Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2009/2103(INI)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A7-0121/2010

Ingediende teksten :

A7-0121/2010

Debatten :

PV 05/05/2010 - 24
CRE 05/05/2010 - 24

Stemmingen :

PV 06/05/2010 - 7.6
Stemverklaringen
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P7_TA(2010)0152

Debatten
Woensdag 5 mei 2010 - Brussel Uitgave PB

24. Mededeling van de Commissie over kankerbestrijding: een Europees partnerschap (debat)
Video van de redevoeringen
PV
MPphoto
 

  De Voorzitter. Aan de orde is het verslag (A7-0121/2010) van Alojz Peterle, namens de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid, over de mededeling van de Commissie over kankerbestrijding: een Europees partnerschap (COM(2009)0291 - 2009/2103(INI)).

 
  
MPphoto
 

  Alojz Peterle, rapporteur. (SL) Mijnheer de Voorzitter, mijnheer de commissaris, collega's, met dit verslag nemen we een politiek standpunt in over een van de moeilijkste problemen van de Europese Unie. Kanker verspreidt zich als een epidemie, wordt de meest voorkomende ziekte in de Unie en een op de drie burgers wordt hiermee geconfronteerd.

Ik ben blij dat het bij het begin van dit mandaat niet nodig is om de Commissie en de Raad op te roepen essentiële stappen te zetten in de strijd tegen kanker. We hebben namelijk duidelijke besluiten van de Raad uit juni 2008 en een ambitieus project: het Europees partnerschap voor kankerbestrijding, dat de Commissie in september 2009 heeft voorgesteld en het onderwerp is van dit verslag. Het is belangrijk op te merken dat we al volop in actie zijn gekomen. Met dit verslag ondersteunen we een van de meest ambitieuze doelstellingen van de Commissie, namelijk dat we binnen 10 jaar de last van kanker met 15 procent verminderen.

Ik ben ook verheugd dat het partnerschap werd ontwikkeld in overeenstemming met onze resolutie over de gezondheidsstrategie 'Samen werken aan gezondheid – een EU-strategie voor 2008-2013'. In die resolutie zetten we ons in voor gezondheid voor iedereen en gezondheid in alle beleidsdomeinen, en leggen we de nadruk op kankerpreventie.

Het is een verbazingwekkend en zorgwekkend feit dat de lidstaten gemiddeld maar 3 procent van hun gezondheidsmiddelen in preventie investeren. Dat cijfer lijkt wel een statistische fout, maar het betekent dat in het gezondheidsbeleid van de lidstaten preventie niet heel ernstig genomen wordt. Hier is werkelijk een paradigmatische verschuiving naar meer preventie bij de strategische, technische, organisatorische en financiële aanpak nodig. Dat weten we, en we weten eveneens – dat is bewezen – dat een vroegtijdige opsporing van kanker het sterftecijfer aanzienlijk kan doen dalen.

Een tweede belangrijk woord in het verslag is 'ongelijkheid' en het gaat om verschillende soorten ongelijkheid. Het meest in het oog springt het zogenaamde 'IJzeren Gordijn tussen het oosten en het westen' met grote verschillen tussen de overlevingskans van kankerpatiënten, maar we weten ook dat er binnen de lidstaten grote verschillen zijn. Behalve verschillen in succesvolle behandelingen zijn er ook grote verschillen in frequentie, omvang, vroegtijdige opsporing, verschillen in palliatieve zorg en efficiënte rehabilitatie van kankerpatiënten.

Voor de burgers van de Europese Unie is het moeilijk om dergelijke verschillen bij de organisatie van kankerbestrijding te aanvaarden. Sommige lidstaten hebben nationale programma's, andere nog niet. Ook het verkrijgen van statistische gegevens over kanker verschilt nog erg. Hoewel alleen de Europese Unie dankzij het Verdrag van Lissabon de mogelijkheid heeft om ondersteunende maatregelen te treffen, is een gecoördineerde en goed georganiseerde aanpak op dat niveau van uitzonderlijk belang voor een doeltreffende kankerbestrijding. De uitwisseling van goede praktijken is ondenkbaar zonder aansporing van de Gemeenschapsinstellingen.

Het derde belangrijke woord in het verslag is 'partnerschap'. We kunnen enkel dichter bij het ambitieuze doel van de Commissie komen als we onze krachten zowel horizontaal als verticaal bundelen. Een eerste vereiste daarvoor is dat kankerbestrijding voortdurend op de politieke agenda van Europese en nationale instellingen blijft staan. Een nauwe relatie tussen artsen en patiënten is niet voldoende. Het is onze taak om bij te dragen tot een stevig politiek partnerschap, tot politieke wil, opdat wij in de hele Europese Unie meer momentum kunnen creëren.

Bij deze gelegenheid wil ik vooral ook de nadruk leggen op de rehabilitatie van kankerpatiënten. We zullen veel meer aandacht moeten schenken aan mensen die kanker hebben overwonnen, die niet gestigmatiseerd of afgeschreven mogen worden, maar de kans moeten krijgen om opnieuw volledig bij het maatschappelijke leven betrokken te worden en hun professionele carrière verder te zetten. Een belangrijk onderdeel van kankerbestrijding in Europa is tegenwoordig burgernabijheid.

Ik wil ook graag de schaduwrapporteurs en iedereen die bij dit verslag heeft geholpen, bedanken voor hun aanzienlijke hulp.

 
  
MPphoto
 

  John Dalli, lid van de Commissie. (EN) Mijnheer de Voorzitter, ik zie dat het Parlement nog steeds enthousiast is over het werk van de Commissie op het terrein van de preventie en beheersing van kanker en dat werk steunt. Ik ben daar heel blij om en ik ben dankbaar voor de inspanningen die met name door de rapporteur, de heer Peterle, voor dit verslag verricht zijn.

Krachtige maatregelen op Europees niveau kunnen op nationaal, regionaal en locaal niveau aanzienlijk doorwerken, wat het potentieel van het Europees partnerschap voor kankerbestrijding onderstreept. Het succes van het partnerschap hangt voor een groot deel af van een actieve deelname van een groot aantal verschillende partners. Tot nu toe hebben lidstaten, gezondheidswerkers, kankerinstituten en vertegenwoordigers van het bedrijfsleven geholpen bij het opstellen van de concrete voorstellen voor maatregelen die vóór het eind van 2010 genomen moeten worden, maar wij moeten nog afwachten of deze nieuwe manier van samenwerking zal leiden tot duurzamere maatregelen in de strijd tegen kanker. Ik hoop echt dat dat het geval zal zijn.

Algemeen wordt ernaar gestreefd meer langetermijndoelen te halen en beter gebruik te maken van de beschikbare hulpbronnen. Of deze doelstelling bereikt zal worden, hangt af van de inzet van alle partners en natuurlijk ook van de vraag of er voldoende financiële middelen bijeengebracht kunnen worden. De steun van het Parlement bij het veiligstellen van de noodzakelijke financiële middelen in de toekomstige Gemeenschapsbegroting voor gezondheidszorg zal essentieel zijn. In het verslag wordt verwezen naar een breed scala aan maatregelen voor geïntegreerde preventie en beheersing van kanker. Met veel van die maatregelen is al rekening gehouden bij het op poten zetten van het partnerschap uitgaande van de mededeling van de Commissie.

De vijf belangrijkste pijlers van het partnerschap zijn: bevordering van gezondheid en preventie van ziektes via bijvoorbeeld de promotie van de Europese code voor kankerbestrijding, screening en vroege diagnose om de aanbeveling van de Raad over kankerscreening beter ten uitvoer te kunnen leggen, uitwisseling van beste praktijken in de kankerzorg, samenwerking bij en coördinatie van kankeronderzoek, en het beschikbaar stellen van vergelijkende informatie en gegevens over kanker. Een van de kerntaken van het partnerschap zal zijn lidstaten te helpen bij een betere ontwikkeling en tenuitvoerlegging van hun plannen met betrekking tot kanker.

Het is de bedoeling dat alle lidstaten geïntegreerde plannen inzake kankerbestrijding hebben als het partnerschap afloopt. Sommige maatregelen zullen voortbouwen op de uitkomsten van het goede werk dat tot nu toe gedaan is. Bij andere maatregelen zal er extra hulp nodig zijn. De Commissie staat klaar om alle steun die nodig is, te verschaffen. Bovendien zal de Commissie haar nauwe samenwerking met het Internationaal Centrum voor Kankeronderzoek voortzetten die ook een bijdrage levert aan het partnerschap. Ik moet ook het overkoepelende doel vermelden, namelijk het streven naar een betere integratie van gezondheidszaken in al onze beleidsinitiatieven. Ik zal dat opnemen met de betreffende collega’s binnen de Commissie. We blijven ons natuurlijk sterk richten op preventie door middel van ons beleid inzake gezondheidsbepalende factoren, hetgeen een onderdeel is van de strijd tegen kanker. We zullen proberen zoveel mogelijk te bereiken met de beperkte middelen die we hebben, en ik ben erg blij met de krachtige steun van het Europees Parlement voor deze inspanningen.

 
  
MPphoto
 

  Gilles Pargneaux, namens de S&D-Fractie. (FR) Mijnheer de Voorzitter, mijnheer Dalli, het zojuist door de heer Peterle ingeleide ontwerpverslag is een krachtige steunbetuiging aan de hoofdlijnen van de mededeling van de Commissie en ontleent zijn inspiratie tevens aan de resolutie van het Europees Parlement van 10 april 2008 over de strijd tegen kanker in onze Europese Unie.

Staat u mij toe mijn steun uit te spreken voor de doelstellingen van het door de Commissie beoogd Europees partnerschap voor een efficiëntere bestrijding van kanker, of het nu gaat om het belang van preventie en vroegtijdige opsporing, het uitwerken van een nieuw kankerpreventiemodel of vooral ook het terugdringen van de ongelijkheden en verschillen in de lidstaten.

Ik deel de ongerustheid en de zorg die in de mededeling van de Commissie en het ontwerpverslag tot uiting komen. Ik spreek mijn waardering uit voor het werk dat door de rapporteur, de heer Peterle, is verricht in het kader van het opstellen van dit verslag, en sta positief tegenover de compromisvoorstellen die zijn gedaan met betrekking tot de diverse amendementen.

Als schaduwrapporteur voor de Fractie van de Progressieve Alliantie van Socialisten en Democraten in het Europees Parlement wilde ik onder meer de klemtoon leggen op de volgende kwesties. Allereerst de toename van het jaarlijks aantal sterfgevallen door vormen van kanker die worden veroorzaakt door blootstelling aan kankerverwekkende stoffen op de werkplek, het belang van een betere toegang tot informatie over geneesmiddelen voor kankerpatiënten, de tenuitvoerlegging van de REACH-verordening en het regelmatig bijwerken van de lijst van bijzonder bedenkelijke stoffen, die ook kankerverwekkende stoffen omvat, het steunen van initiatieven ter voorkoming van de invoer van artikelen die kankerverwekkende chemische stoffen bevatten en ter versterking van de controle op de aanwezigheid van chemische stoffen binnen de Europese Unie, en tot slot het ontwikkelen van richtsnoeren voor een gemeenschappelijke definitie van invaliditeit die ook personen kan omvatten met chronische ziekten of kanker.

Dit zijn de kwesties die wij wilden aanroeren, waarbij wij overigens onze steun betuigen aan dit ontwerpverslag.

 
  
MPphoto
 

  Antonyia Parvanova, namens de ALDE-Fractie. (EN) Mijnheer de Voorzitter, allereerst wil ik de heer Peterle graag feliciteren met het prima werk dat hij met dit verslag geleverd heeft. Daarmee heeft hij ervoor gezorgd dat de strijd tegen kanker een topprioriteit blijft op onze volksgezondheidsagenda. Ik hoef de cijfers niet te herhalen. We weten allemaal hoe hoog de volksgezondheids-, maatschappelijke en economische kosten voor de Unie zullen zijn als we dit probleem niet op een consequente manier aanpakken en de geëigende middelen niet inzetten, vooral om de verschillen tussen de lidstaten te overbruggen.

De hoge kosten van kanker bedreigen de duurzaamheid van onze gezondheidszorgstelsels, en de EU moet met het oog daarop absoluut het voortouw nemen en passende maatregelen treffen. Of we het nu hebben over preventie, diagnose, behandeling, onderzoek of informatieverstrekking: het gaat allemaal over partnerschap. We kunnen het grote probleem van kanker in Europa echter alleen effectief bestrijden als we ervoor zorgen dat alle belanghebbenden – in het bijzonder patiëntenverenigingen – er op de lange termijn bij betrokken zijn, als we zorgen voor een doelmatige uitwisseling van goede praktijken tussen lidstaten en als we garanderen dat er nauwlettend toegezien wordt op en steun verleend wordt aan het functioneren van een dergelijk partnerschap.

Ik hoop dat de Commissie haar rol goed vervult en ervoor zorgt dat het partnerschap de gestelde doelen haalt. Ik wil graag één punt benadrukken, namelijk de oproep aan de Commissie om gebruik te maken van het bestaand Europees Centrum voor ziektepreventie en -bestrijding en niet-overdraagbare ziekten aan het mandaat van dat Centrum toe te voegen. Ik denk dat de expertise en de aanbevelingen van het partnerschap daardoor zeker aan waarde zullen winnen.

Ten slotte wil ik opmerken dat er zorgvuldig gekeken moet worden naar de kwestie van tijdige en gelijke toegang tot preventie, diagnose en zorg, als we er tenminste voor willen zorgen dat de strijd tegen kanker ook bijdraagt aan een doel dat we allemaal in gedachten zouden moeten houden: de vermindering van de ongelijkheid in Europa op het gebied van de gezondheidszorg.

Commissaris, ik zie u morgen graag terug op de Europese Dag van de patiëntenrechten. Die is voor alle patiëntenverenigingen immers uiterst belangrijk en uw engagement is voor ons allemaal van belang.

 
  
MPphoto
 

  Kartika Tamara Liotard, namens de GUE/NGL-Fractie. Voorzitter, commissaris en rapporteur, bedankt. Kanker is een verschrikkelijke ziekte, een ziekte waaraan, in het slechtste geval, niemand meer iets kan doen. Gelukkig kunnen wij wel iets doen. We leven steeds langer en naarmate we ouder worden, lopen we helaas een steeds groter risico om kanker te krijgen. Hoe grijzer de bevolking, hoe meer kankergevallen we kunnen verwachten. Daarom moeten alle lidstaten zich maximaal inspannen om een doeltreffende en sociale gezondheidspolitiek te voeren. Doelgericht, preventief middels preventieve screeningsprogramma's en betaalbare antikankermedicatie. Daar moeten we voor gaan.

Een ander punt waar we wél iets aan kunnen doen, is het grote aantal kankerverwekkende substanties in het milieu. Gif wordt verwerkt in woningen, denk aan asbest, gebruiksvoorwerpen en zelfs in onze voeding. De EU dient haar bevolking daartegen te beschermen, ongeacht of ze hierbij industriële belangen schaadt. Het belang van de burger, de gezondheid van de burger staat voorop!

 
  
MPphoto
 

  Anna Rosbach, namens de EFD-Fractie. (DA) Mijnheer de Voorzitter, kanker is een volksziekte waar we door intensief onderzoek zo langzamerhand heel wat vanaf weten. We weten nu dat het ontwikkelen van kanker genetisch bepaald kan zijn en dat ten minste één enzym een rol speelt bij het ontstaan van de ziekte. Ook stress, levensstijl, chemicaliën en virussen kunnen kanker veroorzaken. Dit jaar zullen naar verwachting bijna twee miljoen Europeanen aan deze ziekte overlijden. Kanker stopt dus niet bij de landsgrenzen. Daarom is het verheugend dat de Commissie het initiatief heeft genomen tot een ambitieus plan voor de bestrijding van kanker op Europees niveau. Ik heb twee vragen. Hoe staat de Commissie tegenover onderzoek? Kunnen de toegewezen financiële middelen effectief onderzoek garanderen, en welke prioriteit wordt daaraan gegeven? De Commissie wijst erop dat het aantal screeningsonderzoeken laag is ten opzichte van de doelstelling van de Raad en daarom is mijn tweede vraag: hoe wordt de ambitieuze doelstelling omgezet in werkelijke patiënten in onze landen? En is het realistisch dat we de aantallen screeningsonderzoeken in heel Europa kunnen verdubbelen?

 
  
MPphoto
 

  Claudiu Ciprian Tănăsescu (NI). - (RO) Allereerst wil ik de heer Peterle bedanken voor zijn werk aan dit verslag.

Volgens medische gegevens is kanker voor zowel mannen als vrouwen de op een na belangrijkste doodsoorzaak in Europa. De betrokkenheid van de Commissie bij het partnerschap dat is ingesteld voor kankerbestrijding, biedt nieuwe levenskansen aan personen die door deze vreselijke ziekte zijn getroffen evenals aan hun families. Het is essentieel dat we onze inspanningen op permanente samenwerking blijven richten, zowel bij het vergroten van specialistische expertise als bij het bedenken van oplossingen voor nieuwe uitdagingen die uit dergelijke gevallen voortkomen.

Het is dus noodzakelijk dat via het Europese partnerschap voor kankerbestrijding wordt gezorgd voor het juiste gebruik van middelen, vaardigheden en fondsen en die voor alle lidstaten beschikbaar te maken. Dit partnerschap moet ervoor zorgen dat de in de verschillende EU-landen bij de kankerbestrijding geboekte resultaten voor heel Europa beschikbaar worden gemaakt.

 
  
MPphoto
 

  Edite Estrela (S&D).(PT) Mijnheer de Voorzitter, mijnheer de commissaris, de strijd tegen kanker moet altijd prioriteit krijgen. Ongeveer 30 procent van de kankergevallen kan worden vermeden, en als men de ziekte vroegtijdig opspoort en meteen behandelt, kunnen de gevolgen ervan voor een belangrijk deel worden beperkt. Sommige vormen van kanker zijn geslachtsgebonden. Elk jaar wordt er bij 275 000 vrouwen borstkanker vastgesteld, en het aantal gevallen stijgt, zelfs bij jonge vrouwen. Jaarlijks worden 50 000 gevallen van baarmoederhalskanker gediagnostiseerd en elk jaar weer sterven er 25 000 vrouwen als gevolg deze aandoening.

Baarmoederkanker kan echter vrijwel geheel worden uitgebannen door overal vaccinatie- en screeningsprogramma’s te implementeren. Daarom is het zo belangrijk dat de lidstaten hun programma’s richten op alle vrouwen die vallen in de leeftijdsgroepen die bij deze programma’s baat kunnen ondervinden. Daarnaast moeten er gezondheidsvoorlichtingscampagnes worden opgezet om mensen bewust te maken van het belang van een vroege diagnose en ze daarbij informatie te verschaffen over de beschikbare programma’s en diensten. Ik ben daarom ingenomen met dit initiatief van de Commissie.

 
  
MPphoto
 

  Elena Oana Antonescu (PPE). - (RO) Ik wil de rapporteur bedanken voor zijn goede werk. Volgens de mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement, is het aantal screeningsonderzoeken minder dan de helft van het minimale aantal onderzoeken per jaar dat verwacht zou mogen worden. Ik vind dat we ervoor moeten zorgen dat screeningsonderzoeken voor zoveel mogelijk mensen beschikbaar komen om dit streefgetal haalbaar te maken.

Onderzoek op dit gebied heeft vooruitgang mogelijk gemaakt bij het terugdringen van de onderzoekskosten en bij de verhoging van de nauwkeurigheid van de opsporing van kanker door middel van biomarkers. Een recente uitvinding waarvoor onlangs een prijs op de internationale expositie van uitvindingen te Genève is toegekend, maakt de opsporing van kanker in minder dan zes minuten mogelijk tegen kosten die nog geen euro bedragen. Het is een sensor die is uitgevonden door onderzoekster Ioana Raluca uit Stade (Roemenië), waarmee soorten kanker kunnen worden opgespoord voordat de symptomen merkbaar zijn, en die de hoogste precisie heeft van alle op de markt beschikbare methoden, waardoor een hoger percentage van succesvolle behandelingen mogelijk wordt.

Ik hoop dat de Commissie via het Gemeenschappelijk Centrum voor onderzoek belangstelling voor deze uitvinding heeft en dat deze in aanmerking kan komen voor aanbeveling tot opneming in diagnostische programma's.

 
  
MPphoto
 

  Petru Constantin Luhan (PPE). (RO) Het partnerschap dat vorig jaar door de Commissie is ingesteld, is een instrument van vitaal belang, daar kanker, na hart- en vaatziekten, de meest voorkomende doodsoorzaak is. Helaas bestaan er grote verschillen tussen de lidstaten in termen van kwaliteit van de medische zorg en toegang tot behandeling. Volgens recente statistieken hebben mensen in Zuidoost-Europese landen een twee keer zo grote kans om aan kanker sterven als mensen uit Scandinavische landen.

Ik vind dat we op Europees niveau, in het belang van de Europese burgers, grote verschillen in diagnose en behandeling tussen de EU-lidstaten moeten voorkomen. De Commissie moet geld uittrekken voor onderzoek op dit gebied. Successen als de uitvinding van de Roemeense Raluca-Ioana van Stade – namelijk een sensor die de aanwezigheid van kanker in het menselijk lichaam op moleculair niveau rechtstreeks via het bloed vaststelt met behulp van een eenvoudige procedure die in minder dan zes minuten kan worden uitgevoerd – moeten worden ondersteund en ten volle worden benut.

 
  
MPphoto
 

  Olga Sehnalová (S&D). - (CS) Zoals reeds door vele sprekers voor mij werd gezegd, is er voor een daadwerkelijk doeltreffende kankerbestrijding een heel scala aan maatregelen nodig, van preventie en screening via tijdige diagnose en behandeling tot palliatieve zorg. Er is nog een ander uitermate belangrijk aspect van deze ziekte waar ik speciaal bij stil zou willen staan, namelijk de familieleden van patiënten die langzaam aan kanker ten onder gaan. De familiekring behoort voor ieder familielid een plaats te zijn van troost, steun en aanmoediging. Als men echter oog in oog staat met de steeds verder voortschrijdende ziekte, is dit een uitermate moeilijke opgave, en dus mogen de verwanten van patiënten niet aan hun lot worden overgelaten. Met andere woorden: als we het over kankerbestrijding hebben, dienen we ook na te denken over de voorwaarden voor een waardig afscheid. Die dient mijns inziens de vorm aan te nemen van zowel institutionele zorg, advisering van familieleden tijdens de langdurige periode van uiterst moeilijke thuiszorg, als van gespecialiseerde instellingen voor de verstrekking van deskundige en dan vooral menselijke zorg aan patiënten in de terminale fase van deze ziekte.

 
  
MPphoto
 

  Pat the Cope Gallagher (ALDE). - (EN) Mijnheer de Voorzitter, naar schatting wordt elk jaar bij 3,2 miljoen Europese burgers de diagnose kanker gesteld, en het lijkt er helaas op dat er, als gevolg van de ouder wordende bevolking, een tendens is naar een jaarlijkse verdubbeling in de komende 20 jaar van het aantal burgers in Europa bij wie die diagnose wordt gesteld.

We moeten natuurlijk iets doen aan die plaag. Er zijn vele oorzaken van kanker. Ik wil hier naar voren brengen dat volgens mij roken, overgewicht, weinig fruit en groente, een gebrek aan beweging en excessief alcoholgebruik bijdragen aan het ontstaan van kanker. Het is van wezenlijk belang dat de strategieën ter bevordering van de gezondheid verbeterd worden en dat er voldoende geld in gestopt wordt, zowel op Europees als zeker ook op nationaal niveau. Vroege opsporing is essentieel. We hebben gezien dat dankzij vroege opsporing nu nog veel mensen in leven zijn die het zonder vroege opsporing niet gered zouden hebben.

De Europese Unie kan door middel van kankeronderzoek een leidende rol spelen. Het is belangrijk dat er uit hoofde van het zevende kaderprogramma meer dan 750 miljoen euro uitgegeven wordt aan kankeronderzoek, en ik hoop dat er in de komende jaren nog meer financiering beschikbaar kan worden gesteld. Ik sluit af met hulde te brengen aan al die mensen, vooral in mijn eigen land, die kankerpatiënten zo uitstekend verzorgen.

 
  
MPphoto
 

  Angelika Werthmann (NI).(DE) Mijnheer de Voorzitter, dames en heren, gezondheid is een groot goed dat we moeten koesteren. Kanker is overal ter wereld een probleem, ondanks de vooruitgang in de geneeskunde. Volgens ramingen van de WHO was in 2004 dertien procent van alle sterfgevallen aan kanker te wijden. In de EU krijgen ieder jaar ongeveer 3,2 miljoen mensen kanker. De belangrijkste vormen van kanker zijn longkanker, darmkanker en borstkanker. Met name bij oudere mensen kunnen screeningsonderzoeken een belangrijke bijdrage leveren aan de bescherming van de gezondheid. Ook hier geldt het principe: voorkomen is beter dan genezen. De goedkoopste strategie met de grootste kans op slagen is nu eenmaal screening.

 
  
MPphoto
 

  Seán Kelly (PPE). (GA) Mijnheer de Voorzitter, het lijdt geen twijfel dat kanker een verschrikkelijke ziekte is die, zoals ze in mijn land zeggen, dodelijk is voor het land, omdat er dagelijks jonge en oude mensen aan sterven. De statistieken tonen aan dat één op de drie mensen kanker kan krijgen, en daar wordt iedereen bang van. Tegelijkertijd zijn er geweldige vorderingen gemaakt door de professoren, verpleegkundigen en artsen die deze ziekte behandelen. Toch is het belangrijk om in de toekomst meer geld te besteden, met name aan onderzoek.

De Europese Unie heeft in dit verband een belangrijke taak. Ten eerste moet zij zorgen voor onderzoeksgeld en ten tweede moet zij het onderzoek organiseren en met name de samenwerking bevorderen tussen de instellingen die dit onderzoek uitvoeren. Als we die taak serieus nemen zullen we in de toekomst meer vooruitgang boeken en zullen minder mensen kanker krijgen en aan de gevolgen ervan overlijden.

 
  
MPphoto
 

  Krisztina Morvai (NI). (HU) Verontschuldigt u me dat ik een iets persoonlijker relaas houd dan normaliter, maar terwijl we hier spraken over het programma tegen kanker en velen benadrukten wat voor vreselijke ziekte dit is en hoeveel mensen er aan sterven, moest ik terugdenken aan dezelfde periode vier jaar geleden toen ik zelf ook aan kanker leed en misschien wel een record had gebroken, zoals werd gezegd op de oncologieafdeling. Van top tot teen kwamen er veertien buisjes en slangetjes uit mijn lichaam en ik heb weken op de intensive care gelegen; en kijk me nu eens, ik ben lid van het Europees Parlement, voed mijn drie kinderen op en kan weer een volledig leven leiden. Met mijn eigen verhaal wil ik vooral andere vrouwen aanmoedigen, maar ook alle andere Europese burgers om deel te nemen aan screeningsprogramma’s. Met mijn eigen verhaal wil ik tegen mijn lotgenoten die nu ziek zijn en tegen hun naasten en artsen zeggen dat ze nooit de hoop op mogen geven. Ik wens ze veel sterkte en ben in gedachten bij ze.

 
  
MPphoto
 

  John Dalli, lid van de Commissie. – (MT) Mijnheer de Voorzitter, ik ben heel tevreden over het enthousiasme dat vandaag in het Parlement is getoond over ons optreden in deze gezamenlijke strijd tegen kanker. Ik dank de heer Peterle voor het verslag dat hij heeft opgesteld en ik wil ook mevrouw Morvai bedanken die zojuist gesproken heeft over hoop en over de positieve aspecten. Niet alles is verloren wanneer men deze ziekte krijgt. Er zijn diverse punten aan de orde gesteld en veel van de gedachten die u in het Parlement heeft geuit hebben een plaats gekregen in de mededeling van de Commissie. Ook kan ik u verzekeren dat de suggesties die u vandaag doet en de suggesties die in het verslag worden gedaan, zeer zorgvuldig zullen worden overwogen in ons activiteitenprogramma.

Ten aanzien van het milieuaspect kan ik zeggen dat het milieu een werkelijk belangrijke factor – zelfs een beslissende factor – is in de strijd tegen kanker. Toch moet ook gezegd worden dat de strenge normen die we momenteel in Europa hanteren een grote bijdrage leveren aan de vermindering van het aantal kankergevallen. Daarom moeten we ons nog meer inspannen om ervoor te zorgen dat deze strenge milieunormen worden gehandhaafd. Ook moeten we het belang van onderzoek blijven benadrukken. Nu de farmaceutische industrie deel uitmaakt van mijn portefeuille en van mijn verantwoordelijkheden als commissaris, zijn er veel meer mogelijkheden om met deze bedrijfstak samen te werken en het onderzoek wellicht beter te coördineren en aldus doeltreffender te maken.

Een van de pijlers waarop ik mijn werk de komende vijf jaar wil baseren betreft een zo groot mogelijke toegang tot de geneesmiddelen die op de markt zijn, want een van de grootste problemen die we in Europa hebben, is – zoals hier vandaag ook al is gezegd – de ongelijkheid in de gezondheidszorg. Dit is een aspect dat we in het bijzonder moeten waarborgen: de mogelijkheid van toegang tot de geneesmiddelen die op de markt komen. Ik wil u nogmaals dankzeggen. Laat ik tot slot herhalen dat wij allen ons uiterste best moeten doen om de mensen te overtuigen van bijvoorbeeld het belang van preventie, van het belang van borstkankerscreening, waar vandaag herhaaldelijk over is gesproken. Het is van belang dat we, nu deze screenings in vele, zo niet alle, delen van Europa beschikbaar zijn, alle vrouwen er sterk toe aanmoedigen om aan dit onderzoek deel te nemen.

 
  
MPphoto
 

  Alojz Peterle, rapporteur. (SL) Ik moet zeggen dat ik vanavond echt heb genoten van het debat en ik bedank u hartelijk voor uw steun en uw attente woorden. Ik ben blij dat we in zulke grote mate dezelfde taal spreken en dezelfde doelstellingen nastreven. We zijn ons allen bewust van de algemene context en de oorzaken van deze ziekte, en evenzeer zijn we ons er allen van bewust dat wij de strijd tegen kanker gezamenlijk, als partners, moeten aanbinden.

Door tijdgebrek heb ik niets over een gezonde levensstijl kunnen zeggen. Ik ben ervan overtuigd dat wij, politici, op dat vlak een belangrijke voorbeeldfunctie zouden kunnen vervullen. We moeten een gezonde levensstijl ook promoten. Omdat mij een soortgelijke diagnose was gesteld als mevrouw Morvai, wil ik haar uit de grond van mijn hart feliciteren met haar overwinning. Ik geloof dat we op die manier bewijzen dat kanker niet noodzakelijk synoniem is met een doodsoordeel.

Ik dank vooral commissaris Dalli voor zijn aandacht en voor het feit dat hij sneller optreden heeft aangekondigd. Kanker heeft namelijk zijn eigen dynamiek en ook wij moeten dynamisch optreden. Ik bied de commissaris mijn diensten aan om onze samenwerking ook in de toekomst voort te kunnen zetten. Ik denk dat onze samenwerking tot nu toe voorbeeldig was en dat we samen veel meer kunnen bereiken.

Ik wil nog graag meedelen dat binnenkort opnieuw de groep van leden voor de strijd tegen kanker zal worden ingesteld, die in het vorige mandaat onder de naam MAC – Members Against Cancer bekend stond. Ik denk dat we deze keer, misschien zelfs met een sterkere groep, bijzondere nadruk op preventie en op het dynamisme van onze strijd zullen leggen. Iedereen hartelijk dank en een prettige avond.

 
  
MPphoto
 

  De Voorzitter. − Het debat is gesloten.

De stemming vindt morgen plaats.

Schriftelijke verklaringen (artikel 149)

 
  
MPphoto
 
 

  Cristian Silviu Buşoi (ALDE), schriftelijk.(EN) Het voorstel van de Commissie voor een partnerschap tegen kanker kan ik alleen maar met open armen ontvangen, gezien de grote bedreiging voor de Europese volksgezondheid die van kanker uitgaat. Ik sluit me volmondig aan bij de rapporteur die zijn hele verslag geënt heeft op preventie. Ik denk dat wat dat betreft alomvattende nationale kankerbestrijdingsplannen onmisbaar zijn. Verder ben ik een warm voorstander van meer samenwerking bij kankeronderzoek. We dienen de belangrijkste achterliggende oorzaken van kanker duidelijk in kaart te brengen om zo te kunnen bepalen wat er precies nodig is voor doeltreffende preventie. Alleen op die manier kunnen we daadwerkelijk preventief te werk gaan. Verder ben ik van mening dat het wijs zou zijn voort te bouwen op reeds bestaande initiatieven als de Europese code tegen kanker en de aanbevelingen van de Raad inzake de screening op borst-, baarmoederhals- en darmkanker, aangezien deze een goede basis vormen voor verdere maatregelen. Uiteraard blijft preventie zonder de benodigde financiële middelen slechts een vrome wens. Ik wil de lidstaten dan ook met klem vragen de nodige middelen vrij te maken voor de preventieplannen, want alleen op die manier komt de doelstelling van 15 procent minder nieuwe gevallen daadwerkelijk binnen handbereik.

 
  
MPphoto
 
 

  Nessa Childers (S&D), schriftelijk. (EN) Ik ben zeer verheugd over dit initiatief en over de mogelijkheden die het de miljoenen Europeanen biedt die in de komende jaren waarschijnlijk door kanker getroffen zullen worden. Een van de belangrijkste doelstellingen die in dit verslag worden genoemd, betreft het drastisch verminderen van het aantal kankergevallen door ervoor te zorgen dat er in 2015 honderd procent dekking is wat betreft de screening op borst- en baarmoederhalskanker en kanker van de dikke darm en endeldarm en per jaar 125 miljoen onderzoeken op EU-burgers te verrichten. Het is ook onze taak als leden van het Europees Parlement om onze toegang tot de media en de kiezers te gebruiken om de Europeanen dringend te verzoeken gebruik te maken van die uiterst belangrijke controles. Er bestaat nog steeds een alarmerend gebrek aan kennis over zowel de risico’s van kanker als de mogelijkheid gescreend te worden. Alleen door continue voorlichting daarover zal dit initiatief het succes kunnen hebben dat het nodig heeft en dat ook de Europese burgers nodig hebben.

 
  
MPphoto
 
 

  Elisabetta Gardini (PPE), schriftelijk. – (IT) De strijd tegen kanker is een wereldwijde strijd. Ondanks de steeds grotere kennis over deze ziekte en de steeds betere behandelmethoden is en blijft deze strijd een uitdaging, een uitdaging die we het hoofd moeten blijven bieden door onze beste middelen in te zetten, want de ziekte heeft verwoestende gevolgen, niet alleen in de zin van sterftecijfers, maar ook wat betreft de psychologische, sociale en economische aspecten ervan.

Het staat buiten kijf dat kankerbestrijding een alomvattende aanpak vereist, niet alleen in termen van onderzoek en behandeling, maar ook in termen van preventie. We moeten een kritische massa bereiken en omstandigheden creëren die waarborgen dat als één persoon resultaten boekt, iedereen daar de vruchten van plukt. Daarom is het belangrijk een Europees partnerschap voor kankerbestrijding tot stand te brengen dat de informatie-uitwisseling en coördinatie tussen de afzonderlijke lidstaten zal vergemakkelijken. Er dient binnen netwerken te worden gewerkt op het gebied van niet alleen onderzoek en volksgezondheid maar ook educatie, voeding, communicatie en milieu. Daarbij moet gestreefd worden naar de deelname en de input van het maatschappelijk middenveld, ook waar het erom gaat mensen gezonde gewoonten en een gezonde leefstijl aan te leren. Alleen als deze werkwijze wordt toegepast en er voldoende financiële ondersteuning is, kan de ambitieuze doelstelling van de Commissie om het aantal nieuwe gevallen van kanker tussen nu en 2020 met 15 procent terug te dringen, als realistisch worden beschouwd.

 
  
MPphoto
 
 

  Anneli Jäätteenmäki (ALDE), schriftelijk. (FI) Het verslag over de mededeling van de Commissie getiteld “Kankerbestrijding: Een Europees partnerschap” is zeer belangrijk en actueel. Kanker is op dit moment de op één na belangrijkste oorzaak van overlijden en ziekte in Europa. Meer samenwerking bij en financiële middelen voor onderzoek naar kanker en preventieve maatregelen zijn zeer belangrijk. De lidstaten moeten kankerverwekkende chemicaliën van de markt halen en die door onschadelijke chemicaliën vervangen. Preventieve screening is nodig en doeltreffend en daarvoor moet voldoende geld beschikbaar worden gesteld. Voorlichtingscampagnes moeten ook op onderwijsinstellingen worden gericht. Voor kankerbestrijding zijn duidelijke doelstellingen nodig die gezamenlijk door de Commissie en de lidstaten moeten worden nagestreefd. De Commissie en de lidstaten moeten durven investeren in de toekomst, in onderzoek naar en preventie van kanker, want op de lange termijn zal dat geld en mensenlevens sparen.

 
  
MPphoto
 
 

  Siiri Oviir (ALDE), schriftelijk. (ET) Kanker is een ziekte die de samenleving zeer veel geld kost, een ziekte waarvan de diagnose en behandeling steeds duurder wordt en die vaak de oorzaak is van langdurige arbeidsongeschiktheid, invaliditeit en vroegtijdig overlijden. Ondanks de vele successen van de geneeskunde lijkt de verspreiding van kanker in de wereld vandaag de dag sterk op een epidemie. Bij een op de drie Europeanen zal in zijn of haar leven kanker worden geconstateerd en een op de vier Europeanen zal aan deze ziekte overlijden. De lidstaten en vooral hun nationale strategie ter voorkoming van kanker spelen een belangrijke rol om de verspreiding van deze ziekte tegen te houden. In de strijd tegen kanker is het alleen mogelijk de in de strategie vastgelegde doelen te bereiken als langdurige en consequente maatregelen worden uitgevoerd, en daarom roep ik alle lidstaten op in de huidige economische crisis niet het mes te zetten in de begroting voor kankerbestrijding en primaire en secondaire preventie. Zuinigheid vandaag kan leiden tot allerlei uitgaven morgen. Preventieve methoden spelen een grote rol in de strijd tegen kanker, aangezien een derde van de gevallen van kanker kan worden voorkomen door preventieve maatregelen. Een ander belangrijk aspect met betrekking tot preventieve maatregelen is naar mijn mening bewustwording van genderspecifieke vormen van kanker. Wij moeten het preventieniveau verhogen en het screeningsonderzoek naar deze ziekten vervroegen. Tot slot verwelkom ik de voorstellen van de Commissie om het Europees partnerschap voor actie tegen kanker 2009-2013 opnieuw te lanceren. Dit is bedoeld om de maatregelen tegen kanker van de lidstaten te ondersteunen. Alleen door gezamenlijke inspanningen kunnen wij succes boeken in de strijd tegen een vijand als kanker.

 
Juridische mededeling - Privacybeleid