Terug naar het Europarl-portaal

Choisissez la langue de votre document :

 Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2003/2036(INI)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A5-0163/2003

Ingediende teksten :

A5-0163/2003

Debatten :

Stemmingen :

PV 19/06/2003 - 27

Aangenomen teksten :

P5_TA(2003)0297

Aangenomen teksten
PDF 120kWORD 43k
Donderdag 19 juni 2003 - Brussel
Actieplan van de Gemeenschap om de teruggooi van vis te beperken
P5_TA(2003)0297A5-0163/2003

Resolutie van het Europees Parlement over de mededeling van de Commissie aan de Raad en het Europees Parlement betreffende een actieplan van de Gemeenschap om de teruggooi van vis te beperken (COM(2002) 656 - 2003/2036(INI))

Het Europees Parlement,

–   gezien de mededeling van de Commissie (COM(2002) 656),

–   onder verwijzing naar zijn resolutie van 28 januari 1999 over het probleem van de teruggooi van vis(1),

–   gelet op artikel 47, lid 2 en artikel 163 van zijn Reglement,

–   gezien het verslag van de Commissie visserij (A5&nbhy;0163/2003),

A.   overwegende dat vis een belangrijke natuurlijke bron van voedsel en een openbaar goed is,

B.   gelet op artikel 7 (7.2.2.g) van de FAO-Gedragscode voor verantwoorde visserij, uit hoofde waarvan de beheersdoelen de invoering van maatregelen dienen te omvatten zodat vervuiling, afval, teruggooi, vangst ten gevolge van verloren of opgegeven tuig, vangst van niet tot de doelgroep behorende soorten (zowel vis als andere), en gevolgen voor verwante of afhankelijke soorten tot een minimum beperkt blijven door middel van maatregelen die voor zover haalbaar de ontwikkeling en het gebruik omvatten van milieutechnisch veilige en rendabele vistuigen en -technieken,

C.   overwegende dat de hoeveelheid teruggezette vis in de sector commerciële visserij volgens de FAO op mondiaal niveau(2) tussen de 17,9 en 39,5 miljoen ton bedraagt, en de totale visproductie in de EU (vangst en aquacultuur) dus verre overtreft met 7,8 miljoen ton(3),

D.   overwegende dat een voorwaarde voor optimale visvoorziening is dat de vissen voordat zij worden gevangen de tijd krijgen om volwassen te worden en kuit te schieten,

E.   overwegende dat sommige bestanden o.m. door vangst en de teruggooi van jonge vis tot een kritiek niveau zijn teruggebracht, en dat algemene beperkingen van de visserij op veel bestanden niet alleen zouden leiden tot herstel van deze bestanden, maar ook tot vermindering van de teruggooi van vis,

F.   overwegende dat er een duidelijk verband bestaat tussen de selectiviteit van het vistuig en het percentage van de vangst dat wordt teruggegooid; dat er derhalve technische maatregelen moeten worden genomen om ervoor te zorgen dat jonge vissen uit de netten kunnen ontkomen, en dat verbetering van de selectiviteit van het vistuig moet worden aangemoedigd en zelfs beloond,

G.   overwegende dat de aquacultuur in toenemende mate moet bijdragen tot het totaal van de visbestanden, om aldus de druk op een reeks overbeviste soorten te verlichten,

H.   overwegende dat de teruggooi varieert per soort, tijdstip en plaats,

I.   overwegende de biologische en economische gevolgen en de gevolgen voor evaluatie van de bestanden en het visserijbeheer,

J.   overwegende dat het systeem van TAC's en quota tot schadelijk gevolg hebben dat bijvangsten van soorten die buiten de quotaregeling vallen worden teruggegooid,

K.   overwegende dat het ontmoedigend is dat sommige vissers kabeljauw die de minimale grootte bereikt heeft uit economische overwegingen teruggooien, en dat in een tijd waarin door biologen wordt voorgesteld de kabeljauwvisserij volledig stil te leggen,

1.   spreekt zijn waardering uit voor de plannen van de Commissie op middellange termijn te streven naar een verbod op het teruggooien van vis, en is van mening dat het een van de basisbeginselen van een duurzaam beheer van de visbestanden dient te zijn dat het gemeenschappelijk visserijbeleid uitgaat van het beginsel dat teruggooi moet worden vorkomen;

2.   verzoekt de Commissie alles in het werk te stellen om de verzameling van gegevens over teruggooi te bevorderen om een beter en nauwkeuriger beeld te krijgen van de omvang van het probleem; verzoekt de lidstaten hiertoe een bijdrage te leveren met alle beschikbare gegevens; verzoekt de Commissie tegelijkertijd samen te werken en ervaringen uit te wisselen met andere visserijlanden, met name Noorwegen;

3.   spreekt zijn waardering uit voor het initiatief van de Commissie om in 2003 proefprojecten op te zetten teneinde de mogelijkheden te onderzoeken om de teruggooi terug te dringen met behulp van diverse maatregelen, zoals het zoeken naar nieuwe vangstmethoden, het vrijwillig niet-bevissen van bepaalde visgronden, het invoeren van reële biologische rustperioden, bijvangstquota, visserijbeheer en een beter gebruik van soorten met geringe handelswaarde;

4.   wenst dat de Commissie zich buigt over de mogelijkheid om visserijvloten die gebruik maken van selectiever vistuig en minder vis teruggooien, preferentiële toegang te bieden tot visbestanden;

5.   is van oordeel dat proefprojecten zo moeten worden geselecteerd dat zij de visserij op een brede scala van soorten omvatten, in alle communautaire wateren en met gebruikmaking van verschillende visserijmethoden;

6.   verzoekt de Commissie voorts zich te buigen over innoverende beheersmaatregelen, zoals economische en financiële prikkels, ter vermindering van de teruggooi van vis;

7.   beveelt aan vis met inachtneming van de nodige beperkingen zoveel mogelijk te gebruiken voor de productie van vismeel en olie in plaats van de vis overboord te zetten; beveelt aan dat de Commissie maatregelen - o.a. een regelgevend kader en financiële stimulansen - voorstelt om een en ander aan te moedigen;

8.   beveelt aan dat de Commissie zo spoedig mogelijk maatregelen voorstelt om het op grote schaal teruggooien van vangsten vanwege de TAC-quota te beperken door de invoering van bijvangstquota, flexibele quota , herziening van de quotaverdeling, TAC voor meer dan één soort, enz.;

9.   verzoekt de Commissie een verslag op te stellen over mogelijkheden, voor- en nadelen van een regeling in het kader waarvan visserijacties het voornaamste instrument zijn voor sturing van de druk die de visserij uitoefent en waarin TAC en quota slechts een ondergeschikte rol spelen;

10.   verzoekt de Commissie de beschikbare onderzoeksresultaten inzake alternatief vistuig, met name met betrekking tot maaswijdte en "vensters", aandachtig te blijven volgen, met het oog op de verbetering van de technische maatregelen,;

11.   eist meer samenhang tussen de minimumafmetingen voor aan land gebrachte vis en de selectiviteit van het tuig;

12.   beveelt aan dat bij wijze van standaard beheersinstrument in gebieden waar hoge concentraties jonge vis voorkomen wordt overgegaan tot sluiting van de visserij gedurende bepaalde, uit biologisch oogpunt belangrijke perioden (bijv. de paaitijd); roept de Raad op de hiertoe door de Commissie in het kader van de herstelplannen voor kabeljauw en heek gedane voorstellen snel goed te keuren; verzoekt voorts de Commissie voorstellen te doen om deze reële sluitingen zo snel en flexibel mogelijk te kunnen instellen, eventueel door te voorzien in een rol voor de regionale adviesraden;

13.   uit zijn tevredenheid over de afschaffing van bepaalde uitzonderingen op de maaswijdte, zoals die door de Commissie wordt voorgesteld in haar voorstel tot consolidering van de verordening van de Raad voor de instandhouding van de visbestanden via technische maatregelen voor de bescherming van jonge exemplaren van mariene organismen (COM(2002)672);

14.   wijst er nogmaals op dat de teruggooi van vis eveneens kan worden beperkt via een hogere mate van zelfregulering bij de vissers en wijst er in dit verband op dat het van belang is de regionale adviesraden als bedoeld in Verordening (EG) nr. 2371/2002 van de Raad van 20 december 2002 inzake de instandhouding en de duurzame exploitatie van de visbestanden in het kader van het gemeenschappelijk visserijbeleid(4) te betrekken bij het formuleren van een strategie gericht op het beëindigen van teruggooi;

15.   verzoekt de Commissie te onderzoeken hoe de regionale adviesraden zo doeltreffend mogelijk kunnen worden ingezet om het teruggooien van vis aan banden te leggen;

16.   verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad en de Commissie.

(1) PB C 128, 7.5.1999, blz. 83.
(2) FAO Fisheries technical paper 339.
(3) Het GVB gevat in getallen - zie http://europa.eu.int/comm/fisheries/doc_et_publ/liste_publi/facts/pcp_nl.pdf
(4) PB L 358 van 31.12.2002, blz. 59.

Juridische mededeling - Privacybeleid