Procedure : 2017/2526(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : O-000152/2016

Ingediende teksten :

O-000152/2016 (B8-0201/2017)

Debatten :

PV 15/02/2017 - 15
CRE 15/02/2017 - 15

Stemmingen :

PV 15/03/2017 - 9.7

Aangenomen teksten :


Parlementaire vragen
PDF 194kWORD 17k
7 december 2016
O-000152/2016
Vraag met verzoek om mondeling antwoord O-000152/2016
aan de Commissie
Artikel 128 van het Reglement
Pascal Arimont, Claudia Schmidt, Elżbieta Katarzyna Łukacijewska, Wim van de Camp, Pavel Svoboda, Sabine Verheyen, Georges Bach, Jeroen Lenaers, Annie Schreijer-Pierik, Paul Rübig, Heinz K. Becker, Othmar Karas, Elisabeth Köstinger, Herbert Dorfmann, Jerzy Buzek, Andrzej Grzyb, Krzysztof Hetman, Barbara Kudrycka, Janusz Lewandowski, Julia Pitera, Marek Plura, Dariusz Rosati, Jacek Saryusz-Wolski, Róża Gräfin von Thun und Hohenstein, Jarosław Wałęsa, Tadeusz Zwiefka, Stanislav Polčák, Jaromír Štětina, Tomáš Zdechovský, Anne Sander, Hugues Bayet, Marc Tarabella, Olga Sehnalová, Claude Rolin, Bogdan Andrzej Zdrojewski, Danuta Jazłowiecka, Seán Kelly, Adam Szejnfeld, Viviane Reding, Bogdan Brunon Wenta, Frank Engel, Deirdre Clune, Edouard Martin

 Betreft: De goedkeuring door de Commissie van het door Duitsland herziene plan voor invoering van een tolheffing
 Antwoord plenaire 

Niet-discriminatoire tolheffingen voldoen aan de cruciale eis dat iedereen hetzelfde voor het gebruik van de weg betaalt. Een van de voornaamste bezwaren van de Commissie tegen de initiële Duitse wetgeving inzake tolheffingen was de discriminatie van buitenlandse bestuurders omdat Duitse ingezetenen recht zouden hebben op een belastingvermindering die gelijk was aan het specifieke bedrag van de tolkosten. Het in mindering brengen van de tolheffing op de wegenbelasting zou feitelijk tot een vrijstelling van de heffing hebben geleid die uitsluitend geldt voor in Duitsland geregistreerde auto's. Aangezien aan dit bezwaar niet is tegemoetgekomen heeft de Commissie een inbreukprocedure ingeleid en uiteindelijk Duitsland voor het Hof van Justitie van de Europese Unie gedaagd. Op 1 december 2016 echter heeft de Commissie een akkoord gesloten met Duitsland en wordt de inbreukprocedure stopgezet. Zowel commissaris Violeta Bulc als de Duitse minister van Vervoer, Alexander Dobrindt, is ervan overtuigd dat het nieuwe stelsel niet discriminatoir is en volledig in overeenstemming met het EU-recht.

Het gewijzigde voorstel heeft desondanks tot gevolg dat uitsluitend in Duitsland geregistreerde voertuigen profiteren van een aftrek van de tolheffing van de jaarlijkse wegenbelasting. De facto – en dit is nogmaals publiekelijk bevestigd door de Duitse minister van Vervoer – zullen nog steeds alleen buitenlandse gebruikers de Duitse tolheffingen betalen.

Kan de Commissie verduidelijken in hoeverre dit politieke akkoord discriminatie op grond van nationaliteit wegneemt?

De Commissie acht deze herziene heffingsregeling "een belangrijke eerste stap in de richting van plannen om een tolheffingenstelsel voor de hele EU te creëren".

Op welke gronden precies baseert de Commissie de overtuiging dat dit een deugdelijk stelsel is, terwijl de doelstelling ervan toch is om vooral buitenlandse gebruikers te belasten?

Oorspronkelijke taal van de vraag: EN
Juridische mededeling - Privacybeleid