• EN - English
  • FR - français
  • NL - Nederlands
  • PT - português
Parlementaire vraag - E-005618/2021(ASW)Parlementaire vraag
E-005618/2021(ASW)

    Antwoord van mevrouw Kyriakides namens de Europese Commissie

    In de „van boer tot bord”-strategie is bepaald dat de herziene EU-wetgeving inzake dierenwelzijn gebaseerd moet zijn op de beste beschikbare wetenschappelijke gegevens[1]. Het wetgevingsvoorstel voor 2023 zal daarom gericht zijn op die soorten waarvoor voldoende bewijs voorhanden is om nieuwe bepalingen te onderbouwen.

    De bestaande EU-regels inzake dierenwelzijn zijn aan herziening toe. Daarom heeft de Commissie de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA) opdracht gegeven om uiterlijk in de eerste helft van 2023 nieuwe wetenschappelijke adviezen uit te brengen over het welzijn van een aantal soorten die momenteel onder de EU-wetgeving inzake dierenwelzijn vallen. Ongewervelde zeedieren behoren daar niet toe.

    De Commissie en de EFSA hebben echter een akkoord bereikt over een routekaart[2] voor toekomstige wetenschappelijke adviezen over het welzijn van andere diersoorten, die van 2023 tot 2030 moeten worden uitgebracht. Deze routekaart omvat bepaalde ongewervelde dieren, zoals tienpotigen. Op basis van die werkzaamheden van de EFSA zou de Commissie na de vaststelling van het voor 2023 geplande wetgevingsvoorstel — indien en wanneer dat nodig wordt geacht — verder kunnen ingaan op de in de „van boer tot bord”-strategie naar voren gebrachte doelstellingen, te weten het uitbreiden en wetenschappelijk actualiseren van het toepassingsgebied van de huidige wetgeving.

    Laatst bijgewerkt op: 21 februari 2022
    Juridische mededeling - Privacybeleid