Terug naar het Europarl-portaal

Choisissez la langue de votre document :

  • bg - български
  • es - español
  • cs - čeština
  • da - dansk
  • de - Deutsch
  • et - eesti keel
  • el - ελληνικά
  • en - English
  • fr - français
  • ga - Gaeilge
  • hr - hrvatski
  • it - italiano
  • lv - latviešu valoda
  • lt - lietuvių kalba
  • hu - magyar
  • mt - Malti
  • nl - Nederlands (huidige pagina)
  • pl - polski
  • pt - português
  • ro - română
  • sk - slovenčina
  • sl - slovenščina
  • fi - suomi
  • sv - svenska
Parlementaire vragen
PDF 45kWORD 10k
20 juli 2020
P-004295/2020
Vraag met voorrang met verzoek om schriftelijk antwoord
aan de Commissie
Artikel 138 van het Reglement
Domènec Ruiz Devesa (S&D), Juan Fernando López Aguilar (S&D), Charles Goerens (Renew), Guy Verhofstadt (Renew), Sandro Gozi (Renew), Damian Boeselager (Verts/ALE)
 Betreft: Mogelijke inleiding van een inbreukprocedure tegen Duitsland

Op 5 mei 2020 heeft het Bundesverfassungsgericht (het Duitse federale constitutionele hof) een uitspraak gedaan over het besluit van de Europese Centrale Bank (ECB) van 4 maart 2015 inzake het aankoopprogramma voor de overheidssector. Het Hof van Justitie van de Europese Unie (HvJ-EU) had dit besluit in zijn arrest van 11 december 2018 gevalideerd. In weerwil van het arrest van het HvJ-EU oordeelde het Bundesverfassungsgericht op 5 mei 2020 dat de ECB haar juridische bevoegdheden heeft overschreden door geen rekening te houden met het evenredigheidsbeginsel (artikel 5 VEU) noch met de grenzen van het monetair beleid van de EU (artikel 119 VWEU).

Aangezien de uitspraak ingaat tegen een arrest van het HvJ-EU, maakt het Bundesverfassungsgericht zich schuldig aan een schending van de voorrang van het EU-recht, een van de basisbeginselen van de EU-rechtsstaat. Volgens ons moet de Commissie, als hoedster van de Verdragen, daarom een inbreukprocedure tegen Duitsland inleiden.

Op 9 mei 2020 liet de voorzitter van de Commissie, Ursula von der Leyen, aan EP-lid Sven Giegold weten dat de Commissie de uitspraak van het Bundesverfassungsgericht aan het onderzoeken was en zich over mogelijke verdere stappen beraadde, inclusief een eventuele inbreukprocedure.

1. Is de Commissie van plan een inbreukprocedure in te leiden?

2. Zo ja, wanneer?

Oorspronkelijke taal van de vraag: EN
Laatst bijgewerkt op: 28 juli 2020Juridische mededeling - Privacybeleid