Index 
 Volledige tekst 
Debatten
Dinsdag 19 februari 2008 - Straatsburg Uitgave PB

Een EU-strategie voor Centraal-Azië (debat)
MPphoto
 
 

  Cem Özdemir, rapporteur. − (DE) Mevrouw de Voorzitter, geachte commissaris, geachte dames en heren, allereerst wil ik de schaduwrapporteurs bedanken voor hun bijdragen en waardevolle suggesties voor het verslag over Centraal-Azië. Ik wil ook van deze gelegenheid gebruikmaken om het AFET-secretariaat in het bijzonder te bedanken en natuurlijk ook de collega's van de fractie die in deze context niet mogen worden vergeten omdat zonder hen dit verslag niet tot stand kon komen. Ik wil graag enkele namen noemen: Dag Sourander, Paolo Bergamaschi, Rosemary Opacic, Andrew Woodcock, Margaret François en mijn collega Rana Aydın.

Vanavond debatteren wij in het Europees Parlement voor het eerst over het verslag inzake Centraal-Azië. Naar mijn mening is dit een bijzonder moment voor het Parlement omdat dit debat aantoont hoe belangrijk we onze betrekkingen met Centraal-Azië vinden. Centraal-Azië wordt een steeds meer belangrijke strategische partner voor de Europese Unie. De Europese Unie heeft jarenlang niets ondernomen, maar nu erkent zij dat er een coherente strategie moet komen voor de vijf Centraal-Aziatische republieken Kazachstan, Kirgizische Republiek, Tadzjikistan, Turkmenistan en Oezbekistan. Na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie werden deze vijf republieken lid van de OVSE. Dit impliceert dat zij dezelfde waarden, normen en beginselen als van de andere OVSE-leden hebben onderschreven.

Under the German Presidency of the Council, on Onder het Duitse voorzitterschap heeft de Europese Raad op 20 en 21 juni 2007 een gemeenschappelijke strategie voor Centraal-Azië aangenomen. Deze strategie moet ervoor zorgen dat de ervaring en de deskundigheid van Europa op essentiële punten zoals goed bestuur, rechtstaat, democratisering, mensenrechten, onderwijs en opleiding wordt doorgegeven aan de vijf republieken. Zowel de EU als de Centraal-Aziatische republieken hebben baat bij de afhankelijkheid van de Europese Unie van externe energiebronnen en de diversificatie van het energiebeleid om energievoorziening te kunnen waarborgen. We hebben dus gemeenschappelijke belangen.

Als we het hebben over energiebronnen, denken we in feite aan twee landen, namelijk Turkmenistan en Kazachstan. Oezbekistan en Tadzjikistan hebben bijvoorbeeld zelf energieproblemen, dat was onlangs opnieuw in de actualiteit. Op het gebied van water is de Kirgizische Republiek rijk aan energie. Daarom vermelden wij expliciet deze republiek. We gaan akkoord met het voorstel van de Commissie en de ambassades in situ om een academie voor water en energie op te richten die de hele problematiek kan bestuderen, rekening houdend met onder andere het milieu en met duurzaamheid. Het is ook voor de betrokken landen belangrijk om hun energieroutes te diversifiëren want het is niet goed voor ons als onze afhankelijk van Rusland vergroot.

De partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomsten zijn belangrijke instrumenten voor een bilaterale samenwerking met deze staten. De overeenkomsten met Kazachstan, de Kirgizische Republiek en Oezbekistan zijn al in werking getreden, maar de overeenkomst met Tadzjikistan werd nog niet door alle lidstaten goedgekeurd. Tot op heden werd nog geen overeenkomst met Turkmenistan ondertekend. Iedereen kent de redenen. Tot eind 2006 heerste immers in Asjchabad een isolatieregime. We hopen - en ik denk dat ik uit naam van alle aanwezigen hier spreek – dat Turkmenistan een nieuwe start zal nemen en dat het zijn democratische hervormingen zal doorvoeren. We moeten echter wel toegeven dat op dit gebied nog een lange weg moet worden afgelegd. Wij juichen toe dat de eerste stappen naar meer openheid werden gezet. We hopen echter dat dit slechts het begin is van wat we zouden willen verwezenlijkt zien.

Dit verslag geeft duidelijke doelstellingen en prioriteiten aan voor de betrekkingen met deze vijf republieken. Wij moeten onze aanpak zowel afstemmen op de landen zelf, als op de hele regio. Wij moeten de nadruk leggen op democratie en rechtstaat, maar ook op mensenrechten. We willen duidelijke standaarden die indicatoren en streefdoelen aanreiken als leidraad voor onze partners. Ik hoop ook dat de Commissie en de Raad heel duidelijk zullen blijven verzoeken om de vrijlating van politieke gevangenen en om onafhankelijkheid voor de media. Ik hoop eveneens dat dit verslag de regeringen zal aanmoedigen om de nodige maatregelen te nemen op het gebied van mensenrechten en dat zij in het bijzonder alle mensenrechtenactivisten onvoorwaardelijk en onverwijld zullen vrijlaten.

Voor ons is een ding duidelijk: we kunnen in de regio enkel stabiliteit op lange termijn bereiken als dit gepaard gaat met de ontwikkeling van het maatschappelijk middenveld. Zonder een actief maatschappelijk middenveld en een rechtstaat kan geen stabiliteit op lange termijn worden bereikt. Zelfs al willen we energievoorziening voor onszelf, we mogen geen afbreuk doen aan de democratische beginselen.

 
Juridische mededeling - Privacybeleid