Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2015/2011(BUD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0221/2015

Ingediende teksten :

A8-0221/2015

Debatten :

Stemmingen :

PV 07/07/2015 - 5.10

Aangenomen teksten :

P8_TA(2015)0247

Aangenomen teksten
PDF 257kWORD 70k
Dinsdag 7 juli 2015 - Straatsburg Definitieve uitgave
Ontwerp van gewijzigde begroting nr. 1/2015: Europees Fonds voor strategische investeringen (EFSI)
P8_TA(2015)0247A8-0221/2015

Resolutie van het Europees Parlement van 7 juli 2015 over het standpunt van de Raad inzake het ontwerp van gewijzigde begroting nr. 1/2015 van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2015, afdeling III – Commissie, in samenhang met het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende het Europees Fonds voor strategische investeringen en tot wijziging van de Verordeningen (EU) nr. 1291/2013 en (EU) nr. 1316/2013 (09876/2015 – C8-0172/2015 – 2015/2011(BUD))

Het Europees Parlement,

–  gezien artikel 314 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien artikel 106 bis van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie,

–  gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002(1), met name artikel 41,

–  gezien de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2015, definitief vastgesteld op 17 december 2014(2),

–  gezien gewijzigde begroting nr. 1/2015, definitief vastgesteld op 28 april 2015(3),

–  gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 van de Raad van 2 december 2013 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020(4) (MFK-verordening),

–  gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 2015/623 van de Raad van 21 april 2015 houdende wijziging van Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020(5),

–  gezien het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer(6),

–  gezien het ontwerp van gewijzigde begroting nr. 1/2015, goedgekeurd door de Commissie op 13 januari 2015 (COM(2015)0011),

–  gezien het standpunt inzake het ontwerp van gewijzigde begroting nr. 1/2015, vastgesteld door de Raad op 26 juni 2015 en op dezelfde dag toegezonden aan het Europees Parlement (09876/2015 – C8-0172/2015),

–  gezien Verordening (EU) 2015/1017 van het Europees Parlement en de Raad van 25 juni 2015 betreffende het Europees Fonds voor strategische investeringen, de Europese investeringsadvieshub en het Europese investeringsprojectenportaal en tot wijziging van de Verordeningen (EU) nr. 1291/2013 en (EU) nr. 1316/2013 — het Europees Fonds voor strategische investeringen(7),

–  gezien de artikelen 88 en 91 van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Begrotingscommissie en de adviezen van de Commissie industrie, onderzoek en energie, de Commissie vervoer en toerisme en de Commissie regionale ontwikkeling (A8-0221/2015),

A.  overwegende dat het ontwerp van gewijzigde begroting nr. 1/2015 tot doel heeft de noodzakelijke wijzigingen in de begrotingsnomenclatuur om te zetten overeenkomstig het wetgevingsakkoord betreffende het Europees Fonds voor strategische investeringen (EFSI) en te zorgen voor de noodzakelijke herverdeling van 1 360 miljoen EUR aan vastleggingskredieten en 10 miljoen EUR aan betalingskredieten;

B.  overwegende dat voor de voorziening van het EU-Garantiefonds in 2015 een totaal bedrag van 1 350 miljoen EUR aan vastleggingskredieten wordt overgeheveld van de Connecting Europe Facility (790 miljoen EUR), het programma Horizon 2020 (70 miljoen EUR) en ITER (490 miljoen EUR);

C.  overwegende dat de Commissie van plan is de verlaging voor ITER te compenseren met een gelijkwaardige verhoging in de periode 2018-2020;

D.  overwegende dat de voorziening in vastleggings- en betalingskredieten voor de Europese investeringsadvieshub (EIAH), elk voor een bedrag van 10 miljoen EUR, volledig van ITER wordt overgeheveld (begrotingspost 08 04 01 02);

E.  overwegende dat alle extra vastleggings- en betalingskredieten voor de uitvoering van het EFSI volledig uit herschikkingen komen, waardoor de totale vastleggings- en betalingskredieten in de begroting 2015 ongewijzigd blijven;

1.  neemt kennis van het ontwerp van gewijzigde begroting nr. 1/2015, zoals dit door de Commissie is ingediend, en van het standpunt van de Raad daarover;

2.  is verheugd dat er snel een akkoord over het EFSI kon worden bereikt omdat alle instellingen vastberaden waren om het zo snel mogelijk van start te laten gaan; vindt de uitkomst van de onderhandelingen beter dan het oorspronkelijke Commissievoorstel, maar betreurt de negatieve gevolgen voor Horizon 2020 en de Connecting Europe Facility (CEF);

3.  wijst nogmaals op de rol van de begroting van de Unie, die meerwaarde creëert door middelen te bundelen, voor een hoge mate van synergie tussen de Europese structuur- en investeringsfondsen en het EFSI zorgt en het multipliereffect van de bijdragen van de Unie vergroot; steunt de beschikbaarstelling van aanvullende middelen via particuliere en overheidsfinanciering ten behoeve van investeringen van fondsen in doelstellingen met een Europese dimensie, met name de aanpak van grensoverschrijdende uitdagingen zoals op het gebied van energie-, milieu- en vervoersinfrastructuur;

4.  is ingenomen met het feit dat ten opzichte van het oorspronkelijke voorstel van de Commissie 1 000 miljoen EUR extra wordt gefinancierd uit de totale marge van het MFK voor vastleggingen, die voortvloeit uit beschikbaar gebleven marges in de begroting 2014 en 2015, waardoor minder middelen van de CEF en Horizon 2020 moeten worden overgeheveld; herinnert eraan dat de binnen de totale voor MFK-verplichtingen beschikbare marge overeenkomstig artikel 14 van de MFK-verordening pas vanaf 2016 beschikbaar zal worden gesteld;

5.  betreurt evenwel in het algemeen de overheveling van middelen uit de CEF en Horizon 2020 omdat dit cruciale programma's zijn voor werkgelegenheid en groei in Europa; is daarom van plan deze overhevelingen in de komende jaarlijkse begrotingsprocedures te compenseren;

6.  wijst erop dat investeren in onderzoek en vervoer van cruciaal belang is om de rol en het doel van de EU-begroting ter bevordering van groei, concurrentievermogen en werkgelegenheid te versterken en de doelstellingen van de Europa 2020-strategie te verwezenlijken; herinnert er hierbij aan dat de programma's Horizon 2020 en CEF zeer belangrijke programma's zijn binnen Rubriek 1a "Concurrentievermogen voor groei en werkgelegenheid";

7.  bevestigt zijn bereidheid om het ontwerp van gewijzigde begroting nr. 1/2015, zoals gewijzigd door de Raad overeenkomstig het wetgevingsakkoord betreffende het EFSI, goed te keuren gezien het belang om het EFSI zo snel mogelijk van start te laten gaan;

8.  keurt het standpunt van de Raad inzake het ontwerp van gewijzigde begroting nr. 1/2015 goed;

9.  verzoekt zijn Voorzitter te constateren dat de gewijzigde begroting nr. 2/2015 definitief is vastgesteld en zorg te dragen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie;

10.  verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, alsmede aan de nationale parlementen.

(1) PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1.
(2) PB L 69 van 13.3.2015.
(3) PB L 190 van 17.7.2015.
(4) PB L 347 van 20.12.2013, blz. 884.
(5) PB L 103 van 22.4.2015, blz. 1.
(6) PB C 373 van 20.12.2013, blz. 1.
(7) PB L 169 van 1.7.2015, blz. 1.

Juridische mededeling - Privacybeleid