Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Stadium plenaire behandeling
Kies een document :

Ingediende teksten :

RC-B6-0163/2009

Debatten :

PV 01/04/2009 - 13
CRE 01/04/2009 - 13

Stemmingen :

PV 02/04/2009 - 9.23
CRE 02/04/2009 - 9.23

Aangenomen teksten :


Debatten
Woensdag 1 april 2009 - Brussel Uitgave PB

13. Start van de internationale onderhandelingen met het oog op de aanneming van een Internationaal Verdrag ter bescherming van het noordpoolgebied (debat)
Video van de redevoeringen
PV
MPphoto
 
 

  De Voorzitter. - Aan de orde zijn de verklaringen van de Raad en de Commissie over de start van de internationale onderhandelingen met het oog op de aanneming van een Internationaal Verdrag voor de bescherming van het noordpoolgebied.

 
  
MPphoto
 

  Alexandr Vondra, fungerend voorzitter van de Raad. − (EN) Mevrouw de Voorzitter, zoals we allemaal weten en elke dag kunnen lezen, wordt het noordpoolgebied steeds belangrijker. Het verdient ook meer aandacht van de kant van de Europese Unie.

Dit is naar voren gebracht in de resolutie die het Parlement in oktober heeft aangenomen. Ik ben blij met de gelegenheid om vanavond te spreken over dit onderwerp, waarvan ik weet dat het u bijzonder interesseert.

Slechts drie lidstaten van de EU hebben grondgebied binnen het noordpoolgebied. De gevolgen van de klimaatverandering en van de menselijke activiteiten in het noordpoolgebied doen zich echter tot ver buiten het noordpoolgebied gevoelen. Wat in het noordpoolgebied gebeurt, heeft grote gevolgen voor de EU als geheel. Tot nu toe heeft de Unie de vraagstukken met een Arctische dimensie doorgaans aangepakt in het kader van het sectoraal beleid, zoals het maritiem beleid of de strijd tegen klimaatverandering. De samenwerking in het kader van de nieuwe noordelijke dimensie bestrijkt weliswaar het Europese noordpoolgebied, maar de Unie heeft voor het noordpoolgebied in zijn geheel nog geen breed beleid ontwikkeld dat alle relevante afzonderlijke beleidsterreinen samenbrengt.

Dit is nu aan het veranderen. In maart van het afgelopen jaar hebben Hoge Vertegenwoordiger Solana en commissaris Ferrero-Waldner de Europese Raad een gezamenlijk verslag over klimaatverandering en internationale veiligheid voorgelegd. In dit verslag wordt de nieuwe, strategische belangstelling voor het noordpoolgebied onderstreept. Daarin wordt de aandacht gevestigd op de verstrekkende gevolgen van de milieuveranderingen voor het noordpoolgebied en erkend dat deze veranderingen gevolgen kunnen hebben voor de internationale stabiliteit en de Europese veiligheidsbelangen.

In het verslag werd opgeroepen tot de ontwikkeling van een specifiek Europees beleid voor het noordpoolgebied uitgaande van de toenemende geostrategische betekenis van de regio en rekening houdend met zaken zoals de toegang tot natuurlijke rijkdommen en de mogelijke openstelling van nieuwe handelsroutes.

De Commissie heeft daarna in november van vorig jaar een mededeling gepresenteerd over de Europese Unie en het noordpoolgebied. In deze mededeling werd ingegaan op de verschillende strategische uitdagingen van de regio en werden concrete acties voorgesteld op drie hoofdterreinen: bescherming en behoud van het noordpoolgebied in samenwerking met de bevolking, duurzaam gebruik van hulpbronnen en versterking van het multilaterale bestuur van het noordpoolgebied. Dit laatste punt was het onderwerp van de resolutie van vorig jaar oktober.

In haar mededeling heeft de Commissie als een van haar beleidsdoelstellingen specifiek aangegeven dat de EU zich moet inzetten voor de verdere ontwikkeling van een op samenwerking gebaseerd Arctisch bestuur, overeenkomstig het VN-Verdrag inzake het recht van de zee (UNCLOS), en heeft zij gepleit voor de volledige tenuitvoerlegging van alle bestaande verplichtingen, in plaats van de vaststelling van nieuwe rechtsinstrumenten. Dit is een van de hoofdelementen van de mededeling.

Afgelopen december heeft de Raad in zijn conclusies de mededeling toegejuicht en aangegeven deze te beschouwen als de grondslag voor een toekomstig Europees noordpoolbeleid.

De Raad was het eens met de Commissie dat de EU zich in samenwerking met de plaatselijke bevolking moet inzetten voor de instandhouding van het noordpoolgebied, en dat zij de problemen met betrekking tot het noordpoolgebied op een systematische en gecoördineerde manier moet aanpakken. Hij was van mening dat de doelstellingen van de EU alleen kunnen worden verwezenlijkt in nauwe samenwerking met alle partners onder de landen, gebieden en gemeenschappen van het noordpoolgebied, en met aandacht voor de intergouvernementele samenwerking in de regio.

De Raad heeft tevens het besluit van de Commissie toegejuicht om in de Arctische Raad de status van permanent waarnemer aan te vragen teneinde de Europese Gemeenschap te kunnen vertegenwoordigen. De Raad heeft specifiek het belang benadrukt van multilaterale samenwerking, in overeenstemming met de relevante internationale verdragen, en heeft daarbij met name gewezen op het VN-Verdrag inzake het recht van de zee (UNCLOS).

De Raad heeft, in overeenstemming met de mededeling van de Commissie, geen steun betuigd aan een specifiek plan voor een internationaal verdrag.

Op basis van dit standpunt gaat de Raad nu verder met de uitwerking van de details van de voorstellen voor optreden die in de mededeling van de Commissie zijn uiteengezet. Ik hoop dat hetgeen ik vandaag gezegd heb, duidelijk maakt dat de Raad dit vraagstuk heel serieus neemt.

We erkennen volledig de toenemende betekenis van het noordpoolgebied. We zijn het erover eens dat de Unie een uitgebreid en samenhangend beleid moet hebben. De Raad zal dit Parlement zeker volledig op de hoogte houden van de verdere ontwikkelingen en is dankbaar voor uw aanhoudende belangstelling voor dit onderwerp.

 
  
MPphoto
 

  Benita Ferrero-Waldner, lid van de Commissie. − (EN) Mevrouw de Voorzitter, ik wil het Parlement bedanken voor zijn belangstelling voor het noordpoolgebied en ook zeggen hoezeer we uw resolutie over het beheer van het noordpoolgebied van vorig jaar oktober hebben gewaardeerd. Deze resolutie heeft een politieke impuls gegeven aan het werk dat de Commissie verricht heeft voor eerdergenoemde mededeling ‘De Europese Unie en het noordpoolgebied’, die vorig jaar november is goedgekeurd.

Waarom is deze zo belangrijk? Omdat we met u vinden dat het noordpoolgebied internationale aandacht verdient, meer dan ooit tevoren. Er zijn wetenschappelijke bewijzen dat de klimaatverandering zich in het noordpoolgebied veel sneller voltrekt dan in de rest van de wereld. Alleen al in de afgelopen zes jaar is de ijskap bij de Noordpool tot de helft van zijn dikte geslonken en is mogelijk al het omslagpunt gepasseerd. Dat is een duidelijke waarschuwing en we zouden dom zijn als we deze zouden negeren. De snelle transformatie van het noordpoolgebied heeft gevolgen voor de bevolking, het landschap en de wilde flora en fauna van het gebied – op het land en in de zee.

Het is nu dus tijd om te handelen. Dat is de reden waarom we de mededeling hebben goedgekeurd. Zij is de eerste stap op weg naar een Europees beleid voor het noordpoolgebied en legt de grondslag voor een veelomvattende aanpak. De mededeling concentreert zich op drie brede doelstellingen: bescherming en instandhouding van het noordpoolgebied in volledige samenwerking met de bevolking, bevordering van duurzaam gebruik van hulpbronnen, en versterking van multilateraal bestuur.

De voorstellen in de mededeling zijn het resultaat van een gedegen analyse van de Commissie. Daarvoor zijn de belangrijkste belanghebbenden bij het noordpoolgebied geraadpleegd, waaronder zowel EU- als niet-EU-landen in het noordpoolgebied. Dit was des te noodzakelijker omdat veel EU-activiteiten en belangrijke ontwikkelingen met een mondiale reikwijdte, zoals het geïntegreerde maritieme beleid of de klimaatverandering, van invloed zijn op het noordpoolgebied.

Op basis van deze gesprekken en in het licht van de ontwerpresolutie die vandaag wordt besproken, wil ik benadrukken dat het noordpoolgebied in een aantal belangrijke opzichten afwijkt van Antarctica. Anders dan Antarctica, dat een groot, onbewoond continent is dat wordt omringd door een oceaan, is het noordpoolgebied een maritieme ruimte die wordt omringd door bewoond land dat tot soevereine landen behoort.

Het idee om speciaal voor het noordpoolgebied een juridisch bindend regime in te stellen, is daardoor helaas moeilijk te realiseren, want geen van de vijf kuststaten aan de Noordelijke IJszee – Denemarken, Noorwegen, Canada, Rusland en de Verenigde Staten van Amerika – is voorstander van zo'n regime. Ik vrees daarom dat zo'n voorstel in dit stadium niet alleen ineffectief maar zelfs schadelijk zou zijn voor de rol en de geloofwaardigheid van de EU in de algemene samenwerking in het noordpoolgebied. Wij zouden de belangen en de doelstellingen van de EU beter dienen door de multilaterale samenwerking te versterken en beter gebruik te maken van de bestaande rechtsinstrumenten dan door meer moeite te steken in zo'n regime,.

Via het VN-Verdrag inzake het recht van de zee (UNCLOS) en andere algemene verdragen is er al een uitgebreid internationaal rechtskader. Het UNCLOS is ook de basis voor het beslechten van geschillen, met inbegrip van geschillen over maritieme grenzen. We willen dat deze verdragen volledig ten uitvoer worden gelegd en, wat heel belangrijk is, worden aangepast aan het specifieke karakter van het noordpoolgebied. We stellen bijvoorbeeld voor een regelgevingskader vast te stellen voor duurzaam visbeheer in de gebieden en soorten die nog niet vallen onder het toepassingsgebied van andere instrumenten.

Op de tweede plaats zullen we nauw samenwerken met de Internationale Maritieme Organisatie bij de ontwikkeling en handhaving van solide internationale normen voor veiligere scheepvaart in het noordpoolgebied, waarbij de veiligheid voor de mens en duurzaamheid op milieugebied in acht dienen te worden genomen. Dit betekent ofwel uitbreiding van de bestaande regelgeving ofwel vaststelling van nieuwe regelgeving.

Op de derde plaats zullen we ook de internationaal erkende beginselen van de vrijheid van scheepvaart en het recht van onschuldige doorvaart verdedigen. De kuststaten moeten discriminerende praktijken met betrekking tot de zeevaartregels vermijden. Alle maatregelen moeten worden toegepast in overeenstemming met het internationaal zeerecht.

Op de vierde plaats is het niet realistisch een internationaal moratorium op de winning van hulpbronnen in het noordpoolgebied voor te stellen. Het grootste deel van de geschatte voorraden aan mineralen, olie en gas bevindt zich op het soevereine grondgebied van de staten in het noordpoolgebied of in hun exclusieve economische zones, en enkele van deze staten hebben vergaande plannen voor verdere exploratieactiviteiten. We staan er evenwel op dat de winning en het gebruik van hulpbronnen in het noordpoolgebied altijd moeten plaatsvinden volgens de hoogst mogelijke milieu- en duurzaamheidsnormen.

We delen de zorgen van het Parlement over de dringende noodzaak van optreden in dit gebied. Onze mededeling bevat een reeks coherente en specifieke voorstellen. Op basis daarvan kijken we uit naar verdere samenwerking met u bij de ontwikkeling van een Europees beleid voor het noordpoolgebied.

We mogen echter nooit ons gemeenschappelijke doel uit het oog verliezen. Laten we samen met de staten in het noordpoolgebied en de internationale gemeenschap de beste en meest doelmatige manier zoeken om het noordpoolgebied voor toekomstige generaties in stand te houden en te beschermen.

 
  
MPphoto
 

  Anders Wijkman, namens de PPE-DE-Fractie. – (EN) Mevrouw de Voorzitter, ik heb deelgenomen aan diverse bijeenkomsten in het noordpoolgebied waarop alle aandacht uitging naar klimaatverandering.

Gewoonlijk wordt de eerste dag van zo'n bijeenkomst gewijd aan de ernstige gevolgen van de mondiale opwarming voor de regio, voor haar wilde flora en fauna, voor de middelen van bestaan van de bevolking enzovoort. De tweede dag wordt vaak gewijd aan de kansen op het gebied van geologische exploitatie. Daar zit iets tegenstrijdigs in. Ik meen te mogen beweren dat een snelle exploitatie van de geologische hulpbronnen ernstige risico’s met zich meebrengt.

Ik ben het met de commissaris eens dat je geen exacte parallel kunt trekken tussen het noordpoolgebied en Antarctica. We hebben geen zorgvuldig, duurzaam milieukader voor het soort activiteiten dat nu door de landen in de regio wordt overwogen. Ik denk daarom dat deze resolutie een belangrijk signaal afgeeft: wees voorzichtig. Het feit dat alle fracties achter de ontwerpresolutie staan, is in mijn ogen een belangrijk teken.

We noemen drie alternatieve wegen vooruit. Een daarvan is een internationaal verdrag, met natuurlijk speciale bepalingen voor dit gebied, vergeleken met Antarctica. Een tweede weg is een moratorium, in afwachting van nieuw wetenschappelijk onderzoek en een beter begrip van het gebied en zijn kwetsbaarheid en gevoeligheid, maar ook in afwachting van de resultaten van veel energiealternatieven die zich nu gestaag ontwikkelen. Misschien hebben we die fossiele voorraden in de toekomst helemaal niet nodig.

Ofschoon de collega's in dit Parlement misschien marginaal van mening verschillen over de meest verantwoorde manier om verder te gaan, denk ik dat het heel belangrijk is dat we allemaal achter deze resolutie staan. Ik wil benadrukken dat we verder willen gaan dan alleen maar verbeterde multilaterale samenwerking en dialoog; we willen waarborgen dat de veiligheid van het milieu en de middelen van bestaan van de mensen worden beschermd.

 
  
  

VOORZITTER: LUIGI COCILOVO
Ondervoorzitter

 
  
MPphoto
 

  Véronique De Keyser, namens de PSE-Fractie.(FR) Mijnheer de Voorzitter, ik zou u kort willen herinneren aan wat zich momenteel in het noordpoolgebied afspeelt, zodat iedereen begrijpt wat er in dit debat op het spel staat. Door de opwarming van de aarde wordt op de Noordpool de gretigheid van diverse partijen om zeggenschap te verkrijgen over de natuurlijke rijkdommen van het gebied aangewakkerd. Door het smelten van het ijs zal, zoals u heeft gezegd, het gemakkelijker worden om de enorme olie- en gasvoorraden te exploiteren en een bevaarbare waterweg tussen het Oosten en het Westen open te stellen, die vrachtschepen weliswaar in staat zal stellen duizenden kilometers af te snijden maar helaas rampzalig zal zijn voor het milieu.

Het feit dat de vijf aangrenzende landen – Canada, Denemarken, Rusland, de Verenigde Staten en Noorwegen – de soevereiniteit opeisen over het gebied, leidt tot merkbare spanningen. De Canadese minister van Buitenlandse Zaken verklaarde deze week dat Canada’s soevereiniteit over de wateren van de Noordpool al van jaren her dateert, goed gevestigd is en op een historische titel berust. Hij zei dat de Canadese regering tevens een scherper politiek toezicht op en een grotere militaire aanwezigheid in de Canadese Arctische wateren heeft toegezegd.

Deze woorden vormen een afspiegeling van de verklaring van het Kremlin dat het van plan is militaire troepen in het noordpoolgebied in te zetten om zijn belangen te verdedigen. Tot nu toe valt de regelgeving voor dit strategische gebied onder het VN-Verdrag inzake het recht van de zee dat op 10 december 1982 door 150 landen ondertekend is. In dit verdrag is bepaald dat kuststaten de controle uitoefenen over een gebied dat tot 200 mijl uit hun kust ligt en dat zij de rechten bezitten om de rijkdommen van de zeebodem te exploiteren. Dit gebied kan echter worden uitgebreid, als de staten kunnen aantonen dat het continentaal plat zich verder dan 200 mijl uitstrekt. Ze hebben tot mei 2009 de tijd – en dat komt al dichtbij – om een verzoek daartoe in te dienen bij de VN.

Rusland heeft al in 2001 het initiatief genomen, vandaar de huidige onrust. Volgens mijn fractie, en volgens de heer Rocard – die binnen de Sociaal-democratische Fractie in het Europees Parlement de aanzet tot dit debat heeft gegeven en die onlangs tot ambassadeur voor het noordpoolgebied is benoemd –, is het Verdrag inzake het recht van de zee niet toereikend voor het noordpoolgebied, gezien de implicaties op het gebied van energie, milieu en militaire veiligheid. De Noordpool behoort tot ons mondiale erfgoed en moet beschermd worden door een bindend handvest, waarbij de Europese Unie een stuwende kracht moet zijn. Wij willen een schone Noordpool en – bovenal – een Noordpool zonder troepen.

 
  
MPphoto
 

  Diana Wallis, namens de ALDE-Fractie. – (EN) Mijnheer de Voorzitter, dit debat vloeit duidelijk voort uit onze resolutie van oktober jongstleden over het bestuur van het noordpoolgebied. Onze fractie heeft er geen probleem mee om de wens van een verdrag inzake het noordpoolgebied te steunen, maar dan meer in het licht van het streven naar een nieuwe bestuurswijze. Een verdrag is misschien meer symbolisch van aard, maar waar we wel aan vasthouden is de noodzaak met de landen en in het bijzonder met de volkeren van het noordpoolgebied samen te werken en deze te respecteren. Het zijn, zoals u reeds gezegd hebt, de mensen die de Noordpool en de Zuidpool van elkaar onderscheiden.

Er zijn reeds internationale structuren – de regels van de Internationale Maritieme Organisatie (IMO), het internationale recht van de zee – maar er is behoefte aan iets dat meer op maat gemaakt en specifieker is. We zouden moeten voortbouwen op het werk van de Arctische Raad. Commissaris, u moet hier zo snel mogelijk aan gaan deelnemen en het politieke vermogen van deze raad helpen opbouwen. We moeten koste wat kost vermijden dat we terugvallen in een soevereiniteit oude stijl, in territoriale aanspraken en intergouvernementalisme. Een nieuwe bestuursstijl is nodig voor dit kwetsbare gebied van onze aardbol waarvan elke burger van de wereld voelt dat hij er belang bij en een belang in heeft.

We moeten onze geloofsbrieven voor onze betrokkenheid bij het noordpoolgebied ook hard maken, en wat dat betreft is onze staat van dienst als Europeanen niet om over naar huis te schrijven. Onze zeevaarders en handelaren hebben het milieu van het noordpoolgebied in de zeventiende en achttiende eeuw verwoest met de zogeheten “verkrachting van Spitsbergen”. Onze industrie-uitstoot heeft direct geleid tot een acute klimaatverandering in de regio en we dreigen nu, op dit zeer gevoelige moment, onze waarden en onze tradities aan de volkeren van het noordpoolgebied op te leggen. Wij moeten naar hen luisteren en met hen werken, omdat zij eerlijk gezegd een betere staat van dienst hebben wat de bescherming van hun milieu betreft dan wij. Onze fractie zal daarom het moratorium van vijftig jaar niet steunen.

 
  
MPphoto
 

  Godfrey Bloom, namens de IND/DEM-Fractie. – (EN) Mijnheer de Voorzitter, ik woon op een heerlijk eiland, een prachtig eiland, dat de afgelopen vijftien jaar door de Europese Unie stelselmatig is verwoest. Ik heb de afvalstoffenrichtlijn van de Europese Unie gezien, waardoor industrieel afval – lachend “compost” genoemd – over het land uitgegooid mocht worden. Ik heb gezien hoe honderdduizenden vissen in de Noordzee gedumpt werden. Vlakbij mijn eigen dorp heb ik gezien hoe de prachtige tarwe- en gerstvelden en het melkvee van vroeger werden ´omgeschakeld´ en veranderd in zaken als miscanthus en allerlei andere soorten biobrandstoffen. Daardoor is onze omgeving verwoest en zijn de kosten van voedsel omhoog gedreven.

De Europese Unie wil dat wij voldoen aan onze doelstellingen voor hernieuwbare energie. 35 000 windturbines zo groot als jumbojets, de grootste ontheiliging van mijn mooie eiland sinds de industriële revolutie. En nu wilt u bevoegdheid over een van de laatste wildernissen ter wereld, het noordpoolgebied. Welnu, mijnheer de Voorzitter, collega’s, ik zal u zeggen dat ik het met mevrouw Wallis eens ben. Uw staat van dienst is weerzinwekkend en het antwoord moet zijn: in hemelsnaam, bemoeit u zich met uw eigen zaken.

 
  
MPphoto
 

  Avril Doyle (PPE-DE) . – (EN) Mevrouw de Voorzitter, ja, de commissaris heeft gelijk. Het noordpoolgebied verschilt in vele opzichten behoorlijk van het zuidpoolgebied, en het is nog maar enkele maanden geleden, op 8 oktober 2008, dat ik in dit Parlement over juist dit onderwerp heb gesproken.

Het noordpoolgebied speelt, zoals ik toen gezegd heb, een steeds belangrijkere geostrategische rol in onze wereld. In deze regio hebben zich in het afgelopen decennium enkele ernstige problemen voorgedaan. Wij zien hoe toe nu toe gesloten zeewegen open gaan. Dit is een direct gevolg van de klimaatverandering en mag geen verrassing heten, aangezien het noordpoolgebied in een veel sneller tempo aan het opwarmen is dan verwacht, met een stijging van twee graden in de afgelopen honderd jaar, vergeleken met een gemiddelde van net 0,6 graden in de rest van de wereld.

Dit zeer kwetsbare ecosysteem komt onder toenemende druk te staan van landen die hongerig zijn naar hulpbronnen en die het potentieel ervan willen exploiteren zonder het fundamentele belang ervan, als stabiliserende kracht voor het wereldklimaat, te respecteren.

Ik ben het met mevrouw Wallis eens dat een oproep tot een moratorium van vijftig jaar op exploitatie niet praktisch en ook niet redelijk is, maar ik denk dat een beperkt moratorium op nieuwe exploitatie – in afwachting van nieuw wetenschappelijk onderzoek – iets is waar alle beschaafde landen mee zouden kunnen instemmen.

Afgezien hiervan telt de EU onder haar lidstaten niet minder dan drie Arctische landen, en heeft zij in dit gebied twee EER-buren, zodat zij numeriek meer dan de helft van de leden van de Arctische Raad voor haar rekening neemt. Dit is voor ons reden genoeg om op het wereldtoneel ons gewicht in de schaal te leggen, in de meest positieve zin van deze woorden.

Het noordpoolgebied is van cruciaal belang voor het wereldklimaat en alleen al daarom moeten wij een nieuwe bestuursstijl voor deze prachtige en, zoals de vorige spreker zei, een van de laatste wildernissen van onze wereld voorstaan.

 
  
MPphoto
 

  Martí Grau i Segú (PSE).(ES) Het noordpoolgebied is een van de meest kwetsbare gebieden van onze planeet. Onbeperkte exploitatie van zijn natuurlijke rijkdommen zou rampzalige gevolgen hebben, niet alleen voor de onmiddellijke omgeving en de lokale bevolking maar voor de wereld als geheel.

Door het smelten van grote gebieden zijn deze risico’s heel actueel geworden, en daarom hebben we nu een nieuwe wereldwijde regelgeving nodig om het noordpoolgebied te beschermen. Die regelgeving dient vergelijkbaar te zijn met de bestaande regelgeving voor Antarctica, ook al moet rekening worden gehouden met de in dit debat onderstreepte verschillen

Er moet een internationaal verdrag worden gesloten door alle betrokken partijen, waarvan de Europese Unie er ongetwijfeld een is. Dat verdrag moet tot doel hebben het unieke Arctische milieu te beschermen, de volledige duurzaamheid van alle menselijke activiteiten te waarborgen en de scheepvaart langs de nieuwe, toegankelijk geworden zeeroutes aan multilaterale regels te onderwerpen.

De Arctische Raad is in de jaren sinds zijn oprichting een toonbeeld van samenwerking geweest voor het beheer van gemeenschappelijke problemen. In deze tijd van moeilijkheden en onzekerheid moeten we deze geest van eensgezindheid stimuleren om te voorkomen dat de staten in dit gebied of andere internationale spelers om geostrategische redenen met elkaar gaan bekvechten en vergeten wat hun gemeenschappelijk doel moet zijn: het behoud van hun groots gemeenschappelijk erfgoed.

 
  
MPphoto
 

  Laima Andrikienė (PPE-DE) . – (EN) Mijnheer de Voorzitter, vandaag debatteren we over de bescherming van het noordpoolgebied, een zeer actueel onderwerp in niet alleen de Europese Unie.

Ten eerste heeft het noordpoolgebied waarschijnlijk enorme energiebronnen – wel 20 procent van alle nog niet ontdekte en technisch exploiteerbare voorkomens in de wereld – en daarom is de verleiding om deze hulpbronnen te exploiteren onweerstaanbaar. Ten tweede is het noordpoolmilieu uitzonderlijk kwetsbaar. De hele internationale gemeenschap zal waarschijnlijk de negatieve gevolgen ondervinden van vele van de veranderingen die er nu reeds plaatsvinden. Ten derde hangen er territoriale geschillen boven het noordpoolgebied. We lopen het risico dat we grote conflicten oproepen tussen landen die, ook met militaire middelen, willen beschermen wat landen in de regio als hun nationale belangen beschouwen.

Het wordt tijd dat het Europees Parlement zijn standpunt duidelijk maakt, aangezien het tot nu toe bijna geen deel heeft genomen aan dit debat, met uitzondering van onze resolutie die in oktober van het afgelopen jaar werd aangenomen en waarin werd opgeroepen tot een internationaal verdrag voor de bescherming van het noordpoolgebied. Het is belangrijk te vermelden dat de EU-lidstaten en de EER-landen meer dan 50 procent van de leden van de Arctische Raad uitmaken. Het noordpoolgebied zou een strategische prioriteit voor de Europese Unie moeten zijn, zoals het dat ook is voor de Verenigde Staten.

Ik steun ons ontwerpvoorstel volledig dat de Commissie en de Raad moeten samenwerken aan het instellen van een moratorium op de exploitatie van de geologische rijkdommen van het noordpoolgebied gedurende een periode van vijftig jaar, in afwachting van nieuw wetenschappelijk onderzoek. Wij, het Europees Parlement, zouden een beroep op de Commissie moeten doen om het initiatief te nemen tot onderhandelingen met de Russische autoriteiten over een aantal belangrijke kwesties die in onze ontwerpresolutie worden opgesomd. Het wordt tijd dat het noordpoolgebied op de agenda wordt gezet voor de komende top tussen de EU en Rusland.

 
  
MPphoto
 

  Christian Rovsing (PPE-DE). - (DA) Mijnheer de Voorzitter, Groenland maakt deel uit van het Deense koninkrijk met een omvangrijke verantwoordelijkheid in het kader van zelfbestuur. Het noordpoolgebied is niet onbewoonbaar en is geen onbestuurde landmassa, zoals Antarctica. Integendeel, de Arctische landmassa’s maken deel uit van de Arctische landen en er wonen reeds vier miljoen mensen, waarvan een derde behoort tot de inheemse bevolking. Deze mensen en hun naties eisen terecht dat de natuurlijke hulpbronnen en de mogelijkheden van het gebied worden benut. Alleen de zee in het midden is internationaal en hier geldt de Conferentie van de Verenigde Naties over het recht van de zee (UNCLOS) als de relevante juridische grondslag. Deze benadering is onder andere bevestigd door de Arctische kuststaten in de Ilulissat-verklaring uit 2008. Naast UNCLOS zijn er een groot aantal andere relevante internationale en regionale instrumenten. Er is nauwelijks behoefte aan meer governance, hoogstens aan een aanpassing van de bestaande instrumenten. Denemarken heeft in de Arctische Raad voorgesteld om de bestaande overeenkomsten te bekijken met het oog op een actualisering. Dit zal en moet gebeuren in samenwerking met de Arctische staten en de Arctische bevolkingen.

 
  
MPphoto
 

  Charles Tannock (PPE-DE) . – (EN) Mijnheer de Voorzitter, het Verdrag inzake Antarctica is een lichtend voorbeeld in de wereld van de manier waarop territoriale aanspraken door kuststaten opzij kunnen worden gezet in het belang van vreedzame samenwerking en wetenschappelijk onderzoek. Nu de wereld geconfronteerd is met het probleem van de opwarming van de aarde waardoor de twee kappen smelten en de zeespiegel stijgt en bevroren zeedoorgangen in het noordpoolgebied opnieuw opengaan voor de scheepvaart, is het belangrijk dat een vergelijkbare regeling wordt gevonden voor het bevroren, of moet ik zeggende dooiende, noorden van het noordpoolgebied. De soevereiniteitsaanspraken en het gevecht om de minerale rijkdommen van het noordpoolgebied, die op de voorgrond traden met het melodramatisch planten van de Russische vlag op de zeebedding, moeten worden verworpen.

De EU zou moeten proberen de vijf Arctische kuststaten (de Verenigde Staten, Canada, Rusland, Noorwegen en Denemarken) te overtuigen van de wijsheid van een dergelijke benadering.

 
  
MPphoto
 

  Johannes Lebech (ALDE). - (DA) Mijnheer de Voorzitter, als Deen heb ik mij niet noodzakelijk populair gemaakt door mee te werken aan het opstellen van deze ontwerpresolutie, samen met Diana Wallis van de ALDE-Fractie, maar ik ben van mening dat de resolutie in haar hoofdlijnen goed is. Het is goed dat de EU zich richt op het Arctische gebied. Het is ook goed voor de kleine landen Denemarken en Noorwegen dat de EU erbij betrokken is, zodat we ook echt iets in te brengen hebben tegenover de grote jongens in het gebied, dat wil zeggen de Verenigde Staten en Rusland.

Echter, wat betreft het moratorium dat nu in de resolutie is opgenomen, moet ik zeggen dat ik daar om twee redenen niet voor kan stemmen. De eerste reden is dat een moratorium totaal onrealistisch is, omdat Rusland en de Verenigde Staten het onder geen beding goed zullen keuren. Bovendien ben ik van mening dat er redenen zijn, zoals collega Rovsing ook al heeft gezegd, om rekening te houden met de mensen die in het gebied leven. De Groenlanders verwachten vanzelfsprekend, en hebben er ook vanzelfsprekend recht op, dat ze de natuurlijke hulpbronnen op hun grondgebied kunnen benutten, op dezelfde manier als alle andere landen dat op eigen grondgebied kunnen doen.

 
  
MPphoto
 

  Marie Anne Isler Béguin (Verts/ALE).(FR) Mijnheer de Voorzitter, mevrouw de commissaris, ik wilde er slechts op wijzen dat wij door de ijsberen op de ijsschotsen zijn gaan inzien hoe groot de invloed van de chemische verontreiniging in de hele wereld is. In hun vet is namelijk DDT gevonden, en wij weten heel goed dat deze stof op het pakijs niet wordt gebruikt.

Ik wil de Commissie in ieder geval bedanken voor het voorstel dat zij heeft gedaan na de discussie die wij hier in het Parlement hebben gevoerd, want vanwege de klimaatverandering moeten er echt dringend maatregelen worden genomen om de enige ruimte die nog niet door de mens is geplunderd te beschermen. Dat moeten we ons goed realiseren.

Natuurlijk is er ook sprake van politieke urgentie – en ik sluit mij aan bij de woorden van mevrouw Keyser –, want uiteindelijk worden wij gedwongen om iets te doen voor het noordpoolgebied. Sommige eigenaren van een deel van dit continent hebben er namelijk hun zinnen op gezet. Wij weten heel goed dat Rusland, waar we pas nog over gesproken hebben, zijn grenzen wil vaststellen buiten zijn maritieme zone en ze wil doortrekken tot op het continentale plat. Daarom is dit een dringende kwestie voor ons, want net als Canada wil ook Rusland er zijn vlag planten en er militaire eenheden installeren.

Wat er misschien aan uw voorstel ontbreekt, is wat wij de vorige keer hadden gevraagd, en dat is een internationaal verdrag voor de bescherming van het noordpoolgebied, waarmee wij de bescherming van dit gebied eens en voor al kunnen veiligstellen.

 
  
MPphoto
 

  Alojz Peterle (PPE-DE). - (SL) In het noordpoolgebied voltrekt zich een ecologisch en humanitair drama. Met onze inspanningen zouden wij ervoor moeten zorgen dat er niet ook nog een politiek of ander drama volgt. De oproep om het noordpoolgebied op een verantwoorde wijze aan te pakken is een noodkreet en een kwestie van mondiaal bestuur. Ik ben met name voorstander van alle inspanningen die respect tonen voor de autochtone bevolking van dat gebied.

 
  
MPphoto
 

  Paul Rübig (PPE-DE). - (DE) Mijnheer de Voorzitter, commissaris, dames en heren, allereerst wil ik mevrouw Ferrero-Waldner danken, die werkelijk zeer intensief met het Europees Parlement heeft samengewerkt en die op dit gebied ongetwijfeld de hardst werkende commissaris is; dat waardeer ik werkelijk zeer. Zij was vorige week ook aanwezig tijdens onze bijeenkomst met de Europese Economische Ruimte: de noordelijke dimensie is in dit geval immers bijzonder belangrijk, en ook Diana Wallis heeft herhaaldelijk benadrukt dat Europa in dit verband een heel bijzondere verantwoordelijkheid draagt.

Mijns inziens zijn wij met name in een tijd van een financiële en energiecrisis verplicht om nog meer belangstelling te tonen voor dit gebied en ook tegemoet te komen aan de wensen en behoeften van de bevolking aldaar, omdat mens en natuur uiteindelijk niet tegenover elkaar staan, maar elkaar moeten aanvullen. Vanuit die optiek bekeken kunnen wij mijns inziens met name op het gebied van het energiebeleid naar mooie successen verwijzen en wellicht ook in de toekomst de samenwerking intensiveren.

 
  
MPphoto
 

  Alexandr Vondra, fungerend voorzitter van de Raad. − (EN) Mijnheer de Voorzitter, ik juich dit tijdige debat toe. Door het zoeken naar hulpbronnen en de klimaatverandering is het noordpoolgebied aan de rand komen te staan van een diepgaande verandering. Niet alleen de regio zelf zal daar waarschijnlijk de gevolgen van ondervinden maar – zoals velen hier vandaag erkend hebben – ook de EU in haar geheel. Tegen de achtergrond van deze ontwikkelingen is het belangrijk dat de EU het noordpoolgebied op een veelomvattende en strategische manier benadert en kijkt naar een grote reeks kwesties zoals vervoer, biodiversiteit, klimaatverandering, maritieme zaken, energie en onderzoek, evenals naar de bescherming van de middelen van bestaan van de inheemse volkeren.

Ik ben van mening dat de Raad deze kwestie nu zeer serieus neemt. Hij steunt in grote lijnen de suggesties die zijn uiteengezet in de mededeling van de Commissie. Dit zou de basis moeten vormen voor de ontwikkeling van een veelomvattend Arctisch beleid. Tegen degenen die over een nieuw verdrag spreken zou ik willen zeggen dat er op dit moment geen standpunt van de Raad is, omdat de Raad nu pas begonnen is met de bespreking van de voorstellen van de Commissie. Ik zou nog even de conclusies van de Raad van december in herinnering willen brengen. In de conclusies zeggen wij dat de doelstellingen van de EU alleen bereikt kunnen worden in nauwe samenwerking met de Arctische landen en de EU haar deelname moeten versterken in overeenstemming met de huidige internationale verdragen.

Zoals ik eerder aangegeven heb, worden de voorstellen van de Commissie nu nader bestudeerd. Zij zullen het naar mijn overtuiging gemakkelijker maken om overeenstemming te bereiken over een overkoepelend antwoord op de vele, uiteenlopende uitdagingen waarvoor we ons in het noordpoolgebied gesteld zien. Ik ben blij met de belangstelling van het Parlement en ik ben bereid om bij u terug te komen en verslag uit te brengen zodra de Raad een standpunt heeft ingenomen.

 
  
MPphoto
 

  Benita Ferrero-Waldner, lid van de Commissie. − (EN) Mijnheer de Voorzitter, zoals ik aan het begin van dit belangrijke debat heb onderstreept, moet de Europese Unie een grotere rol gaan spelen bij de bescherming van het milieu in het noordpoolgebied, de bevordering van een duurzame exploitatie van de natuurlijke hulpbronnen en de versterking van het multilateraal bestuur van het noordpoolgebied. Wij maken ons sterk voor het behoud van het noordpoolgebied en tegelijkertijd willen wij een bijdrage leveren aan een op samenwerking gebaseerd systeem, dat duurzaamheid en vrije toegang onder gelijke voorwaarden zal garanderen. Om deze belangrijke inspanningen te doen welslagen moeten wij, zoals ik reeds heb gezegd, nauw samenwerken met alle Arctische staten en Arctische belanghebbenden.

Wat dat betreft stelt de Commissie voor te werken aan een volledige invulling en implementatie van de bestaande verplichtingen, in plaats van nieuwe juridische instrumenten voor te stellen voor meer veiligheid en stabiliteit. Een strikt milieubeheer en een duurzaam gebruik van hulpbronnen, evenals open toegang onder gelijke voorwaarden. Tegelijkertijd heeft de EU reeds onderstreept dat voor de zones die buiten de nationale jurisdictie vallen, de bepalingen inzake milieubescherming uit hoofde van dit verdrag tamelijk algemeen zouden blijven. Wij zullen echter binnen de Verenigde Naties blijven werken aan de verdere ontwikkeling van een aantal kaders en proberen deze aan te passen aan nieuwe omstandigheden of de specifieke kenmerken van het noordpoolgebied. Zo kan er in een nieuwe UNCLOS-uitvoeringsovereenkomst inzake mariene biodiversiteit, die buiten de nationale jurisdictie valt, rekening worden gehouden met de Noordpool. Wij hebben onze aanvraag ook aan de Noorse voorzitter van de Arctische Raad toegestuurd. Voor de goedkeuring van de aanvraag van de Commissie is een unaniem besluit van alle leden van de Arctische Raad nodig. Dit besluit wordt verwacht op 29 april – heel snel dus – en zou negatief beïnvloed kunnen worden door een initiatief waarin eventueel een voorstel wordt gedaan voor een Arctisch verdrag. We moeten hier dus voorzichtig mee zijn.

Tot slot wil ik zeggen dat de Arctische kuststaten een duidelijke voorkeur hebben voor het UNCLOS als grondslag. De Europese Unie moet hier rekening mee houden als zij een nog sterkere samenwerking wil opzetten ten behoeve van het noordpoolgebied, zijn bewoners en zijn flora en fauna. In deze context moeten we de bestaande samenwerkingskaders niet verzwakken, omdat dit onze doelstellingen en belangen niet echt zou dienen. Het zou bovendien niet stroken met de geest van uw eigen ontwerpresolutie.

Concluderend ben ik van mening dat de omstandigheden nog niet geëigend zijn voor een internationaal verdrag inzake het noordpoolgebied en dat we onze inspanningen beter kunnen concentreren op een effectieve toepassing van de bestaande wettelijke kaders, om zo de mogelijke mazen te dichten en de regels aan te passen aan de specifieke kenmerken van het noordpoolgebied. Dat lijkt veel gemakkelijker haalbaar.

 
  
MPphoto
 

  De Voorzitter. − Tot besluit van het debat zijn er zes ontwerpresoluties(1) ingediend, overeenkomstig artikel 103, lid 2, van het Reglement.

Het debat is gesloten.

De stemming vindt morgen, donderdag 2 april 2009, plaats.

 
  

(1) Zie notulen.

Juridische mededeling - Privacybeleid