Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2012/0344(NLE)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A7-0179/2013

Ingediende teksten :

A7-0179/2013

Debatten :

Stemmingen :

PV 02/07/2013 - 9.12

Aangenomen teksten :

P7_TA(2013)0299

Aangenomen teksten
PDF 349kWORD 36k
Dinsdag 2 juli 2013 - Straatsburg
Bepaalde soorten van horizontale steunmaatregelen betreffende het openbaar personenvervoer per spoor en over de weg *
P7_TA(2013)0299A7-0179/2013

Wetgevingsresolutie van het Europees Parlement van 2 juli 2013 over het voorstel voor een verordening van de Raad tot wijziging van Verordening (EG) nr. 994/98 van de Raad van 7 mei 1998 betreffende de toepassing van de artikelen 92 en 93 van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap op bepaalde soorten van horizontale steunmaatregelen en van Verordening (EG) nr. 1370/2007 van het Europees Parlement en de Raad van 23 oktober 2007 betreffende het openbaar personenvervoer per spoor en over de weg (COM(2012)0730 – C7-0005/2013 – 2012/0344(NLE))

(Raadpleging)

Het Europees Parlement,

–  gezien het voorstel van de Commissie aan de Raad (COM(2012)0730),

–  gezien artikel 109 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, op grond waarvan het Parlement door de Raad is geraadpleegd (C7-0005/2013),

–  gezien Verordening (EG) nr. 800/2008 van de Commissie van 6 augustus 2008 waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 87 en 88 van het Verdrag met de gemeenschappelijke markt verenigbaar worden verklaard, hierna „de algemene groepsvrijstellingsverordening”(1),

–  gezien artikel 55 van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie economische en monetaire zaken en het advies van de Commissie vervoer en toerisme (A7-0179/2013),

1.  hecht zijn goedkeuring aan het Commissievoorstel, als geamendeerd door het Parlement;

2.  verzoekt de Commissie haar voorstel krachtens artikel 293, lid 2, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie dienovereenkomstig te wijzigen;

3.  verzoekt de Raad, wanneer deze voornemens is af te wijken van de door het Parlement goedgekeurde tekst, het Parlement hiervan op de hoogte te stellen;

4.  wenst opnieuw te worden geraadpleegd ingeval de Raad voornemens is ingrijpende wijzigingen aan te brengen in het voorstel van de Commissie;

5.  verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en aan de Commissie.

Door de Commissie voorgestelde tekst   Amendement
Amendement 2
Voorstel voor een verordening
Overweging 1
(1)  Verordening (EG) nr. 994/98 van de Raad van 7 mei 1998 betreffende de toepassing van de artikelen 92 en 93 van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap op bepaalde soorten van horizontale steunmaatregelen, kent de Commissie de bevoegdheid toe bij verordening te verklaren dat bepaalde soorten steunmaatregelen verenigbaar zijn met de interne markt en vrijgesteld zijn van de aanmeldingsverplichting van artikel 108, lid 3, van het Verdrag.
(1)  Verordening (EG) nr. 994/98 van de Raad van 7 mei 1998 betreffende de toepassing van de artikelen 92 en 93 van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap op bepaalde soorten van horizontale steunmaatregelen, kent de Commissie de bevoegdheid toe bij verordening te verklaren dat bepaalde soorten steunmaatregelen verenigbaar zijn met de interne markt en vrijgesteld zijn van de aanmeldingsverplichting van artikel 108, lid 3, van het Verdrag. Verordening (EG) nr. 994/98 bepaalt deze categorieën, terwijl de details van de vrijstellingen en hun doelstellingen in de desbetreffende verordeningen en richtsnoeren worden verduidelijkt.
Amendement 3
Voorstel voor een verordening
Overweging 1 bis (nieuw)
(1 bis)  De Commissie streeft naar een juiste balans door haar handhavingsbeleid toe te spitsen op gevallen met een significante impact op de interne markt, en bepaalde soorten staatsteun vrij te stellen van de aanmeldingsplicht, waarbij tegelijk wordt voorkomen dat te veel diensten worden uitgezonderd van controle inzake staatssteun.
Amendement 1
Voorstel voor een verordening
Overweging 1 ter (nieuw)
(1 ter) Gezien speciaal verslag nr. 15/2011 van de Europese Rekenkamer „Waarborgen de procedures van de Commissie een effectief beheer van de controle op staatssteun?”,
Amendement 4
Voorstel voor een verordening
Overweging 3
(3)  Verordening (EG) nr. 994/98 machtigt de Commissie een vrijstelling te verlenen voor steun voor onderzoek en ontwikkeling, maar niet voor innovatie. Inmiddels is innovatie een beleidsprioriteit van de Unie geworden in het kader van de „Innovatie-Unie”, een van de vlaggenschipinitiatieven van Europa 2020. Bovendien zijn veel steunmaatregelen ten behoeve van innovatie betrekkelijk beperkt en veroorzaken zij geen aanzienlijke mededingingsdistorsies.
(3)  Verordening (EG) nr. 994/98 machtigt de Commissie een vrijstelling te verlenen voor steun voor onderzoek en ontwikkeling, maar niet voor innovatie. Inmiddels is innovatie, inclusief sociale innovatie, een beleidsprioriteit van de Unie geworden in het kader van de „Innovatie-Unie”, een van de vlaggenschipinitiatieven van Europa 2020. Bovendien zijn veel steunmaatregelen ten behoeve van innovatie betrekkelijk beperkt en veroorzaken zij geen aanzienlijke mededingingsdistorsies, in het bijzonder indien zij stroken met de vlaggenschipinitiatieven van Europa 2020 en het nieuwe innovatiebeleid Horizon 2020 en het nieuwe kaderprogramma voor onderzoek en innovatie. In de algemene groepsvrijstellingsverordening worden de voorwaarden en de soorten steun opgenomen, die voor vrijstelling in aanmerking komen.
Amendement 23
Voorstel voor een verordening
Overweging 9
(9)  Steunmaatregelen van de overheid op het gebied van de amateursporten hebben, voor zover zij staatssteun inhouden, in de regel slechts een geringe invloed op het intracommunautaire handelsverkeer en leiden niet tot aanzienlijke mededingingsdistorsies. Ook de toegekende bedragen zijn doorgaans beperkt. Op grond van de opgedane ervaring kunnen duidelijke verenigbaarheidsvoorwaarden worden vastgesteld om ervoor te zorgen dat steun ten behoeve van amateursporten geen aanzienlijke verstoringen van de mededinging tot gevolg heeft.
(9)  Amateursport kan in de regel niet beschouwd worden als een economische activiteit. Daar waar amateursporten uitzonderlijkerwijs toch economische activiteiten behelzen en steunmaatregelen van de overheid op het gebied van de amateursporten uitzonderlijkerwijs toch staatssteun inhouden, hebben deze eigenlijk slechts een geringe invloed op het intracommunautaire handelsverkeer en leiden ze niet tot mededingingsdistorsies. Ook de toegekende bedragen zijn doorgaans beperkt. Op grond van de opgedane ervaring kunnen duidelijke verenigbaarheidsvoorwaarden worden vastgesteld om ervoor te zorgen dat steun ten behoeve van amateursporten wanneer deze bij wijze van uitzondering toch economische activiteiten inhouden, geen aanzienlijke verstoringen van de mededinging tot gevolg heeft. De nieuwe algemene groepsvrijstellingsverordening moet verduidelijken wanneer staatssteun moet worden beschouwd als steun die zich richt op sportverenigingen ten behoeve van hun activiteiten of op sportinfrastructuurprojecten en hiertussen een onderscheid maken.
Amendement 24
Voorstel voor een verordening
Overweging 9 bis (nieuw)
(9 bis)  Gezien het grote maatschappelijke belang van sport wordt het aanmoedigen van de ontplooiing van jongeren in beroepssportclubs in de jurisprudentie van het Hof van Justitie van de Europese Unie erkend als een legitieme doelstelling. Het staatssteunbeleid van de Unie moet daarom een duidelijk kader verstrekken waarin de lidstaten deze doelstellingen kunnen promoten en sportorganisaties met het oog hierop kunnen ondersteunen.
Amendement 6
Voorstel voor een verordening
Overweging 10
(10)  Wat steun voor lucht- en zeevervoer betreft weet de Commissie uit ervaring dat sociale steun voor vervoer aan bewoners van afgelegen gebieden, mits er geen onderscheid wordt gemaakt op grond van de identiteit van de operatoren, niet tot significante mededingingsverstoringen leidt, en dat duidelijke verenigbaarheidsvoorwaarden kunnen worden vastgesteld.
Schrappen

Amendement 7
Voorstel voor een verordening
Overweging 11
(11)  Met betrekking tot steun voor vervoer over de weg, per spoor of over de binnenwateren bepaalt artikel 93 van het Verdrag dat steunmaatregelen die beantwoorden aan de behoeften van de coördinatie van het vervoer of die overeenkomen met de vergoeding van bepaalde met het begrip „openbare dienst” verbonden, verplichte dienstverrichtingen, verenigbaar zijn met de Verdragen. Krachtens artikel 9 van Verordening (EG) nr. 1370/2007 van het Europees Parlement en de Raad van 23 oktober 2007 betreffende het openbaar personenvervoer per spoor en over de weg, zijn overeenkomstig die verordening verstrekte compensaties voor de openbaredienstverlening voor de exploitatie van openbare personenvervoersdiensten of voor de nettokosten van de in algemene regels vastgestelde tariefverplichtingen momenteel vrijgesteld van de meldingsplicht van artikel 108, lid 3, van het Verdrag. Met het oog op een geharmoniseerde aanpak van de groepsvrijstellingsverordeningen op het gebied van staatssteun, en in overeenstemming met de procedures van artikel 108, lid 4 en artikel 109 van het Verdrag, dient steun voor de coördinatie van het vervoer of voor de vergoeding van bepaalde met het begrip „openbare dienst” verbonden, verplichte dienstverrichtingen als bedoeld in artikel 93 van het Verdrag, in het toepassingsgebied van Verordening (EG) nr. 1370/2007 te worden opgenomen. Artikel 9 van Verordening (EG) nr. 1370/2007 dient derhalve zes maanden na de inwerkingtreding van een door de Commissie vast te stellen verordening met betrekking tot dit soort steun, te worden geschrapt.
(11)  Met betrekking tot steun voor vervoer over de weg, per spoor of over de binnenwateren bepaalt artikel 93 van het Verdrag dat steunmaatregelen die beantwoorden aan de behoeften van de coördinatie van het vervoer of die overeenkomen met de vergoeding van bepaalde met het begrip „openbare dienst” verbonden, verplichte dienstverrichtingen, verenigbaar zijn met de Verdragen.
Amendement 8
Voorstel voor een verordening
Overweging 12
(12)  De Commissie heeft in de afgelopen jaren ruime ervaring opgedaan met steun voor de breedbandsector, en zij heeft richtsnoeren terzake ontwikkeld. Daarbij is gebleken dat steun voor bepaalde soorten breedbandinfrastructuur niet tot ernstige verstoringen leidt en hiervoor een groepsvrijstelling zou kunnen worden verleend, mits aan bepaalde verenigbaarheidsvoorwaarden wordt voldaan. Dit geldt voor steun voor de voorziening met basisbreedband van gebieden waar geen breedbandinfrastructuur voorhanden is en de ontwikkeling daarvan in de nabije toekomst onwaarschijnlijk is („witte gebieden”) evenals voor individuele steunmaatregelen van geringe omvang voor zeer snelle toegangsnetwerken van de volgende generatie („NGA”) in gebieden waar geen NGA-infrastructuur voorhanden is en de ontwikkeling daarvan in de nabije toekomst onwaarschijnlijk is. Het geldt eveneens voor civieltechnische werken op het gebied van breedband en passieve breedbandinfrastructuur, ten aanzien waarvan de Commissie ruime praktische ervaring heeft opgedaan en duidelijke verenigbaarheidsvoorwaarden kunnen worden vastgesteld.
(12)  De Commissie heeft in de afgelopen jaren ruime ervaring opgedaan met steun voor de breedbandsector, en zij heeft richtsnoeren terzake ontwikkeld. Daarbij is gebleken dat steun voor bepaalde soorten breedbandinfrastructuur niet tot ernstige verstoringen leidt en hiervoor een groepsvrijstelling zou kunnen worden verleend, mits aan bepaalde verenigbaarheidsvoorwaarden wordt voldaan. Dit geldt voor steun voor de voorziening met basisbreedband van gebieden waar geen breedbandinfrastructuur voorhanden is en de ontwikkeling daarvan in de nabije toekomst onwaarschijnlijk is („witte gebieden”) evenals voor individuele steunmaatregelen van geringe omvang voor zeer snelle toegangsnetwerken van de volgende generatie („NGA”) in gebieden waar geen NGA-infrastructuur voorhanden is en de ontwikkeling daarvan in de nabije toekomst onwaarschijnlijk is. Het geldt eveneens voor civieltechnische werken op het gebied van breedband en passieve breedbandinfrastructuur, ten aanzien waarvan de Commissie ruime praktische ervaring heeft opgedaan en duidelijke verenigbaarheidsvoorwaarden kunnen worden vastgesteld. Een groepsvrijstelling voor civieltechnische werken en breedbandinfrastructuur zou vooral investeringen in plattelandgebieden en afgelegen regio's moeten ondersteunen. Vrije markttoegang voor exploitatie van de infrastructuur moet zijn verzekerd als voorwaarde voor het benutten van de groepsvrijstelling.
Amendement 9
Voorstel voor een verordening
Overweging 13
(13)  Het toepassingsgebied van Verordening (EG) nr. 994/98 dient derhalve te worden uitgebreid tot dit soort steunmaatregelen.
(13)  Het toepassingsgebied van Verordening (EG) nr. 994/98 dient derhalve te worden uitgebreid tot steunmaatregelen die hierbij worden vastgesteld.
Amendement 10
Voorstel voor een verordening
Overweging 14
(14)  Verordening (EG) nr. 994/98 bepaalt dat de drempels voor elke categorie van steun waarvoor de Commissie een groepsvrijstellingsverordening vaststelt, moeten worden uitgedrukt hetzij als steunintensiteit ten opzichte van een reeks in aanmerking komende kosten, hetzij als maximumsteunbedragen. Door deze voorwaarde is het moeilijk een groepsvrijstelling toe te kennen voor bepaalde steunmaatregelen die, door de bijzondere aard ervan, niet kunnen worden uitgedrukt in termen van steunintensiteit of maximumbedragen, zoals bijvoorbeeld financieringsinstrumenten of bepaalde soorten maatregelen ter bevordering van risicokapitaalinvesteringen. Dit is met name een gevolg van het feit dat er bij dergelijke complexe maatregelen sprake kan zijn van steun op verschillende niveaus (rechtstreeks begunstigden, intermediaire begunstigden, indirect begunstigden). Gezien de toenemende betekenis van dergelijke maatregelen en de bijdrage die zij leveren aan het bereiken van de EU-doelstellingen, dient meer flexibiliteit te worden geboden om ook deze maatregelen vrij te stellen. Het zou derhalve mogelijk moeten zijn om de drempels niet alleen als steunintensiteit of maximumsteunbedragen uit te drukken, maar ook in termen van maximaal steunniveau, ongeacht of de steun als staatssteun wordt aangemerkt.
(14)  Verordening (EG) nr. 994/98 bepaalt dat de drempels voor elke categorie van steun waarvoor de Commissie een groepsvrijstellingsverordening vaststelt, moeten worden uitgedrukt hetzij als steunintensiteit ten opzichte van een reeks in aanmerking komende kosten, hetzij als maximumsteunbedragen. Door deze voorwaarde is het moeilijk een groepsvrijstelling toe te kennen voor bepaalde steunmaatregelen die, door de bijzondere aard ervan, niet kunnen worden uitgedrukt in termen van steunintensiteit of maximumbedragen, zoals bijvoorbeeld financieringsinstrumenten of bepaalde soorten maatregelen ter bevordering van risicokapitaalinvesteringen. Dit is met name een gevolg van het feit dat er bij dergelijke complexe maatregelen sprake kan zijn van steun op verschillende niveaus (rechtstreeks begunstigden, intermediaire begunstigden, indirect begunstigden). Gezien de toenemende betekenis van dergelijke maatregelen en de bijdrage die zij leveren aan het bereiken van de EU-doelstellingen, dient meer flexibiliteit te worden geboden om ook deze maatregelen vrij te stellen. Het zou derhalve mogelijk moeten zijn om de drempels niet alleen als steunintensiteit of maximumsteunbedragen uit te drukken, maar ook in termen van maximaal steunniveau.
Amendement 11
Voorstel voor een verordening
Overweging 15 bis (nieuw)
(15 bis)  Om te zorgen voor een gelijk speelveld overeenkomstig de beginselen van de interne markt moet in de nationale steunregelingen een open en gelijke toegang tot staatssteun voor alle betrokken actoren op de markt worden gegarandeerd, in het bijzonder door toepassing van steunregelingen of – stelsels, en niet van individuele steun.
Amendement 12
Voorstel voor een verordening
Overweging 15 ter (nieuw)
(15 ter)  Voor een efficiënt werkend gelijk speelveld is ook een volledige, transparante toepassing van de nationale en EU-wetgeving inzake aanbestedingen vereist. Daarom moeten de nationale autoriteiten de toepasselijke voorschriften voor openbare aanbestedingen naleven bij het opzetten van steunregelingen of het verlenen van staatsteun die vrijgesteld wordt op grond van deze verordening.
Amendement 13
Voorstel voor een verordening
Overweging 15 quater (nieuw)
(15 quater)  De rechtsgrond van deze verordening, namelijk artikel 109 VWEU, voorziet slechts in raadpleging van het Europees Parlement en niet in de gewone wetgevingsprocedure, zoals sinds de inwerkingtreding van het Verdrag van Lissabon wel het geval is op andere terreinen van marktintegratie en economische regelgeving. Dit democratische tekort is onaanvaardbaar bij voorstellen die betrekking hebben op de middelen waarmee de Commissie toezicht houdt op besluiten en handelingen van gekozen. nationale en lokale overheden Dit tekort moet bij een toekomstige Verdragswijziging worden gecorrigeerd. De mededeling van de Commisie van 28 november 2012 getiteld „Blauwdruk voor een hechte economische en monetaire unie – Aanzet tot een Europees debat” voorziet in voorstellen voor een wijziging van het Verdrag in 2014. Deze voorstellen moeten een specifiek voorstel tot wijziging van artikel 109 VWEU bevatten om de in dat artikel genoemde verordeningen vast te kunnen stellen in overeenstemming met de gewone wetgevingsprocedure.
Amendement 14
Voorstel voor een verordening
Artikel 1 – punt 1
Verordening (EG) nr. 994/98
Artikel 1 – lid 1 – letter a – punt ii
(ii) onderzoek, ontwikkeling en innovatie;
(ii) onderzoek, ontwikkeling en innovatie, in het bijzonder als zij stroken met de vlaggenschipinitiatieven van Europa 2020 en de doelstellingen van Horizon 2020;
Amendement 15
Voorstel voor een verordening
Artikel 1 – punt 1
Verordening (EG) nr. 994/98
Artikel 1 – lid 1 – letter a – punt iii
(iii) milieubescherming;
(iii) milieubescherming, in het bijzonder als zij stroken met de vlaggenschipinitiatieven van Europa 2020 en de doelstellingen van Horizon 2020;
Amendement 16
Voorstel voor een verordening
Artikel 1 – punt 1
Verordening (EG) nr. 994/98
Artikel 1 – lid 1 – letter a – punt v bis (nieuw)
(v bis) bevordering van het toerisme, in het bijzonder als zij stroken met de vlaggenschipinitiatieven van Europa 2020 en de doelstellingen van Horizon 2020;
Amendement 25
Voorstel voor een verordening
Artikel 1 – punt 1
Verordening (EG) nr. 994/98
Artikel 1 – lid 1 – letter a – punt x
(x) amateursporten;
(x) amateursporten en de sportieve ontplooiing van jongeren;
Amendement 17
Voorstel voor een verordening
Artikel 1 – punt 1
Verordening (EG) nr. 994/98
Artikel 1 – lid 1 – letter a – punt xi
(xi) bewoners van afgelegen gebieden op het gebied van vervoer, met een sociaal karakter, die zonder discriminatie op grond van de identiteit van de operateur wordt toegekend;
Schrappen

Amendement 18
Voorstel voor een verordening
Artikel 1 – punt 1
Verordening (EG) nr. 994/98
Artikel 1 – lid 1 – letter a – punt xii
(xii) de coördinatie van het vervoer of de vergoeding van bepaalde met het begrip „openbare dienst” verbonden, verplichte dienstverrichtingen als bedoeld in artikel 93 van het Verdrag; en
Schrappen

Amendement 19
Voorstel voor een verordening
Artikel 1 – punt 2
Verordening (EG) nr. 994/98
Artikel 3 – lid 2
2.  Meteen bij de uitvoering van steunregelingen of van buiten een regeling toegekende individuele steunmaatregelen welke uit hoofde van die verordeningen zijn vrijgesteld, doen de lidstaten de Commissie, met het oog op bekendmaking daarvan op de website van de Commissie, een samenvatting toekomen van de inlichtingen betreffende deze steunregelingen of individuele steunmaatregelen die niet onder een vrijgestelde steunregeling vallen.
2.  Meteen bij de uitvoering van steunregelingen of van buiten een regeling toegekende individuele steunmaatregelen welke uit hoofde van die verordeningen zijn vrijgesteld, houden de lidstaten rekening met de naleving van de regels voor openbare aanbestedingen, met Europa 2020 en met het milieubeleid en de milieudoelstellingen van de Unie. De lidstaten doen de Commissie, met het oog op bekendmaking daarvan op de website van de Commissie, een samenvatting toekomen van de inlichtingen betreffende deze steunregelingen of individuele steunmaatregelen die niet onder een vrijgestelde steunregeling vallen.
Amendement 20
Voorstel voor een verordening
Artikel 1 – punt 2 bis (nieuw)
Verordening (EG) nr. 994/98
Artikel 3 – lid 4
(2 bis)  Artikel 3, lid 4, wordt vervangen door:
„4.  De lidstaten doen de Commissie ten minste eenmaal per jaar, bij voorkeur in elektronische vorm, een verslag over de toepassing van de generieke vrijstellingen toekomen; dit verslag wordt opgesteld overeenkomstig de specifieke eisen van de Commissie. De Commissie maakt deze verslagen voor het Europees Parlement en alle lidstaten toegankelijk. Eenmaal per jaar worden deze verslagen door het in artikel 7 bedoelde Adviescomité besproken en beoordeeld.„
Amendement 21
Voorstel voor een verordening
Artikel 1 – punt 2 ter (nieuw)
Verordening (EG) nr. 994/98
Artikel 5
(2 ter)  Artikel 5 wordt vervangen door:
„Artikel 5
Evaluatieverslag

Elke twee jaar dient de Commissie bij het Europees Parlement en bij de Raad een verslag in over de toepassing van deze verordening. Het verslag bevat met name een gedetailleerde kosten-batenanalyse van de groepsvrijstellingen die overeenkomstig deze verordening zijn toegekend, alsook een beoordeling van de bijdrage die deze verordening heeft geleverd aan de verwezenlijking van de vlaggenschipinitiatieven van Europa 2020 en het Horizon 2020. Een ontwerp-verslag wordt ter bestudering voorgelegd aan het in artikel 7 bedoelde Adviescomité. Elk jaar stelt de Commissie het Europees Parlement en de Raad in kennis van de uitkomsten van de monitoring van de toepassing van de groepsvrijstellingsverordeningen en publiceert deze op haar website in een samenvattend verslag, met inbegrip van een duidelijk overzicht van de bedragen en soorten van onverenigbare staatssteun er door de lidstaten in het kader van de groepsvrijstellingsverordeningen is toegekend.„

Amendement 22
Voorstel voor een verordening
Artikel 2
Verordening (EG) nr. 1370/2007
Artikel 9
Artikel 2

Schrappen

Verordening (EG) nr. 1370/2007 wordt als volgt gewijzigd:

Artikel 9 wordt geschrapt met ingang van zes maanden na de inwerkingtreding van een verordening van de Commissie met betrekking tot de in artikel 1, onder (a), punt xii, van Verordening (EG) nr. 994/98 van de Raad bedoelde staatssteun.

(1) PB L 214 van 9.8.2008, blz. 3.

Juridische mededeling - Privacybeleid