Parlementaire vragen
PDF 41kWORD 10k
28 november 2019
O-000039/2019
Vraag met verzoek om mondeling antwoord
aan de Commissie
Artikel 136 van het Reglement
Pascal Durand
namens de Renew-Fractie
Marie Toussaint
namens de Verts/ALE-Fractie
 Betreft: Herziening van de algemene beginselen van de comitéprocedure

Begin 2017 publiceerde de Commissie een wetgevingsvoorstel tot herziening van de zogenaamde “comitéprocedure”. Op grond van deze procedure oefent de Commissie, met de hulp van comités van vertegenwoordigers van de lidstaten, de uitvoeringsbevoegdheden uit die haar door de EU-wetgever zijn verleend. In deze ontwerpverordening wordt erop aangedrongen dat de lidstaten meer hun verantwoordelijkheid nemen in het besluitvormingsproces dat leidt tot de vaststelling van uitvoeringshandelingen.

De herziening is erop gericht een einde te maken aan het al te vaak voorkomende scenario dat de comitologiecomités, bestaande uit vertegenwoordigers van de lidstaten, geen gekwalificeerde meerderheid kunnen bereiken en derhalve “geen advies” kunnen uitbrengen. In de toelichting bij de ontwerpverordening erkent de Commissie dat het problematisch is dat zelfs in het geval dat “geen advies” wordt uitgebracht vergunningen voor ggo’s of de werkzame stoffen in pesticiden kunnen worden verleend, aangezien “deze besluiten vaak betrekking hebben op politiek gevoelige aangelegenheden die een rechtstreekse impact hebben op burgers en bedrijven, vooral op het gebied van de gezondheid en veiligheid van mensen, dieren of planten”. Bovendien besluiten in de meerderheid van de gevallen de meeste lidstaten tegen te stemmen of zich van stemming te onthouden.

Op grond van artikel 6, lid 3, van de comitéprocedureverordening van 2011 is de Commissie, in geval dat het comité van beroep geen advies uitbrengt, niet verplicht vergunningen te verlenen, en overweging 14 van de verordening bepaalt dat de Commissie niet mag ingaan tegen een meerderheidsstandpunt in het comité van beroep. Tijdens de achtste zittingsperiode van het Parlement zijn verschillende resoluties aangenomen waarin bezwaar wordt gemaakt tegen uitvoeringsbesluiten om gevoelige stoffen en producten op de markt te brengen, gezien de bezorgdheid over de risico’s voor de gezondheid van mens en dier en voor het milieu. De Commissie blijft echter uitvoeringshandelingen vaststellen in gevallen waarin “geen advies” is uitgebracht en doet dit derhalve zonder de steun van de lidstaten en ondanks bezwaren van het Parlement.

Hoe verklaart de Commissie dat zij uitvoeringshandelingen blijft vaststellen wanneer er een duidelijk gebrek aan steun is van de medewetgevers?

Zal de Commissie aan haar oorspronkelijke voorstel vasthouden voor de herziening van de comitéprocedureverordening en de algemene beginselen die van toepassing zijn op de wijze waarop de lidstaten de uitoefening van haar uitvoeringsbevoegdheden controleren?

Hoe denkt de Commissie de impasse in de Raad over deze kwesties te doorbreken?

Ingediend: 28/11/2019

Vervalt: 29/02/2020

Oorspronkelijke taal van de vraag: PT
Laatst bijgewerkt op: 6 december 2019Juridische mededeling - Privacybeleid