Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : RC-B6-0342/2006

Ingediende teksten :

RC-B6-0342/2006

Debatten :

PV 15/06/2006 - 14.2
CRE 15/06/2006 - 14.2

Stemmingen :

PV 15/06/2006 - 18.2
CRE 15/06/2006 - 18.2

Aangenomen teksten :


GEZAMENLIJKE ONTWERPRESOLUTIE
PDF 97kWORD 57k
14.6.2006
PE 374.621v01-00}
PE 374.629v01-00}
PE 374.639v01-00}
PE 374.644v01-00}
PE 374.649v01-00}
PE 374.652v01-00} RC1
 
B6‑0342/2006}
B6‑0350/2006}
B6‑0360/2006}
B6‑0365/2006}
B6‑0370/2006}
B6‑0372/2006} RC1
ingediend overeenkomstig artikel 115, lid 5 van het Reglement door
   Jana Hybášková, Charles Tannock, Bernd Posselt en Bogusław Sonik, namens de PPE-DE-Fractie
   Pasqualina Napoletano en Véronique De Keyser, namens de PSE-Fractie
   Annemie Neyts-Uyttebroeck, Cecilia Malmström, Marios Matsakis, Frédérique Ries en Anneli Jäätteenmäki, namens de ALDE-Fractie
   Cem Özdemir en Hélène Flautre, namens de Verts/ALE-Fractie
   Vittorio Agnoletto, namens de GUE/NGL-Fractie
   Cristiana Muscardini, namens de UEN-Fractie
ter vervanging van de ontwerpresoluties ingediend door de volgende fracties:
   ALDE (B6‑0342/2006)
   PSE (B6‑0350/2006)
   GUE/NGL (B6‑0360/2006)
   PPE-DE (B6‑0365/2006)
   Verts/ALE (B6‑0370/2006)
   UEN (B6‑0372/2006)
over Syrië

Resolutie van het Europees Parlement over Syrië 

Het Europees Parlement,

–  onder verwijzing naar zijn vroegere resoluties over Syrië, meer bepaald die van 8 september 2005,

–  gezien de euro-mediterrane overeenkomst, die door de Europese Unie en Syrië ondertekend is, meer in het bijzonder artikel 2, dat bepaalt dat de partijen zich in hun binnen- en buitenlandse beleidsvoering laten leiden door eerbied voor de demokratische princiepen en de grondrechten, die een wezenlijk bestanddeel van de overeenkomst vormen,

–  gezien de verklaring van 28 november 1995 over het proces van Barcelona en de prioriteit voor betere eerbiediging van de rechten van de mens,

–  gezien de politieke prioriteiten van de voorzitter van de euro-mediterrane parlementaire vergadering in 2005, namelijk uitbreiding van de dialoog over de rechten van de mens met de parlementen van de partnerlanden,

–  gezien de mededeling van de Europese Commissie naar aanleiding van de 10de verjaardag van het proces van Barcelona en de doelstellingen voor de komende 5 jaar, vooral om zich toe te leggen op aangelegenheden als de verdediging van de rechten van de mens,

–  gezien zijn verslag over de 10de verjaardag van het proces van Barcelona,

–  gezien de EU-beleidskeuzen tegenover derde landen in verband met de doodstraf (1998), foltering en andere vormen van wrede, onmenselijke en vernederende behandeling (2001), de dialoog over de rechten van de mens met derde landen (2001) en de verdedigers van de rechten van de mens (2004),

–  gezien de verklaring van 19 mei 2006 van het voorzitterland van de Europese Unie over de recente aanhoudingen in Syrië,

–  gelet op artikel 11, lid 1 van het verdrag over de Europese Unie en artikel 177 van het EG-verdrag, die de verdediging van de rechten van de mens tot doelstelling van het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid verklaren,

–  gelet op artikel 115, lid 5 van zijn Reglement,

A.  gezien de belangrijke politieke, ekonomische en kulturele verbindingen tussen de Europese Unie en Syrië;

B.  overwegende dat de huidige president Bashar al-Assad toen hij aan de macht gekomen is, in Syrië enige hoop gewekt heeft en het Syrisch politiek systeem, dat vele jaren lang door de Baath-partij beheerst is, enigszins geopend heeft;

C.  overwegende dat het Europees Parlement en zijn voorzitter al meerdere malen tussenbeide gekomen zijn om de vrijlating van parlementsleden te verkrijgen die in Syrische gevangenissen opgesloten zaten, en dat de Europese Voorzitter de Syrische regering op 19 mei 2006 gevraagd heeft om de vrijheid van meningsuiting en vergadering, zoals neergelegd in het internationaal handvest van de politieke en burgerrechten, dat door Syrië in 1969 geratificeerd is, zonder beperkingen te eerbiedigen;

D.  overwegende dat er in mei van dit jaar berichten over arrestatie en foltering van verschillende burgerrechtactivisten geweest zijn, die een petitie voor betere Syrisch-Libanese betrekkingen volgens resolutie 1680 van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties getekend hadden ; het gaat o.a. om de advocaat Anwar al-Bunni en de schrijver Michel Kilo, en anderen als Khalil Hoessein, dr. Safwan Tayfour, Mahmoud Issa, Fateh Jammous, prof. Suleiman Achmar, Nidal Derwiche, Suleiman Shummor, Ghalem Amer, Muhammad Mahfud en Mahmoud Meri'i;

E.  overwegende dat de advokaat Anwar al-Bunni, die gespecialiseerd is in mensenrechtenzaken, in Damascus op straat aangehouden is op het ogenblik dat hij directeur van een centrum voor de rechten van de mens zou worden dat door de Europese Unie gefinancierd wordt;

F.  overwegende dat internationale ngo's al in november van vorig jaar de arrestatie en het gevaar voor foltering van de vreedzame actievoerder Kamal al-Labwani gemeld hebben, die nu gevaar loopt om tot levenslange gevangenisstraf veroordeeld te worden omdat hij zijn meningen bekend gemaakt heeft;

G.  overwegende dat de Syrische autoriteiten volgens berichten de laatste twee maanden ook grote aantallen journalisten en burgerrechtactivisten gearresteerd hebben;

H.  overwegende dat de golf van arrestaties als directe represaille voor de verspreiding van een petitie bedoeld is, op 12 mei 2006, die door ongeveer 500 personen ondertekend is en oproept tot normalisering van de betrekkingen tussen Syrië en Libanon - een bijzonder belangrijke petitie, omdat ze een gezamenlijk initiatief van Syrische en Libanese intellectuelen en verdedigers van de rechten van de mens is en de eerste in haar soort;

I.  overwegende dat de commissie voor de rechten van de mens van de Verenigde Naties vorig jaar haar bezorgdheid uitgesproken heeft over de hinderpalen die in Syrië voor registratie en het vrij functioneren van niet goevernementele organisaties voor de rechten van de mens opgeworpen worden, en de intimidatie en plagerijen waar verdedigers van de rechten van de mens aan blootgesteld staan;

J.  overwegende dat Syrië met uitzonderingswetten geregeerd wordt, die 43 jaar geleden ingevoerd zijn en gebruikt worden om de schendingen van de rechten van de mens te rechtvaardigen;

1.  dringt er bij de Syrische autoriteiten op aan om alle actievoerders vrij te laten die nog opgesloten zitten omdat ze een petitie voor betere Syrisch-Libanese relaties ondertekend hebben;

2.  dringt er verder ook bij de Syrische autoriteiten op aan om alle zaken van politieke gevangenen te herzien en onmiddellijk alle gevangenen vrij te laten die omwille van hun mening opgesloten zitten, en:

   (a)om ervoor te zorgen dat de gedetineerden goed behandeld en niet aan foltering en andere vormen van mishandeling onderworpen worden;
   (b)om te zorgen dat gedetineerden of gevangenen onmiddellijk, regelmatig en onbeperkt contact met hun advokaten, dokters en familie kunnen hebben;

3.  vraagt de Syrische autoriteiten om het verdrag tegen het martelen en andere vormen van wrede, onmenselijke of vernederende behandeling te ratificeren;

4.  verleent zijn krachtige steun voor de verklaring van 19 mei 2006 van het voorzitterland namens de Europese unie over de recente arrestaties in Syrië;

5.  wijst erop dat eerbied voor de rechten van de mens een levensbelangrijk bestanddeel van elke toekomstige associatie-overeenkomst tussen de Europese Unie en Syrië vormt en vraagt Syrië om zijn toezeggingen in het kader van het proces van Barcelona en in de lijn van het Europees nabuurschapsbeleid gestand te doen;

6.  stelt nogmaals dat de Europese Commissie en de Raad tot het uiterste moeten gaan om te zorgen dat de associatie-overeenkomst met Syrië, die nog niet ondertekend is, tot verbetering van de toestand van de rechten van de mens in Syrië leidt;

7.  vraagt de Europese Commissie om de toestand van de rechten van de mens in Syrië en de nakoming van de verplichtingen van de euro-mediterrane overeenkomst door Syrië jaarlijks te evalueren en over haar bevindingen verslag uit te brengen in het kader van het euro-mediterraan partnerschap;

8.  verzoekt zijn Voorzitter om deze resolutie te laten toekomen aan de Raad, de Commissie, de Syrische regering en het Syrisch parlement.

Juridische mededeling - Privacybeleid