Procedure : 2008/2697(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : RC-B6-0630/2008

Ingediende teksten :

RC-B6-0630/2008

Debatten :

PV 18/12/2008 - 13.3
CRE 18/12/2008 - 13.3

Stemmingen :

PV 18/12/2008 - 14.3
CRE 18/12/2008 - 14.3

Aangenomen teksten :

P6_TA(2008)0642

GEZAMENLIJKE ONTWERPRESOLUTIE
PDF 104kWORD 67k
17.12.2008
PE416.118
PE416.120
PE416.124
PE416.129
PE416.133
PE416.134
 
B6‑0630/2008}
B6‑0632/2008}
B6‑0636/2008}
B6‑0641/2008}
B6‑0645/2008}
B6‑0646/2008} RC1
ingediend overeenkomstig artikel 115, lid 5, van het Reglement door
   Tunne Kelam, Bernd Posselt, Zbigniew Zaleski, Tadeusz Zwiefka, Michael Gahler, Edward McMillan-Scott, Eija-Riitta Korhola, Charles Tannock en Christopher Beazley, namens de PPE-DE-Fractie
   Pasqualina Napoletano, Jan Marinus Wiersma, Hannes Swoboda, Kristian Vigenin en Józef Pinior, namens de PSE-Fractie
   Toomas Savi, Marco Cappato, Marios Matsakis, Henrik Lax, Jeanine Hennis-Plasschaert, Marielle De Sarnez en Janusz Onyszkiewicz, namens de ALDE-Fractie
   Bart Staes, Hélène Flautre, Rebecca Harms, Milan Horáček en Marie Anne Isler Béguin, namens de Verts/ALE-Fractie
   Ryszard Czarnecki, Inese Vaidere, Ģirts Valdis Kristovskis, Guntars Krasts, Roberts Zīle, Hanna Foltyn-Kubicka, Ewa Tomaszewska en Adam Bielan, namens de UEN-Fractie
   Vittorio Agnoletto, namens de GUE/NGL-Fractie
–   Kathy Sinnott, namens de IND/DEM-Fractie
ter vervanging van de ontwerpresoluties ingediend door de volgende fracties:
   ALDE (B6‑0630/2008)
   PSE (B6‑0632/2008)
   GUE/NGL (B6‑0636/2008)
   Verts/ALE (B6‑0641/2008)
   PPE-DE (B6‑0645/2008)
   UEN (B6‑0646/2008)
over aanvallen op mensenrechtenactivisten in Rusland en het proces over de moord op Anna Politkovskaja

Resolutie van het Europees Parlement over aanvallen op mensenrechtenactivisten in Rusland en het proces over de moord op Anna Politkovskaja 

Het Europees Parlement,

–  onder verwijzing naar zijn eerdere resoluties over Rusland, in het bijzonder zijn resolutie van 25 oktober 2006 over de moord op de Russische journaliste Anna Politkovskaja(1) en zijn resolutie van 19 juni 2008 over de topconferentie EU-Rusland van 26-27 juni 2008 in Khanty-Mansiisk(2),

–  gezien de partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Unie en de Russische Federatie, die van kracht is geworden in 1997 en verlengd is tot ze wordt vervangen door een nieuwe overeenkomst,

–  gezien de lopende onderhandelingen over een nieuwe overeenkomst die een nieuw globaal kader moet bieden voor de betrekkingen tussen de EU en Rusland, en gezien de hervatting van deze onderhandelingen tijdens de laatste top EU-Rusland in november 2008,

–  gezien de verklaring van het voorzitterschap van de Raad van de Europese Unie over de huiszoeking in het kantoor van de organisatie "Memorial" in Sint-Petersburg op 4 december 2008,

–  gezien het verslag uit 2008 van het Bureau voor Democratische Instellingen en Mensenrechten (ODIHR) over mensenrechtenactivisten,

–  gelet op artikel 115, lid 5, van zijn Reglement,

A.  overwegende dat Rusland lid is van de Raad van Europa en van de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE) en zich heeft verplicht tot volledige eerbiediging van de mensen- en burgerrechten,

B.  overwegende dat er grote ongerustheid heerst over de situatie van mensenrechtenactivisten en over de moeilijkheden waarmee ngo's die zich inzetten voor de bevordering van de mensenrechten, te maken krijgen,

C.  overwegende dat het Europese Hof voor de rechten van de mens in Straatsburg talrijke klachten heeft ontvangen van Russische burgers, en in zijn uitspraken melding maakt van gevallen van ernstige schendingen van de mensenrechten en van willekeur in het optreden van de Russische overheidsinstanties,

D.  overwegende dat Otto Messmer, overste van de Russische jezuïetenorde, en Victor Betancourt, een priester uit Ecuador, op 28 oktober op brutale wijze zijn vermoord in hun appartement in Moskou,

E.  overwegende dat Karinna Moskalenko, een vooraanstaand mensenrechtenadvocate die met succes dertig Russische burgers heeft vertegenwoordigd voor het Europese Hof voor de rechten van de mens in Straatsburg, half oktober 2008 het slachtoffer is geworden van een poging tot vergiftiging door middel van een hoeveelheid kwik die in Straatsburg in haar auto was achtergelaten,

F.  overwegende dat Magomed Jevlojev, eigenaar van een onafhankelijke Ingoesjetische website, op 31 augustus 2008 om het leven is gebracht terwijl hij zich in politiehechtenis bevond,

G.  overwegende dat er tussen juli en oktober 2008 aangifte is gedaan van talrijke aanslagen op het leven van mensenrechtenverdedigers, onder wie Ingoesjetisch oppositieleider Achmed Kotijev, Ingoesjetisch mensenrechtenverdediger Zoerab Tsechojev, mensenrechtenactivist Dimitrij Krajoechin uit de stad Orjol en mensenrechtenactivist Stanislav Dmitrijevski uit Nizjnij Novgorod,

H.  overwegende dat gemaskerde mannen op 4 december 2008 in opdracht van de Russische algemene openbare aanklager het kantoor zijn binnengevallen van het onderzoeks- en informatiecentrum "Memorial" in Sint-Petersburg, dat sinds twintig jaar onderzoek doet naar de stalinistische repressie in de voormalige Sovjetunie; overwegende dat tijdens de inval harde schijven en cd's werden meegenomen met de gegevens van duizenden slachtoffers; overwegende dat er geen inventaris bestaat van de in beslag genomen informatie; overwegende dat de advocaten van "Memorial" de toegang tot het gebouw werd verhinderd,

I.  overwegende dat het strafrechtelijk onderzoek en het proces van de moord op journaliste Anna Politkovskaja ernstige twijfels doen rijzen inzake transparantie en eerbiediging van de rechtsstaat; overwegende dat deze brutale moord nog altijd niet volledig is onderzocht, noch op bevredigende wijze opgelost,

J.  overwegende dat de Russische autoriteiten nog altijd niet wil meewerken aan het onderzoek van de vergiftiging van Alexander Litvinenko met radioactief polonium in London,

K.   overwegende dat een door Garry Kasparovs oppositiepartij "Een Ander Rusland" georganiseerde protestdemonstratie tegen het Kremlin op 14 december 2008 in Moskou op brutale wijze is verhinderd door de politie, die demonstranten vastgreep en in vrachtwagens sleurde; overwegende dat ongeveer 100 demonstranten werden gearresteerd,

L.  overwegende dat 17 Russische mensenrechtengroeperingen de EU op 3 december 2008 in Wenen hebben gevraagd om de rol van het overleg over de mensenrechten tussen de EU en Rusland dringend verder te vergroten en om de meest dringende gevallen aan te kaarten op de topbijeenkomsten van de EU en Rusland,

1.   veroordeelt ten zeerste de aanvallen op mensenrechtenactivisten in Rusland, met inbegrip van advocaten die de rechten van de burger vertegenwoordigen, en vraagt dat de Russische overheid hun fysieke integriteit op alle niveaus beschermt en waarborgt;

2.   wijst erop dat de rechten van de mens, de rechtsstaat en de democratie centraal moeten blijven staan in de verdere ontwikkeling van de betrekkingen tussen de EU en Rusland; onderstreept het belang van een continue gedachtewisseling met Rusland over de mensenrechten als onderdeel van het overleg over de mensenrechten tussen de EU en Rusland, en vraagt dat het model van deze vergaderingen wordt verbeterd, zodat de relevante ministeries, de rechterlijke macht en vertegenwoordigers van het Russische maatschappelijke middenveld bij deze bijeenkomsten worden betrokken;

3.   is van mening dat de eerbiediging van de mensenrechten, de democratie en de rechtsstaat integraal deel moet uitmaken van de nieuwe kaderovereenkomst waarover momenteel wordt onderhandeld;

4.   dringt er bij de Russische autoriteiten op aan alle jurisprudentie van het Europees Hof voor de rechten van de mens na te leven en het protocol over de hervorming van deze instantie onverwijld te ratificeren; verzoekt de Russische Federatie eveneens met klem het aanvullend protocol 14 bij het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens te ratificeren;

5.   keurt de huiszoeking in het gebouw van de organisatie "Memorial" in Sint-Petersburg op 4 december 2008 af; vraagt de Russische autoriteiten en de algemene openbare aanklager van Sint-Petersburg de elf harde schijven en de cd's die uit het gebouw werden weggehaald tijdens een politie-inval op 3 december 2008 en waarop uiterst kostbare informatie staat over ruim 50 000 slachtoffers van de stalinistische repressie, ogenblikkelijk terug te geven aan het onderzoeks- en informatiecentrum "Memorial";

6.  vestigt de aandacht op de toename van xenofobie en homofobie - volgens het Bureau voor de mensenrechten in Moskou zijn in 2008 meer dan honderd mensen omgebracht op grond van hun ras, nationaliteit, religie of seksuele voorkeur - en op het feit dat de Russische autoriteiten nalaten dergelijke haatmisdrijven daadwerkelijk te veroordelen;

7.  stelt bezorgd vast dat er recentelijk pogingen zijn gedaan om het stalinistische regime te rehabiliteren, en benadrukt dat Rusland pas een echte democratie kan worden als het land in het reine is gekomen met zijn tragische verleden;

8.  is gealarmeerd door de moordpoging op mensenrechtenadvocate Karinna Moskalenko en haar gezin in oktober 2008 en doet een beroep op zowel de Franse als de Russische overheid om de identiteit en de motieven van de daders te achterhalen;

9.  is van mening dat mensenrechtenactivisten die zaken van vermeende mensenrechtenschendingen verdedigen en aanzienlijke persoonlijke risico's nemen door hun taak te blijven uitvoeren, het grootste respect verdienen en moeten kunnen rekenen op de bescherming van de staat en de steun van de internationale gemeenschap;

10.   blijft uiterst verontrust over de wetgeving inzake extremisme, die invloed kan hebben op de vrije informatieverspreiding en ertoe kan leiden dat de Russische autoriteiten het recht op vrije meningsuiting van mensenrechtenactivisten nog verder inperken;

11.   stelt vast dat er twee jaar is verstreken sinds de moord op de Russische onafhankelijke journaliste Anna Politkovskaja, die een symbool is geworden voor de persvrijheid; vestigt de aandacht op zijn resolutie van 25 oktober 2006 en brengt hulde aan de moed en het werk van deze eerlijke en gewetensvolle vrouw voor wiens levenswerk blijvende steun en erkenning nodig is;

12.   geeft uiting aan zijn ongenoegen over het feit dat het proces alleen kan worden bijgewoond door een beperkt aantal journalisten, waaronder geen enkele televisiereporter; verzoekt de rechtbank om het besluit van de jury onvoorwaardelijk te respecteren en het proces open te stellen voor alle journalisten en media; verwacht dat de rechtbank niet alleen achterhaalt wie Anna Politkovskaja heeft gedood of helpen doden, maar ook wie de opdracht tot de moord heeft gegeven;

13.   toont zich verheugd over de oprichting in 2006 van het contactpunt van de ODIHR voor verdedigers van de mensenrechten, dat toezicht houdt op de situatie van mensenrechtenverdedigers in de OVSE; spoort de EU-instellingen er ten zeerste toe aan hun steun aan mensenrechtenverdedigers om te zetten in de praktijk door in elk van de drie instellingen een contactpunt op te richten voor mensenrechtenverdedigers, zodat de acties van de instellingen beter worden afgestemd op die van de andere internationale en Europese organisaties;

14.   geeft uiting aan zijn bezorgdheid over de aanhoudende en grootschalige misbruiken tegen dienstplichtigen in het Russische leger en vraagt de Russische autoriteiten om te onderzoeken wie hiervoor verantwoordelijk is, de verantwoordelijken te vervolgen, misbruik binnen het leger met wortel en al uit te roeien en zich vastbesloten te tonen om de heersende gewoonten te moderniseren;

15.   verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie, de regeringen en parlementen van de lidstaten, de regering en het parlement van de Russische Federatie, de OVSE en de Raad van Europa.

(1) PB C 313 E van 20.12.2006, p. 271.
(2) Aangenomen teksten, P6_TA(2008)0309.

Juridische mededeling - Privacybeleid