Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2008/0165(COD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A6-0045/2009

Ingediende teksten :

A6-0045/2009

Debatten :

PV 24/03/2009 - 17
CRE 24/03/2009 - 17

Stemmingen :

PV 25/03/2009 - 3.6
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P6_TA(2009)0172

Volledig verslag van de vergaderingen
Dinsdag 24 maart 2009 - Straatsburg Uitgave PB

17. Stoffen die de ozonlaag afbreken (herschikking) (debat)
Video van de redevoeringen
Notulen
MPphoto
 
 

  De Voorzitter. – Aan de orde is het verslag (A6-0045/2009) van Johannes Blokland, namens de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid, over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de ozonlaag afbrekende stoffen (herschikking) (COM(2008)0505 – C6-0297/2008 – 2008/0165(COD)).

 
  
MPphoto
 

  Johannes Blokland, rapporteur. − Voorzitter, het dichten van het gat in de ozonlaag is belangrijk voor het milieu en de volksgezondheid van de hele wereldbevolking. Onze atmosfeer is zodanig geschapen dat twee verschillende lagen ons beschermen. Het CO2 in de troposferische laag houdt de warmte vast zodat we het niet te koud krijgen. Het ozon in de stratosferische laag beschermt ons tegen schadelijke UV-straling van de zon. De verordening ozonlaagafbrekende stoffen is in de eerste plaats gericht op het beschermen van de stratosferische ozonlaag, maar ook op het voorkomen van klimaatsverandering. De stoffen die worden verboden, hebben namelijk zowel een ozonafbrekend vermogen als een aardopwarmend vermogen. De voornaamste ozonlaagafbrekende stoffen zitten in drijfgassen van spuitbussen, koelkasten, isolatiemateriaal en sommige specifieke oplosmiddelen en schoonmaakmiddelen. De cfk's en halonen die het sterkste ozonlaagafbrekend effect hebben, zijn op een beperkt aantal uitzonderingen na helemaal uitgebannen. De productie van hcfk's is al verboden en het gebruik wordt per 2020 verboden. In de preambule van de nieuwe verordening is uitgesproken dat productie en gebruik van ozonlaagafbrekende stoffen zoveel mogelijk wordt gestopt of geminimaliseerd. Dit is een belangrijk beleidsuitgangspunt.

In de Commissie milieu zijn er 64 amendement aangenomen. Vervolgens hebben er twee trilogen plaatsgevonden, die geresulteerd hebben in een akkoord tussen Raad en Parlement. Hiermee worden de 64 amendementen vervangen door één geconsolideerde tekst. Negen belangrijke resultaten uit het akkoord wil ik hier kort memoreren.

Ten eerste, de rechtsgrondslag van de verordening is gewijzigd in milieu. Dit biedt de lidstaten de mogelijkheid om verdergaande milieubeschermende maatregelen te nemen. Ten tweede, het gebruik van het bestrijdingsmiddel methylbromide is met ingang van 18 maart 2010 verboden. Dit geldt ook voor het vergassen van containers ter bestrijding van ongedierte. Er geldt alleen nog een uitzondering voor noodgevallen, zoals een grote epidemie. Ten derde, in het afbouwprogramma voor hcfk's is het percentage ten opzichte van 1997 voor de laatste jaren teruggebracht naar 7 procent. Ten vierde, halonen mogen alleen in die bedrijven worden gebruikt die daarvoor door de overheid zijn aangewezen. Ten vijfde, er zijn nieuwe stoffen toegevoegd aan de lijst van stoffen die op de nominatie staan voor beperkende maatregelen. De Europese Commissie heeft toegezegd deze stoffen verder te onderzoeken. Ten zesde, voor de noodzakelijke uitzonderingen, zoals reagentia en laboratoriumgebruik, wordt etikettering verplicht gesteld. Hierbij is tevens afgesproken dat het laboratoriumgebruik niet mag toenemen. Ten zevende, hergebruik en recycling van ozonlaagafbrekende stoffen voor bestaande apparaten mag alleen binnen hetzelfde bedrijf plaatsvinden. Bovendien moet er een logboek bijgehouden worden voor de aanwezige hoeveelheden, zodat fraude en illegale handel kunnen worden voorkomen. Ten achtste, er is aandacht voor handhaving door middel van inspecties. Zo worden lidstaten verplicht om samen te werken bij de aanpak van illegale handel. Ten negende, ter voorkoming van lekkages van ozonlaagafbrekende stoffen is het controle- en handhavingsysteem aangescherpt.

Er is echter meer nodig om het probleem van de opgeslagen ozonlaagafbrekende stoffen aan te pakken. Hierin heeft de Europese Commissie een belangrijke taak. Bij deze wil ik nogmaals aandringen op de ontwikkeling van de richtlijn bouw- en sloopafval zoals we dat zeven jaar geleden bij het zesde milieuactieprogramma hebben afgesproken.

Al met al hebben we een bevredigend resultaat bereikt. De ozonlaag krijgt een betere kans om te herstellen zodat de schadelijke effecten, zoals huidkanker en schade aan planten en bomen, zullen verminderen.

 
  
MPphoto
 

  Stavros Dimas, lid van de Commissie. – (EL) Mevrouw de Voorzitter, ik wil eerst en vooral de rapporteur, de heer Blokland, en alle schaduwrapporteurs van harte bedanken voor het uitstekende werk dat zij hebben verricht voor dit voorstel tot herschikking van de verordening inzake de bescherming van de ozonlaag.

Het verheugt mij bijzonder dat er al in eerste lezing een akkoord kon worden bereikt. Dit is in belangrijke mate te danken aan de positieve en opbouwende bijdrage van het Parlement.

Het beleid voor de bescherming van de ozonlaag in de stratosfeer wordt erkend als een groot succes. De rol van de Europese Unie daarbij was van doorslaggevend belang. Met de regelgevende maatregelen die wij in de Europese Unie hebben vastgesteld zijn wij erin geslaagd 99 procent van de ozonlaag afbrekende stoffen van de markt te halen.

De beperking van deze stoffen beschermt echter niet alleen de ozonlaag. Ze heeft ook bijzonder positieve gevolgen voor het klimaat, omdat het klimaatopwarmend potentieel van deze stoffen 14 000 keer hoger is dan dat van CO2. Zonder het Protocol van Montreal en zonder de nog ambitieuzere communautaire verordening zouden de broeikasgasemissies misschien 50 procent hoger zijn geweest dan nu.

De wetenschappers zijn van mening dat dankzij deze internationale inspanningen de ozonlaag zich misschien tussen 2050 en 2075 volledig zal hebben hersteld. Om dit echter daadwerkelijk mogelijk te maken moet nog een aantal bestaande problemen uit de weg worden geruimd. Om het herstel van de ozonlaag te verzekeren wordt met het voorstel van de Commissie beoogd zowel de communautaire verordening te vereenvoudigen en de bureaucratische hinderpalen te verminderen als de verordening aan te passen aan de nieuwe wetenschappelijke ontwikkelingen en toekomstige uitdagingen.

Het bereikte compromis handhaaft de architectuur van het voorstel van de Commissie maar bevat tevens de concrete maatregelen die nodig zijn om een oplossing te vinden voor de nog resterende vraagstukken, die een volledige afschaffing of de beperking van het gebruik van ozonlaag afbrekende stoffen nog in de weg staan.

Het compromis voorziet met name in strengere bepalingen voor de stoffen die “opgeslagen” liggen in producten, zoals bijvoorbeeld koelmiddelen of isolatieschuim. Het versterkt de commerciële maatregelen tegen illegaal gebruik van en illegale handel in ozonlaag afbrekende stoffen in de Europese Unie, maar draagt tevens bij aan het voorkomen van milieudumping in ontwikkelingslanden. Tot slot wordt met het compromis elk gebruik van methylbromide verboden, met uitzondering van enkele concrete gevallen waarin het hoofd geboden moet worden aan urgente problemen. Daarmee neemt de communautaire wetgeving inzake methylbromide het voortouw in de wereld.

Dit zal aanzienlijke baten opleveren voor zowel het herstel van de ozonlaag als ook de vermindering van de broeikasgassen. De Europese Commissie kan dan ook volledig instemmen met het pakket compromisamendementen.

Ik wil het Europees Parlement nogmaals bedanken voor zijn belangrijke bijdrage aan de volledige instandhouding van het milieudoel van ons voorstel en voor de verwezenlijking van een akkoord in eerste lezing.

 
  
MPphoto
 

  Eija-Riitta Korhola, namens de PPE-DE-Fractie. (FI) Mevrouw de Voorzitter, de onderhavige verordening is het logische vervolg op en een belangrijk onderdeel van het Protocol van Montreal, dat de 191 ondertekenende staten verplicht actief af te zien van stoffen die de ozonlaag afbreken.

Het Protocol van Montreal wordt beschouwd als een van de succesvolste internationale milieuverdragen. De resultaten spreken voor zich: het verbruik van stoffen die de ozonlaag afbreken is met 95 procent afgenomen ten opzichte van het streefcijfer. Daarnaast worden broeikasgasemissies al twintig jaar voorkomen, wat neerkomt op meer dan 100 miljard ton CO2. Daarom zal de onderhavige verordening niet alleen het herstel van de ozonlaag bevorderen, maar is zij ook een belangrijk onderdeel van de strijd tegen klimaatverandering.

De vorige verordening, die negen jaar geleden is opgesteld, liep hopeloos achter en moest nodig up-to-date worden gemaakt. Het vereenvoudigen van de structuur van de huidige verordening, het schrappen van verouderde bepalingen en het uitbreiden van de rapportageplicht met nieuwe stoffen zijn hervormingen die wij hard nodig hadden. Ik wil mijn collega, de heer Blokland, van harte complimenteren met zijn werk als rapporteur van het Parlement. Het compromis in eerste lezing is, hoewel in democratisch opzicht uitdagend, een verstandige oplossing voor een dergelijke update, en het bereiken hiervan was op zich al een prestatie op milieugebied.

De verordening die nu moet worden aangenomen, brengt de huidige communautaire regelgeving op een juiste wijze in overeenstemming met de oorspronkelijke bepalingen van het Protocol van Montreal. Bijvoorbeeld het vervroegen van de termijn voor het beëindigen van de productie van hcfk’s met vijf jaar naar 2020 is verstandig en gegrond, net als het reduceren van het aantal uitzonderingen op het verbod op exporthandel. Als de doelen van deze verordening in onze Gemeenschap niet op bevredigende wijze kunnen worden bereikt door alleen maatregelen van de lidstaten, moeten wij het probleem mondiaal aanpakken in de context van de mondiale economie. Als er te veel uitzonderingen zijn op het verbod op exporthandel, dan is het te moeilijk aan te tonen dat ze terecht zijn.

Het Protocol van Montreal is zelf maar liefst vier keer aangevuld: het twintig jaar oude Verdrag werd gewijzigd in Londen, Kopenhagen, Montreal en Peking. Het is niet alleen een succesverhaal, maar ook een verhaal van de noodzaak om verkeerde trends te corrigeren wanneer de kennis toeneemt. Dezelfde wijsheid hebben wij nu nodig in het geval van het Protocol van Kyoto.

Het oorspronkelijke Protocol van Montreal was gericht op de bescherming van de ozonlaag, vooral door de beperking van cfk’s, en de doelstelling werd al snel aangescherpt tot bijna nul. Men ging cfk’s vervangen door bijvoorbeeld hcfk’s, die veel minder schadelijk waren voor de ozonlaag. Zoals vaak het geval is bij oplossingen voor milieuproblemen, bleek er echter een ander aspect aan het probleem te zitten: hcfk’s, of gefluoreerde gassen, bleken zeer schadelijk te zijn door hun enorme aardopwarmingsvermogen. Sommige ervan dragen meer dan duizend maal meer bij aan de opwarming van de aarde dan CO2. Het was daarom nodig de zwakke punten in het Verdrag te corrigeren.

Wij moeten op dezelfde manier een les kunnen leren in het geval van het Protocol van Kyoto. Wij moeten toegeven dat het in de huidige vorm totaal niet effectief is. Het reduceert de mondiale uitstoot niet en reduceert zelfs niet de koolstofintensiteit. Misschien ligt het probleem in het feit dat degenen die verantwoordelijk waren voor het opstellen van het Protocol van Kyoto ervan uitgingen dat het probleem van CO2 op dezelfde manier kon worden opgelost als bij freons.

Klimaatverandering is een milieuprobleem van een totaal andere omvang dan eerdere problemen. Terwijl het bij het verdwijnen van ozon ging om problemen die werden veroorzaakt door de bijproducten van de industriële of energieproductie, ligt de oorzaak van klimaatverandering in een aspect dat de hele mondiale economie en mondiale productie staande houdt. De wereld loopt nog steeds op koolstof. Daarom moet klimaatverandering vooral worden gezien als een probleem van de productie-economie. De focus van besluiten moet worden verschoven van het beperken van emissies naar een alomvattende reorganisatie van de productiesystemen voor energie en materiaal. Laten we leren van Montreal.

 
  
MPphoto
 

  Leopold Józef Rutowicz, namens de UEN-Fractie. – (PL) Mevrouw de Voorzitter, het verslag van de heer Blokland over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de ozonlaag afbrekende stoffen is een belangrijk document met het oog op de totstandkoming van verdere maatregelen om de ozonlaag te beschermen. Ik zou de aandacht willen vestigen op een van de successen die het Europees Parlement en de Raad reeds op dit gebied hebben geboekt, namelijk het stopzetten van de productie en het in de handel brengen van gassen die cfk's, halon, bromide en methyl bevatten en die de ozonlaag aantasten en het broeikaseffect bevorderen.

De maatregelen die in Nieuw-Zeeland zijn genomen – het land dat zich onder het gat in de ozonlaag bevindt – zouden een goed voorbeeld zijn voor ons verdere optreden. Naast de acties die in de Europese Unie worden ontplooid, worden in dit land ook inspanningen geleverd om de emissie van methaan te beperken, een gas dat de ozonlaag aantast en waarvan één kubieke meter een broeikaseffect veroorzaakt dat overeenkomt met het effect van dertig kubieke meter CO2. Methaan is een gas dat bij rottingsprocessen en door dieren wordt geproduceerd en dat vrijkomt bij werken in mijnen en bij een groot aantal chemische processen. Gezien de grote hoeveelheid methaan die in de atmosfeer terechtkomt, zouden we dit gas eveneens in aanmerking moeten nemen bij onze verdere werkzaamheden.

De Fractie Unie voor een Europa van Nationale Staten steunt deze verordening. Ik wil de heer Blokland graag bedanken voor het vele werk dat hij heeft verzet en voor dit relevante verslag.

 
  
MPphoto
 

  Satu Hassi,. namens de Verts/ALE-Fractie. (FI) Mevrouw de Voorzitter, dames en heren, mijn complimenten aan de heer Blokland voor dit uitstekende resultaat. Het Parlement is erin geslaagd de termijn voor het verbod op het gebruik van methylbromide met vier jaar te vervroegen en daarnaast is ook het tijdschema voor de reductie van hcfc’s aangescherpt.

Het is belangrijk dat de EU voorloper blijft bij het afschaffen van het gebruik van stoffen die de ozonlaag afbreken, ondanks het feit dat dit onderwerp niet langer de voorpagina’s haalt. Veel van deze stoffen zijn krachtige broeikasgassen, maar zijn toch buiten het Protocol van Kyoto gehouden. Dit was omdat men dacht dat deze stoffen met het Protocol van Montreal zouden worden gereguleerd. Het is belangrijk dat wij ook hier aandacht aan besteden en krachtige broeikasgassen in de toekomst blijven reduceren. Het is ook belangrijk dat wij op dit gebied het voorbeeld geven aan andere landen, met inbegrip van de ontwikkelingslanden.

Wat betreft stoffen waarvan het gebruik in de Europese Unie verboden is, had mijn fractie de export ervan duidelijker willen beperken dan nu is afgesproken. Ik hoop dat dit beginsel in de wetgeving wordt opgenomen wanneer de volgende stappen worden genomen.

 
  
MPphoto
 

  Avril Doyle (PPE-DE). - (EN) Mevrouw de Voorzitter, voordat ik begin een beroep op het Reglement. Omdat het ernaar uitziet dat niemand om spreektijd op grond van de catch-the-eye-procedure verzoekt – misschien vergis ik me, maar nadat ik heb rondgekeken schat ik de situatie zo in – zou ik u willen vragen of ik alstublieft één minuut van de spreektijd van de catch-the-eye aan mijn bijdrage van één minuut mag toevoegen?

 
  
MPphoto
 

  De Voorzitter. – Ja hoor mevrouw Doyle, ga gerust uw gang.

 
  
MPphoto
 

  Avril Doyle (PPE-DE). - (EN) Mevrouw de Voorzitter, door de partijen bij het Protocol van Montreal werden op hun conferentie in september 2007 aanvullende maatregelen ter bescherming van de ozonlaag aangenomen. Deze zullen nu in de herschikking van de verordening worden opgenomen om de geleidelijke uitbanning van de ozonlaag afbrekende stoffen (ODS) te versnellen en om de vrijstellingen voor deze stoffen verder te beperken. Bij de herschikking van de verordening gaat het voornamelijk om een verbod op en een beperking van de productie, de invoer, het in de handel brengen, het gebruik, de recuperatie, recycling, terugwinning en vernietiging van deze de ozonlaag afbrekende stoffen.

Het Protocol van Montreal is tot op heden een van de meest succesvolle internationale initiatieven ten bate van het milieu. Het heeft erin geresulteerd dat het afbraakniveau van de ozonlaag sinds de jaren tachtig is teruggeschroefd. Vanwege de geleidelijke uitbanning van het gebruik van deze de ozonlaag afbrekende gassen – cfk’s, hcfk’s, halonen, methylbromide, met een paar tijdelijk begrensde uitzonderingen voor bepaalde “kritische toepassingen”, bijvoorbeeld halonen in brandblusapparaten in vliegtuigen – is het gebruik van ODS in vergelijking met de jaren tachtig met 95 procent verminderd.

We mogen niet vergeten dat deze stoffen ook een aardopwarmingsvermogen bezitten. De ozonlaag is een van de twee lagen in de atmosfeer die het leven op aarde beschermen. Vooral de ozonlaag biedt bescherming tegen de schadelijke ultraviolette straling van de zon, die diverse ziektes en problemen kan veroorzaken, waaronder huidkanker en grauwe staar.

 
  
MPphoto
 

  De Voorzitter. – Mevrouw Doyle, bedankt. U hebt woord gehouden.

 
  
MPphoto
 
 

  Stavros Dimas, lid van de Commissie. – (EL) Mevrouw de Voorzitter, ik vind het jammer dat er vanavond niet meer luisteraars in het Parlement aanwezig zijn, want wij hebben het hier over een echt succesvol protocol dat heel positieve resultaten heeft opgeleverd voor zowel het milieu en de gezondheid als het herstel van de ozonlaag die nu terug is op hetzelfde niveau als voor 1980.

Ik wil alle deelnemers aan het debat van vanavond bedanken voor hun zeer opbouwende opmerkingen. Ik beloof u dat de Commissie al haar bevoegdheden zal aanwenden en zal onderzoeken of aan de voorwaarden voor de opneming van nog eens drie stoffen tegen medio 2010 is voldaan. Er zal een desbetreffende verklaring worden afgegeven bij het secretariaat van het Europees Parlement voor opneming in de notulen van deze vergadering.

Ik wil tevens vermelden dat wij hopelijk eind dit jaar in Kopenhagen over de bestrijding van klimaatverandering een overeenkomst zullen bereiken die minstens net zo ambitieus en succesvol is als het Protocol van Montreal. Ik heb goede hoop dat deze overeenkomst nog efficiënter zal zijn, en daar moeten wij ons in onze activiteiten allemaal voor inzetten

Tot slot wil ik nog vermelden dat de Commissie bijzonder voldaan is over de uitkomst van de onderhandelingen en volledig kan instemmen met de voorgestelde compromisamendementen.

Verslag-Blokland (A6-0045/2009)

De Commissie bevestigt haar voornemen om zich vóór 30 juni 2010 te buigen over het opnemen van extra stoffen in deel B van bijlage II van de verordening, waarbij zij in het bijzonder zal nagaan of de in artikel 24, lid 3, genoemde voorwaarden voor het opnemen van die stoffen zijn vervuld. Dit versneld onderzoek zal zich richten op de volgende stoffen:

– Hexachloorbutadieen,

– 2-Broompropaan (isopropylbromide),

– Joodmethaan (methyljodide).

 
  
MPphoto
 

  Johannes Blokland, rapporteur. − Voorzitter, ik wil commissaris Dimas van harte bedanken voor zijn toezegging om het idee over te nemen dat mevrouw Hassi naar voren heeft gebracht, namelijk dat er ook nog andere stoffen op hun werking worden onderzocht. Wat dat betreft zou ik graag normaal methylbromide bij de commissaris onder de aandacht willen brengen. Dat is een stof waarover we nog weinig weten, we weten nog weinig van de productie van die stof. Gelukkig is nu in het overleg besloten aan de leveranciers te vragen dat zij melden hoe deze stof geproduceerd wordt. Zo krijgen we precieze informatie over deze stof.

Ik wil ook mijn collega's van harte bedanken, met name de schaduwrapporteurs en degenen die hier vanavond gesproken hebben, voor de steun die ik heb gekregen. We hebben op een uitstekende wijze met elkaar samengewerkt, in de commissie en bij de onderhandelingen. Ik bedank ook het Tsjechische voorzitterschap voor de goede afspraken die we hebben kunnen maken, vooraf en tijdens de onderhandelingen. Het heeft in ieder geval tot een bevredigend resultaat geleid. Ook de steun van de ambtenaren van de Europese Commissie en de ambtenaren van de Commissie milieu en van mijn eigen medewerkers, heb ik zeer op prijs gesteld. We hebben echt als een team kunnen werken en daardoor zijn we ook in staat geweest deze ingrijpende wetswijziging binnen een half jaar af te ronden.

Nog één opmerking zou ik ter afronding willen maken. Ik ben niet erg gelukkig met het systeem van de herschikking. Het is niet makkelijk om te weten waarop je wel of niet mag amenderen. Gelukkig waren er juristen die mij erop wezen dat de rechtsgrondslag in de herschikking gewijzigd was zodat we daarop konden amenderen, anders was dat bijna aan onze aandacht ontsnapt. Gelukkig was de Raad ook die mening toegedaan en op het laatste moment hebben we dit in de Commissie milieu nog recht kunnen breien. Die herschikking blijft wel een moeilijk punt voor het werk van het Parlement.

 
  
MPphoto
 

  De Voorzitter. – Het debat is gesloten.

De stemming vindt woensdag plaats.

Schriftelijke verklaringen (artikel 142)

 
  
MPphoto
 
 

  Rovana Plumb (PSE), schriftelijk.(EN) Dit voorstel volgt de structuur van Verordening (EG) nr. 2037/2000, maar er is een nieuw hoofdstuk toegevoegd over afwijkingen van het verbod op productie, op de markt brengen en gebruik. Deze waren aanvankelijk verspreid over diverse bepalingen met betrekking tot de eliminatiefasen van de gereguleerde stoffen en producten.

Hier volgen de belangrijkste uitdagingen:

- de afname van de “opgespaarde” ozonafbrekende stof (ODS)/broeikasgasemissies in de atmosfeer is volgens ramingen noodzakelijk, in 2015 zullen deze "reservoirs" wereldwijd neerkomen op 2 miljoen ton ozonafbrekend vermogen of 13,4 miljard ton CO2eq.

- vrijgestelde toepassingen van ODS wanneer er nog geen technisch of economisch haalbare alternatieven beschikbaar zijn, zoals het gebruik van methylbromide voor quarantainedoeleinden of toepassingen voorafgaand aan het vervoer of als grondstof.

- nieuwe ozonafbrekende stoffen: uit nieuwe wetenschappelijke gegevens is gebleken dat het ozonafbrekend vermogen van bepaalde chemische stoffen die momenteel niet door het Protocol worden gereguleerd, aanzienlijk hoger is, terwijl de verkoop van deze stoffen snel groeit.

Het amendement maakt de tekst duidelijker en maakt het regelgevingskader eenvoudiger, tegelijkertijd wordt ook de administratieve last verlicht, waardoor het gemakkelijker wordt om de wet toe te passen die ervoor moet zorgen dat de ozonlaag in 2050 zal zijn hersteld en de nadelige invloeden voor de gezondheid van de mens en ecosystemen worden voorkomen.

 
  
MPphoto
 
 

  Flaviu Călin Rus (PPE-DE), schriftelijk.(EN) Naar mijn mening, zouden we allemaal bezorgd moeten zijn over de gezondheid van zowel de huidige generatie als toekomstige generaties. Onze gezondheid wordt in stand gehouden door een schoon milieu en atmosfeer. Alle wetenschappelijke studies leggen de nadruk op het feit dat de ozonlaag erg belangrijk is, niet alleen voor de volksgezondheid, maar ook voor het behoud van het leven op aarde.

Helaas bestaat er een aantal stoffen dat, eenmaal uitgestoten in de atmosfeer, de ozonlaag afbreekt, hierdoor dragen deze stoffen bij aan de groei van het broeikaseffect. Hoewel er tekenen van een herstellende ozonlaag zijn waargenomen als gevolg van de genomen maatregelen, wordt er rekening mee gehouden dat de ozonconcentratie in de atmosfeer van voor 1980 pas in de tweede helft van de 21e eeuw kan worden bereikt.

Ik sta dus helemaal achter de aanvullende maatregelen die worden genomen om de ozonafbrekende stoffen te beperken of zelfs te verbieden. Ik ben van mening dat we door het nemen van dit soort maatregelen onze plicht niet alleen jegens de huidige generatie nakomen, maar ook jegens toekomstige generaties.

 
Juridische mededeling - Privacybeleid