Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2008/2126(INI)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A6-0446/2008

Ingediende teksten :

A6-0446/2008

Debatten :

PV 15/12/2008 - 22
CRE 15/12/2008 - 22

Stemmingen :

PV 16/12/2008 - 3.25
CRE 16/12/2008 - 3.25
Stemverklaringen
Stemverklaringen
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P6_TA(2008)0608

Debatten
Maandag 15 december 2008 - Straatsburg Uitgave PB

22. Bedrijven die misleidende gegevensbankdiensten aanbieden (korte presentatie)
Video van de redevoeringen
PV
MPphoto
 
 

  De Voorzitter. Aan de orde is een korte presentatie van het verslag (A6-0446/2008) van de heer Busuttil, namens de Commissie verzoekschriften, over het verslag over bedrijven die misleidende gegevensbankdiensten aanbieden (verzoekschriften nrs. 0045/2006, 1476/2006, 0079/2003, 0819/2003, 1010/2005, 0052/2007, 0306/2007, 0444/2007, 0562/2007 en andere) (2008/2126(INI)).

 
  
MPphoto
 

  Simon Busuttil, rapporteur. (MT) Dit verslag is opgesteld omdat het Europees Parlement meer dan vierhonderd verzoekschriften van burgers, met name kleine bedrijven, heeft ontvangen die ten prooi zijn gevallen aan advertentiezwendel doordat ze in een bedrijvengids zijn opgenomen zonder dit te willen. De slachtoffers ontvingen een formulier zoals dit en werden gevraagd het in te vullen, waarbij bij hen de indruk werd gewekt dat ze zich inschreven voor een gratis vermelding in de gids. Vervolgens kregen ze echter een brief en beseften ze dat ze, zonder het te weten, een contract waren aangegaan waarin ze gedurende drie jaar verplicht waren een bedrag van ongeveer duizend euro te betalen. Dit is wat er gebeurt met de slachtoffers van deze gidsen die we als frauduleus beschouwen. Ik zou daar graag nog bij willen vermelden dat het bedrijf dat eigenaar is van de European City Guide het meest in deze verzoekschriften werd genoemd. Het is ook vermeldenswaardig dat dit bedrijf bovendien aanzienlijke druk heeft uitgeoefend op de leden van dit Parlement in een poging de meldingen die we hier vandaag presenteren tegen te houden of te ondermijnen. Gelukkig is het bedrijf daar echter niet in geslaagd, ondanks het feit dat het ons niet altijd juiste informatie heeft verschaft. Wat waren de resultaten van dit verslag? We hebben ontdekt dat er een heel reëel probleem bestaat, dat het wijdverbreid is, en dat het door de hele Europese Unie heen te vinden is. Wat ook naar boven is gekomen, is dat dit talloze kleine bedrijven treft, maar ook beroepsbeoefenaars en andere personen die niet altijd eigenaar van een bedrijf hoeven te zijn. We hebben geconstateerd dat dit probleem bedrijven over alle grenzen heen treft, en dat het niet alleen een aanzienlijk financieel effect heeft, maar ook een ernstig psychologisch effect op de slachtoffers van dergelijke zwendel, die onder valse voorwendselen worden overgehaald dit formulier te ondertekenen en vervolgens door het bedrijf worden belaagd om te betalen. Wat stellen we in dit verslag voor? Ten eerste stellen we een lijst van maatregelen op om mensen meer bewust hiervan te maken en zodoende het aantal slachtoffers dat er in eerste instantie intrapt te verminderen. Ten tweede moeten we ervoor zorgen dat de bestaande Europese wetgeving op gepaste wijze wordt gehandhaafd. Hierbij dient opgemerkt te worden dat telkens wanneer deze kwestie bij de Commissie aanhangig werd gemaakt, zij daarop antwoordde dat het aan de lidstaten was te beslissen hoe zij de communautaire wetgeving op nationaal niveau ten uitvoer willen leggen. Wij zijn ons bewust van dit beginsel van vrije beslissing, maar ik zou de Commissie er graag aan willen herinneren dat het de taak van de Europese Commissie is ervoor te zorgen dat de communautaire wetgeving effectief in de lidstaten ten uitvoer wordt gelegd. Wij stellen ook voor dat de communautaire wetgeving wordt herzien om dit bepaalde probleem beter te kunnen aanpakken. Zo hebben we bijvoorbeeld ontdekt dat het Oostenrijkse model een goed voorbeeld geeft, omdat Oostenrijk zijn nationale wetgeving dusdanig heeft gewijzigd dat deze specifiek op deze kwestie van frauduleuze bedrijvengidsen kan worden toegepast. Mijn laatste punt betreft de noodzaak de slachtoffers bij te staan door hen te adviseren geen enkele betalingen te verrichten aan deze bedrijven met bedrijvengidsen voordat ze gepaste ondersteuning hebben gevonden. Voordat ik afsluit, zou ik de Commissie verzoekschriften oprecht willen bedanken voor haar unanieme steun aan dit verslag en zou ik al mijn medewerkers ook graag willen bedanken. Bovendien spreek ik mijn innige dank uit aan de secretaris van de Commissie verzoekschriften, de heer David Lowe. Indien het verslag wordt aangenomen, zullen daarmee twee duidelijke boodschappen worden uitgezonden – ten eerste naar de slachtoffers, door te laten zien dat we hun situatie begrijpen en volledig achter hen staan, en ten tweede naar deze frauduleuze bedrijven met bedrijvengidsen, waarbij we hen waarschuwen: “stop uw zwendelpraktijken onmiddellijk, want het Parlement zit u nauw op de hielen”.

 
  
MPphoto
 

  Vladimír Špidla, lid van de Commissie. (FR) Voorzitter, de Commissie is verheugd over de inspanningen die het Parlement geleverd heeft om dit verslag op te stellen, en zal de conclusies eruit actief bestuderen.

Ik wil erop wijzen dat, zoals ook in het verslag duidelijk wordt gemaakt, een groot deel van de Europese wetgeving op het gebied van consumentenbescherming – zoals Richtlijn 2005/29/EG betreffende oneerlijke handelspraktijken van ondernemingen jegens consumenten en Verordening (EG) nr. 2006/2004 betreffende samenwerking met betrekking tot consumentenbescherming – hier niet van toepassing is, gezien het feit dat dit een probleem is dat zich afspeelt in de betrekkingen tussen bedrijven.

Richtlijn 2006/114/EG inzake misleidende reclame en vergelijkende reclame biedt echter wel enige vorm van bescherming. Ingevolge deze richtlijnen behoort het tot de bevoegdheden van de instanties die belast zijn met het toezicht op de toepassing van de wetgeving en/of van de bevoegde gerechtelijke instanties van de lidstaat van waaruit deze bedrijven hun activiteiten uitvoeren, om per geval uit te maken of een reclame-uiting al dan niet misleidend is en hiertegen gepaste maatregelen te nemen.

Ook wil ik erop wijzen dat verschillende overheden en gerechtelijke instanties, onder andere in Spanje en België, al maatregelen hebben genomen tegen dit soort praktijken en daarmee enkele positieve resultaten hebben geboekt.

De richtlijn oneerlijke handelspraktijken dekt geen handelspraktijken tussen bedrijven, omdat er geen reden is de nationale wetgevingen op het gebied van oneerlijke handelspraktijken volledig te harmoniseren. Een richtlijn voor volledige harmonisatie van oneerlijke handelspraktijken ten aanzien van consumenten was al een heel ambitieus plan, dat mislukt zou zijn als de reikwijdte van de richtlijn verbreed was naar oneerlijke concurrentie tussen bedrijven.

Uit de consultaties die in het voorstel hebben geresulteerd en tijdens de werkzaamheden in de Raad bleek dat er nauwelijks steun bestond voor het verbreden van de reikwijdte van de richtlijn naar oneerlijke handelspraktijken tussen bedrijven. Hoewel sommige lidstaten voorstander waren van een verbreding van de reikwijdte van de richtlijn oneerlijke handelspraktijken, waren andere landen weliswaar voorstander van consumentenbescherming, maar niet van de doorvoering van een volledige harmonisatie van de regelgeving inzake oneerlijke concurrentie op Europees niveau.

Hoewel de Commissie niets kan ondernemen tegen bedrijven die zich met dit soort activiteiten bezighouden, heeft zij zich er wel voor ingezet bedrijven voor te lichten over dit probleem, door het voor te leggen aan verschillende Europese beroepsorganisaties. Zo is het onderwerp besproken in het Business Support Network, en daarnaast wordt in de Small Business Act van de lidstaten gevraagd kleine en middelgrote ondernemingen te beschermen tegen oneerlijke praktijken. De Commissie zal ook naar andere manieren blijven zoeken om bedrijven voor te lichten, mocht dit aangewezen lijken.

Verder heeft de Commissie de bevoegde instanties van de betrokken lidstaten – Spanje, Oostenrijk en Duitsland – aangeschreven om hen erop te wijzen dat deze situatie voortduurt en hen om aanvullende informatie te vragen. Uit de antwoorden die wij hebben ontvangen blijkt duidelijk dat de nationale instanties zich terdege bewust zijn van het probleem en over wetgeving beschikken om dit aan te pakken. Waar nodig hebben zij de betreffende maatregelen reeds getroffen.

 
  
MPphoto
 

  De Voorzitter. Het punt is afgehandeld.

De stemming vindt op dinsdag 16 december 2008 plaats.

Schriftelijke verklaringen (artikel 142)

 
  
MPphoto
 
 

  Richard Corbett (PSE), schriftelijk. (EN) Ik heb jarenlang campagne gevoerd tegen deze bedrieglijke organisaties en daarom steun ik dit verslag van harte.

Dit is een grensoverschrijdend probleem. Ieder jaar worden over heel Europa duizenden ondernemingen, liefdadigheidsinstellingen en vrijwilligersorganisaties opgelicht als ze tekenen voor iets wat lijkt op een volmaakt onschuldige opneming in een gegevensbank. In werkelijkheid worden zij opgelicht met een ingewikkeld contract en vervolgens geconfronteerd met agressieve geldvorderingen zonder een aanbod om de overeenkomst op te zeggen.

Het is essentieel om mazen in de regelgeving te dichten, die het mogelijk maken dat deze frauduleuze ondernemingen opereren.

Ik vraag in het bijzonder de Commissie om de belangrijke aanbeveling van dit verslag te volgen en het Parlement uitbreiding van het toepassingsgebied van de richtlijn oneerlijke handelspraktijken voor te stellen, waarbij het adverteren met opneming in dergelijke gegevensbanken specifiek wordt verboden, tenzij toekomstige klanten er in de reclame duidelijk ervan op de hoogte worden gebracht dat zij een overeenkomst tot betaling krijgen aangeboden.

Deze aanbevelingen zijn juridisch rechttoe, rechtaan – Oostenrijk heeft al de omzetting van de desbetreffende richtlijn aangepast om deze bepaling op te nemen – maar ze zouden een grote verbetering vormen voor de bescherming van ondernemingen en andere organisaties die slachtoffer worden van deze zwendelpraktijken en een duidelijk signaal geven aan dit soort gegevensbankdiensten dat hun dagen zijn geteld.

 
Juridische mededeling - Privacybeleid