Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2009/0011(CNS)
Stadium plenaire behandeling
Kies een document :

Ingediende teksten :

A6-0259/2009

Debatten :

PV 06/05/2009 - 2
CRE 06/05/2009 - 2

Stemmingen :

PV 06/05/2009 - 4.5
Stemverklaringen
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P6_TA(2009)0352

Debatten
Woensdag 6 mei 2009 - Straatsburg Uitgave PB

6.13. Actieve inclusie van personen die van de arbeidsmarkt zijn uitgesloten (A6-0263/2009, Jean Lambert)
PV
 

 
  
MPphoto
 

  De Voorzitter. − Beste collega's en afgevaardigden die wachten op het afleggen van een stemverklaring, u ziet dat het inmiddels erg laat is geworden. We zijn al heel lang bezig, en dit geldt vooral voor onze tolken. Wij hebben een groot aantal stemverklaringen en ik denk niet dat het ons gaat lukken om die tegen 15.00 uur af te wikkelen. Daarom deel ik mede dat de stemverklaringen worden uitgesteld tot het einde van de vergadering van vandaag.

 
  
MPphoto
 

  Daniel Hannan (NI).(EN) Mevrouw de Voorzitter, de regels zijn heel duidelijk over het feit dat elk lid na een stemming het recht heeft op een stemverklaring van maximaal 60 seconden. Ik ben me er van bewust dat de tolken er al een hele tijd zitten. Ik ben me er van bewust dat we veel mensen van hun lunch houden. Mag ik een compromis voorstellen dat uw collega-ondervoorzitter Alejo Vidal-Quadras de laatste keer gebruikte toen hetzelfde gebeurde: laat mensen achter elkaar hun stemverklaring geven, dit versnelt de procedure aanzienlijk.

 
  
MPphoto
 

  De Voorzitter. − Dank u wel, mijnheer Hannan. We hebben die mogelijkheid inderdaad overwogen, maar er zijn zo veel stemverklaringen dat ik niet denk dat het veel zal uithalen. U krijgt de gelegenheid tot stemverklaringen maar dan wel aan het einde van de vergadering vanavond. Het spijt me zeer, maar het is echt te laat – en u weet hoeveel genoegen ik aan uw bijdragen beleef.

 
  
  

Schriftelijke stemverklaringen

 
  
  

- Ontwerpbesluit (B6-0268/2009)

 
  
MPphoto
 
 

  José Ribeiro e Castro (PPE-DE), schriftelijk. (PT) De mededeling van de Europese Commissie COM(2007)281 bevatte een tot alle Europese instellingen gerichte uitdaging: 'De tijd is nu gekomen om Brazilië tegemoet te treden als strategische partner en belangrijke economische speler en regionale leider in Latijns-Amerika.' Dit partnerschap werd op 4 juli 2007 in Lissabon gelanceerd tijdens het Portugese voorzitterschap van de Europese Unie. Op 12 maart 2009 heeft het Europees Parlement een aanbeveling aan de Raad goedgekeurd waarin stond: 'het strategisch partnerschap moet het kader vormen voor de totstandbrenging van een regelmatige, structurele dialoog tussen de leden van het Nationaal Congres van Brazilië en de leden van het Europees Parlement.'

Ondanks deze beginselverklaring moet ik tot mijn teleurstelling vaststellen dat het Parlement, ook na verschillende oproepen van mijn kant aan de Voorzitter van dit Parlement, blijft vasthouden aan de achterhaalde optie om van Brazilië de enige BRIC-economie te maken zonder onafhankelijke parlementaire delegatie. Dit is strijdig met het eigen besluit van het Parlement en geeft blijk van een betreurenswaardige passiviteit en kortzichtigheid ten aanzien van Brazilië's werkelijke belang voor de wereld. Ik hoop dat de toekomstige collega's, en vooral de Portugese collega´s, deze betreurenswaardige situatie zullen kunnen veranderen en een vruchtbare en rechtstreekse communicatie met het Braziliaanse Congres tot stand zullen kunnen brengen.

Ik heb tegengestemd.

 
  
MPphoto
 
 

  Francis Wurtz (GUE/NGL), schriftelijk. − (EN) De GUE/NGL-Fractie heeft zich van stemming onthouden over het aantal interparlementaire delegaties, als gevolg van de verwijzing naar ‘Kosovo’ bij het vaststellen van een ‘Delegatie voor de betrekkingen met Albanië, Bosnië-Herzegovina, Servië, Montenegro en Kosovo’.

Het vormen van een delegatie voor betrekkingen met een zelfverklaarde staat die het resultaat is van de schending van het internationaal recht, is op zichzelf al de facto een schending van het internationaal recht.

Deze onthouding heeft geen betrekking op alle andere delegaties waar in datzelfde besluit naar wordt verwezen. Daar geven wij steun aan.

 
  
  

- Verslag-Morillon (A6-0203/2009)

 
  
MPphoto
 
 

  Glyn Ford (PSE), schriftelijk. − (EN) Ik ben zeer verheugd om hier vandaag te stemmen over dit verslag over de intrekking van een richtlijn en 11 achterhaalde beschikkingen en merk op dat met het volgende verslag van de heer Morillon (A6-0202/2009) nog eens 14 achterhaalde verordeningen zullen worden ingetrokken.

Ik feliciteer mijn collega met een zet die voor herhaling vatbaar is in al onze commissies en voor alle onder onze bevoegdheden vallende kwesties. Ik ben er zeker voorstander om sommige verordeningen en richtlijnen een vaste looptijd te geven. Daarmee zou namelijk een eind worden gemaakt aan het voortdurend aannemen van wet- en regelgeving en aan de last die dat voor ons allen oplevert.

 
  
  

- Verslag-Stavreva (A6-0259/2009)

 
  
MPphoto
 
 

  Katerina Batzeli (PSE), schriftelijk. – (EL) De delegatie van de PASOK in het Europees Parlement heeft voor het verslag-Stavreva gestemd omdat de lidstaten daarmee de mogelijkheid krijgen te besluiten welke maatregelen voor plattelandsontwikkeling zij willen toepassen in deze bijzonder cruciale tijd voor het platteland en de boeren. Het oorspronkelijk voorstel van de Commissie is verbeterd dankzij onder meer de amendementen die ik in de Commissie landbouw en plattelandsontwikkeling had ingediend.

In geen geval kan echter instemming worden verleend met een opportunistische vermindering van de financiële limieten van het gemeenschappelijk landbouwbeleid, onder het voorwendsel dat de daarvoor bestemde communautaire middelen niet zijn gebruikt. De communautaire begroting is niet in staat om zichzelf te bedruipen met de toepassing van het flexibiliteitsmechanisme. In plaats van deze tactiek toe te passen zou het politiek en inhoudelijk beter zijn een discussie te openen over de verhoging van de communautaire begroting, teneinde te voorkomen dat de reeds bestaande communautaire beleidsvormen en het GLB worden aangetast, die de middelen zullen moeten leveren voor de financiering van de nieuwe communautaire beleidsvormen ter bestrijding van de crisis en ter verbetering van het mededingingsvermogen van de EU.

 
  
MPphoto
 
 

  Călin Cătălin Chiriţă (PPE-DE), schriftelijk. (RO) Ik heb voor het verslag gestemd over het voorstel voor een verordening van de Raad tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1698/2005 inzake steun voor plattelandsontwikkeling uit het Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling (ELFPO).

Ik ondersteun dit document omdat daarin een extra bedrag van 250 miljoen euro wordt toegekend ter aanvulling van de voor 2009 uitgetrokken gelden. Ook wordt daarmee meer flexibiliteit geboden bij de toewijzing en inzet van financiële middelen voor het ontwikkelen van breedbandinternet in plattelandsgebieden en bij de aanpak van de nieuwe uitdagingen in de landbouwsector.

Deze aanvulling op het ELFPO is nodig, vooral in de huidige crisis. Roemenië moet toegang tot dit fonds krijgen door zinvolle projecten uit te voeren, die ten doel hebben onze dorpen te ontwikkelen en de levensstandaard van de bewoners van onze plattelandsgebieden te verhogen.

 
  
MPphoto
 
 

  Zita Pleštinská (PPE-DE), schriftelijk. – (SK) Het verslag over het voorstel voor een verordening van de Raad tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1698/2005 inzake steun voor plattelandsontwikkeling uit het Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling (ELFPO).

 
  
MPphoto
 
 

  Zdzisław Zbigniew Podkański (UEN), schriftelijk. − (PL) Het Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling vormt een belangrijke kans voor gebieden die in de loop van de geschiedenis een achterstand hebben opgelopen. Voorts is het Fonds een goede gelegenheid om de verschillen tussen de oude en de nieuwe lidstaten van de Europese Unie weg te werken.

Bij het beheer van dit Fonds moeten we in het achterhoofd houden dat het gemeenschappelijk landbouwbeleid vol onrechtvaardigheden en ongelijkheden zit. De verschillen in subsidies en bijgevolg in het inkomen van de landbouwers dragen bij tot de instandhouding en zelfs tot een toename van deze onevenredigheden. Deze ongelijkheden hebben niet alleen betrekking op de economische situatie van de plattelandsbewoners, maar ook op de gehele infrastructuur, onder meer de toegang tot het internet. Met het oog hierop mogen we niet vergeten dat de Duitse landbouwers bijvoorbeeld twee keer zoveel steun ontvangen als de Poolse boeren en drie keer zoveel als hun Roemeense collega's.

We mogen evenmin vergeten dat de meest hulpbehoevende regio’s zich in Roemenië, Bulgarije en het oosten van Polen bevinden.

 
  
  

- Verslag-Corbett (A6-0273/2009)

 
  
MPphoto
 
 

  Guy Bono (PSE), schriftelijk. (FR) Ik heb gestemd voor dit verslag van mijn Britse collega van de Sociaal-democratische Fractie in het Europees Parlement, de heer Corbett, tot algemene herziening van het Reglement.

Ik steun het initiatief van de voorzitter van de sociaal-democratische fractie, de heer Schulz, die deze herziening wilde aangrijpen om te voorkomen dat de Franse leider van een extreemrechtse partij de eer kreeg om de openingsvergadering van het nieuwe Parlement voor te zitten.

Volgens de nieuwe bepalingen wordt de openingsvergadering van het Parlement, op 14 juli, voorgezeten door de oud-voorzitter, mits herkozen, of door een van de veertien oud-ondervoorzitters in volgorde van rangorde, mits herkozen.

De Europese democratie omvat in feite de beginselen van respect en tolerantie onder de volkeren, die de heer Le Pen opzettelijk negeert door stug revisionistische opmerkingen te blijven maken.

 
  
MPphoto
 
 

  Glyn Ford (PSE), schriftelijk. − (EN) Ik heb voor dit verslag gestemd, en met name voor de amendementen 51 en 52 waarin de regel die bepaalt dat het oudste lid voorzitter wordt bij de opening van het nieuwe Parlement, wordt vervangen door het aanwijzen van een ‘voorlopige keuze’. Ik begrijp niet waarom we deze bizarre regel ooit hadden. Misschien heeft de ‘vader of moeder’ van het Parlement een bepaalde logica maar het langstzittende lid heeft in ieder geval ervaring waar hij of zij op terug kan vallen, in plaats van alleen maar leeftijd.

Dit systeem werd al eens misbruikt door de heer Le Pen en zijn Front National toen in 1989 Claude Autant-Lara dit Parlement werd ingeparachuteerd en een farce maakte van de opening van deze instelling met een langdurige en zeer beledigende interventie. Binnen enkele maanden was hij afgetreden, nadat hij zijn taak had volbracht, die bestond uit het belachelijk maken van het Europees Parlement. We kunnen de heer Le Pen twintig jaar later niet opnieuw de kans bieden om Europa in diskrediet te brengen.

 
  
MPphoto
 
 

  Bruno Gollnisch (NI), schriftelijk. (FR) Het verslag van de heer Corbett is erop gericht het Reglement aan e passen aan de huidige praktijk van algemene consensus en voorafgaande onderhandelingen in kleine groepen, waardoor de plenaire vergadering is verworden tot een bijeenkomst tijdens de welke de in een eerder stadium door een handvol deskundigen in elkaar geflanste teksten slechts worden geregistreerd. Hierdoor is de institutionalisering van een openbare eindstemming over iedere tekst slechts het minimum aan transparantie dat de burgers van het werk van dit Parlement mogen verwachten.

Dit verslag biedt echter bovenal de onverwachte mogelijkheid om in extremis een verbijsterend amendement aan te nemen, dat evenwel in de commissie is verworpen, en dat uitsluitend is opgesteld om te voorkomen dat één enkel individu een taak vervult die bovendien in alle parlementen ter wereld wordt erkend, namelijk de taak van het oudste lid in jaren om de verkiezing van de Voorzitter tijdens de openingsvergadering voor te zitten. Een echte uitzonderingswet, het werk van een echte politieke schurk! Ongehoord in een democratie!

De ondertekenaars zijn niemand minder dan de heren Daul en Schulz, die echt moeten proberen bekend en erkend te worden in Duitsland in plaats van in Frankrijk. Mocht dit nog nodig zijn, is dit een extra bewijs van de permanente collusie van gematigd rechts en sektarisch links, die bij bijna alle in dit Parlement aangenomen teksten dezelfde stem hebben uitgebracht.

 
  
MPphoto
 
 

  Jean-Marie Le Pen (NI), schriftelijk. (FR) Nadat het amendement over het oudste lid in jaren was verworpen door de Commissie constitutionele zaken, hebben de heren Schulz en Daul, die twee liberaal-sociaaldemocratische makkers, opnieuw hetzelfde amendement ingediend in de plenaire vergadering.

Bij de klassieke talen leerden we vroeger dat vergissen menselijk is, maar volharden duivels.

Deze les is echter duidelijk niet geleerd. Het werk van het Europees Parlement focussen op mijn nederige ik grenst aan het pathetische. Met een dergelijke belediging van ons eigen Reglement wordt in feite het zaad van een latent totalitarisme gezaaid.

Wanneer worden de minderheidsfracties afgeschaft? Wanneer worden recalcitrante leden uitgeschakeld?

Van Claude Autant-Lara tot Jean-Marie Le Pen, is de cirkel nu rond. In 1989 werd, na de opmerkelijke toespraak van de grote cineast, de speech van het oudste lid in jaren afgeschaft. Twintig jaar later wordt het oudste lid in jaren zelf geschrapt om te voorkomen dat die duivel Le Pen de verkiezing van de Voorzitter van het Europees Parlement voorzit.

Wat een democratische vooruitgang, dames en heren!

De heren Schulz en Daul bezorgen mij ongewild opmerkelijke gratis publiciteit, die ik zeker zal benutten. Eén tegen allen neem ik de uitdaging aan, met als getuigen de echte democraten en oprechte Europeanen: deze maskerade en deze ontkenning van de democratie dienen niet Europa, maar de verborgen partijbelangen van een kleine kliek van politici.

 
  
MPphoto
 
 

  Patrick Louis (IND/DEM), schriftelijk. (FR) Als Frans lid van het Europees Parlement en als lid van de Fractie Onafhankelijkheid/Democratie heb ik ervoor gekozen de amendementen 51 en 52 op het verslag van de heer Corbett niet te steunen.

Het is in feite onredelijk om een algemene regel aan te passen aan een specifiek geval.

Bovendien zullen deze manoeuvres waarschijnlijk het tegenovergestelde van het beoogde effect bereiken, namelijk dat het gebrek aan respect van veel leden voor een aantal van hun medeleden en -kandidaten onder de aandacht wordt gebracht.

Niets weerhoudt een politieke partij die misnoegd is over het huidige oudste lid in jaren er overigens van een oudere kandidaat te presenteren.

 
  
MPphoto
 
 

  Astrid Lulling (PPE-DE), schriftelijk. (FR) Ik heb niet vóór de algemene herziening van het Reglement gestemd omdat er - in een poging te voorkomen dat er een oudste lid in jaren genaamd Le Pen op de voorzittersstoel zou komen - een onelegante, ja zelfs contraproductieve oplossing is gevonden, terwijl er een oplossing is die aanvaardbaar zou zijn geweest voor alle voorstanders hier van het beleid van gendermainstreaming.

Zo hadden we artikel 11 kunnen vervangen door: "Het oudste mannelijke of vrouwelijke lid van de aanwezige leden zal als oudste lid in jaren afwisselend de rol van Voorzitter vervullen tot aan de proclamatie van de keuze van het Parlement. Deze toerbeurt begint met het oudste vrouwelijke lid."

Op deze manier hadden we een stokje kunnen steken voor het voorzitterschap als oudste lid in jaren van de heer Le Pen zonder dat dit Parlement daarvoor het Reglement om zeep hielp en een procedure volgde die in geen enkel ander parlement van een democratisch land bestaat.

Jammer. Persoonlijk heb ik meer vertrouwen in de Franse kiezers. Ik hoop dat zij de verkiezing van de heer Le Pen zullen voorkomen en dat deze hele onderneming dus nutteloos zal blijken.

 
  
MPphoto
 
 

  Andreas Mölzer (NI), schriftelijk. − (DE) Juist de EU, die democratie, tolerantie en vrijheid van meningsuiting hoog in het vaandel draagt, lijkt het daar zelf niet zo nauw mee te nemen. Of het nu gaat om het zelfbeschikkingsrecht van de volken, om toetredingscriteria of om het zoeken naar oplossingen voor de hedendaagse problemen, er wordt door de EU steeds met twee maten gemeten, net hoe het uitkomt.

Wie niet voldoet aan de verwachtingen ten aanzien van politieke correctheid, wie niet in de smaak valt bij het EU-establishment, wie onwelgevallige feiten aan het licht brengt, wordt buitengesloten. Er gelden dan ineens heel andere regels. Aan het beginsel “Idem ius omnibus” – hetzelfde recht voor iedereen – mag niet worden getornd, wil de EU niet afglijden naar politiek correcte schijnheiligheid. Het mag niet zo zijn dat persoonlijke vetes tot een soort “gelegenheidswetgeving” leiden.

 
  
MPphoto
 
 

  Andrzej Jan Szejna (PSE), schriftelijk. − (PL) De door de rapporteur ingediende amendementen zorgen niet alleen voor een versoepeling van de regels inzake het register van documenten van het Europees Parlement, maar ook voor een vereenvoudiging van het Reglement. Daarenboven heeft een gedeelte van de amendementen tot doel het Reglement aan de nieuwe regels en bestaande praktijken aan te passen.

Een van de belangrijkste vernieuwingen heeft tot gevolg dat de Voorzitter van het Europees Parlement de bevoegdheid krijgt om de nationale parlementen (van staten die een verdrag betreffende de toetreding van een staat tot de Europese Unie hebben ondertekend) uit te nodigen om uit hun midden een aantal waarnemers aan te wijzen dat gelijk is aan het toekomstige aantal zetels van die staat in het Europees Parlement. Deze waarnemers mogen deelnemen aan de werkzaamheden van het Parlement totdat het toetredingsverdrag in werking treedt en hebben spreekrecht in commissies en fracties. Zij hebben evenwel geen stemrecht en zijn niet verkiesbaar voor functies in het Parlement.

Een volgende wijziging van het Reglement van het Europees Parlement betreft de procedure voor gezamenlijke commissievergaderingen en gezamenlijke stemmingen. In dat geval stellen de respectieve rapporteurs een enkel ontwerpverslag op. De betrokken commissies behandelen dit en stemmen erover op gezamenlijke vergaderingen onder het gezamenlijk voorzitterschap van de betrokken voorzitters.

Een aantal belangrijke wijzigingen in verband met het verloop van de werkzaamheden van het Parlement heeft betrekking op de verdeling van de spreektijd en de samenstelling van de sprekerslijst, evenals op de wijze waarop de eindstemming over een wetstekst moet plaatsvinden. Indien alle eindstemmingen over wetgeving hoofdelijk zouden zijn, zou de verantwoording tegenover de burgers zonder twijfel beter zijn.

 
  
  

- Aanbeveling voor de tweede lezing van Malcolm Harbour (A6-0257/2009)

 
  
MPphoto
 
 

  Hélène Goudin en Nils Lundgren (IND/DEM), schriftelijk. − (SV) Tijdens de eerste lezing door het Europees Parlement stemde een meerderheid van de leden voor de omstreden amendementen 138 en 166. Het Europees Parlement maakte daarmee duidelijk dat een vonnis van een rechtbank vereist moet zijn om iemand van het internet af te sluiten en dat de gebruikers recht hebben op vrijheid van meningsuiting en privacy. De Raad verkoos echter de wil van het Europees Parlement naast zich neer te leggen en schrapte de amendementen 138 en 166. Het Europees Parlement en de Raad zijn het nu eens geworden over een compromis. In dat compromis komen de amendementen 138 en 166 in hun oorspronkelijke vorm niet voor. Daarom hebben wij tijdens de stemming van vandaag tegen het compromis gestemd.

Er is ons van Junilistan en de Deense JuniBevægelsen veel aan gelegen dat de amendementen 138 en 166 daadwerkelijk worden opgenomen in het telecompakket en daarom hebben wij een aantal amendementen ingediend die door internetactivisten "Citizens Rights Amendments" worden genoemd en door nog enkele andere fracties in het Europees Parlement worden gesteund. Als onze voorstellen de steun van de leden van Parlement hadden gekregen, zou er een goede kans zijn geweest dat het Europees Parlement en de Raad het uiteindelijk eens zouden zijn geworden over een telecompakket dat de rechten en de privacy van internetgebruikers echt beschermt.

 
  
MPphoto
 
 

  Andreas Mölzer (NI), schriftelijk. − (DE) Er wordt hier vandaag geprobeerd om koste wat het kost de economische belangen erdoor te drukken. Plotseling moet er in een kaderwet inzake de beschikbaarstelling van telecommunicatie een enorme waaier aan auteurswetten worden opgenomen. De EU kan mijns inziens volstaan met een waarschuwingsplicht, waarbij klanten worden gewezen op het risico van inbreuk op “intellectuele eigendomsrechten”. Dan kunnen de sancties op nationaal niveau worden geregeld en kan ieder naderhand de ander de schuld geven. Bovendien hebben de grote softwareontwikkelaars getracht om in dit verslag een struikelblok voor hun kleinere branchegenoten op te laten nemen.

Het is waar dat op het internet het recht wordt geschonden, bijvoorbeeld door kinderpornografie. Dit mag er echter niet toe leiden dat de gegevensbescherming wordt opgeofferd aan de economische belangen van enkele grote ondernemingen en multinationals. De oorspronkelijke idee van het telecompakket was absoluut zinvol, maar met de onoverzichtelijke hoeveelheid amendementen kan het best zijn dat een of meer amendementen waarin kritiek wordt geuit op het telecompakket, erdoor geglipt zijn.

 
  
  

- Aanbeveling voor de tweede lezing van Catherine Trautmann (A6-0272/2009)

 
  
MPphoto
 
 

  Guy Bono (PSE), schriftelijk. – (FR) Ik heb voor amendement 138 gestemd, dat ik in september vorig jaar had ingediend en dat door 88 procent van de Parlementsleden was aangenomen.

Ik ben blij dat dit amendement opnieuw wordt gesteund door een overweldigende meerderheid van de leden, die zo opnieuw hebben bevestigd hoezeer zij zich inzetten voor de bescherming van de rechten van internetgebruikers.

Dat is een duidelijk teken, een maand voor de Europese verkiezingen. In tegenstelling tot hetgeen de UMP en haar minister van Cultuur lijken te denken, doet de mening van het Europees Parlement er wel degelijk toe.

Dit is de zoveelste klap voor de heer Sarkozy en de Franse regering: wat zowel vorm als inhoud betreft heeft het Parlement “nee” gezegd tegen de heer Sarkozy. De Parlementsleden hebben “nee” gezegd tegen de flexibele respons en “nee” tegen de ontoelaatbare druk van Frankrijk op de primaire democratische instelling van het Europese continent!

 
  
MPphoto
 
 

  Ilda Figueiredo (GUE/NGL), schriftelijk. (PT) Miljoenen Europeanen zijn voor hun levenswijze direct of indirect afhankelijk van het internet. Als dit wordt beperkt, aan banden gelegd of aan voorwaarden verbonden, zou dat directe negatieve gevolgen hebben voor het dagelijks leven van de bevolking en voor een groot deel van de micro- en kleine en middelgrote ondernemingen, die voor de uitvoering van hun bedrijfsactiviteiten rechtstreeks afhankelijk zijn van dit medium.

Daarom is het belangrijk dat het voorstel van mijn fractie met onze stem is aangenomen. Aldus wordt de vrijheid van uitwisseling tussen gebruikers gehandhaafd zonder controle of sponsoring door intermediairs.

De Raad schijnt echter niet bereid te zijn dit door de meerderheid van het Europees Parlement aangenomen amendement over te nemen, omdat het zou ingaan tegen de beperkingen die zijn overeengekomen in de onderhandelingen met de Raad. Het is echter een kleine overwinning, gezien het feit dat daardoor is voorkomen dat een slecht voorstel werd aangenomen.

Felicitaties voor iedereen die voor het vrije verkeer op het internet en voor gratis software zijn. Wij zullen deze strijd voortzetten om de rechten van de burgers en onbeperkte toegang van eindgebruikers tot de diensten te waarborgen.

 
  
MPphoto
 
 

  Bruno Gollnisch (NI), schriftelijk. – (FR) Om te beginnen zijn de amendementen die de rechten en vrijheden van de burgers het beste beschermen, niet door dit Parlement aangenomen in het verslag-Harbour, dat een aanvulling vormt op het onderhavige verslag.

Vervolgens wordt er door een – inmiddels gelukkig opgelost – probleem met de stemvolgorde een vraagteken gezet bij de manier waarop een belangrijk politiek probleem hier kan worden opgelost, namelijk door politiek gekonkel, waarna de schuld wordt gegeven aan een administratie die het niet kan helpen.

Nu tenslotte de woede van de heer Toubon, een zichtbaar vurig pleitbezorger van de Hadopi-wet, over de aanneming van het toen onder internetgebruikers als het Bono-amendement bekendstaand amendement 1 heeft plaatsgemaakt voor zijn vreugde en instemming omdat mevrouw Trautmann bekendmaakte dat er wegens de wijziging van het algemene compromis een derde lezing van deze tekst zou komen, dreigt de duidelijke wil van de meerderheid van dit Parlement met voeten te worden getreden, net zoals overigens is gebeurd met de resultaten van de referenda in Frankrijk, Nederland en Ierland…

De heer Sarkozy en zijn vrienden in de “majors” hebben enig respijt. De burgers zullen echter op hun hoede moeten blijven. Het op 7 juni gekozen Parlement zal de onderhandelingen voeren voor de derde lezing. Het is niet zeker dat de socialisten, wanneer hun zetels eenmaal zijn veiliggesteld, aan de kant van de vrijheid zullen blijven staan.

 
  
MPphoto
 
 

  Dimitrios Papadimoulis (GUE/NGL), schriftelijk. – (EL) Het door de Commissie en de Raad gevraagde ´telecommunicatiepakket´ is mogelijk een bedreiging voor de rechten van de burgers. Met onze amendementen hebben wij aangedrongen op bescherming van de rechten van de burgers, op universele toegang en op transparantie en vrijheid op het internet. Het internet is een ruimte waar ideeën circuleren en is geen door de politiek en het bedrijfsleven gecontroleerd medium. Internetgebruikers zijn geen klanten maar burgers. Wij zullen blijven strijden voor de bescherming van de individuele vrijheden van alle Europese burgers.

 
  
MPphoto
 
 

  Vladimir Urutchev (PPE-DE), schriftelijk. (BG) Vandaag heeft dit Parlement tijdens de stemming over het elektronische communicatiepakket laten zien dat de bescherming van consumentenrechten werkelijk op de eerste plaats komt.

Ondanks het feit dat er in tweede lezing een relatief aanvaardbaar compromis was bereikt, was een meerderheid van het Parlement niet bang om tegen de afspraken in overtuigend vast te houden aan haar beginstandpunt tegen de mogelijke invoering van beperkingen op toegang tot het internet, tenzij ze door een gerechtelijke uitspraak worden opgelegd of wanneer de openbare veiligheid in het geding is.

Het hele pakket is eigenlijk gereduceerd tot een bemiddelingsprocedure en de invoering ervan is vertraagd. Na de parlementaire stemming van vandaag is het onvermijdelijk dat we een krachtig signaal afgeven aan de Raad en de Commissie.

We moeten echter toegeven dat wat er vandaag is gebeurd te danken is aan de actieve inmenging van mensen die het internet vertegenwoordigen, die alle mogelijke middelen hebben ingezet om hun standpunt aan de Parlementsleden duidelijk te maken en te eisen dat hun rechten worden beschermd.

Dit soort gedrag kunnen we alleen maar aanmoedigen.

Daarom moeten we ook tot de conclusie komen dat we altijd goed moeten luisteren naar wat de mensen te vertellen hebben, zodat de EU-wetgeving zich ook op hun behoeften richt en tegelijkertijd de grootst mogelijke bescherming van de belangen van de Europese burgers garandeert.

 
  
  

- Verslag-Pleguezuelos Aguilar (A6-0276/2009)

 
  
MPphoto
 
 

  Carl Schlyter (Verts/ALE), schriftelijk. − (SV) Ik heb tegen gestemd, omdat er garanties zouden moeten zijn dat delen van het ongebruikte spectrum voor doelen zonder winstoogmerk worden gebruikt en niet naar de grote telecommunicatiebedrijven gaan.

 
  
  

- Verslag-Lulling (A6-0258/2009)

 
  
MPphoto
 
 

  Robert Atkins (PPE-DE), schriftelijk. − (EN) De Britse Conservatieven zijn ervoor dat er een eind wordt gemaakt aan de betalingskloof en andere vormen van discriminatie tussen mannen en vrouwen. Gelijke behandeling bij alle vormen van werkgelegenheid is cruciaal voor een eerlijke en gelijke maatschappij. De conservatieven zijn echter van mening dat nationale regeringen en parlementen in het algemeen de meest aangewezenen zijn om te handelen op een manier die het meest effectief is voor hun eigen maatschappijen en economieën.

De conservatieven steunen de opvatting dat echtgenoten van zelfstandig werkende mannen of vrouwen toegang zouden moeten hebben tot uitkering bij ziekte, pensioenen en moederschapsrechten, maar we zijn van mening dat deze besluiten het beste door de lidstaten kunnen worden genomen.

Omdat het verzoek om een nieuw wetgevingsvoorstel over gelijke betaling op basis van artikel 141, lid 3 van het EG-Verdrag deel uitmaakt van de plechtige belofte van de conservatieven om niet deel te nemen aan het sociaal hoofdstuk, dat we niet steunen, hebben we ervoor gekozen ons van stemming te onthouden.

 
  
MPphoto
 
 

  Avril Doyle (PPE-DE), schriftelijk. − (EN) Dit verslag verbetert de manier waarop het beginsel van gelijke behandeling van toepassing is op zelfstandig werkende mannen en vrouwen en meewerkende echtgenoten in de EU. In Ierland kunnen echtgenoten van zelfstandig werkende mannen en vrouwen zelf ook al als zelfstandigen bijdragen aan de PRSI als er een commercieel partnerschap tussen de echtgenoten wordt aangetoond. Men kan er bijvoorbeeld voor kiezen om vrijwillige bijdragen te betalen om verzekerd te kunnen blijven bij het verlaten van het verplichte PRSI-systeem. Sociale verzekering is een zaak van nationale bevoegdheid en daarom heb ik tegen amendement 14 gestemd. Omdat dit amendement op artikel 6 van het verslag werd aangenomen, heb ik samen met de rest van mijn Ierse collega's in de EPP-ED besloten om me te onthouden van de eindstemming.

 
  
MPphoto
 
 

  Edite Estrela (PSE), schriftelijk. (PT) Ik heb voor het verslag van Astrid Lulling gestemd over gelijke behandeling van zelfstandig werkende mannen en vrouwen, hoewel ik vind dat het verslag verder had kunnen gaan als het gaat om de verbetering van de rechten van vrouwen en de bescherming van moederschap. Een minderheid van 16 procent van de Europese beroepsbevolking oefent een zelfstandige activiteit uit. Slechts een derde van deze zelfstandigen zijn vrouwen.

Het voorstel beoogt de belemmeringen voor vrouwen bij het uitoefenen van zelfstandige activiteiten uit de weg te ruimen door te voorzien in specifieke maatregelen of voordelen die de uitoefening van zelfstandige activiteiten zouden moeten vergemakkelijken.

Ik vind dat meewerkende echtgenoten een duidelijk gedefinieerde beroepsstatus moeten krijgen, met dezelfde sociale bescherming als zelfstandige werkende mannen en vrouwen.

 
  
MPphoto
 
 

  Hélène Goudin en Nils Lundgren (IND/DEM), schriftelijk. − (SV) De socialezekerheidsstelsels verschillen afhankelijk van waar men zich in de EU bevindt. Dat is geen probleem, zoals velen lijken te denken. Het is er veeleer een natuurlijk gevolg van dat de landen verschillend zijn en algemene democratische verkiezingen ertoe hebben geleid dat verschillende politieke systemen werden gekozen. Als aanhangers van een intergouvernementele EU-samenwerking is het voor ons daarom vanzelfsprekend dat wij afstand nemen van de formuleringen in zowel de ontwerprichtlijn van de Commissie als het verslag van het Europees Parlement, die ten doel hebben de EU meer macht te geven over de nationale socialezekerheidsstelsels.

Het loont echter de moeite erop te wijzen dat de stringente voorstellen die zijn gedaan in de eerste plaats ten doel hebben minimumnormen te verzekeren. De formuleringen verhinderen de lidstaten dus niet om verder te gaan als ze dat willen. Dat is positief, zeker vanuit Zweeds perspectief. Die flexibiliteit en het feit dat gelijke behandeling van mannen en vrouwen zo duidelijk als fundamenteel beginsel van een goed werkende democratische samenleving wordt beklemtoond, hebben er ons toe aangezet om voor het verslag als geheel te stemmen.

 
  
MPphoto
 
 

  Andrzej Jan Szejna (PSE), schriftelijk. − (PL) Slechts een minderheid van 16 procent van de Europese beroepsbevolking oefent momenteel een zelfstandige activiteit uit. Amper een derde van de 32,5 miljoen zelfstandigen zijn vrouwen.

Het voorstel om een einde te maken aan de belemmeringen voor vrouwen om een zelfstandige activiteit te ontplooien, onder andere door de goedkeuring van maatregelen die voorzien in specifieke voordelen die tot doel hebben de uitoefening van een zelfstandige activiteit door het ondervertegenwoordigde geslacht te vereenvoudigen, moet dus worden gesteund.

Richtlijn 86/613/EEG heeft nauwelijks verbetering gebracht in het lot van meewerkende echtgenoten van zelfstandig werkende mannen en vrouwen wat betreft de erkenning van hun werk en adequate sociale bescherming.

De nieuwe richtlijn zou in de eerste plaats moeten voorzien in de verplichte registratie van meewerkende echtgenoten, zodat zij niet langer onzichtbare werkende mannen en vrouwen zijn, alsmede in de verplichting voor de lidstaten om de noodzakelijke maatregelen te treffen op basis waarvan meewerkende echtgenoten een zorg- en pensioenverzekering kunnen afsluiten.

Ondanks het feit dat de lidstaten het verre van eens zijn over de noodzaak het rechtskader op dit gebied te verbeteren, hoop ik dat het mogelijk zal zijn om snel tot een redelijke consensus te komen, zodat deze richtlijn nog voor de Europese verkiezingen in juni 2009 in eerste lezing kan worden aangenomen.

Laten we alle initiatieven steunen die tot doel hebben de gelijkheid van mannen en vrouwen te bevorderen. Door de mensen op de eerste plaats te zetten, dragen we bij tot de totstandkoming van een rechtvaardigere maatschappij.

 
  
  

- Verslag-Stauner (A6-0242/2009)

 
  
MPphoto
 
 

  Călin Cătălin Chiriţă (PPE-DE), schriftelijk. (RO) Ik heb voor het verslag van Gabriele Stauner gestemd, daar ik het noodzakelijk vind om ook de ontslagen tengevolge van de economische en financiële crisis onder het toepassinggebied van het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering op te nemen.

Het doel van het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering is werknemers die door de globalisering ontslagen worden, effectieve ondersteuning te bieden. Na aanneming van dit stuk wetgeving kan het geld van dit fonds ook worden ingezet voor werknemers die door de economische en financiële crisis ontslagen worden.

De medefinanciering voor dit fonds is 50 procent, en dat percentage kan tegen 2011 tot 65 procent worden verhoogd.

Het voor het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering beschikbare financiële pakket kan maximaal vijfhonderd miljoen euro per jaar bedragen, en dat bedrag is bedoeld om mensen te helpen bij het zoeken naar werk of om beroepsopleidingen of mobiliteitstoelagen te financieren.

Ik hoop dat ook Roemenië gebruik van dit fonds zal maken om mensen die hun baan verliezen te helpen.

 
  
MPphoto
 
 

  Ilda Figueiredo (GUE/NGL), schriftelijk. − (PT) Deze gedeeltelijke verbetering van het Europees fonds voor de aanpassing aan de globalisering gaat minder ver dan nodig zou zijn geweest in de ernstige crisis waar we momenteel mee te maken hebben. Daarin is ook geen rekening gehouden met enkele voorstellen die we hadden gedaan om de communautaire bijdrage te verhogen tot 85 procent van de bedragen die aan werklozen worden toegekend en om het bedrag in het genoemde fonds te verdubbelen om meer personen te kunnen bereiken die de dupe worden van bedrijfssluitingen. Daarom hebben wij ons van stemming onthouden.

De vandaag aangenomen, gewijzigde regels van het Europees fonds voor de aanpassing aan de globalisering moeten het fonds in staat stellen effectiever in te grijpen en cofinanciering mogelijk maken om mensen die tengevolge van de economische crisis werkloos zijn geworden, te kunnen opleiden en weer aan werk te helpen. De nieuwe regels leiden tot een uitbreiding van het toepassingsgebied van het fonds en voorzien in een tijdelijke verhoging van de cofinanciering van 50 naar 65 procent, om tijdens de financiële en economische crisis aanvullende steun vanuit het fonds mogelijk te maken. Landen echter die in grote financiële problemen verkeren, zullen weinig gebruik kunnen maken van het fonds, gezien het hoge cofinancieringspercentage.

 
  
MPphoto
 
 

  Andrzej Jan Szejna (PSE), schriftelijk. − (PL) Wij moeten momenteel het hoofd bieden aan een ongekende crisis die niet alleen op financieel, maar ook op economisch en sociaal gebied voelbaar is. Deze crisis beperkt zich niet tot enkele lidstaten, maar treft de hele Europese Unie en ook de rest van de wereld.

De leiders van de Partij van de Europese Sociaal-democraten hebben een gezamenlijke verklaring aangenomen waarin ze de lidstaten oproepen werk te maken van "een ambitieus herstelplan om de werkgelegenheid te verzekeren en massale werkloosheid te voorkomen". De enige oplossing om de economie daadwerkelijk te beïnvloeden is een begrotingsstimulans die afgestemd is op het probleem en op Europees niveau wordt gecoördineerd. Het veiligstellen van banen, het bestrijden van werkloosheid en het bevorderen van een verstandige ecologische ontwikkeling zijn de prioriteiten waardoor wij ons bij al onze woorden en daden moeten laten leiden.

Als wij niet dringend nieuwe inspanningen leveren om de crisis in Europa te bestrijden, zal de werkloosheid begin 2010 tot 25 miljoen stijgen en zal de situatie van de overheidsfinanciën aanzienlijk verslechteren.

Het Europees Fonds voor de aanpassing aan de globalisering werd in 2006 opgericht en heeft een looptijd tot 2013. Het Fonds heeft tot doel werknemers te ondersteunen die als gevolg van de globalisering zijn ontslagen. Het Europees Fonds voor de aanpassing aan de globalisering beschikt over een jaarlijks budget van maximaal 500 miljoen euro, dat wordt aangewend voor de ondersteuning van actieve werkgelegenheidsmaatregelen, zoals hulp bij het zoeken naar werk of bijstand in de vorm van nascholing of mobiliteitstoeslagen.

Ik steun het idee om het aantal ontslagen dat als interventiecriterium geldt (tot vijfhonderd) te verlagen.

 
  
  

- Verslag-Maldeikis (A6-0261/2009)

 
  
MPphoto
 
 

  Laima Liucija Andrikienė (PPE-DE), schriftelijk.(LT) Ik heb voor het verslag van Eugenijus Maldeikis gestemd over de verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende financiële bijstand van de Gemeenschap aan projecten op het gebied van energie.

Het verheugt mij ten zeerste dat een enorme meerderheid van het Parlement (526 stemmen) voor heeft gestemd en dit document ondersteunt.

Ik zou het belang van onze beslissing nogmaals willen onderstrepen.

Evenals Letland, Estland en Polen maakt mijn land, Litouwen, al vijf jaar in politiek en economisch opzicht deel uit van de Europese Unie, maar voor wat betreft energie was en is het nog steeds een eiland op zich, zonder bruggen die het met de energiemarkt van de Gemeenschap verbinden.

Met de beslissing van vandaag heeft het Europees Parlement 175 miljoen euro toegewezen voor het opzetten van een energiebrug tussen Litouwen en Zweden.

Wanneer dit project eenmaal verwezenlijkt is, zullen de landen in onze regio, die in 2004 zijn toegetreden tot de EU, hun energiemarkten eindelijk kunnen aansluiten op de Scandinavische landen, en dus op de EU-markt.

Dit is een fantastisch project, een goed begin, en ik zou al mijn collega’s die er voor hebben gestemd graag willen bedanken.

 
  
MPphoto
 
 

  Călin Cătălin Chiriţă (PPE-DE), schriftelijk. (RO) Ik heb voor het verslag gestemd over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad houdende vaststelling van een programma om het economisch herstel te bevorderen via financiële bijstand van de Gemeenschap aan projecten op het gebied van energie.

Het Europees economisch herstelplan biedt een bedrag van vijf miljard euro aan investeringen in energieprojecten, breedbandinternet en maatregelen voor plattelandsontwikkeling. Er zal 3,98 miljard euro worden besteed aan de infrastructuur voor elektriciteit, aardgas en windenergie en voor het opvangen en opslaan van CO2. Het Europees Parlement steunt eveneens de toewijzing van 1,02 miljard euro aan projecten op het gebied van plattelandsontwikkeling.

Met het economisch herstelplan wordt 200 miljoen euro geïnvesteerd in de aanleg van de Nabucco-pijplijn, waarmee aardgas van het gebied rond de Kaspische Zee naar de EU zal worden getransporteerd. Roemenië steunt dit project. Tot de belangrijkste punten voor Roemenië behoren de financiering met dit herstelplan van interconnectieprojecten voor gas tussen Roemenië en Hongarije (30 miljoen euro) en Roemenië en Bulgarije (10 miljoen euro), alsmede de ontwikkeling van de infrastructuur voor apparatuur waarmee de gasstroom kan worden gekeerd ingeval van een kortdurende storing in de gasvoorziening (80 miljoen euro).

 
  
MPphoto
 
 

  Edite Estrela (PSE), schriftelijk. (PT) Ik heb voor het programma gestemd voor financiële bijstand aan projecten op het gebied van energie. Het investeringsvoorstel van het Europees Parlement, dat gebaseerd is op een akkoord met de Raad, steunt op drie pijlers: de interconnectie van gas- en elektriciteitsnetwerken, het afvangen en opslaan van CO2, en windenergieprojecten op zee. In dit voorstel worden daarom procedures en methodes uiteengezet voor financiële bijstand om investeringen te stimuleren in de aanleg van een geïntegreerd Europees energienetwerk waarmee gezorgd wordt voor een betere energievoorzieningszekerheid en eveneens het EU-beleid ter vermindering van broeikasgasemissies wordt bevorderd.

Onmiddellijke actie is gewenst om de Europese economie te stimuleren, en daarom is het belangrijk dat er maatregelen komen die een adequate geografische balans en een snelle tenuitvoerlegging waarborgen. In Portugal komen hiervoor projecten in aanmerking voor de interconnectie van gasnetwerken (infrastructuur en installaties) en ook projecten voor de verbetering van de interconnectie van het elektriciteitsnetwerk met Spanje.

 
  
MPphoto
 
 

  Hélène Goudin en Nils Lundgren (IND/DEM), schriftelijk. − (SV) De ambitie van de Commissie om de investeringen in energie-infrastructuur te verhogen is het laatste in een reeks voorbeelden van de arrogantie waaraan de ambtenaren in Berlaymont lijden. De voorgestelde investeringen zijn omvangrijk en duur, en het is tot dusver niet aangetoond dat deze investeringen op EU-niveau moeten gebeuren. Voor 2009 en 2010 worden investeringen voor in totaal 3,5 miljoen voorgesteld. Dat is geld dat van de begrotingen van de lidstaten moet komen. Voor Zweden betekent dat een aanzienlijke verhoging van de lidmaatschapsbijdrage met 1,4 miljard Zweedse kroon. Dat de Commissie vindt geen tijd te hebben gehad voor een grondige effectenbeoordeling van zo een omvattend voorstel is ronduit schokkend.

De rapporteur voor het verslag van het Europees Parlement lijkt niet noemenswaardig bezorgd te zijn over die bezwaren. Er wordt zelfs een verhoging van de steunmaatregelen van 3,5 miljard tot bijna 4 miljard euro voorgesteld.

Ons mandaat om te werken aan een minder dure EU-samenwerking zet er ons toe aan deze lichtzinnige omgang met het geld van de belastingbetalers te verwerpen. Er moet echter op worden gewezen dat er erg goede redenen zijn om manieren te zoeken voor het verbeteren en ontwikkelen van technieken voor het afvangen en opslaan van kooldioxide. Wij hebben tegen het verslag als geheel gestemd.

 
  
MPphoto
 
 

  Anders Wijkman (PPE-DE), schriftelijk. − (SV) Het voorstel om in het economisch herstelplan ongeveer 4 miljard euro uit te trekken voor projecten op het gebied van energie is goed. De inhoud ervan is echter veel te sterk gericht op fossiele brandstoffen. Bovendien ontbreekt elke steun voor projecten om efficiënt energiegebruik te bevorderen. In een vroeg stadium stelde de Commissie voor om 500 miljoen uit te trekken voor “duurzame steden”, maar dat voorstel werd ingetrokken.

De steun voor “duurzame steden” zou breed opgezette projecten voor de uitbouw van afstandverwarming en warmtekrachtkoppeling, alsmede verbeteringen van woningen mogelijk hebben gemaakt. Die projecten zouden kosteneffectief zijn geweest, de emissies hebben teruggedrongen en banen hebben gecreëerd. Het is diep tragisch dat de kans niet wordt gegrepen om in de economische crisis dat soort maatregelen nieuw leven in te blazen.

 
  
  

- Verslag-Othmar Karas (A6-0139/2009)

 
  
MPphoto
 
 

  Udo Bullmann (PSE), schriftelijk. − (DE) De SPD-leden in het Europees Parlement hebben om twee redenen tegen het verslag-Karas gestemd:

Ten eerste is het aanhouden van kredietrisico bij securitisatie van leningen een belangrijk en probaat middel om financiële instellingen hun deel van het commerciële risico van deze leningen te laten dragen, maar het moet dan wel gaan om een noemenswaardig percentage voor het aanhouden. Het percentage van vijf procent dat in de trialoog is overeengekomen, voldoet niet aan die voorwaarde. De Europese Commissie heeft tijdens de raadplegingsprocedure in eerste instantie gevraagd om vijftien procent, maar is toen onder druk van de industrie overstag gegaan en met het voorstel van vijf procent gekomen. De conservatieven en liberalen in de Commissie economische en monetaire zaken vonden zelfs dit kleine aandeel in het commerciële risico onnodig als financiële instellingen een garantieverklaring overleggen. De SPD-leden in het Europees Parlement maken zich sterk voor een aanmerkelijk hoger percentage voor het aanhouden van kredietrisico en zullen deze eis ook bij toekomstige hervormingen van de kapitaalvereistenrichtlijnen kracht bijzetten.

Ten tweede is de wijze waarop kernkapitaal in het verslag-Karas is gedefinieerd in strijd met de vereiste inzake concurrentieneutraliteit van de regelgeving. In de definitie worden derdenbelangen niet langer onverkort tot het kernkapitaal gerekend, ook al kunnen die belangen bij liquidatie wel volledig in aanmerking worden genomen. Hiermee wordt de deur wagenwijd opengezet voor oneerlijke concurrentie jegens overheidsbanken in Duitsland. Wij stellen vast dat derdenbelangen een probaat middel voor herfinanciering zijn gebleken te zijn en stroken met het communautaire recht. Aangezien onze verduidelijkende amendementen buiten beschouwing zijn gelaten in de resultaten van de trialoog, stemmen wij tegen het verslag.

 
  
MPphoto
 
 

  Astrid Lulling (PPE-DE), schriftelijk. – (FR) Ik feliciteer de rapporteur met zijn noeste arbeid, zowel aan de inhoud van de tekst als in het kader van de erop volgende onderhandelingen. De uitzonderlijke omstandigheden nopen ons tot snel en gepast optreden.

Ik kan mij vinden in het ons voorgestelde resultaat op het gebied van securitisatie. De systematische invoering van gestandaardiseerde colleges van toezichthouders is een grote stap vooruit.

Sinds het najaar heeft het ontwerpverslag met het idee van een gedecentraliseerd toezichtsysteem op EU-niveau de aanzet gegeven. Het rapport van de Jacques de Larosière-groep en de mededeling van de Commissie van 4 maart hebben dit idee verder uitgewerkt. Tot mijn grote vreugde kunnen deze ideeën op algemene steun rekenen.

Over de strekking moet één ding worden gezegd. In plaats van het ietwat simplistische criterium van grensoverschrijdende banken is het wellicht verstandiger zich te richten op de banken die van belang zijn voor het systeem.

Laatstgenoemden zouden direct onder de nieuwe bankautoriteit komen te vallen, terwijl de andere banken onder het toezicht zouden komen te staan van een college of, ingeval van puur nationale banken, van hun nationale toezichthouder. Met het oog op crisisbeheer zouden de systeembanken ook onder regelingen voor financiële stabiliteit op Europees niveau moeten vallen.

 
  
MPphoto
 
 

  Peter Skinner (PSE), schriftelijk. − (EN) Ik feliciteer de heer Karas. Deze stemming is om vele redenen een uitstekend resultaat.

De eerste reden is het feit dat dit een pakket is dat het Parlement heeft aanbevolen en waarover het heeft onderhandeld. Ik ben bij dergelijke onderhandelingen aanwezig geweest en weet hoe moeilijk dat soort besprekingen kan zijn.

De tweede reden houdt verband met de inhoud. Dat wil zeggen dat deze wetgeving Britse en andere burgers in de EU een betere bescherming zal bieden.

Securitisatie was de methode waarmee de zogenaamde ‘giftige activa’ werden verspreid over banken en waardoor veel particuliere en openbare banken enorme schulden opliepen.

Het idee om een initiatorbelang van niet minder dan 5 procent aan te houden, dat na effectbeoordelingen en internationale wijzigingen kan worden herzien, is essentieel.

Het verminderen van het ‘aandeel vreemd vermogen’ en het waarborgen van het juiste eigen vermogen van banken is de bescherming tegen het gedrag van banken dat ons op de rand van de financiële afgrond heeft gebracht.

De heer Karas kan tevreden zijn over zijn werk tijdens de onderhandelingen. Ik weet hoe moeilijk het voor het Parlement is om tekstverbeteringen erdoor te krijgen, maar dit akkoord in eerste lezing is een verstandig akkoord.

 
  
  

- Verslag-Hoppenstedt (A6-0246/2009)

 
  
MPphoto
 
 

  Ilda Figueiredo (GUE/NGL), schriftelijk. (PT) Mocht er nog getwijfeld worden aan de werkelijke bedoeling van dit voorstel, dan hoeft er alleen maar gekeken te worden naar de tekst die vandaag is aangenomen. Daarin staat immers dat het erom gaat 'de nog overgebleven barrières die een soepele werking van de interne markt belemmeren, te slechten' en in artikel 2 wordt duidelijk gesteld: 'De algemene doelstelling van het programma is de verbetering van de voorwaarden voor de werking van de interne markt.'

Het is weer eens veelzeggend dat, na het mislukken van het zogenaamd Europees economisch herstelplan en de veelbesproken 'Europese solidariteit', het eerste en tot dusverre enige voorstel voor het opzetten van een gemeenschapsprogramma gericht is op de ondersteuning van de financiële sector. Het lijkt wel of we helemaal niet te maken hebben met een van de grootste crises van het kapitalisme, met een toename van de werkloosheid, een vernietiging van het productieapparaat en een toename van de ongelijkheid en de problemen onder de bevolking en de arbeiders.

De voorstellen die we hebben gedaan - verhoging van de Gemeenschapsbegroting, opstelling van gemeenschapsprogramma's voor ondersteuning van de productiesector en bescherming van banen met rechten en openbare diensten - zijn verworpen, maar als steun verleend moet worden aan de financiële markt en de 'soepele werking van de interne markt', is er geen gebrek aan financiële middelen. Dat is onacceptabel. Daarom hebben wij tegengestemd.

 
  
MPphoto
 
 

  Hélène Goudin en Nils Lundgren (IND/DEM), schriftelijk. − (SV) Wij, EU-critici, streven er constant naar om de EU-samenwerking minder duur te maken. Het geld van de belastingbetalers moet verstandig worden gebruikt. Zeker in deze turbulente tijden is het belangrijk dat we voorzichtig omspringen met onze gemeenschappelijke middelen. Een door beperking gekenmerkte benadering van de begroting moet voor ons als verkozen vertegenwoordigers een leidraad blijven.

Het onderhavige verslag gaat echter een volkomen andere richting uit. Het oorspronkelijke financieringsvoorstel van de Commissie wordt als ontoereikend beschouwd en in een handomdraai hebben de grote fracties in het Europees Parlement een verdubbeling van de kredieten voor de financiële toezichtsorganen voorgesteld. Er is reden om ons af te vragen op welke gronden dat gebeurt. We hebben te maken met een totale mondiale financiële meltdown die internationale inspanningen op mondiaal niveau vereist.

Toezicht op de financiële instellingen in de EU is momenteel geen taak voor de EU. Het is belangrijk dat in het achterhoofd te houden. Het onderhavige verslag geeft echter een vingerwijzing over de ambities van de politieke machtselite. Met zijn onduidelijke verwijzingen naar de financiële crisis en de mogelijke gevolgen ervan voor het toezicht en de controle is dit verslag niets anders dan een ongegeneerde poging om de standpunten van de EU naar voren te schuiven. Ons rest geen andere keuze dan tegen het verslag en de alternatieve ontwerpresolutie te stemmen.

 
  
  

- Verslag-Wojciechowski (A6-0185/2009)

 
  
MPphoto
 
 

  Martin Callanan (PPE-DE), schriftelijk. − (EN) Hoewel ik een sterk voorstander van dierenwelzijn ben, aarzel ik om praktijken als het invoeren van zeehondenproducten te verbieden, op voorwaarde dat kan worden aangetoond dat het lijden van dieren bij hun dood tot een minimum is beperkt.

Er zijn niettemin praktijken die alleszins aanleiding tot bezorgdheid geven, niet in de laatste plaats de rituele slachttradities voor bepaalde religieuze doeleinden. Dankzij de culturele diversiteit van Europa hebben enkele van deze praktijken, die haaks staan op het respect van de EU voor dierenwelzijn, voet aan de grond gekregen. Als gevolg hiervan lijden dieren nodeloos.

Ik begrijp dat er in sommige religies veel waarde wordt gehecht aan de manier waarop een dier wordt geslacht zodat het vlees van dit dier kan worden gegeten. In de afgelopen dertig jaar is er echter in Europa hard gevochten voor de ontwikkeling van een cultuur van dierenrechten en dierenwelzijn, en we moeten dit niet offeren op het altaar van de politieke correctheid. Dieren die worden gedood door rituele slachtmethoden moeten eerst worden verdoofd om het lijden tot een minimum te beperken en om de waarden van dierenwelzijn, die ons na aan het hart liggen, verder te bevorderen.

 
  
MPphoto
 
 

  Edite Estrela (PSE), schriftelijk. (PT) Ik heb voor het verslag gestemd over de bescherming van dieren bij het doden. In de Europese Unie worden er jaarlijks miljoenen dieren geslacht. Veel van deze dieren worden onderworpen aan praktijken die onnodig lijden met zich meebrengen, niet alleen tijdens de fok en het transport, maar ook bij het doden en de slacht en de daarmee samenhangende activiteiten. Het lijden van dieren in slachterijen moet worden voorkomen, ook van dieren die gefokt worden voor de productie van voeding en andere producten.

Ik vind het een evenwichtig voorstel dat goed aansluit op de gemeenschapsdoelstellingen voor bescherming en welzijn van dieren. Ik ben het ermee eens dat slacht op grote schaal moet plaatsvinden met inachtneming van de hoogste humanitaire normen en het fysieke lijden van slachtdieren zoveel mogelijk moet beperken.

Ik heb echter niet voor het amendement gestemd dat geleid zou hebben tot het schrappen van het verbod op het gebruik van methoden waarmee runderen in een geroteerde of onnatuurlijke houding worden gefixeerd, omdat deze naar mijn mening schadelijk zijn voor het welzijn van de dieren.

 
  
MPphoto
 
 

  Filip Kaczmarek (PPE-DE), schriftelijk. − (PL) Dames en heren, ik heb voor het verslag van de heer Wojciechowski over de bescherming van dieren bij het doden gestemd. Veel mensen vragen zich af hoe dieren beschermd kunnen worden tijdens het doden. Het klinkt misschien paradoxaal, maar dit is wel degelijk mogelijk. Al wie zelf al eens een dier heeft gedood of dat van nabij heeft zien gebeuren, weet hoe pijnlijk de dood van een dier kan zijn. De invoering van nieuwe wetgeving op dit gebied zal het onnodige lijden van dieren verminderen. Dat is ook de reden waarom deze wetgeving absoluut noodzakelijk is.

 
  
MPphoto
 
 

  Carl Lang (NI), schriftelijk. (FR) Met de verklaring dat dieren moeten worden geslacht zonder onnodig te lijden - behalve in het geval van religieuze riten - heeft de meerderheid van ons Parlement haar hypocrisie en lafheid getoond. "Religieuze riten" verwijst hoofdzakelijk naar het rituele slachten, dat met name plaatsvindt tijdens het moslimfeest van Eid al-Adha, waarbij van honderdduizenden schapen de keel wordt doorgesneden.

De wettelijke erkenning van een dergelijke praktijk is onderdeel van een veel omvangrijker verschijnsel, namelijk dat van de islamisering van onze samenlevingen. Onze wetten en gebruiken worden geleidelijk aangepast aan de sharia, de islamitische wetgeving. In Frankrijk financieren steeds meer plaatselijke overheden indirect de bouw van moskeeën. Bij de samenstelling van schoolmaaltijden wordt rekening gehouden met de islamitische voedingsvoorschriften. In sommige steden, zoals Lille, zijn de zwembaden op bepaalde uren gereserveerd voor vrouwen. Met de oprichting van de Conseil français du culte musulman in 2003 heeft de heer Sarkozy - toentertijd minister van Binnenlandse Zaken - de islam geïntroduceerd in de Franse instellingen.

Om een halt toe te roepen aan deze ontwikkelingen moeten wij breken met de islamitische correctheid, de niet-Europese migratiestromen omkeren en een nieuw Europa creëren, een Europa van soevereine staten - zonder Turkije - dat de christelijke en humanistische waarden van zijn beschaving bevestigt.

 
  
MPphoto
 
 

  Cristiana Muscardini (UEN), schriftelijk. − (IT) Mevrouw de Voorzitter, dames en heren, het is bedroevend dat het Europees Parlement aan het einde van zijn zittingsperiode gekozen heeft voor een schizofrene aanpak ten aanzien van een dergelijke delicate kwestie. Het is immers werkelijk schizofreen als men zich aan de ene kant op de toekomst richt, zelfs wanneer die toekomst met technologieën komt die worden gebruikt om geweld en verkrachting te leren, en aan de andere kant vervalt in het verleden en terugkeert tot tribale rituelen om degenen die bloed willen zien vloeien en die meer nodeloos lijden in de ogen van hun slachtoffers willen zien, tevreden te stellen.

Wij wijzen rituele slachtingen waarin geen rekening wordt gehouden met de consensus en de vrije keuze van de afzonderlijke lidstaten, resoluut van de hand.

 
  
MPphoto
 
 

  Lydia Schenardi (NI), schriftelijk. (FR) Wij kunnen ons vinden in de wens om de richtlijn uit 1993 te vervangen, teneinde de omstandigheden waaronder wordt geslacht in de hele Europese Unie te verbeteren en te standaardiseren.

Ook onderschrijven wij het beginsel dat dieren alleen mogen worden geslacht volgens methoden die tot onmiddellijke dood of dood na bedwelming leiden, maar we zijn absoluut tegen het idee uitzonderingen toe te staan in het kader van religieuze riten.

De publieke opinie is erg gevoelig voor en volstrekt tegen onnodige, pijnlijke praktijken. Waarom zouden we deze dan tolereren in de naam van religie, of dieren nu voor de slacht worden verdoofd of niet?

Er moet strenge wetgeving worden ingevoerd, die voorziet in een verificatie van de procedures, om erop toe te zien dat deze dieren voor hun dood worden verdoofd en niet weer bij bewustzijn kunnen komen. Het zou echter nog beter zijn om dergelijke praktijken helemaal te verbieden. Ze stammen uit een ander tijdperk en kunnen met recht "barbaars" worden genoemd.

 
  
MPphoto
 
 

  Kathy Sinnott (IND/DEM), schriftelijk. − (EN) Het beschermen van dieren tegen wreedheid is een zeer belangrijke verantwoordelijkheid. Een aantal van de voorstellen om wreedheid te voorkomen leidt echter naar mijn mening alleen maar tot nog meer wreedheid.

Ik heb het dan met name over het voorstel om alle slachtingen te laten plaatsvinden in slachthuizen. Boeren worden gedwongen om dieren in te laden en te transporteren, zelfs wanneer ze ziek en oud zijn, en dat veroorzaakt pijn en stress voor de dieren.

Dit voorstel houdt ook risico's in met bedekking tot besmettelijke ziekten en infecties. Soms is het beter om ziekte te beteugelen door een dier op de eigen boerderij te slachten, zolang dit maar op humane wijze gebeurt. Ik heb mijn mondelinge verklaring niet afgelegd.

 
  
  

- Verslag-Silva Peneda (A6-0241/2009)

 
  
MPphoto
 
 

  Jan Andersson, Göran Färm, Anna Hedh, Inger Segelström en Åsa Westlund (PSE), schriftelijk. − (SV) Wij, Zweedse sociaaldemocraten, hebben ervoor gekozen om voor het verslag over de vernieuwde sociale agenda (A6-0241/2009) te stemmen. Het is een goed verslag waarin onder andere wordt gesteld dat noch economische vrijheden noch mededingingsregels voorrang mogen hebben op sociale grondrechten.

Het verslag bevat echter ook eisen inzake een regeling voor minimumloon. Wij, sociaaldemocraten, zijn van mening dat het belangrijk is iedereen een behoorlijk loon te garanderen, een loon waar men van kan leven, en wij vinden dat de EU dit aan moet moedigen. Dat is met name belangrijk om het probleem van de “werkende armen” aan te kunnen pakken. Hoe de lidstaten dan kiezen om hun burgers een behoorlijk loon te garanderen, via wetgeving of door het aan de sociale partners over te laten om dat via collectieve overeenkomsten te regelen, moet ook in de toekomst een beslissing van de lidstaten zelf blijven.

 
  
MPphoto
 
 

  Robert Atkins (PPE-DE), schriftelijk. − (EN) De Conservatieven steunen het beginsel van minimumloon in het Verenigd Koninkrijk, maar we zijn van mening dat het vraagstuk van de socialezekerheidstelsels en het minimumloon op nationaal niveau moet worden geregeld.

Daarom hebben de Conservatieven zich onthouden van stemming over dit verslag.

 
  
MPphoto
 
 

  Edite Estrela (PSE), schriftelijk. (PT) Ik heb voor het verslag van Silva Peneda gestemd over de vernieuwde sociale agenda. In het kader van de huidige economische crisis is het van essentieel belang dat sociaal beleid hand in hand gaat met economisch beleid dat is gericht op een duurzaam herstel van de Europese economie. De Europese sociale modellen worden geconfronteerd met meerdere uitdagingen, namelijk demografische verandering en globalisering, waar ze niet immuun voor kunnen blijven. Daarom moeten ze worden gemoderniseerd met het oog op de lange termijn, waarbij echter tegelijkertijd hun oorspronkelijke waarden behouden blijven.

Europa heeft een ambitieuze sociale agenda nodig, zeer zeker in deze ernstige economische crisis. Ik vind de vernieuwde sociale agenda van de Commissie echter niet erg ambitieus. Ik vind dat ze er laat mee komt en ik vind dat deze geen afdoend antwoord biedt op de uitdagingen waar de financiële en economische crisis ons voor stelt. Het sociaal beleid en het werkgelegenheidsbeleid moeten worden versterkt om verlies van banen te beperken of te voorkomen en de Europeanen te beschermen tegen sociale uitsluiting en armoede.

 
  
MPphoto
 
 

  Ilda Figueiredo (GUE/NGL), schriftelijk. (PT) Dit verslag bevat veel tegenstrijdigheden maar houdt in essentie vast aan de huidige richtsnoeren van het neoliberaal kapitalisme. Deze zijn weliswaar op enkele punten wat afgezwakt maar het beleid dat ten grondslag ligt aan deze economische en sociale crisis blijft onaangetast. De leidende beginselen zijn nog steeds dezelfde. De crisis wordt nu weer gebruikt om meer van hetzelfde te verkopen: flexibiliteit, interne markt, meer samenwerking tussen de publieke en privésector. Daarbij wordt voorbijgegaan aan het feit dat het beleid van de Europese Unie mede de oorzaak is van de crisis en heeft bijgedragen aan de verergering ervan.

De terechte 'zorgen' waarvan sprake is, gaan niet in op - en vormen ook geen antwoord op - de belangrijkste oorzaken van de geconstateerde problemen, zoals het economisch beleid en de onzekerheid op de arbeidsmarkt, liberalisering en privatisering van openbare diensten, et cetera.

In het verslag ontbreken alternatieve antwoorden, zoals met betrekking tot de versterking van de rol van de staat in de economie, in strategische sectoren en bij de uitbreiding van kwalitatief goede openbare dienstverlening, of zelfs met betrekking tot loons- en pensioenverhogingen. Weliswaar wordt er gesproken over de noodzaak de rijkdom beter te verdelen, maar daarbij wordt niet aangegeven hoe dat concreet moet gebeuren. Ook wordt er niet gesproken over een breuk met het beleid dat de sociale ongelijkheid vergroot heeft.

 
  
MPphoto
 
 

  Bruno Gollnisch (NI), schriftelijk. (FR) De sociale balans van uw Europa is zwaar negatief. In Frankrijk zijn net schrikbarende cijfers verschenen: de armoede is in twee jaar met vijftien procent gestegen, het aantal arme werknemers is dramatisch gestegen en het aantal diep in de schulden zittende huishoudens – waarvan de inkomsten de kosten van het dagelijkse levensonderhoud sinds lang niet meer dekken – is hierdoor exponentieel toegenomen. Dit is bovendien nog maar het begin van deze diepe crisis.

U dringt er bij de burgers op aan "verandering te aanvaarden" wanneer verandering voor werknemers gelijkstaat aan het verlies van hun baan en de zekerheid dat zij - dankzij uw beleid - geen nieuwe zullen vinden. U hebt het over "sociaal" terwijl het Hof van Justitie de rechten van werknemers met voeten treedt in naam van mededinging en de vrijheid van dienstverlening. U voegt hier nog "flexibiliteit" aan toe, dat niet meer is dan eurojargon voor "onzekerheid". U pretendeert zelfs extra aandacht te besteden aan vrouwen en moeders, terwijl uw idioot "genderbeleid" resulteert in het verlies van hun specifieke sociale rechten, zoals die welke zij in Frankrijk hadden op het gebied van pensionering en nachtwerk.

Er is geen vernieuwing nodig van de sociale agenda, wel een grondige verandering van uw perverse systeem.

 
  
MPphoto
 
 

  Hélène Goudin en Nils Lundgren (IND/DEM), schriftelijk. − (SV) Dit verslag benadrukt dat de lidstaten de nationale socialezekerheidsstelsels moeten hervormen, minimumlonen moeten invoeren en de leerplannen in scholen moeten herzien. Verder moet een groter deel van de bedrijfswinst in werknemersparticipatie worden verwerkt en moet een Europees Jaar van het vrijwilligerswerk worden ingevoerd. Dat zijn ongewoon extreme voorbeelden van hoe de EU de nationale zelfbeschikking over wil nemen.

Daarnaast bevat het verslag twee verwijzingen naar het Verdrag van Lissabon, dat nog niet in werking is getreden. Dat is een schaamteloze blijk van machtsarrogantie. De implicatie is dat het democratisch debat over het Verdrag wordt gezien als spelen voor de galerij en voor het resultaat als volkomen onbelangrijk wordt beschouwd.

Wij hebben daarom bij de eindstemming tegengestemd.

 
  
MPphoto
 
 

  Carl Schlyter (Verts/ALE), schriftelijk. − (SV) Dit is in het algemeen een erg goed verslag met veel goede aspecten, maar vanwege herhaalde eisen inzake groei en de invoering door de lidstaten van minimumlonen in combinatie met juridisch bindende sociale voorwaarden, wat een enorme overdracht van bevoegdheden aan de EU zou inhouden, heb ik mij van stemming onthouden.

 
  
MPphoto
 
 

  Anja Weisgerber (PPE-DE), schriftelijk. − (DE) De Europese sociale modellen staan juist in deze tijden van financiële crisis voor grote uitdagingen.

De CDU/CSU-delegatie pleit daarom voor een sociaal Europa.

Om die reden staan wij achter het verslag van José Silva Peneda over de vernieuwde sociale agenda.

Wij juichen eveneens toe dat aan het scheppen van banen en de bevordering van werkgelegenheid in deze tijden van crisis prioriteit wordt gegeven en dat we pedagogische acties willen bevorderen.

Europa moet een sociaal kader creëren en normen op communautair niveau vastleggen.

Er dient evenwel rekening te worden gehouden met de bevoegdheden van de lidstaten.

Derhalve hebben wij ons verzet tegen de algemene eis om minimuminkomensregelingen in te voeren in alle lidstaten, een eis die oorspronkelijk werd verwoord in paragraaf 14 van het verslag.

Het invoeren van minimumlonen berust op een besluit dat puur op lidstaatniveau moet worden genomen.

Daarom juichen wij toe dat het mondelinge amendement op deze paragaaf is aangenomen.

Ieder mens heeft recht op voldoende inkomsten om een menswaardig bestaan te leiden, maar de lidstaten hebben verschillende mogelijkheden om dit te regelen.

Wij hebben in ons mondeling amendement duidelijk gemaakt dat naast minimumlonen ook afspraken in collectieve arbeidsovereenkomsten, algemeen bindende regelingen of een van overheidswege gegarandeerd minimuminkomen in aanmerking komen.

Op die manier eerbiedigen wij het subsidiariteitsbeginsel.

 
  
  

- Verslag-Lambert (A6-0263/2009)

 
  
MPphoto
 
 

  Jan Andersson, Göran Färm, Anna Hedh, Inger Segelström en Åsa Westlund (PSE), schriftelijk. − (SV) Wij, Zweedse sociaaldemocraten, hebben ervoor gekozen om voor het verslag (A6-0263/2009) over de inclusie van personen die van de arbeidsmarkt zijn uitgesloten te stemmen. Het is een goed verslag dat met name belangrijk is in de huidige economische crisis, waarin maatregelen op de arbeidsmarkt nodig zijn om ervoor te zorgen dat de zwaksten in de samenleving niet permanent buiten de arbeidsmarkt blijven.

Het verslag bevat echter ook eisen voor een regeling inzake minimumloon. Wij, sociaaldemocraten, zijn van mening dat het belangrijk is iedereen een behoorlijk loon te garanderen waar men van kan leven, en wij vinden dat de EU dat aan moet moedigen. Dat is met name belangrijk om het probleem van de “werkende armen” aan te pakken. Hoe de lidstaten dan kiezen om hun burgers een behoorlijk loon te garanderen, via wetgeving of door het aan de sociale partners over te laten om dat via collectieve overeenkomsten te regelen, moet ook in de toekomst een beslissing van de lidstaten zelf blijven.

 
  
MPphoto
 
 

  Robert Atkins (PPE-DE), schriftelijk. − (EN) De Britse Conservatieven steunen het grootste gedeelte van dit verslag en de bepalingen over passende inkomenssteun, inclusieve arbeidsmarkten en toegang tot hoogwaardige diensten. We zijn ook voorstander van een positieve en inclusieve benadering van geestelijke gezondheidszorg, handicaps, en het recht van ouderen om te werken, evenals van een ferm standpunt ten aanzien van de strijd tegen mensenhandel.

Maar de Conservatieven geven geen steun aan het concept van een EU-discriminatierichtlijn. Evenmin geven de Conservatieven steun aan het verzoek om de opstelling van een juridisch kader voor gelijke behandeling op de arbeidsmarkt, om discriminatie in arbeid en beroep tegen te gaan, en een EU-doelstelling voor minimuminkomensregelingen en ondersteunende uitkeringsregelingen waarmee inkomenssteun wordt verschaft die minstens 60 procent van het mediaan nationaal equivalent inkomen bedraagt. Om deze redenen hebben we ons van stemming onthouden. Deze kwesties zouden zaken van nationale bevoegdheid moeten zijn.

 
  
MPphoto
 
 

  Philip Bushill-Matthews (PPE-DE), schriftelijk. − (EN) De EPP-ED-Fractie kan de inhoud van het oorspronkelijke verslag van Jean Lambert in het algemeen steunen. In de commissie heeft echter een andere fractie irrelevante punten aan het verslag toegevoegd die niet alleen buiten de beoogde werkingssfeer van het verslag vallen, maar eveneens, zoals bekend, onaanvaardbaar waren voor onze fractie. Men heeft dit bewust gedaan, uit verachtelijke partijpolitieke overwegingen, om het voor ons onmogelijk te maken om het verslag zoals het aan de plenaire vergadering is voorgelegd, te steunen. We hebben daarom een alternatieve resolutie ingediend met alle elementen uit haar verslag die we wel steunen.

 
  
MPphoto
 
 

  Martin Callanan (PPE-DE), schriftelijk. − (EN) Dit verslag werpt de vraag op hoe we in de arbeidsmarkt de mensen kunnen opnemen die hier nu nog van zijn uitgesloten? Het antwoord is volstrekt duidelijk: we moeten meer banen en meer capaciteit creëren op onze arbeidsmarkten.

Het feit dat de EU zich deze vraag überhaupt moet stellen, toont aan wat een van de fundamentele problemen met Brussel is. Er wordt veel te veel aandacht besteed aan de bescherming van banen en bij lange na niet genoeg aan het creëren ervan. Het Europees sociaal model is hoofdzakelijk verantwoordelijk voor de werkloosheid van zoveel Europeanen. Het Europees sociaal model doet precies het tegenovergestelde van wat het zou moeten doen: het creëert een arbeidsmarkteconomie met twee lagen, die voordelen biedt aan degenen die werken en de mogelijkheid voor werkloze mensen werk om werk te vinden, beperkt. Ook de sociale kosten tengevolge van eindeloze EU-regelgeving zijn enorm, en daardoor zien werkgevers er van af om nieuwe werknemers aan te nemen. Tot zover het stoutmoedige plan van de EU om in 2010 de meest concurrerende economie ter wereld te zijn.

Om banen te creëren voor werklozen moet de EU voor de Europese economie een heel andere richting inslaan. De Britse Conservatieven zetten zich in voor het versnellen van die richtingsverandering.

 
  
MPphoto
 
 

  Hélène Goudin en Nils Lundgren (IND/DEM), schriftelijk. − (SV) In dit verslag worden enkele belangrijke kwesties ter sprake gebracht, die echter in wezen door de lidstaten moeten worden aangepakt en niet door de EU. Het Europees Parlement wijst onder andere op de noodzaak van een EU-doelstelling voor regelingen inzake minimuminkomens en minimumlonen. Het verslag bevat bovendien een verwijzing naar het Verdrag van Lissabon (dat nog niet in werking is getreden). Wij hebben bijgevolg tegen dit verslag gestemd.

 
Juridische mededeling - Privacybeleid