Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : RC-B6-0206/2007

Ingediende teksten :

RC-B6-0206/2007

Debatten :

PV 24/05/2007 - 14.1
CRE 24/05/2007 - 14.1

Stemmingen :

Aangenomen teksten :


GEZAMENLIJKE ONTWERPRESOLUTIE
PDF 97kWORD 54k
23.5.2007
PE 389.528v01-00}
PE 389.545v01-00}
PE 389.553v01-00} RC1
 
B6‑0206/2007}
B6‑0223/2007}
B6‑0231/2007} RC1
ingediend overeenkomstig artikel 115, lid 5 van het Reglement door
   Fernando Fernández Martín, Daniel Hannan, Sérgio Marques, José Ribeiro e Castro, Bogusław Sonik, Charles Tannock, Zuzana Roithová en Bernd Posselt, namens de PPE-DE-Fractie
   Jean-Marie Cavada, Sarah Ludford en Marios Matsakis, namens de ALDE-Fractie
   Roberta Angelilli, Mieczysław Edmund Janowski, Wojciech Roszkowski, Marcin Libicki en Bogusław Rogalski, namens de UEN-Fractie
ter vervanging van de ontwerpresoluties ingediend door de volgende fracties:
   PPE-DE (B6‑0206/2007)
   ALDE (B6‑0223/2007)
   UEN (B6‑0231/2007)
over Venezuela

Resolutie van het Europees Parlement over Venezuela 

Het Europees Parlement,

- gelet op artikel 115, lid 5 van zijn Reglement,

A.  overwegende dat pluralisme in de media en vrijheid van meningsuiting een onmisbare pijler van de democratie vormen,

B.  overwegende dat de vrijheid van de media van het allergrootste belang is voor democratie en inachtneming van fundamentele vrijheden, gezien de fundamentele rol die zij speelt bij het waarborgen van de vrijheid van meningsuiting en van ideeën, en bij het leveren van een bijdrage aan een doeltreffende participatie van mensen in democratische processen,

C.  overwegende dat de niet-verlenging van de zendvergunning van de particuliere audiovisuele groep Radio Caracas Televisión (RCTV), die op 27 mei 2007 afloopt, deze mediagroep, waarbij 3000 personen werkzaam zijn, mogelijk in haar bestaan bedreigt,

D.  overwegende dat door het niet-verlengen van de zendvergunning van deze audiovisuele mediaorganisatie, een van de oudste en belangrijkste van Venezuela, een groot deel van het publiek wordt beroofd van een pluralistische informatievoorziening, en dat een en ander in strijd is met het recht van de pers om zijn rol als tegenkracht te spelen,

E.  overwegende dat de president van Venezuela, Hugo Chávez, heeft aangekondigd de zendvergunning van een van de belangrijkste televisiestations van het land, Radio Caracas Televisión (RCTV), niet te zullen verlengen, en overwegende dat deze vergunning op 27 mei 2007 afloopt,

F.  overwegende dat Radio Caracas Televisión (RCTV), gezien de verklaringen van de regering van Venezuela, de enige mediaorganisatie is die door deze maatregel van niet-verlenging van een vergunning wordt getroffen,

G.  overwegende dat de artikelen 57 en 58 van de grondwet van Venezuela de vrijheid van meningsuiting, communicatie en informatie waarborgen,

H.  overwegende dat Venezuela het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten, het Internationaal Verdrag inzake economische, sociale en culturele rechten en het Amerikaanse Verdrag inzake de rechten van de mens heeft ondertekend,

I.  overwegende dat het Hooggerechtshof, waarbij RCTV beroep heeft aangetekend, zich niet heeft gehouden aan de wettelijke termijn voor het nemen van een besluit,

J.  overwegende dat de feiten waarvan de directie van RCTV wordt beschuldigd onderwerp moeten zijn van een gewone gerechtelijke procedure, wanneer de autoriteiten dat noodzakelijk achten,

K.  overwegende dat dit besluit eind december door het staatshoofd zelf openbaar is gemaakt, waarmee een alarmerend precedent is geschapen met betrekking tot de vrijheid van meningsuiting in dit land,

1.  wijst de regering van de Bolivariaanse Republiek Venezuela erop dat zij zich moet houden aan en moet zorgen voor de naleving van de vrijheid van meningsuiting, de vrijheid van opinie en de vrijheid van pers, zoals haar wordt opgelegd door haar eigen Grondwet, het Inter-Amerikaans Democratisch Handvest, het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten en het Amerikaanse Verdrag inzake de rechten van de mens waarvan zij ondertekenaar is;

2.  verzoekt de regering van Venezuela in naam van het beginsel van onpartijdigheid van de staat, waarborgen te bieden voor een gelijke rechtsbehandeling van alle media, publiek en privaat, los van elke politieke of ideologische overweging;

3.  roept op tot dialoog tussen de regering en de particuliere media van Venezuela, maar betreurt ten zeerste dat er aan de zijde van de autoriteiten van Venezuela in het algemeen en met name in het geval van RCTV geen enkele bereidheid tot dialoog bestaat;

4.  verzoekt de delegaties en de bevoegde commissies van het Europees Parlement derhalve zich met dit vraagstuk bezig te houden;

5.  verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad en de Commissie, alsmede aan de secretaris-generaal van de Organisatie van Amerikaanse Staten (OAS), de Parlementaire Vergadering Eurolat, het Mercosur-Parlement en de regering van de Bolivariaanse Republiek Venezuela.

Juridische mededeling - Privacybeleid