Parlementaire vragen
PDF 46kWORD 25k
9 juni 2010
O-0086/2010

Vraag met verzoek om mondeling antwoord O-0086/2010

aan de Commissie

Artikel 115 van het Reglement

Sonia Alfano, Sophia in 't Veld, Luigi de Magistris, Marietje Schaake, Cecilia Wikström, Leonidas Donskis, Nathalie Griesbeck, Gianni Vattimo, Ramon Tremosa i Balcells

namens de ALDE-Fractie


  Betreft: Knevelwet in Italië

Het Italiaanse parlement behandelt momenteel een voorstel van de regering Berlusconi tot wijziging van de wet op het afluisteren (in het bijzonder met betrekking tot de criteria en procedures voor het verlenen van toestemming daarvoor, de soorten misdrijven die men ermee wil ontsluieren, elektronisch toezicht, de duur van de toestemming tot afluisteren, het gebruiken van de afgetapte informatie in verband met andere misdrijven, en uitzonderingsregelingen voor parlementsleden en priesters) en tot beperking van de mogelijkheden om transscripties van afgeluisterde gesprekken te publiceren, door de media - met inbegrip van de nieuwe media - streng te bestraffen voor het uitbrengen van informatie over gerechtelijke onderzoeken vóór de partijen door de rechter zijn gehoord, d.w.z. een periode die bijvoorbeeld in Italië kan variëren van drie tot zes jaar, in sommige gevallen zelfs tot 10 jaar.

In Italië heerst grote ongerustheid over de nieuwe wet: de nationale bond van magistraten vreest dat een en ander zal leiden tot een verzwakking van de bestaande instrumenten voor misdaadbestrijding en bescherming van de veiligheid van de burgers. De Italiaanse federatie van uitgevers van kranten, de nationale persfederatie en de vereniging van journalisten noemen het een "knevelwet" en bekritiseren vooral de voorgestelde hoge boetes. Ook de autoriteiten van de VS, met inbegrip van adjunct-advocaat-generaal, Lanny Breuer, hebben al hun bezorgdheid uitgesproken over de geplande veranderingen.

  1. Denkt de Commissie dat de voorgestelde wijzigingen in de Italiaanse wetgeving op de afluisterpraktijken proportioneel zijn en stroken met de Europese normen inzake vrijheid van informatie, vrijheid van de media en het recht van de burgers op informatie, als verankerd in artikel 11 van het Europees Handvest van de grondrechten en in artikel 10 van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de daarmee verband houdende jurisprudentie?
  2. Denkt de Commissie dat de voorgestelde wijzigingen verenigbaar zijn met de doelstellingen van de EU betreffende misdaadbestrijding in Europa?
  3. Zijn de voorgestelde wijzigingen - die volgens de Commissie officieel tot doel hebben schendingen van de justitiële geheimhouding te voorkomen - evenredig met het praktische effect dat zij zullen hebben doordat de rechtshandhavingsactiviteiten van de staat met als doel de veiligheid van de burgers te garanderen door het voorkomen en beteugelen van de misdaad aanzienlijk zullen worden beknot, en de vrijheid van informatie zal worden beperkt?
  4. Aan welke maatregelen denkt de Commissie om de vrijheid van informatie, de vrijheid van meningsuiting en de persvrijheid in Italië en de gehele EU te waarborgen en ervoor te zorgen dat de strijd tegen de georganiseerde misdaad in Italië en de EU doeltreffend is?

Ingediend: 9.6.2010

Doorgezonden: 11.6.2010

Uiterste datum beantwoording: 18.6.2010

 

Oorspronkelijke taal van de vraag: EN
Juridische mededeling - Privacybeleid