Procedure : 2015/2711(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : RC-B8-0469/2015

Ingediende teksten :

RC-B8-0469/2015

Debatten :

PV 21/05/2015 - 5.2
CRE 21/05/2015 - 5.2

Stemmingen :

PV 21/05/2015 - 7.2

Aangenomen teksten :

P8_TA(2015)0211

GEZAMENLIJKE ONTWERPRESOLUTIE
PDF 145kWORD 202k
20.5.2015
PE555.250v01-00}
PE555.251v01-00}
PE555.253v01-00}
PE555.258v01-00}
PE555.261v01-00}
PE555.263v01-00}
PE555.265v01-00} RC1
 
B8-0469/2015}
B8-0470/2015}
B8-0472/2015}
B8-0477/2015}
B8-0480/2015}
B8-0482/2015}
B8-0484/2015} RC1

ingediend overeenkomstig artikel 135, lid 5, en artikel 123, lid 4, van het Reglement

ter vervanging van de ontwerpresoluties ingediend door de fracties:

EFDD (B8‑0469/2015)

Verts/ALE (B8‑0470/2015)

ALDE (B8‑0472/2015)

ECR (B8‑0477/2015)

GUE/NGL (B8‑0480/2015)

PPE (B8‑0482/2015)

S&D (B8‑0484/2015)


over het lot van Rohingya-vluchtelingen, met inbegrip van massagraven in Thailand (2015/2711(RSP))


Cristian Dan Preda, Jeroen Lenaers, Elmar Brok, David McAllister, Claude Rolin, Bogdan Brunon Wenta, Jiří Pospíšil, Marijana Petir, Davor Ivo Stier, Therese Comodini Cachia, Andrej Plenković, Csaba Sógor, Giovanni La Via, Tomáš Zdechovský, Jarosław Wałęsa, Eduard Kukan, József Nagy, Ivan Štefanec, Tunne Kelam, Monica Macovei, Pavel Svoboda, Dubravka Šuica, Michaela Šojdrová, Jaromír Štětina, Brian Hayes, Roberta Metsola, Ramona Nicole Mănescu, Tadeusz Zwiefka, Ildikó Gáll-Pelcz, Joachim Zeller, László Tőkés, Seán Kelly, Stanislav Polčák, Ivana Maletić, Michael Gahler, Andrzej Grzyb, Barbara Kudrycka, Ivo Belet, Elisabetta Gardini namens de PPE-Fractie
Josef Weidenholzer, Victor Boştinaru, Richard Howitt, Marc Tarabella, Elena Valenciano, Ana Gomes, Pier Antonio Panzeri, Liisa Jaakonsaari, Kati Piri, David Martin, Agnes Jongerius, Jude Kirton-Darling, Miriam Dalli, Krystyna Łybacka, Viorica Dăncilă, Victor Negrescu, Tibor Szanyi, Theresa Griffin, Michela Giuffrida, Siôn Simon, Doru Claudian Frunzulică, Hugues Bayet, Miroslav Poche, Zigmantas Balčytis, Vilija Blinkevičiūtė, Nicola Danti, Sergio Gutiérrez Prieto, Brando Benifei, Nicola Caputo, Neena Gill, Marlene Mizzi, Biljana Borzan, Momchil Nekov, Enrico Gasbarra, Alessia Maria Mosca, Nikos Androulakis, Demetris Papadakis, Arne Lietz, Inmaculada Rodríguez-Piñero Fernández, José Blanco López, Isabella De Monte, Tonino Picula, Goffredo Maria Bettini, Eric Andrieu, Lidia Joanna Geringer de Oedenberg, Eider Gardiazabal Rubial, Jonás Fernández, Damiano Zoffoli, Kashetu Kyenge, Javi López, Afzal Khan, Simona Bonafè, Flavio Zanonato, Jeppe Kofod, Julie Ward, Carlos Zorrinho, Ioan Mircea Paşcu, Andi Cristea namens de S&D-Fractie
Charles Tannock, Mark Demesmaeker, Ryszard Czarnecki, Sajjad Karim, Amjad Bashir, Hans-Olaf Henkel, Jana Žitňanská namens de ECR-Fractie
Dita Charanzová, Philippe De Backer, Louis Michel, Ramon Tremosa i Balcells, Hilde Vautmans, Maite Pagazaurtundúa Ruiz, Martina Dlabajová, Marietje Schaake, Ilhan Kyuchyuk, Juan Carlos Girauta Vidal, Beatriz Becerra Basterrechea, Fernando Maura Barandiarán, Javier Nart, Pavel Telička, Gérard Deprez, Ivan Jakovčić, Filiz Hyusmenova, Ivo Vajgl, Petr Ježek, Fredrick Federley, José Inácio Faria, Antanas Guoga, Alexander Graf Lambsdorff, Jozo Radoš, Frédérique Ries, Izaskun Bilbao Barandica, Yana Toom, Nathalie Griesbeck, Hannu Takkula, Urmas Paet, Johannes Cornelis van Baalen, Marielle de Sarnez namens de ALDE-Fractie
Marie-Christine Vergiat namens de GUE/NGL-Fractie
Barbara Lochbihler, Jean Lambert namens de Verts/ALE-Fractie
Ignazio Corrao, Fabio Massimo Castaldo, Marco Zanni namens de EFDD-Fractie
AMENDEMENTEN

Resolutie van het Europees Parlement over het lot van Rohingya-vluchtelingen, met inbegrip van massagraven in Thailand (2015/2711(RSP))  

Het Europees Parlement,

–   gezien zijn eerdere resoluties over Myanmar/Birma en de Rohingya's, in het bijzonder die van 20 april 2012(1), 13 september 2012(2), 22 november 2012(3) en 13 juni 2013(4) , en zijn resolutie van 23 mei 2013 over hernieuwde toegang van Myanmar/Birma tot het stelsel van algemene tariefpreferenties(5),

–   gezien zijn resolutie van 5 februari 2009 over de situatie van Birmaanse vluchtelingen in Thailand(6),

–   gezien de verklaring van het VN-Bureau voor vluchtelingen (UNHCR) van 6 mei 2015 betreffende massagraven van Rohingya's in Thailand,

–   gezien de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens van 10 december 1948,

–   gezien het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten (ICCPR) van 1966,

–   gezien het VN-verdrag van 1951 betreffende de status van vluchtelingen en het aanvullende protocol hierbij van 1967,

–   gezien de mensenrechtenverklaring van de Associatie van Zuidoost-Aziatische staten (ASEAN), met name paragraaf 13, 15, 16 en 18,

–   gezien de oproep van UNHCR van 15 mei 2015 aan regionale overheden om opsporings- en reddingsoperaties uit te voeren, waarin het waarschuwt voor "een mogelijke humanitaire ramp",

–   gezien artikel 135, lid 5, en artikel 123, lid 4, van zijn Reglement,

A. overwegende dat op 1 en 4 mei 2015 de militaire politie de lichamen van ten minste 30 etnische Rohingya-moslims heeft gevonden in een verdacht mensenhandelkamp in de regio Sadao, gelegen in de provincie Songkhla, dicht bij de grens tussen Thailand en Maleisië; overwegende dat een paar dagen later een ander kamp met ten minste vijf andere graven is gevonden;

B.  overwegende dat Rohingya's nog altijd worden vervolgd en gediscrimineerd, en dat hun nog altijd op arbitraire wijze het staatsburgerschap wordt ontnomen in Myanmar/Birma, waardoor zij statenloos worden; overwegende dat de Birmese regering op 1 april 2015 hun tijdelijke identiteitskaarten heeft ingetrokken waardoor zij hun stemrecht hebben verloren; overwegende dat misdrijven of wreedheden tegen hen nog altijd in de regel onbestraft blijven;

C. overwegende dat Rohingya's Myanmar/Birma in groten getale hebben verlaten sinds de gewelduitbraak in 2012, die heeft geleid tot de verwoesting van buurten en tot honderden sterfgevallen; overwegende dat velen van hen die wisten te ontsnappen, in de handen zijn gevallen van smokkelbendes die actief zijn in de Golf van Bengalen;

D. overwegende dat volgens het periodieke UNHCR-verslag van 8 mei 2015 ongeveer 25 000 Rohingya's en Bengalezen tussen januari en maart 2015 aan boord van smokkelboten zijn gegaan; overwegende dat dit bijna het dubbele is van het aantal personen die dit hebben gedaan in dezelfde periode in 2014;

E.  overwegende dat enkele duizenden Rohingya's over zee zijn gevlucht om aan vervolging te ontkomen, en overwegende dat honderden van hen om het leven zijn gekomen door zinkende boten of doordat zij weer de zee opgejaagd werden;

F.  overwegende dat sinds het optreden mensenhandelaars zeeroutes zijn gaan gebruiken; overwegende dat mensenhandelaars migranten steeds vaker op zee achterlaten;

G. overwegende dat duizenden Rohingya's en andere migranten nog altijd via Thailand en uit andere landen in de regio worden gesmokkeld door mensenhandelaars, waaronder in bepaalde gevallen corrupte plaatselijke Thaise autoriteiten, en onder onmenselijke omstandigheden worden gevangengehouden in junglekampen in Zuid-Thailand, waar zij worden gefolterd, uitgehongerd en doodgeslagen voor losgeld van hun gezinnen en familieleden, of worden verkocht als slaven;

H. overwegende dat UNHCR heeft opgeroepen tot gezamenlijke actie na de ontdekking van de massagraven van Rohingya's in Thailand, en landen in de regio heeft aangespoord hun samenwerking op te voeren bij het nemen van maatregelen ter bestrijding van mensensmokkel en ‑handel, en te zorgen voor bescherming van slachtoffers;

I.   overwegende dat het Rohingya-vraagstuk niet is besproken tijdens de kort gelden gehouden 26e ASEAN-top (26‑28 april) in Maleisië;

J.   overwegende dat van 2010 tot 2015 het directoraat-generaal Humanitaire Hulp en Civiele Bescherming (ECHO) van de Commissie ongeveer 57,3 miljoen EUR aan humanitaire hulp heeft verstrekt aan kwetsbare personen in de deelstaat Rakhine; overwegende dat ECHO in 2015 projecten in de deelstaat Rakhine financiert om in te spelen op enkele van de meest urgente behoeften van de Rohingya's in de noordelijke gemeenten, waaronder voedsel en voeding, basisgezondheidsdiensten en andere huishoudelijke basisartikelen, en om de sinds 2012 verplaatste bevolking te ondersteunen;

K. overwegende dat ECHO sinds 2013 325 000 EUR heeft toegewezen aan de Internationale Organisatie voor Migratie (IOM), voor de verstrekking van voedsel, huishoudelijke basisartikelen, gezondheidszorg en bescherming aan ongeveer 3 000 Rohingya's (mannen, vrouwen en kinderen) die worden vastgehouden in Thailand;

1.  spreekt zijn diepste bezorgdheid uit over het lot van de Rohingya-vluchtelingen en is geschokt over de bevindingen na de recente opgraving van tientallen lichamen uit massagraven in de buurt van mensenhandelkampen in Zuid-Thailand; betuigt zijn deelneming aan de nabestaanden van de slachtoffers;

2.  roept de Thaise autoriteiten op tot het instellen van een onmiddellijk, volledig en geloofwaardig strafrechtelijk onderzoek naar de massagraven van Rohingya-moslims, indien nodig met ondersteuning van de VN, om ervoor te zorgen dat degenen die hiervoor verantwoordelijk zijn worden berecht;

3.  is verheugd over het feit dat de Thaise regering het probleem van de mensenhandel in Thailand en de rest van de regio heeft erkend, evenals de medeplichtigheid van bepaalde corrupte autoriteiten bij de mensensmokkel; roept de Thaise regering en zijn functionarissen op om een einde te maken aan elke vorm van medewerking met de criminele bendes die verantwoordelijk zijn voor de smokkel van Rohingya's en andere migranten in Thailand;

4.  roept alle landen in de regio op om hun samenwerking op te voeren bij het nemen van maatregelen ter bestrijding van mensensmokkel en ‑handel, en te zorgen voor bescherming van slachtoffers; onderstreept de belangrijke rol die de ASEAN op dit gebied kan spelen; moedigt de regeringen van de landen in de regio aan om deel te nemen aan de komende regionale bijeenkomst over de situatie van migranten, op uitnodiging van Thailand, op 29 mei 2015 in Bangkok; is verheugd over het feit dat wordt gewerkt aan een ASEAN-verdrag ter bestrijding van mensenhandel, in het bijzonder vrouwenhandel en kinderhandel (ACTIP), dat door de ASEAN-leiders in de loop van 2015 zou moeten worden goedgekeurd;

5.  roept alle landen in de regio ertoe op het VN-verdrag betreffende de status van vluchtelingen te ondertekenen en te ratificeren en Rohingya-asielzoekers ten minste tijdelijke bescherming te bieden, en tegelijkertijd de Birmese regering te ondersteunen bij het vinden van duurzame, rechtvaardige oplossingen voor de onderliggende problemen;

6.  roept de regering van Myanmar/Birma er verder toe op zijn beleid te wijzigen en alle noodzakelijke maatregelen te treffen om een einde te maken aan de vervolging en discriminatie van de Rohingya-minderheid; herhaalt zijn eerdere oproepen om de wet op het staatsburgerschap van 1982 te wijzigen of in te trekken, om ervoor te zorgen dat de Rohingya's gelijke toegang hebben tot het staatsburgerschap van Myanmar/Birma;

7.  is verheugd over de langverwachte verklaring van 18 mei 2015 van de woordvoerder van de oppositiepartij van Aung San Suu Kyi, de Nationale Liga voor Democratie, volgens welke de regering van Myanmar/Birma het staatsburgerschap aan de Rohingya-minderheid moet verlenen;

8.  is verheugd over de verklaring van Maleisië en Indonesië van 20 mei 2015 volgens welke zij tijdelijk asiel zullen verlenen aan op zee onderschepte migranten;

9.  is verheugd over steun van de Europese Unie en internationale organisaties zoals UNHCR aan de Rohingya's in Myanmar/Birma en Thailand, en de humanitaire steun van de EU aan binnenlands ontheemden in de deelstaat Arakan/Rakhine, aan Rohingya's zonder documenten en kwetsbare gastgemeenschappen in Bangladesh en aan Rohingya- en Bengaalse migranten die momenteel vastzitten in detentiecentra voor immigranten (mannen) en socialezekerheidscentra (vrouwen en kinderen) in Thailand;

10. verzoekt de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid deze kwestie op het hoogst mogelijke politieke niveau aan te kaarten bij haar ontmoetingen met vertegenwoordigers van Thailand en Myanmar/Birma en andere ASEAN-landen;

11. verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie, de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid, de regeringen en de parlementen van de lidstaten, de regering en het parlement van Myanmar/Birma, de regering en het parlement van Thailand, de secretaris-generaal van de Associatie van Zuidoost-Aziatische staten (ASEAN), de intergouvernementele commissie voor de mensenrechten van de ASEAN, de speciale vertegenwoordiger van de VN voor de mensenrechten in Myanmar/Birma, de Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen van de VN, de VN-Raad voor de mensenrechten en de regeringen en parlementen van andere landen in de regio.

 

(1)

PB C 258 E van 7.9.2013, blz. 79.

(2)

PB C 353 E van 3.12.2013, blz. 145.

(3)

Aangenomen teksten, P7_TA(2012)0464.

(4)

Aangenomen teksten, P7_TA(2013)0286.

(5)

Aangenomen teksten, P7_TA(2013)0228.

(6)

PB C 67 E van 18.3.2010, blz. 144.

Juridische mededeling - Privacybeleid