Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2004/2257(INI)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A6-0311/2005

Ingediende teksten :

A6-0311/2005

Debatten :

Stemmingen :

PV 01/12/2005 - 6.3

Aangenomen teksten :

P6_TA(2005)0448

Aangenomen teksten
PDF 122kWORD 42k
Donderdag 1 december 2005 - Brussel
Rol van "Euroregio's" bij de ontwikkeling van het regionaal beleid
P6_TA(2005)0448A6-0311/2005

Resolutie van het Europees Parlement over de rol van "Euroregio's" bij de ontwikkeling van het regionaal beleid (2004/2257(INI))

Het Europees Parlement,

–   gelet op artikel 87, lid 3 van het EG-Verdrag,

–   gelet op artikel 158 van het EG-Verdrag,

–   gezien het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad houdende algemene bepalingen tot invoering van een Europees nabuurschaps- en partnerschapsinstrument (COM(2004)0628),

–   gezien het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (COM(2004)0495),

–   gezien het voorstel voor een verordening van de Raad houdende algemene bepalingen inzake het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds en het Cohesiefonds (COM(2004)0492),

–   gezien het voorstel voor een verordening van de Raad tot oprichting van het Cohesiefonds (COM(2004)0494),

–   gezien het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de oprichting van een Europese groepering voor grensoverschrijdende samenwerking (EGGS) (COM(2004)0496),

–   gezien de Europese Kaderovereenkomst inzake grensoverschrijdende samenwerking tussen territoriale gemeenschappen of autoriteiten van de Raad van Europa (Madrid, 21 mei 1980) en de bijbehorende Aanvullende Protocollen, en het Europees Handvest inzake de plaatselijke autonomie van de Raad van Europa (Straatsburg, 15 oktober 1985),

–   gelet op artikel 45 van zijn Reglement,

–   gezien het verslag van de Commissie regionale ontwikkeling (A6-0311/2005),

A.   overwegende dat de uitbreiding van de Europese Unie op 1 mei 2004 tot 25 lidstaten heeft geleid tot grotere verschillen tussen Europese regio's, dat de komende uitbreidingen die verschillen nog verder kunnen vergroten; overwegende dat de uitbreiding tevens heeft geleid tot een aanzienlijke toename van het aantal grensregio's; voorts overwegende dat de Euroregio's een beslissende bijdrage hebben geleverd aan het overstijgen van de grenzen in Europa, het opbouwen van goede burenrelaties, het bijeenbrengen van mensen aan weerszijden van de grenzen en het wegnemen van vooroordelen, met name via grensoverschrijdende samenwerking op plaatselijk en regionaal niveau,

B.   overwegende dat de onderlinge regionale verschillen in de uitgebreide Unie moeten worden verminderd en moeten worden aangepakt met behulp van een doelmatig cohesiebeleid, ten behoeve van een harmonieuze ontwikkeling binnen de EU,

C.   overwegende dat duurzame ontwikkeling van grensoverschrijdende samenwerking een eis is van een doelmatig cohesiebeleid en Europese integratie, evenals het definitief overwinnen van de huidige moeilijkheden bij het financieren van gezamenlijke projecten waarvan plaatselijke autoriteiten en regio's aan beide zijden van een grens gelijkelijk profiteren,

D.   overwegende dat Euroregio's en vergelijkbare structuren belangrijke instrumenten van grensoverschrijdende samenwerking zijn, doch niettemin verder moeten worden ontwikkeld en verbeterd, en dat ze een zekere juridische status moeten bezitten,

E.   overwegende dat het uiteindelijke doel van Euroregio's de bevordering is van grensoverschrijdende samenwerking tussen grensregio's, plaatselijke instanties en regionale autoriteiten, alsmede sociale partners en alle andere actoren, die niet noodzakelijkerwijs lidstaat hoeven zijn van de Europese Unie, inzake aspecten als cultuur, onderwijs, toerisme, economische vraagstukken, of andere aspecten van het dagelijks leven,

F.   overwegende dat de vereniging van Europese grensregio's diverse verslagen heeft opgesteld over de stand van de grensoverschrijdende samenwerking in Europa en studies naar een grensoverschrijdend wettelijk instrument voor de decentrale samenwerking van de Europese Commissie en het Comité van de Regio's heeft voorbereid,

1.   is van oordeel dat grensoverschrijdende samenwerking van fundamenteel belang is voor de Europese cohesie en integratie, en derhalve breed moet worden ondersteund;

2.   verzoekt de lidstaten zich in te zetten voor het gebruik van Euroregio's als een van de instrumenten voor grensoverschrijdende samenwerking;

3.   wijst erop dat Euroregio's of vergelijkbare structuren belangrijke grensoverschrijdende taken vervullen, zoals:

   - voorlichting van en dienstverlening aan de burger, instellingen en regionale en plaatselijke autoriteiten,
   - verzamelpunt voor gemeenschappelijke waarden, doelstellingen en strategieën,
   - drijvende kracht voor de oplossing van grensoverschrijdende problemen, en
   - spreekbuis voor alle grensoverschrijdende aangelegenheden;

4.   merkt op dat de Euroregio's een spilfunctie voor alle grensoverschrijdende betrekkingen, contacten, kennisoverdrachten, de operationele programma's en projecten vervullen en dat zij een duidelijke juridische status dienen te bezitten om hun werk te kunnen verrichten;

5.   benadrukt dat grensoverschrijdende samenwerking een passende benadering is voor het oplossen van dagelijkse problemen aan weerszijden van de grens, met name op economisch, maatschappelijk, cultureel en milieugebied;

6.   benadrukt dat grensoverschrijdende samenwerking een aanzienlijke bijdrage levert aan de tenuitvoerlegging van de strategie van Lissabon, te weten door:

   - gezamenlijke innovatie en onderzoek,
   - grensoverschrijdende O&O-netwerken, en
   - de uitwisseling van beste praktijken en ervaringen;

7.   merkt op dat Euroregio's de proximiteitsbanden versterken door projecten rond de uitwisseling van plaatselijke beste praktijken; acht het daarom van bijzonder belang dat steun in de vorm van microprojecten, waarin de mededeling van de Commissie inzake INTERREG III(1), voorziet, onder de Structuurfondsen blijft gehandhaafd;

8.   wijst op de lopende wetgevingsinitiatieven met het oog op een EGGS, waarmee beoogd wordt de instrumenten voor grensoverschrijdende samenwerking te vereenvoudigen (de activiteiten vergemakkelijken, de procedures rationaliseren en de exploitatiekosten reduceren), en zo een platform voor Euroregio's te ontwikkelen;

9.   benadrukt de noodzaak prioriteit toe te kennen aan het wegnemen van de onderlinge verschillen tussen regio's in de nieuwe lidstaten en die in de oude lidstaten;

10.   benadrukt de noodzaak het concept van Euroregio's en soortgelijke, niet noodzakelijkerwijs met wetgevende bevoegdheden toegeruste structuren, uit te breiden met talloze facetten van samenwerking; stelt voor als mogelijke terreinen van gemeenschappelijk belang de bevordering van cultuur, onderwijs, toerisme en economische aangelegenheden alsmede, indien van toepassing, de bestrijding van georganiseerde misdaad, drugshandel en fraude, in nauwe samenwerking met de desbetreffende nationale instanties;

11.   wijst op de noodzaak van integratie tussen geprogrammeerde projecten in landen die aan elkaar grenzen;

12.   verwelkomt de inspanningen van de Commissie om de instrumenten van grensoverschrijdende samenwerking te vereenvoudigen;

13.   wenst dat Euroregio's en vergelijkbare structuren, zoals voorgesteld in het juridische kader van de EGGS, met ingang van 2007 en in samenwerking met de nationale instanties, ook de mogelijkheden krijgen voor de uitwerking, de tenuitvoerlegging en het beheer van grensoverschrijdende programma's binnen de EU, evenals van programma's in de sfeer van het Europees Nabuurschaps- en Partnerschapsinstrument respectievelijk het Instrument voor pre-toetredingssteun (IPA-programma);

14.   benadrukt het belang van grensoverschrijdende samenwerking in Euroregio's voor lidstaten met natuurlijke handicaps, met inbegrip van kleine eilandstaten;

15.   benadrukt de noodzaak van steun voor grensoverschrijdende samenwerking en voor de oprichting van Euroregio's, die regio's in het gevoelige gebied van het Midden-Oosten omvatten, met het oog op de bevordering van vriendschappelijke betrekkingen, stabiliteit, veiligheid en economische belangen in een geest van wederzijds respect en voordeel;

16.   vestigt de aandacht op paragraaf 1, onder xxvii van zijn resolutie over het voorstel voor een verordening van de Raad tot oprichting van het Cohesiefonds(2) aangenomen op 6 juli 2005 en verzoekt de Commissie naar analogie te voorzien in de modaliteiten voor een premiestelsel in de vorm van een "communautaire kwaliteits- en effectiviteitsreserve" die zich specifiek richt op stimulansen ter bevordering van maatregelen die grensoverschrijdende effecten hebben of die kunnen aansluiten op de bestaande infrastructuur in de Euroregio's;

17.   verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad en de Commissie.

(1) Mededeling van de Commissie aan de lidstaten van 2 september 2004, tot vaststelling van richtsnoeren voor een communautair initiatief betreffende Trans-Europese samenwerking ter stimulering van een harmonieuze en evenwichtige ontwikkeling van de Europese ruimte ‐ INTERREG III (PB C 226, 10.9.2004, blz.2)
(2) Aangenomen teksten, P6_TA(2005)0278.

Juridische mededeling - Privacybeleid