Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2010/2089(INI)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A7-0032/2011

Ingediende teksten :

A7-0032/2011

Debatten :

PV 07/03/2011 - 24
CRE 07/03/2011 - 24

Stemmingen :

PV 08/03/2011 - 9.7
CRE 08/03/2011 - 9.7
Stemverklaringen
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P7_TA(2011)0081

Debatten
Maandag 7 maart 2011 - Straatsburg Uitgave PB

24. Verkleining van de ongelijkheid op gezondheidsgebied (korte presentatie)
Video van de redevoeringen
PV
MPphoto
 

  De Voorzitter. – Aan de orde is het verslag (A7-0032/2011) van Edite Estrela, namens de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid, over de verkleining van de ongelijkheid op gezondheidsgebied in de EU (2010/2089(INI)).

 
  
MPphoto
 

  Edite Estrela, rapporteur. (PT) Mijnheer de Voorzitter, om te beginnen wil ik de schaduwrapporteurs bedanken voor hun medewerking en het werk dat we samen hebben verricht. Mijn dank gaat ook uit naar de rapporteurs voor advies van de Commissie interne markt en consumentenbescherming en de Commissie rechten van de vrouw en gendergelijkheid. Al die bijdragen waren erg nuttig.

Ongelijkheid op gezondheidsgebied varieert van land tot land en van regio tot regio. Deze ongelijkheid heeft te maken met economische en sociale omstandigheden en kan worden vergroot door ongelijkheid op basis van geslacht en culturele omstandigheden. Met andere woorden: ongelijkheid op gezondheidsgebied houdt niet alleen verband met de toegang tot gezondheidszorg, maar ook met allerlei andere uiteenlopende factoren als levensomstandigheden, huisvesting, opleiding, beroep, inkomen en levensstijl. Niettegenstaande enige verbetering bestaan er nog steeds grote verschillen tussen de 27 lidstaten. Zo varieerde bijvoorbeeld volgens cijfers van Eurostat in 2007 de levensverwachting bij geboorte voor mannen tussen de EU-lidstaten met 14,2 jaar, terwijl dat cijfer bij vrouwen op 8,3 jaar lag. Gezondheid en levensverwachting staan nog steeds in verband met sociale omstandigheden en armoede. De combinatie van armoede met andere kwetsbaarheidsfactoren zoals jeugd of ouderdom, invaliditeit of minderheidsachtergrond maakt de gezondheidsrisico’s nog groter.

Ongelijkheid op gezondheidsgebied kan al in de kinderjaren beginnen, beklijven tot in de ouderdomsjaren en zelfs aan de volgende generaties worden doorgegeven. Daarom is het zo belangrijk met spoed een oplossing te zoeken voor dit probleem. Ten gevolge van de huidige mondiale crisis bestaat er een tendens tot verergering van de situatie. Het spreekt voor zich dat de crisis in bepaalde lidstaten een zware weerslag heeft op de gezondheidszorg, zowel aan de vraag- als aan de aanbodzijde. Aan de aanbodzijde kan de crisis tot een lager financieringspeil voor de openbare gezondheidszorg leiden, terwijl tegelijkertijd de vraag naar medische diensten kan toenemen.

De crisis heeft duidelijk gemaakt dat de hebzucht van enkelen geen grenzen kent en dat dit gebrek aan fatsoen heeft bijgedragen aan het vergroten van de kloof tussen de rijke minderheid en de arme meerderheid. Daarom kan de crisis ook een kans zijn de ongelijkheid met moedige maatregelen te bestrijden zodat de rechtvaardigheid wordt bevorderd. Als wij deze les niet trekken en ons beperken tot wat veranderingen in de marge waardoor alles bij het oude blijft, vergroten we zelfs de ongelijkheid. Maar zoals we hebben gezien zijn ongelijke samenlevingen instabiele samenlevingen.

Bepaalde lidstaten hebben maatregelen ter verzachting van het effect van de economische crisis op de gezondheidszorg in hun economische herstelplannen opgenomen door investeringen in gezondheidsinfrastructuur, optimalisering van de financiering van de gezondheidszorg en reorganisatie van het gezondheidszorgstelsel. Het is essentieel dat vermindering van de ongelijkheid op alle beleidsniveaus als prioriteit wordt gezien. In dat verband juich ik de voorstellen van de Commissie toe.

Tot slot wil ik de aandacht vestigen op een aantal voorstellen in mijn verslag. Ik wil met name wijzen op de voorstellen die meer aandacht vragen voor degenen die in armoede leven, migranten die in een achterstandspositie verkeren zoals migranten zonder geldige verblijfspapieren en etnische minderheden, gehandicapten, bejaarden en arme kinderen. Ik bepleit maatregelen om de weerslag van de economische crisis op de gezondheidszorg te verzachten door te investeren in gezondheidsinfrastructuur. Ik acht het van fundamenteel belang ervoor te zorgen dat kinderen en zwangere vrouwen in goede gezondheid kunnen leven. Bovendien vind ik het wenselijk dat het Cohesiefonds en de structuurfondsen steun verlenen aan projecten die een bijdrage kunnen leveren aan het verminderen van de ongelijkheid op gezondheidsgebied. We moeten werken aan een betere en rechtvaardigere toekomst voor de komende generaties.

 
  
MPphoto
 

  Zuzana Roithová (PPE). - (CS) Mijnheer de Voorzitter, ik heb in de afgelopen jaren intensief gewerkt aan de ondersteuning van innovatieve medicijnen. Ik ben dan ook zeer ingenomen met dit verslag waarin gewezen wordt op de ongelijke toegang tot medische behandeling en dan met name tot de zo cruciale preventie. Dat neemt niet weg dat dit verslag op talloze punten inbreuk pleegt op het subsidiariteitsbeginsel. Zo ben ik absoluut niet te spreken over de bewoordingen van onder meer punt 25, want abortus is geen geëigend geboorteregelingsinstrument. Ook heb ik zo mijn ernstige twijfels over de punten 26, 29 en 53. Verder wil ik erop wijzen dat het buitengewoon grote verschil in gemiddelde leeftijd tussen de 27 lidstaten slechts gedeeltelijk het gevolg is van de onderlinge verschillen qua kwaliteit van de gezondheidszorg en de toegankelijkheid daarvan. De van lidstaat tot lidstaat verschillende algehele levenskwaliteit, de levensstijl van mensen, respectievelijk het nationale ontwikkelingsniveau of welvaart zijn daar eerder debet aan. En dat is dan weer iets waar de middels de EU-fondsen gefinancierde ontwikkelingsprogramma’s voor in het leven zijn geroepen.

 
  
MPphoto
 

  Silvia-Adriana Ţicău (S&D).(RO) Mijnheer de Voorzitter, de huidige economische en financiële crisis heeft de gezondheidszorg hard getroffen. Veel lidstaten hebben gesneden in de zorgbegroting. Sommige hebben zelfs besloten om ziekenhuizen in kleinere plaatsen te sluiten of minder operaties uit te voeren. Vooral patiënten in landelijke gebieden of afgelegen plaatsen worden gedwongen tientallen kilometers te reizen om specialistische medische zorg te kunnen krijgen. Er zijn zodoende ongelijkheden op gezondheidsgebied tussen lidstaten maar ook tussen regio’s in de lidstaten.

Het verkleinen van de begroting voor nationale gezondheidszorgprogramma's brengt de toegang tot de nieuwste en meest doeltreffende behandelingen in gevaar. Daarnaast leidt het verminderen van subsidies voor bepaalde behandelingen ertoe dat patiënten die behandeling niet kunnen voortzetten, hetgeen hogere kosten en ernstiger gevolgen voor hun gezondheid met zich meebrengt. De ongelijkheden in het Europese gezondheidszorgstelsel leiden er ook toe dat medisch personeel naar andere lidstaten emigreert om daar te werken. Daarom moet de Commissie...

(Spreekster wordt door de Voorzitter onderbroken)

 
  
MPphoto
 

  Ilda Figueiredo (GUE/NGL). - (PT) Mijnheer de Voorzitter, het huidige bezuinigingsbeleid is vooral een antisociaal beleid waarbij het mes wordt gezet in overheidsinvesteringen, met name op gezondheidsgebied. Dat leidt tot toenemende ongelijkheid op gezondheidsgebied. Als uit naam van de noodzaak het begrotingstekort terug te brengen de eigen bijdragen voor de toegang tot openbare gezondheidsdiensten worden verhoogd, evenals de prijzen van geneesmiddelen, zelfs voor chronische ziekten, door de vergoedingen van de overheid daarvoor te verlagen en steun voor het transport van zieken voor medische behandelingen of consulten in gebieden waar geen openbaar vervoer bestaat wordt afgeschaft, neemt de ongelijkheid op gezondheidsgebied natuurlijk toe. Die ongelijkheid neemt met name toe in bepaalde landen van de Europese Unie, zoals in mijn land, Portugal. Mensen met lagere inkomens hebben daardoor steeds meer moeite om toegang te krijgen tot gezondheidszorg. Commissaris, dames en heren, daarom volstaan woorden niet meer en dient er ...

(Spreekster wordt door de Voorzitter onderbroken)

 
  
MPphoto
 

  Nicole Sinclaire (NI).(EN) Mijnheer de Voorzitter, gezondheid zou de primaire zorg van elke lidstaat moeten zijn, al heeft dit Parlement uiteraard de intentie om wetten te maken voor de gehele Europese Unie. Het lijkt daarentegen niet in staat het goede voorbeeld te geven.

Sommigen onder u – en velen onder u niet – hebben gisteren de Sunday Times gelezen, waarin werd gesproken over de medische voorzieningen van de Parlementsleden. Mijn collega, mevrouw Figueiredo, heeft zojuist gesproken over budgetverlagingen en hoe deze hebben geleid tot verdere ongelijkheid binnen de gezondheidszorg. Toch heeft de Europese Unie – met inbegrip van de Parlementsleden – zichzelf een verhoging van de zorgvoorzieningen met 36% gegund, om zaken als antiverouderingsbehandelingen, thermale baden en dergelijke te vergoeden. Toen wij deze week spraken over de ongelijke behandeling van vrouwen, was er echter één statistiek die eruit sprong. In het Verenigd Koninkrijk kan aan een vrouw bijvoorbeeld maar één ivf-behandeling – één cyclus – worden gegeven, maar de vrouwelijke Parlementsleden en hun gezinsleden kunnen maar liefst vijf cycli ondergaan. Dus als wij het nu echt over ongelijkheid willen hebben…

(Spreekster wordt door de Voorzitter onderbroken)

 
  
MPphoto
 

  Anna Záborská (PPE). - (SK) Mijnheer de Voorzitter, elk individu is uniek, heeft andere capaciteiten, prioriteiten en een eigen levensstijl. Uit deze natuurlijke ongelijkheid komt de motivatie voort om het beter te krijgen – een motivatie die de drijvende kracht is achter de economie.

Het streven om de ongelijkheid op het gebied van de gezondheidszorg op te heffen heeft echter meer te maken met menselijkheid dan met de economie. Want als het gaat om ziekte en lijden zijn mensen elkaars gelijken. Lijden zou geen handelsproduct moeten worden.

Daarom leggen artsen de hippocratische eed af, en ondernemers bijvoorbeeld niet. Het idee om de ongelijkheid op het gebied van de gezondheid te vereffenen, is gestoeld op de waarde van het menselijk leven. Het absolute recht op abortus dat in voorliggend verslag wordt verdedigd is echter een ondermijning van deze waarde.

De verplichte financiering van abortussen uit openbare middelen ontneemt de gezondheidszorg haar morele imperatief en degradeert haar tot een ongebreidelde luxe.

 
  
MPphoto
 

  Mario Pirillo (S&D). - (IT) Mijnheer de Voorzitter, dames en heren, er bestaat in de Europese Unie nog steeds ongelijkheid op gezondheidsgebied in verband met de toegang tot medische diensten, behandelingen en sociale factoren. Voor dat probleem is een geïntegreerde aanpak nodig.

De oorzaken van deze verschillen zijn in veel gevallen vermijdbaar en onrechtvaardig, omdat zij het gevolg zijn van discriminatie op grond van minder economische mogelijkheden. De vermindering van ongelijkheid op gezondheidsgebied moet volgens mij voor Europa een essentiële prioriteit worden, waarbij een benadering van “gezondheid op alle beleidsgebieden” wordt gevolgd en de kwaliteit van de toegang tot gezondheidsdiensten voor iedereen wordt bevorderd.

De komende maanden zal het Europees Parlement de herziening van de richtlijn betreffende de erkenning van beroepskwalificaties behandelen. Dat is de juiste gelegenheid om tot een beter mechanisme te komen waarmee op efficiënte wijze en zonder enige vorm van discriminatie noodsituaties kunnen worden aangepakt.

 
  
MPphoto
 

  Seán Kelly (PPE).(EN) Mijnheer de Voorzitter, ik wil een paar punten noemen.

Ten eerste wil ik benadrukken dat de beste manier om de ongelijkheden in de zorg uit te bannen, is om mensen ook echt beter te maken. Ik ben dan ook verheugd dat een aantal van mijn collega’s en ik er voor de kerst in zijn geslaagd een schriftelijke verklaring door het Parlement te loodsen, die erop gericht is 100 miljoen mensen in de Europese Unie per 2020 door middel van sport etc. actiever te maken. Ik kijk dan ook uit naar de voorstellen van de Commissie op dit vlak.

Ten tweede kan ik tot mijn vreugde melden dat er in mijn land een nieuwe regering is gevormd – een regering van christendemocraten, aangevuld met sociaaldemocraten – waarvan een van de primaire doelstellingen een universele zorgverzekering is. Het idee is dat het geld de patiënt moet volgen en dat de patiënt toegang moet hebben tot de zorg, ongeacht de status of het vermogen of wat dan ook, enkel uitgaande van de behoefte. Ik geloof dat dit een groot succes zal worden. Het stelsel gaat uit van het Nederlandse model, en wij zijn er erg blij mee.

 
  
MPphoto
 

  Karin Kadenbach (S&D). - (DE) Mijnheer de Voorzitter, commissaris, aan de orde is vandaag het onderwerp ”verkleining van de ongelijkheid op gezondheidsgebied in de EU“. Dat is een erg ambitieuze taak. In deze situatie vrees ik eerder dat we er op Europees niveau overal toe bijdragen dat deze verschillen, deze ongelijkheden nog groter zullen worden. Het gaat niet alleen om concrete achteruitgang in de gezondheidszorg, maar ook om de vraag welke sociale normen, welke opleidingsprogramma’s door ons worden afgeschaft, waardoor opleiding wordt bemoeilijkt. Want we weten dat ook de armoede groter is waar het opleidingsniveau lager ligt en de sociale problemen groter zijn. En we weten ook dat mensen door armoede ziek worden.

Mijn oproep aan de Commissie luidt: laten we er duidelijk op wijzen – ook bij de nodige consolidering van de Europese en de nationale begrotingen – dat de investeringen die we op het moment in de gezondheidszorg, het sociale stelsel en onderwijs nalaten, in de toekomst het gezondheidsstelsel op kosten zullen jagen.

 
  
MPphoto
 

  Elena Oana Antonescu (PPE).(RO) Mijnheer de Voorzitter, de ongelijkheid op gezondheidsgebied is een uitdaging voor de EU-toewijding aan solidariteit, sociale en economische cohesie, mensenrechten en gelijke kansen. Daarom moet gezondheid een rol spelen in al het EU-beleid. De lidstaten moeten worden aangemoedigd om gezondheid als principe in al het beleid op te nemen en ook bij het opstellen van nieuwe actieplannen op welk gebied dan ook. Zo kan de ongelijkheid worden verminderd en een hoog niveau van gezondheidsbescherming worden bereikt.

Ik steun de behoefte aan een aantal specifieke indicatoren voor het bewaken van ongelijkheid op gezondheidsgebied, naast vergelijkingsindicatoren waarmee nationale overheden de geboekte voortgang op dit gebied kunnen beoordelen, met het oog op verbetering van de zorgstelsels. Ook moet worden nagedacht – en dit is weer een ander aspect van de inspanningen om ongelijkheid op gezondheidsgebied op te lossen – over het opstellen van een strategisch arbeidsplanningsmechanisme om te zorgen voor werving en behoud van medisch personeel.

 
  
MPphoto
 

  Petru Constantin Luhan (PPE).(RO) Mijnheer de Voorzitter, de Wereldgezondheidsorganisatie schat dat roken, alcoholgebruik, gebrek aan lichaamsbeweging en een gebrek aan gezonde voeding tegen 2020 70 procent van het aantal ziekten en vroegtijdige sterfgevallen zullen veroorzaken. De systematische correlatie tussen gezondheid en sociale klasse laat zien dat deze verschillen worden veroorzaakt door onvoldoende toegang tot basale sociale dienstverlening. Dit geeft aan dat ongelijkheid op gezondheidsgebied niet het resultaat is van een individuele keuze, maar een vermijdbaar en onrechtvaardig fenomeen.

Gezondheid is voor het eerst in de begrotingsplanning voor 2007-2013 voorgesteld als een van de eerste tien prioriteiten voor de structuurfondsen. De Europese Commissie moet echter in de procedures voor het bewaken van de Europa 2020-strategie gedifferentieerde vergelijkende indicatoren opnemen op basis van sociaaleconomische status, en ook leeftijdsdiscriminatie in de overwegingen betrekken.

 
  
MPphoto
 

  Maria Damanaki, lid van de Commissie. – (EN) Mijnheer de Voorzitter, de Commissie is het Parlement dankbaar voor zijn steun aan onze actie om de ongelijkheden op gezondheidsgebied te overbruggen, en voor zijn aanbevelingen op dit belangrijke vlak. Daarnaast zou ik in het bijzonder mijn dank willen betuigen aan de rapporteur, mevrouw Estrela, voor haar toewijding aan deze zaak.

De ongelijkheden op gezondheidsgebied tussen landen, tussen regio’s, tussen rijk en arm, en tussen de verschillende etnische minderheden, betreffen letterlijk elke lidstaat in de EU en worden in veel gevallen steeds groter. Laat mij eerlijk zijn over dit onderwerp. Wij beginnen nu pas de volledige effecten te zien van de economische crisis op de gezondheid van de mensen en op de zorgdiensten. Wij beginnen nu pas de effecten te zien van werkloosheid en van schulden, waardoor het gevaar bestaat dat dergelijke verschillen alleen maar groter worden. Het terugbrengen van de ongelijkheid op gezondheidsgebied is van belang, zowel voor het welzijn van onze burgers als voor het economisch herstel van Europa. Het is een enorme uitdaging, die, zoals ook in het verslag van het Parlement wordt gesteld, actie vereist op verschillende beleidsterreinen en op verschillende overheidsniveaus.

Uw verslag biedt een aantal belangrijke aanknopingspunten voor de toekomst. U noemt het belang om de toegang tot gezondheidsbevorderings-, ziektepreventie- en effectieve zorgdiensten te verbeteren. Verder benadrukt u het belang om speciale aandacht te besteden aan kwetsbare groepen en gebruik te maken van nieuwe technologieën, zoals telegeneeskunde, op zodanige wijze dat de ongelijkheden op gezondheidsgebied worden verminderd. De Commissie deelt uw zorgen volledig.

Ook beklemtoont u dat genderongelijkheid een belangrijke factor is, die bijdraagt aan de ongelijkheden op gezondheidsgebied. Persoonlijk ben ik dat geheel en al met u eens.

De Commissie werkt op daadkrachtige wijze aan de uitvoering van haar actieprogramma ter vermindering van de ongelijkheden op gezondheidsgebied, zoals uiteengezet in haar mededeling inzake solidariteit in de gezondheidszorg. Dit doen wij door op meerdere beleidsterreinen actief te zijn en partnerschappen met lidstaten en belanghebbenden aan te gaan.

Om te zorgen dat dergelijke partnerschappen functioneren, starten de lidstaten nu een gezamenlijke actie inzake ongelijkheden op gezondheidsgebied, die gefinancierd wordt op basis van het gezondheidsprogramma van de EU. Deze actie omvat activiteiten als effectbeoordelingen van ongelijkheden op gezondheidsgebied, regionale en wetenschappelijke netwerken, en initiatieven van belanghebbenden.

Deze actie op meerdere beleidsterreinen begint met onze werkzaamheden op het vlak van volksgezondheid, bijvoorbeeld bestrijding van tabaksgebruik en bevordering van goede voeding, en door middel van actie ten aanzien van het actief en gezond ouder worden. Maar onze strategie omvat ook verbintenissen op het vlak van werkgelegenheid en sociaal beleid, landbouw, onderzoek en regionaal beleid.

Het is duidelijk dat er nog meer actie nodig is. Het is al even duidelijk dat wij dit niet van de ene dag op de andere kunnen realiseren. Er zullen jaren overheen gaan voordat wij slagen, maar gezamenlijk kunnen wij – en moeten wij ook – een blijvend en tastbaar verschil kunnen maken, zodat alle Europeanen een kans hebben op een leven in goede gezondheid.

 
  
MPphoto
 

  De Voorzitter. – Het debat is gesloten.

De stemming vindt op dinsdag 8 maart 2011 om 12.00 uur plaats.

Schriftelijke verklaringen (artikel 149)

 
  
MPphoto
 
 

  Elżbieta Katarzyna Łukacijewska (PPE), schriftelijk. – (PL) De gemeenschappelijke doelstellingen met betrekking tot het wegwerken van de ongelijkheden op het gebied van de gezondheidstoestand en de toegang tot gezondheidszorg behoren tot de prioriteiten van de EU. Wij weten dat er merkbare verschillen in gezondheid zijn tussen de lidstaten van de Unie en tussen mensen met een verschillend opleidingsniveau, inkomen of beroep. Deze ongelijkheden zijn ook geslachtsgebonden. Ze ontstaan doorgaans op jonge leeftijd en blijven vaak gedurende vele jaren en zelfs gedurende meerdere generaties bestaan.

Ik zou willen onderstrepen dat in het verslag-Estrela een waaier van gezondheidsvraagstukken aan de orde wordt gesteld. Er dient echter op gewezen te worden dat we vandaag nog met een ander probleem kampen, namelijk de migratie van artsen en verpleegkundig personeel, met een ongelijke toegang tot de gezondheidszorg tot gevolg. Met het oog hierop hebben wij behoefte aan een gemeenschappelijke, alomvattende Europese strategie waarin de nadruk wordt gevestigd op faciliteitenbeheer en de registratie van beroepskrachten, alsmede op beroepsopleiding en scholing. Zo zou de strategie moeten bijdragen tot het verhogen van de kwaliteit en de veiligheid van niet alleen de nationale, maar ook de grensoverschrijdende gezondheidszorg.

Daarnaast benadruk ik keer op keer dat we meer over preventie zouden moeten praten en dat we daar in de eerste plaats in zouden moeten investeren. Het is absoluut noodzakelijk om de diagnostiek verder te ontwikkelen, om een gezonde levensstijl te promoten, om informatie op een efficiënte manier uit te wisselen en om in moderne technologieën te investeren. Voorkomen is immers altijd beter dan genezen.

 
  
MPphoto
 
 

  Tiziano Motti (PPE), schriftelijk. (IT) Ongelijkheid op gezondheidsgebied in de Europese Unie is een vaststaand feit en dient te worden aangepakt. Ongelijkheid op gezondheidsgebied bestaat ook binnen elke lidstaat tussen ouderen, immigranten, werklozen en minder welgestelden. Zij moeten allemaal een gegarandeerd recht hebben op gezondheid en de noodzakelijke zorg. Burgers moeten gegarandeerd toegang hebben tot informatie over hun gezondheid, mede via de nieuwe informatie- en communicatietechnologieën, en de gemaakte kosten vergoed krijgen. Het feit dat mensen beschikken over weinig economische middelen mag niet leiden tot beperkingen voor de mogelijkheid om toegang te hebben tot zorg. In dit verband is de simplistische benadering van het thema abortus zorgwekkend. Abortus wordt namelijk altijd als een noodzakelijke ingreep beschouwd, of de ingreep nu wordt gezien als een voorbehoedsmiddel of als een medische behandeling. Een vrouw die genoodzaakt is abortus te plegen, is vaak alleen, beschikt niet over voldoende middelen en is bang omdat zij een keuze moet maken die haar confronteert met een van de meest fundamentele thema’s van haar bestaan. Daarom moet abortus niet gereduceerd worden tot een gegarandeerd recht op een voorbehoedsmiddel. Er moeten volgens mij juist adequate structuren ter beschikking worden gesteld die alle vrouwen een gegarandeerd recht geven op opvang, ondersteuning en specifieke sociale steunmaatregelen, zodat zij, waar mogelijk, geholpen worden de oorzaken weg te nemen die hebben geleid tot het kiezen voor abortus.

 
  
MPphoto
 
 

  Daciana Octavia Sârbu (S&D), schriftelijk. – (RO) Er bestaan grote verschillen tussen zorgstelsels binnen en tussen lidstaten. Ik wil benadrukken dat regeringen ook tijdens een economische crisis niet het recht hebben om drastische bezuinigingen door te voeren in de zorgbegroting. Ik wil graag uw aandacht vestigen op de toestand van het zorgstelsel in Roemenië. Vanwege de bezuinigingen van de huidige regering emigreert een aanzienlijk aantal Roemeense medisch specialisten, hebben chronische patiënten niet langer toegang tot medische diensten en vergoede medicatie en is de uitrusting van ziekenhuizen verouderd. Bovendien wil de rechtse regering ziekenhuizen laten fuseren, hoewel sommige afdelingen onvoldoende bedden hebben voor alle patiënten en er altijd aanvullingen nodig zijn. Daarom roep ik de Europese Commissie op om grotere inspanningen te leveren voor het op één lijn brengen van de zorgstandaarden en om druk uit te oefenen op de lidstaten zodat zij afdoende middelen toewijzen voor toegankelijke medische diensten van hoge kwaliteit voor hun burgers.

 
  
MPphoto
 
 

  Bernadette Vergnaud (S&D), schriftelijk. – (FR) Mijnheer de Voorzitter, dames en heren, ik ben rapporteur geweest voor de Fractie van de Progressieve Alliantie van Socialisten en Democraten in het Europees Parlement over het advies van de Commissie interne markt en consumentenbescherming, en daarom ben ik blij met de tekst die is aangenomen door de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid, waarin veel van de voorstellen die door ons en de medeverantwoordelijke commissies zijn ingediend, zijn overgenomen.

Wat dat betreft vind ik het verslag van Edite Estrela uitstekend, daar de nadruk wordt gelegd op een aantal essentiële onderdelen van ons Europese sociale zorgmodel: gelijke toegang tot hoogstaande gezondheidszorg voor iedereen in Europa, een beter beheer van de reproductieve gezondheid, toezicht op de doeltreffendheid en kwaliteit van geneesmiddelen door onafhankelijke systemen van geneesmiddelenbewaking, en boven alles de noodzaak van een aanzienlijke overheidsfinanciering voor de gezondheidszorg in deze periode van economische crisis.

Gezondheid is geen algemeen goed zoals andere goederen, en onze sociale stelsels hebben de plicht om ervoor te zorgen dat de minst bedeelden toegang hebben tot gezondheidszorg. Ik ben daarom zeer verbaasd over het verzoek van de Fractie van de Europese Volkspartij (Christen-Democraten) en de Fractie Europa van vrijheid en democratie om enkele van de eerder genoemde punten te verwijderen. Deze benadering neigt naar reactionair neoliberalisme, en ik hoop dat de geest van dit verslag zal worden gehandhaafd in de eindstemming en dat de stemming het Parlement tot eer zal strekken.

 
Juridische mededeling - Privacybeleid