Procedure : 2017/2963(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : RC-B8-0641/2017

Ingediende teksten :

RC-B8-0641/2017

Debatten :

PV 16/11/2017 - 4.3
CRE 16/11/2017 - 4.3

Stemmingen :

PV 16/11/2017 - 7.3

Aangenomen teksten :

P8_TA(2017)0445

GEZAMENLIJKE ONTWERPRESOLUTIE
PDF 291kWORD 57k
15.11.2017
PE614.247v01-00}
PE614.249v01-00}
PE614.250v01-00}
PE614.251v01-00}
PE614.252v01-00}
PE614.253v01-00} RC1
 
B8-0641/2017}
B8-0643/2017}
B8-0644/2017}
B8-0645/2017}
B8-0646/2017}
B8-0647/2017} RC1

ingediend overeenkomstig artikel 135, lid 5, en artikel 123, lid 4, van het Reglement

ter vervanging van de ontwerpresoluties ingediend door de fracties:

ECR (B8‑0641/2017)

Verts/ALE (B8‑0643/2017)

GUE/NGL (B8‑0644/2017)

S&D (B8‑0645/2017)

ALDE (B8‑0646/2017)

PPE (B8‑0647/2017)


over Madagaskar (2017/2963(RSP))


Cristian Dan Preda, Tomáš Zdechovský, Pavel Svoboda, Lefteris Christoforou, Dubravka Šuica, Tunne Kelam, Eduard Kukan, Marijana Petir, Jarosław Wałęsa, Laima Liucija Andrikienė, Mairead McGuinness, David McAllister, Jaromír Štětina, Romana Tomc, Željana Zovko, Patricija Šulin, Giovanni La Via, Manolis Kefalogiannis, Maurice Ponga, Adam Szejnfeld, Joachim Zeller, Bogdan Brunon Wenta, Sandra Kalniete, Milan Zver, Roberta Metsola, Andrey Kovatchev, Lars Adaktusson, Seán Kelly, Deirdre Clune, Krzysztof Hetman, Michael Gahler, Inese Vaidere, Ivana Maletić namens de PPE-Fractie
Elena Valenciano, Victor Boştinaru, Soraya Post, Boris Zala namens de S&D-Fractie
Karol Karski, Ruža Tomašić, Charles Tannock, Jan Zahradil, Notis Marias, Jana Žitňanská, Ryszard Czarnecki, Angel Dzhambazki namens de ECR-Fractie
Louis Michel, Javier Nart, Hilde Vautmans, Izaskun Bilbao Barandica, Nedzhmi Ali, Petras Auštrevičius, Beatriz Becerra Basterrechea, Dita Charanzová, Gérard Deprez, Martina Dlabajová, Fredrick Federley, Nathalie Griesbeck, Marian Harkin, Filiz Hyusmenova, Ivan Jakovčić, Ilhan Kyuchyuk, Patricia Lalonde, Urmas Paet, Maite Pagazaurtundúa Ruiz, Jozo Radoš, Frédérique Ries, Robert Rochefort, Jasenko Selimovic, Pavel Telička, Ivo Vajgl, Marietje Schaake, Johannes Cornelis van Baalen, Cecilia Wikström, Valentinas Mazuronis namens de ALDE-Fractie
Miguel Urbán Crespo, Marie-Christine Vergiat, Merja Kyllönen, Kateřina Konečná, Jiří Maštálka, Dimitrios Papadimoulis, Stelios Kouloglou, Kostadinka Kuneva, Lola Sánchez Caldentey, Tania González Peñas, Estefanía Torres Martínez, Xabier Benito Ziluaga namens de GUE/NGL-Fractie
Jordi Solé, Maria Heubuch namens de Verts/ALE-Fractie
Rolandas Paksas, Piernicola Pedicini, Ignazio Corrao, Isabella Adinolfi namens de EFDD-Fractie
AMENDEMENTEN

Resolutie van het Europees Parlement over Madagaskar (2017/2963(RSP))  

Het Europees Parlement,

–  gezien zijn eerdere resoluties over Madagaskar, met name die van 7 mei 2009(1), 11 februari 2010(2) en 9 juni 2011(3), en de onderzoeksmissie die de Paritaire Parlementaire Vergadering ACS-EU op 10 en 11 juli 2010 naar Madagaskar heeft gezonden,

–  gezien de informatie die de WHO op 2 november 2017 heeft verstrekt over de recente uitbraak van de pest,

–  gezien de slotopmerkingen van het Comité voor de rechten van de mens (ICCPR) van 22 augustus 2017 over het vierde periodieke verslag van Madagaskar,

–  gezien de verklaring van speciaal VN-rapporteur John H. Knox na afloop van zijn bezoek aan Madagaskar in oktober 2016,

–  gezien de buitengewone top van de Ontwikkelingsgemeenschap van zuidelijk Afrika (SADC) over Madagaskar van 20 mei 2011 en de routekaart die het bemiddelingsteam van de SADC heeft voorgesteld na de opheffing van de sancties van de EU, de Afrikaanse Unie en de SADC tegen Madagaskar,

–  gezien het verslag van de speciale rapporteur inzake mensenrechtenverplichtingen met betrekking tot het genot van een veilig, schoon, gezond en duurzaam milieu van 26 april 2017 over zijn bezoek aan Madagaskar,

–  gezien de artikelen 8 en 9 van de herziene Overeenkomst van Cotonou,

–  gezien de grondwet van Madagaskar,

–  gezien de EU-richtsnoeren over mensenrechtenverdedigers en de EU-mensenrechtenrichtsnoeren inzake vrijheid van meningsuiting online en offline,

–  gezien de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens,

–  gezien het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten (ICCPR), dat Madagaskar in 1969 heeft ondertekend en in 1971 heeft geratificeerd,

–  gezien het Afrikaans Handvest inzake democratie, verkiezingen en bestuur,

–  gezien het Afrikaanse Handvest inzake de rechten van mensen en volkeren,

–  gezien de 120e zitting van het Comité voor de rechten van de mens in Genève, waar op 10 en 11 juli 2017 het vierde periodieke verslag van Madagaskar over de tenuitvoerlegging van het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten is besproken,

–  gezien artikel 135, lid 5, en artikel 123, lid 4, van zijn Reglement,

A.  overwegende dat Madagaskar, na een periode van vijf jaar van politieke onrust tijdens welke de donoren hun ontwikkelingshulpprogramma's hadden opgeschort, in oktober 2013 geloofwaardige en democratische parlementsverkiezingen heeft gehouden en in december 2013 presidentsverkiezingen heeft gehouden, waarbij Hery Rajaonarimampianina tot president is verkozen; overwegende dat de politieke situatie onstabiel is gebleven, maar dat door de hervatting van de betrekkingen met de donorlanden alle beperkingen op samenwerking met de nieuwe regering zijn opgeheven;

B.  overwegende dat er een nieuwe communicatiewet is gekomen, die door Malagassische journalisten sterk is bekritiseerd omdat voor uitspraken over persmisdrijven naar het wetboek van strafrecht wordt verwezen, waardoor het beroep van journalist mogelijk zou kunnen worden gecriminaliseerd; overwegende dat de situatie rustiger is geworden, maar niet de goede richting lijkt uit te gaan;

C.  overwegende dat er in principe volgend jaar presidentsverkiezingen zullen worden gehouden, maar dat er nog geen vaste datum is vastgesteld; overwegende dat de Malagassische president heeft verklaard voorstander te zijn van een grondwetswijziging waardoor hij tijdens de verkiezingsperiode aan de macht zou kunnen blijven, en dat hij de door de nationale onafhankelijke kiescommissie, deskundigen, het maatschappelijk middenveld en de oppositie voorgestelde wijzigingen in de kieswet naar zijn hand blijkt te willen te zetten; overwegende dat zijn politieke tegenstanders en delen van het maatschappelijk middenveld tegen deze verklaringen hebben geprotesteerd en vrezen dat dit een poging zou kunnen zijn om de verkiezingen uit te stellen en langer aan de macht te blijven dan de grondwet toelaat; overwegende dat dit de spanningen in een reeds delicate politieke context waarschijnlijk nog zal doen toenemen;

D.  overwegende dat de regionale directeur van Amnesty International voor zuidelijk Afrika op 10 juli 2017 heeft verklaard dat de mensenrechtensituatie in Madagaskar sterk achteruitgaat als gevolg van de flagrante veronachtzaming van de rechtsstaat; overwegende dat meer dan de helft van alle gevangenen zonder proces preventief gevangen wordt gehouden en dat er schendingen zoals buitengerechtelijke executies door de politie en de gevangenneming van mensenrechtenverdedigers plaatsvinden omdat er geen vrije en eerlijke toegang tot de rechter bestaat;

E.  overwegende dat Amnesty International ook beschikt over gedocumenteerde meldingen dat wetshandhavers hebben geprobeerd wraak te nemen na gevallen van volksgericht; overwegende dat politieagenten in februari 2017 naar verluidt vijf dorpen in Antsakabary hebben platgebrand nadat twee van hun collega's naar verluidt door dorpsbewoners waren gedood, en dat een oudere vrouw bij de aanval aan brandwonden is gestorven omdat zij niet kon ontsnappen; overwegende dat de politie de brandstichting nu onderzoekt, hoewel zij erbij betrokken was;

F.  overwegende dat journalisten en mensenrechtenverdedigers worden geconfronteerd met intimidatie en pesterijen vanwege de autoriteiten, die proberen hun het zwijgen op te leggen en hun onderzoeks- of mensenrechtenwerkzaamheden te belemmeren; overwegende dat tal van media sinds de verkiezingen van 2013 zijn gesloten en gecensureerd met het oog op de "eerbiediging van de rechtsstaat" en de volgens het ministerie van Communicatie noodzakelijke "sanering van het audiovisuele landschap";

G.  overwegende dat de Conferentie van de partijen bij de Overeenkomst inzake de internationale handel in bedreigde in het wild levende dier- en plantensoorten (Cites) in 2013 een actieplan voor Madagaskar heeft aangenomen, waarin wordt geëist dat het land zijn handhavingsinspanningen opvoert en een embargo op de uitvoer van alle houtvoorraden instelt; overwegende dat het secretariaat en het permanent comité van de Cites sindsdien herhaaldelijk hebben verklaard dat Madagaskar het actieplan niet naleeft; overwegende dat illegale houtkap en inbreuken op de milieuwetgeving volgens het Cites-secretariaat veelal onbestraft blijven; overwegende dat personen die zich tegen illegale houtkap verzetten, daarentegen zijn veroordeeld door de rechtbanken, die een ernstig risico op corruptie lopen;

H.  overwegende dat Madagaskar uit milieuoogpunt een van de meest uitzonderlijke plekken op aarde is, maar ook het armste niet-conflictland ter wereld is; overwegende dat 92 % van de bevolking met minder dan 2 USD per dag moet rondkomen en dat Madagaskar in de Human Development Index op de 154e plaats (van 188) staat;

I.  overwegende dat de illegale handel in hout en diersoorten een ernstige bedreiging vormt voor het milieu en de biodiversiteit in Madagaskar en voor de milieurechten van zijn bevolking; overwegende dat het milieueffect en het ondoorzichtige beheer van de winningsindustrieën vaak schade toebrengen aan lokale gemeenschappen en hun duurzame ontwikkeling; overwegende dat de smokkelnetwerken naar verluidt banden hebben met de georganiseerde misdaad, wat een bedreiging vormt voor het democratisch bestuur in het land; overwegende dat illegale houtkap, illegale handel in kostbare houtsoorten en mijnbouwconcessies volgens de speciale rapporteur voor mensenrechten en milieu nauw verband houden met geweld tegen de lokale bevolking;

J.  overwegende dat de milieuactivist Clovis Razafimalala, die de illegale handel in en exploitatie van rozenhout en andere houtsoorten aan de kaak stelde, sinds 16 september 2016 wordt vastgehouden op valse beschuldigingen van rebellie, vernietiging van openbare documenten en goederen en brandstichting, ondanks een flagrant gebrek aan bewijs; overwegende dat de milieu- en mensenrechtenactivist Raleva op 27 september 2017 is gearresteerd wegens "gebruik van een valse titel" toen hij de activiteiten van een goudmijnbedrijf ter discussie stelde nadat mijnbouw was verboden wegens aantasting van het milieu; overwegende dat Raleva op 26 oktober 2017 tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van twee jaar is veroordeeld; overwegende dat Augustin Sarovy, directeur van een ngo die de handel in rozenhout bestrijdt, zich na doodsbedreigingen gedwongen zag naar Europa te vluchten;

K.  overwegende dat Fernand Cello, een radiodirecteur die bekend staat om zijn onderzoeken naar gevoelige onderwerpen zoals illegale saffiermijnen, op 6 mei 2017 werd vervolgd wegens "valsheid in geschrifte"; overwegende dat Reporters Sans Frontières (reporters zonder grenzen) heeft geprotesteerd tegen de harde behandeling van de directeur van Radio Jupiter door de autoriteiten in de regio op basis van valse beschuldigingen van mensen die betrokken waren bij zijn onderzoeken;

L.  overwegende dat de arrestatie van Claudine Razaimamonjy op initiatief van het Bianco (Bureau Indépendant Anti-Corruption – onafhankelijk bureau voor corruptiebestrijding) wegens verduistering van overheidsgeld in verscheidene gemeenten een staatszaak is geworden omdat zij een nauwe bondgenoot en adviseur is van het staatshoofd, Hery Rajaonarimampianina; overwegende dat de gendarmerie vóór haar arrestatie een verzoek had ingediend om mevrouw Jacqueline Raharimanantsoa Saholiniaina, mevrouw Sylvie Randriantsara Linah en mevrouw Claudine Razaimamonjy voor verhoor op te brengen; overwegende dat dat deze drie vrouwen in feite één en dezelfde persoon zijn, namelijk Claudine Razaimamonjy, die nooit gehoor heeft gegeven aan de oproepen om zich voor verhoor te melden;

M.  overwegende dat de "zaak-Claudine" een openlijk conflict tussen de regering en de rechterlijke macht heeft uitgelokt en dat de minister van Justitie er persoonlijk en publiekelijk toe heeft opgeroepen Claudine Razaimamonjy vrij te laten om een verlenging van haar aanhouding te voorkomen; overwegende dat de magistratenvereniging heeft verklaard zich beledigd te voelen door het standpunt en de rechtstreekse betrokkenheid van de regering in deze zaak, het heeft opgenomen voor de scheiding der machten en heeft benadrukt deze zaak geen verband houdt met politiek; overwegende dat de magistraten dit jaar drie keer in staking zijn gegaan om de herhaalde intimidaties en overheidsinmenging bij hun activiteiten te veroordelen en hun onafhankelijkheid te bevestigen;

N.  overwegende dat Madagaskar sinds de jaren tachtig van de vorige eeuw elk jaar te maken heeft gehad met pestepidemieën, maar dat de laatste uitbraak, die in augustus 2017 begon, bijzonder hevig was en grote steden en niet-endemische gebieden heeft getroffen; overwegende dat er meer dan 1 800 gevallen en 127 sterfgevallen zijn gemeld; overwegende dat de ongewone aard en de snelle verspreiding dit jaar volgens de WHO te wijten zijn aan een verslechtering van het gezondheidsstelsel als gevolg van de sociaal-politieke crisis die het land de afgelopen jaren heeft getroffen; overwegende dat er volgens de WHO nog steeds een groot risico is op een mogelijke verdere verspreiding van de pestepidemie op nationaal niveau;

O.  overwegende dat het overwicht van het gewoonterecht in het land schadelijke traditionele praktijken in de hand heeft gewerkt, zoals gearrangeerde en gedwongen huwelijken en huwelijken op jonge leeftijd; overwegende dat vrouwen en meisjes nog steeds te lijden hebben onder seksueel geweld of ander lichamelijk geweld, dat niet vaak wordt aangegeven en zelden wordt bestraft; overwegende dat abortus in Madagaskar nog steeds verboden is door een wet uit 1920; overwegende dat ongeveer tien vrouwen per dag sterven bij de bevalling; overwegende dat het verbod op abortus kan leiden tot clandestiene en gevaarlijke zwangerschapsonderbrekingen door mensen die niet medisch gekwalificeerd zijn;

1.  is verheugd over het herstel van de rechtsstaat met de verkiezingen van oktober en december 2013; herinnert de autoriteiten, en in de eerste plaats de president, van Madagaskar aan hun verantwoordelijkheid om de rechten van hun burgers in het hele land te handhaven en te beschermen, alle misbruik en misdrijven te voorkomen, en hun taak te vervullen met strikte eerbiediging van de rechtsstaat; dringt erop aan dat zij alle nodige maatregelen nemen om de uitoefening van de fundamentele vrijheden van hun burgers, waaronder de vrijheid van meningsuiting, te waarborgen;

2.  hoopt dat de komende verkiezingen in een vreedzaam en sereen klimaat zullen worden gehouden, zodat ze democratisch en transparant zijn; benadrukt dat de grondwettelijke orde en de politieke stabiliteit in stand moeten worden gehouden en dat alleen overleg en consensusvorming tussen alle politieke actoren in 2018 tijdige en geloofwaardige verkiezingen kunnen garanderen; vraagt de internationale gemeenschap alles in het werk te stellen om bij de presidentsverkiezingen van 2018 een eerlijk en vrij verkiezingsproces te waarborgen;

3.  uit zijn bezorgdheid over de vele gevallen van volksgericht en de betrokkenheid van wetshandhavers bij buitengerechtelijke executies; vraagt om een onafhankelijk en onpartijdig onderzoek naar het platbranden van vijf dorpen in Antsakabary, waarbij de veiligheid van de slachtoffers wordt gevrijwaard tegen eventuele represailles als zij in deze zaak bewijzen aanleveren; vraagt de Malgassische autoriteiten buitengerechtelijke executies stelselmatig aan een onpartijdig onderzoek te onderwerpen, de daders te vervolgen en ervoor te zorgen dat de nabestaanden van de slachtoffers een passende schadevergoeding ontvangen;

4.  vraagt de Malgassische autoriteiten hun verplichtingen uit hoofde van Cites na te komen, onder andere door veel strenger de hand te houden aan de wetten tegen illegale houtkap en illegale handel;

5.  is ingenomen met de aan de gang zijnde herziening van de wet op de mijnbouw en vraagt de regering ervoor te zorgen dat de herziene wet voldoet aan de internationale vereisten, zoals voorafgaande beoordeling en overleg met de zwaarst getroffen mensen, toegang tot rechtsmiddelen en minimalisering van milieuschade; vraagt de regering de door de overgangsregering afgegeven mijnbouwvergunningen opnieuw te bekijken en vergunningen die in strijd zijn met het MECIE-decreet op te schorten;

6.  hekelt de willekeurige detentie van journalisten, mensenrechtenverdedigers en milieuactivisten op grond van valse beschuldigingen; vraagt dat er definitief een einde wordt gemaakt aan intimidatie en pesterijen tegen de media, laakt de maatregelen die in de aanloop naar de recentste verkiezingen tegen de media zijn genomen en vraagt dat alle individuele en collectieve vrijheden volledig worden hersteld; vraagt de Malgassische regering de beperkende onderdelen van de communicatiewet in te trekken;

7.  vraagt de Malgassische regering in de zaak-Claudine en in alle gevallen van actieve en passieve corruptie het recht onafhankelijk zijn gewone gang te laten gaan; benadrukt dat politici zich niet met de rechterlijke macht mogen bemoeien en dat het Bianco vrijelijk onderzoeken naar corruptie moet kunnen uitvoeren; benadrukt dat het beginsel van de scheiding der machten strikt moet worden nageleefd en dat de onafhankelijkheid en onpartijdigheid van de rechterlijke macht onder alle omstandigheden moet worden gewaarborgd; vraagt dat de Malgassische autoriteiten meer inspanningen leveren om corruptie en straffeloosheid in het land aan te pakken en ervoor te zorgen dat alle gevallen van corruptie worden berecht;

8.  uit zijn bezorgdheid over de toenemende activiteiten van buitenlandse predikers die leerlingen dwingen zich te bekeren tot een extremistische vorm van de islam;

9.  benadrukt dat de EU en haar lidstaten moeten investeren in het verlenen van steun en bescherming aan mensenrechtenverdedigers, die belangrijke actoren zijn bij duurzame ontwikkeling, onder meer door middel van dringende subsidies uit het noodfonds voor mensenrechtenverdedigers die gevaar lopen van het Europees Instrument voor democratie en mensenrechten (EIDHR);

10.  vraagt internationale bedrijven de mensenrechten en het zorgvuldigheidsbeginsel te eerbiedigen, zoals vastgelegd in de leidende beginselen van de VN inzake bedrijfsleven en mensenrechten;

11.  vraagt de EU erop toe te zien dat de voorbereidingen voor de komende presidentsverkiezingen inclusief en transparant zijn en door iedereen worden aanvaard, onder meer door middel van een tweejarig pakket steunmaatregelen voor de organisatie van de verkiezingen;

12.  verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid, de Commissie, de Raad, de ACS-EU-Raad van ministers, de regering van Madagaskar, de secretaris-generaal van de Verenigde Naties, de Ontwikkelingsgemeenschap van zuidelijk Afrika en de Commissie van de Afrikaanse Unie.

 

(1)

PB C 212E van 5.8.2010, blz. 111.

(2)

PB C 341E van 16.12.2010, blz. 72.

(3)

PB C 380E van 11.12.2012, blz. 129.

Juridische mededeling - Privacybeleid