Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2009/2697(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Kies een document :

Ingediende teksten :

RC-B7-0095/2009

Debatten :

PV 21/10/2009 - 9
CRE 21/10/2009 - 9

Stemmingen :

PV 22/10/2009 - 8.6
PV 22/10/2009 - 8.9
Stemverklaringen
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P7_TA(2009)0058

Debatten
Woensdag 21 oktober 2009 - Straatsburg Uitgave PB

9. Voorbereiding van de bijeenkomst van de TEC en de top EU/USA (2 en 3 november 2009) – Trans-Atlantische justitiële en politiële samenwerking (debat)
Video van de redevoeringen
PV
MPphoto
 

  De Voorzitter. – Aan de orde is de gecombineerde behandeling van de verklaringen van de Raad en de Commissie over:

1. Voorbereiding van de bijeenkomst van de TEC en de top EU/USA (2 en 3 november 2009), en

2. Trans-Atlantische justitiële en politiële samenwerking.

 
  
MPphoto
 

  Cecilia Malmström, fungerend voorzitter van de Raad. − (SV) Mijnheer de Voorzitter, geachte afgevaardigden, zoals u weet zijn de betrekkingen met de VS en de Trans-Atlantische samenwerking tussen de VS en de EU van zeer groot belang. Ze vormen een hoeksteen van het buitenlands beleid van de EU, waaraan de waarden van vrijheid, democratie en eerbiediging van de mensenrechten en het volkerenrecht ten grondslag liggen, en dat is iets wat ons verenigt. De nieuwe regering in de VS heeft blijk gegeven van grote belangstelling voor het verdiepen en verder ontwikkelen van de banden met ons in Europa. Op 26 en 27 oktober vindt de eerste Trans-Atlantische Economische Raad met de regering van president Obama plaats. Kort daarna, op 3 november, zal een top tussen de EU en de VS plaatsvinden. Dat zijn twee belangrijke gelegenheden om de betrekkingen te versterken. Daarom is het debat van vandaag erg belangrijk.

Ik zou enkele samenwerkingsgebieden willen belichten waarop we tijdens de top resultaten en nauwere betrekkingen tot stand hopen te kunnen brengen.

Wat de klimaatkwesties betreft zijn we ingenomen met de hogere ambities van de VS. We moeten met de Amerikaanse regering samenwerken om in Kopenhagen een ingrijpende, mondiaal bindende overeenkomst te krijgen. We roepen de VS op om doelstellingen vast te leggen die vergelijkbaar zijn met die van de EU. De Verenigde Staten en de EU moeten bereid zijn om samen steun te geven aan klimaatmaatregelen, zoals emissiereductie, aanpassing, financiering en andere steun voor de ontwikkelingslanden.

Een andere belangrijke kwestie is natuurlijk de financiële en economische crisis. Het opvolgen van de overeenkomsten die we op de top van de G-20 hebben gesloten en het herstellen van het vertrouwen in de financiële markten zullen erg nauwe samenwerking vereisen. We zullen ons er samen voor inzetten om de Doha-ronde in 2010 met een goed resultaat af te ronden, want dat is ontzettend belangrijk voor onze werkzaamheden ter bevordering van het herstel en bestrijding van het protectionisme.

Natuurlijk zullen we ook een aantal regionale kwesties bespreken, bijvoorbeeld Afghanistan, Pakistan, Iran, het Midden-Oosten, Rusland en de Westelijke Balkan. We hebben een regelmatige en steeds nauwere samenwerking op het gebied van crisisbeheersing, wat bijvoorbeeld tot uitdrukking kwam in de deelname van de VS aan een civiele EVDB-missie, de Eulex-missie in Kosovo.

We werken ook samen met betrekking tot energiekwesties. Die samenwerking moet versterkt worden, en we hopen dat we op ministerieel niveau een speciale energieraad tussen de EU en de VS in het leven kunnen roepen.

Er bestaat aan beide kanten belangstelling voor het verdiepen van de samenwerking op het gebied van binnenlandse zaken en justitie. Daar kom ik zo meteen op terug, omdat ik heb begrepen dat die debatten zijn gecombineerd.

Wat non-proliferatie en ontwapening betreft, heeft de samenwerking tussen de EU en de Amerikaanse regering opnieuw vaart gewonnen, en voor president Obama is dit een prioritaire kwestie. We hopen dat dit tijdens de top in november zijn beslag kan krijgen in een nieuwe gezamenlijke verklaring over non-proliferatie en ontwapening.

Beide kanten van de Atlantische Oceaan hebben er belang bij om de samenwerking op het gebied van ontwikkelingssamenwerking te versterken. De EU en de VS nemen immers het leeuwendeel van de totale mondiale ontwikkelingshulp voor hun rekening. De komende top is daarom een uitstekende gelegenheid om deze en andere relevante kwesties op het allerhoogste niveau te bespreken. Het Zweedse voorzitterschap is erg blij met de mogelijkheid om de EU te vertegenwoordigen.

Ik wil ook iets zeggen over het economische partnerschap en de Trans-Atlantische Economische Raad, de TEC. Daarmee beschikken we over een mechanisme op het hoogst mogelijke niveau dat de lopende technische onderhandelingen kan bespoedigen en nieuwe gebieden voor regelgevende samenwerking vast kan stellen. We moeten voor de TEC een werkprogramma opstellen, zodat volgend jaar kan worden vastgesteld. Dat biedt ons een samenwerkingsforum waarin we kwesties aan kunnen pakken met betrekking tot mondialisering en snelle technische veranderingen. Tot dusver is het een belangrijk forum geweest, maar het kan natuurlijk nog beter, vooral als het gaat om de Trans-Atlantische economie en de gemeenschappelijke economische uitdagingen. De Trans-Atlantische Economische Raad is nu, gezien de financiële crisis, nog belangrijker.

Staat u mij nu toe iets te zeggen over justitiële en politiële samenwerking. Op dat gebied hebben we al geruime tijd samengewerkt met de Verenigde Staten, wat weerspiegeld wordt in enkele overeenkomsten inzake uitlevering en wederzijdse rechtshulp die over enkele maanden in werking zullen treden. Dat bespreken we vaak met het Europees Parlement, dat naar ik weet op dit vlak een actieve en geëngageerde partner is – vaak ook een kritische partner, wat een goede zaak is. In dit verband hoef ik slechts te herinneren aan het debat over bijvoorbeeld persoonsgegevens van passagiers (Passenger Name Records). Wanneer het Verdrag van Lissabon in werking treedt, zal het Europees Parlement meer invloed hebben op deze kwesties en er nauwer bij betrokken zijn.

Momenteel werken we aan de zogenaamde Washington Statement, waarin de situatie betreffende justitieel en binnenlands beleid en de samenwerking op dat gebied tussen de EU en de VS zullen worden beschreven. Die verklaring moet zinvol zijn en gevolgd worden door concrete maatregelen. We hebben geen behoefte aan nog meer mooie woorden, maar aan een concrete en actieve samenwerking.

We moeten natuurlijk onze gemeenschappelijke waarden – democratie en rechtsstaat, alsmede eerbiediging van de mensenrechten en fundamentele vrijheden – vaststellen. We hebben er vanzelfsprekend belang bij om samen te werken op alle gebieden die voor deze gemeenschappelijke waarden een bedreiging vormen.

We streven naar tijdig onderling overleg wanneer zich politieke gebeurtenissen voordoen die gevolgen kunnen hebben voor de andere partij. We benadrukken onze gemeenschappelijke ambitie om op internationale fora actief te zijn en een volledige uitvoering van de multilaterale verplichtingen tot stand te brengen.

We werken samen bij het verbeteren van de veiligheid van reisdocumenten en de invoering van biometrische paspoorten. Een belangrijk voorbeeld is de overeenkomst inzake persoonsgegevens van vliegtuigpassagiers. We zullen er samen voor zorgen dat de overeenkomst werkt, maar tezelfdertijd moet de privacy van het individu beschermd worden en moeten de systemen van de verschillende landen geëerbiedigd worden.

De lijst van samenwerkingsgebieden is lang. Staat u mij toe er slechts enkele te noemen: mensenhandel, seksuele uitbuiting van kinderen, drugshandel, financiële criminaliteit, IT-criminaliteit, corruptie, verbeuring van hulpmiddelen voor en winsten van criminele activiteiten en de strijd tegen terrorisme. Stuk voor stuk vergen ze gezamenlijk en, tot op zekere hoogte, gecoördineerd optreden.

We hebben gewerkt aan de verbetering van de justitiële samenwerking wat betreft het opsporen, onderzoeken en vervolgen van grensoverschrijdende criminelen en terroristen. We kijken uit naar de inwerkingtreding begin volgend jaar van de overeenkomst tussen de EU en de VS inzake uitlevering en wederzijdse rechtshulp.

De overeenkomst is nu in alle zevenentwintig lidstaten van de EU omgezet en er is een gemeenschappelijke werkgroep tussen de EU en de VS opgericht die erop toe moet zien dat de overeenkomst uitgevoerd wordt. Er worden seminars gepland om de betrokken actoren dichter bij elkaar te brengen en hen te helpen toezicht uit te oefenen op de uitvoering.

Staat u mij toe tot slot nog drie punten te vermelden. Het eerste betreft de bescherming van de mensenrechten en de fundamentele vrijheden. Dat is ontzettend belangrijk. De strijd tegen grensoverschrijdende criminaliteit en terrorisme vereist vaak uitwisseling van persoonsgegevens, wat ons tot op zekere hoogte verplicht om bepaalde concessies te doen met betrekking tot de fundamentele vrijheden en de grondrechten. Dat moet gecompenseerd worden door een fundamentele en rigoureuze bescherming van persoonsgegevens. De samenwerking en de dialoog op dit gebied worden voortgezet en zouden moeten worden versterkt.

Het tweede punt betreft kritieke infrastructuur. We moeten met elkaar samenwerken als het gaat om de schade die kritieke infrastructuur zou kunnen lijden tengevolge van een natuurramp, een terroristische aanslag of aanvallen op onze informatiesystemen. Die schade zou desastreuze gevolgen kunnen hebben. Op dat gebied is er veel ruimte voor samenwerking.

Ten derde hebben de EU en de VS zich ertoe verbonden te werken op basis van de beginselen van vrijheid, democratie en rechtvaardigheid. We zijn vastbesloten om die beginselen in de hele wereld te bevorderen. Dat doen we in onze samenwerking maar ook in de internationale fora zoals de Verenigde Naties.

De samenwerking tussen verbindingsofficieren en delegaties is vruchtbaar gebleken, bijvoorbeeld in de Westelijke Balkan en in Afghanistan en Pakistan. Die samenwerking moet worden verbeterd. De maatregelen binnen die samenwerking kunnen elkaar aanvullen. Bovendien moeten we onze technische bijstand ook beter coördineren. We zullen doorgaan met de donorsamenwerking, de samenwerking op het gebied van hulpverlening en de operationele samenwerking met betrekking tot Latijns-Amerika en West-Afrika, om te helpen in de strijd tegen drugshandel en om andere uitdagingen aan te kunnen pakken.

Ik ben ontzettend blij dat de Amerikaanse regering zoveel belangstelling toont voor samenwerking met ons. We hebben er alle belang bij om in te gaan op de uitnodiging om werk te maken van onze waarden en onze belangen in een constructieve dialoog en in samenwerking, hetgeen hopelijk in de toekomst tot concrete resultaten zal leiden.

 
  
MPphoto
 

  Benita Ferrero-Waldner, lid van de Commissie. (EN) Mijnheer de Voorzitter, in mijn opmerkingen wil ik graag kort ingaan op de aanstaande topontmoeting EU/VS die een belangrijke mijlpaal zal vormen in ons trans-Atlantische partnerschap, en tevens bepaalde aspecten van de betrekkingen tussen de EU en de VS behandelen, met name de onderhandelingen over klimaatverandering die binnenkort plaatsvinden en enkele cruciale GLS-kwesties.

Toen de nieuwe Amerikaanse regering in januari aantrad, heeft dit een zeer significante invloed gehad op de betrekkingen tussen de EU en de VS, en ons partnerschap is goed van start gegaan. Ik zou zelfs durven beweren dat we onze betrekkingen nieuw leven hebben ingeblazen, en ik ben ervan overtuigd dat als het Verdrag van Lissabon eenmaal van kracht is, dit ook zal bijdragen aan een verdere versterking van deze essentiële relatie. Dan zal de Europese Unie immers beschikken over een nog sterkere identiteit voor het buitenlandse beleid, en dat is ook wat onze vrienden in Washington verwachten.

Een ding moeten we echter ook goed begrijpen. Ons verlangen naar een waar partnerschap van gelijken met de Verenigde Staten betekent ook dat Europeanen resultaten moeten willen en kunnen bieden. Ik zou zeggen dat dit een dubbele impuls is, zowel intern als extern, die de topontmoeting in Washington zo belangrijk maakt.

De eerste formele topontmoeting met president Obama vond plaats na onze informele ontmoeting in Praag afgelopen voorjaar. Nu zijn de voorbereidingen voor de topontmoeting in Washington in volle gang. Samen met de Amerikaanse zijde werken we aan het leveren van tastbare resultaten op een aantal prioriteitsgebieden. De wereldeconomie en klimaatverandering zullen waarschijnlijk de twee belangrijkste aandachtsgebieden zijn van de besprekingen tijdens de topontmoeting, naast een aantal grote uitdagingen op het gebied van het buitenlandse beleid.

Wat betreft de economie zal de hoofdaandacht in Washington gericht zijn op de gezamenlijke inspanningen in de strijd tegen de economische en financiële crisis en op de waarborging van duurzaam herstel van de wereldeconomie om banen en groei te kunnen garanderen. We zullen dieper ingaan op de bestuurlijke kwesties van de wereldeconomie, met name op het gebied van financiële regelgeving en een tijdige follow-up voor de G20-top in Pittsburgh. De Commissie zal ook ons gezamenlijke belang voor het tegengaan van protectionistische neigingen benadrukken, en we zullen een beroep op de VS doen om zich opnieuw in te spannen voor een succesvolle voltooiing van de Doha-ronde.

Ten tweede zal de Europese Unie de VS op het gebied van klimaatverandering aanmoedigen om met ambitieuze doelstellingen af te reizen naar de Conferentie van Kopenhagen om daar tot een krachtige wereldwijde overeenkomst te komen, en zullen we de VS ook dringend verzoeken om vooruitgang te boeken bij de invoering van een emissiehandelssysteem aan de andere kant van de Atlantische Oceaan.

Ten derde zullen we, wat het buitenlandse beleid betreft, uiteraard ook met de VS bespreken hoe de urgente uitdagingen op dat gebied kunnen worden aangepakt. Hierbij zal de nadruk liggen op de manier waarop we samen verder en hechter kunnen werken aan het vredesproces in het Midden-Oosten, op de uitdagingen als gevolg van de nucleaire ambities van Iran en op de manier waarop we een verlenging van de “Afghanistan Compact” kunnen waarborgen, wat de basis vormt van onze gezamenlijke inspanningen aldaar. Met minister Clinton en minister van Buitenlandse Zaken Bildt zal ik afzonderlijke ontmoetingen over buitenlands beleid hebben, waarin deze kwesties uitgebreider zullen worden besproken.

Verder verwacht ik dat tijdens de topontmoeting ook een verklaring over non-proliferatie en ontwapening wordt aangenomen, waardoor de samenwerking tussen de EU en de VS zal worden verbeterd op veel gebieden die door president Obama zijn genoemd in zijn toespraken in Praag en New York. Dit initiatief, dat op zichzelf al van strategisch belang is, is kenmerkend voor het hernieuwd Amerikaans engagement voor een effectief multilateralisme, wat de Europese Unie zeer zeker van plan is te steunen en consolideren.

Een laatste maar zeker zo belangrijk resultaat van de topontmoeting zal de oprichting van een nieuwe energieraad EU/VS zijn, die op 4 november voor het eerst bijeen zal komen. Van de zijde van de EU zal de raad worden voorgezeten door mijzelf, de commissarissen Piebalgs en Potočnik en het voorzitterschap, en van de zijde van de VS door de ministers Clinton en Chu. De raad zal zich bezighouden met wereldwijde energiezekerheid, energiemarkten en productregulering, nieuwe technologieën en onderzoek. Deze raad zal kortom toegevoegde waarde op beleidsgebied creëren, en het belang hiervan ligt voor de hand.

Nu is er ook een nieuwe trans-Atlantische Economische Raad (TEC). Deze vormt een aanvulling op de energieraad, en ook deze zullen wij nieuw leven in blazen. De TEC komt aanstaande dinsdag bijeen in Washington, wat dus nog eerder is dan de energieraad, en het resultaat van deze bijeenkomst zal uiteraard ook bijdragen aan de besprekingen tijdens de topontmoeting.

Een veelbelovend gebied van onze trans-Atlantische samenwerking is de zogenaamde stroomopwaartse samenwerking. Deze houdt in dat we al in een vroeg stadium beleidsbenaderingen bespreken, zodat we afwijkende reguleringen in een latere fase kunnen voorkomen. Het moge duidelijk zijn dat we een dergelijke samenwerking nu meer dan ooit nodig hebben. De benodigde coherente reactie op de financiële crisis is hier het beste voorbeeld van. Ook zullen we bestuderen of we dit samenwerkingsforum kunnen intensiveren voor aan de gezondheidszorg gerelateerde informatie over nanomaterialen.

Volgend op een initiatief van de VS zijn we tevens van plan hechter te gaan samenwerken op het gebied van innovatie. Beide zijden erkennen dat het vergroten van het innovatief potentieel van onze industrieën en onze beroepsbevolking van wezenlijk belang is voor het creëren van arbeidsplaatsen en groei, en zodoende voor het succesvol doorstaan van de komende crisis. De Commissie zal uiteraard ook de Europese bezorgdheid herhalen over enkele cruciale kwesties zoals beveiliging van de handel, potentiële concurrentievervalsing door overheidssteun en het aanbestedingsbeleid in de VS.

Tot slot hebben wij als Commissie vanaf het allereerste begin ook sterk vertrouwd op de steun van het Europees Parlement voor het TEC-proces, waar wij dankbaar voor zijn. U kunt er dus op vertrouwen dat wij aan beide zijden van de Atlantische Oceaan steun zullen verlenen aan de initiatieven van de delegatie van het Europees Parlement voor de betrekkingen met de VS, zodat de parlementaire betrokkenheid bij de TEC-kwesties kan worden versterkt.

We willen de rol van de TEC als bilateraal forum consolideren voor de aanpak van zowel de alledaagse als de strategische kwesties met betrekking tot de trans-Atlantische handel en investeringen. Bovendien is het ook belangrijk dat de TEC zich openstelt voor overleg tussen trans-Atlantische parlementsleden en maatschappelijke belanghebbenden. Wij hebben dus duidelijk de expertise en politieke kracht van de parlementsleden nodig om het volle potentieel van de trans-Atlantische markt te kunnen benutten.

Mijn collega heeft al gezegd dat GLS ook zeer belangrijk zal worden. Op 27 en 28 oktober zal er in Washington een trojkabijeenkomst over GLS-zaken plaatsvinden in het kader van onze samenwerking bij justitie, vrijheid en veiligheid. De Commissie zal hierbij worden vertegenwoordigd door vicevoorzitter Barrot. We bevinden ons in de laatste fasen van de opstelling van een verklaring die erop gericht zal zijn ons trans-Atlantische partnerschap op deze gebieden te vernieuwen. Tijdens de bijeenkomst in Washington zal er gelegenheid zijn om de instrumenten voor ratificatie van de overeenkomsten betreffende uitlevering en wederzijdse rechtshulp formeel uit te wisselen, zodat deze begin 2010 van kracht kunnen worden. Deze overeenkomsten zullen onze inspanningen op het gebied van misdaadbestrijding in de hedendaagse geglobaliseerde wereld verder versterken.

Zoals eerder gezegd moeten we bij een andere cruciale kwestie die de burgers na aan het hart ligt, zeker verdere vooruitgang boeken. We zullen de vraag om visumvrij reizen naar de VS voor alle Europese burgers herhalen; we zullen uiting geven aan onze bezorgdheid over het vooruitzicht dat een kostenvergoeding voor het elektronisch reisvergunningensysteem de facto een nieuwe toeristenbelasting zou zijn, en we zullen de VS opnieuw herinneren aan de noodzaak om de beperkingen voor reizigers met HIV/AIDS af te schaffen op grond van het Amerikaanse programma voor visumontheffing, zoals u reeds hebt genoemd.

Tot slot zal rond de tijd van de ministeriële bijeenkomsten een delegatie van de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken naar Washington reizen. Wij gaan er dus van uit dat ook zij dezelfde boodschappen kunnen overbrengen. Vicevoorzitter Barrot is tevens bereid om de delegatie van de Commissie burgerlijke vrijheden te ontmoeten tijdens zijn verblijf in Washington.

 
  
  

VOORZITTER: DIANA WALLIS
Ondervoorzitter

 
  
MPphoto
 

  Elmar Brok, namens de PPE-Fractie.(DE) Mevrouw de Voorzitter, mevrouw de commissaris, mevrouw de fungerend voorzitter van de Raad, ik stel zojuist vast dat gendermainstreaming definitief ingang heeft gevonden in het Parlement. We moeten ons bewust zijn van het grote belang van het vraagstuk van de Trans-Atlantische Economische Raad (TEC) en dat het orgaan dat we een paar jaar geleden hebben opgericht, een nieuwe motor nodig heeft, want we zitten in een overgangsperiode, met een nieuwe regering in de VS en binnenkort een nieuwe Commissie hier. Ik hoop dat de bijeenkomst van komende dinsdag ervoor ervoor zal zorgen dat de TEC doorgaat en de juiste spirit heeft.

Een trans-Atlantische markt zonder handelsbarrières zou resulteren in een economische groei van 3,5 procent in de VS en Europa en 1,5 procent wereldwijd. Dat is juist in deze economische crisis erg belangrijk omdat het nauw verband houdt met banengroei. Daarom moeten we deze kans niet voorbij laten gaan en in publieke verklaringen duidelijk maken dat we dit initiatief serieus nemen. Ook moeten we erop letten, mevrouw de commissaris, dat het veiligheidsbeleid op energiegebied een zaak wordt van de nieuwe raad voor energiezekerheid en de regelgevingskwesties binnen de TEC worden behandeld. Het is belangrijk dat regelgeving en beleidsvorming niet met elkaar worden vermengd, om te voorkomen dat werk dubbelop wordt gedaan en we aan het einde van de dag geen oplossing hebben.

Hier gaat het met name om de rol van de wetgevers. Zonder het Europees Parlement en het Amerikaanse congres kunnen geen handelsbarrières worden verwijderd, omdat 80 procent van de regels in wetten zijn vastgelegd. Daarom ook kunnen de Amerikaanse regering en de Europese Commissie dat niet alleen doen.

Ik zou nog een laatste opmerking over de top willen maken. Klimaatverandering, Afghanistan, non-proliferatie van kernwapens en massavernietigingswapens zijn stuk voor stuk belangrijke vraagstukken waarvoor de komst van deze nieuwe regering nieuwe kansen creëert. Ik wens u succes in uw streven dit allemaal op passende wijze bij de onderhandelingen te betrekken en hoop dat de nieuwe Nobelprijswinnaar, in samenwerking met de Europese Unie, juist op deze terreinen voor ons allemaal een groot succes zal boeken.

 
  
MPphoto
 

  Hannes Swoboda, namens de S&D-Fractie.(DE) Mevrouw de Voorzitter, mevrouw de fungerend voorzitter van de Raad, mevrouw de commissaris, er is al op gewezen dat we nu met Obama in het Witte Huis en een democratische meerderheid in het congres goede mogelijkheden hebben onze samenwerking te intensiveren, in het bijzonder met betrekking tot de gemeenschappelijke trans-Atlantische markt. Dit moet echter geen gemeenschappelijke markt van deregulering worden, maar een gemeenschappelijke markt op basis van de beginselen van een sociale markteconomie, met verstandige en zinvolle regels waar die nodig zijn.

Afgevaardigde Brok heeft natuurlijk helemaal gelijk als hij zegt dat dit een rechtsgrondslag moet hebben, of we nu over regulering van de financiële markten of over milieu- en energieregels praten. Met een gezamenlijke aanpak op deze terreinen zouden we een grote bijdrage kunnen leveren aan de totstandbrenging van mondiale betrekkingen.

Een terrein dat al even ter sprake is gekomen en dat we vanmorgen hebben behandeld, is het centrale vraagstuk van het klimaatbeleid. Velen van ons zullen de komende paar dagen in Washington zijn om met onze collega’s van het congres te praten. Hoewel de wetgeving inzake het klimaatbeleid nog niet is aangenomen, zijn de vertegenwoordigers van de Amerikaanse regering toch op zijn minst virtueel gemachtigd om bindende afspraken te maken, zelfs wanneer de details daarvan pas na de afronding van het Amerikaanse wetgevingsproces formeel kunnen worden vastgelegd.

Kopenhagen moet een succes worden. Dan is er weliswaar nog geen gemeenschappelijk klimaatbeleid, maar is er wel een belangrijke stap in die richting gezet. We moeten er allemaal voor zorgen dat Kopenhagen een succes wordt, en van succes kan alleen sprake zijn als er bindende klimaatdoelen worden vastgesteld.

Tot slot – en ook dit is al opgemerkt – zijn er, ongeacht onze vriendschap en goede wederzijdse betrekkingen, bepaalde dingen die we niet kunnen accepteren, zoals de steeds terugkerende protectionistische maatregelen, bijvoorbeeld op de markt voor defensiematerieel, het discriminerende visumbeleid ten aanzien van sommige lidstaten en de reeds genoemde inreisbelasting. Het is belangrijk dat we met de VS op voet van gelijkheid praten, dat we een partnerschap hebben, maar ook dat we zeggen wanneer we iets onaanvaardbaar vinden, wat in dit geval een beleid is dat Europeanen discrimineert.

 
  
MPphoto
 

  Sarah Ludford, namens de ALDE-Fractie. (EN) Mevrouw de Voorzitter, namens de ALDE-Fractie verwelkom ik het feit dat in deze resolutie wordt aangedrongen op een versterkt strategisch partnerschap tussen de EU en de VS als hoeksteen voor het buitenlandse beleid van de EU. Ook wordt in de resolutie nogmaals duidelijk gewezen op de rol van een geïntegreerde trans-Atlantische markt die er uiterlijk in 2015 moet zijn. We moeten ervoor waken dat we door de bomen van talloze meningsverschillen over specifieke kwesties het bos van een overweldigend belang in gemeenschappelijke waarden en doelstellingen niet meer zien, en moeten actie ondernemen voor onder andere de bevordering van democratie en mensenrechten, het oplossen van conflicten en de bescherming tegen veiligheidsdreigingen.

Op economisch gebied heeft de ALDE-Fractie de noodzaak benadrukt om arbitrage op het gebied van de regelgeving in de financiële sector te vermijden en om problemen zoals instellingen die te groot zijn om failliet te gaan aan te pakken. We hebben een amendement op paragraaf 39 ingediend, aangezien er, voor zover ik weet, eenvoudigweg geen overeenkomst van de leiders van de G20 bestond over het werken aan een belasting op financiële transacties of Tobin-belasting, en het dus absurd is om waardering uit te spreken voor een dergelijke overeenkomst, zelfs als we dit ten onrechte al gedaan hebben in de G20-resolutie.

Ook vraagt de ALDE-Fractie om paragraaf 38 te schrappen, waarin lijkt te worden gevraagd om de afschaffing van intellectuele eigendomsrechten. Zoals mevrouw Malmström al heeft uitgelegd, heeft een groot deel van de trans-Atlantische betrekkingen echter betrekking op kwesties op het gebied van justitie en veiligheid. De ALDE-Fractie geeft volledige steun aan hechte samenwerking op dit gebied, maar hierbij moeten de grondrechten, inclusief privacy, worden gerespecteerd en binnen een democratisch en transparant kader worden bevorderd. In dat opzicht is het spijtig dat de leden van het Europees Parlement niet zijn geraadpleegd over de gezamenlijke verklaring waarover volgende week overeenstemming wordt bereikt, vooral aangezien met het Verdrag van Lissabon bijna al deze kwesties gepaard gaan met medebeslissing.

Het is onbegrijpelijk waarom de Commissie en de Raad een nieuwe overeenkomst voor toegang tot financiële gegevens van Europese burgers in het kader van SWIFT bevorderen, ofschoon de overeenkomst betreffende wederzijdse rechtshulp specifieke verzoeken mogelijk maakt. Daar zou ik graag antwoord op krijgen.

Tot slot is het spijtig dat de nieuwe context van de samenwerking op het gebied van justitie en uitlevering desondanks de volledig ongerechtvaardigde uitlevering van Gary McKinnon, een computerhacker met het syndroom van Asperger, uit Groot-Brittannië toestaat in plaats van dat hij wordt vervolgd in Groot-Brittannië.

Om af te sluiten sta ik volledig achter hetgeen commissaris Ferrero-Waldner heeft gezegd over visumvrij reizen voor alle Europese burgers en staan wij zeer kritisch tegenover een 'visum-achtige' vergoeding voor ESTA.

 
  
MPphoto
 

  Pascal Canfin, namens de Verts/ALE-Fractie.(FR) Mevrouw de Voorzitter, mevrouw Malmström zei in haar betoog dat wij daden nodig hebben, en niet alleen mooie woorden. Ik kan u zeggen dat de Fractie De Groenen/Vrije Europese Alliantie de resultaten van deze top EU/USA met grote belangstelling zal volgen, omdat deze top plaatsvindt op een belangrijk moment op de weg die ons enerzijds naar Kopenhagen leidt, en anderzijds naar de hervorming van het internationale financiële systeem.

Wat dit laatste punt betreft, bevinden wij ons in een fase waarin het casino weer open is en waarin de winsten van de banken opnieuw historische niveaus bereiken – 437 miljard dollar winst voor de Amerikaanse banken –, en volgens onze analyse is de politieke wil nu minder uitgesproken dan een half jaar geleden. Wij verwachten dus enorm veel van deze top, die moet aantonen dat de politieke wil om het kapitalisme te reguleren en om de financiële instellingen te reguleren zowel van Amerikaanse als van Europese zijde nog altijd aanwezig is.

Met het oog hierop willen wij voorstellen om vorderingen te maken bij twee zeer belangrijke punten. Het eerste punt is de strijd tegen belastingparadijzen, een punt dat u in uw betogen niet hebt genoemd. Het Amerikaanse ministerie van Financiën erkent dat zij door de belastingparadijzen jaarlijks 100 miljard dollar aan belastinginkomsten misloopt. Daarom wilden wij de nadruk leggen op dit punt en u zeggen dat het belangrijk is dat er op deze top door de Verenigde Staten en Europa gezamenlijk aan deze kwestie wordt gewerkt.

Het tweede punt, dat zojuist al werd genoemd, is de belasting op financiële transacties. Toen de heer Barroso kandidaat was om als Commissievoorzitter te worden herkozen, heeft hij uitdrukkelijk gezegd dat hij voorstander was van een dergelijke belasting. Twee weken geleden heeft het Europees Parlement zich, voor het eerst, met een meerderheid uitgesproken vóór een belasting op financiële transacties, mits deze binnen een internationaal kader zouden passen. De Fractie De Groenen/Vrije Europese Alliantie verzoekt u dus om dit onderwerp op de agenda van de top EU/USA van begin november te zetten.

Mijn laatste punt betreft het klimaat. Op dit punt hebben wij de verantwoordelijkheid om president Obama uit de brand te helpen. Obama wil actie ondernemen, maar zit klem vanwege zijn meerderheid. De beste manier om hem te helpen, is dat de Europese Unie zich er eind oktober op vastlegt om 30 miljard euro uit te trekken om de kosten voor klimaataanpassing voor het Zuiden te financieren en om haar eigen uitstoot met dertig procent terug te dringen. Als dat gebeurt, kunnen wij vooruitgang boeken in de onderhandelingen. Dit is onze verantwoordelijkheid en wij moeten dit vóór deze top doen.

 
  
MPphoto
 

  Tomasz Piotr Poręba, namens de ECR-Fractie. (PL) Mevrouw de Voorzitter, de verdieping van de relaties tussen de Verenigde Staten en de Europese Unie moet de grondslag vormen van het externe beleid van de EU. De Verenigde Staten zijn immers al jarenlang onze trouwste bondgenoot. Er liggen tal van uitdagingen voor ons, waar we samen met Washington de schouders onder moeten zetten. Op veiligheidsgebied maken we ons zorgen over de opstelling van Iran en de verslechterende situatie in Afghanistan. Wat dichter bij onze grenzen wordt Rusland een steeds onvoorspelbaardere en autoritairdere buur, en het Kremlin oefent neo-imperialistische druk uit op zijn buurlanden.

Om de waarden die wij met Amerika delen te verdedigen en trouw te blijven, moeten we altijd met één stem spreken in geval van mensenrechtenschendingen en bedreiging van de fundamentele vrijheden van de burger. We moeten één front vormen bij de verdediging van onze veiligheid. We mogen niet vergeten dat de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie het fundament van onze trans-Atlantische betrekkingen vormt. Daarom moet de ruimte van veiligheid, vrijheid en democratie worden uitgebreid tot de Europese landen die de Euro-Atlantische veiligheid versterken. Het is van essentieel belang dat de Europese Unie prioriteit toekent aan het aanhalen van de banden met de Verenigde Staten.

 
  
MPphoto
 

  Jean-Luc Mélenchon, namens de GUE/NGL-Fractie.(FR) Mevrouw de Voorzitter, mevrouw de commissaris, mevrouw de minister, het nieuw gekozen Parlement heeft in de huidige economische crisis recht op zo nauwkeurig mogelijke, actuele informatie over de opzet van het plan voor de totstandbrenging van een grote trans-Atlantische markt, en over de bijbehorende doelstellingen inzake deregulering op economisch en financieel gebied, in tegenstelling tot het droombeeld dat enkele van onze collega’s schetsten.

Is het de bedoeling dat deze grote gedereguleerde markt tegen 2010 of 2015 wordt gerealiseerd? Is dit bevestigd? Persoonlijk denk ik dat dit zeer schadelijk zou zijn voor Europa, gezien de erbarmelijke staat van de fundering van de Amerikaanse economie en gezien de weigering van de VS om op financieel gebied orde op zaken te stellen. Afgezien daarvan brengen principiële redenen mij ertoe me te verzetten tegen het idee dat dit partnerschap, zoals velen van u hebben gezegd, de hoeksteen van het beleid van de Europese Unie zou moeten zijn.

Deze constatering brengt mij tevens tot de vraag welke maatregelen zullen worden genomen om het hoofd te bieden aan de koersval van de dollar en aan het risico dat Europa en de rest van de wereld hierdoor lopen. Waarom is het voorstel voor een mondiale gemeenschappelijke munt, dat China omwille van de stabiliteit van de wereldeconomie had gedaan, zonder serieus onderzoek afgewezen?

Ik wil waarschuwen tegen een achterhaald enthousiasme voor Atlantische samenwerking, die uiteindelijk zal uitlopen op een vorm van conformisme die absoluut niet meer van deze tijd is, terwijl wij op dit punt in de wereldgeschiedenis juist meer dan ooit moeten laten zien dat wij onafhankelijk van de wil van de Verenigde Staten van Amerika bestaan.

 
  
MPphoto
 

  Krisztina Morvai (NI). - (EN) Mevrouw de Voorzitter, met betrekking tot de gezamenlijke strijd tegen terrorisme wil ik als advocaat op het gebied van strafrecht en mensenrechten graag een suggestie doen. Ik denk dat het zeer belangrijk en nuttig is om een gezamenlijke groep experts, academici, praktiserende advocaten, enzovoorts, samen te stellen om conclusies te trekken uit de vaak zeer pijnlijke ervaringen van het tijdperk na 11 september, waarin mensenrechten zijn opgeschort in naam van de strijd tegen terrorisme.

Ik kom uit een land waar de regering de afgelopen drie jaar de mensenrechten heeft opgeschort en mensen zonder enige reden naar de gevangenis heeft gestuurd. Vandaag de dag doen zij dit in de naam van de strijd tegen terrorisme. In de gevangenis zitten zestien mensen die zeer waarschijnlijk politieke gevangenen zijn en die zonder enig bewijs zijn beschuldigd van terrorisme. Opgeschorte mensenrechten, habeas corpus, het recht om te worden gehoord, rechten van gevangenen: ik weet waarover ik het heb. We moeten zeer voorzichtig zijn wanneer we het hebben over de strijd tegen terrorisme en moeten daarbij zeer professioneel en zorgvuldig zijn.

 
  
MPphoto
 

  Francisco José Millán Mon (PPE). - (ES) Mevrouw de Voorzitter, de relatie met de Verenigde Staten is de belangrijkste strategische associatie die de Europese Unie heeft.

De Verenigde Staten nemen in de wereld een sleutelpositie in en de Europese Unie is in toenemende mate een mondiale speler. We kunnen en moeten veel zaken samen doen, en in de eerste plaats de leiding nemen bij de ontwikkeling van een nieuwe, geglobaliseerde wereld, die wordt gekenmerkt door nieuwe uitdagingen en de opkomst van nieuwe actoren.

We moeten onze relatie verder versterken en onszelf uitrusten met nieuwe institutionele mechanismen. En dit is een goed moment daarvoor, met een regering in Washington die inzet op multilateralisme, een Europese Unie die sterker wordt met het Verdrag van Lissabon, en het ontstaan van een nieuwe wereldorde die wij in ons gezamenlijk belang samen vorm moeten geven.

De resolutie die we gisteren hebben aangenomen is dan ook gericht op een versterking van de institutionele mechanismen, iets waar het Parlement al in zijn resolutie van 26 maart van dit jaar om had gevraagd.

De oprichting van een Trans-Atlantische Economische Raad twee jaar geleden was een goed besluit, maar de wereld van vandaag vraagt ook om een uitstekende politieke coördinatie en coördinatie van het veiligheidsbeleid. De personen die verantwoordelijk zijn voor het buitenlands beleid moeten regelmatig bijeenkomen. Vandaar de steun van deze vergadering, van dit Parlement, voor de oprichting van een Trans-Atlantische Politieke Raad, waarin die Trans-Atlantische Energieraad die u tijdens de aanstaande top wilt oprichten in de toekomst moet worden geïntegreerd.

Het Parlement wil ook twee jaarlijkse toppen. Als we er twee per jaar met Rusland houden, waarom dan niet ook twee toppen per jaar met de Verenigde Staten? Geachte afgevaardigden, er wordt steeds vaker gezegd dat de Verenigde Staten en China een G2 aan het vormen zijn, ofwel een bevoorrechte relatie tot stand brengen tussen de twee belangrijkste spelers van deze wereld. Mijn zorg is dat dit tot een verzwakking van onze bevoorrechte relatie en van onze positie als eerste gesprekspartner van de Verenigde Staten kan leiden. We moeten de Verenigde Staten uitleggen dat het Verdrag van Lissabon de Unie op het gebied van extern optreden zal versterken.

De Europese Unie, of Europa, is vandaag de dag niet meer het probleem dat het gedurende vele tientallen jaren is geweest. Vandaag de dag, in deze complexe wereld, moet Europa een onderdeel van de oplossing zijn, en ik hoop dat de Verenigde Staten dit zullen begrijpen. Daarom is het ook belangrijk dat, zoals de commissaris heeft opgemerkt, wij als Europeanen die gewenste rol op het wereldtoneel op een coherente manier invullen en dat we op een volwaardige manier invulling kunnen geven aan die bevoorrechte relatie met de Verenigde Staten die we willen.

Samenvattend zou wat mij betreft de versterking van de trans-Atlantische betrekkingen, ook in institutioneel opzicht, een essentiële doelstelling van de aanstaande top moeten zijn.

 
  
MPphoto
 

  Ioan Mircea Paşcu (S&D). - (EN) Mevrouw de Voorzitter, de trans-Atlantische betrekkingen die voor zowel de EU als de VS van cruciaal belang zijn, zijn de afgelopen jaren ernstig op de proef gesteld. Nu er een nieuwe regering in het Witte Huis zit die de Amerikaanse prioriteiten opnieuw definieert en nu Frankrijk weer is teruggekeerd in de militaire structuur van de NAVO, is het perspectief verbeterd. Persoonlijk vind ik dat de tijd nu rijp is om de trans-Atlantische betrekkingen substantieel te herzien, zodat ze de solide basis krijgen die ze verdienen om de huidige gemeenschappelijke uitdagingen te trotseren waar het internationale milieu ons voor plaatst, namelijk energie, klimaatverandering, opkomende nieuwe machten, de financiële en economische crisis en terrorisme.

Deze keer moeten we verder gaan dan oppervlakkige beleidsverschillen en onze diepere gemeenschappelijke belangen evalueren die we tot op heden eenvoudigweg voor lief hebben genomen. Zonder een diepgaande gezamenlijke evaluatie zouden we in het Westen namelijk het initiatief wel eens kunnen verliezen aan andere machtscentra, die er niet voor zullen terugdeinzen om de wereld te vormen conform hun eigen belangen, niet de onze.

De veiligheid in Europa is bijvoorbeeld zo'n gemeenschappelijk belang en vormt daarmee de kern van de trans-Atlantische betrekkingen. Zelfs als oorlog op het continent momenteel geen serieus probleem is, zou die mogelijkheid zeker kunnen terugkeren als we niet correct reageren op de culminatie van enkele actuele negatieve trends. Vooruitgang is niet onomkeerbaar, zoals we in Midden-Europa allemaal maar al te goed weten. Daarom moeten we, voordat we een voorstel voor een hernieuwde evaluatie van de huidige beveiligingsarchitectuur van het continent zelfs maar in overweging nemen, proberen om duidelijke antwoorden te vinden op de voortzetting van de Amerikaanse betrokkenheid, op de toekomst van de NAVO en op de verwachte rol van de EU, nadat het Verdrag van Lissabon van kracht is geworden.

Als Europa zijn ambitie waar wil maken en een echte speler in de wereldpolitiek wil worden, moet het dergelijke verschillen tussen de lidstaten wegwerken en hen in gelijke mate motiveren voor de echte gemeenschappelijke economische belangen.

 
  
MPphoto
 

  Reinhard Bütikofer (Verts/ALE).(DE) Mevrouw de Voorzitter, mevrouw de minister, mevrouw de commissaris, de vierde bijeenkomst van de Trans-Atlantische Economische Raad vormt een ideale gelegenheid voor dit forum om de bladzijde om te slaan. De TEC moet ambitieuzer worden. Beide partijen bij de trans-Atlantische dialoog zijn het erover eens dat het overwinnen van de economische crisis en het bestrijden van de klimaatverandering de allerhoogste prioriteit hebben. Nu gaat het erom dat ze het eens worden over een concrete agenda die deze prioriteiten weerspiegelt.

Vooral belangrijk is samenwerking ten behoeve van innovatie bij de ontwikkeling van koolstofarme economieën en energie-efficiënte maatschappijen. Ook is het belangrijk dat de verschillende belanghebbenden hier nog intensiever bij worden betrokken, bijvoorbeeld de Transatlantic Consumer Dialogue, een forum van tachtig consumentenorganisaties. Deze organisaties zouden kunnen helpen om consumentenbescherming tot een centraal thema van de dialoog over de regulering van de financiële markten te maken. Het doel om vóór 2015 een gemeenschappelijke trans-Atlantische markt te hebben, is wellicht te ambitieus, maar belangrijker en bepalend voor het succes van dit initiatief is of daarmee het leven van de mensen aan weerszijden van de Atlantische Oceaan wordt verbeterd. Dat is de reden waarom de groenen voorstander zijn van een trans-Atlantische new deal.

 
  
MPphoto
 

  James Elles (ECR). - (EN) Mevrouw de Voorzitter, ik ben het eens met de sprekers die zeggen dat we een echte kans voor ons hebben liggen, nu er een nieuwe Amerikaanse regering is aangetreden.

Drie korte punten. Ten eerste lijken we terecht te zijn gekomen in een situatie waarin zeer veel onderwerpen worden besproken tussen de EU en de VS, maar geen strategische dialoog wordt gevoerd. In Washington vertellen ze me echter dat de VS en China een veel grotere strategische dialoog hebben dan wij aan beide zijden van de Atlantische Oceaan. Is het niet tijd dat we tijdens deze topontmoeting zeggen dat wij ook een strategische dialoog voor strategisch partnerschap willen?

Ten tweede is het met betrekking tot het punt van protectionisme binnen de TEC vrij duidelijk dat het grootste gevaar de komende twaalf maanden het sluiten van de markten is, niet het openen ervan. Desondanks hebben we een trans-Atlantische markt die ons, zoals de heer Brok al zei, aan beide zijden van de Atlantische Oceaan de grootste kansen biedt voor het genereren van groei.

Is het niet tijd dat we de trans-Atlantische markt tot een belangrijk onderdeel van de handelsontwikkeling maken, in plaats van deze af te doen als een regelgevingskwestie? Dit is in feite een belangrijk begin.

Tot slot is het teleurstellend dat we geen studie en geen routekaart hebben, zoals de heer Verheugen ons heeft beloofd. Deze studie is betaald door het Parlement. Als u wilt dat het Parlement meewerkt aan een verklaring waarin wordt gezegd hoe we de openstelling van markten nu moeten zien, moet u dit verslag – zoals in de resolutie wordt vermeld – voor 15 november vrijgeven.

 
  
MPphoto
 

  Daniel Caspary (PPE).(DE) Mevrouw de Voorzitter, geachte afgevaardigden, net als alle voorgaande sprekers besef ik dat de Europese Unie niet zonder partners kan, zeker niet op economisch gebied. Als je weet dat de trans-Atlantische markt een handelsvolume van ongeveer 2 miljard euro per dag heeft, dan is meteen duidelijk hoe belangrijk de Wereldhandelsorganisatie (WTO) is, hoe belangrijk vrijhandelsovereenkomsten zijn, maar dan is met name ook duidelijk dat we ons meer moeten concentreren op het trans-Atlantische partnerschap.

Wanneer ik naar de nieuwe Amerikaanse president kijk ben ik er niet helemaal gerust op dat ze daar aan de andere kant van de Atlantische Oceaan ook zo over denken. Die zal tijd vrijmaken om in Oslo de Nobelprijs in ontvangst te nemen, maar voor tal van Europese staatshoofden en regeringsleiders was het tijdens de top van de G20 moeilijk om met hem een afspraak te maken voor een persoonlijk gesprek. Hij had wel tijd om in Kopenhagen de kandidatuur van zijn thuisstad voor de Olympische Spelen te ondersteunen, maar helaas niet om een voor Europa belangrijke viering bij te wonen, namelijk de twintigste verjaardag van de val van de Berlijnse muur. En het zou me verheugen als we hem ervan wisten te overtuigen dat het besluit over het al dan niet doorgaan van de TEC niet pas een paar dagen van tevoren moet worden genomen, maar dat de TEC de komende jaren juist vol overtuiging moet worden versterkt.

De handel tussen Europa en de VS moet gemakkelijker worden gemaakt. We hebben verbeteringen nodig op het terrein van gezamenlijke standaardisering. We moeten onze tarifaire en niet-tarifaire handelsbarrières verlagen. We moeten voorkomen dat nog meer protectionistische maatregelen worden genomen, aan beide zijden. We moeten de consument kunnen garanderen dat de producten veilig zijn. En we moeten voorkomen dat de huidige antiterreurmaatregelen alle inspanningen op dit terrein teniet doen. Daarom zou ik blij zijn indien we daadwerkelijk vooruitgang zouden kunnen boeken bij het verbeteren van onze samenwerking. Dat moet ook kunnen, want veel problemen die ons in andere gebieden van de wereld bezighouden, zoals lage lonen, sociale dumping en milieudumping, spelen in de trans-Atlantische betrekkingen niet.

Ik vind dat we de kans moeten aangrijpen om samen met de Amerikanen onze gemeenschappelijke problemen op te lossen, maar dat we ook moeten proberen ook dan gezamenlijk op te treden als het erom gaat in het kader van de WTO of andere internationale organisaties, zoals de Internationale Arbeidsorganisatie, vooruitgang te boeken. Ik hoop wat dit betreft op goede resultaten komende week.

 
  
MPphoto
 

  Véronique De Keyser (S&D).(FR) Mevrouw de Voorzitter, de verkiezing van president Obama is terecht toegejuicht als een overwinning van de Amerikaanse democratie. Door de Nobelprijs voor de vrede die hem onlangs is toegekend, wordt hij echter onder druk gezet. Vrede in het Midden-Oosten? Daar hopen we op, maar hij is beslist niet de sterkste troef. Vrede in Afghanistan? Daar heeft de Amerikaanse strategie de vrije hand, maar als president Obama naar zijn haviken luistert, dan kon er wel eens een nieuw Vietnam ontstaan. Het is een teken aan de wand dat het boek van Gordon Goldstein, waarin hij de dramatische opeenvolging van gebeurtenissen tijdens de oorlog in Vietnam beschrijft die naar een fatale afloop leidde, in Washington de winkels uitvloog en nergens meer te krijgen is.

President Obama moet nu kiezen uit twee strategieën: de eerste is gericht op stabilisatie, uitroeiing van de armoede en de economische ontwikkeling van Afghanistan, door in het gehele land zowel een militaire, als een civiele aanwezigheid te waarborgen. De tweede heeft tot doel zich op een paar stedelijke gebieden te richten en vandaar uit grootschalige operaties tegen Al-Qaida te beginnen. Voor beide opties is het noodzakelijk troepen te sturen, maar de eerste strategie is gericht op de bevolking, en de tweede op oorlog, met op de achtergrond het risico dat dit op een ramp uitloopt.

Is het niet de taak van Europa om Barack Obama te beschermen tegen de oude demonen die de Verenigde Staten achtervolgen en hem te helpen om uit deze strategieën de eerste te kiezen, die op de bevolking is gericht? Zo denkt mijn fractie er in ieder geval over.

 
  
MPphoto
 

  Charles Tannock (ECR). - (EN) Mevrouw de Voorzitter, de ECR-Fractie is zeer Atlantisch ingesteld en streeft naar steeds hechtere economische, commerciële en politieke banden met Amerika, een land dat wij beschouwen als de belangrijkste bondgenoot van de EU en niet als een concurrent. Ook staan we bij de VS in de schuld voor hun bijdrage aan de NAVO, die is gebaseerd op onze gedeelde democratische waarden, en verwelkomen we de verlate Amerikaanse betrokkenheid bij de strijd tegen klimaatverandering.

We moeten echter niet doen alsof we het overal over eens zijn. Ik maak me bijvoorbeeld zorgen over de tegenstrijdige berichten van de Amerikaanse regering met betrekking tot Rusland. Nu Washington zo de nadruk legt op het herstellen van de banden tussen de VS en Rusland, lijkt dit het Kremlin vrij te pleiten voor de schaamteloze inmenging in de aangelegenheden van zijn buurlanden, met name in Georgië en Oekraïne.

Het schrappen van het Amerikaanse raketverdedigingsschild, dat binnenkort in Polen en Tsjechië zou worden ingezet, was ook twijfelachtig.

De recente ontdekking van een geheime nucleaire installatie in Iran zou dit oordeel wel eens kunnen bevestigen, maar we moeten nu allemaal onze inspanningen verdubbelen om de nucleaire ambities van Iran in te tomen, en als bondgenoten van de VS zijn wij een sterk voorstander van hun militaire strijd tegen het jihadterrorisme in Irak en Afghanistan, evenals hun vastbesloten inspanningen om te zorgen voor permanente vrede in het Midden-Oosten.

 
  
MPphoto
 

  Diogo Feio (PPE).(PT) Mevrouw de Voorzitter, ik wil om te beginnen wijzen op het belang van de betrekkingen tussen de Europese Unie en de Verenigde Staten, zeker nu de hele wereld een crisis doormaakt. Het is steeds belangrijker dat we samen actie ondernemen, of het nu gaat om crisisbestrijding, de energiemarkt of de strijd tegen het terrorisme. We moeten er wel voor zorgen dat die actie werkelijk gericht is, en niet ontaard in meer belasting of absurde aanvallen op het financiële systeem. Dat systeem is voor de markt een noodzaak.

Ik heb het nu over financiële zaken, en wil in dat verband graag wijzen op de inspanningen van de Europese Unie en de Verenigde Staten om betere wetgeving op te stellen. Het accent ligt daarbij op de deelname van de stakeholders aan het debat over het verslag. Gecoördineerde actie van de Verenigde Staten en de Europese Unie is onmisbaar als we de economische betrekkingen op een hoger niveau willen tillen, om uiteindelijk, tegen 2015, op een trans-Atlantische markt uit te komen.

Ook hier moeten we een pleidooi voor Atlantisme voeren. Het is verder van belang dat we de administratieve obstakels tussen de Verenigde Staten en de Europese Unie zoveel mogelijk wegnemen om behalve een concurrerend milieu ook een markt te scheppen die voor iedereen, zowel bedrijven als burgers, aantrekkelijk is. Ik geloof dat de trans-Atlantische markt kan worden gegrondvest op een stabiele onderhandelingsbasis, en wel zodanig dat beide economieën er van zullen groeien en er tegelijk een einde wordt gemaakt aan het risico dat de economische en sociale crisis zoals we die nu doormaken, zich herhaalt.

Tot slot, mevrouw de voorzitter, wil ik graag duidelijk maken dat de omstandigheden van dit moment uniek zijn, en dat een meer Atlantisch gerichte benadering een verbetering van de toestand kan bewerkstelligen.

 
  
MPphoto
 

  Juan Fernando López Aguilar (S&D). - (ES) Mevrouw de Voorzitter, commissaris Ferrero-Waldner heeft er nadrukkelijk op gewezen hoe belangrijk het is dat er een delegatie van de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken aanwezig zal zijn bij deze trans-Atlantische top tussen de VS en de EU, en daar wil ik haar voor bedanken.

Bovendien wil ik als voorzitter van de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken beklemtonen hoe belangrijk de ondertekening van de twee overeenkomsten inzake uitlevering en wederzijdse rechtshulp is. Er is een belangrijke inspanning geleverd om de samenwerking te verbeteren, niet alleen op politieel, maar ook op justitieel gebied, waarbij de band tussen Eurojust en de overeenkomstige instellingen van de Verenigde Staten is versterkt.

In de tweede plaats wil ik wijzen op de bijdrage aan de versterking en de totstandbrenging van de trans-Atlantische dialoog voor de komende vijf jaar, en in de derde plaats op het werk van dit Parlement.

Daarom vraag ik u om in de volgende vergaderperiode van dit Europees Parlement, in november, verslag te komen doen van het resultaat van deze top, en met name van het hoofdstuk met betrekking tot justitiële samenwerking in strafzaken.

In de vierde plaats is het evident dat de inwerkingtreding van het Verdrag van Lissabon een geweldige impuls zal geven aan de ruimte van vrijheid, veiligheid en rechtvaardigheid, als een nieuwe Europese bevoegdheidssfeer, als een nieuw Europees beleid waarover ook dit Parlement zal meebeslissen.

En daarom moeten de overeenkomsten inzake Passenger Name Record en SWIFT op gevoelige terreinen als gegevensbescherming en de grondrechten van personen altijd in overeenstemming zijn met de resoluties die dit Parlement heeft aangenomen om de bescherming van persoonsgegevens te waarborgen, in het bijzonder met onze resolutie van 17 september van dit jaar.

Tot slot mogen we op visumgebied het belang van wederkerigheid niet uit het oog verliezen, omdat deze wederkerigheid nog lang niet perfect is. Het is goed dat we op visumgebied samenwerken met de Verenigde Staten, maar dat is ook een uitstekende gelegenheid om het belang van wederkerigheid te versterken, zodat we op gelijke voet met de Verenigde Staten overeenkomsten kunnen sluiten.

 
  
MPphoto
 

  Harlem Désir (S&D).(FR) Mevrouw de Voorzitter, mevrouw de fungerend voorzitter van de Raad, mevrouw de commissaris, dames en heren, samenwerking tussen Europa en de Verenigde Staten is van cruciaal belang om het merendeel van de belangrijke crises in de wereld op te lossen, en de nieuwe Amerikaanse regering is beslist een kans. Zij heeft reeds initiatieven genomen die een breuk betekenen met de vorige regering, zoals in Irak en met betrekking tot Guantánamo en het antiraketschild. Het zou echter naïef zijn om te denken dat dit volstaat om de Amerikaanse en Europese visies op alle punten op één lijn te krijgen, en dat de trans-Atlantische betrekkingen voortaan eenvoudig zullen zijn.

Of het nu gaat om de voorbereiding van Kopenhagen of de steun aan ontwikkelingslanden, om Doha en protectionisme, om financiële regulering en de strijd tegen belastingparadijzen, om het weer op gang brengen van het vredesproces in het Midden-Oosten of om vastberadenheid in de Iraanse nucleaire kwestie: bij al deze dossiers stuiten wij op grote tegenzin van de VS om actie te ondernemen. Deze tegenzin staat overigens los van de – al of niet – goede wil van de regering, en hangt vaak samen met de invloed van belangengroepen op het Congres, of simpelweg met het feit dat een grote mogendheid die door elkaar wordt geschud door de nieuwe wereldorde, haar belangen verdedigt.

Op al deze gebieden kan alleen vooruitgang worden geboekt, als Europa zijn eigen politieke rol als zelfstandig speler op het wereldtoneel vervult, in een partnerschap tussen gelijken – om de uitdrukking van de commissaris over te nemen – en volledig zijn verantwoordelijkheid neemt.

Vanuit dit oogpunt moet ik zeggen dat de Europese houding een verwarde en soms zelfs naïeve indruk maakt, ook binnen dit Parlement, en dat de benaderingswijze van dit idee van een grote trans-Atlantische markt, dat een oude bevlieging was van voormalig commissaris Sir Leon Brittan, bepaalde risico’s met zich meebrengt.

De kwestie van de handelsbelemmeringen wordt aangepakt alsof het louter om technische problemen zou gaan. Natuurlijk zijn de economische en handelsbetrekkingen tussen de Verenigde Staten en Europa belangrijk voor de werkgelegenheid en voor ondernemingen en deze moeten ook worden bevorderd. Zij lopen echter ten eerste niet echt gevaar, en ten tweede, als er sprake is van een conflict, dan gaat dat ofwel om de verdediging van onze economische belangen – ik denk hierbij aan Airbus –, ofwel om een bedreiging van onze gezondheids- of milieuvoorschriften, zoals in de kwestie van het hormonenrundvlees of de chloorkip. Daarom moeten wij ons eigen Europese model, ons sociale model, ons milieumodel of ons ontwikkelingsmodel niet ondergeschikt maken aan de verbetering van de economische betrekkingen, alsof deze een doel op zich zouden zijn. Wij moeten in staat zijn deze twee aspecten te combineren en mogen onze politieke autonomie niet opgeven in het streven naar een partnerschap dat op zich een prijzenswaardig doel is.

 
  
MPphoto
 

  Peter Skinner (S&D). - (EN) Mevrouw de Voorzitter, ik wil graag een aantal punten naar voren brengen. Het wordt lastig om de resolutie die we over de TEC hebben opgesteld, in zijn geheel in de TEC in te passen. Zoals bekend is het een zeer korte bijeenkomst. Ik zal volgende week dinsdag ook aanwezig zijn, mevrouw de commissaris. Ik hoop u, de heer Brok en andere leden van dit Parlement dan ook te mogen begroeten, een kwestie waar ik later nog op terugkom.

Er zijn echter belangrijke vraagstukken die we wel in de TEC kunnen bespreken en waarvoor wel een oplossing kan worden gezocht, omdat zij vooraf toereikend onder de aandacht zijn gebracht, om met uw woorden te spreken, mevrouw de commissaris. Een aangewezen onderwerp om te behandelen is bijvoorbeeld de situatie rond de financiële diensten, omdat de uitkomsten zeer grondig worden besproken en voor deze kwestie op korte termijn een akkoord kan worden verwacht – niet alleen in de G20, maar ook in de besprekingen die we voortdurend in dit Parlement, met de Commissie en met de Amerikanen voeren.

Met name het financiële administratieproces is een van de aspecten die binnen het bereik van beleidsvormende en wetgevende instanties blijven vallen. De aanneming in 2011 van algemeen geldende boekhoudkundige normen van hoge kwaliteit is een proces dat aan Amerikaanse zijde spoedig dient te worden afgerond. Ook op het gebied van de verzekeringsindustrie heeft Solvabiliteit II bijgedragen aan de totstandkoming van alomvattende gemeen geldende wetgevingen – waarop eerlijk gezegd een reactie moet komen van Amerikaanse zijde – en ik dank voorzitter Kanjorski van het Amerikaanse Congres voor zijn inspanningen met betrekking tot het Federal Office of Information.

Tot slot wil ik met betrekking tot de trans-Atlantische wetgeversdialoog graag zeggen dat het Congres en dit Parlement hun inspanningen op dit gebied moeten intensiveren. We willen niet achter de Amerikaanse regeringen en de Commissie aanlopen, dat zullen de meeste leden van dit Parlement met me eens zijn. We willen tot de leiders behoren die het voortouw nemen in het doorvoeren van veranderingen. We moeten de drijvende kracht achter deze verandering zijn. De TEC heeft onze steun nodig, maar de TLD moet tijdens de besprekingen centraal staan: niet slechts in een zijdelingse, adviserende rol, maar als een centraal onderdeel van deze totale trans-Atlantische betrekkingen.

 
  
MPphoto
 

  Janusz Władysław Zemke (S&D).(PL) Mevrouw de Voorzitter, dank u dat u mij het woord geeft. Ik denk dat het heel belangrijk is dat we praten over de trans-Atlantische betrekkingen, omdat we ons deels in een paradoxale situatie bevinden. De veranderingen in de Verenigde Staten zijn door de bank genomen zeer positief ontvangen in Europa. Aan de andere kant is het echter ook zo dat de Verenigde Staten meer belangstelling tonen voor andere belangrijke landen en continenten dan voorheen. Zo zien we vooral een opleving in de contacten tussen de Verenigde Staten en China, en pogingen om de betrekkingen met Rusland te verbeteren.

Ons probleem is dat we naar mijn idee te veel zaken tegelijk willen bespreken. Ik denk dat we ons op twee terreinen moeten concentreren. Ten eerste de financiële en economische kwesties, en ten tweede veiligheid. Samen kunnen de Verenigde Staten en Europa op beide terreinen veel meer doen.

 
  
MPphoto
 

  Michael Theurer (ALDE).(DE) Mevrouw de Voorzitter, geachte afgevaardigden, we hebben een belangrijke resolutie opgesteld die tal van thema's bestrijkt. Het belangrijke thema van de handel komt echter slechts terloops aan de orde, terwijl de internationale handel volgens mij toch een cruciale rol speelt. De teruggang van de wereldhandel is immers een van de oorzaken van de economische en financiële crisis en ik zou dan ook graag zien dat nu ook in de Trans-Atlantische Economische Raad (TEC) meer aandacht uitging naar de wereldhandel.

Het is niet zo dat de VS en de Europese Unie het op alle terreinen met elkaar eens zijn. Integendeel, we hebben een paar handelsovereenkomsten, maar er bestaat een gevaar op bilateralisme en er is een mogelijkheid dat de VS niet meer verder gaat met de ontwikkelingsronde van Doha. We moeten dus ook de kritische punten aan de orde stellen. En ik hoop dat nu nieuwe impulsen voor de wederopleving van de internationale handel van de TEC zullen uitgaan.

 
  
MPphoto
 

  Jan Philipp Albrecht (Verts/ALE).(DE) Mevrouw de Voorzitter, ik wil nog een keer ingaan op een aspect van de trans-Atlantische politiële en justitiële samenwerking dat al eerder is aangestipt, namelijk het verstrekken van SWIFT-bankgegevens aan de VS.

Bij de behandeling van dit punt mogen we niet vergeten dat de Raad bij de onderhandelingen met de VS over gegevensoverdracht is gehouden aan een zelf opgelegd mandaat. We moeten de Raad eraan herinneren dat hij daar niet van af mag wijken. Ik maak me grote zorgen dat de Europese Raad onder druk wordt gezet om de eisen van de VS in te willigen en de Europese gegevensbeschermingsnormen te omzeilen.

Daarmee zou een verkeerd signaal worden afgeven, juist omdat komend jaar als gevolg van het Verdrag van Lissabon de gegevensbeschermingsniveaus in agentschappen als Europol, Eurojust en vele andere moeten worden geharmoniseerd. Een goed signaal zou zijn wanneer de Raad en de Commissie zich aan de gegevensbeschermingsnormen hielden en daar niet onder druk van de VS van zouden afwijken of op uitstel zouden aandringen.

 
  
MPphoto
 

  Zoltán Balczó (NI). (HU) In 1996 heb ik in een Witboek van de Europese Unie het volgende gelezen: in de komende decennia valt er een hevige mondiale strijd te verwachten tussen Europa, de Verenigde Staten, Japan en de opkomende Aziatische landen. Gelukkig wordt deze strijd niet met wapens gevoerd, maar vindt deze voornamelijk plaats op economisch vlak. Europa moet hier zijn mannetje staan. Giscard d’Estaing, de toenmalige voorzitter van de Conventie en tevens het hoofd van de regering die verantwoordelijk was voor de voorbereiding van de mislukte grondwet, zei dat Europa geen rivaal maar een betrouwbare partner zou moeten zijn voor de Verenigde Staten. Dit is de sleutel voor het succes van de EU/VS-Top. We moeten streven naar partnerschap, maar als ons enige overweging is wat voor partner de Verenigde Staten in ons ziet en we het conflict niet aangaan in het belang van de Europese bevolking, kunnen we geen succes boeken in belangrijke kwesties.

 
  
MPphoto
 

  Cecilia Malmström, fungerend voorzitter van de Raad. − (SV) Mevrouw de Voorzitter, ik wil alle Parlementsleden bedanken voor hun bijdrage aan dit debat. Er heerst grote eensgezindheid over het grote belang van de uitdieping van de samenwerking met de Amerikaanse regering en de komende top. Het is verheugend dat de Amerikaanse regering zo’n sterke wil toont om onze betrekkingen te verdiepen en te ontwikkelen. Ik denk dat we ons huiswerk hebben gedaan en we zijn goed voorbereid om een aantal belangrijke stappen te zetten. We hebben een aantal gemeenschappelijke problemen met onze partner, de VS, en daarom is het belangrijk om gezamenlijke oplossingen te vinden.

Ik denk dat we vooruitgang zullen kunnen boeken met betrekking tot het klimaat, de economische crisis en de Doha-ronde – en nogmaals zullen bevestigen hoe belangrijk het is dat de ronde wordt afgerond – en dat we ontzettend belangrijke processen op juridisch gebied kunnen opstarten. Met name het economisch partnerschap is voor ons een erg belangrijk forum. We beseffen ook hoe belangrijk het is regionale kwesties – bijvoorbeeld Afghanistan, Pakistan en het Midden-Oosten – te bespreken.

Er werden mij enkele concrete vragen gesteld. Wat de vraag van mevrouw Ludford over visa betreft, kan ik zeggen dat de Raad en de Commissie er alles aan doen om visumvrij reizen voor alle EU-landen mogelijk te maken. Het is te betreuren dat dit momenteel niet het geval is, maar we blijven er hard aan werken.

Wat de zogenaamde Tobintaks betreft, weet ik dat er Parlementsleden zijn die er fervente aanhangers van zijn. Ik zou het als volgt willen formuleren: een Tobintaks kan slechts werken als hij wereldwijd geldt en als er wereldwijde controle-instrumenten zijn – anders zou dit de zoveelste protectionistische maatregel zijn. Momenteel is er absoluut geen basis voor een internationale, mondiale overeenkomst over een Tobintaks, en het voorzitterschap zal dus geen werk maken van die kwestie. Daar wil ik duidelijk over zijn.

Wat SWIFT betreft, zijn we het er met de VS over eens dat het belangrijk is informatie over financiële transfers uit te kunnen wisselen. Dat is waardevol in de strijd tegen grensoverschrijdende criminaliteit en terrorisme. Nu hebben we een nieuwe overeenkomst nodig omdat de Belgische onderneming SWIFT naar Europa verhuist, maar er is ons beide veel aan gelegen dat het programma waarmee financiering van terrorisme kan worden voorkomen wordt behouden.

Bij wijze van overgang moeten we een overeenkomst zien te sluiten voor een korte periode, in afwachting van de inwerkingtreding van het nieuwe Verdrag van Lissabon. Deskundigen hebben dat bekeken, waaronder de Franse rechter Jean-Louis Bruguyère, die in opdracht van de EU het programma voor het traceren van terrorismefinanciering onder de loep heeft genomen. Hij is van oordeel dat de vereisten inzake rechtszekerheid en de bescherming van persoonsgegevens die deel uitmaken van de huidige overeenkomst adequaat zijn. Met de meer permanente overeenkomst, en wanneer het Verdrag van Lissabon eenmaal in werking is getreden, zal het Europees Parlement geleidelijk aan mogelijkheden krijgen om hier mede vorm aan te geven.

De vergadering van volgende week is erg belangrijk, maar niettemin slechts een vergadering. Ik denk dat we vooruitgang kunnen boeken, een aantal kwesties kunnen oplossen en een aantal belangrijke processen op gang kunnen brengen met betrekking tot de kwesties die we gemeenschappelijk hebben en die in een nauw en strategisch partnerschap met de Amerikaanse regering moeten worden opgelost. Ik ben erg blij met de sterke steun van het Europees Parlement voor de inspanningen van de Raad en de Commissie. Wanneer we elkaar opnieuw zien tijdens de plenaire vergadering in Brussel, zal ik natuurlijk verslag uitbrengen over het resultaat.

 
  
MPphoto
 

  Benita Ferrero-Waldner, lid van de Commissie. (EN) Mevrouw de Voorzitter, allereerst wil ik mij aansluiten bij de opmerking van James Elles over de noodzaak van een uitgebreidere strategische dialoog met een grote strategische partner. Dit hebben wij ons inderdaad ten doel gesteld.

Zoals ik al zei, is samenwerking van belang om wereldwijd herstel te bewerkstelligen en dus staan de financiële en economische vraagstukken hoog op de agenda. We zijn een van de drijvende krachten geweest achter het organiseren van de G20-bijeenkomsten, die in november zoals u weet op initiatief van voorzitter Barroso en president Sarkozy op het niveau van de regeringsleiders werden getild, maar wij zijn niet de enigen die hiervoor nodig zijn.

De in Pittsburgh gehouden G20-top bood eveneens een succesvol platform voor flexibele macro-economische coördinatie. We proberen namelijk tevens exitstrategieën op te stellen om onze respectievelijke beleidsmaatregelen, waarmee we direct op crisissituaties kunnen inspelen, geleidelijk aan terug te schroeven.

Het IMF en de Wereldbank zijn het erover eens dat hier, afhankelijk van de respectieve economische situatie, per partij verschillende benaderingen voor nodig zijn. Gezien de huidige wereldwijde economische situatie zullen de leiders uiteraard ook mogelijke manieren bespreken om de crisis te beslechten, economische groei te stimuleren en werkgelegenheid te creëren, en hierbij is met name het vraagstuk van wetgeving voor de financiële markten van belang.

We zijn van mening dat het noodzakelijk is om op korte termijn een mondiaal gecoördineerd systeem van 'macroprudentieel' toezicht in te voeren, dat is gebaseerd op een nauwe samenwerking met het Internationaal Monetair Fonds en met de Financial Stability Board.

Wat betreft de bankwereld dienen we de toezeggingen die in Londen en Pittsburgh zijn gedaan, in te zetten voor beter en meer kapitaal en strengere bedrijfseconomische voorschriften, die financiële centra consequent dienen te volgen. We dienen onze inspanningen voor doeltreffende mondiale convergentieprogramma’s op het gebied van crisisbeheer en voor het systeem belangrijke financiële instellingen te intensiveren.

Daarnaast dienen we tegen het einde van 2010 een enkele serie algemene boekhoudkundige normen voor financiële instrumenten te hebben opgesteld, waarvoor we hopelijk in juni 2011 complete convergentie bereiken.

Met betrekking tot klimaatverandering hebben we in Praag voor het eerst van gedachten kunnen wisselen met president Obama over dit onderwerp. Ik was daarbij aanwezig en we hebben sterk bij de Verenigde Staten aangedrongen op meer maatregelen tegen klimaatverandering, maar we zijn ons er ook van bewust dat president Obama een zeer belangrijk besluit aangaande de gezondheidszorg door het Congres en de Senaat wil loodsen. Gezien het feit dat hij ook in beslag wordt genomen door zijn binnenlandse agenda ben ik derhalve van mening dat we nog meer druk op hem moeten uitoefenen opdat hij zijn inspanningen voor geëngageerde, bindende voorschriften voor Kopenhagen verdubbelt.

Wat betreft de TEC wil ik zeggen dat dit een zeer belangrijk nieuw mechanisme is, of liever gezegd een mechanisme dat nieuw leven is ingeblazen om aan allerlei kwesties met betrekking tot de vrije markt en marktbarrières te kunnen werken. Het is de uiteindelijke doelstelling van de TEC om deze laatste uit de weg te ruimen. Dit is duidelijk bepaald in de TEC-kaderovereenkomst van 30 april 2007. Uiteraard ben ik me bewust van de verschillende ideeën die onlangs naar voren zijn gebracht, zoals de verwezenlijking van een eengemaakte trans-Atlantische markt in 2015 via de opheffing van de obstakels die economische integratie in de weg staan: het zogenaamde verslag-Millán Mon. We moeten ongetwijfeld de juiste balans tussen ambitie en realisme nog vinden en daarom werken we in het kader van de TEC aan prioritaire acties voor de middellange termijn.

Wat betreft de barrières zijn we er reeds van op de hoogte dat u, geachte afgevaardigden, een onderzoek wilt laten uitvoeren, en we juichen uw steun voor dit onderzoek toe. Het onderzoek zal een belangrijk richtsnoer zijn voor de toekomstige werkzaamheden van de TEC. Het onderzoek is nog niet afgerond, maar er wordt aan gewerkt. Er zijn nog enkele technische vraagstukken die moeten worden opgelost voordat het helemaal klaar is voor publicatie. Commissaris Ashton zal zich hiermee bezighouden, en ik zal de belangstelling van het Parlement in dezen zeker doorgeven.

Dan wil ik ook graag zeggen – omdat dit naar voren werd gebracht – dat de Energieraad en de TEC elkaar niet zullen overlappen. De agenda's van beide bijeenkomsten vullen elkaar juist aan. Het is duidelijk dat kwesties van energiezekerheid in de Energieraad worden behandeld, en dat wetgevingskwesties naar de TEC gaan. De Energieraad is gericht op nieuwe technologieën en energiezekerheid.

Ik wil ook graag kort ingaan op SWIFT en enkele vragen rond GLS die naar voren zijn gebracht. De SWIFT-overeenkomst is nodig, omdat daarin specifieke beschermingsmaatregelen voor gegevens worden beschreven. Dit schept duidelijkheid en dat willen we ook graag bereiken voor de overeenkomst betreffende wederzijdse rechtshulp.

Ik wil ook graag duidelijk maken dat deze overeenkomst betreffende wederzijdse rechtshulp de kern van de SWIFT-overeenkomst vormt en dat elk verzoek vanuit de Verenigde Staten binnen dat kader wordt onderworpen aan de goedkeuring van een Europese gerechtelijke autoriteit, en dus zullen we hieraan moeten blijven werken.

Wat betreft het ESTA hebben we een voorlopige beoordeling gegeven. Daarin concludeerden we dat het ESTA op basis van de Interim Final Rule niet gelijkwaardig is aan de Schengen-visumaanvraagprocedure, zoals gedefinieerd in de Gemeenschappelijke visuminstructies van de Europese Commissie. We zullen echter een eindbeoordeling maken wanneer de Final Rule voor het ESTA is gepubliceerd. Hierin zal dan ook de vraag aan de orde komen of de ESTA-vergoeding inderdaad wordt ingevoerd. U kunt zich voorstellen dat we dat niet willen.

Nog een laatste antwoord met betrekking tot terrorisme. Voor onze werkzaamheden met betrekking tot de top bespreken we met de Verenigde Staten hoe we een nauwere samenwerking tot stand kunnen brengen in de strijd tegen terrorisme, met name in het licht van de plannen om Guantánamo Bay te sluiten.

Het is essentieel en zelfs noodzakelijk om de eerbiediging van de grondrechten te garanderen. De sluiting van overeenkomsten betreffende wederzijdse rechtshulp zullen hierbij helpen. We zullen daarom ook samen nagaan hoe we radicalisme, waaronder misbruik van het internet, kunnen voorkomen.

U ziet dat er een enorm scala van vraagstukken op tafel ligt. We hebben alle politieke kwesties al eens besproken, maar ik deel de mening van de voorzitter van de Raad dat, hoewel dit zeer zeker een belangrijke top is, het slechts een bijeenkomst van een paar uur zal zijn. Niet alle kwesties zullen in één bijeenkomst worden opgelost, maar het zal een zeer goede herstart of een nieuw begin zijn.

 
  
MPphoto
 

  De Voorzitter. − Tot besluit van het debat zijn er zes ontwerpresoluties(1) ingediend, overeenkomstig artikel 110, lid 2 van het Reglement.

Het debat is gesloten.

De stemming vindt donderdag 22 oktober 2009 plaats.

Schriftelijke verklaringen (artikel 149)

 
  
MPphoto
 
 

  Elena Băsescu (PPE), schriftelijk. (RO) De top tussen de EU en de VS van november zal het trans-Atlantische partnerschap versterken en de dialoog tussen de twee grootmachten vergroten. De onderlinge betrekkingen moeten gebaseerd zijn op gedeelde waarden en doelstellingen, en een nog nauwere samenwerking is in ons gezamenlijk belang en voordeel.

De Europese Unie en de Verenigde Staten moeten een centrale rol gaan spelen in de strijd tegen klimaatverandering. In dit opzicht is reeds een aantal gezamenlijke toezeggingen gedaan in de strijd tegen de nadelige broeikaseffecten. Wat Europa aangaat is een levensvatbare en praktische oplossing voor de bescherming van het milieu de ingebruikneming van het Rijn-Main-Donaukanaal, dat voorziet in een directe verbinding tussen de havens van Rotterdam en Constanţa.

De binnenvaart is een optie die tal van economische voordelen biedt en tevens bijdraagt aan de vermindering van de bodemvervuiling en de uitstoot van broeikasgassen. Door het kanaal te gebruiken en het gebruik ervan te bevorderen kan men het transport goedkoper, veiliger en efficiënter maken, wat het gebruik van energiebronnen betreft.

Beleidsmaatregelen voor milieubescherming kunnen worden aangevuld met maatregelen ter ondersteuning van de transcontinentale mobiliteit en de internationale verbindingen. Tegelijkertijd wordt dan gezorgd voor meer veiligheid en zekerheid voor de Europese goederen en burgers.

 
  
MPphoto
 
 

  Tunne Kelam (PPE), schriftelijk. (EN) Aangezien het Verdrag van Lissabon binnen afzienbare tijd van kracht wordt, is het nu belangrijker dan ooit dat snel vooruitgang wordt geboekt in de trans-Atlantische betrekkingen, in de betrekkingen tussen de twee grootste democratische en economische entiteiten. Zowel de Europese Unie als de Verenigde Staten blijven een sleutelrol spelen in de internationale handel en bij het bieden van stabiliteit. Het Europees Parlement heeft het voortouw genomen in het bevorderen van de trans-Atlantische samenwerking door in zijn resoluties het voorstel op te nemen voor de opzet van een trans-Atlantische vrije markt en het instellen van nieuwe structuren voor nauwere politieke en interparlementaire betrekkingen. De Trans-Atlantische Economische Raad heeft tot dusver uitstekend werk verricht. Ik hoop van harte dat we in de nabije toekomst tot oplossingen kunnen komen om de barrières op het gebied van de regelgeving tussen de Europese Unie en de Verenigde Staten te slechten. De wetgevende autoriteiten spelen een belangrijke rol binnen deze betrekkingen. De leden van het Europees Parlement zijn bereid en klaar om hun volledige medewerking te verlenen aan werkzaamheden van de TEC.

We moeten het Amerikaanse Congres aanmoedigen om zich volledig in te zetten voor de Trans-Atlantische Wetgeversdialoog, en wel volgens vaste regels, en bijgevolg ook om actief deel te nemen aan de TEC. Ik wil de Commissie en de Raad vragen welke follow-up is gegeven aan de resoluties van het Europees Parlement. Ook wil ik beide instellingen aanmoedigen om zich krachtdadig in te spannen voor een trans-Atlantische vrije markt.

 
  
MPphoto
 
 

  Alan Kelly (S&D), schriftelijk. (EN) De betrekkingen tussen de Verenigde Staten en de Europese Unie zijn altijd sterk geweest. Met Amerikaanse steun kon een verwoest Europa in de jaren na de Tweede Wereldoorlog aan de wederopbouw beginnen en zich ontwikkelen. Nu heeft de wereld weer met een crisis te kampen en is het belangrijker dan ooit dat deze betrekkingen worden behouden en wordt samengewerkt om een oplossing te vinden voor de problemen die de wereldeconomie op dit moment het hoofd moet bieden. De Europese Unie en de Verenigde Staten hebben een strategische rol te spelen in het herstelproces. Ons gezamenlijk bruto binnenlands product vertegenwoordigt meer dan de helft van het mondiale bruto binnenlands product en we bezitten het sterkste bilaterale handelspartnerschap ter wereld, waarin bijna 40 procent van de wereldhandel omgaat. Er moeten echter nog verdere ontwikkelingen ten uitvoer worden gelegd, willen we de economische crisis doeltreffend kunnen bestrijden. De Trans-Atlantische Economische Raad heeft zich ten doel gesteld tot 2015 een geïntegreerde trans-Atlantische markt tot stand te brengen. Dit wordt bereikt door handelsbarrières weg te nemen. Als dit doel wordt bereikt, is er weer ruimte voor economische groei en kan het herstelproces beginnen. Het gevaar van een tweede 'kredietcrisis' is nog niet geweken. Om te voorkomen dat de economie nog verder instort en de werkgelegenheid nog verder daalt, moet de Europese Commissie ervoor zorgen dat in beide gebieden gecoördineerde economische beleidsmaatregelen van kracht worden.

 
  
MPphoto
 
 

  Franz Obermayr (NI), schriftelijk. (DE) Het spreekt vanzelf dat erop moet worden toegezien dat tussen de VS en de EU goede economische betrekkingen bestaan. Dat mag echter nooit betekenen dat we de economische verovering van Europa door de VS toestaan. Integendeel, we moeten leren van de economische crisis, die zijn oorsprong vindt in een gebrek aan toezicht op de financiële markten in de VS. Europa moet economisch onafhankelijk blijven en zijn eigen weg uit de crisis vinden, zeker omdat op de beurs van New York nog steeds miljarden aan premies worden uitbetaald. Ik roep daarom op tot een versterking van de Europese positie in de Trans-Atlantische Economische Raad. Tijdens de EU/VS-top, die in april 2009 in Praag werd gehouden, drong president Obama er bij de EU op aan om Turkije snel volwaardig lid te laten worden, om zo bij te dragen aan een betere verstandhouding met de islamitische wereld. Het feit dat de VS zijn strategische NAVO-bondgenoot steunt (zodat die zich niet langer tegen Rasmussen als de nieuwe secretaris-generaal van de NAVO verzet), mag er niet toe leiden dat de onderhandelingen over een volledig lidmaatschap worden versneld. Ook met Amerikaanse steun is Turkije nog steeds geen geschikte kandidaat voor toetreding, omdat de enorme culturele, geografische, economische en politieke verschillen daardoor niet minder worden. Ook bij deze kwestie zou de EU ten aanzien van de VS een duidelijk standpunt moeten innemen.

 
  
MPphoto
 
 

  Richard Seeber (PPE), schriftelijk. (DE) Tegen de achtergrond van de economische crisis en in het licht van de voorbereidingen voor de klimaatconferentie in Kopenhagen is het belangrijk dat we de bijeenkomst van de Trans-Atlantische Economische Raad benutten om de betrekkingen tussen de EU en de VS verder te versterken. Op het terrein van milieu moet de discussie met name gaan over nieuwe voedingsmiddelen, waarbij onder meer de mogelijkheden en standpunten met betrekking tot nanotechnologieën relevant zijn. Er moet in ieder geval ook een open gedachtewisseling plaatsvinden over gentechnieken en het klonen van dieren. Europa moet niet bang zijn om zijn handelspartner te confronteren met de bezwaren die in sommige lidstaten leven. Op het terrein van chemische en toxische stoffen moeten we werken aan hoge beschermingsniveaus en een betere coördinatie. Dat is niet alleen goed voor de handel en de economische betrekkingen, maar is vooral een garantie voor de Europese consument dat hij wordt beschermd tegen giftige stoffen in het milieu en in de producten die hij gebruikt. Constructieve gesprekken dragen ertoe bij dat de speciale relatie tussen de EU en de VS gehandhaafd blijft.

 
  
MPphoto
 
 

  Joanna Senyszyn (S&D), schriftelijk. (PL) Mevrouw de Voorzitter, dames en heren, het is een goede zaak dat in paragraaf 17 van de resolutie over de voorbereiding van de Trans-Atlantische Economische Raad en de EU/VS-top ( van 2 en 3 november 2009) de Verenigde Staten worden opgeroepen de burgers van de Europese Unie gelijk te behandelen en alle EU-lidstaten op te nemen in het programma voor visumvrijstelling.

Het wordt hoog tijd dat de oproepen van het Parlement, de inspanningen van de Commissie en de inspanningen van de lidstaten die lijden onder visumdiscriminatie, vruchten gaan afwerpen. Anders zal er radicaal moeten worden opgetreden in de vorm van de invoering van een visumplicht voor Amerikaanse burgers. Het is tijd om een eind te maken aan dit eenzijdige privilege van de Verenigde Staten. Het Europees Parlement moet geen Amerikaanse discriminatie van Europese burgers op grond van nationaliteit tolereren. Het standpunt van het Parlement is des te belangrijker omdat niet alle regeringen van de lidstaten de noodzaak van de toepassing van het beginsel van visumwederkerigheid inzien. Een van die regeringen is de Poolse. De burgers denken er compleet anders over. Meer dan 61 procent van de Polen is vóór de invoering van inreisvisa voor burgers uit de Verenigde Staten. In een internetpeiling was maar liefst 96 procent van de respondenten vóór zo’n maatregel.

Ik heb er vertrouwen in dat de aanstaande topontmoeting EU/VS het keerpunt zal zijn, in ieder geval op het gebied van het visumbeleid, en dat de burgers van alle EU-lidstaten in het nieuwe jaar, in 2010, normaal zullen kunnen reizen. Ik hoop met andere woorden dat zij dezelfde vrijheid zullen genieten als alle Amerikaanse burgers, die naar het EU-land van hun keuze kunnen reizen.

 
  

(1)Zie notulen.

Juridische mededeling - Privacybeleid