Parlementaire vragen
PDF 43kWORD 10k
27 april 2020
O-000033/2020
Vraag met verzoek om mondeling antwoord
aan de Raad
Artikel 136 van het Reglement
Marco Campomenosi
namens de ID-Fractie
 Betreft: Optreden van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) tijdens de COVID-19-epidemie

Het optreden van de WHO tijdens de COVID-19-epidemie komt steeds meer onder vuur te liggen: aanvankelijke onderschatting (bijvoorbeeld van de besmettelijkheid van het virus); laattijdige maatregelen (bijvoorbeeld het uitroepen van een noodsituatie op het gebied van de volksgezondheid van internationaal belang (PHEIC-status) en vervolgens het bestempelen van de uitbraak als pandemie); tegenstrijdige richtlijnen (bijvoorbeeld inzake het gebruik van individuele beschermingsmiddelen); al te toegeeflijk ten opzichte van het beleid van de Chinese overheid, ondanks het feit dat China verantwoordelijk was voor de verspreiding van het virus, ook al heeft de Chinese overheid een onhandige poging gedaan om de verantwoordelijkheid van zich af te schuiven en bij anderen te leggen, waaronder een lidstaat van de EU: Italië.

De WHO is met name bekritiseerd omdat de organisatie informatie over de oorsprong en de ontwikkeling van het virus in communicaties van China heeft gemist, hetgeen ertoe heeft bijgedragen dat er op mondiaal niveau te laat maatregelen zijn genomen. Bovendien wordt Taiwan nog altijd uitgesloten van het werk en de informatiekanalen van de WHO (de korte periode tussen 2009-2016 daargelaten). Een dergelijk isolement is moeilijk te verdedigen tijdens een pandemie.

In feite gaan de problemen binnen de WHO, op het vlak van doeltreffendheid, transparantie en geloofwaardigheid, jaren terug. In 2010 gaf de WHO toe dat zij fouten had gemaakt bij de aanpak van het H1N1-virus (Mexicaanse griep) door al te alarmistisch te reageren, hetgeen heeft geleid tot een overschot aan ongebruikte vaccins en vermoedens heeft doen rijzen over mogelijke connecties met enkele grote farmaceutische bedrijven. In 2015 gaf de organisatie toe te laat te hebben gereageerd op de ebola-epidemie die het jaar ervoor was uitgebroken in Guinee, Liberia en Sierra Leone.

Daarnaast zijn er twijfels gerezen over de geschiktheid van de huidige directeur-generaal van de WHO, Tedros Adhanom Ghebreyesus, voor zijn functie. Als minister van Volksgezondheid van Ethiopië kwam hij onder vuur te liggen voor zijn aanpak van de drie cholera-epidemieën die tijdens zijn mandaat uitbraken (2005-2012). Bovendien geven de nauwe politieke en economische banden met China, die door hem zijn aangehaald tijdens zijn periode als lid van de Ethiopische regering (2005-2016), te denken over de onpartijdigheid van zijn handelen.

1. Welke maatregelen is de Raad van plan te nemen, namens de regeringen van de lidstaten, met betrekking tot de WHO om de schade die de lidstaten hebben geleden als gevolg van het gebrekkige optreden van deze organisatie te verhalen?

2. Is de Raad van mening dat er genoeg aanleiding is om namens de regeringen van de lidstaten te vragen om het onmiddellijke vertrek van de heer Adhanom Ghebreyesus?

Ingediend: 27/04/2020

Vervalt: 28/07/2020

Oorspronkelijke taal van de vraag: IT
Laatst bijgewerkt op: 29 april 2020Juridische mededeling - Privacybeleid