De Voorzitter. − Aan de orde is het verslag (A6-0388/2007) van Nikolaos Vakalis, namens deCommissie regionale ontwikkeling, inzake de regionaleimpact van aardbevingen (2007/2151(INI)).
Nikolaos Vakalis (PPE-DE),rapporteur. – (EL)Mevrouw deVoorzitter, commissaris, dames en heren, ik heb om dit verslag gevraagd nadat ik de volgende ontdekking had gedaan.Hoewelin de 20ste eeuw meer dan 1,5 miljoen mensen wereldwijd zijn omgekomen door aardbevingen en een nog hoger aantal daardoor zijn gewond geraakt; hoewel aardbevingen de één na dodelijkste natuurrampen ter wereld zijn; en hoewel van 2002 – 2007 aardbevingen de vierde meest frequentenatuurrampen in de lidstaten en de kandidaat-landenzijn geweest, hebben wij in de EU slecht sporadisch en oppervlakkig gereageerd op dit probleem en dat slechts tegen de achtergrond van andere natuurrampen.
Ik voel mij nu gesterkt en ben ook tevreden met het feit dat mijn verslag is goedgekeurd door de Commissie regionale ontwikkeling en ook de steun geniet van alle politieke fracties. De boodschap van het Europees Parlement is duidelijk: in de toekomst dienen en kunnen wij, de EU, niet hetaardbevingsprobleem incidenteelen oppervlakkig behandelen; we dienen het te behandelen als een apart, afzonderlijk probleem en alleafzonderlijke aspecten en elementen ervan te bestuderen.
In het bijzonder wordt in het verslag de Commissiegevraagd om geen tijd te verspillenaan de voorbereiding van een mededeling met een risicoanalyse van aardbevingen en een onderzoek met betrekking tot preventie-, controle-, verlichtings- en herstelmaatregelen. Met andere woorden, de mededelingmoet gelijk zijn aan de mededeling overoverstromingen. Het Europees Parlementverwacht van de Commissiedat deze, in ieder geval binnen het bereik van een dergelijke mededeling, een aantal in het verslag genoemde voorstellen onderzoekt.
Ten eerste, deinvoering van beschermingsmaatregelen vooraardbevingen dienen in de toekomst eenhoofdvereiste te zijn voor de financiering van de infrastructuur door middel van het structuurfonds, vooral vanwege het feit dat aardbevingen een bedreiging vormen voor dealgehele economische en socialesamenhang van de getroffen regio’s. Aardbevingen vormenbovenal een bedreigingvoor het leven, de infrastructuur, de werkgelegenheid, het milieu, decultureleerfgoederenen het toerisme.
Ten tweede, we dienen de bouw vannieuwegebouwen te bevorderenen ook het behoud en de restoratie van oudegebouwen en bouwwerken, waaronder monumentendie niet voldoen aan de voorschriften voor bestandheid tegen aardbevingen.
Ten derde, dient de Europese Commissieervoor te zorgen dat meer gelden worden toegewezen aan overheidsinformatie en de opleiding van mensen die beroepshalve met aardbevingen te maken hebben.
Ten vierde, dient eenEuropesestrategievoor aardbevingsonderzoekte worden ontwikkeld. Daarbij moet rekening worden gehouden met niet alleen de daaruitvoortvloeiende sociale voordelen maar ook de economische voordelen.
Ten vijfde, er dient eentechnisch protocol te worden opgesteld inzake het gemeenschappelijke optreden van de EU in het geval van ernstige aardbevingen, met speciale nadruk op de crucialeinfrastructurenvoor transport, energie, telecommunicatie en volksgezondheid.
Ten slotte, dient het Barnier-voorstel nieuw leven te worden ingeblazen. Er dient ook een follow-up te komen op het Sarkozy-Karamanlis-voorstelvoor eenEuropesenoodhulpmacht voor civiele bescherming, door middel van een wetsvoorstel – met de nadruk op wet – van de Commissie.
Mevrouw deVoorzitter, commissaris, hetverslagdat morgen door dit Parlementdient te worden goedgekeurd, bevat specifiekevoorstellen. Wij – zowel de Commissieals de lidstaten – willen daar onmiddellijk op reageren en actie ondernemen met inachtneming van de verantwoordelijkheden van beide partijen.
Ik wil graag besluiten door de schaduwrapporteurs te bedanken voor hun uitstekende samenwerking en ook mijn collega-parlementsleden in allepolitiekefracties die mijn oorspronkelijke voorstel hebben verbeterddoor middel van hun correcties en amendementen.
Stavros Dimas,lid van de Commissie. −(EL)Mevrouw deVoorzitter, dames en heren, deCommissie en ik persoonlijk, wij willen de rapporteur, de heer Vakalis, bedanken voordit uiterst informatieve en waardevolle verslag.
Het is niet makkelijk om aardbevingen aan te pakken. Er is een adequate voorbereiding nodig en er dienen vooraf ookvoldoende maatregelente worden genomen zodat we weten hoe we met de ernstigste gevolgen moeten omgaan.
Het jaar 2007 was een belangrijk jaarvoor het ontwikkelen van manieren voor het omgaan met natuurrampen op EU-niveau. Niet alleen hadden we de grootste enkele mobilisatievan het civiele beschermingsmechanismevan de EU voor het bestrijden van de Grieksebosbranden, maar er werden twee nieuwe legislatieve maatregeleninzakeciviele bescherming aangenomen: hetfinanciële instrument voor civiele bescherming en een herziene Europeseciviele beschermingsmechanisme. Zoals was aangekondigd in september en volgend op de resolutievan het Europees Parlement inzake bosbranden en overstromingen, gaat de Commissie tevens een speciaal initiatief lanceren ter versterking van de EU-capaciteitvoor de aanpak van rampen.
Snelle en doeltreffende actie naar aanleiding van noodsituaties is duidelijk van essentieel belang, met name voor risico’s alsaardbevingen, die praktisch niet zijn te voorspellen. Zelfs wanneer onvoorziene gebeurtenissen plaatsvindendan kan en moet doeltreffende reactie toch worden aangevuld met passende preventieve maatregelen, zoalsvroegtijdige waarschuwingen, het beperken van mogelijke schade en ervoor zorgen dat de situatieonder controle kan worden gehouden.
Om deze redenen zal de Commissiein 2008 een compleet initiatief formuleren voor de verbetering van rampenpreventie in het algemeen.
Na respons en preventie, komt wederopbouw – de derde fase in de beheersingvan rampenalsaardbevingen. In dit opzicht ben ik verheugd met het verzoek van het Parlement aan de Raadom het voorstel inzake het Solidariteitsfonds te bevorderen.
Het financiële instrument voor civiele bescherming biedt een langetermijnfinancieringskader voor civiele bescherming zoalsreactieoperaties voor aardbevingen. Door middel van denieuweverordeningzijn de beschikbare gelden bijna verdubbeld. De Commissieheeft ook speciale plannen voor de aanpak van kwesties die verband houden met aardbevingen en dankzij het gelddat het Europees Parlementin 2006 heeft toegewezen aan het EU-budget, biedt de Commissie reeds steun aan het STEP-project. Dit project wordt geïmplementeerd door middel van een partnerschaptussen Italië, Portugal en Duitsland en heeft als doel de ontwikkeling van een mobiele evaluatie en administratie-eenheidvoor de bescherming tegen aardbevingen. De Commissieondersteunt de roep van de rapporteur, de heer Vakalis, om betere coördinatie. De gebeurtenissen vande afgelopen zomer hebben aangetoond dat, hoewel de EU civiele beschermingsreactie indrukwekkend was, er nog steeds ruimte is voor verbetering. Op grond van deaanbevelingen uit het Barnier-verslag, is de Commissienu parateciviele beschermingeenhedenaan het ontwikkelen die bestaan uit experts op het gebied van hulp bij rampen en die onmiddellijk kunnen worden gemobiliseerd.
Ten slottebenadrukt de rapporteur, de heer Vakalis, het belang van samenwerkingmet derdelanden. Het civiele beschermingmechanismefaciliteert samenwerkingmet derdelanden en met het Euromed-programma in de preventie enverzachting van en bescherming tegen natuurrampen en door de mens veroorzaakte rampen en het vormt nog een goed voorbeeld van samenwerkingop dit gebied.
Lambert van Nistelrooij, namens de PPE-DE-Fractie.–(NL) Voorzitter, geachte commissaris, ik wil allereerst de heer Vakalis complimenteren met zijn verslag. Als Griek heeft hij, ook wat zijn eigen regio en de burgers daar betreft, de zaken ter hand genomen en ook op heel korte termijn zijn initiatiefverslag afgewerkt. Ik ondersteun het verslag van harte.
Ik wil vandaag bij deze gelegenheid de rampenbestrijding, de rampenpreventie toch graag in een iets bredere context zetten, namelijk die van de klimaatverandering. Regenval, ernstige regenval zelfs, overstromingen, zeespiegelstijging enz. enz. zullen steeds intensiever voorkomen.
In dat verband wordt ook nadrukkelijk naar de Europese Unie gekeken. Ik heb van 31 oktober tot 2 november in Nieuwe York deelgenomen aan een debat met allerlei vertegenwoordigers uit werelddelen en regio’s bij de Verenigde Naties. Wat daar blijkt, is dat ze ook naar ons kijken en zeggen: Europa, wilt u zich voor preventie, preventieprogramma’s en de voorkoming van rampen inzetten en uw expertise inbrengen?
Ik denk dat we inderdaad, ook op het gebied van innovatie en solidariteit, op wereldschaal het nodige te bieden hebben. Ook mijn land, Nederland, gelegen onder de zeespiegel, heeft op dat gebied een bijzondere expertise waarmee we duidelijk iets kunnen doen. Het is dus goed dat wij vanuit de diverse fondsen in de Europese Unie een goed voorbeeld geven.
Ik wil graag nog eens onderschrijven wat vanmorgen in het debat met de hele Commissie werd gezegd: dat juist ons Solidariteitsfonds ook moet worden geflexibiliseerd. We hebben een heel goed fonds, een heel goed voorbeeld, maar op dit punt is er toch nog steeds een blokkade bij de Europese Raad.
Ten slotte, Voorzitter, heeft dit initiatief van de heer Vakalis nadrukkelijk een Europese dimensie. Rampen zijn vaak grensoverschrijdend, ze houden niet op aan de grens en daarom wil ik de initiatieven die ook in de Commissie worden genomen om de burgers beter te beschermen, ondersteunen.
Vasile Dîncu, namens de PSE-Fractie.–(RO)Mevrouw deVoorzitter, mijnheerde rapporteur, geachte collega’s, hetverslagover de regionale impact van aardbevingen was geen makkelijke onderneming, vooral omdat het op dezelfde wijze kwam als aardbevingen: heel snel en onverwachts. Om deze reden wil ik onze collega,de heer Vakalis,feliciteren voor de manier waarop hij erin is geslaagd dit project te leiden.
Aangezien aardbevingengeen ideologische connotaties hebben, hebben we geen meningsverschillen gehad onder onze fracties. Ons enige doel was het vinden vanpragmatische oplossingen voor het vullen van een gat in de wetgeving en om efficiëntereactiemechanismen te creëren op Europees niveau.
Ik wil graag zeggen datwe gedurendedeonderzoeksperiode voor dit verslaghebben ontdekt, zoals de heer Vakalis aanvankelijk al aanvoelde, dat er op het niveau van deEuropese Unieaanzienlijke gaten bestaan als het gaat om bescherming tegen aardbevingen.
We hebben geen gemeenschappelijke interventiemechanismenvoor aardbevingen. In veel Europeselanden en regio’s zijn er geen risicokaarten. In veel landenen regio’s ontbreekt relevante nationale wetgeving. We investeren heel weinig in onderzoek. We hebben geen Europeseonderzoeksagenda op het gebied van aardbevingsrisico’s.
Bescherming tegen aardbevingsrisico’s in verzekeringspolissen, bijvoorbeeld, ontbreekt of is minimaal. We hebben geenonderwijscampagnevoor de bevolking, hoewel we wel een Eurocod 8 hebben, welkeinstructies voor bescherming tegen aardbeving bevat. Dit geldt echter niet voor de stadsplanningverordeningenvoor nieuwebouwwerken.
We hebben ook nog andere voorstellen gedaan. De heer Vakalis heeft enkele daarvan genoemd. Diegenen onder ons van de Partij van de Europese Sociaal-Democraten hebben de steun voor het vestigen van een Europesenoodhulpmacht voor civiele bescherming benadrukt en de Commissieuitgenodigd om een voorstel hiertoe te doen. Ons voorstel was een Europeesgecentraliseerd instrument voor de preventie en beheersing van crisissituaties veroorzaakt door aardbevingen. We hebben aangedrongen op geavanceerd onderzoek en eenop Europees niveau gefinancierd programma.
Bij dit alles is de heer Vakalis te werk gegaan als een perfecte katalysator, hij heeft uitstekende samenvattende verslagen voorbereid voor compromisamendemententoen wij dreigden een verslagop te stellen dat zo dik zou worden als een woordenboek. Daarom geloof ik dat het verslag het resultaat is van uitmuntendteamwork en ik feliciteer de heer Vakalis en alle collega’s die hebben bijgedragen aan ditverslag.
VOORZITTER: MANUEL ANTÓNIO DOS SANTOS Ondervoorzitter
Marios Matsakis, namens de ALDE-Fractie. – (EN) Mijnheer de Voorzitter, mijn felicitaties aan het adres van de heer Vakalis voor het uitstekende werk dat hij heeft verricht. In dit verslag komt duidelijk naar voren dat er door de EU niet genoeg aandacht is besteed aan aardbevingen, ondanks het feit dat deze in de getroffen gebieden ingrijpende gevolgen hebben op economisch en sociaal terrein. Terecht stelt de rapporteur dat er dringend een reeks regelgevende en financiële maatregelen nodig is om deze ongelukkige stand van zaken weg te nemen. Zulke maatregelen zouden erop gericht moeten zijn de veroorzaakte schade te beperken en een snelle en effectieve hulpverlening aan de getroffen individuen en gemeenschappen te bevorderen.
De heer Vakalis verklaart dat speciale aandacht moet worden besteed aan onderzoek. Daar ben ik het mee eens. En dan niet per se onderzoek naar manieren om aardbevingen te voorspellen, aangezien die benadering duidelijk haar beperkingen heeft, maar eerder onderzoek naar de manier waarop wij onze huizen bouwen. Zo zou bijvoorbeeld onderzoek gedaan kunnen worden naar stevigere, sterkere en lichtere bouwmaterialen. Een ander gebied waar onderzoek kan helpen slachtoffers te voorkomen zijn veiligheidsvoorzieningen ter voorkoming van elektrocutie en het ontstaan van branden na een beving. Onderzoek naar telecommunicatiesystemen die niet zo makkelijk overbelast raken in de paniek die na een aardbeving ontstaat, en onderzoek naar specialistische apparatuur voor het opsporen en bevrijden van slachtoffers uit ingestorte gebouwen kan ook uitermate nuttig en lonend zijn.
Sebastiano (Nello) Musumeci, namens de UEN-Fractie. – (IT)Mijnheer de Voorzitter, commissaris, dames en heren, ik geloof dat de ontwerpresolutieinzake de regionale effectenvan aardbevingen voor heteerstop een logische en coherente wijzede kwestiebehandelt van aardbevingsgevoeligheid in delen van de Unie en derhalvede taak vanciviele beschermingsdiensten. Daarom zeg ik tot de rapporteur: u komt alle lof toe!
Ikbengefascineerd door en direct betrokken bijdeze aangelegenheid, want ik woon namelijk in de Europese regio met het grootste risico opaardbevingen en vulkaanuitbarstingen: Sicilië, aan de voet van de vulkaan Etna. Ik had onlangs het voorrecht om als Italiaanseregeringscommissarisvoor noodsituaties te dienen gedurendeeen ernstige uitbarsting van die vulkaan. Ik heb het probleem dan ook van dichtbij kunnen meemaken en ik weetook hoezeerItalië achterloopt als het aankomt op de voorspelling en preventie van risico’s,niet alleende aardbevingsrisico’s uiteraard.
Europaloopt echter ook heel ver achter op dit front. Ik hebbijvoorbeeldal jaren het Parlement en de Commissieverzocht een Europees agentschap voor de civiele bescherming opte richten dat verantwoordelijk is voor de coördinatievan de noodsituatiebeheersdiensten van de lidstaten en voor het formuleren van een uniform beleid inzakepreventie, voorspelling en opleidingvoor personeel en vrijwilligers.
De resolutie van vandaagschijntnu eindelijk eens in die richting te gaan. Maar eerlijk gezegdheeft de Europese Uniein haar geheel nog steeds geen cultuur van civiele bescherming, welke meestal niet meer is dan een onderwerp voor rondetafeldiscussies en verkiezingsbeloften, ook al staat eenieders recht op veiligheid op het spel. Alvorens de lokale betrokkenen, provincies, gemeenten en regio’s te vragen om concrete voorbeelden, dient Europa aan te tonen dat het eindelijk verandering wil doorvoeren. Ik geloof dat deze resolutiede eerste juiste stap in die richting zou kunnen zijn.
Diamanto Manolakou,namens de GUE/NGL-Fractie. – (EL)Mijnheer de Voorzitter, aardbevingen zijn onvermijdelijk, maar er kunnen beschermendeafschermingsmaatregelenworden genomen om sterfgevallen en verwoesting tot een minimum te beperken en mensen meer veiligheid te bieden.
De rapporteurstelt een aantaldeugdelijkemaatregelen voor die ik niet nog een keer zal herhalen. Ik moet echter toch nog benadrukken dat het noodzakelijk is om inspecties uit te voeren voordat aardbevingen plaatsvinden en omde gebouwen te versterken waar dit een probleem vormt, zowel in openbare als in private gebouwen zoalsfabrieken, scholen, recreatiecentra: ik bedoel dus plaatsen waar mensen in groten getale bijeenkomen. Tegelijkertijd dienen we open ruimtes te beschermen en uit te breiden om onderdak te bieden aan de bevolking na een catastrofaleaardbeving want de winstgevendheid van land heeftstadsontwikkeling aangemoedigd.
Wat nieuwbouw betreft, dient de kwaliteitvan materialenen de betrouwbaarheid van bouwvakkers te worden nagetrokken, want mensenlevens worden soms genegeerd met het oog op winst, zoals we hebben geconstateerd naar aanleiding van aardbevingen in Griekenland. Specialebeschermingsmaatregelendienen eerst te worden ingevoerd in gebieden met een hoger risico op aardbevingen. Dit zijn in essentiegebieden die dichtbebouwd, kansarm en minderbedeeld zijnen die huisvestingsproblemen kennen.
Het is waar dat er Gemeenschapssteun dient te komen voor herstel. Dit is immers het geld van de mensen. De regering dient zich ook aan de procedures te houden met betrekking tot de grond en huisvestingsomstandighedenvan het gebied zodat kan worden gezorgd voor de hoogst mogelijke aardbevingsbescherming en verbetering van woongebouwen.
Georgios Georgiou,namens de IND/DEM-Fractie. – (EL)Mijnheer de Voorzitter,ik wil graag mijn collega-parlementslid, de heer Vakalis,feliciteren en decommissaris, de heer Dimas, bedanken voor de hoopdie hij ons biedt voor de toekomst.
Bij brand kan men vluchten, mijnheer de Voorzitter, en als u kunt zwemmen, kunt u overstromingen ontvluchten. Bij aardbevingen kan men alleen maar hopen dat God redding biedt. Aangezien dit onze metafysischedoelstellingen en hoop betreft, zou het goed zijn als de EU redding biedt. Soms doen we dat helaas niet, want we hebben gezien dat het Solidariteitsfondswerd aangewendvoor slechts één enkele aardbeving, terwijl in gevallen van overstromingen en branden de EU veel meer bereidheid toonde. We begrijpen uiteraard dat krachtens de verordeningen de schade de 3 miljard euro moet overschrijden, maar de huizen die instorten zijn niet de woningen van Onassis of Bill Gates, maar veeleer die van de armen. We kunnen derhalve de verordeningen omzeilen. Aangezien deMiddellandseZeeregio vaak is getroffen door zeer ernstige situaties die veel weg hebben van onrechtvaardige lijfstraffen, verzoeken we, indien mogelijk,om betalinguit het structuurontwikkelingsfonds, hetSolidariteitsfonds (mits de strikte regels ervan kunnen worden gematigd), hetEuropeseFonds voor Regionale Ontwikkeling en ook hetFonds voor CivieleBescherming. Hierdoor kunnen, waar dit op een menselijke en eerlijke wijze kan worden verwezenlijkt, essentiële onderzoeksprogramma’sworden gefinancierd en ook schade worden hersteld.
Rolf Berend (PPE-DE).-(DE)Mijnheer de Voorzitter, commissaris, dames en heren, dituitmuntende verslagvan onze collega,de heer Vakalis,sluit naadloos aan op de drie verslagen inzake natuurrampendie verleden jaar zijn aangenomen door hetParlement. Het verslag vormt een belangrijke aanvulling op deze vorige verslagen, want daarin werd geen aandacht besteed aan de aardbevingskwestie. We weten echter dat er in veel landen en regio’s – vooral in Zuid-Europaen deMiddellandseZeeregio –een hoog aardbevingsrisico bestaat. Ik ondersteun dan ook het verzoek van de rapporteur aan de Commissieom een mededeling op te stellen met een evaluatie van de gevaren van aardbevingen en met een voorstel voor de vereiste tegen- en vervolgmaatregelen, zoals de Commissie dit onlangs heeft gedaan in het geval van overstromingen.
De financieringskwestie is uiteraard essentieel en als derapporteurinzake hetSolidariteitsfonds, kan ik niet begrijpen waarom de Raadnog steeds treuzelt – zelfs niks doet – met de wijzigingvan het Solidariteitsfonds, dat door dit Parlement isgesteund. Er dient hier onmiddellijk te worden gehandeld zodat ervoor wordt gezorgd dat dit solidariteits- en financieringsinstrument beschikbaar wordt in de toekomst. Ditmet het oog opeen snel, efficiënt en flexibel herstel in het geval van schade die wordt veroorzaakt door natuurrampen, met inbegrip van aardbevingen. Zonder deze flexibiliteit, vooral in termen van detijdsschema’s en maatregelen voor financiering, is het in het verleden aangetoond dat de behoeften van slachtoffers van aardbevingen feitelijk werden genegeerd.
We dienen in gedachte te houden – zoals de vorige spreker opmerkte – dat hetthans nog bestaande Solidariteitsfonds slechts één maal is aangewend in relatie tot aardbevingsschade. Maaraardbevingenzijn net zulke ernstige natuurrampen als overstromingen, bosbranden en stormen. Er zijn echter ook andere financieringsvormen, naast directe financiering, die ook dienen te worden gebruikt, zoals regionalestaatssubsidies ofleningen van het Europees Investeringsfonds. Dit is deenige manier om ervoor te zorgen dat de juistemiddelenbeschikbaar worden gesteld om aardbevingen aan te pakken. Het verslag vormt een goede bijdrage aan dit proces.
Wolfgang Bulfon (PSE).-(DE)Mijnheer de Voorzitter, bij de aardbeving in Friaul 30 jaar geledenkwamen meer dan 3000 mensen om en die aardbevingstaat mij nog heel helder bij. De beelden van verwoesting, die in slechts enkele seconden teweeg was gebracht, en de race tegen de klok om de gewonden onder het puin vandaan te halen, zijn dingen die ik nooit meer zal vergeten. Daarom ben ik ook bijzonder verheugd met het feit dat het Europees Parlementdeze belangrijke kwestie behandelt. Zonder de onverdeelde inzet van de hulpverleners – waarondervrijwilligers uit buurlanden – zou het haast onmogelijk zijn geweest om dit soort aardbevingen te doorstaan, want alleen snelle hulp is goede hulp.
Tochis er nog steeds zeer weinig samenwerking in de EU met betrekking tot onderzoek naar aardbevingsrisico’s en zijn er geen gemeenschappelijke mechanismenop Europees niveauvoor crisisinterventie. Bindenderegels voorgrensoverschrijdendesamenwerkingzijn nodig en de samenwerkingmet noodhulporganisaties dient te worden vergroot. Ik ben verheugd met het voorstel om de Eurocode 8-instructies te incorporeren in de ruimtelijke ordeningsverordeningenvan kwetsbarelanden. In de meesteEuropeselandenbestaat er op dit moment geenrechtsgrondslag voor de evaluatie van grote bouwwerken, maarhet zijn juist die openbare gebouwen die van strategischbelang zijn voor civiele bescherming en anderebelangrijke infrastructuren die in het geval van een ramponbeschadigd en in werking dienen te blijven en die speciale beschermingbehoeven. De evaluatie van belangrijke gebouwen dient daarom te worden opgenomen als een sleutelelement van de regionaleprogramma’s.
Ten slottewil ik graag van deze gelegenheid gebruik maken om hulde te brengen aan dewederopbouw die is uitgevoerd door de mensen die door deze rampen zijn getroffen. Zij hebbendoor middel van hun eigen inspanningen goed aangetoond hoe zelfs na een totale verwoesting er nog hoopis op een betere toekomst. Ikwil daarom de rapporteuroprecht bedanken voor zijnwerk.
Oldřich Vlasák (PPE-DE).-(CS) Dames en heren, ik wil graag beginnen door de woorden van Johann Wolfgang von Goethe in herinnering te brengen, namelijk dat het geen zin heeft om te discussiëren met een aardbeving. Hoewel deze woorden 150 jaar geleden werden opgeschreven,zijn ze vandaag nog steeds van toepassing.Zoals de heer Vakalis in zijn verslag schreef, moeten we leren leven met aardbevingen en volledig voorbereid zijn op aardbevingen. Ik wil lof betuigen aan de rapporteuromdat hij praktischeaanwijzingen heeft geschreven en ons de weg voorwaarts heeft getoond.
Een aardbeving is zonder twijfel verwoestend. Volgens schattingen door geofysici en geschiedkundigenhebben aardbevingen sindsde geboorte van de mensenbeschavingaan 150 miljoen mensen het leven gekost. Vandaag de dag leeft zeker de helft van de wereldbevolkingin gebieden waar aardbevingen plaatsvinden. In Europa hebbenaardbevingen wellicht niet altijd desastreuze gevolgen, maar we moeten toch ertegen worden beschermd. Een aardbeving van slechts 5 op de schaal van Richter kan gevaarlijk zijn doordat losse objecten erdoor kunnen vallen, daken kunnen instorten, gebouwen en gas- en watervoorzieningen erdoor beschadigd kunnen raken.
Ik persoonlijk geloof dat destappen die onlangs zijn genomen om de negatieve gevolgen van aardbevingen tegen te gaan, dejuiste stappen zijn. Deze omvatten: de invoering van één enkel noodnummer; de bouw van geïntegreerdealarmsystemen; de bevordering van internationalesamenwerking; en informatie-uitwisseling tussenreddingsteams. We dienen voort te bouwen op deze stappen door middel van een constante versterking van de samenwerkingvan reddingsteams in naburige regio’s en landen, verbetering van de opleiding en vaardigheden van civielebeschermingsexperts, door te zorgen voor een wijdverbreid gebruik van informatietechnologieën en bevordering van opleiding voor en simulering vanmogelijke rampensituaties.
We dienen niet het onmogelijke na te streven, bijvoorbeelddoor gemeenschappelijke organen op te zetten of wetgeving te harmoniseren. In plaats daarvan dienen we ons te richten op de gebreken in het bestaande systeem. En ten slotte dienen we ons te beseffen dat aardbevingen simpelweg één type natuurramp zijn, zoals overstromingen, bosbranden ofdroogten en dat het probleem van natuurrampen met een algehele aanpak dient te worden bestreden.
Ljudmila Novak (PPE-DE).-(SL)"In nood leert men zijn vrienden kennen", zo luidt het spreekwoord. Een regio waar eenkrachtige ofzelfsrampzaligeaardbeving heeft plaatsgevonden, vereist natuurlijk snelle en effectieve hulp van de Europese Unie, vooral als het desbetreffende land zelf nietin staat is volledig in dergelijke hulp te voorzien.
Gezien de regelmaat waarmee aardbevingen plaatsvinden in Europa, het aantal slachtoffers en debetrokken materiëleschade, is het hoogstonwaarschijnlijkdat middelenuit het solidariteitsfondsvoor hulp aanaardbevingsslachtoffers slechts eenmaal worden gebruikt. De desastreuze branden in Griekenland hebben aangetoond dat de Europese Unieniet goed genoeg is georganiseerd om met dergelijke rampen om te gaan.
Ik ben het eens met het voorstel dat we meer middelendienen te investeren in onderzoek naar beteraardbevingsrisicobeheer, en hiervoor zijn al gelden beschikbaar gesteld in het Zevende kaderprogramma voor onderzoek. Het is ook aan te raden om samen te werken met landen die al brede kennis en ervaring hebben op dit gebied.
Door middel van een strategisch plan voor het omgaan met aardbevingen, snelle respons, gecoördineerdereddings- en grensoverschrijdende hulpkunnen zeer veel mensenlevens worden gered. Uiteraard kunnen geavanceerdemaatregelen ookheel veel problemen voorkomen. Wie zou zich ooit Brussel kunnen voorstellen zonder de Grote Markt, Parijs zonder de Eiffeltoren of Londen zonder Buckingham Palace? Elk land en elke regio heeft zijn eigen juwelen en culturele erfgoederen die zo goed mogelijk moeten worden beschermd tegen aardbevingen. Normen voor aardbevingsbestendige gebouwenmoeten consequent worden nageleefd, met name in gebieden met een hoog aantal aardbevingen.
Stavros Dimas,lid van de Commissie. −(EL)Mijnheer de Voorzitter, ik wil nogmaals alle sprekers van het debat van vanavond bedanken voor hun uiterst positieve bijdragen.
DeCommissieondersteunt de goedkeuring van het verslaginzake de regionale impact van aardbevingen. Bij rampensituaties verwachten burgers dat de lidstaten en de instellingenop doeltreffende wijze en in een geest van solidariteit actie ondernemen. De preventievanmilieuschade en schade veroorzaakt door menselijke activiteitenomvat ook de versterking en ontwikkelingvan civielebeschermingsmiddelen en -faciliteiten op lokaal, nationaal en Europeesniveau. De Commissievertrouwt erop dat het Parlementdeze doelstellingzal blijven ondersteunen in de toekomst.
Mag ik u ten slotte eraan herinneren, dames en heren, dat op 22 en 23november de Commissiehaar tweede civiele beschermingsforum houdt in Brussel. Het forum zal worden bijgewoond door circa 500 deelnemersdie op het gebied van deciviele bescherming werkzaam of betrokken zijn. Deelnemers kunnen er van gedachte wisselen en zij hebben de kans om kennis te maken met andere mensen die hun interesse voor civiele bescherming delen en die op hetzelfde gebied werkzaam zijn. Ik wil derhalve mijn medeparlementsledenverzoeken deel te nemen in het forum en kennis te maken met de civiele beschermingsgemeenschap.
Mag ik nogmaals de rapporteur, de heer Vakalis, feliciteren voor zijn uitstekende verslag.
De Voorzitter. −Het debat is gesloten.
De stemming zal morgen plaatsvinden.
Schriftelijke verklaringen (artikel 142)
Margie Sudre (PPE-DE), schriftelijk. – (FR) Tektonische bewegingen doen zich niet alleen voor in de vorm van aardbevingen, maar ook in devorm van vulkaanuitbarstingen. Daarnaast kunnen de gevolgen van deze onverwachte natuurverschijnselen nog verergerd worden, met name door aardverschuivingen en vloedgolven.
De ultraperifere regio’s vanEuropese Unie, die vaak worden getroffen door dit soort rampen, hebben belangrijke ervaring opgedaan op het gebied van het observeren,voorkomen en aanpakken van deze fenomenen.
Ik hoop dat de Commissie en de lidstatenzullen aanmoedigen tot de opzet van toonaangevendecentravan wetenschappelijke, technologische en architectonische innovatie in de regio’s die getroffen zijn door deze onverwachte natuurverschijnselen, met name de ultraperifere regio’s.
Het dualedoel van deze structuren is om te zorgenvoor de openbare veiligheid en duurzame landinrichting, door middel van interregionalesamenwerking en het bouwen van een netwerk tussen onderzoekscentra, kleine en middelgrote ondernemingen en de lokale autoriteiten in de desbetreffende regio’s.
Ik wil de rapporteurbedanken voor zijn goedkeuring van mijn amendementenmet het oog op het bovenstaande en ik wil hem verzekeren van mijn volledige steun voor zijn hernieuwde verzoek aan de Commissie om zo snel mogelijk een ambitieus voorstel tot een werkelijkEuropese civielebeschermingsmacht uit te brengen.