Terug naar het Europarl-portaal

Choisissez la langue de votre document :

  • bg - български
  • es - español
  • cs - čeština
  • da - dansk
  • de - Deutsch
  • et - eesti keel
  • el - ελληνικά
  • en - English
  • fr - français
  • ga - Gaeilge
  • hr - hrvatski
  • it - italiano
  • lv - latviešu valoda
  • lt - lietuvių kalba
  • hu - magyar
  • mt - Malti
  • nl - Nederlands (huidige pagina)
  • pl - polski
  • pt - português
  • ro - română
  • sk - slovenčina
  • sl - slovenščina
  • fi - suomi
  • sv - svenska
Parlementaire vragen
PDF 49kWORD 17k
28 juni 2021
E-002463/2021(ASW)
Antwoord van de heer Breton
namens de Europese Commissie
Vraagnummer: E-002463/2021

De richtlijn betalingsachterstand(1)is van toepassing op alle betalingen tot vergoeding van handelstransacties” tussen ondernemingen en tussen ondernemingen en overheidsinstanties(2).

Het Hof van Justitie heeft verduidelijkt dat dit beginsel „zeer ruim” moet worden geïnterpreteerd(3). Hoewel de richtlijn in haar toepassingsgebied betalingen voor diensten van „vrije beroepen” omvat, vermeldt zij ook het soort transacties dat is uitgesloten, zoals transacties met consumenten of betalingen bij wijze van schadeloosstelling(4).

In het licht van het voorgaande vormen de in de vraag bedoelde diensten, die tegen betaling door ondernemingen aan overheidsinstanties worden geleverd, commerciële transacties in de zin van de richtlijn. De aanbieders van deze diensten zijn vaak kleine en middelgrote ondernemingen, die niet alleen voor hun winstgevendheid, maar ook voor hun voortbestaan afhankelijk zijn van tijdige betaling.

De overheid heeft een „bijzondere verantwoordelijkheid” om een juridisch en commercieel klimaat te scheppen dat tijdige betaling bevordert(5). Daarom werkt de Commissie nauw met de lidstaten samen om de correcte en doeltreffende toepassing van de richtlijn te waarborgen en houdt zij nauwlettend toezicht op de uitvoering en handhaving ervan in de lidstaten.

(1)Richtlijn 2011/7/EU van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 2011 betreffende bestrijding van betalingsachterstand bij handelstransacties.
(2)Zie in het bijzonder overweging 9 en artikel 1, lid 2, van de richtlijn.
(3)Arrest van het Hof van Justitie van 18 november 2020, Techbau, C‐299/19, ECLI:EU:C:2020:937, punt 42, en Arrest van het Hof van Justitie van 28 november 2019, KROL, C‐722/18, ECLI:EU:C:2019:1028, punten 31 en 32.
(4)Overwegingen 8 en 10.
(5)Overweging 6.
Laatst bijgewerkt op: 2 juli 2021Juridische mededeling - Privacybeleid