Parlementaire vraag - O-000083/2014Parlementaire vraag
O-000083/2014

    Ondervoeding bij kinderen in ontwikkelingslanden

    Vraag met verzoek om mondeling antwoord O-000083/2014
    aan de Commissie
    Artikel 128 van het Reglement
    Linda McAvan, namens de Commissie ontwikkelingssamenwerking

    Procedure : 2014/2853(RSP)
    Stadium plenaire behandeling
    Documentencyclus :  
    O-000083/2014
    Ingediende teksten :
    O-000083/2014 (B8-0041/2014)
    Stemmingen :
    Aangenomen teksten :

    Meer dan 165 miljoen kinderen onder vijf jaar zijn ondervoed of lijden aan rachitis, en ongeveer 52 miljoen kinderen zijn ernstig ondervoed. De fysieke en cognitieve schade die tijdens de eerste 1 000 levensdagen van een kind door ondervoeding wordt veroorzaakt, is onomkeerbaar en kan niet meer worden behandeld. Ondervoeding is een economisch probleem dat het algemene potentieel van de maatschappij aantast, door een vermindering van de economische productiviteit, van het potentiële inkomen van personen en van het menselijke kapitaal van landen. Meestal is ondervoeding echter ook het gevolg van een gebrek aan geschikte en efficiënte actie. De programma's tegen ondervoeding zijn niet alleen humanitaire acties, maar vooral een investering die rendabel is voor de donors, aangezien ondervoeding wereldwijd leidt tot conflicten, armoede en maatschappelijke onzekerheid.

    De laatste jaren is enorme vooruitgang geboekt: in september 2010 is door de regeringsleiders van een twintigtal landen, met de ondersteuning van meer dan honderd partners, de beweging SUN ("Scaling Up Nutrition", voor betere voeding) gestart.

    In mei 2012 heeft het Copenhagen Consensus Center de preventie van ondervoeding aangewezen als de eerste actie die moet worden ondernomen en als de meest rendabele investeringsstrategie.

    In de recente mededeling van de Commissie met als titel "Betere voeding voor moeders en kinderen in het kader van de buitenlandse hulp: een Europees beleidskader" wordt erop gewezen dat er een betere coördinatie nodig is tussen humanitaire hulp en ontwikkelingshulp. Aansluitend bij de doelstellingen van de Wereldgezondheidsvergadering worden in de mededeling de streefdoelen bepaald om enerzijds het aantal kinderen onder vijf jaar met een groeiachterstand tot 2025 met 40 % (of 7 miljoen) te verminderen en anderzijds de uitmergeling van kinderen onder vijf jaar terug te brengen tot minder dan 5 % en dat niveau te handhaven. In de mededeling wordt een multisectorale aanpak voorgestaan, met op elkaar afgestemde beleidsmaatregelen op het gebied van plattelandsontwikkeling, duurzame landbouw, volksgezondheid, water en sanitaire voorzieningen, sociale bescherming en onderwijs.

    1. Is de Commissie van plan in haar strategie een tussentijdse evaluatie op te nemen van de maatregelen die zijn genomen? Zo ja, en indien nodig, heeft zij voorzien in de mogelijkheid de toegewezen middelen (3,1 miljard EUR voor zogeheten gevoelige acties en 400 miljoen EUR voor specifieke acties op het gebied van voeding) een nieuwe bestemming te geven, om de doelstellingen voor 2025 te halen?

    2. De Commissie is van plan campagne te voeren op de desbetreffende internationale fora. Is zij van plan in het kader hiervan campagne te voeren voor efficiëntere hulp, d.w.z. een betere coördinatie van de hulp?