Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2017/0113(COD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0193/2018

Ingediende teksten :

A8-0193/2018

Debatten :

PV 14/01/2019 - 17
CRE 14/01/2019 - 17

Stemmingen :

PV 14/06/2018 - 7.6
CRE 14/06/2018 - 7.6
PV 15/01/2019 - 8.6
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P8_TA(2018)0264
P8_TA(2019)0006

Aangenomen teksten
PDF 277kWORD 53k
Donderdag 14 juni 2018 - Straatsburg Definitieve uitgave
Het gebruik van gehuurde voertuigen zonder bestuurder voor het vervoer van goederen over de weg ***I
P8_TA(2018)0264A8-0193/2018

Amendementen van het Europees Parlement aangenomen op 14 juni 2018 op het voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Richtlijn 2006/1/EG betreffende het gebruik van gehuurde voertuigen zonder bestuurder voor het vervoer van goederen over de weg (COM(2017)0282 – C8-0172/2017 – 2017/0113(COD))(1)

(Gewone wetgevingsprocedure: eerste lezing)

Door de Commissie voorgestelde tekst   Amendement
Amendement 1
Voorstel voor een richtlijn
Overweging 2
(2)  Het gebruik van gehuurde voertuigen kan de kosten verlagen van ondernemingen die goederen voor eigen rekening of voor rekening van derden vervoeren en tegelijk hun operationele flexibiliteit verhogen. De richtlijn kan daardoor bijdragen tot een stijging van de productiviteit en de concurrentiekracht van de betrokken ondernemingen. Aangezien gehuurde voertuigen doorgaans jonger zijn dan het gemiddelde wagenpark, zijn ze bovendien veiliger en minder vervuilend.
(2)  Dat gebruik van gehuurde voertuigen kan de kosten verlagen van ondernemingen die goederen voor eigen rekening of voor rekening van derden vervoeren en tegelijk hun operationele flexibiliteit verhogen. Dat gebruik van gehuurde voertuigen kan daardoor bijdragen tot een stijging van de productiviteit en de concurrentiekracht van de betrokken ondernemingen. Aangezien gehuurde voertuigen doorgaans jonger zijn dan het gemiddelde wagenpark, zijn ze bovendien wellicht vaak veiliger en minder vervuilend.
Amendement 2
Voorstel voor een richtlijn
Overweging 3
(3)  Door Richtlijn 2006/1/EG kunnen ondernemingen niet ten volle profiteren van de voordelen van het gebruik van gehuurde voertuigen. De richtlijn staat de lidstaten toe het gebruik voor eigen rekening te beperken van gehuurde voertuigen met een maximaal toegestaan totaalgewicht van meer dan zes ton. De lidstaten hoeven bovendien het gebruik van een gehuurd voertuig op hun eigen grondgebied niet toe te staan als het voertuig is ingeschreven of overeenkomstig de wetgeving in het verkeer is gebracht in een andere lidstaat dan die waar de onderneming die het voertuig huurt, is gevestigd.
(3)  Door Richtlijn 2006/1/EG kunnen ondernemingen niet ten volle profiteren van de voordelen van het gebruik van gehuurde voertuigen. Die richtlijn staat de lidstaten toe het gebruik voor eigen rekening van gehuurde voertuigen met een maximaal toegestaan totaalgewicht van meer dan zes ton door op hun grondgebied gevestigde ondernemingen te beperken. Bovendien hoeven de lidstaten op hun eigen grondgebied het gebruik niet toe te staan van een gehuurd voertuig dat is ingeschreven of in het verkeer is gebracht overeenkomstig de wetgeving in een andere lidstaat dan die waar de onderneming die het voertuig huurt, is gevestigd.
Amendement 3
Voorstel voor een richtlijn
Overweging 4 bis (nieuw)
(4 bis)  De lidstaten mogen het gebruik op hun eigen grondgebied van een voertuig dat is gehuurd door een onderneming die naar behoren is gevestigd op het grondgebied van een andere lidstaat niet beperken, mits het voertuig is ingeschreven en voldoet aan de operationele normen en veiligheidsvereisten of in het verkeer is gebracht overeenkomstig de wetgeving van om het even welke lidstaat en is goedgekeurd voor gebruik door de lidstaat waarin de aansprakelijke onderneming is gevestigd.
Amendement 4
Voorstel voor een richtlijn
Overweging 5
(5)  Het belastingniveau voor het wegvervoer verschilt in de Unie nog altijd aanzienlijk. Om fiscale verstoringen te vermijden, blijven bepaalde beperkingen bijgevolg gerechtvaardigd, ook al hebben zij onrechtstreeks gevolgen voor de vrije verstrekking van verhuurdiensten voor voertuigen. Bijgevolg moeten de lidstaten de mogelijkheid hebben om de tijdsduur te beperken tijdens welke een voertuig dat is gehuurd in een andere lidstaat dan die waarin de onderneming die het voertuig huurt is gevestigd, kan worden gebruikt op hun respectieve grondgebied.
(5)  Het belastingniveau voor het wegvervoer verschilt in de Unie nog altijd aanzienlijk. Om fiscale verstoringen te vermijden, blijven bepaalde beperkingen bijgevolg gerechtvaardigd, ook al hebben zij onrechtstreeks gevolgen voor de vrije verstrekking van verhuurdiensten voor voertuigen. Bijgevolg moeten de lidstaten de mogelijkheid hebben om onder de in deze richtlijn neergelegde voorwaarden en op hun eigen grondgebied de tijdsduur te beperken tijdens welke een gevestigde onderneming een gehuurd voertuig mag gebruiken dat in een andere lidstaat is ingeschreven of in het verkeer is gebracht. Het moet de lidstaten voorts worden toegestaan beperkingen op te leggen met betrekking tot het aantal dergelijke voertuigen dat door een op hun grondgebied gevestigde onderneming wordt gehuurd.
Amendement 5
Voorstel voor een richtlijn
Overweging 5 bis (nieuw)
(5 bis)  Om de naleving van deze maatregelen te garanderen, moet de informatie over het registratienummer van het gehuurde voertuig beschikbaar zijn in de overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1071/2009 opgerichte nationale elektronische registers van de lidstaten. Bevoegde instanties van de lidstaat van vestiging die in kennis worden gesteld van het gebruik van een voertuig dat de vervoerder heeft gehuurd en dat overeenkomstig de wetgeving van een andere lidstaat is ingeschreven of in het verkeer is gebracht, moeten de bevoegde instanties van die andere lidstaat daarvan op de hoogte brengen. Hiervoor moeten de lidstaten het Informatiesysteem interne markt (IMI) gebruiken.
Amendement 6
Voorstel voor een richtlijn
Overweging 6 bis (nieuw)
(6 bis)   Teneinde de operationele normen te handhaven, te voldoen aan de veiligheidsvereisten en fatsoenlijke arbeidsomstandigheden te garanderen voor bestuurders, is het belangrijk dat vervoerders gegarandeerde toegang hebben tot activa en rechtstreekse ondersteunende infrastructuur in het land waarin zij hun activiteiten ontplooien.
Amendement 7
Voorstel voor een richtlijn
Overweging 7
(7)  De Commissie moet toezien op de uitvoering en de gevolgen van deze richtlijn en daarover verslag uitbrengen. Elke toekomstige actie op dit gebied moet op basis van dat verslag in overweging worden genomen.
(7)  De Commissie moet toezien op de uitvoering en de gevolgen van deze richtlijn en daarover uiterlijk drie jaar na het verstrijken van de omzettingstermijn van deze richtlijn verslag uitbrengen. In het verslag moet een beoordeling worden verricht van de gevolgen voor de verkeersveiligheid, belastinginkomsten en het milieu. In het verslag moeten ook alle inbreuken op deze richtlijn worden beoordeeld, met inbegrip van grensoverschrijdende inbreuken. De noodzaak van toekomstige actie op dit gebied moet op basis van dat verslag in overweging worden genomen.
Amendement 8
Voorstel voor een richtlijn
Artikel 1 – alinea 1 – punt 1 – letter a – punt ii
Richtlijn 2006/1/EG
Artikel 2 – lid 1 – letter a
a)  het voertuig overeenkomstig de wetgeving van een lidstaat is ingeschreven of in het verkeer is gebracht;
a)  het voertuig is ingeschreven of in het verkeer is gebracht overeenkomstig de wetgeving van eender welke lidstaat, operationele normen en veiligheidsvereisten daaronder begrepen;
Amendement 9
Voorstel voor een richtlijn
Artikel 1 – alinea 1 – punt 1 – letter b
Richtlijn 2006/1/EG
Artikel 2 – lid 1 bis
b)  het volgende lid 1 bis wordt ingevoegd:
Schrappen
"1 bis. Als het voertuig niet is ingeschreven of in het verkeer is gebracht overeenkomstig de wetgeving van de lidstaat waar de onderneming die het voertuig huurt is gevestigd, mag een lidstaat de gebruiksduur van het gehuurde voertuig op zijn grondgebied beperken. De lidstaat zal in dergelijk geval het gebruik echter toestaan voor ten minste vier maanden binnen een kalenderjaar."
Amendement 10
Voorstel voor een richtlijn
Artikel 1 – alinea 1 – punt 2
Richtlijn 2006/1/EG
Artikel 3 – alinea 1
De lidstaten nemen de nodige maatregelen om te waarborgen dat hun ondernemingen gehuurde voertuigen voor het vervoer van goederen over de weg kunnen gebruiken onder dezelfde voorwaarden die gelden voor voertuigen die hun eigendom zijn, mits aan de voorwaarden van artikel 2 is voldaan.
1.   De lidstaten nemen de nodige maatregelen om te waarborgen dat op hun grondgebied gevestigde ondernemingen gehuurde voertuigen voor het vervoer van goederen over de weg kunnen gebruiken onder dezelfde voorwaarden die gelden voor voertuigen die hun eigendom zijn, mits aan de voorwaarden van artikel 2 is voldaan.
Amendement 11
Voorstel voor een richtlijn
Artikel 1 – alinea 1 – punt 2
Richtlijn 2006/1/EG
Artikel 3 – lid 1 bis (nieuw)
1 bis.  Indien het voertuig overeenkomstig de wetgeving van een andere lidstaat is ingeschreven of in het verkeer is gebracht, kan de lidstaat waarin de onderneming is gevestigd:
a)  de gebruiksduur van het gehuurde voertuig op zijn grondgebied beperken, mits hij het gebruik van het gehuurde voertuig toestaat voor ten minste vier opeenvolgende maanden binnen een kalenderjaar; in dergelijke gevallen kan worden vereist dat de huurovereenkomst niet langer geldt dan de tijdsduur die door de lidstaat is vastgesteld;
b)  het aantal gehuurde voertuigen beperken dat door een onderneming kan worden gebruikt, mits hij het gebruik toestaat van ten minste het aantal voertuigen dat overeenkomt met 25 % van het totale vrachtwagenpark dat eigendom is van de onderneming op 31 december van het jaar dat voorafgaat aan het verzoek om toestemming; in dergelijke gevallen wordt het gebruik van ten minste één gehuurd voertuig toegestaan aan ondernemingen waarvan het totale wagenpark uit meer dan een en minder dan vier voertuigen bestaat."
Amendement 12
Voorstel voor een richtlijn
Artikel 1 – alinea 1 – punt 2 bis (nieuw)
Richtlijn 2006/1/EG
Artikel 3 bis (nieuw)
2 bis)  het volgende artikel 3 bis wordt ingevoegd:
"Artikel 3 bis
1.  De informatie over het registratienummer van een gehuurd voertuig wordt ingevoerd in het nationale elektronische register, zoals omschreven in artikel 16 van Verordening (EG) nr. 1071/2009*.
2.  Bevoegde instanties van de lidstaat waarin een vervoerder is gevestigd, die in kennis worden gesteld van het gebruik van een voertuig dat die vervoerder heeft gehuurd en dat overeenkomstig de wetgeving van een andere lidstaat is ingeschreven of in het verkeer is gebracht, brengen de bevoegde instanties van die andere lidstaat daarvan op de hoogte.
3.  De in lid 2 bedoelde administratieve samenwerking vindt plaats door middel van het Informatiesysteem interne markt (IMI), zoals ingesteld bij Verordening (EU) nr. 1024/2012**.
__________________
* Een verwijzing naar artikel 16 van Verordening (EG) nr. 1071/2009, rekening houdend met de uitbreiding van de te registreren informatie, zoals de Commissie voorstelt.
** PB L 316 van 14.11.2012, blz. 1."
Amendement 13
Voorstel voor een richtlijn
Artikel 1 – alinea 1 – punt 3
Richtlijn 2006/1/EG
Artikel 5 bis – alinea 1
Uiterlijk [de datum waarop de omzettingstermijn van de richtlijn vijf jaar is verstreken] dient de Commissie bij het Europees Parlement en de Raad een verslag in over de uitvoering en de gevolgen van deze richtlijn. Het verslag bevat onder meer informatie over het gebruik van voertuigen die zijn gehuurd in een andere lidstaat dan die waarin de onderneming die het voertuig huurt, is gevestigd. Op grond van dat verslag oordeelt de Commissie of aanvullende maatregelen moeten worden voorgesteld.
Uiterlijk ... [3 jaar na het verstrijken van de omzettingstermijn van deze wijzigingsrichtlijn] dient de Commissie bij het Europees Parlement en de Raad een verslag in over de uitvoering en de gevolgen van deze richtlijn. Het verslag bevat onder meer informatie over het gebruik van voertuigen die zijn gehuurd in een andere lidstaat dan die waarin de onderneming die het voertuig huurt, is gevestigd. In het verslag wordt bijzondere aandacht besteed aan de gevolgen voor de verkeersveiligheid, voor de belastinginkomsten, met inbegrip van fiscale verstoringen, en voor de handhaving van de cabotageregels overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1072/2009. Op grond van dat verslag oordeelt de Commissie of aanvullende maatregelen moeten worden voorgesteld.
Amendement 14
Voorstel voor een richtlijn
Artikel 2 – lid 1 – alinea 1
De lidstaten doen de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in werking treden om uiterlijk [18 maanden na de inwerkingtreding] aan deze richtlijn te voldoen. Zij delen de Commissie de tekst van die bepalingen onverwijld mee.
De lidstaten doen de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in werking treden om uiterlijk ... [20 maanden na de datum van inwerkingtreding van deze richtlijn] aan deze richtlijn te voldoen. Zij delen de Commissie de tekst van die bepalingen onverwijld mee.

(1) De zaak werd voor interinstitutionele onderhandelingen terugverwezen naar de bevoegde commissie op grond van artikel 59, lid 4, vierde alinea, van het Reglement (A8-0193/2018).

Laatst bijgewerkt op: 21 november 2019Juridische mededeling - Privacybeleid