Nigel Farage (IND/DEM). - (EN) Mevrouw de Voorzitter, het volgende over persoonlijke feiten. In het debat van vanochtend met de heer Sarkozy heb ik een aantal opmerkingen geplaatst over de houding van de Europese Unie ten opzichte van de democratie. Daarbij sprak ik in het bijzonder over de voorzitter van de Sociaal-democratische Fractie, de heer Martin Schulz, die tijdens het debat in juni van dit jaar enkele minachtende en neerbuigende opmerkingen heeft gemaakt. De Voorzitter, de heer Pöttering, stond hem toe om op te staan en te zeggen dat mijn opmerkingen bezijden de waarheid waren en dat hij op geen enkele wijze had gesuggereerd dat het “nee-kamp” in de toekomst in verband zou kunnen worden gebracht met het fascisme. Ik wil dit graag rechtzetten.
Op 18 juni jongstleden, hier in deze zaal, toen we spraken over het Ierse ‘nee’, is dit namelijk precies wat de heer Schulz zei. Hij zei: “Die hartstocht vind je tegenwoordig aan de andere kant. Bij degenen die kwaadspreken over Europa, aan de rechterzijde van het politieke spectrum. Bij degenen die kwaadspreken over Europa omdat ze alleen maar bang zijn. Deze mix van sociale achteruitgang en angst heeft in Europa altijd de deur geopend voor het fascisme.”
Wat ik te zeggen heb zal de heer Schulz mogelijk niet bevallen. Hij zal het er misschien hartgrondig mee oneens zijn. Ik zou u evenwel willen zeggen, mijnheer Schulz, dat ik altijd gedegen onderzoek doe voor ik iets zeg. Ik sta hier nooit op om onwaarheden te verkondigen. Ik ben overtuigd van de waarheid van mijn uitspraken. Ik vraag niet om excuses of iets dergelijks. Ik doe dit om de zaak recht te zetten, en ik betreur het dat onze Voorzitter, de heer Pöttering, vanochtend heeft besloten om artikel 145 aan te wenden om de heer Schulz de gelegenheid te geven het woord te nemen. Dat was nu ook precies de boodschap die ik wilde overbrengen in mijn toespraak van vanochtend. In de Europese Unie krijgt niet iedereen een eerlijke kans. Het is alsof je een bondgenoot bent als je voor het Verdrag bent, en een vijand als je ertegen bent. In mijn ogen is dat erg ondemocratisch.
De Voorzitter. - Mijnheer Farage, uw opmerkingen zullen in het verslag van het debat worden opgenomen.
Martin Schulz (PSE). - (DE) Mevrouw de Voorzitter, de heer Farage beweerde vanochtend dat ik hier zou hebben gezegd dat een nee-stem tot fascisme zou leiden. 'In previous times Martin Schulz has stood up and said that a ‘no’ vote will lead to fascism.' Dat heb ik nooit gezegd, nooit, dat wil ik voor eens en altijd duidelijk maken.
Ik geloof niet dat een nee-stem van een volk – bijvoorbeeld van het Ierse volk – tot fascisme leidt. Dat geloof ik niet, laat dat voor eens en altijd duidelijk zijn. Ik geloof echter wel dat we allemaal moeten aanvoelen dat spelen met de gevoelens van mensen die door angst voor sociale ondergang worden bedreigd, gevaarlijk is, wanneer dit in de handen van opruiers komt. Ik weet niet of hier dergelijke opruiers aanwezig zijn. Ik hoop van niet. Ik weet wél heel goed dat zulke opruiers bestaan.
Van een ding kunt u zeker zijn, mijnheer Farage: tegen mensen als u en tegen uw beleid zal ik vechten, tot mijn laatste snik.
De Voorzitter. - Beide partijen hebben een toelichting gegeven. Wij gaan nu door naar het volgende agendapunt.