Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2010/0002(BUD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A7-0019/2010

Ingediende teksten :

A7-0019/2010

Debatten :

Stemmingen :

PV 09/03/2010 - 6.4
Stemverklaringen
Stemverklaringen
Stemverklaringen
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P7_TA(2010)0044

Aangenomen teksten
PDF 223kWORD 42k
Dinsdag 9 maart 2010 - Straatsburg
Beschikbaarstelling van middelen uit het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering: Litouwen − bouw
P7_TA(2010)0044A7-0019/2010
Resolutie
 Bijlage

Resolutie van het Europees Parlement van 9 maart 2010 over het voorstel voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering overeenkomstig punt 28 van het Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie over de begrotingsdiscipline en een goed financieel beheer (COM(2010)0009 – C7-0013/2010 – 2010/0002(BUD))

Het Europees Parlement,

–   gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2010)0009 – C7-0013/2010),

–   gezien het Interinstitutioneel Akkoord (IIA) van 17 mei 2006 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie over de begrotingsdiscipline en een goed financieel beheer(1), en met name punt 28,

–   gelet op Verordening (EG) nr. 1927/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 20 december 2006 tot oprichting van een Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering(2) (EFG-verordening),

–   gezien het verslag van de Begrotingscommissie en het advies van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken (A7-0019/2010),

A.   overwegende dat de Europese Unie de nodige wetgeving- en begrotingsinstrumenten heeft ingesteld om bijkomende steun te verlenen aan werknemers die te lijden hebben onder de gevolgen van grote structurele veranderingen in de wereldhandelspatronen en om deze werknemers bij hun herintrede op de arbeidsmarkt te begeleiden,

B.   overwegende dat financiële steun van de Unie aan ontslagen werknemers flexibel zou moeten zijn en zo snel en efficiënt mogelijk ter beschikking zou moeten worden gesteld, overeenkomstig de gezamenlijke verklaring van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie die is goedgekeurd op de bemiddelingsvergadering van 17 juli 2008, en met eerbiediging van het IIA van 17 mei 2006 wat betreft het nemen van besluiten om gebruik te maken van het EFG,

C.   overwegende dat Litouwen om steun uit het EFG heeft gevraagd in verband met gedwongen ontslagen in 128 bedrijven die werkzaam zijn in de bouwsector(3),

D.   overwegende dat de aanvraag voldoet aan de criteria voor subsidiabiliteit die zijn vastgelegd in de EFG-verordening,

1.   verzoekt de betrokken instellingen zich de nodige inspanningen te getroosten om de beschikbaarstelling van middelen uit het EFG te bespoedigen;

2.   brengt in herinnering dat de instellingen zich ertoe verbonden hebben een probleemloze en snelle procedure te garanderen voor de goedkeuring van de besluiten betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het fonds, met als doel tijdelijk en eenmalig individuele steun te verlenen aan werknemers die als gevolg van de globalisering werkloos geworden zijn;

3.   onderstreept dat de Europese Unie alles in het werk moet stellen om de gevolgen van de wereldwijde economische en financiële crisis op te vangen; benadrukt de rol die het EFG kan vervullen bij de re-integratie van ontslagen werknemers in de arbeidsmarkt;

4.   beklemtoont dat het EFG in overeenstemming met artikel 6 van de EFG-verordening moet bijdragen tot de hertewerkstelling van elke afzonderlijke ontslagen werknemer; herhaalt dat uit het EFG afkomstige steun niet in de plaats mag komen van acties waartoe bedrijven verplicht zijn krachtens hun nationale wetgeving of collectieve overeenkomsten, of van maatregelen ter herstructurering van bedrijven of bedrijfstakken;

5.   vraagt dat de Commissie in haar voorstellen voor de beschikbaarstelling van middelen uit het EFG en in haar jaarverslagen gedetailleerde informatie opneemt over aanvullende financiering uit het Europees Sociaal Fonds (ESF) en andere structuurfondsen;

6.   waarschuwt de Commissie in het kader van de beschikbaarstelling van middelen uit het EFG tegen de systematische overschrijving van betalingskredieten uit het ESF, aangezien het EFG is opgericht als een op zichzelf staand specifiek hulpmiddel met eigen doelstellingen en termijnen;

7.   benadrukt dat de werking en de financiering van het EFG moeten worden beoordeeld in de context van de algemene evaluatie van de op basis van het IIA van 17 mei 2006 ingevoerde programma's en andere instrumenten, in het kader van de tussentijdse herziening van het meerjarig financieel kader 2007-2013;

8.   stelt vast dat de nieuwe voorstellen van de Commissie voor een besluit betreffende de beschikbaarstelling van het EFG elk betrekking hebben op één enkele aanvraag van één lidstaat, wat in overeenstemming is met de verzoeken van het Europees Parlement;

9.   hecht zijn goedkeuring aan het bij deze resolutie gevoegde besluit;

10.   verzoekt zijn Voorzitter dit besluit samen met de voorzitter van de Raad te ondertekenen en zorg te dragen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie;

11.   verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie, met inbegrip van de bijlage, te doen toekomen aan de Raad en de Commissie.

(1) PB C 139 van 14.6.2006, blz. 1.
(2) PB L 406 van 30.12.2006, blz. 1.
(3) EGF/2009/017 LT/Bouw van gebouwen.


BIJLAGE

BESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN VAN DE RAAD

betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering, overeenkomstig punt 28 van het Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline en een goed financieel beheer

HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

gelet op het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

gezien het Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie over de begrotingsdiscipline en een goed financieel beheer(1), en met name punt 28,

gelet op Verordening (EG) nr. 1927/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 20 december 2006 tot oprichting van een Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering(2), en met name artikel 12, lid 3,

gezien het voorstel van de Europese Commissie,

overwegende hetgeen volgt:

(1)  Het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering (EFG) is opgericht om extra steun te verlenen aan werknemers die de gevolgen van grote structurele veranderingen in de wereldhandelspatronen ondervinden, met als doel hen te helpen bij hun terugkeer op de arbeidsmarkt.

(2)  Het EFG staat sinds 1 mei 2009 ook open voor aanvragen om bijstand voor werknemers die zijn ontslagen als gevolg van de wereldwijde financiële en economische crisis.

(3)  Het Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006 staat uitgaven uit het EFG toe binnen een jaarlijks maximum van 500 miljoen EUR.

(4)  Op 23 september 2009 heeft Litouwen een aanvraag ingediend voor de beschikbaarstelling van middelen uit het EFG in verband met gedwongen ontslagen in de bouwindustrie. Aangezien deze aanvraag in overeenstemming is met de voorschriften voor de bepaling van de financiële steun van artikel 10 van Verordening (EG) nr. 1927/2006, stelt de Commissie voor een bedrag van 1 118 893 EUR ter beschikking te stellen.

(5)  Er moeten bijgevolg middelen uit het EFG beschikbaar worden gesteld om te voorzien in een financiële bijdrage voor de door Litouwen ingediende aanvraag.

HEBBEN HET VOLGENDE BESLUIT AANGENOMEN:

Artikel 1

Voor de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2010 wordt uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering 1 118 893 EUR aan vastleggings- en betalingskredieten beschikbaar gesteld.

Artikel 2

Dit besluit wordt gepubliceerd in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te

Voor het Europees Parlement Voor de Raad

De Voorzitter De voorzitter

(1) PB C 139 van 14.6.2006, blz. 1.
(2) PB L 406 van 30.12.2006, blz. 1.

Juridische mededeling - Privacybeleid