Terug naar het Europarl-portaal

Choisissez la langue de votre document :

Parlementaire vragen
PDF 37kWORD 19k
22 november 2021
E-004413/2021(ASW)
Antwoord van de heer Sinkevičius
namens de Europese Commissie
Vraagnummer: E-004413/2021

De EU blijft zich inzetten voor de bescherming van alle walvisachtigen, zoals walvissen en dolfijnen. In de EU is het vangen of doden van walvisachtigen verboden op grond van de habitatrichtlijn(1). Overeenkomstig de EU-verordening inzake de handel in wilde dieren en planten(2), waarbij de bepalingen van de Overeenkomst inzake de internationale handel in bedreigde in het wild levende dier‐ en plantensoorten (Cites) in de EU zijn omgezet, is het binnenbrengen van walvisachtigen in de EU voor overwegend commerciële doeleinden verboden.

Zoals de Commissie in haar gecombineerde antwoord op de vragen E-004272/2021, E-004286/2021, E‐004297/2021 en E-004388/2021 heeft verklaard, is het EU-recht niet van toepassing op de Faeröer(3). Dit betekent dat bovengenoemde handelingen niet van toepassing zijn op de Faeröer of op activiteiten aldaar.

Wat internationale maatregelen betreft, is Denemarken weliswaar zowel toegetreden tot de Cites als tot het Verdrag inzake het behoud van wilde dieren en planten en hun natuurlijk leefmilieu in Europa, maar zijn de Faeröer uitgesloten van het toepassingsgebied van beide verdragen. Bovendien is de jacht op kleine walvisachtigen momenteel niet gereguleerd door de Internationale Walvisvaartcommissie (IWC) en het gebied dat valt onder het Verdrag inzake migrerende soorten, waar in bijlage II grienden en witflankdolfijnen vermeld staan, omvat niet de Faeröer.

Het is niet waarschijnlijk dat het bovengenoemd juridisch kader op korte tot middellange termijn wijzigt, aangezien hiervoor een wijziging van de Verdragen en internationale overeenkomsten nodig zou zijn.

De Commissie heeft bij de Deense autoriteiten reeds haar bezorgdheid geuit over de jaarlijkse jacht op de Faeröer. Zij zal ook met de EU-lidstaten blijven samenwerken ter ondersteuning van de lopende inspanningen van de IWC om de bedreigingen waarmee kleine walvisachtigen worden geconfronteerd, aan te pakken.

(1)Richtlijn 92/43/EEG van de Raad van 21 mei 1992 inzake de instandhouding van de natuurlijke habitats en de wilde flora en fauna (PB L 206 van 22.7.1992, blz. 7).
(2)Verordening (EG) nr. 338/97 van de Raad van 9 december 1996 inzake de bescherming van in het wild levende dier‐ en plantensoorten door controle op het desbetreffende handelsverkeer (PB L 61 van 3.3.1997, blz. 1).
(3)Op grond van artikel 355, lid 5, punt a), van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie.
Laatst bijgewerkt op: 25 november 2021Juridische mededeling - Privacybeleid