Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2010/2277(INI)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A7-0071/2011

Ingediende teksten :

A7-0071/2011

Debatten :

PV 06/04/2011 - 4
PV 06/04/2011 - 6
CRE 06/04/2011 - 4
CRE 06/04/2011 - 6

Stemmingen :

PV 06/04/2011 - 8.20
CRE 06/04/2011 - 8.20
Stemverklaringen
Stemverklaringen
Stemverklaringen
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P7_TA(2011)0146

Aangenomen teksten
PDF 178kWORD 83k
Woensdag 6 april 2011 - Straatsburg
Een interne markt voor ondernemingen en groei
P7_TA(2011)0146A7-0071/2011

Resolutie van het Europees Parlement van 6 april 2011 inzake een interne markt voor ondernemingen en groei (2010/2277(INI))

Het Europees Parlement,

–  gezien de Mededeling van de Commissie getiteld „Naar een Single Market Act” Voor een sociale markteconomie met een groot concurrentievermogen 50 voorstellen om beter samen te werken, te ondernemen en zaken te doen' (COM(2010)0608),

–  onder verwijzing naar zijn resolutie van 20 mei 2010 over het verwezenlijken van een interne markt voor consumenten en burgers(1),

–  gezien het op 9 mei 2010 gepubliceerde verslag-Monti getiteld „Een nieuwe strategie voor de interne markt”,

–  gezien de Mededeling van de Commissie getiteld „Europa 2020 – Een strategie voor slimme, duurzame en inclusieve groei” (COM(2010)2020),

–  gezien de Mededeling van de Commissie getiteld „Europa 2020-kerninitiatief. Innovatie-Unie” (COM(2010)0546),

–  gezien de Mededeling van de Commissie getiteld „Slimme regelgeving in de Europese Unie” (COM(2010)0543),

–  gezien de Mededeling van de Commissie getiteld „Een digitale agenda voor Europa” (COM(2010)0245),

–  gezien het verslag van de beoordeling van de toegang van het MKB tot de markten voor overheidsopdrachten in de EU(2),

–  gezien de Mededeling van de Commissie getiteld „De grensoverschrijdende elektronische handel tussen ondernemingen en consumenten in de EU” (COM(2009)0557),

–  gezien de aanbeveling van de Commissie van 29 juni 2009 over maatregelen ter verbetering van de werking van de interne markt(3),

–  gezien de Mededeling van de Commissie getiteld „Overheidsopdrachten voor een beter milieu” (COM(2008)0400),

–  gezien de Mededeling van de Commissie getiteld „Denk eerst klein − een ”Small Business Act' voor Europa' (COM(2008)0394),

–  gezien de Mededeling van de Commissie getiteld „Een interne markt voor de 21e eeuw” (COM(2007)0724) en het begeleidend werkdocument van de diensten van de Commissie getiteld „The single market: review of achievements” (SEC(2007)1521),

–  gezien de Mededeling van de Commissie getiteld „Kansen, toegang en solidariteit: naar een nieuwe sociale visie voor het Europa van de 21ste eeuw” (COM(2007)0726),

–  gezien de interpretatieve mededeling van de Commissie over de toepassing van het Gemeenschapsrecht inzake overheidsopdrachten en concessieovereenkomsten op geïnstitutionaliseerde publiek-private samenwerking (geïnstitutionaliseerde PPS) (C(2007)6661),

–  gezien de Mededeling van de Commissie getiteld „Tijd voor een hogere versnelling. Het nieuwe partnerschap voor groei en werkgelegenheid” (COM(2006)0030),

–  gezien de conclusies van de Raad inzake de Single Market Act van 10 december 2010,

–  onder verwijzing naar zijn resolutie van 21 september 2010 over voltooiing van de interne markt voor e-handel(4),

–  onder verwijzing naar zijn resolutie van 18 mei 2010 over nieuwe ontwikkelingen bij overheidsopdrachten(5),

–  onder verwijzing naar zijn resolutie van 9 maart 2010 over het scorebord van de interne markt(6),

–  onder verwijzing naar zijn resolutie van 3 februari 2009 over „Precommerciële inkoop: Aansturen van innovatie voor het waarborgen van duurzame hoogkwalitatieve overheidsdiensten in Europa(7),

–  onder verwijzing naar zijn resolutie van 30 november 2006 over „Tijd voor een hogere versnelling: Een Europa van ondernemerschap en groei tot stand brengen”(8),

–  gezien het Groenboek van de Commissie over de modernisering van het EU-beleid inzake overheidsopdrachten (COM(2011)0015),

–  gelet op artikel 48 van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie interne markt en consumentenbescherming, en de adviezen van de Commissie internationale handel, de Commissie economische en monetaire zaken, de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie industrie, onderzoek en energie, de Commissie regionale ontwikkeling en de Commissie juridische zaken (A7-0071/2011),

A.  overwegende dat een op vrije en eerlijke concurrentie gebaseerde interne markt de voornaamste economische hervormingsdoelstelling van de EU is en Europa in de wereldeconomie een essentieel concurrentievoordeel biedt,

B.  overwegende dat een van de grote voordelen van de interne markt is dat de belemmeringen voor mobiliteit zijn opgeheven en de institutionele regelgeving is geharmoniseerd, hetgeen heeft bijgedragen aan het begrip tussen de culturen, integratie, economische groei en Europese solidariteit,

C.  overwegende dat het belangrijk is het vertrouwen in de interne markt op alle niveaus te vergroten en een eind te maken aan de nog altijd bestaande obstakels die bedrijven belemmeren bij de toegang tot de markt; overwegende dat het grote aantal administratieve procedures en hun complexiteit nieuwe ondernemers afschrikken,

D.  overwegende dat het belangrijk is dat de Single Market Act niet uit een reeks op zichzelf staande maatregelen bestaat en dat alle voorstellen gezamenlijk bijdragen tot de verwezenlijking van een samenhangende doelstelling,

E.  overwegende dat alle ondernemingen met de gevolgen van marktversnippering te maken hebben, maar dat met name kleine en middelgrote ondernemingen kwetsbaar zijn voor de gevolgen daarvan,

F.  overwegende dat vaak de indruk bestaat dat de interne markt tot nu toe vooral grote ondernemingen ten goede is gekomen, terwijl juist de kleine en middelgrote ondernemingen dé stuwende kracht achter groei in de EU zijn,

G.  overwegende dat te weinig innovatie in de EU een van de belangrijkste oorzaken is voor het feit dat de groeicijfers de voorbije jaren zo laag waren; overwegende dat innovatieve groene technologie een kans biedt om langetermijngroei en milieubescherming met elkaar te verzoenen,

H.  overwegende dat, om de doelstellingen van de EU 2020-strategie te verwezenlijken, de interne markt de voorwaarden dient te bieden voor stevige, duurzame en inclusieve groei; overwegende dat de interne markt betere kansen moet bieden voor innovatie en onderzoek door ondernemingen in de EU,

I.  overwegende dat het mededingingsbeleid een essentieel instrument vormt om te waarborgen dat de EU over een dynamische, efficiënte en innovatieve interne markt kan beschikken en wereldwijd de concurrentie aan kan gaan,

J.  overwegende dat risicokapitaal een belangrijke bron van financiering voor nieuwe innovatieve bedrijven is; overwegende dat risicokapitaalfondsen problemen ondervinden bij het doen van investeringen in de verschillende lidstaten van de EU,

K.  overwegende dat het ontwikkelen van ict en het grootschaliger gebruik daarvan door ondernemingen in de EU van cruciaal belang zijn voor onze toekomstige groei,

L.  overwegende dat e-handel en e-diensten, met inbegrip van e-government en e-gezondheid, op het niveau van de EU nog onvoldoende zijn ontwikkeld,

M.  overwegende dat de postsector en de bevordering van interoperabiliteit en samenwerking tussen postsystemen en -diensten de ontwikkeling van grensoverschrijdende e-handel in belangrijke mate ten goede kunnen komen,

N.  overwegende dat er sprake is van obstakels van regelgevende aard die een doeltreffende verlening van licenties voor auteursrechten belemmeren en tot een grote mate van versnippering van de markt voor audiovisuele producten leiden, hetgeen slecht is voor het bedrijfsleven in de EU; overwegende dat zowel het bedrijfsleven, als de consumenten zouden profiteren van de totstandbrenging van een daadwerkelijke interne markt voor audiovisuele producten en diensten, op voorwaarde dat de grondrechten van internetgebruikers volledig worden geëerbiedigd,

O.  overwegende dat namaak en piraterij het vertrouwen van het bedrijfsleven in e-handel ondermijnen en tot een grotere versnippering van de regels voor de bescherming van intellectuele-eigendomsrechten leiden, hetgeen innovatie op de interne markt ernstig bemoeilijkt,

P.  overwegende dat verschillen tussen de belastingregels grensoverschrijdende transacties in ernstige mate kunnen hinderen; overwegende dat de coördinatie van het nationale fiscale beleid, zoals voorgesteld in het verslag van Mario Monti, voor ondernemingen en burgers een belangrijke toegevoegde waarde zou opleveren,

Q.  overwegende dat overheidsopdrachten, die rond 17% van het bbp van de Unie uitmaken, een belangrijke rol spelen bij de stimulering van economische groei; overwegende dat grensoverschrijdende overheidsopdrachten slechts een klein deel van de totale markt voor overheidsopdrachten vertegenwoordigen, en dat hier dus kansen voor het bedrijfsleven in de EU liggen; overwegende dat het MKB nog altijd beperkt toegang tot de markten voor overheidsopdrachten heeft,

R.  overwegende dat diensten een belangrijke sector vormen voor de economische groei en de werkgelegenheid, maar dat de interne markt voor diensten nog altijd onderontwikkeld is, met name ten gevolge van leemten in de dienstenrichtlijn in combinatie met de moeilijkheden die de lidstaten hebben ondervonden bij de implementatie daarvan,

Inleiding

1.  is verheugd over de mededeling van de Commissie getiteld „Naar een Single Market Act”; is van oordeel dat de drie hoofdstukken van de mededeling van gelijk belang en onderling verbonden zijn, en moeten worden omgezet in een consistente benadering zonder dat de verschillende punten die worden behandeld, van elkaar worden geïsoleerd;

2.  benadrukt in het bijzonder dat de Commissie er in deze mededeling naar streeft nieuwe benaderingen voor duurzame ontwikkeling te bevorderen;

3.  dringt er bij de Commissie op aan de prioritaire onderdelen van de EU-begroting voor het volgende financiële kader aan een financiële audit te onderwerpen en prioriteit te geven aan projecten met een Europese meerwaarde die ertoe bijdragen het concurrentievermogen van de EU en de integratie op het gebied van onderzoek, kennis en innovatie te versterken;

4.  onderstreept, in het bijzonder gezien de economische en financiële crisis, het belang van de interne markt voor het concurrentievermogen van het EU-bedrijfsleven en voor de groei en de stabiliteit van Europa's economieën, doet een beroep op de Commissie en de lidstaten om voldoende middelen uit te trekken voor een betere uitvoering van de regels voor de interne markt, en is verheugd over het feit dat in de mededeling voor een holistische aanpak is gekozen; onderstreept de complementariteit van de verschillende maatregelen in het Monti-verslag, en merkt op dat de coherentie van dit verslag niet geheel terug te vinden is in de Single Market Act;

5.  verzoekt de Commissie derhalve voorstellen voor een ambitieus pakket maatregelen in te dienen dat op een duidelijke en coherente strategie ter bevordering van het concurrentievermogen van de interne markt berust; verzoekt de Commissie opnieuw aansluiting te zoeken bij de zienswijze van het verslag van Mario Monti, die erin bestaat liberalisering en competitiviteit aan te moedigen en tegelijk de fiscale en sociale convergentie te verbeteren;

6.  benadrukt dat het belangrijk is dat het economische bestuur van de Europese Unie verbeterd wordt, zodat economische omstandigheden gecreëerd worden waarin ondernemingen de door de interne markt geboden mogelijkheden kunnen benutten om groter en competitiever te worden, en vraagt dat dit verband expliciet wordt vermeld in de Single Market Act; vraagt dat de Commissie de impact van de groeiende economische divergentie tussen de EU-lidstaten op de cohesie van de interne markt nauwlettend in het oog houdt;

7.  beklemtoont de noodzaak van een ambitieus Europees industriebeleid voor het versterken van de reële economie en het bewerkstelligen van de overgang naar een intelligentere en meer duurzame economie;

8.  wijst erop dat de externe dimensie van het Europees beleid, die onder meer de internationale handel omvat, steeds belangrijker wordt als gevolg van de integratie van de markten, waardoor een goed extern beleid erg bevorderlijk kan zijn voor duurzame groei, werkgelegenheid en versterking van de interne markt voor ondernemingen, overeenkomstig de doelstellingen van de EU 2020-strategie; benadrukt dat het handelsbeleid van de EU moet worden omgevormd tot een doeltreffend instrument voor duurzame ontwikkeling en het scheppen van meer en betere banen; vraagt de Commissie een handelsbeleid uit te werken dat de nodige samenhang vertoont met een sterk op werkgelegenheid gericht industriebeleid;

9.  merkt op dat het beleid van de Europese Unie voor de interne markt en dat voor regionale ontwikkeling elkaar in grote mate aanvullen, en benadrukt dat vorderingen op het gebied van de interne markt en verdere ontwikkeling van de regio´s van de Unie onderling van elkaar afhankelijk zijn, beide gericht op een Europa dat wordt gekenmerkt door samenhang en concurrentievermogen; is ingenomen met de voorstellen van de Commissie die erop gericht zijn de interne markt te verdiepen; onderstreept dat reële en daadwerkelijke toegang tot de interne markt voor alle regio's in de EU een eerste vereiste is voor vrij verkeer van personen, goederen, kapitaal en diensten, en daarmee voor een sterke en dynamische interne markt; wijst in dit verband op de essentiële rol die het regionaal beleid van de Unie speelt bij de ontwikkeling van infrastructuur en bij de economisch en sociaal samenhangende ontwikkeling van regio's;

Algemene beoordeling
Een innovatieve interne markt

10.  verzoekt de Commissie om in samenwerking met de belanghebbenden een consequente en evenwichtige strategie vast te stellen, gericht op bevordering van innovatie en steun voor innovatieve bedrijven, als beste wijze van beloning van creatieve prestaties, en bescherming van de grondrechten, zoals het recht op privacy en bescherming van persoonsgegevens;

11.  is sterk voorstander van de ontwikkeling van een MKB-vriendelijk EU-octrooi en van een geharmoniseerd systeem voor de beslechting van octrooigeschillen, teneinde de interne markt tot een leider op innovatiegebied te maken en het Europese concurrentievermogen te bevorderen; onderstreept dat het in een groot aantal talen vertalen van octrooien een extra last vormt en een belemmering voor innovatie op de interne markt, en dat zo snel mogelijk een compromis voor de taalaspecten moet worden gevonden;

12.  is voorstander van de ontwikkeling van EU-projectobligaties, teneinde de langetermijninnovatie en het scheppen van nieuwe werkgelegenheid op de interne markt te steunen en de tenuitvoerlegging van grote grensoverschrijdende infrastructuurprojecten, met name op het gebied van energie, transport en telecommunicatie, te financieren, en de ecologische transformatie van onze economieën dichterbij te brengen; onderstreept de noodzaak van passende structuren voor risicobeheersing en van volledige openbaarmaking van alle potentiële risico's;

13.  wijst op het belang van een volledig operationele interne markt voor energie voor het tot stand brengen van een grotere energiebevoorradingsautonomie; is van oordeel dat dit kan worden gerealiseerd middels een benadering van regionale clusters, alsmede middels diversifiëring van de energieroutes en -bronnen; onderstreept dat de infrastructuurvoorzieningen in Oost-Europa moeten worden verbeterd, teneinde deze op het niveau van de lidstaten in West-Europa te brengen; onderstreept dat de interne markt voor energie moet bijdragen aan het betaalbaar houden van energie voor zowel consumenten, als het bedrijfsleven; is van mening dat met het oog op de verwezenlijking van de klimaat- en energiedoelstellingen van de EU een nieuwe benadering geboden is, met de toepassing van minimumaccijnstarieven voor CO2-emissies en energie-inhoud; onderstreept de noodzaak van plannen voor een grotere energie-efficiëntie en van maatregelen voor het flink vergroten van de energiebesparingen; onderstreept de noodzaak van bevordering van zogenaamde „smart grids”, alsook van hernieuwbare energieën, en van het bevorderen van plaatselijke en regionale autoriteiten om in hun energie-efficiëntieplannen van ICT gebruik te maken; verzoekt de Commissie van nabij toezicht uit te oefenen op de tenuitvoerlegging van de richtlijnen inzake energie-etikettering, eco-design, vervoer, gebouwen en infrastructuur, teneinde tot een gemeenschappelijke Europese kaderbenadering te komen en te waarborgen;

14.  steunt het initiatief met betrekking tot de ecologische voetafdruk van producten, en dringt er bij de Commissie op aan snel te komen met een concreet gemeenschappelijk evaluatie- en etiketteringssysteem;

15.  verzoekt de Commissie grensoverschrijdende investeringen te bevorderen, voorwaarden te creëren die ertoe leiden dat risicokapitaal op doeltreffende wijze op de interne markt worden geïnvesteerd, investeerders te beschermen en te bevorderen dat deze middelen in duurzame projecten worden geïnvesteerd, teneinde de ambitieuze doelstellingen van de EU 2020-strategie te verwezenlijken; verzoekt de Commissie de mogelijkheid te onderzoeken om een Europees risicokapitaalfonds in het leven te roepen dat zich voor investeringen in de startfase van demonstratie en bedrijfsontwikkeling vóór de commerciële investeringsfase leent; verzoekt de Commissie jaarlijks een beoordeling te maken van de behoeften aan overheids- en particuliere investeringen en de manier waarop daarin wordt of zou moeten worden voorzien in haar voorstellen;

16.  erkent het belang van overheidsopdrachten, in het bijzonder precommerciële opdrachten, en de rol die zij spelen bij het bevorderen van innovatie op de interne markt; spoort de lidstaten aan precommerciële opdrachten te gebruiken om nieuwe markten voor innovatieve en groene technologieën een beslissend eerste steuntje in de rug te geven, en tegelijkertijd de kwaliteit en de doeltreffendheid van de publieke dienstverlening te verbeteren; verzoekt de Commissie en de lidstaten de bestaande mogelijkheden om van precommerciële overheidsopdrachten gebruik te maken beter bij overheden onder de aandacht te brengen; verzoekt de Commissie te onderzoeken hoe grensoverschrijdende gezamenlijke overheidsopdrachten kunnen worden bevorderd;

17.  verzoekt de lidstaten met klem meer te doen om hulpmiddelen voor innovatie bijeen te brengen door middel van de totstandbrenging van innovatieclusters en door te bevorderen dat het MKB aan onderzoekprogramma's van de EU deelneemt; onderstreept de noodzaak van het uitwisselen en grensoverschrijdend benutten van de resultaten van wetenschappelijk onderzoek en innovatie;

Een digitale interne markt

18.  is verheugd over het voornemen van de Commissie om de richtlijn inzake e-handtekeningen te herzien om een wettelijk kader te creëren voor grensoverschrijdende erkenning en interoperabiliteit van beveiligde e-authenticatiesystemen; onderstreept de noodzaak van wederzijdse erkenning van elektronische identificatie en authenticatie in de hele EU, en verzoekt de Commissie om in dit verband met name de discriminatieproblemen aan te pakken die dienstenontvangers op grond van hun nationaliteit of woonplaats ondervinden;

19.  is van mening dat het witboek over vervoerbeleid vooral aandacht moet besteden aan de bevordering van duurzame vervoermiddelen en aan intermodaliteit; benadrukt het belang van het voorgestelde pakket inzake e-mobiliteit gericht op het gebruik van nieuwe technologieën ter bevordering van een efficiënt en duurzaam vervoerssysteem, met name door het gebruik van geïntegreerde ticketverkoopsystemen; spoort de lidstaten aan de richtlijn inzake intelligente vervoerssystemen spoedig ten uitvoer te leggen;

20.  verzoekt de Commissie en de lidstaten passende maatregelen te nemen om het vertrouwen van het bedrijfsleven en de burgers in e-handel te vergroten, met name door op dit terrein een hoog niveau van consumentenbescherming te waarborgen; onderstreept dat dit kan worden gerealiseerd na een grondige evaluatie van de richtlijn consumentenrechten en een gedetailleerde effectbeoordeling van alle beleidsopties in het Groenboek over het Europees verbintenissenrecht; wijst erop dat ook het vereenvoudigen van de grensoverschrijdende registratie van domeinnamen voor internetbedrijven, alsmede het verbeteren van elektronische betalingssystemen en het vereenvoudigen van schuldinvordering over grenzen heen nuttig zou zijn voor het bevorderen van e-handel in de hele EU;

21.  onderstreept de dwingende noodzaak het normalisatiebeleid van de EU inzake informatie- en communicatietechnologieën (ICT) aan de markt- en beleidsontwikkelingen aan te passen, met als doel de Europese beleidsdoelstellingen te verwezenlijken waarbij interoperabiliteit essentieel is;

22.  onderstreept de noodzaak de bestaande belemmeringen voor grensoverschrijdende e-handel in de EU weg te nemen; onderstreept de noodzaak van een actief beleid om burgers en bedrijven in staat te stellen ten volle te profiteren van dit instrument, dat kwalitatief hoogstaande goederen en diensten tegen concurrerende prijzen biedt; is van mening dat dit van essentieel belang is in de huidige economische crisis, en dat dit in hoge mate zou bijdragen aan voltooiing van de interne markt, als middel om de groeiende ongelijkheid te bestrijden en consumenten die kwetsbaar zijn, op afgelegen locaties wonen of wier mobiliteit beperkt is, lage inkomensgroepen en kleine en middelgrote ondernemingen die er bijzonder in geïnteresseerd zijn aansluiting te vinden bij de wereld van de e-handel, te beschermen;

23.  benadrukt dat de EU-regio's het potentieel hebben om een aanzienlijke rol te spelen door de Commissie bij te staan in haar streven naar de totstandbrenging van een digitale interne markt; wijst er in dit verband op dat het belangrijk is de middelen die voor de EU-regio's beschikbaar zijn, te gebruiken om hun ontwikkelingsachterstand weg te werken op het gebied van e-handel en e-diensten, die een vruchtbare bron van toekomstige groei in de regio's zouden kunnen zijn;

24.  is van mening dat kmo's in staat moeten worden gesteld op grote schaal gebruik te maken van e-handel in Europa; betreurt het feit dat de Commissie pas in 2012 een voorstel zal indienen voor een Europees stelsel voor de beslechting van online geschillen bij digitale transacties, twaalf jaar nadat het Parlement om een dergelijk initiatief had gevraagd in september 2000(9);

25.  spoort de lidstaten met klem aan de derde richtlijn postdiensten (2008/6/EG) volledig uit te voeren; onderstreept de noodzaak van het waarborgen van universele toegang tot kwalitatief hoogwaardige postdiensten, het voorkomen van sociale dumping en het bevorderen van interoperabiliteit en samenwerking tussen poststelsels en -diensten, met het oog op een doeltreffende distributie en tracering van online aankopen, hetgeen het vertrouwen van consumenten in grensoverschrijdende aankopen ten goede zal komen;

26.  onderstreept de noodzaak van de totstandbrenging van een interne markt voor online audiovisuele goederen middels het bevorderen van open ict-normen, en van steun voor innovatie en creativiteit door middel van een doeltreffend beheer van auteursrechten, inclusief de ontwikkeling van een pan-Europees vergunningensysteem, gericht op het waarborgen van een breder en billijker toegang tot cultuurgoederen en -diensten voor burgers, en het garanderen dat houders van rechten adequaat voor hun creativiteit worden vergoed en dat de grondrechten van internetgebruikers worden gerespecteerd; onderstreept dat het belangrijk is online wetgeving inzake intellectuele-eigendomsrechten in overeenstemming te brengen met offline wetgeving inzake intellectuele-eigendomsrechten, met name ten aanzien van handelsmerken, teneinde consumenten en het bedrijfsleven meer vertrouwen in e-handel te geven;

27.  wijst op de noodzaak van het intensiveren van de strijd tegen online piraterij en van het vergroten van de rechten van scheppers, met inachtneming van de grondrechten van de consument; is van oordeel dat organisaties en burgers beter moeten worden geïnformeerd over de gevolgen van namaak en piraterij; is verheugd over het door de Commissie aangekondigde initiatief ter bestrijding van namaak en piraterij van producten, met name de beoogde indiening van wetgevingsvoorstellen in 2011, die erop zijn gericht het rechtskader aan de nieuwe uitdagingen van het internet aan te passen en de maatregelen van de douaneautoriteiten op dit gebied te versterken; wijst erop dat in dit verband ook synergie met het aangekondigde actieplan ter versterking van de Europese marktcontrole kan worden bereikt;

28.  onderstreept tevens dat de bescherming en handhaving van intellectuele-eigendomsrechten in het kader van een bredere benadering dient te worden ontwikkeld door rekening te houden met de rechten en behoeften van de consumenten en de EU-burgers, zonder afbreuk te doen aan andere interne en externe beleidsmaatregelen van de EU, zoals de bevordering van de informatiemaatschappij, de ondersteuning van onderwijs, gezondheidszorg en ontwikkeling in derde landen en de wereldwijde stimulering van biologische en culturele diversiteit;

Een bedrijfsvriendelijke interne markt

29.  beklemtoont dat het pakket voor financieel toezicht daadwerkelijk moet worden afgerond en uitgevoerd opdat er een duurzame interne markt kan ontstaan; vraagt dat de Commissie elk jaar met het oog op de feitelijke uitvoering van dit pakket in de hele EU een evaluatie uitvoert en een concordantietabel publiceert; vindt dat nationale en communautaire toezichthoudende instanties hiertoe goede praktijken moeten hanteren;

30.  verzoekt de Commissie de toegang van het MKB tot kapitaalmarkten te verbeteren door het stroomlijnen van de informatie over de verschillende financieringsmogelijkheden van de EU, zoals het programma concurrentievermogen en innovatie, de Europese Investeringsbank of het Europees Investeringsfonds, en door de financieringsprocedures eenvoudiger, sneller en minder bureaucratisch te maken; beveelt aan om met het oog hierop te kiezen voor een holistischer benadering van de toekenning van financiering, in het bijzonder voor de overgang op een duurzamer economie;

31.  meent dat de pluralistische structuur van de Europese banksector optimaal inspeelt op de uiteenlopende financieringsbehoeften van KMO's en dat de verscheidenheid van rechtsvormen en bedrijfsdoelstellingen de toegang tot financiering verbetert;

32.  onderstreept de belangrijke plaats die KMO's en micro-bedrijven innemen in de Europese economie; hamert derhalve op de noodzaak om ervoor te zorgen dat het in de Single Market Act verankerde „think small first”-beginsel naar behoren wordt toegepast en steunt de maatregelen van de Commissie gericht op het elimineren van de onnodige administratieve rompslomp voor het MKB; pleit voor ondersteuning van mkb-bedrijven met een specifiek groeipotentieel, hoge lonen en goede arbeidsvoorwaarden en dringt aan op differentiëring binnen de Small Business Act om deze in overeenstemming te brengen met de EU-strategie voor 2020;

33.  vestigt de aandacht op het belang van het plaatselijke bedrijfsleven voor de sociale banden, de werkgelegenheid en de dynamiek in achtergebleven gebieden, met name stedelijke agglomeraties met problemen of dunbevolkte gebieden; dringt erop aan dat deze gebieden op passende wijze worden ondersteund in het kader van het regionaal beleid van de Unie;

34.  onderstreept de noodzaak van een versterking van het vermogen van KMO's om projecten te ontwerpen en voorstellen te schrijven, waartoe onder meer technische bijstand en geschikte scholingsprogramma's moeten worden aangeboden;

35.  dringt aan op de goedkeuring van het Europees Statuut van de besloten vennootschap, teneinde de vestiging en exploitatie van kleine en middelgrote ondernemingen op de interne markt te vergemakkelijken;

36.  meent dat risicokapitaalinvesteerders eerder geneigd zullen zijn om kleine en micro-ondernemingen in de aanloopfase te financieren indien efficiëntere exitmogelijkheden zouden bestaan via nationale of Europese beurzen voor groeiaandelen, die thans niet goed genoeg functioneren;

37.  dringt er bij alle lidstaten op aan het „goederenpakket” volledig ten uitvoer te leggen;

38.  wijst op het belang van onderling gekoppelde ondernemingsregisters en verzoekt de Commissie een duidelijk wetgevingskader te ontwikkelen dat waarborgt dat de gegevens in dergelijke registers correct en volledig zijn;

39.  erkent de belangrijke bijdrage van de detailhandel aan groei en werkgelegenheid; verzoekt de Commissie om in de Single Market Act een voorstel op te nemen voor een Europees actieplan voor de detailhandel, dat erop gericht is de talrijke uitdagingen waarmee detailhandelaren en leveranciers op de interne markt te kampen hebben, aan te wijzen en aan te pakken; meent dat het actieplan moet worden gebaseerd op de resultaten van de actuele werkzaamheden van het Europees Parlement inzake „een efficiëntere en billijkere detailhandelsmarkt”;

40.  onderstreept dat het belangrijk is onnodige fiscale, administratieve en wettelijke belemmeringen voor grensoverschrijdende activiteiten weg te nemen; is van oordeel dat het btw-kader en de rapportageverplichtingen voor het bedrijfsleven moeten worden verduidelijkt om duurzame productie- en consumptiepatronen te stimuleren, aanpassingskosten te beperken, btw-fraude te bestrijden en het concurrentievermogen van EU-ondernemingen te vergroten;

41.  is verheugd over het voornemen van de Commissie om een groenboek over corporate governance te publiceren en een openbare raadpleging te houden over sociale, milieu- en mensenrechtenaspecten van investeringen door ondernemingen; dringt er bij de Commissie op aan met concrete voorstellen over particuliere investeringen te komen teneinde doeltreffende prikkels voor duurzame en ethisch verantwoorde langetermijninvesteringen te bieden, voor een betere coördinatie van het beleid inzake vennootschapsbelastingen te zorgen en maatschappelijk verantwoord ondernemen aan te moedigen;

42.  verheugt zich over de herziening van de energiebelastingrichtlijn, die tot doel heeft de doelstellingen in verband met de klimaatverandering beter te weerspiegelen, op voorwaarde dat de belastingdruk niet overmatig op kwetsbare consumenten terechtkomt;

43.  is zeer verheugd dat de Commissie het initiatief neemt tot een richtlijn tot invoering van een gemeenschappelijke, geconsolideerde grondslag voor vennootschapsbelasting, en onderstreept dat dit belastingontduiking zou verminderen en de transparantie en de vergelijkbaarheid van de desbetreffende tarieven ten goede zou komen, en aldus zou bijdragen aan het verkleinen van de belemmeringen voor grensoverschrijdende activiteiten;

44.  verzoekt de Commissie de procedures voor overheidsopdrachten efficiënter en minder bureaucratisch te maken om EU-ondernemingen over de streep te trekken aan grensoverschrijdende overheidsopdrachten mee te doen; onderstreept dat verdere vereenvoudiging nodig is, in het bijzonder voor plaatselijke en regionale autoriteiten en om kleine en middelgrote ondernemingen een betere toegang tot overheidsopdrachten te geven; verzoekt de Commissie met klem gegevens over te leggen met betrekking tot de mate van toegankelijkheid van procedures voor overheidsopdrachten en voor wederkerigheid met andere geïndustrialiseerde landen en de belangrijkste opkomende economieën te zorgen; verzoekt de Commissie nieuwe mogelijkheden te verkennen om de toegang voor Europese ondernemingen tot de markten voor overheidsopdrachten buiten de EU te verbeteren, teneinde voor een gelijk speelveld te zorgen voor Europese en buitenlandse bedrijven die om overheidsopdrachten concurreren;

45.  stelt in meer algemene zin voor dat toekomstige handelsovereenkomsten die door de Unie worden gesloten, een hoofdstuk over duurzame ontwikkeling bevatten dat is gebaseerd op de beginselen van maatschappelijk verantwoord ondernemen, zoals omschreven in de bijgewerkte versie van 2010 van de OESO-richtsnoeren voor multinationale ondernemingen;

46.  verzoekt de Commissie om op Europees en internationaal niveau voor een nauwere coördinatie van mkb-maatregelen te zorgen en kmo's te identificeren en te steunen die over een groot commercieel potentieel beschikken; is van mening dat de lidstaten meer moeten doen om kmo's aan te moedigen gebruik te maken van bestaande initiatieven en instrumenten, zoals de markttoegangsdatabank en de exporthelpdesk;

47.  is van oordeel dat de Commissie haar inspanningen ter vergemakkelijking van grensoverschrijdend bankieren dient te versterken door alle bestaande belemmeringen voor het gebruik van concurrerende clearing- en afwikkelingsystemen weg te nemen en de handel aan gemeenschappelijke regels te onderwerpen;

48.  is van oordeel dat de Commissie steun dient te verlenen aan een Europese beurs voor de uitwisseling van vaardigheden, die het kleine en middelgrote ondernemingen mogelijk maakt om van de aanwezige knowhow in grotere ondernemingen te profiteren, teneinde op die manier het ontstaan van synergie en mentoring te bevorderen;

49.  verzoekt de Commissie voorstellen te doen voor de herziening van de jaarrekeningenrichtlijnen om te vergaande voorschriften die veel kosten met zich meebrengen en ondoelmatig zijn te voorkomen, vooral voor het MKB, zodat ondernemingen hun concurrentievermogen kunnen versterken en hun groeipotentieel beter kunnen benutten;

Een interne markt voor diensten

50.  onderstreept de noodzaak van een volledige en goede implementatie van de dienstenrichtlijn, met inbegrip van het opzetten van volledig operationele „één-loketten” die in de mogelijkheid voorzien om procedures online te doen en formaliteiten online af te wikkelen, waardoor de operationele kosten voor ondernemingen flink kunnen worden verlaagd en de interne markt voor diensten kan worden gestimuleerd; verzoekt de Commissie en de lidstaten samen te werken en op basis van het proces van wederzijdse evaluatie verdere stappen te doen in de ontwikkeling van de interne markt voor diensten; verzoekt de Commissie prioriteit toe te kennen aan de ontwikkeling van de interne markt voor online-diensten;

51.  verzoekt de Commissie te werken aan de totstandkoming van de sector bedrijfsdiensten en de noodzakelijke regelgevingsmaatregelen te nemen om bedrijven, in het bijzonder het MKB, te beschermen tegen oneerlijke handelspraktijken van grotere ondernemingen in de bevoorradingsketen; verzoekt de Commissie in samenwerking met de belanghebbenden een definitie op te stellen van „overduidelijk oneerlijke handelspraktijken” in de bevoorradingsketen, en aanvullende maatregelen voor te stellen ter voorkoming van oneerlijke handelspraktijken op het gebied van mededinging en contractvrijheid; herinnert aan zijn resolutie van 16 december 2008 over misleidende gegevensbankdiensten(10), en dringt er nogmaals bij de Commissie op aan met een voorstel te komen ter bestrijding van misleidende praktijken van ondernemingen achter bedrijvengidsen;

52.  is van oordeel dat elk wetgevingsvoorstel betreffende dienstenconcessies een wettelijk kader moet bieden dat zorgt voor transparantie en daadwerkelijke juridische bescherming voor zowel economische marktdeelnemers, als aanbestedende autoriteiten in de EU; verzoekt de Commissie om voor het indienen van wetgevingsvoorstellen bewijzen te leveren voor de bewering dat de algemene beginselen in het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (non-discriminatie, het beginsel van gelijke behandeling en transparantie) niet bevredigend worden toegepast op bestaande dienstenconcessies;

53.  is verheugd over het voornemen van de Commissie om een vorstel in te dienen voor hervorming van het wetgevingskader voor normalisatie; benadrukt dat de normalisatie van diensten op gebieden waar dit doelmatig is gebleken moet worden gebruikt om tot de voltooiing van de interne markt bij te dragen, waarbij met name met de behoeften van kleine en middelgrote ondernemingen ten volle rekening moet worden gehouden; erkent het belang van productnormen voor de werking van de Europese interne markt en beschouwt normen als een essentieel instrument voor het bevorderen van duurzame en kwalitatief hoogwaardige goederen en diensten voor consumenten en ondernemingen; dringt aan op maatregelen ter bevordering van transparantie, kostenreducering en een verbeterde betrokkenheid van belanghebbende partijen;

54.  benadrukt dat voor de bevordering van het regionale concurrentievermogen „slimme specialisatie” van de regio´s belangrijk is; is van mening dat de interne markt van de EU alleen als geheel kan floreren indien alle spelers en alle regio's − met inbegrip van de kleine- en middelgrote ondernemingen in alle sectoren, inclusief de publieke sector, de sociale economie en de burgers zelf − erbij zijn betrokken; is daarnaast van mening dat niet slechts enkele high-techgebieden, maar alle regio's in Europa en elke lidstaat erbij moeten worden betrokken, waarbij zij zich concentreren op hun eigen sterke punten („slimme specialisatie”) binnen Europa;

55.  onderstreept het belang van de externe dimensie van de interne markt en met name van zowel bilaterale als multilaterale samenwerking op het gebied van regelgeving met de belangrijkste handelspartners gericht op bevordering van convergentie van de regelgeving, totstandbrenging van equivalentie van de regelgevingen van derde landen en de ruimere goedkeuring van internationale normen; spoort de Commissie aan om de bestaande overeenkomsten met derde landen te onderzoeken die elementen van de interne markt bevatten die zich tot over de grenzen van de EU uitstrekken, teneinde na te gaan in welke mate zij rechtszekerheid bieden voor hen die potentieel in het genot van dergelijke bepalingen komen;

Voornaamste prioriteiten
Ontwikkeling van een EU-octrooi en een uniform systeem voor geschillenbeslechting

56.  benadrukt dat de invoering van het EU-octrooi en een uniform systeem voor geschillenbeslechting evenals van een beter systeem voor het beheer van auteursrechten van beslissend belang is voor de bevordering van innovatie en creativiteit op de interne markt (voorstellen 1 en 2 van de Single Market Act);

Innovatie op het gebied van financiering

57.  verzoekt de Commissie en de lidstaten het belang van innovatie voor sterke en duurzame groei en nieuwe banen te erkennen door te waarborgen dat innovatie naar behoren wordt gefinancierd, met name door Europese projectobligaties in te voeren, in het bijzonder op de gebieden energie, vervoer en telecommunicatie, steun voor de ecologische transformatie van onze economieën, en door middel van een wettelijk kader dat risicokapitaalfondsen de mogelijkheid geeft om overal in de Unie vrijelijk te investeren; onderstreept dat er stimulansen moeten worden ontwikkeld voor langetermijninvesteringen in innovatieve sectoren en sectoren die nieuwe werkgelegenheid creëren (voorstellen 15 en 16 van de Single Market Act);

Het stimuleren van e-handel

58.  dringt er bij de Commissie op aan alle noodzakelijke maatregelen te nemen om het vertrouwen van bedrijven en consumenten in de elektronische handel te bevorderen en de ontwikkeling ervan op de interne markt te stimuleren; onderstreept dat een EU-actieplan tegen namaak en piraterij, alsmede een kaderrichtlijn betreffende het beheer van auteursrechten van essentieel belang zijn voor het verwezenlijken van deze doelstelling (voorstellen 2, 3 en 5 van de Single Market Act);

Het verbeteren van de deelname van het MKB aan de interne markt

59.  onderstreept dat aanvullende maatregelen nodig zijn om de interne markt voor het MKB aantrekkelijker te maken; is van oordeel dat deze maatregelen onder andere gericht zouden moeten zijn op het verbeteren van de toegang voor het MKB tot kapitaalmarkten, het elimineren van administratieve en fiscale belemmeringen voor grensoverschrijdende activiteiten van kleine en middelgrote ondernemingen door het vaststellen van een duidelijker btw-kader en een gemeenschappelijke geconsolideerde grondslag voor vennootschapsbelasting, en het herzien van het kader voor overheidsopdrachten, teneinde procedures flexibeler en minder bureaucratisch te maken (voorstellen 12, 17, 19 en 20 van de Single Market Act);

Het rationaliseren van de procedures voor overheidsopdrachten

60.  verzoekt de Commissie om een herziening van de wetgeving inzake overheidsopdrachten en publiek-private partnerschappen, teneinde slimme, duurzame en inclusieve groei op de interne markt te bevorderen en grensoverschrijdende overheidsopdrachten te stimuleren; onderstreept de noodzaak van een duidelijker kader, dat zowel de economische marktdeelnemers, als de aanbestedende autoriteiten juridische zekerheid biedt; spoort de lidstaten met klem aan precommerciële overheidsopdrachten te gebruiken om de markt voor innovatieve en groene technologie te stimuleren; hamert op de noodzaak van wederkerigheid met geïndustrialiseerde landen en belangrijke opkomende economieën op het gebied van overheidsopdrachten (voorstellen 17 en 24 van de Single Market Act);

o
o   o

61.  verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie, en de regeringen en parlementen van de lidstaten.

(1) Aangenomen teksten, P7_TA(2010)0186.
(2) http://ec.europa.eu/enterprise/policies/sme/business-environment/files/smes_access_to_public_procurement_final_report_2010_en.pdf.
(3) PB L 176 van 7.7.2009, blz. 17.
(4) Aangenomen teksten, P7_TA(2010)0320.
(5) Aangenomen teksten, P7_TA(2010)0173.
(6) PB C 349 E van 22.10.2010, blz. 25.
(7) PB C 67 E van 18.3.2010, blz. 10.
(8) PB C 316 E van 22.12.2006, blz. 378.
(9) PB C 146 van 17.5.2001, blz. 101.
(10) PB C 45 E van 23.2.2010, blz. 17.

Juridische mededeling - Privacybeleid