Gezamenlijke ontwerpresolutie - RC-B7-0233/2010Gezamenlijke ontwerpresolutie
RC-B7-0233/2010

GEZAMENLIJKE ONTWERPRESOLUTIE over de komende top EU-Canada op 5 mei 2010

28.4.2010

ingediend overeenkomstig artikel 110, lid 4, van het Reglement
ter vervanging van de ontwerpresoluties ingediend door de fracties:
S&D (B7‑0233/2010)
PPE, ALDE, ECR (B7‑0234/2010)

Elisabeth Jeggle namens de PPE-Fractie
Ioan Enciu namens de S&D-Fractie
Wolf Klinz namens de ALDE-Fractie
Philip Bradbourn namens de ECR-Fractie


Procedure : 2010/2549(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus :  
RC-B7-0233/2010
Ingediende teksten :
RC-B7-0233/2010
Aangenomen teksten :

Resolutie van het Europees Parlement over de komende top EU-Canada op 5 mei 2010

Het Europees Parlement,

–   gezien de onderhandelingen over een allesomvattende economische en handelsovereenkomst die van start zijn gegaan tijdens de top EU-Canada op 6 mei 2009 in Praag,

–   onder verwijzing naar zijn resolutie van 9 februari 2010 over een herzien kaderakkoord tussen het Europees Parlement en de Commissie voor de volgende zittingsperiode,

–   gezien de geslaagde 32ste interparlementaire bijeenkomst van de Delegatie voor de betrekkingen met Canada in november 2009 in Brussel,

–   gelet op de goedkeuringsprocedure, zoals bedoeld in artikel 218 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–   gelet op artikel 110, lid 4, van zijn Reglement,

A. overwegende dat Canada al sinds 1959 officiële betrekkingen met de EU onderhoudt, hetgeen dit land tot een van de oudste en naaste partners van de Unie maakt,

B.  overwegende dat de lopende onderhandelingen over een allesomvattende economische en handelsovereenkomst de betrekkingen tussen de EU en Canada kunnen versterken,

C. overwegende dat Canada in 2010 voorzitter is van de G8 en als gastland optreedt voor de volgende G20-top,

D. overwegende dat tijdens de komende top EU-Canada op 5 mei 2010 in Brussel naar verwachting de aandacht zal uitgaan naar de versterking van de nu al hechte politieke verhouding tussen beide partners, en in het bijzonder naar gemeenschappelijke uitdagingen zoals de onderhandelingen over een allesomvattende economische en handelsovereenkomst; uitdagingen ten aanzien van het buitenlands en veiligheidsbeleid, met name inzake Afghanistan en Pakistan; een gemeenschappelijke koers met betrekking tot Iran; de non-proliferatie van kernwapens; Haïti en de follow-up van de donorconferentie in New York; ontwikkelingssamenwerking; een gecoördineerde reactie op de financiële en economische crisis; klimaatverandering en energie en vorderingen in de Doha-onderhandelingsronde over de wereldhandel,

E.  overwegende dat de EU en Canada gemeenschappelijke waarden delen alsook de sterke overtuiging dat voor het aangaan van grote uitdagingen multilaterale samenwerking vereist is,

1.  is ingenomen met de verklaring van de Commissie waarin vorderingen in de onderhandelingen over een allesomvattende economische en handelsovereenkomst worden aangemerkt als een essentieel onderdeel van de economische betrekkingen tussen de EU en Canada; is in dit verband van mening dat de top EU-Canada op 5 mei 2010 in Brussel een goede gelegenheid vormt om deze onderhandelingen te bespoedigen;

2.  wijst op de soliditeit van de Canadese economie tijdens de economische crisis, in het bijzonder die van het bankwezen; verklaart zich bereid om in het kader van de G20 nauw met Canada samen te werken om tot een gecoördineerde wereldwijde aanpak inzake fiscale stimulansen en fiscale consolidatie te komen, en meent dat de kwestie van de invoering van een bankheffing of transactiebelasting op wereldniveau een van de prioritaire onderwerpen moet vormen tijdens de volgende G20-top in Toronto;

3.  constateert dat zowel Canada als de EU zich volledig willen inzetten voor een gecoördineerde, samenhangende en allesomvattende benadering om te voldoen aan de behoeften van Haïti op de korte en middellange termijn, alsmede voor de opbouw van een nieuw Haïti dat beantwoordt aan de gerechtvaardigde en reeds lang gekoesterde idealen van het Haïtiaanse volk voor hun land, waarbij zij ervoor zorgen dat Haïti meester blijft over het proces van wederopbouw;

4.  is verheugd over het voornemen dat is uitgesproken tijdens de recente troonrede in het Canadese parlement, om de Canadese telecommunicatiesector open te stellen voor buitenlandse concurrenten;

5.  is eveneens verheugd over het voornemen om een grootschalige hervorming van het beheersysteem van de Canadese visserijsector door te voeren, waarbij ook de Visserijorganisatie voor het noordwestelijk deel van de Atlantische Oceaan betrokken wordt;

6.  toont zich andermaal verontrust over de visumplicht die Canada nog steeds oplegt aan burgers van de Tsjechische Republiek, Roemenië en Bulgarije en vraagt dat deze plicht zo snel mogelijk wordt ingetrokken; merkt op dat de Canadese regering de visumplicht voor Tsjechische burgers heeft ingevoerd naar aanleiding van de toestroom van Roma naar Canada, en dringt bij de lidstaten derhalve aan op een gepaste aanpak van de situatie van de Roma in Europa; is in dit verband ingenomen met de opening van een visumkantoor in de Canadese ambassade te Praag en de oprichting van een werkgroep van deskundigen voor deze kwestie, en hoopt dat de aangekondigde grondige herziening van het Canadese vluchtelingensysteem zal leiden tot intrekking van de visumplicht;

7.  benadrukt dat de EU en Canada zich verbinden tot de totstandbrenging van een koolstofarme, veilige en duurzame wereldeconomie, en tot een verbetering van het vermogen tot aanpassing aan de gevolgen van de klimaatverandering; onderstreept het belang van continue discussies over milieukwesties in het kader van de milieudialoog op hoog niveau tussen de EU en Canada, inclusief over maritieme samenwerking en samenwerking ten aanzien van milieu en energie in het Noordpoolgebied; is verheugd over de in de recente troonrede gedane toezegging van Canada om te investeren in schone energietechnologieën, zijn plaats als schone energiemacht te bestendigen en een voortrekkersrol te vervullen bij het creëren van groene banen;

8.  herinnert de Raad en de Commissie eraan dat het Europees Parlement na de inwerkingtreding van het Verdrag van Lissabon zijn goedkeuring moet hechten aan internationale overeenkomsten en volledig betrokken moet worden bij alle etappes van de procedure, en kijkt uit naar een spoedige verklaring van de Commissie over de manier waarop zij deze vereiste wil respecteren;

9.  feliciteert het organiserend comité van Vancouver (VANOC) met het welslagen van de Olympische en Paralympische Winterspelen van 2010;

10. merkt op dat de bevoegdheid voor de betrekkingen tussen de EU en Canada uitsluitend bij de federale autoriteiten berust, maar moedigt de deelname van de provincies en territoria aan de onderhandelingen betreffende een allesomvattende economische en handelsovereenkomst en aan bepaalde andere aspecten van de betrekkingen tussen de EU en Canada aan;

11. verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie, het fungerend voorzitterschap van de EU, de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid/vicevoorzitter van de Commissie, en de Canadese regering.