Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2010/2529(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : B7-0063/2010

Ingediende teksten :

B7-0063/2010

Debatten :

PV 11/02/2010 - 3
CRE 11/02/2010 - 3

Stemmingen :

PV 11/02/2010 - 6.5
Stemverklaringen
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P7_TA(2010)0030

Volledig verslag van de vergaderingen
Donderdag 11 februari 2010 - Straatsburg Uitgave PB

3. Voorstel voor een richtlijn van de Raad tot uitvoering van de door HOSPEEM en EPSU gesloten raamovereenkomst inzake de preventie van scherpe letsels in de ziekenhuis- en gezondheidszorgbranche (debat)
Video van de redevoeringen
Notulen
MPphoto
 
 

  De Voorzitter. − Aan de orde is het debat over de ontwerpresolutie, ingediend door Elizabeth Lynne en Pervenche Berès, namens de Commissie EMPL, over het voorstel voor een richtlijn van de Raad tot uitvoering van de door HOSPEEM en EPSU gesloten raamovereenkomst inzake de preventie van scherpe letsels in de ziekenhuis- en gezondheidszorgbranche (COM(2009)0577) (B7-0063/2010).

 
  
MPphoto
 

  Elizabeth Lynne, auteur. (EN) Mijnheer de Voorzitter, jaarlijks vinden er in de hele EU meer dan een miljoen verwondingen door injectienaalden plaats bij werknemers in de gezondheidszorg. Een groot deel van de verwonde personen en hun gezinnen zitten lang in spanning voordat ze weten of ze een door bloed overgedragen infectie als hiv of hepatitis C hebben opgelopen.

De risico’s op een infectie na een prikaccident zijn aanzienlijk. Volgens deskundigen is de kans op een infectie één op drie bij hepatitis B, 1 op 30 bij hepatitis C en 1 op 300 bij hiv. Neem bijvoorbeeld Juliet Young. Juliet was een verpleegster die overleed in 2008, zeven jaar nadat ze hiv had opgelopen toen ze bloed afnam bij een geïnfecteerde patiënt in een ziekenhuis in Londen. Juliet prikte per ongeluk met de injectienaald in haar duim toen deze uit haar handen gleed bij het nemen van een monster. Of het geval van een tandheelkundige verpleegkundige die in een gevangenis werkte en werd geprikt door een naald van een gevangene die hepatitis A, B, en C had en hiv-positief was. U kunt zich voorstellen hoe vreselijk het voor haar moet zijn geweest te moeten wachten op de uitslag. Ze heeft nu ontdekt dat ze hepatitis C heeft opgelopen. Deze verpleegkundige, en vele anderen, zetten hun campagne omtrent dit thema voort.

Ik werd hier voor het eerst bij betrokken in 2004, toen ik op initiatief van Health First Europe in mijn kiesdistrict een ziekenhuis bezocht. Daarna heb ik op Wereldaidsdag op 1 december van dat jaar een tentoonstelling georganiseerd met Stephen Hughes, hier in het Parlement. Medewerkers uit de gezondheidsbranche uit de hele Europese Unie hebben ons bezocht en het Parlement bezocht, smekend om onze hulp. Degenen onder u die de kans hebben gehad die verpleegkundigen en andere gezondheidswerkers te ontmoeten, waren ongetwijfeld geraakt door hun hopeloze toestand. In 2006 hebben wij een resolutie van het Parlement aangenomen over de bescherming van werknemers in de gezondheidszorg tegen door bloed overgedragen infecties als gevolg van prikaccidenten. In deze resolutie werd de Commissie verzocht binnen drie maanden een wetgevingsvoorstel voor te leggen voor een richtlijn tot wijziging van Richtlijn 2000/54/EG over biologische agentia. Dit voorstel is er nooit gekomen, maar Stephen Hughes en ik hebben de strijd niet opgegeven.

Persoonlijk heb ik vele verslagen en resoluties geamendeerd die oproepen tot actie, een tiental keren over dit onderwerp gesproken in de plenaire vergadering en er talloze parlementaire vragen over gesteld. Na verschillende bijeenkomsten met commissaris Špidla werd ons in 2008 verteld dat de Commissie bezig was een voorstel op te stellen. We stonden dus op het punt ons doel te bereiken. Tot onze grote frustratie werd het voorstel echter op het laatste moment geblokkeerd, omdat de sociale partners uiteindelijk beloofden dat zij zouden proberen een overeenkomst te bereiken.

Uiteindelijk sloten de sociale partners in de zomer van 2009 een uitgebreide overeenkomst over de benodigde vereisten. Met mijn ontwerpresolutie wordt deze overeenkomst hartgrondig gesteund. De Raad moet de voorgestelde richtlijn zo snel mogelijk goedkeuren, zodat de Commissie ervoor kan zorgen dat zij daadwerkelijk en zo spoedig mogelijk ten uitvoer wordt gelegd. Werknemers in de gezondheidszorg in heel Europa zijn van ons afhankelijk. Deze mensen kunnen niet wachten en mogen niet nog langer in gevaar worden gebracht. Het is nu echt tijd om daadkrachtig op te treden.

 
  
MPphoto
 

  Stephen Hughes, auteur. (EN) Mijnheer de Voorzitter, dit is een belangrijk stuk gezondheids- en veiligheidswetgeving. Mevrouw Lynne heeft de achtergrond ervan geschetst. Het document is al lange tijd in de maak, namelijk zes jaar sinds onze eerste besprekingen, zoals zij al aangaf. Het is goed om commissaris Andor hier vanochtend te zien, maar het is in zekere zin wel jammer dat commissaris Špidla er niet is. We hebben hem vaak in dit Huis bekritiseerd, maar we zouden hem vanochtend hebben gefeliciteerd met het feit dat hij eindelijk het initiatief heeft genomen om dit voorstel over verwondingen als gevolg van prikincidenten en scherpe letsels in te dienen.

Het heeft ons enige tijd gekost om hem over te halen maatregelen te nemen. Zijn diensten bestonden namelijk uit mensen die hem maar bleven adviseren geen stappen te nemen en stelden dat de in 2000 aangenomen richtlijn over de bescherming van werknemers tegen de risico’s van blootstelling aan biologische agentia, in combinatie met de risicobeoordelingselementen uit de kaderrichtlijn van 1989, voldoende waren om dergelijke verwondingen te voorkomen. Uiteindelijk hebben we die diensten echter kunnen overtuigen dat er, met een miljoen verwondingen per jaar, wel degelijk iets mis was. Er was specifieke wetgeving nodig om dit probleem op te lossen, zoals in de Verenigde Staten en in delen van Spanje, waar deze wetgeving zeer efficiënt is.

Uiteindelijk ging de commissaris akkoord met maatregelen en stelde inderdaad, zoals mevrouw Lynne al zei, in 2008 een voorstel tot wijziging van de richtlijn van 2000 op. Maar toen gaven HOSPEEM en EPSU, de werkgevers- en werknemersorganisaties, aan dat zij een overeenkomst wilden sluiten en hebben die ook daadwerkelijk opgesteld. Ik ben blij dat ze dat gedaan hebben. Het is een goede overeenkomst. Ze is alleen op bepaalde vlakken enigszins ambigu. Daarom heb ik een amendement ingediend waarover overeenstemming is bereikt in de Commissie werkgelegenheid, om de Commissie te verzoeken richtsnoeren te publiceren als aanvulling op de richtlijn, teneinde in alle lidstaten te zorgen voor een soepele en uniforme omzetting van deze richtlijn in de nationale wetgeving.

Wij staan volledig achter het voorstel voor een richtlijn van de Commissie en we begrijpen dat we niet aan de overeenkomst van de sociale partners mogen tornen. We kunnen daar geen wijzigingen in aanbrengen. Ook de Raad kan deze niet wijzigen. Het is hun overeenkomst. Het belangrijkste deel van de overeenkomst, bepaling 6, die betrekking heeft op eliminatie, preventie en bescherming, bevat helaas echter onduidelijkheden inzake risicobeoordeling en geeft niet precies aan welke preventieve elementen door werkgevers ten uitvoer moeten worden gelegd en wanneer.

Indien deze onduidelijkheden niet worden opgehelderd, bestaat het risico dat er enorme verschillen zullen zijn in de tenuitvoerlegging van de richtlijn. Daarom verzoeken wij de Commissie uitvoeringsvoorschriften op te stellen om werkgevers meer inzicht te geven in de risico’s en de noodzakelijke preventiemaatregelen, teneinde een consistente toepassing van de richtlijn te waarborgen.

Verwondingen als gevolg van prikaccidenten zijn de meest voorkomende en tevens de gevaarlijkste vorm van medische scherpe letsels. Iedere keer dat een injectienaald wordt gebruikt op een patiënt bestaat het risico op een prikverwonding die tot een ernstige infectie bij de gezondheidsmedewerker zou kunnen leiden, aangezien de injectienaald als reservoir fungeert voor het bloed of andere lichaamsvloeistoffen van de patiënt.

Er is een groot scala aan onafhankelijk bewijs dat heeft aangetoond dat met de invoering van betere opleidingen, veiliger werkmethodes en het gebruik van medische hulpmiddelen met ingebouwde veiligheids- en beschermingsmechanismen de meeste verwondingen als gevolg van prikaccidenten kunnen worden voorkomen. Al deze zaken zijn nodig, niet slechts één of twee, maar allemaal.

Onderzoeken hebben tevens aangetoond dat het niet invoeren van een van deze drie elementen leidt tot een aanzienlijk kleinere impact. Evenzo zou het invoeren van medische hulpmiddelen met ingebouwde veiligheids- en beschermingsmechanismen op slechts bepaalde afdelingen of voor bepaalde patiënten praktisch noch efficiënt zijn.

In landen waar al wel efficiënte wetgeving is, zoals in de Verenigde Staten, Canada en delen van Spanje, is de tenuitvoerlegging van alle drie de elementen verplicht, teneinde verwondingen als gevolg van prikaccidenten te voorkomen. Het is niet toevallig dat de wetgeving in deze drie landen in dit opzicht gelijk is. Dat is dus de onduidelijkheid in bepaling 6 die we via de publicatie van richtsnoeren willen voorkomen.

Mevrouw Lynne heeft gesproken over het trauma van mensen die een verwonding als gevolg van een prikaccident hebben gehad. In de zes jaar dat wij aan dit onderwerp werken, heb ik mensen ontmoet die dergelijke verwondingen hadden opgelopen en ik wil dat trauma echt benadrukken. Ik heb een dokter ontmoet die de geneeskunde vaarwel heeft gezegd vanwege een verwonding als gevolg van een prikaccident. Ik heb ook iemand ontmoet die besmet is met hiv als gevolg van een dergelijke verwonding. Ik heb mensen ontmoet die niet geïnfecteerd bleken te zijn, maar dat pas na maanden onzekerheid te horen kregen. Ik heb ook vuilophalers en gevangenisbewaarders gesproken die verwondingen hadden opgelopen als gevolg van prikaccidenten. Zij vallen niet onder deze overeenkomst. Dat is een andere kwestie waar we over moeten nadenken voor de toekomst.

Niettemin is het een goede overeenkomst en ik denk dat we, als er goede richtsnoeren zijn om een uniforme tenuitvoerlegging te waarborgen in de hele Europese Unie, goed werk hebben verricht en dat getal van één miljoen injectienaaldverwondingen hopelijk drastisch naar beneden kunnen brengen.

 
  
MPphoto
 

  László Andor, lid van de Commissie. (EN) Mijnheer de Voorzitter, ik wil het Parlement bedanken voor zijn werk aan dit thema. Ik wil met name de rapporteur, mevrouw Lynne, bedanken voor haar uitstekende werk bij het opstellen van een ontwerpresolutie over het voorstel van de Commissie en voor haar inspanningen gedurende meerdere jaren om de gezondheid en de veiligheid op het werk voor medewerkers van ziekenhuizen en in de gezondheidszorg te verbeteren.

Ik ben me ervan bewust dat dit al heel lang een zorg is van dit Huis. In de resolutie van het Parlement van 24 februari 2005 over de bevordering van gezondheid en veiligheid op het werk werd verzocht om een herziening van Richtlijn 2000/54/EG over biologische agentia op het werk. In juli 2006 nam het Parlement opnieuw een resolutie aan waarin het de Commissie verzocht een voorstel voor een richtlijn tot wijziging van die richtlijn in te dienen.

In reactie op het Europees Parlement is de Commissie overeenkomstig de bepalingen van het EG-Verdrag begonnen met een raadpleging van de Europese sociale partners in twee fasen. In reactie op deze raadpleging hebben twee Europese sociale partnerorganisaties uit de ziekenhuis- en gezondheidszorgsector, de European Hospital and Healthcare Employers’ Association (HOSPEEM) en de European Federation of Public Service Unions (EPSU), in juli 2009 overeenstemming bereikt over een raamovereenkomst. Zoals u weet heeft het voorstel van de Commissie tot doel deze overeenkomst ten uitvoer te leggen.

We weten allemaal dat verwondingen als gevolg van injectienaalden en andere scherpe instrumenten een van de meest voorkomende en ernstige risico’s voor medewerkers in de gezondheidszorg in Europa zijn, met name in bepaalde afdelingen en bij bepaalde activiteiten, zoals bij noodgevallen, op de intensive care en in de operatiekamer. Ik ben zeer verheugd dat u in uw resolutie erkent dat in het voorstel van de Commissie de belangrijkste punten van de resolutie van het Parlement van 6 juli 2006 zijn overgenomen. Het was inderdaad de wens van de Commissie om deze punten in de overeenkomst op te nemen.

Ik ben het ook met u eens dat de inwerkingtreding van deze overeenkomst een belangrijke bijdrage zal leveren aan de bescherming van werknemers in ziekenhuizen en in de gezondheidszorgbranche. Met deze overeenkomst, en hopelijk met de komende goedkeuring van de voorgestelde richtlijn door de Raad, kunnen werknemers in ziekenhuizen en in de gezondheidszorg profiteren van een geïntegreerde aanpak, waarbij beleid wordt opgesteld op het gebied van risicobeoordeling, risicopreventie, opleiding, informatie, bewustmaking, enz. Dergelijke maatregelen, die ook de minimale vereisten zijn, zijn niet alleen prettig, maar vooral absoluut noodzakelijk.

Afsluitend wil ik u nogmaals bedanken voor uw steun aan het voorstel van de Commissie, waaraan de Raad hopelijk spoedig zijn goedkeuring zal geven.

 
  
MPphoto
 

  Raffaele Baldassarre, namens de PPE-Fractie. – (IT) Mijnheer de Voorzitter, dames en heren, zoals reeds gezegd, vormt het letsel dat wordt veroorzaakt door naalden en andere scherpe instrumenten een van de meest voorkomende risico’s voor personeel in de gezondheidszorg in Europa, en is het dus een ernstig probleem voor zowel de gezondheidszorgsector als de maatschappij in het algemeen.

Het doel van het huidige voorstel van de Commissie is het mogelijk te maken dat de Raad de raamovereenkomst uitvoert die is gesloten door de Europese werkgeversorganisatie voor de ziekenhuis- en gezondheidszorgbranche en de Europese vakbondsfederatie voor publieke diensten.

De overeenkomst heeft als belangrijkste doel het garanderen van een betere bescherming aan werknemers die het risico lopen op verwondingen door scherpe of puntige medische instrumenten. Deze overeenkomst is dus een belangrijke stap in de richting van een verbetering van de veiligheid in de ziekenhuisbranche. Zoals wij allemaal beamen, kunnen snijwonden ernstige gevolgen hebben en de verspreiding van ziekten zoals virale hepatitis en aids veroorzaken.

Dat gezegd hebbende, wil ik graag de noodzaak onderstrepen van een geïntegreerde en tegelijkertijd realistische aanpak van dit probleem. In die zin ben ik van mening dat de administratieve, financiële en juridische verplichtingen die uit deze overeenkomst voortkomen niet te groot mogen zijn en dat deze geen belemmering mogen vormen voor de ontwikkeling van kleine en middelgrote ondernemingen die actief zijn in de gezondheidszorg. Deze zouden anders ernstige problemen kunnen krijgen met het zich aanpassen aan de bepalingen van de overeenkomst.

Ik kan mij daarnaast ook vinden in de mogelijkheid die voorzien is voor de lidstaten – laat ik daaraan toevoegen dat deze mogelijkheid niet alleen is voorzien, maar ook wenselijk wordt geacht – om regelingen en maatregelen aan te nemen die doeltreffender zijn dan die in de overeenkomst, met als doel de werknemers te beschermen.

Ten slotte vraag ik de Commissie om te waken over de uitvoering van deze overeenkomst en regelmatig informatie erover te verstrekken aan het Parlement – dat vaak interesse heeft getoond in dit onderwerp – zodat er gegarandeerd adequaat toezicht wordt gehouden op de overeenkomst en de noodzaak van eventuele toekomstige amendementen uitgebreid in overweging wordt genomen.

 
  
MPphoto
 

  Alejandro Cercas, namens de S&D-Fractie. (ES) Mijnheer de Voorzitter, om te beginnen wil ik ook mijn collega mevrouw Lynne complimenteren met het uitstekende werk dat zij verricht heeft in onze commissie. Zij heeft alle verschillende gezichtspunten bij elkaar weten te brengen en heeft gedurende lange tijd veel werk verzet.

Mijn felicitaties gaan ook naar commissaris Andor. Het is nog maar uw tweede dag, mijnheer de commissaris, maar u hebt een goede start gemaakt met de verantwoordelijkheden die u draagt. Er is nu bovendien nog een tweede richtlijn waarover dit Parlement zich lange tijd zorgen heeft gemaakt, en die betreft de microfinanciering. Ook valt aan u de eer toe om in twee dagen twee problemen op te lossen waar heel veel Europeanen grote verwachtingen van hebben. Ik wil ook commissaris Špidla bedanken voor zijn bijdrage aan dit dossier.

Het is u al bekend – en ik ga dan ook niet veel tijd besteden om u daar nog eens aan te herinneren – dat deze raamovereenkomst voor de werknemers in de gezondheidszorg een belangrijk juridisch instrument is. Er doen zich elk jaar tijdens het werk meer dan een miljoen ongelukken voor, die bovendien ernstige gezondheidsrisico’s met zich meebrengen, zoals virale infecties, hepatitis C, aids, enzovoorts. Bovendien is deze overeenkomst niet alleen belangrijk voor werknemers in de gezondheidszorg, maar ook voor ziekenhuispatiënten en hun familie. Al met al zullen miljoenen Europeanen dankzij dit instrument beter beschermd zijn.

Daarmee komen we dus aan het eind van de lange weg die dit Parlement is ingeslagen toen het bij de Commissie en de Raad aanklopte. Ik wil ook het voortreffelijke werk in herinnering brengen dat tijdens dit lange proces door de heer Hughes tot stand is gebracht.

Wellicht kan ik kort uitleggen waarom de socialistische afgevaardigden vandaag zo gelukkig zijn. Het lijkt mij vandaag een goed moment om een paar zaken speciaal te noemen.

Ten eerste wil ik wijzen op het belang van gezondheid en veiligheid op het werk. Het is voor werknemers, voor hun familieleden, eigenlijk voor alle burgers, van levensbelang om een zo gezond en veilig mogelijke arbeidsomgeving te creëren. We hebben al gesproken over de implicaties van een onveilige werksituatie voor de werknemers zelf en voor de burgers. Maar ook de economische consequenties zijn aanzienlijk. Enkele dagen geleden heeft het Europees agentschap in Bilbao in dit Parlement verslag gedaan van enkele van de campagnes die het voert voor preventie op het gebied van gezondheid en veiligheid. Daarbij heeft het agentschap ons economische studies laten zien waarin aangetoond wordt dat bijvoorbeeld in Australië de kosten van ongevallen en ziekte meer dan 6 procent van het bbp bedragen. Wat zijn de kosten van het ontbreken van sociale veiligheid? Wat zijn de kosten van het ontbreken van hygiëne en veiligheid op het werk? De raamovereenkomst is daarom niet alleen een investering in menselijk kapitaal, maar ook in de beschaving en in de economie.

Ten tweede noem ik het belang van preventie, want voorkomen is beter dan genezen. We moeten dus tijdig handelen om te voorkomen dat bepaalde gebeurtenissen zich voordoen. Preventie is een complex thema dat oplettendheid, voorlichting en scholing vereist, alsook een goed toezicht op elk van deze taken.

Ten derde is het van belang om hier vandaag ook te spreken over het belang van de sociale partners, het belang van de vakbonden. Zonder deze partners zou deze raamovereenkomst er nu niet zijn, maar zonder hen zou er ook geen preventie zijn. Soms praten mensen in negatieve zin over de vakbonden en zeggen ze dat zij een onkostenpost zijn voor de maatschappij. Ze vergeten dan de grote voordelen die deze organisaties bieden, want het zijn immers de vakbonden die zorg dragen voor de tenuitvoerlegging van belangrijke beleidsmaatregelen op de werkvloer, zoals die in deze raamovereenkomst.

Ten slotte wil ik wijzen op het belang van dit Parlement, dat steeds opnieuw haar positie moet verdedigen tegenover de publieke opinie en tegenover de andere communautaire instellingen. Zonder het Parlement was deze raamovereenkomst er niet geweest. Van net zo groot belang was de samenwerking van dit Parlement met de Commissie en de Raad, en deze samenwerking was voorbeeldig. Ook waardeer ik de steun van het Spaanse voorzitterschap en ik hoop dat dit alles een nieuw tijdperk van samenwerking inluidt tussen onze instellingen.

 
  
MPphoto
 

  Elizabeth Lynne, namens de ALDE-Fractie. (EN) Mijnheer de Voorzitter, ik was niet van plan mijn spreektijd te gebruiken namens mijn fractie, omdat ik dacht dat ik die tijd wel kon splitsen en later opnieuw het woord zou kunnen krijgen, maar blijkbaar is dat bij een resolutie niet het geval. Ik werd dus vanochtend geïnformeerd dat ik nu zou mogen spreken. Het geeft me in elk geval de mogelijkheid alle schaduwrapporteurs die ik eerder niet heb bedankt te bedanken en ook om Stephen Hughes opnieuw te bedanken, aangezien Stephen en ik het waren die in 2004 de ziekenhuizen hebben bezocht, samen met John Bowis, een conservatief lid van het Parlement. Wij als vertegenwoordigers van de politieke partijen zijn naar de ziekenhuizen gegaan om zelf te zien wat er aan de hand was en ik denk dat dit juist zo belangrijk is geweest.

In dit Huis moeten wij gedreven worden door wat de mensen op de werkvloer werkelijk nodig hebben en door wat verpleegkundigen, doktoren en andere medewerkers in de gezondheidszorg ons te vertellen hebben. Het is belangrijk om met hun visies rekening te houden. Stephen had het over uitvoeringsvoorschriften en ik zou graag willen weten of u weet of de Commissie daadwerkelijk overweegt om hiervoor uitvoeringsvoorschriften op te stellen. Ik denk namelijk dat die heel belangrijk zijn. Bovendien vraag ik me af of u weet aan welk tijdspad de Raad denkt. Het is zeer belangrijk dat we dit zo gauw mogelijk ontvangen, want het zijn tenslotte die gezondheidszorgmedewerkers die al zoveel jaren hebben moeten wachten.

We willen gedurende die wachtperiode niet nog meer onnodige verwondingen als gevolg van prikaccidenten. We hebben er in de afgelopen paar jaar al te veel van gehad. Ook benadruk ik een punt dat al eerder is gemaakt, namelijk dat de regeling op dit moment alleen voor de gezondheidszorgsector geldt. Ik zou graag zien dat die wordt uitgebreid tot andere sectoren, waaronder met name de gevangenissen. Ik denk dat het zeer belangrijk is dat ook gevangenismedewerkers worden beschermd. Er zijn veel zaken die belangrijk zijn voor medewerkers van gevangenissen, maar een van de belangrijkste is hersluitbare naalden. Ik denk dat het, samen met de andere zaken die in de resolutie worden genoemd, erg belangrijk is dat medewerkers in de gezondheidszorg niet worden blootgesteld aan onnodige verwondingen als gevolg van prikincidenten.

 
  
MPphoto
 

  Jean Lambert, namens de Verts/ALE-Fractie. (EN) Mijnheer de Voorzitter, ook ik wil Stephen Hughes en Elizabeth Lynne graag bedanken voor hun werk aan deze resolutie en aangeven dat ik verheugd ben over de maatregelen, ook al hadden wij die liever eerder gezien. Zoals al gezegd hebben de Verenigde Staten al sinds 2001 wetgeving op dit gebied. Er bestaat nu ook dergelijke wetgeving in bepaalde delen van de Europese Unie en nu zijn wij eindelijk ook zover, maar natuurlijk niet voordat een groot aantal mensen door dit probleem is getroffen.

Wat het risico betreft schat de Wereldgezondheidsorganisatie dat 90 procent van de blootstelling aan dit risico in ontwikkelingslanden plaatsvindt, maar dat 90 procent van de werkgerelateerde infecties in de Verenigde Staten en Europa plaatsvindt. We weten dat het niet rapporteren van verwondingen als gevolg van scherpe naalden een groot probleem is: schattingen lopen uiteen van 40-75 procent en dat is enorm. Daarom denk ik dat we verheugd zouden moeten zijn over het feit dat bepaling 11 in de overeenkomst van de sociale partners over de meldingsplicht in een ‘no blame’-cultuur gaat.

Ik denk dat we ons echter ook moeten afvragen waarom mensen geen melding maken van zulke verwondingen. Waarschijnlijk ligt het deels aan het feit dat ze de risico’s niet kennen of bang zijn voor de gevolgen, waaronder, niet in de laatste plaats, hun baanzekerheid in de toekomst. Het is een feit dat we van sommige plekken hebben gehoord dat de follow-ups niet efficiënt zijn, met andere woorden, zelfs als mensen een verwonding melden, gebeurt er weinig.

Ze krijgen niet eens de medische steun die ze nodig hebben, laat staan de emotionele steun of, in sommige gevallen, ander werk, indien men van mening is dat er, bijvoorbeeld bij het oplopen van hiv, een risico voor de patiënten bestaat. We beschikken over onderzoek dat aantoont dat gezondheidswerkers die buiten ziekenhuizen werken eerder ontevreden zijn met de reactie van hun werkgevers dan mensen die in ziekenhuizen werken.

Er is ook gesproken over de reikwijdte van deze maatregelen. Natuurlijk hebben ze betrekking op de gezondheidszorgsector en zijn we erg blij dat de overeenkomst ook geldt voor stagiairs en subcontractanten. Ik weet niet precies of hier ook schoonmaakpersoneel onder valt, dus dat zou ik graag verduidelijkt zien. De overeenkomst geldt echter nog niet voor andere risicoberoepen, dus we hopen dat de lidstaten daarnaar willen kijken.

Opleidingsverplichtingen zijn zeer belangrijk en ik hoop dat de lidstaten dit serieus zullen nemen. Zowel het geven als het volgen van een opleiding dient verplicht te zijn, evenals introductiecursussen voor alle nieuwe en tijdelijk personeelsleden, omdat ik denk dat het gevoel heerst dat als men personeel opleidt, men daarna nooit meer naar de kwestie hoeft te kijken. Op dit moment is er een gebrek aan scholing, zelfs bij werkgevers die een cursusbeleid hebben.

Er is ook gesproken over de kosten. Men schat dat scholing en preventiemaatregelen, met inbegrip van veiliger instrumenten, ongeveer een derde van de kosten vormen om het probleem van scherpe letsels op te lossen. Dat is een belangrijke besparing in tijden waarin financiële middelen ontbreken en bovendien een belangrijke zaak voor zowel de betrokkenen als de werkgevers, die het risico lopen op rechtszaken als zij geen maatregelen nemen om verwondingen te voorkomen.

 
  
MPphoto
 

  Oldřich Vlasák, namens de ECR-Fractie. (CS) Geachte dames en heren, de overeenkomst inzake de preventie van scherpe letsels is de eerste overeenkomst tussen sectoriële sociale partners ooit. Aangezien er in Europa naar schatting jaarlijks ongeveer één miljoen voorvallen zijn waarbij mensen in ziekenhuizen scherpe letsels oplopen, hoef ik u hier niet uit te leggen dat die overeenkomst een goede zaak is. Want als deze overeenkomst goed nageleefd wordt, moet het mogelijk zijn deze letsels te voorkomen. In de dagelijkse ziekenhuispraktijk zal de overeenkomst een veilige werkomgeving tot stand helpen te brengen en bijdragen aan de bescherming van het verplegend personeel tegen via bloed overdraagbare infecties als gevolg van scherpe letsels.

Ondanks het feit dat er een aantal onduidelijkheden zit in de voorbeelden en de definities, denk ik dat alles in het werk gesteld zal worden om ervoor te zorgen dat er zoveel mogelijk informatie wordt ingewonnen bij de sociale partners, alle bepalingen van de overeenkomst worden verduidelijkt en de Raad de overeenkomst vervolgens integraal zal kunnen goedkeuren.

Ik zou graag op deze plaats willen benadrukken dat de overeenkomst tussen werkgevers en werknemers in zijn soort een uniek Europees juridisch instrument is waarvan er in het leeuwendeel van de lidstaten geen equivalent bestaat op nationaal niveau. Deze vorm van zelfregulering waarbij de bij de desbetreffende kwestie betrokken partijen onderling tot overeenstemming komen over bindende regelgeving, is naar mijn oordeel een schoolvoorbeeld van Europese regulering. Want in tegenstelling tot de regulering van de uitstoot van CO2, de harmonisering van de belastingen of de standaardisering van de overheidsdiensten, is dit niet iets wat wij en de lidstaten het bedrijfsleven en de werknemers opleggen en zij dan maar lijdzaam en tegen hoge kosten moeten slikken.

 
  
MPphoto
 

  Jiří Maštálka, namens de GUE/NGL-Fractie. (CS) Dames en heren, ik zou graag om te beginnen beide rapporteurs hartelijk willen bedanken voor het vele werk dat zij verzet hebben bij de totstandkoming van dit puike verslag. Als arts doet het mij bovendien deugd dat wij hier in het Europees Parlement inzien hoe belangrijk het is dat werknemers in de gezondheidszorg beschermd worden tegen letsels veroorzaakt door scherpe instrumenten en ook dat de norm ter zake deze urgentie goed weerspiegelt.

Ik maak mij echter grote zorgen over de traagheid bij de Europese Commissie. Het is al vijf jaar geleden dat de Europese Commissie voor het eerst op deze belangrijke kwestie gewezen werd en bijna vier jaar geleden dat het Europees Parlement een resolutie aannam met het verzoek een wettelijk kader tot stand te brengen voor een behoorlijke bescherming van werknemers in de gezondheidszorg in de Europese Unie tegen via bloed overdraagbare infecties.

Ik was in de vorige zittingsperiode als lid van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken samen met mijn collega’s Stephen Hughes en Elizabeth Lynne en nog anderen een van de auteurs van deze resolutie en ik betreur het zeer dat het allemaal zo lang duurt. Het lijkt mij dan ook zeer verstandig om de voorgestelde richtlijn zo snel mogelijk goed te keuren. Ik wil u met klem vragen te zorgen voor een zo groot mogelijke bescherming van medisch personeel en alle daarvoor nodige preventiemaatregelen, en wel zo snel mogelijk.

 
  
MPphoto
 

  Elisabeth Morin-Chartier (PPE).(FR) Mijnheer de Voorzitter, Commissaris, mevrouw Lynne, dames en heren, ik wilde u zeggen hoeveel deugd het me doet dat we ons vanochtend over dit voorstel voor een richtlijn inzake de preventie van scherpe letsels buigen. Dit is een echt gezondheidsprobleem waarvoor we zo snel mogelijk regelgeving moeten opstellen. Wij kennen allemaal de ernst en de dramatische gevolgen van deze letsels. Commissaris, ik heb er alle vertrouwen in dat u snel een oplossing zult aandragen om deze overeenkomst, dat een wezenlijke stap vooruit is om dit probleem het hoofd te bieden, snel ten uitvoer te leggen.

Ik bedank mevrouw Lynne voor al haar werk. Ik bedank ook de heer Hughes, want als Europese afgevaardigden is het onze verantwoordelijkheid ervoor te zorgen dat onze medeburgers worden beschermd. Het gaat daarbij uiteraard om gezondheidswerkers, waar we het uitgebreid over hebben gehad. Het gaat om schoonmaakpersoneel. U heeft het gehad over gevangenispersoneel. Daarnaast wilde ik het ook hebben over personeel op scholen, in de hele schoolgeneeskunde. Maar ik denk dat het bovenal een kwestie is van voorlichting aan al onze medeburgers, die gezondheidswerkers of andere werknemers die scherpe instrumenten gebruiken geen onnodige risico’s mogen laten nemen.

Wij als Europees Parlement zullen, samen met de rapporteurs die zich op dit punt hebben ingespannen, alles in het werk stellen om ervoor te zorgen dat deze teksten in alle lidstaten ten uitvoer worden gelegd, en wij hebben regelmatig informatie nodig over de stand van zaken omtrent deze tenuitvoerlegging. Dat is ons streven en onze verantwoordelijkheid, en het is iets waarvoor echt draagvlak moet bestaan, bij iedereen.

 
  
MPphoto
 

  Sylvana Rapti (S&D).(EL) Mijnheer de Voorzitter, ik wil de collega’s bedanken die al langer in het Parlement zijn – dit is namelijk mijn eerste mandaat – en met name de heer Hughes, mevrouw Lynne, de rapporteur, en de schaduwrapporteurs. Ik heb namelijk kant-en-klaar werk aangetroffen bij een vraagstuk dat mij in zekere zin ook persoonlijk aangaat.

Mijn man is arts en enkele jaren geleden werd hij besmet door een injectienaald. Ik weet dus heel goed hoe bezorgd het gezin van een ziekenhuiswerknemer is als hij of zij gewond raakt door een scherp voorwerp. Wij hebben toen heel moeilijke dagen doorgemaakt in afwachting van de resultaten van het onderzoek.

Daarom wil ik nogmaals mijn dank uitspreken voor het gedane werk, maar ook zeggen dat ik zeer voldaan ben over het feit dat voor het eerst organisaties van werkgevers en werknemers hun krachten hebben gebundeld en het met elkaar eens zijn geworden, waardoor wij tot deze resolutie konden komen.

Ik heb echt het gevoel dat de Europese Unie haar doelstellingen bereikt en besluiten neemt met de burgers voor de burgers. Ik wil herinneren aan iets wat weliswaar ook door andere collega’s al is gezegd, maar het is belangrijk nogmaals te zeggen en niet uit het oog te verliezen dat er jaarlijks een miljoen verwondingen optreden door scherpe voorwerpen.

Ik kan niet genoeg de rol beklemtonen die het Europees Parlement hierin heeft gespeeld. Het Europees Parlement heeft sinds 2005 serieus aan deze zaak gewerkt. Als men dan anderzijds ook nog rekening houdt met het gebrek aan personeel, een gebrek dat zich bijzonder sterk doet gevoelen in mijn land, Griekenland, dan beseft men dat deze resolutie, deze richtlijn, zeer snel ten uitvoer moet worden gelegd.

Dit is een besluit dat in de praktijk zal bijdragen aan de doelstellingen van de Europese Unie. Een van die doelstellingen is de verhoging van de werkgelegenheid. Ik herinner eraan dat de Europese Commissie onlangs hier in het Parlement bij monde van haar herkozen voorzitter heeft verklaard dat een van de sectoren waarin de Commissie van plan is te investeren de sector van de witteboordenbanen.

Laten wij levens redden, letterlijk en figuurlijk, door in deze moeilijke economische en sociale tijd kostbare arbeidsplaatsen te creëren.

Tot slot wil ik de nieuwe commissaris veel succes wensen bij zijn werk en als u het goed vindt het volgende zeggen: de heer Cercas, een eminente en ervaren collega, heeft u zojuist gezegd dat hij hoopt dat u met het rechterbeen vóór begint en daarmee verder gaat. Ik hoop dat u met het linkerbeen vóór begint. Ik zeg dit omdat de benadering van waaruit het sociaal gezicht van Europa wordt gecreëerd erg belangrijk is.

Let u dus op de werknemers. Het Europese volk heeft dat nodig.

 
  
MPphoto
 

  Licia Ronzulli (PPE). – (IT) Mijnheer de Voorzitter, dames en heren, ook ik wil een persoonlijke ervaring met u delen. Ik werk al vijftien jaar in een ziekenhuis en ik heb een tijdje als gezondheidswerker gewerkt in een kritieke omgeving: de operatiekamer.

Het is mij persoonlijk overkomen dat ik me prikte aan naalden en instrumenten die besmet konden zijn. Dus, zoals mevrouw Rapti zei, herinner ik me nog steeds de angst die ik voelde toen ik wachtte op de uitkomst van de onderzoeken, maar bovenal herinner ik me hoe ik de zogenoemde window-fase heb beleefd, de fase tussen de mogelijke besmetting en de eventuele manifestatie van de ziekte.

Juist omdat ik dit heb meegemaakt, ben ik van mening dat we voor deze resolutie moeten stemmen, een resolutie die eindelijk juridische waarde toekent aan de overeenkomst in termen van veiligheid en bescherming, door minimumnormen vast te stellen voor alle medewerkers in de gezondheidszorg.

De gezondheidszorgsector vertegenwoordigt 10 procent van de arbeidsmarkt in de Europese Unie en, om precies te zijn, vinden er elk jaar naar schatting 1 200 000 prikincidenten plaats, die als gevolg hebben dat medewerkers in de gezondheidszorg geleidelijk gedemotiveerd raken en vaak hun beroep de rug toekeren. De Wereldgezondheidsorganisatie schat daarnaast dat 2,5 procent van de gevallen kunnen resulteren in hiv-seroconversie en 40 procent van de gevallen in verschillende vormen van hepatitis B en C.

Juist vanwege de talloze ernstige risico’s die men er maar al te vaak dagelijks loopt, is een baan in de gezondheidszorg niet erg in trek en wel dusdanig dat er in de laatste jaren een personeelstekort is ontstaan. Zoals hier al is aangehaald, zijn de kosten enorm hoog voor de afzonderlijke gezondheidszorginstellingen die het hoofd moeten bieden aan de gespannen situaties waarmee de gezondheidswerkers te maken krijgen tijdens de verschillende controleperiodes en de diagnostische onderzoeken die volgens protocol na het incident nog minstens zes maanden lang worden uitgevoerd. En dan zijn er nog de kosten die verband houden met werknemers die helaas besmet zijn met een ziekte.

Tot slot, om het probleem niet te bagatelliseren, is het nodig en noodzakelijk om, als het risico van een prikincident kan worden vermeden of verminderd, alle beschikbare preventieve maatregelen te nemen. Het is in het bijzonder de plicht van de werkgever om deze maatregelen in te voeren en het is de plicht van de werknemer om ze in acht te nemen.

 
  
MPphoto
 

  Ryszard Czarnecki (ECR).(PL) Mijnheer de Voorzitter, we hebben het over een probleem dat inderdaad tot een van de grootste problemen op het gebied van gezondheidszorg is uitgegroeid. Ik noem enkele statistische gegevens. In de Europese Unie vinden jaarlijks ongeveer een miljoen van deze onfortuinlijke scherpe letsels plaats. In de Verenigde Staten wordt het aantal geschat op ongeveer 380 000, maar volgens de Amerikanen zelf is dit aan de lage kant. Natuurlijk moeten we benadrukken dat dit met name medewerkers in de gezondheidszorg overkomt, maar er is nog een ander aspect. We hebben het namelijk ook over patiënten voor wie dit ook een risico is. In deze gevallen – dat moeten we eerlijk toegeven – staan we voor het probleem dat ziekenhuizen enorme schadevergoedingen moeten betalen. Zoals andere sprekers al hebben aangegeven, is het duidelijk dat preventie hier van essentieel belang is, aangezien preventie altijd aanzienlijk goedkoper is dan behandeling.

Naar mijn mening verdient de resolutie alle steun. Ze biedt een antwoord op de verwachtingen van de gezondheidszorgbranche en het belang ervan is extra groot omdat het om een groeiend probleem gaat. Het probleem van de schadevergoedingen is ook een groeiend probleem en er worden claims ingediend door zowel patiënten als gezondheidswerkers. Het financiële aspect is ook niet onaanzienlijk. Mijn fractie, namens welke ik het woord voer, steunt de ontwerpresolutie. Wij denken dat dit de manier is waarop wij kunnen reageren op wat in zekere zin een uitdaging van deze tijd is, en tevens aan de behoeften van consumenten en medewerkers in de gezondheidszorgbranche in de landen van de Europese Unie kunnen voldoen.

 
  
MPphoto
 

  Georgios Papanikolaou (PPE).(EL) Mijnheer de Voorzitter, ik neem vandaag het woord om ten eerste mijn gelukwensen over te brengen aan alle rapporteurs en al degenen die aan dit debat hebben bijgedragen.

Soms zeggen wij dat Europa dichter bij de burgers moet komen. Met dit debat zorgen wij daarvoor. Ik heb met een vriend van mij, een leeftijdgenoot, gesproken die pas gespecialiseerd is als arts. Ik heb hem verteld over dit debat en hij zei met veel vreugde dat dit van doorslaggevend belang is. Hij spoorde ook ons allen ertoe aan om alle Europese burgers precies te zeggen wat wij hier doen. Erg belangrijk is dat preventie wordt bedreven en de mensen die in ziekenhuizen werken worden voorgelicht over de risico’s die zij lopen. Wij moeten iedereen uitleggen dat als deze mensen zulke lange werktijden hebben en in soms erg kleine ruimten moeten werken, met vaak ook nog heel veel patiënten, het van doorslaggevend belang is dat zij zoveel mogelijk – en in ieder geval de allerbelangrijkste – maatregelen nemen.

Wij hebben in de ziekenhuizen gezond personeel nodig, personeel dat ook voor ons werkt als wij op een gegeven ogenblik, als patiënt, hun zorg en een goede behandeling nodig hebben.

 
  
MPphoto
 

  Karin Kadenbach (S&D).(DE) Mijnheer de Voorzitter, doel van ons beleid moet zijn om randvoorwaarden te scheppen die de hoogste levenskwaliteit voor de mensen in de Europese Unie mogelijk maken. Een grote uitdaging in tijden als deze is dan ook het behoud en het scheppen van arbeidsplaatsen. Daarbij mag echter niet buiten beschouwing worden gelaten dat dit werk de mensen niet ziek mag maken en hun gezondheid niet in gevaar mag brengen. Dat maakt preventieve gezondheidszorg en veiligheid op de werkvloer tot zeer wezenlijke aandachtspunten.

Ik ben ervan overtuigd dat door de omzetting van dit voorstel voor een richtlijn, dat er eigenlijk al veel eerder had moeten zijn, de juiste voorwaarden worden gecreëerd om het werk in alle sectoren van de gezondheidszorg, waar dit gevaar zich dagelijks voordoet, veiliger te maken. Het lijkt mij in het belang van alle Europeanen om dit zo snel mogelijk te realiseren.

 
  
MPphoto
 

  László Andor, lid van de Commissie. (EN) Mijnheer de Voorzitter, allereerst wil ik graag zeggen dat ik blij ben dat dit voorstel zo breed wordt gesteund in het Parlement. Ik betreur het feit dat het proces langer heeft geduurd dan velen van u hadden verwacht, maar ik wil toch zeggen dat ik er volstrekt van overtuigd ben dat de sociale dialoog een rol moet spelen. We moeten de mening van de sociale partners respecteren. Niet alleen omdat we het besluit daardoor meer legitimiteit geven, maar ook omdat de tenuitvoerlegging zo wordt bevorderd, aangezien degenen die deelnemen aan het opstellen van een nieuw voorschrift meer belang hebben bij het succes ervan. Dit is heel belangrijk.

We weten al dat er een werkdocument is tussen de sociale partners inzake de verduidelijking van de raamovereenkomst en de tenuitvoerlegging ervan, dus wij hopen – en ik denk dat we ervan uit mogen gaan – dat dit een belangrijke rol zal spelen bij de afronding in de Raad. Dit als antwoord op uw zorgen over de tenuitvoerlegging. Afgezien daarvan is er ook behoefte aan een follow-up op de langere termijn. Dit is ook erg belangrijk om te bepalen hoe succesvol deze nieuwe richtlijn zal zijn.

Ik wil graag uw aandacht vestigen op de tekst die stelt dat de ondertekenende partijen de tenuitvoerlegging van deze overeenkomst vijf jaar na de beschikking van de Raad zullen herzien, indien een van de partijen van de overeenkomst daarom verzoekt. Met andere woorden, het is heel belangrijk dat de monitoring van de tenuitvoerlegging en van de frequentie van dergelijke verwondingen als uitgangspunt dient, ingeval een van de partijen van deze gelegenheid gebruik wil maken.

Ten slotte wil ik graag zeggen, op deze pas tweede dag van de nieuwe Commissie, zoals enkele sprekers in hun betogen al hebben aangegeven, dat het inderdaad zeer belangrijk is dat de Commissie meer aandacht besteedt aan de vergeten mensen in Europa: die leeftijdsgroepen of beroepen die niet gemakkelijk voor zichzelf kunnen opkomen. Zij zijn in het verleden wel eens genegeerd of buitenspel gezet.

De gezondheidszorgsector is natuurlijk een belangrijke sector, waar we veel toewijding en aandacht aan moeten besteden. Werknemers van ziekenhuizen en andere gezondheidszorginstellingen worden niet alleen blootgesteld aan scherpe letsels en infecties. We weten allemaal dat ze ook nog eens lange dagen maken. Voor dergelijke groepen moeten we dan ook een soort alomvattende aanpak hanteren. Deze groepen werknemers zijn namelijk erg belangrijk, met name in tijden van crisis, wanneer de verwachte fiscale consolidatie gevolgen zal hebben voor de werkomstandigheden van deze mensen. Daarom moeten we dit hoog op de agenda zetten, net als ik persoonlijk heb gedaan.

 
  
MPphoto
 

  De Voorzitter. − Dank u, mijnheer de commissaris. Ik weet zeker dat wij allen degenen die het initiatief tot dit debat hebben genomen, dankbaar zijn. Laten we hopen dat er vooruitgang wordt geboekt.

Het debat is gesloten.

De stemming vindt vandaag om 12.00 uur plaats.

 
Juridische mededeling - Privacybeleid