Procedure : 2020/2779(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : RC-B9-0271/2020

Ingediende teksten :

RC-B9-0271/2020

Debatten :

PV 15/09/2020 - 7
CRE 15/09/2020 - 7

Stemmingen :

Aangenomen teksten :

P9_TA(2020)0231

<Date>{15/09/2020}15.9.2020</Date>
<RepeatBlock-NoDocSe> <NoDocSe>B9-0271/2020</NoDocSe> }
 <NoDocSe>B9-0272/2020</NoDocSe> }
 <NoDocSe>B9-0274/2020</NoDocSe> }
 <NoDocSe>B9-0275/2020</NoDocSe> }
 <NoDocSe>B9-0278/2020</NoDocSe></RepeatBlock-NoDocSe> } RC1
PDF 169kWORD 54k

<TitreType>GEZAMENLIJKE ONTWERPRESOLUTIE</TitreType>

<TitreRecueil>ingediend overeenkomstig artikel 132, leden 2 en 4, van het Reglement</TitreRecueil>


<Replacing>ter vervanging van de volgende ontwerpresoluties:</Replacing>

<TablingGroups>B9-0271/2020 (PPE)

B9-0272/2020 (Verts/ALE)

B9-0274/2020 (S&D)

B9-0275/2020 (ECR)

B9-0278/2020 (Renew)</TablingGroups>


<Titre>over de situatie in Belarus</Titre>

<DocRef>(2020/2779(RSP))</DocRef>


<RepeatBlock-By><Depute>Sandra Kalniete, Michael Gahler, Željana Zovko, Paulo Rangel, David McAllister, Jerzy Buzek, Andrius Kubilius, Radosław Sikorski, Andrzej Halicki, Vladimír Bilčík, Isabel Wiseler-Lima, Antonio López-Istúriz White, David Lega, Andrey Kovatchev, Arba Kokalari, Rasa Juknevičienė, Tomasz Frankowski, Eugen Tomac, Roberta Metsola</Depute>

<Commission>{PPE}namens de PPE-Fractie</Commission>

<Depute>Kati Piri, Tonino Picula, Norbert Neuser, Robert Biedroń, Isabel Santos</Depute>

<Commission>{S&D}namens de S&D-Fractie</Commission>

<Depute>Petras Auštrevičius, Clotilde Armand, Malik Azmani, Izaskun Bilbao Barandica, Vlad-Marius Botoş, Dita Charanzová, Moritz Körner, Frédérique Ries, Nicolae Ştefănuță, Ramona Strugariu, Hilde Vautmans</Depute>

<Commission>{Renew}namens de Renew-Fractie</Commission>

<Depute>Viola Von Cramon-Taubadel</Depute>

<Commission>{Verts/ALE}namens de Verts/ALE-Fractie</Commission>

<Depute>Ryszard Antoni Legutko, Anna Fotyga, Witold Jan Waszczykowski, Ruža Tomašić, Elżbieta Kruk, Charlie Weimers, Joanna Kopcińska, Jadwiga Wiśniewska, Adam Bielan</Depute>

<Commission>{ECR}namens de ECR-Fractie</Commission>

</RepeatBlock-By>

AMENDEMENTEN

Resolutie van het Europees Parlement over de situatie in Belarus

(2020/2779(RSP))

Het Europees Parlement,

 gezien zijn eerdere resoluties over Belarus, in het bijzonder die van 4 oktober 2018 over de achteruitgang van de mediavrijheid in Belarus, met name het geval van Charter ‘97[1], van 19 april 2018 over Belarus[2], van 6 april 2017 over de situatie in Belarus[3], van 24 november 2016 over de situatie in Belarus[4] en van 8 oktober 2015 over de doodstraf[5],

 gezien de oprichting van het Oostelijk Partnerschap in Praag op 7 mei 2009 als een gemeenschappelijk initiatief van de EU en haar zes Oost-Europese partners Armenië, Azerbeidzjan, Belarus, Georgië, de Republiek Moldavië en Oekraïne,

 gezien de gezamenlijke verklaringen van de toppen van het Oostelijk Partnerschap van 2009 in Praag, van 2011 in Warschau, van 2013 in Vilnius, van 2015 in Riga en van 2017 in Brussel,

 gezien de presidentsverkiezingen van 9 augustus 2020 in Belarus,

 gezien de verklaringen van de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid namens de Europese Unie over de presidentsverkiezingen, met name die van 11 augustus 2020 en 17 augustus 2020,

 gezien de verklaringen van de vicevoorzitter/hoge vertegenwoordiger, met name die van 7 augustus 2020 voorafgaand aan de presidentsverkiezingen en van 14 juli 2020 over het niet registreren van presidentskandidaten, en gezien de gezamenlijke verklaring van de vicevoorzitter/hoge vertegenwoordiger en de minister van Buitenlandse Zaken van Canada van 26 augustus 2020, alsook de gezamenlijke verklaring van de vicevoorzitter/hoge vertegenwoordiger en de commissaris voor Nabuurschap en Uitbreiding van 10 augustus 2020 over de presidentsverkiezingen,

 gezien de verklaring van de Voorzitter van het Europees Parlement van 13 augustus 2020 en van de leiders van de vijf politieke fracties van 17 augustus 2020 over de situatie in Belarus na de zogenaamde presidentsverkiezingen van 9 augustus 2020,

 gezien de belangrijkste resultaten van de buitengewone vergadering van de Raad Buitenlandse Zaken van 14 augustus en de conclusies van de voorzitter van de Europese Raad van 19 augustus over de situatie in Belarus na de presidentsverkiezingen van 9 augustus,

 gezien de verklaringen van de vicevoorzitter/hoge vertegenwoordiger van 7 september 2020 over willekeurige en ongerechtvaardigde aanhoudingen en detenties op politieke gronden, en van 11 september 2020 over de escalatie van het geweld tegen en de intimidatie van leden van de coördinatieraad,

 gezien de integrale EU-strategie en het herziene Europees nabuurschapsbeleid,

 gezien de verklaringen van de woordvoerder van de EDEO, met name die van 19 juni 2020 over recente ontwikkelingen in de aanloop naar de presidentsverkiezingen en van 18 november 2019 over parlementsverkiezingen in Belarus,

 gezien het besluit van de Raad van 17 februari 2020 tot verlenging van het EU-embargo van 2004 ten aanzien van Belarus betreffende wapens en uitrusting die kan worden gebruikt voor binnenlandse repressie[6],

 gezien de verklaring van het Bureau voor Democratische Instellingen en Mensenrechten (ODIHR) van de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE) van 15 juli 2020 dat geen verkiezingswaarnemingsmissie werd gestuurd wegens het ontbreken van een uitnodiging,

 gezien de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens en alle mensenrechtenverdragen waarbij Belarus partij is,

 gezien het verslag van de Speciaal Rapporteur van de VN over de mensenrechtensituatie in Belarus van 10 juli 2020,

 gezien de verklaring van het ODIHR van de OVSE van 17 juli 2020 en de eerdere rapporten van het ODIHR van de OVSE over verkiezingen in Belarus,

 gezien de verklaringen van de secretaris-generaal van de VN van 10 en 14 augustus 2020 over de ontwikkelingen in Belarus na de verkiezingen,

 gezien artikel 132, leden 2 en 4, van zijn Reglement,

A. overwegende dat er sinds 2000 ondanks herhaalde pogingen geen enkele nieuwe politieke partij in Belarus geregistreerd is; overwegende dat de Belarussische centrale kiescommissie de registratie als kandidaat in de presidentsverkiezingen van 2020 heeft geweigerd aan politici die kritisch zijn voor het regime en naar verluidt meer dan 100 000 handtekeningen hadden verzameld, zoals is voorgeschreven in de nationale wetgeving, hetgeen de disproportionele en onredelijke hindernissen voor kandidaatstelling onderstreept en ingaat tegen verbintenissen in het kader van de OVSE en andere internationale normen;

B. overwegende dat de campagne voor de presidentsverkiezingen al sinds begin mei werd gekenmerkt door politieoptreden tegen vreedzame demonstranten, activisten van het maatschappelijk middenveld, bloggers en journalisten in het hele land, alsook door ernstige intimidatie van politieke activisten, hun families en medestanders; overwegende dat meer dan 650 vreedzame betogers, journalisten en burgeractivisten uit het hele land zijn vastgezet omdat ze hebben gedemonstreerd tegen het regime;

C. overwegende dat het Belarussische verkiezingsproces niet is verlopen volgens de richtsnoeren van de OVSE, waarin wordt opgeroepen tot de eerbiediging van fundamentele vrijheden, gelijkheid, universaliteit, politiek pluralisme, vertrouwelijkheid, transparantie en aansprakelijkheid, hoewel Belarus een deelnemende staat van de OVSE is;

D. overwegende dat het verkiezingsproces niet kon worden waargenomen door een verkiezingswaarnemingsmissie van de OVSE/ODIHR omdat de Belarussische autoriteiten met opzet niet tijdig een uitnodiging hebben verzonden;

E. overwegende dat melding is gemaakt van structurele onregelmatigheden en schendingen van de internationale verkiezingsnormen tijdens het stemmen, waaronder intimidatie van kiezers, het ontkennen van het stemrecht van kiezers en het op massale schaal vervalsen van de protocollen van de kiesdistricten; overwegende dat onafhankelijke nationale waarnemers uit heel het land, waaronder degenen die toezicht hebben gehouden op het vervroegd stemmen voor de presidentsverkiezingen van Belarus, zijn vastgehouden nadat zij talloze schendingen van het kiesrecht hadden gedocumenteerd;

F. overwegende dat de centrale kiescommissie van Belarus de zittende president Aljaksandr Loekasjenka heeft uitgeroepen tot de winnaar van de zogenaamde verkiezingen;

G. overwegende dat geloofwaardige meldingen uit het hele land en particuliere initiatieven op sociale media aantonen dat op grote schaal verkiezingsfraude in het voordeel van de zittende president Aljaksandr Loekasjenka heeft plaatsgevonden, en dat veel Belarussen Svjatlana Tichanowskaja als de winnaar beschouwen;

H. overwegende dat onmiddellijk na de aankondiging van de zogenaamde verkiezingsresultaten ongekende vreedzame protesten op gang kwamen waarin burgers uiting gaven aan hun verlangen naar democratische verandering en eerbiediging van grondrechten en mensenrechten, en dat deze protesten tot op vandaag doorgaan, waarbij honderdduizenden mensen in heel Belarus de straat opgaan, vooral tijdens het weekend wanneer eenheidsmarsen plaatsvinden, hetgeen aantoont hoe groot de ontevredenheid en het engagement in de Belarussische samenleving is;

I. overwegende dat de protesten vergezeld gaan van wijdverbreide stakingen in fabrieken, waaronder grote staatsbedrijven in verscheidene sectoren van de economie, ondernemingen, scholen, universiteiten, steden en dorpen in het hele land;

J. overwegende dat de Europese Unie en haar lidstaten de uitslag van de presidentsverkiezingen niet hebben erkend wegens ernstige twijfels over de eerlijkheid van de verkiezingen en wijdverbreide meldingen van vervalsing; overwegende dat de ambtstermijn van zittend president Loekasjenka op 5 november 2020 afloopt;

K. overwegende dat de protesten in Belarus van een ongekende omvang zijn, in heel het land plaatsvinden en vertegenwoordigers van alle generaties tellen, waarbij vrouwen zichtbaar het leiderschap op zich nemen;

L. overwegende dat de autoriteiten van Belarus op de legitieme en vreedzame demonstraties hebben gereageerd met buitensporig geweld; overwegende dat de veiligheidsdiensten zeer hardhandig hebben gereageerd op de vreedzame protesten, waarbij vaak buitensporig, onnodig en willekeurig geweld is gebruikt en intensief gebruik is gemaakt van traangas, wapenstok, flitsgranaten en waterkanonnen; overwegende dat het Bureau van de Hoge Commissaris voor de mensenrechten van de Verenigde Naties heeft gemeld dat de voorbije weken meer dan 6 700 mensen zijn opgepakt terwijl ze gebruikmaakten van hun recht op vrijheid van vreedzame vergadering; overwegende dat deskundigen meldingen hebben ontvangen over ten minste 450 gevallen van foltering en mishandeling van mensen van wie de vrijheid is ontnomen, en dat verschillende mensen sinds 9 augustus 2020 worden vermist of dood zijn teruggevonden, waaronder Aljaksandr Tarajkowski, Kanstantsin Sjysjmakow, Aljaksandr Vichor en Henadz Sjoetaw;

M. overwegende dat de coördinatieraad is opgericht om een tijdelijke institutionele partner te vormen voor een nationale dialoog die is gericht op het organiseren van nieuwe verkiezingen die volgens internationale normen en met waarneming door ODIHR zou moeten plaatsvinden; overwegende dat duizenden mensen sindsdien hun steun hebben uitgesproken voor de oproep van de coördinatieraad voor nieuwe verkiezingen en dat alle vooraanstaande leden van de coördinatieraad zijn geïntimideerd, ondervraagd of gearresteerd (Lilija Oelasava, Maksim Znak, Sjarhej Dylewski, Maria Kalesnikava); overwegende dat aanhoudende intimidatie en bedreigingen vooraanstaande leden van de oppositie, Svjatlana Tichanowskaja, Veranika Tsapkala, Pavel Latoesjka en Volha Kavalkova, ertoe hebben bewogen naar de Europese Unie te vluchten; overwegende dat een andere leider, Maria Kolesnikova, op 7 september op klaarlichte dag op straat in Minsk door gemaskerde mannen in een anoniem busje is ontvoerd; overwegende dat Nobelprijswinnaar Svjatlana Aleksijevitsj het enige lid van het presidium van de coördinatieraad is dat nog in vrijheid is in Belarus; overwegende dat er ernstige zorgen zijn met betrekking tot haar veiligheid, ondanks de uitzonderlijke steun die zij heeft gekregen van Europese diplomaten;

N. overwegende dat de Europese Raad van 19 augustus 2020 heeft besloten om sancties op te leggen aan een aanzienlijk aantal personen die verantwoordelijk zijn voor geweld, repressie en de vervalsing van de verkiezingsresultaten in Belarus, door hen te verbieden de EU binnen te komen en hun financiële tegoeden in de EU te bevriezen;

O. overwegende dat de verkiezingscampagne en de presidentsverkiezingen plaatsvonden tijdens de COVID-19-pandemie, waarvan de gevolgen consequent werden ontkend door de politieke leiders en de autoriteiten, hetgeen ertoe heeft geleid dat journalisten, medisch personeel en gewone mensen in actie zijn gekomen om cruciale informatie over de pandemie en de noodzakelijke voorzorgsmaatregelen te delen, waarmee zij het maatschappelijk engagement en de vitaliteit van het Belarussische maatschappelijk middenveld hebben aangetoond;

P. overwegende dat de president van de Russische Federatie op 27 augustus zijn steun heeft uitgesproken voor de repressie door de Belarussische autoriteiten van gerechtvaardigde burgerlijke grieven door aan te bieden een speciale politiemacht in te zetten; overwegende dat de heer Loekasjenka op 21 augustus heeft bekendgemaakt dat stakende en opgestapte journalisten van de staatsmedia werden vervangen door zogenaamde Russische mediaspecialisten; overwegende dat Rusland, China en Turkije de eerste staten waren die de heer Loekasjenka met zijn frauduleuze verkiezingsoverwinning hebben gefeliciteerd;

Q. overwegende dat de Belarussische autoriteiten hun gewelddadig optreden tegen onafhankelijke Belarussische verslaggevers en burgerjournalisten voortzetten en doelbewust pogen objectieve verslaggeving te hinderen om de binnenlandse en internationale bezorgdheid en afkeuring de kop in te drukken, onder meer door op 29 augustus de persaccreditatie van meer dan een dozijn internationale verslaggevers in te trekken;

R. overwegende dat de mensenrechtensituatie tijdens de verkiezingscampagne en na de verkiezingen verder achteruit is gegaan; overwegende dat de werkomgeving van mensenrechtenverdedigers voortdurend is verslechterd en mensenrechtenverdedigers stelselmatig slachtoffer zijn van intimidatie, pesterijen en beperkingen van hun fundamentele vrijheden; overwegende dat Belarus als enige land in Europa nog steeds de doodstraf voltrekt;

1. benadrukt dat het Europees Parlement, in overeenstemming met het standpunt van de Europese Raad, de uitslag van de zogenaamde presidentsverkiezingen van 9 augustus in Belarus niet erkent, aangezien deze verkiezingen in flagrante strijd met alle internationaal erkende normen zijn verlopen; zal Aljaksandr Loekasjenka na afloop van zijn huidige ambtstermijn niet als president van Belarus erkennen;

2. laakt in de meest scherpe bewoordingen de Belarussische autoriteiten vanwege hun gewelddadige repressie van vreedzame protesten voor gerechtigheid, vrijheid en democratie in de nasleep van de frauduleuze presidentsverkiezingen van 9 augustus; roept op het geweld onmiddellijk te stoppen en vraagt de onmiddellijke en onvoorwaardelijke vrijlating van en intrekking van alle aanklachten tegen alle personen die voor of na de zogenaamde verkiezingen van 9 augustus om politieke redenen zijn aangehouden, met inbegrip van alle personen die zijn aangehouden omdat zij hebben deelgenomen aan demonstraties tegen de verkiezingsuitslag of tegen het geweld door de autoriteiten, of omdat zij hun steun voor deze demonstraties hebben geuit;

3. veroordeelt de voortdurende intimidatie, de vervolging en het buitensporige gebruik van geweld ten aanzien van deelnemers aan stakingen, leden van de coördinatieraad en andere personen uit de oppositie, activisten uit het maatschappelijk middenveld, onafhankelijke journalisten en bloggers; eist de onmiddellijke en onvoorwaardelijke vrijlating van al degenen die voor of na de vervalste verkiezingen van 9 augustus willekeurig zijn vastgehouden, waaronder Pavel Sevjarynets, Mikalaj Statkevitsj, Maria Kalesnikava, Andrej Jahoraw, Anton Radnjankow en Ivan Krawtsow; eist dat alle vervolgingen om politieke redenen worden stopgezet;

4. is ingenomen met de coördinatieraad als interimvertegenwoordiging van de bevolking die democratische verandering in Belarus eist, en die open staat voor alle politieke en maatschappelijke belanghebbenden;

5. steunt een vreedzame en democratische machtsoverdracht die het resultaat is van een inclusieve nationale dialoog met volledige eerbiediging van de democratische en grondrechten van het Belarussische volk; herhaalt in dit verband de eisen van het Belarussische volk dat zo spoedig mogelijk nieuwe, vrije en eerlijke verkiezingen moeten plaatsvinden onder internationaal toezicht onder leiding van OVSE/ODIHR en in overeenstemming met de internationaal erkende normen;

6. spreekt zijn ondubbelzinnige steun uit voor het volk van Belarus en zijn gerechtvaardigde eisen en verlangen naar vrije en eerlijke verkiezingen, fundamentele vrijheden en mensenrechten, democratische vertegenwoordiging, politieke participatie, waardigheid en het recht om zijn eigen lot te kiezen; onderkent dat de huidige protestbeweging in Belarus gebaseerd is op het breed gedeelde algemene verlangen naar de democratisering van Belarus, waarvan de inwoners dezelfde fundamentele rechten op democratie en vrijheid moeten genieten als alle andere burgers op het Europese continent;

7. verzoekt de Commissie, de VV/HV en de Raad bijstand te verlenen aan de democratische oppositie van Belarus, met inbegrip van de coördinatieraad onder leiding van Svjatlana Tichanowskaja;

8. spreekt zijn waardering uit voor de belangrijke bijdrage die de vrouwen van Belarus onder leiding van Svjatlana Tichanowskaja, Veranika Tsapkala en Maria Kalesnikava hebben geleverd, en voor hun medestanders die de legitieme eisen van het Belarussische volk uitspreken en vertegenwoordigen; merkt op dat vele Belarussen Svjatlana Tichanowskaja als winnaar van de presidentsverkiezingen en als nieuw verkozen president zien;

9. eist de onmiddellijke vrijlating van de gearresteerde leden van de coördinatieraad Lilija Oelasava, Maksim Znak, Sjarhej Dylewski en Maria Kalesnikava; staat erop dat iedere mogelijke nationale dialoog moet plaatsvinden met de volledige en ongehinderde deelname van de coördinatieraad; is verheugd over de bescherming die door de vertegenwoordigers van EU-lidstaten wordt geboden aan Svjatlana Aleksijevitsj;

10. betreurt ten zeerste de ontstellende gewelddadigheden tegen en wrede repressie en mishandeling van vreedzame betogers en gedetineerden; pleit voor een onafhankelijk en doeltreffend onderzoek naar de dood van Aljaksandr Tarajkowski, Aljaksandr Vichor, Artsjom Paroekow, Henadz Sjoetaw en Kanstantsin Sjysjmakow;

11. verzoekt dat alle mishandeling en marteling wordt beëindigd, een specifieke definitie van foltering wordt opgenomen in het Belarussische wetboek van strafrecht die overeenkomt met de internationale mensenrechtennormen, en dat de wetgeving wordt gewijzigd om gedwongen verdwijning strafbaar te stellen;

12. benadrukt dat het noodzakelijk is het recht van burgers op vrijheid van vergadering, vereniging, meningsuiting en meningsvorming, evenals de vrijheid van de media te waarborgen, en derhalve alle beperkingen in de wet en in de praktijk die deze vrijheden belemmeren, op te heffen; veroordeelt met klem de aanhoudende voltrekking van de doodstraf en verzoekt dat deze onmiddellijk en onherroepelijk wordt afgeschaft, en verzoekt zolang dit nog niet is gebeurd om een effectief recht op beroep tegen doodvonnissen;

13. steunt de Belarussische werknemers en onafhankelijke vakbonden volledig en verzoekt de Belarussische autoriteiten en werkgevers het fundamentele recht van Belarussische werknemers om te staken zonder dat zij het risico lopen op ontslag, arrestatie of andere vormen van vergelding te eerbiedigen, overeenkomstig IAO-verdragen nrs. 87 en 98; steunt het verzoek van het Internationaal Verbond van Vrije Vakverenigingen aan de Internationale Arbeidsorganisatie om onverwijld optreden tegen de arrestaties en veroordelingen van de leiders van stakingscomités en onafhankelijke vakbondsactivisten om hun vrijheid van vergadering en vereniging te beschermen; spreekt zijn steun uit voor de coördinerende rol die het Belarussisch Congres van democratische vakbonden speelt;

14. spreekt zijn krachtige steun uit voor EU-sancties tegen personen die verantwoordelijk zijn voor de vervalsing van de verkiezingsresultaten in Belarus, inclusief Aljaksandr Loekasjenka; verzoekt de Raad onverwijld en in nauwe samenwerking met internationale partners brede en doeltreffende sancties in te stellen tegen alle Belarussische schuldigen aan verkiezingsfraude, geweld en repressie in Belarus; verzoekt de Raad het voorbeeld te volgen van de Baltische staten, die Loekasjenka in hun sanctielijsten hebben opgenomen, door de aanvankelijk voorgestelde groep personen tegen wie sancties zouden worden ingesteld uit te breiden met een aanzienlijk aantal hooggeplaatste functionarissen en functionarissen uit het middenkader en met ondernemers van wie bekend is dat zij het regime ondersteunen of hun werknemers ontslaan omdat zij deelnemen aan stakingen; verzoekt de VV/HV en de Raad de mogelijkheid te onderzoeken de sanctielijst uit te breiden met Russische staatsburgers die rechtstreeks betrokken zijn bij steun aan het regime van Loekasjenka in Belarus;

15. is zeer verheugd over het voorstel van de fungerend Voorzitter van de OVSE in samenwerking met zijn opvolger om Belarus bij te staan bij het organiseren van een dialoog; staat erop dat de Belarussische autoriteiten het aanbod dat hun door de huidige en aankomende fungerend Voorzitter van de OVSE is gedaan aanvaarden;

16. verzoekt de EDEO en de Commissie met klem een alomvattende herziening van het beleid van de EU ten aanzien van Belarus op te stellen, met het oog op het ondersteunen van de bevolking van Belarus en haar democratische ambities en het ondersteunen van het maatschappelijk middenveld, mensenrechtenverdedigers, onafhankelijke vakbonden en onafhankelijke media; pleit voor een verhoging van de EU-financiering voor het Belarussisch maatschappelijk middenveld en pleit ervoor alle overdrachten van EU-financiering naar de huidige Belarussische regering en door de staat beheerde projecten te bevriezen en EIB-, EBWO- en andere leningen aan het huidige regime stop te zetten; dringt er bij de EU op aan een donorconferentie voor een democratisch Belarus te organiseren, waar internationale financiële instellingen, de G7-landen, de lidstaten en instellingen van de EU en anderen die bereid zijn een pakket van meerdere miljarden euro’s toe te zeggen ter ondersteuning van toekomstige hervormingsinspanningen en de herstructurering van de economie, worden samengebracht;

17. verzoekt de EDEO de onderhandelingen over de partnerschapsprioriteiten EU-Belarus op te schorten totdat vrije en eerlijke presidentsverkiezingen hebben plaatsgevonden;

18. verzoekt de regering het gezondheidszorgstelsel te versterken en de bevolking op transparante en inclusieve wijze van alle relevante en levensreddende informatie over de pandemie te voorzien; benadrukt de noodzaak tot het verbeteren van de toegang tot en beschikbaarheid en kwaliteit van de gezondheidszorg in detentieoorden, in het bijzonder in het licht van de COVID-19-pandemie, alsook de noodzaak tot het verbeteren van de arbeidsomstandigheden van medisch personeel, in het licht van meldingen dat de politie verhindert dat gewonde demonstranten hulp krijgen en medisch personeel arresteert;

19. moedigt de EU-lidstaten aan de totstandbrenging van een humanitaire corridor en de procedures voor het verkrijgen van visa voor personen die Belarus om politieke redenen ontvluchten en personen die medische behandeling nodig hebben vanwege het geweld dat tegen hen is gepleegd te vergemakkelijken en te versnellen, en deze personen en hun gezinnen alle nodige ondersteuning en bijstand te verlenen; verzoekt de Commissie om snel werk te maken van de daadwerkelijke uitvoering van financiële ondersteuning van het maatschappelijk middenveld en de slachtoffers van repressie en om meer middelen beschikbaar te stellen voor fysieke, psychologische en materiële ondersteuning aan hen;

20. verzoekt de EU de contacten tussen mensen verder te versterken door steun te verlenen aan onafhankelijke ngo’s, maatschappelijke organisaties, mensenrechtenverdedigers, mediavertegenwoordigers en onafhankelijke journalisten in Belarus door bijkomende mogelijkheden te creëren voor jonge Belarussen om in de EU te studeren en door de steun voor de Europese Universiteit voor menswetenschappen voort te zetten; verzoekt de Commissie snel een beurzenprogramma op te zetten voor studenten en wetenschappers die vanwege hun prodemocratische houding zijn uitgesloten van Belarussische universiteiten;

21. benadrukt dat er een uitgebreid onderzoek nodig is naar de misdaden die door het regime tegen de bevolking van Belarus zijn gepleegd en onderstreept vastberaden te zijn aan dergelijke onderzoeken bij te dragen;

22. veroordeelt de onderdrukking van de media en het internet, alsook de intimidatie van journalisten en bloggers om de informatiestroom over de situatie in het land te stoppen; onderstreept het recht van de Belarussische bevolking op ongehinderde toegang tot informatie; roept de EU op om via het Europees Fonds voor Democratie (EFD) en andere instrumenten deze omroepen en journalisten die worden geconfronteerd met repressie door het regime te ondersteunen;

23. verzoekt de Commissie, de lidstaten en de EDEO volledige steun te verlenen aan de inspanningen van de VN-Mensenrechtenraad en het Moskou-mechanisme van de OVSE om te waarborgen dat mensenrechtenschendingen worden gedocumenteerd en gemeld door internationale organisaties en de daders vervolgens ter verantwoording worden geroepen en gerechtigheid voor de slachtoffers geschiedt;

24. wijst op het belang van de bestrijding van elke verspreiding van desinformatie over de EU en haar lidstaten en instellingen in Belarus, en van desinformatie over de situatie in Belarus binnen de EU, alsook van andere vormen van hybride bedreigingen door derden; waarschuwt het regime ervoor dat nationale, religieuze, etnische en andere minderheden niet als doelwit mogen worden gebruikt om de aandacht van de bevolking af te leiden van de verkiezingsfraude en de daaropvolgende massale protesten en repressie;

25. veroordeelt de hybride inmenging van de Russische Federatie in Belarus, met name het sturen van zogenaamde mediadeskundigen naar de Belarussische staatsmedia en adviseurs naar militaire en rechtshandhavingsorganen, en roept de regering van de Russische Federatie op iedere heimelijke of openlijke inmenging in de binnenlandse aangelegenheden van Belarus te beëindigen; verzoekt de Russische Federatie het internationaal recht en de soevereiniteit van Belarus te eerbiedigen; waarschuwt dat Aljaksander Loekasjenka geen politiek of moreel mandaat heeft om namens Belarus verdere contractuele betrekkingen aan te gaan, onder meer met de Russische autoriteiten, die de soevereiniteit en territoriale integriteit van Belarus zouden kunnen bedreigen;

26. onderstreept dat het belangrijk is dat de ontwikkelingen in Belarus voor de EU een prioriteit blijven; herinnert eraan dat de EU verenigd en bestendig moet zijn in haar reactie op de situatie in Belarus;

27. betreurt het feit dat Belarus reeds kernbrandstof heeft geladen in de eerste reactor van de kerncentrale in Astravets en van plan is om hier in november 2020 energie op te wekken, zonder de stresstestaanbevelingen volledig op te volgen, wat des te verontrustender is nu er veel politieke instabiliteit heerst;

28. verzoekt de nationale ijshockeyfederaties van de EU-lidstaten en alle andere democratische landen er bij de Internationale IJshockeyfederatie (International Ice Hockey Federation, IIHF) op aan te dringen dat zij haar besluit om het Wereldkampioenschap ijshockey van 2021 gedeeltelijk in Belarus te organiseren intrekt tot de situatie en met name de mensenrechtensituatie in het land zijn verbeterd;

29. verzoekt de Raad nogmaals onverwijld een alomvattend, doeltreffend en tijdig mechanisme voor beperkende maatregelen op EU-niveau tot stand te brengen waarmee gerichte sancties kunnen worden opgelegd jegens personen, statelijke en niet-statelijke actoren en andere entiteiten die verantwoordelijk zijn voor of betrokken zijn bij ernstige mensenrechtenschendingen en misbruik;

30. verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie en de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid, alsmede aan de autoriteiten van de Republiek Belarus en de Russische Federatie.

 

[1] PB C 11 van 13.1.2020, blz. 18.

[2] PB C 390 van 18.11.2019, blz. 100.

[3] PB C 298 van 23.8.2018, blz. 60.

[4] PB C 224 van 27.6.2018, blz. 135.

[5] PB C 349 van 17.10.2017, blz. 41.

[6] PB L 45 van 18.2.2020, blz. 3.

Laatst bijgewerkt op: 16 september 2020Juridische mededeling - Privacybeleid