• EN - English
  • IT - italiano
  • NL - Nederlands
Parlementaire vraag - E-000057/2014(ASW)Parlementaire vraag
E-000057/2014(ASW)

Antwoord van de heer Potočnik namens de Commissie
Schriftelijke vragen :E-000109/14 , E-000057/14 , E-000425/14

De Commissie is verontrust over de jacht op trekvogels in Libanon en andere landen in het Midden-Oosten, aangezien dit ook effect heeft op vogels uit Europa waarvoor het Midden-Oosten een belangrijke trekroute is. De Commissie heeft echter niet de bevoegdheid maatregelen te nemen tegen dergelijke praktijken in derde landen, noch de middelen om het vóórkomen ervan te registreren, en neemt geen deel aan het „Migratory Soaring Birds”-project.

De Europese Unie heeft geen specifieke overeenkomsten gesloten met derde landen wat betreft jagen. De dialoog met de Libanese autoriteiten vindt meestal plaats in het subcomité inzake Energie, Milieu en Vervoer. Vanwege de huidige politieke situatie in Libanon zijn deze bilaterale contacten voorlopig uitgesteld, maar de Commissie zal deze kwestie bij de volgende gelegenheid onder de aandacht brengen.

Libanon is een contractpartij in de overeenkomst inzake Afrikaans-Euraziatische watervogels (AEWA) in het kader van het Verdrag van Bonn. Als zodanig is het juridisch gebonden aan het actieplan van de AEWA en de beschermingsdoelstellen van watertrekvogels in hun hele verspreidingsgebied[1].

In Europa bestrijdt de vogelrichtlijn[2] de illegale jacht op trekvogels. Hoewel de handhaving daarvan voornamelijk de verantwoordelijkheid van de lidstaten is, heeft de Commissie ook besloten om in samenwerking met de belanghebbenden specifiek aandacht te zullen besteden aan het illegaal doden van vogels in de EU. Zij heeft een onderzoek[3] uit laten voeren en een stappenplan[4] opgesteld met acties voor doeltreffendere maatregelen  ter bestrijding van het illegaal doden, vangen en verhandelen van vogels in de EU. De Commissie is ook inbreukprocedures begonnen tegen lidstaten die zich niet aan de vogelrichtlijn houden, met inbegrip van de bepalingen inzake jacht en vangst.

PB C 279 van 22/08/2014