Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2014/0257(COD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0046/2016

Ingediende teksten :

A8-0046/2016

Debatten :

PV 09/03/2016 - 20
CRE 09/03/2016 - 20
PV 24/10/2018 - 20
CRE 24/10/2018 - 19
CRE 24/10/2018 - 20

Stemmingen :

PV 10/03/2016 - 7.5
CRE 10/03/2016 - 7.5
Stemverklaringen
PV 25/10/2018 - 13.5

Aangenomen teksten :

P8_TA(2016)0087
P8_TA(2018)0421

Aangenomen teksten
PDF 127kWORD 53k
Donderdag 25 oktober 2018 - Straatsburg Definitieve uitgave
Geneesmiddelen voor diergeneeskundig gebruik ***I
P8_TA(2018)0421A8-0046/2016
Resolutie
 Tekst

Wetgevingsresolutie van het Europees Parlement van 25 oktober 2018 over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende geneesmiddelen voor diergeneeskundig gebruik (COM(2014)0558 – C8-0164/2014 – 2014/0257(COD))

(Gewone wetgevingsprocedure: eerste lezing)

Het Europees Parlement,

–  gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2014)0558),

–  gezien artikel 294, lid 2, en artikel 114 en artikel168, lid 4, onder b), van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, op grond waarvan het voorstel door de Commissie bij het Parlement is ingediend (C8‑0164/2014),

–  gezien artikel 294, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité van 21 januari 2015(1),

–  na raadpleging van het Comité van de Regio's,

–  gezien zijn resolutie van 19 mei 2015 over veiligere gezondheidszorg in Europa: verbetering van de patiëntveiligheid en bestrijding van antimicrobiële resistentie(2),

–  gezien het overeenkomstig artikel 69 septies, lid 4, van zijn Reglement door de bevoegde commissie goedgekeurde voorlopig akkoord en de door de vertegenwoordiger van de Raad bij brief van 13 juni 2018 gedane toezegging om het standpunt van het Europees Parlement overeenkomstig artikel 294, lid 4, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie goed te keuren,

–  gezien artikel 59 van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid en het advies van de Commissie landbouw en plattelandsontwikkeling (A8-0046/2016),

1.  stelt onderstaand standpunt in eerste lezing vast(3);

2.  verzoekt de Commissie om hernieuwde voorlegging aan het Parlement indien zij haar voorstel vervangt, ingrijpend wijzigt of voornemens is het ingrijpend te wijzigen;

3.  verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en aan de Commissie alsmede aan de nationale parlementen.

(1) PB C 242 van 23.7.2015, blz. 54.
(2) PB C 353 van 27.9.2016, blz. 12.
(3) Dit standpunt vervangt de amendementen die zijn aangenomen op 10 maart 2016 (Aangenomen teksten, P8_TA(2016)0087).


Standpunt van het Europees Parlement in eerste lezing vastgesteld op 25 oktober 2018 met het oog op de vaststelling van Verordening (EU) 2019/... van het Europees Parlement en de Raad betreffende diergeneesmiddelen en tot intrekking van Richtlijn 2001/82/EG
P8_TC1-COD(2014)0257

(Aangezien het Parlement en de Raad tot overeenstemming zijn geraakt, komt het standpunt van het Parlement overeen met de definitieve rechtshandeling: Verordening (EU) 2019/6.)

Laatst bijgewerkt op: 10 december 2019Juridische mededeling - Privacybeleid