijbaan, adaptieve cruisecontrol, camerabewaking rondom het voertuig, maar ook voorschriften voor bestuurbare assen en de verdeling van de aandrijfkracht over verschillende wielen. Ten slotte moet men bij extra lange vrachtwagens niet automatisch denken aan een toelaatbaar totaalgewicht van 60 ton. Men dient ook te bedenken dat extra lange vrachtwagens met een totaalgewicht van 44 ton juist wegen ontlasten, enorme voordelen voor de economie, het vervoer en het milieu opleveren en het vervoer per spoor niet benadelen, omdat dat de toenemende vervoersbehoefte helemaal niet kan opvangen.

 
  
MPphoto
 
 

  Robert Navarro (PSE), schriftelijk. – (FR) Hoewel ik blij ben met de aanneming van het initiatiefverslag van mevrouw Ayala Sender over logistiek, dat het belang onderstreept van intermodaliteit voor een schoner en duurzamer vervoer, kan ik slechts treuren om de aanneming van paragraaf 21 waar ik in de Commissie vervoer en toerisme al tegen heb gestemd.

Ik stemde tegen deze paragraaf omdat zestig-ton vrachtwagens, waar deze paragraaf nu juist de deur voor opende, gevaarlijk zijn voor het milieu en voor de weggebruikers, omdat onze wegen niet berekend zijn op het dragen van deze ladingen. De argumenten van de wegenpressiegroepen zijn bedrieglijk: terwijl de laadcapaciteit van de huidige zware vrachtwagens al onderbenut is, is de reductie van vervuilende brandstofuitstoot waarmee mensen ons proberen te lokken op basis van “minder voertuigen voor meer vervoerde goederen” een truc. Wat betreft de impact van deze bakbeesten op onze infrastructuur, het zal uiteindelijk terechtkomen op de schouders van belastingbetalers vanwege explosieve budgetten voor herstellingswerkzaamheden van wegen.

Ten slotte, wat betreft de veiligheid op de weg, afgezien van de risico’s veroorzaakt door schade aan de infrastructuur vertegenwoordigt de reusachtige afmeting van deze monsters op de weg een gevaar voor alle andere gebruikers.

 
  
MPphoto
 
 

  Brian Simpson (PSE), schriftelijk. – (EN) Hoewel ik het verslag van Ayala Sender zal steunen, omdat het een aantal goede en constructieve voorstellen bevat met betrekking tot het technische onderwerp van goederenlogistiek, ben ik op een aantal punten bezorgd.

Een van de dingen die mij zorgen baren, is de mogelijkheid van het introduceren van 60-tons megavrachtwagens door heel Europa. Dat is volgens mij een ondoordacht en ongeschikt idee, nu het slecht gaat met het goederenvervoer per spoor en de nationale infrastructuren geen 60-tons vrachtwagens kunnen verwerken. Het lijkt daarom dwaas om het huidige maximaal gewicht los te laten. Ik begrijp dat sommige landen al 60-tons vrachtwagens hebben. Daarom is het juist om lidstaten zelf te laten beslissen wat hun nationaal toegestaan maximaal gewicht mag zijn. Dit dient echter niet te worden beschouwd als het geven van groen licht aan 60-tons vrachtwagens als zodanig, noch dient het te worden gezien als een soort van “eerste stap”-scenario die tot grote gevolgen kan leiden.

Helaas kreeg het uitstekende verslag van mevrouw Ayala Sender een onbillijke behandeling, omdat leden en de media slechts een onderdeel daarvan hadden uitgelicht, namelijk 60-tons megavrachtwagens. Het is daarom terecht om nog eens te herhalen dat er geen verplichting bestaat voor de lidstaten om deze megavrachtwagens op hun nationale wegennet toe te laten.

 
  
MPphoto
 
 

  Andrzej Jan Szejna (PSE), schriftelijk. − (PL) Ik stem vóór het verslag van Inés Ayala Sender over goederenlogistiek in Europa – sleutel tot duurzame mobiliteit.

Mevrouw Ayala Sender heeft een zeer goed verslag gepresenteerd dat een diepgaande analyse van dit belangrijke vraagstuk verschaft. Zonder een effectieve logistieke sector zijn doelen met betrekking tot groei, werkgelegenheid en toenemende aantrekkingskracht van de Europese Unie voor investeerders en werknemers – met andere woorden, de belangrijke pijlers van de strategie van Lissabon – niet haalbaar. Logistiek vormt een belangrijk element in de ontwikkeling van Europa en zijn concurrentievermogen in de internationale arena. De totale logistieke activiteiten vormen dertien procent van het BNP in de EU.

We moeten ook de enorme uitwerking van de juiste logistieke oplossingen op de beperking van de milieuvervuiling voor ogen houden, en de wijze waarop het energieverbruik wordt beperkt.

Mijn standpunt is dat we een verslag moeten steunen dat ernaar streeft vorm te geven aan een actieplan op het gebied van logistiek op Europees niveau.

 
  
  

- Resolutie: B6-0322/2007

 
  
MPphoto
 
 

  Jean-Pierre Audy (PPE-DE), schriftelijk. – (FR) Ik stemde vóór de ontwerpresolutie van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken waarin wordt gesteld dat het netwerk van EURES (European Employment Services – Europees netwerk voor de werkgelegenheid) moet uitgroeien tot een belangrijk communicatieplatform voor de Europese arbeidsmarkt en een centraal aanspreekpunt voor geografische en beroepsmobiliteit. Dit centraal aanspreekpunt moet erop gericht zijn de bestaande hinderpalen, met name in beroepsgerelateerde socialezekerheidskwesties, uit de weg te ruimen en alle werknemers te informeren over hun individuele rechten, Geografische en beroepsmobiliteit is een onmisbaar instrument voor het succes van de herziene strategie van Lissabon en meer in het algemeen voor de goede werking van de interne markt op basis van de sociale markteconomie. Het is een belangrijke uitdaging voor de invoering van de “flexizekerheid” bij de aanpak van de werkgelegenheid, dat wil zeggen een aanpak die een grotere flexibiliteit toelaat bij het beheer van de menselijke hulpbronnen, terwijl deze de zekerheid van de baan biedt die door onze medeburgers wordt verwacht.

 
  
MPphoto
 
 

  Françoise Castex (PSE), schriftelijk. – (FR) Ik stemde vóór de resolutie betreffende het EURES-activiteitenverslag 2004-2005 over de bijdrage van EURES aan één Europese arbeidsmarkt.

Ik meen dat geografische en beroepsmobiliteit een onmisbaar instrument is voor het succes van de herziene strategie van Lissabon.

In dit opzicht vind ik dat de Europese Commissie de geografische en beroepsmobiliteit van werknemers verder moet bevorderen door middel van een groter budget voor 2007 om projecten op het gebied van internationale personeelswerving en grensoverschrijdende partnerschappen te steunen.

 
  
MPphoto
 
 

  Ilda Figueiredo (GUE/NGL), schriftelijk. − (PT) Het EURES-netwerk wordt voorgesteld als een mogelijk communicatieplatform voor de Europese arbeidsmarkt, dat wil zeggen als een factor die kan bijdragen om de geografische en beroepsmobiliteit van werknemers te stimuleren. Het netwerk moet zich ook richten op de huidige tekortkomingen op het punt van informatieverstrekking ter vermijding van de afschuwelijke situaties waarmee werknemers in verschillende landen worden geconfronteerd wanneer ze daarheen moeten migreren voor werk, in het algemeen vanwege de werkloosheid in hun eigen land, zoals het geval is bij Portugese werknemers.

We moeten de informatievoorziening verbeteren over sociale zekerheid en over rechten van werknemers met betrekking tot vakantie, loon, uitkering wegens ziekte en vergoedingen voor onderwijs en opleiding. We moeten ervoor zorgen dat de rechten van werknemers die in een ander land dan hun land van oorsprong gaan werken naar behoren worden erkend en nageleefd. Een belangrijke kwestie die moet worden aangepakt, is het gebrek aan controle. Het is bekend dat van werknemers wordt geëist dat ze lange werkdagen maken, zonder behoorlijke huisvesting en zelfs zonder arbeidscontact. Vaak krijgen ze veel minder loon dan aanvankelijk was afgesproken.

Deze vraagstukken moeten worden aangepakt als we willen komen tot een probleemloze mobiliteit van werknemers

 
  
  

- Verslag-Foglietta (A6-0303/2007)

 
  
MPphoto
 
 

  Zuzana Roithová (PPE-DE). - (CS) Ik steunde het verslag gericht op het bijdragen aan een vermindering van het alcoholgebruik in de gevallen waarin het excessief en gevaarlijk is. Ik steun ook de 0,00% grens maar voor alleen beroepschauffeurs.

Ik ben tegen waarschuwingsetiketten die ongedifferentieerd worden toegepast. Die beschouw ik als vrijblijvend en vallend buiten de bevoegdheid van de EU. Ik meen dat het de verantwoordelijkheid is van de nationale parlementen om dergelijke maatregelen aan te nemen. Maatregelen dienen niet ongedifferentieerd te worden toegepast, niet populistisch of vrijblijvend te zijn, maar zich eerder te richten op onderwijs aan risicodoelgroepen die bedreigd worden met excessief alcoholgebruik.

 
  
MPphoto
 
 

  Erna Hennicot-Schoepges (PPE-DE). (FR)

Mijnheer de Voorzitter, de presentatie van het initiatiefverslag van de heer Foglietta heeft commentaren ontlokt die zouden kunnen leiden tot de veronderstelling dat alle leden van de Fractie van de Europese Volkspartij (Christendemocraten) en de Europese Democraten het ernstige probleem van alcoholisme onderschatten. De terloopsheid waarmee de problemen van de afhankelijkheid van alcohol worden verborgen uit ontzag voor de producenten van alcoholische dranken en hun pressiegroepen kan ik niet goedkeuren. De bescherming van jonge mensen verdient een betere inzet. Dat geldt ook voor de behandeling van alcoholisme als een ernstige ziekte die iedereen in de omgeving van de betreffende persoon raakt. Uiteindelijk zal dit initiatiefverslag niets veranderen aan de werkelijke situatie.

 
  
MPphoto
 
 

  Jan Andersson, Göran Färm, Anna Hedh en Inger Segelström (PSE), schriftelijk. (SV) We hebben bij de eindstemming vóór het verslag gestemd. We zouden niettemin liever hebben gekozen voor strengere voorwaarden bij waarschuwingen op flessen met sterkedrank en bij de risico’s van alcoholgebruik door vrouwen tijdens zwangerschap. We betreuren het dat het Parlement niet in staat was in de plenaire behandeling de amendementen en de gedeelten van de bestaande tekst die daarmee overeenstemmen, te steunen.

 
  
MPphoto
 
 

  Jean-Pierre Audy (PPE-DE), schriftelijk. – (FR) Ik stemde vóór het initiatiefverslag van de heer Foglietta over een strategie van de Europese Unie voor ondersteuning van de lidstaten bij het beperken van aan alcohol gerelateerde schade. De Commissie deed er goed aan een mededeling te publiceren over alcoholmisbruik en de schadelijke gevolgen daarvan voor de gezondheid. Ik steun de aanbevelingen, met inachtneming van het beginsel van subsidiariteit, voor ambitieuze algemene doelstellingen voor de lidstaten met het oog op het terugdringen van alcoholmisbruik, vooral bij kwetsbare sociale groepen zoals kinderen, jonge mensen en zwangere vrouwen. Ik ben blij dat EP-parlementariërs in hun wijsheid erkennen dat het gebruik van alcoholische producten kan worden beschouwd als onderdeel van het cultureel erfgoed en de levensstijl van Europa, en dat lage alcoholconsumptie (tien gram per dag) onder bepaalde omstandigheden helpt sommige aandoeningen te voorkomen.

 
  
MPphoto
 
 

  Liam Aylward (UEN), schriftelijk. (EN) Na tabak en hoge bloeddruk staat alcoholmisbruik op de derde plaats van de belangrijkste oorzaken van gezondheidsstoornissen en voortijdige sterfgevallen in de EU, die miljoenen aan gezondheidszorg kosten. Met alcohol verband houdende verkeersongevallen blijven levens eisen, terwijl met alcohol verband houdende delicten op het gebied van openbare orde en het alcoholgebruik door minderjarigen in heel Europa toenemen.

Het beste instrument voor een efficiënt terugdringen van schade die verband houdt met alcoholgebruik is een werkelijk besef ervan in combinatie met handhaving. Effectieve voorlichting thuis en op school vanaf het basisonderwijs dient voorop te staan.

Mannen en vrouwen dienen beter te worden voorgelicht over het risico van alcohol tijdens de zwangerschap en over FASD in het bijzonder. Ik steun de oorspronkelijke bewoordingen van het rapport waarin nadruk wordt gelegd op een geschikte waarschuwing op de verpakking van alcoholhoudende dranken die vrouwen ervan zou kunnen weerhouden voor en tijdens de zwangerschap alcohol te drinken. Ik roep de Ierse regering op om onderzoek in te stellen naar een verplichte etikettering van alcoholhoudende drank om dit syndroom aan te pakken.

Ik ben er een groot voorstander van de Commissie te vragen een onafhankelijk onderzoek te bevorderen naar de resultaten van innovatieve communicatiemiddelen, waaronder etikettering als manier om riskante en nadelige alcoholconsumptie te verminderen.

 
  
MPphoto
 
 

  Jens-Peter Bonde (IND/DEM), schriftelijk.(DA) De Junibeweging is voorstander van waarschuwingsetiketten op alcoholische dranken. Wanneer deze voorstellen terugkomen in het Parlement zullen wij minimale regelgeving voor etikettering nastreven, zodat de lidstaten regelgeving kunnen opstellen in overeenstemming met het voorzorgsbeginsel.

 
  
MPphoto
 
 

  Françoise Castex (PSE), schriftelijk. – (FR) Naar mijn mening nemen de problemen die samenhangen met alcoholmisbruik in alle EU-lidstaten zorgwekkende afmetingen aan.

Naast het traditioneel uitbundige alcoholgebruik dat per regio en per lidstaat verschilt, is het noodzakelijk eraan te denken dat regelmatig, excessief alcoholgebruik een schadelijk effect op de gezondheid en ernstige, directe gevolgen heeft: verkeersongevallen en antisociaal gedrag.

Daarom moeten we dringend alcoholproducenten en distributeurs aan hun verantwoordelijkheden herinneren, ondernemers in de sector vragen de noodzakelijke steun te verlenen, scholen en gezinnen erbij betrekken, een boodschap aan jonge mensen brengen met positieve voorbeelden en het bewustzijn voor risico’s vergroten onder de kwetsbare sectoren van de samenleving.

 
  
MPphoto
 
 

  Ilda Figueiredo (GUE/NGL), schriftelijk. − (PT) Het verslag brengt zonder in detail te treden het centrale vraagstuk van de onderliggende oorzaken van alcoholmisbruik terloops ter sprake en heeft daarom het nadeel van wat we een cognitief-repressieve aanpak noemen die gebaseerd is op de inschatting van het evenwicht tussen risico, dreiging en bestraffing.

Laten we eraan denken dat elk verslavend middel en elk verslavend gedrag zijn eigen kenmerken heeft. Het verslag vermeldt de noodzaak om effectieve conclusies te trekken op basis van de verzamelde gegevens, maar slaat een weg in die naar een reeds uitgemaakte conclusie lijkt te leiden.

Voordat we de grote kwestie “alcohol en de werkplek” aanpakken, behoren we het kapitale belang van rolmodellen bij de vorming van waarden en attitudes van jonge mensen te benadrukken. Zelfs bedrijfsgeneeskunde, die hier een centrale rol dient te spelen bij de preventie en therapeutische begeleiding, wordt gezien als een verlenging van de repressieve of uitbuitende arm van de werkgever in plaats van een onafhankelijke methode ter voorkoming van gezondheidsproblemen en ter bevordering van de gezondheid.

Er moet een begrotingspost komen voor het financieren van programma’s ter ondersteuning van werknemers die lijden aan stress op de werkplek, excessieve werkdruk, werkloosheid en baanonzekerheid, gericht op herkenning en behandeling van afhankelijkheid van alcohol, verbetering van werkomstandigheden, voorkoming van ziekte en bevordering van de gezondheid.

 
  
MPphoto
 
 

  Hélène Goudin en Nils Lundgren (IND/DEM), schriftelijk. (SV) De Junilijst heeft ervoor gekozen om tegen het verslag en een aantal amendementen te stemmen. Alcoholbeleid moet een nationale zaak zijn en kan daarom niet worden vormgegeven op EU-niveau. Elke lidstaat heeft zijn eigen drinkcultuur die de basis moet voor vormen voor de activiteiten van zijn burgers om de aan alcohol gerelateerde schade te verminderen.

Evenals op bijna alle andere gebieden worden internationale vorderingen dit gebied geboekt als landen hun weg langs verschillende wegen zoeken. Door lessen te trekken uit ervaringen van andere landen kan elk land zijn eigen alcoholstrategie op de best mogelijke manier ontwikkelen. Een dergelijke institutionele wedijver tussen landen is de reden voor historische successen van de Europese landen op bijna elk gebied. Het Parlement moet die wedijver niet belemmeren door het homogeniseren op EU-niveau door te drijven.

 
  
MPphoto
 
 

  Françoise Grossetête (PPE-DE), schriftelijk. – (FR) Ik stemde vóór dit verslag dat een aantal concrete voorstellen doet ter voorkoming van alcoholmisbruik onder kwetsbare groepen zoals jonge mensen en zwangere vrouwen.

Het verslag demoniseert niet een matige consumptie van wijn (behalve in het specifieke geval van zwangere vrouwen) die deel uitmaakt van onze cultuur en tradities, maar richt zich op alcoholmisbruik.

Ik ben ook blij met de voorgestelde maatregelen om aan zwangere vrouwen meer informatie te verstrekken over de risico’s die samenhangen met alcoholconsumptie tijdens de zwangerschap.

Alcoholconsumptie, zelfs in kleine hoeveelheden, is schadelijk voor de foetus. Gezichtsafwijkingen, microcefalie, neurologische problemen met opgewondenheid, gedragsproblemen, cognitieve problemen of zelfs achterlijkheid. Dit zijn enkele van de risico’s voor het kind.

Tot slot, ik ben tevreden met het voorstel om een passende mededeling gericht aan zwangere vrouwen via gezondheidsdiensten uit te doen gaan.

 
  
MPphoto
 
 

  Astrid Lulling (PPE-DE), schriftelijk. – (FR)

We zouden allemaal de riskante en nadelige alcoholconsumptie willen bestrijden, vooral bij jonge mensen die als nieuwste modieuze uitspatting het zoals de Duitsers dit noemen Koma-Saufen (comadrinken) kennen, een begrip dat in mijn eigen land heel bekend is.

Ik erken de bevoegdheid van de Europese Unie bij problemen op het terrein van de volksgezondheid en de rol die zij speelt bij de bevordering van de uitwisseling van informatie en beste praktijken tussen de lidstaten.

De resolutie benadrukt helaas slechts de schadelijke gevolgen van alcohol en niet de voordelen van een matig gebruik ervan. Het is wetenschappelijk bewezen dat een matig gebruik van wijn een preventief effect heeft op hart- en vaatziekte, kanker en dementie. Maar het is vanwege Europese regelgeving verboden deze nuttige informatie op etiketten te vermelden.

Waarom vrouwen voor en tijdens de zwangerschap waarschuwen en het effect van alcoholisme op zich voortplantende mannen veronachtzamen? Waarom hogere belastingen op alcoholische dranken aanbevelen als het duidelijk is dat alcoholisme het ergst is in landen met zeer hoge belastingen?

Ik wil het feit benadrukken dat er op Europees niveau geen sprake kan zijn van het bepalen van een toegestaan alcoholpromillage voor alle chauffeurs. Een nultolerantiebeleid voor chauffeurs die misdrijven begaan, al of niet onder invloed van alcohol, zou effectiever zijn in de strijd tegen de toename van het aantal verkeersslachtoffers.

 
  
MPphoto
 
 

  Mairead McGuinness (PPE-DE), schriftelijk. (EN) Ik stemde voor het bovengenoemde verslag en ben blij met de invoeging van wijzigingsvoorstel in hoofdstuk 16, waarbij ik vóór heb gestemd, waarin de schadelijke effecten van alcoholconsumptie tijdens de zwangerschap worden benadrukt.

Tegenwoordig mogen lidstaten gebruik maken van etikettering om consumenten te informeren over de potentieel schadelijke effecten van alcoholconsumptie, en dit is iets dat de Ierse regering beslist in overweging dient te nemen. Een zinvolle vooruitgang in termen van etikettering kan uitsluitend worden bereikt door een zekere mate van EU-harmonisatie op dit gebied.

Ik kijk uit naar de publicatie van het onderzoek van de Commissie naar de resultaten van innovatieve middelen van communicatie om riskante en nadelige alcoholconsumptie voor 1 januari 2010 terug te brengen, zoals wordt aanbevolen in het bovengenoemde verslag.

 
  
MPphoto
 
 

  David Martin (PSE), schriftelijk. (EN) Ik steunde dit verslag en ben blij dat er nu een werkelijke inspanning komt om alcoholconsumptie door minderjarigen en drinkgelagen aan te pakken. Ik steun ook de aanbeveling dat het maximaal toegestane alcoholpercentage in het bloed zo dicht mogelijk komt te liggen bij 0,00 procent, vooral voor nieuwe bestuurders van motorrijtuigen, hoewel ik besef dat een maximumgrens van 0,00 procent onpraktisch is. Ik geloof dat we alcopops los moeten zien van licht alcoholische drank in de supermarkt en ik ben blij dat het verslag dit onderscheid maakt.

 
  
MPphoto
 
 

  Jean-Claude Martinez (ITS), schriftelijk. – (FR) Het is prima om voorschriften te geven over melk, over de distributie ervan op scholen of in het leger, of over het instellen van een nieuwe categorie, maar de zuivelsector is iets anders.

In jaren tachtig van de vorige eeuw kregen we van de Commissie in Brussel te horen dat er melkmeren en boterbergen waren. Net als met graan werd er toen een “Malthusiaanse bureaucratie” ingevoerd. Onder de impuls van de Franse minister van landbouw, Michel Rocard, werden er melkquota uitgevonden. Dat is distributie, het opzettelijk produceren van schaarsheid Voor de eerste keer in de geschiedenis van de mensheid belemmerden mensen zichzelf bij de productie en deden ze afstand van de natuurlijke rijkdommen. Het kan nog erger, om zeker ervan te zijn dat we schaarsheid realiseerden, gingen we ertoe over een onbezonnen premie te verstrekken voor het slachten van vee.

Wat er moest gebeuren, is ook gebeurd. De belemmeringen voor de productie hebben de productie beperkt. Van de melkmeren naar het Aralmeer van de melk. Er is een tekort aan boter. Prijzen stijgen. Dit tekort was georganiseerd, op dezelfde manier als bij tarwe.

 
  
MPphoto
 
 

  Catherine Stihler (PSE), schriftelijk. - (EN) FAS (Foetaal Alcohol Syndroom) en FASD (Foetaal Alcohol Spectrum Disorder) dienen serieus als urgente zaken te worden beschouwd. Waarschuwingen voor FAS op alcoholhoudende producten, vergelijkbaar met die in de Verenigde Staten, in combinatie met een voorlichtingscampagne gericht op de volksgezondheid is een effectieve manier om te waarschuwen tegen de gevolgen van alcoholgebruik tijdens de zwangerschap. Er bestaat geen veilige grens van alcoholconsumptie tijdens de zwangerschap en vrouwen hebben het recht om de feiten te kennen. De alcoholindustrie dient dit als een urgente zaak te behandelen.

Ook dienen alle leden met een financieel belang in de alcoholindustrie een belangenverklaring af te leggen.

 
Juridische mededeling - Privacybeleid