Hakemisto 
 Edellinen 
 Seuraava 
 Koko teksti 
Menettely : 2012/2234(INI)
Elinkaari istunnossa
Asiakirjan elinkaari : A7-0137/2013

Käsiteltäväksi jätetyt tekstit :

A7-0137/2013

Keskustelut :

PV 20/05/2013 - 24
CRE 20/05/2013 - 24

Äänestykset :

PV 21/05/2013 - 6.14
Äänestysselitykset

Hyväksytyt tekstit :

P7_TA(2013)0204

Puheenvuorot
Maanantai 20. toukokuuta 2013 - Strasbourg Lopullinen versio

24. Riittävät, turvatut ja kestävät eläkkeet (lyhyt esittely)
Puheenvuorot videotiedostoina
PV
MPphoto
 

  President. − The next item is the report by Ria Oomen-Ruijten, on behalf of the Committee on Employment and Social Affairs, on an Agenda for Adequate, Safe and Sustainable Pensions (2012/2234(INI)) (A7-0137/2013).

 
  
MPphoto
 

  Ria Oomen-Ruijten, Rapporteur. − Laat mij beginnen met een opmerking over iets anders. Net hoorde ik in de Nederlandse cabine mevrouw Ada Dingemans, een van onze uitstekende tolken, die ons helaas gaat verlaten, spreken met haar karakteristieke stem. Ik wil dat dat in de notulen wordt opgenomen. Wij zullen haar ontzettend missen. Ik vind het fijn dat ik vanavond nog eens naar haar mag luisteren.

Bij de presentatie van dit verslag wil ik graag de collega's van de Commissie sociale zaken, maar zeker ook Thomas Mann, rapporteur ECON, en alle collega's bedanken voor de uiterst plezierige en ook heel vruchtbare samenwerking. Wij willen allen een veilig, houdbaar en adequaat pensioen. Dat is de garantie en dat willen wij voor iedereen.

Maar pensioenen blijven en zijn een verantwoordelijkheid voor de lidstaten. Dat betekent overigens niet dat wij als Europees Parlement geen mening hebben. Pensioenen zijn nu al onderdeel van overleg en aanwijzing binnen de stabiliteitsprogramma's en ook de nationale hervormingsprogramma's.

Wat voor mij en ook mijn collega's telt is zeker de sociale component. Hoe gaat wij ervoor zorgen dat in elke lidstaat de oudere een decente levensstandaard heeft en ook behoudt? Dat moeten wij, ook in Europa, garanderen.Wij hebben op dit moment een omgekeerde bevolkingspiramide: meer ouderen en langer, gelukkig en ook gezond levende senioren en een kleiner aantal mensen dat voor de financiering van de pensioenen moet zorgen. Wij verouderen. Op dit moment is al een derde van de Europese bevolking 55+.

Wij hebben in Europa een groot aantal verschillende systemen voor de oudedagsvoorziening. Wij hebben de omslagstelsels van de eerste pijler. Die zijn de perfecte uitdrukking van de solidariteit tussen de generaties en zullen ook de komende tijd de belangrijkste voorziening blijven. Maar een verzilverende bevolking legt druk, zeker op de jongere generatie, druk ook op de solidariteit. Financiering uit de lopende begroting van almaar stijgende uitgaven tast niet alleen het stabiliteitspact aan. In de landen die kampen met een te hoog financieringstekort of een te hoge overheidsschuld, wordt steeds in de eerste plaats bezuinigd op de uitkeringen voor pensioenen en sociale uitkeringen. Dat moet worden voorkomen.

Wij moeten niet alleen langer werken - dat was steeds de discussie - maar wij moeten ook met meer mensen aan het werk, en zeker degenen die nu noodgedwongen op straat staan. Dus zorgen dat ouderen aan het werk kunnen blijven, meer inspanningen richten op flexibele levensloop en pensioenregelingen en het verbeteren en aanpassen van de omstandigheden om te kunnen blijven werken. Maar ook in de eerste pijler geldt: reserveren, reserveren en sparen.

Er zijn lidstaten die een tweede pijler hebben en dat zijn meestal pensioeninstellingen waarvoor werkgevers en werknemers samen gespaard hebben. Maar ook daar is er druk, druk door de financiële crisis en de slechte resultaten op de obligatie- en aandelenmarkten en natuurlijk is ook daar de stijgende levensverwachting een probleem.

De Europese Commissie wil nu de duurzaamheid van het ingelegd kapitaal in de pensioenfondsen verbeteren. Ik vind dat het onjuiste antwoord. Waarom? Het is niet adequaat, het blokkeert, omdat vooral in slecht renderende staatsobligaties belegd kan worden. Dat zal dus een neerwaarts effect hebben op de pensioenuitkeringen voor gerechtigden. Ik vind dat u, mevrouw Kroes, nu hom of kuit zou moeten geven. De Commissie zou niet moeten komen met een dergelijk voorstel.

Tot slot, de derde pijler, de spaarvoorziening voor het individu. Ik vind dat dat meer zou moeten zijn, maar dan moet je eerst weten wat je gespaard hebt, dus daarom trackingsysteem.

En ten laatste: de mobiliteit. Een open arbeidsmarkt met vrij verkeer kan alleen maar gedijen als mensen daarvoor niet gestraft worden, dus daarover ook een aantal voorstellen. Ik dank u voor uw begrip, Voorzitter. Ik dank u zeer.

 
  
 

Catch-the-eye procedure

 
  
MPphoto
 

  Thomas Mann (PPE). - Vielen Dank, Ria, für den sehr guten Bericht und die Zusammenarbeit zwischen EMPL und ECON!

Arbeitnehmer und Arbeitgeber sind besorgt über Vorstöße, die Eigenkapitalanforderungen für Lebensversicherungen, also Solvabilität II, auch auf Betriebsrenten anzuwenden. Kostensteigerungen bis zu 30 % stellen den Fortbestand erfolgreicher Systeme in Frage. Als Berichterstatter des Ausschusses für Wirtschaft und Währung konnte ich Kompromisse schmieden bei nur einer einzigen Gegenstimme. Wie appellieren an die EU-Kommission, Frau Kroes, die Axt nicht an die Betriebsrenten zu legen!

Sie sind in den Mitgliedstaaten völlig unterschiedlich konzipiert, Ria hat Recht, und nicht zu vergleichen mit Lebensversicherungen. Copy- und Paste-Gesetze müssen verhindert werden. Statt Harmonisierungsorgien zu feiern, brauchen wir präzise Analysen der Gegebenheiten vor Ort – bei konsequenter Beachtung des Kosten-Nutzen-Verhältnisses. Wenn die Betriebsrentenrichtlinie jetzt von Kommissar Barnier überarbeitet wird, dann darf Solvabilität II keine Rolle mehr spielen.

 
  
MPphoto
 

  Frédéric Daerden (S&D). - Monsieur le Président, comme l'a dit la rapporteure, les pensions relèvent avant tout de la compétence des États membres, avec leurs spécificités. Mais il est important pour nous de formuler des recommandations sur un thème difficile dans un contexte complexe de crise, et je soulignerai quelques éléments importants pour notre groupe.

Tout d'abord, le premier pilier, fondamental pour la solidarité, doit être la pierre angulaire des systèmes de pension et assurer davantage qu'une pension minimum, à savoir un revenu décent. Ensuite, le second pilier peut apporter une contribution, mais ne peut être une condition sine qua non de la réalisation de cet objectif. Le troisième pilier ne peut être favorisé que pour les plus bas revenus et les carrières incomplètes.

Le taux d'emploi est évidemment l'aspect fondamental du financement des pensions et il faut le favoriser, non seulement pour les seniors, mais aussi pour les jeunes, afin qu'ils contribuent au système.

Par ailleurs, toute réforme de l'âge légal de la pension ne peut se faire qu'une fois évaluée avec les partenaires sociaux l'opportunité de cette réforme, et ne peut être liée à l'espérance de vie.

Enfin, je dirais que, même si ce n'est évidemment pas un rapport socialiste, comme on l'aurait écrit au sein de notre groupe à lui tout seul, c'est un bon compromis et je tiens à en remercier la rapporteure.

 
  
MPphoto
 

  Jaroslav Paška (EFD). - Stabilné a dôveryhodné dôchodkové systémy dávajú pracujúcim istotu, že počas produktívneho veku si môžu naakumulovať dostatok prostriedkov na dôstojnú starobu. Okrem nepriaznivého demografického vývoja, ktorý oslabuje schopnosti priebežného financovania dôchodkov, nám šesť rokov pretrvávajúca kríza naznačuje, že medzi ďalšie riziká dôchodkových systémov patria aj recesia a bankroty finančných domov. Preto dôchodkové fondy druhého piliera, ktoré investujú na finančných trhoch, by bolo potrebné precíznejšie monitorovať, aby nevydareným investovaním neohrozili budúcnosť svojich sporiteľov. Som presvedčený, že pre udržanie dôvery verejnosti v dôchodkové systémy je potrebné poskytovať korektné a presné informácie o väzbe medzi nasporenými prostriedkami a výške následného dôchodku, aby si sporitelia vedeli podľa svojho rozhodnutia vybrať vhodnú kombináciu sporenia medzi dostupnými možnosťami sporenia vo svojich krajinách.

 
  
MPphoto
 

  Kartika Tamara Liotard (GUE/NGL). - Beste Ria, ik wil eerst graag zeggen dat je heel erg je best hebt gedaan om de desastreuze pensioenvoorstellen van de Commissie te verbeteren. Met name ten opzichte van de tweede pijler bedrijfspensioenen ben je heel duidelijk. Je zegt dat de Commissie de systemen van de lidstaten moet respecteren.

Maar waarom niet ook die duidelijkheid bij de eerste pijler, in Nederland de AOW? Daar moeten wij inmenging keihard afwijzen. Voorstellen om de eerste pijler te koppelen aan het aantal gewerkte jaren, om AOW-leeftijd te verhogen, om vervroegde uittreding tegen te gaan, zijn niet aan de EU en dat staat los van het feit dat ik het slechte voorstellen vind. Een eerstepijlerpensioen moet een fatsoenlijke levensstandaard garanderen, vooral in tijden van crisis.

Het verslag stelt echter dat vaak een tweede en een derde pijler noodzakelijk zijn voor het hebben van een adequaat pensioen. Bemoeienis van de EU is niet in lijn met artikel 114 van het Verdrag, waarin staat dat de EU zich ver moet houden van fiscale bepalingen en de rechten en belangen van werknemers. Ik vind het erg jammer dat je bij de eerste pijler niet duidelijk heb gezegd dat de EU zich daar niet mee moet bemoeien.

 
  
MPphoto
 

  Heinz K. Becker (PPE). - Als Seniorenvertreter und Generationenpolitiker in diesem Parlament gratuliere ich unserer Berichterstatterin zu diesem Bericht, der Agenda der Zukunftssicherung der europäischen Pensionssysteme.

Die Richtung stimmt – mit der klaren Priorität für die erste Säule und einer zusätzlichen zweiten Säule. Ebenso mit der vehementen Aufforderung zu Reformen an die Mitgliedstaaten, die Frühpensionen abzuschaffen, Anreize zum längeren Arbeiten zu schaffen usw.

Aber Forderungen bleiben unerfüllt im Sinne des führenden, weltweit besten sozialen Modells Europas. Dort muss unser Anspruch höher sein. Es gibt keine verpflichtende Mitbestimmung der jungen und älteren Generationen als Seniorenrat und Jugendrat in Europa. Der Begriff „angemessene Pensionen“ ist zu wenig. Er kommt zu nahe an die Armutssicherung, und das ist Sache der Sozialhilfe, nicht des Pensionssystems. Es geht um die Sicherung des erworbenen Lebensstandards und eines selbstbestimmten, erfüllten Lebens im Alter.

Das Pensionsantrittsalter gilt es durch Experten zu definieren. Die Politik darf nicht dem Populismus unterliegen. Eine neue zweite Etappe dieser Agenda ist notwendig, das sind wir allen Generationen, insbesondere den jungen nachkommenden, schuldig.

 
  
MPphoto
 

  Inês Cristina Zuber (GUE/NGL). - Senhor Presidente, o Livro Verde, o Livro Branco da Comissão e este relatório, que na prática sustenta as suas ideias fundamentais, desembocam em dois objetivos fundamentais muito simples: promover o aumento da idade da reforma e promover também a venda de produtos financeiros, ou seja, do chamado complemento de regime individual de pensões do terceiro pilar.

O combate ao desemprego juvenil é naturalmente contraditório com o aumento da idade da reforma. Não se trata aqui de promover o envelhecimento saudável, como muitos querem fazer crer, mas antes retirar um direito conquistado por décadas de luta dos trabalhadores, que é o direito a uma reforma digna e ao tempo de lazer consagrado com o direito à reforma. Aqui, não se trata de tornar o sistema de pensões mais sustentável, mas sim diminuir os contributos do patronato para os sistemas de segurança social públicos e promover os negócios dos planos de poupança para a reforma vendidos pelos bancos e com os quais estes lucram milhões. Aqui, trata-se de transformar os sistemas públicos de pensões universais e solidários em sistemas privados, aos quais só têm acesso aqueles que tem capacidade económica para comprar produtos financeiros. A questão não é demográfica, mas é uma questão de redistribuição da riqueza e dos rendimentos.

Em Portugal, a troica apoia o recente aumento da idade da reforma de 65 para 66 anos e a diminuição do contributo dos patrões para sistemas de segurança social. Este Parlamento pode até aprovar tudo isto, mas a luta dos trabalhadores será, sim, decisiva no final.

 
  
 

(End of catch-the-eye procedure)

 
  
MPphoto
 

  Neelie Kroes, Vice-President of the Commission. − Mr President, I wish to thank the rapporteur Mrs Oomen-Ruijten and her shadow rapporteurs for their constructive cooperation and for endorsing the main message of the White Paper. When we presented the White Paper in February 2012 we aimed to show how to ensure, against the background – rightly mentioned by Mrs Oomen-Ruijten – of ageing populations and fiscal constraints, that our pension systems remain both sustainable and capable of providing retired citizens with a decent income.

The White Paper outlines how this can be achieved by balancing time spent in work and retirement and by saving more in supplementary pensions. The proposed agenda builds on previous consultations with Parliament, Member States and stakeholders. It made an essential contribution to the 2012 European Year of Active Ageing and Intergenerational Solidarity.

I welcome the report’s call on the Member States to thoroughly evaluate the potential reforms, taking into account changing life expectations so as to guarantee a decent living standard and economic independence for people in old age. I also welcome Parliament’s agreement that it is necessary to build up complementary occupational pensions and to ensure that these are designed in such a way as not to hamper mobility on the labour market.

I note the concerns expressed in the report about safeguarding the importance of first pillar public pensions. I would like to assure you that the Commission believes, as outlined in the pensions adequacy report published in 2012, that first pillar public pensions should and will remain the main source of old age income in the foreseeable future. Since the publication of the White Paper last February we have achieved good progress in this implementation. In particular the messages of the White Paper have been strongly reiterated in the European Semester’s country-specific recommendations.

Today the majority of Member States have adopted reforms which enable and encourage men and women to work longer. The thrust of Mrs Oomen-Ruijten’s report equally confirms that there is a shared political will to face up to the challenges that our pension systems are facing and take relevant steps to safeguard their future. However, to achieve the twin goals of adequacy and sustainability, ambitious and sustained efforts are required on the part of all the actors: the Member States, the EU institutions, social partners and stakeholders.

 
  
MPphoto
 

  President. − The debate is closed.

The vote will take place on Tuesday, 21 May 2013.

Written statements (Rule 149)

 
  
MPphoto
 
 

  Siiri Oviir (ALDE), kirjalikult. Pensionid on kõigis ELi riikides sattunud surve alla. Valitsused juurutavad kasinusmeetmeid, lisaks vananeb rahvastik kõigis liikmesriikides ja oodatav eluiga tõuseb. Eriti hädas on piisavate pensionide rahastamisega need liikmesriigid, kes kasutavad jooksval rahastamisel põhinevat süsteemi. Kuigi väheneval määral, aga kriis on surve alla seadnud ka nn teise samba süsteemid. Kui esimese samba aluseks on maksumaksjate solidaarsus, siis teine sammas koosneb suuresti täiendavatest tööandjapensionidest või siis riigipoolsetest lisasissemaksetest töötajapoolsetele. Siin on veel palju ära teha, et vähendada riigieelarvetele mõjuvat survet ning tõsta kollektiivsete täiendavate pensionide tähtsust. Teise samba pensionifondid on olulised investorid finantsturgudel. Kriis on aga näidanud, et finantsasutused on majanduslanguste suhtes eriti tundlikud. On positiivne, et komisjon, soovides tugevdada pensionifondide järelvalvet, on otsustanud läbi vaadata teise samba kogumisasutuse direktiivi. Kui silmas pidada, et pensionisüsteemide eest vastutavad eelkõige liikmesriigid ja Euroopa pensionisüsteemid on ajalooliselt erinevalt kujunenud, on võimalik avatud koordinatsioonimeetod riskidel üksteise kogemustest õppida.

 
  
MPphoto
 
 

  Joanna Katarzyna Skrzydlewska (PPE), na piśmie. Bezpieczeństwo i stabilność przyszłych emerytur, szczególnie teraz, w czasach kryzysu gospodarczego, jest ciągle jednym z ważniejszych problemów społecznych. Uzasadniony niepokój obywateli państw członkowskich mogą budzić informacje pochodzące od poszczególnych rządów, mówiące o niewydolności krajowych systemów emerytalnych. Chociaż za ich kształtowanie odpowiadają państwa członkowskie, to jednak na poziomie europejskim musimy dążyć do wypracowania konkretnych mechanizmów prawnych powiązanych z przyszłymi emeryturami. Komisja powinna zmierzać do opracowania wspólnych rozwiązań zachęcających państwa członkowskie do popularyzacji możliwości dokształcania się w ramach programu uczenia się przez całe życie. Ważne jest, by rozwijać przekonanie Europejczyków, że bez względu na wiek dokształcanie się zwiększa szanse na rynku pracy i jednocześnie podnosi nasze bezpieczeństwo finansowe na emeryturze.

Państwa członkowskie powinny też dążyć do zapewnienia równowagi w wysokości wynagrodzenia kobiet i mężczyzn na tych samych stanowiskach, za tę samą pracę. Zniesie to dyskryminację kobiet, których świadczenia i tak są często niższe ze względu na konieczność opieki nad dziećmi, a przez to krótsze okresy składkowe, w zakresie wysokości emerytur. Te zagadnienia wskazują, że także na szczeblu unijnym, bez ingerencji w uprawnienia państw członkowskich, możemy szukać rozwiązań podnoszących stabilność systemów emerytalnych. Dlatego ze względu na wagę problemu apeluję do Komisji, by wykorzystywała w tym celu wszystkie przysługujące jej uprawnienia.

 
  
MPphoto
 
 

  Jutta Steinruck (S&D), schriftlich. Die betriebliche Altersvorsorge darf nicht mit Versicherungsunternehmen gleichgesetzt werden! Sie ist ein tragender Pfeiler unseres Sozialsystems und darf nicht durch unpassende Vorschriften gefährdet werden. Deshalb fordere ich, dass die Eigenkapitalvorschriften (Solvency II) für Versicherungen nicht auf Betriebsrenten übertragen werden. Auf Renten muss Verlass sein. Die Übertragung von ungeeigneten Versicherungsvorschriften auf die betriebliche Altersvorsorge würde allerdings das Gegenteil bewirken: Durch die Ausweitung der Eigenkapitalvorschriften würde die solidarische Vorsorge für viele Arbeitgeber zu teuer werden. Statt für sichere Betriebsrenten zu sorgen, würde die Kommission damit den Wegfall der freiwilligen Vorsorgesysteme in Kauf nehmen. Die staatliche und betriebliche Rente sind Instrumente der Solidargemeinschaft, wohingegen die private Vorsorge eine reine Zusatzvorsorge darstellt. Wir müssen nun ein klares Zeichen dafür setzen, dass die gemeinschaftliche Vorsorge als sozialer Pfeiler unserer Gesellschaft gestärkt und geschützt werden muss. Die staatliche Vorsorge darf nicht nur der Armutsvermeidung gelten, sondern muss einen angemessenen Lebensstandard garantieren. Deshalb plädiere ich an die Abgeordneten, unseren eingebrachten Änderungsantrag zur speziellen Beachtung der Besonderheiten der betrieblichen Altersvorsorge zu unterstützen. Damit würde das Parlament klarstellen, dass wir keine unüberlegten Eingriffe in die nationalen Rentensysteme akzeptieren und auf keinen Fall die Renten der Bürger in Gefahr bringen werden.

 
  
MPphoto
 
 

  Csaba Sándor Tabajdi (S&D), írásban. Ria Oomen-Ruijten asszony jelentése szomorúan aktuális, húsbavágó problémákat érint. Az Európai Bizottság és Ria Oomen-Ruijten asszony kiváló jelentése egyaránt a magánnyugdíj-pénztári pillér megerősítését és az állami nyugdíjak méltóságos megélhetést biztosító, kiszámítható voltát szorgalmazzák.

A magyar kormány intézkedései nincsenek tekintettel a hosszú távú fenntarthatóságra. Elveszik az állampolgárok egész életük során felhalmozott megtakarításait és szerzett jogait. Semmissé teszik azokat az áldozatokat, amelyeket a jelenlegi nyugdíjasok és a magyar munkavállalók a nyugdíjrendszer fenntarthatósága érdekében korábban hoztak. Visszamenőlegesen károsítják meg az érintetteket. Az úgynevezett magyar nyugdíjreform során Orbán Viktor kormánya három és fél millió magyar állampolgár magánnyugdíj-pénztári befizetését államosította, továbbá visszamenőleges hatállyal megvonta a nyugdíjat több százezer embertől, rokkantnyugdíjasoktól, olyan állampolgároktól, akik ezért korábban megdolgoztak, önként vállaltak embertelen munkakörülményeket, veszélyes munkavégzést, vagy kifizetetlen túlórákat, rendőrként, katonaként, határőrként a magyar állampolgárok érdekében.

A magyar baloldal számára a nyugdíjasok élettapasztalata érték, amely tiszteletet és megbecsülést érdemel. Ezért, és a magyar nyugdíjrendszer fenntarthatósága, a nyugdíjak kiszámítható és tisztességes megélhetést biztosító szintje és a fiatal generáció jövőjének biztosítása miatt van szükség mielőbbi nyugdíjreformra Magyarországon.

 
Oikeudellinen huomautus - Tietosuojakäytäntö