Richtlijn 78/659/EEG — viswaterrichtlijn
11.1.2007
SCHRIFTELIJKE VRAAG P-0096/07
van Niels Busk (ALDE)
aan de Commissie
Ik zou van de Commissie graag antwoord hebben op de volgende vragen in verband met de wijze waarop de Deense regering richtlijn 78/659/EEG (de „viswaterrichtlijn”) uitvoert.
1. Is de Commissie het ermee eens dat de parameters van de viswaterrichtijn die in Bijlage I bij de richtlijn zijn vermeld ondanks hetgeen bepaald wordt in artikel 7, lid 3 van de richtlijn niet van toepassing zijn in een situatie waarin een nationale instantie maatregelen neemt tegen een bedrijf dat verontreiniging veroorzaakt?
2. Is de Commissie van mening dat het feit dat in de viswaterrichtlijn minimumeisen worden vastgesteld betekent dat het uitgesloten is dat een lidstaat van alle parameters in de richtlijn kan afwijken en in plaats daarvan andere kan toepassen, ongeacht de vraag of deze dan strenger moeten zijn dan de parameters van de richtlijn?
3. Is de Commissie van oordeel dat, als een lidstaat parameters vaststelt die niet voorkomen in de viswaterrichtlijn of Bijlage I daarvan, de voorwaarde geldt dat de lidstaat aantoont dat deze parameters strenger zijn?
4. Acht de Commissie het met de viswaterrichtlijn verenigbaar als een land besluit de in Bijlage I van de richtlijn vermelde parameters niet toe te passen en deze vervangt door andere die niet voorkomen in de viswaterrichtlijn of in Bijlage I daarvan, voorzover dit niet leidt tot een situatie waarin de lidstaat stelselmatig verontreinigingseffecten in een zodanige omvang toestaat dat de lidstaat de doelstellingen die hij overeenkomstig artikel 3 heeft vastgesteld, niet kan halen?
5. Is de Commissie in het algemeen van mening dat een lidstaat van een richtlijn kan afwijken, mits hierdoor de doelstellingen van de richtlijn niet stelselmatig opzij worden gezet?
PB C 293 van 05/12/2007