Besluit van het Europees Parlement om geen bezwaar te maken tegen het ontwerp van verordening van de Commissie tot wijziging van Verordening (EU) nr. 389/2013 van de Commissie tot instelling van een EU-register (D054274-02 – 2017/3013(RPS))
Het Europees Parlement,
– gezien het ontwerp van verordening van de Commissie tot wijziging van Verordening (EU) nr. 389/2013 van de Commissie tot instelling van een EU-register (D054274-02),
– gezien Richtlijn 2003/87/EG van het Europees Parlement en de Raad van 13 oktober 2003 tot vaststelling van een regeling voor de handel in broeikasgasemissierechten binnen de Gemeenschap en tot wijziging van Richtlijn 96/61/EG van de Raad(1), en met name de artikelen 12 en 19,
– gezien het advies van 30 november 2017 van het in artikel 23, lid 1, van bovengenoemde richtlijn bedoelde comité,
– gezien de brief van de Commissie van 5 december 2017, waarin zij het Parlement verzoekt te verklaren dat het geen bezwaar zal maken tegen het ontwerp van verordening,
– gezien de brief van de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid van 11 januari 2018 aan de voorzitter van de Conferentie van commissievoorzitters,
– gezien artikel 5 bis van Besluit 1999/468/EG van de Raad van 28 juni 1999 tot vaststelling van de voorwaarden voor de uitoefening van de aan de Commissie verleende uitvoeringsbevoegdheden(2),
– gezien de aanbeveling voor een besluit van de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid,
– gezien artikel 106, lid 4, onder d), en artikel 105, lid 6, van zijn Reglement,
– gezien er geen bezwaar werd gemaakt binnen de in artikel 105, lid 6, derde en vierde streepjes, van zijn Reglement gestelde termijn, die op 17 januari 2018 verstreek,
A. overwegende dat het luchtvaartexploitanten en andere exploitanten die aan de EU‑regeling voor de handel in broeikasgasemissierechten ("EU ETS") deelnemen, met het oog op de bescherming van de milieu-integriteit van de bedoelde regeling niet toegestaan is gebruik te maken van rechten die door een lidstaat uitgegeven zijn en waarvan verplichtingen voor luchtvaartexploitanten en andere exploitanten vervallen, en overwegende dat daartoe de nodige vrijwaringsmaatregelen moeten worden vastgesteld;
B. overwegende dat de Commissie krachtens artikel 19 van Richtlijn 2003/87/EG gemachtigd is overeenkomstig de regelgevingsprocedure met toetsing (RPS) maatregelen te treffen met betrekking tot het gestandaardiseerde en beveiligde registersysteem;
C. overwegende dat de Commissie op 8 december 2017 het ontwerp van verordening van de Commissie tot wijziging van Verordening (EU) nr. 389/2013 van de Commissie tot instelling van een EU-register ("ontwerp van RPS-maatregel") officieel aan het Parlement heeft voorgelegd, waarmee de toetsingsperiode van drie maanden voor het Parlement begon voor het al dan niet aantekenen van bezwaar tegen het ontwerp van handeling;
D. overwegende dat de vrijwaringsmaatregelen in het ontwerp van RPS-maatregel zo snel mogelijk in werking moeten treden om te kunnen worden toegepast, zodat rechten in 2018 gratis kunnen worden toegekend, in ruil voor internationale kredieten kunnen worden ontvangen of kunnen worden geveild, en overwegende dat indien het Parlement de voorziene toetsingsperiode van drie maanden volledig zou gebruiken er onvoldoende tijd zou om het ontwerp van RPS-maatregel in werking te doen treden voordat de rechten voor 2018 worden toegekend;
1. verklaart geen bezwaar te maken tegen het ontwerp van verordening van de Commissie;
2. verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de Commissie en, ter informatie, aan de Raad.