Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2019/2101(DEC)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A9-0032/2020

Ingediende teksten :

A9-0032/2020

Debatten :

Stemmingen :

Aangenomen teksten :

P9_TA(2020)0071

Aangenomen teksten
PDF 163kWORD 53k
Donderdag 14 mei 2020 - Brussel Definitieve uitgave
Kwijting 2018: Gemeenschappelijke Onderneming Clean Sky 2
P9_TA(2020)0071A9-0032/2020
Besluit
 Besluit
 Resolutie

1. Besluit van het Europees Parlement van 13 mei 2020 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van de Gemeenschappelijke Onderneming Clean Sky 2 voor het begrotingsjaar 2018 (2019/2101(DEC))

Het Europees Parlement,

–  gezien de definitieve jaarrekening van de Gemeenschappelijke Onderneming Clean Sky 2 voor het begrotingsjaar 2018,

–  gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de gemeenschappelijke ondernemingen van de EU betreffende het begrotingsjaar 2018, vergezeld van de antwoorden van de gemeenschappelijke ondernemingen(1),

–  gezien de verklaring van de Rekenkamer(2) voor het begrotingsjaar 2018 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd, overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien de aanbeveling van de Raad van 18 februari 2020 betreffende de aan de Gemeenschappelijke Onderneming te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2018 (05763/2019 – C9-0067/2019),

–  gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002(3), en met name artikel 209,

–  gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012(4), en met name artikel 71,

–  gezien Verordening (EU) nr. 558/2014 van de Raad van 6 mei 2014 tot oprichting van de Gemeenschappelijke Onderneming Clean Sky 2(5), en met name artikel 12,

–  gezien Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 110/2014 van de Commissie van 30 september 2013 tot vaststelling van de financiële modelregeling voor publiek-private partnerschapsorganen bedoeld in artikel 209 van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad(6),

–  gezien artikel 100 en bijlage V van zijn Reglement,

–  gezien het advies van de Commissie vervoer en toerisme

–  gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A9-0032/2020),

1.  verleent de uitvoerend directeur van de Gemeenschappelijke Onderneming Clean Sky 2 kwijting voor de uitvoering van de begroting van de Gemeenschappelijke Onderneming voor het begrotingsjaar 2018;

2.  formuleert zijn opmerkingen in onderstaande resolutie;

3.  verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van de Gemeenschappelijke Onderneming Clean Sky 2, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie (L-serie).

(1) PB C 426 van 18.12.2019, blz. 1.
(2) PB C 426 van 18.12.2019, blz. 32.
(3) PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1.
(4) PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1.
(5) PB L 169 van 7.6.2014, blz. 77.
(6) PB L 38 van 7.2.2014, blz. 2.


2. Besluit van het Europees Parlement van 13 mei 2020 over de afsluiting van de rekeningen van de Gemeenschappelijke Onderneming Clean Sky 2 voor het begrotingsjaar 2018 (2019/2101(DEC))

Het Europees Parlement,

–  gezien de definitieve jaarrekening van de Gemeenschappelijke Onderneming Clean Sky 2 voor het begrotingsjaar 2018,

–  gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de gemeenschappelijke ondernemingen van de EU betreffende het begrotingsjaar 2018, vergezeld van de antwoorden van de gemeenschappelijke ondernemingen(1),

–  gezien de verklaring van de Rekenkamer(2) voor het begrotingsjaar 2018 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd, overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien de aanbeveling van de Raad van 18 februari 2020 betreffende de aan de Gemeenschappelijke Onderneming te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2018 (05763/2019 – C9-0067/2019),

–  gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002(3), en met name artikel 209,

–  gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012(4), en met name artikel 71,

–  gezien Verordening (EU) nr. 558/2014 van de Raad van 6 mei 2014 tot oprichting van de Gemeenschappelijke Onderneming Clean Sky 2(5), en met name artikel 12,

–  gezien Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 110/2014 van de Commissie van 30 september 2013 tot vaststelling van de financiële modelregeling voor publiek-private partnerschapsorganen bedoeld in artikel 209 van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad(6),

–  gezien artikel 100 en bijlage V van zijn Reglement,

–  gezien het advies van de Commissie vervoer en toerisme

–  gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A9-0032/2020),

1.  hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van de Gemeenschappelijke onderneming Clean Sky 2 voor het begrotingsjaar 2018;

2.  verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van de Gemeenschappelijke Onderneming Clean Sky 2, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie (L-serie).

(1) PB C 426 van 18.12.2019, blz. 1.
(2) PB C 426 van 18.12.2019, blz. 32.
(3) PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1.
(4) PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1.
(5) PB L 169 van 7.6.2014, blz. 77.
(6) PB L 38 van 7.2.2014, blz. 2.


3. Resolutie van het Europees Parlement van 14 mei 2020 met de opmerkingen die een integrerend deel uitmaken van het besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van de Gemeenschappelijke Onderneming Clean Sky 2 voor het begrotingsjaar 2018 (2019/2101(DEC))

Het Europees Parlement,

–  gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van de Gemeenschappelijke Onderneming Clean Sky 2 voor het begrotingsjaar 2018,

–  gezien artikel 100 en bijlage V van zijn Reglement,

–  gezien het advies van de Commissie vervoer en toerisme

–  gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A9-0032/2020),

A.  overwegende dat de Gemeenschappelijke Onderneming autonoom begon te functioneren op 16 november 2009,

B.  overwegende dat de Gemeenschappelijke Onderneming Clean Sky 2 (de “Gemeenschappelijke Onderneming”), opgericht bij Verordening (EU) nr. 558/2014 van de Raad(1), met ingang van 27 juni 2014 de Gemeenschappelijke Onderneming Clean Sky, opgericht in het kader van Horizon 2020, heeft vervangen;

C.  overwegende dat het kerndoel van de Gemeenschappelijke Onderneming is om de milieueffecten van luchtvaarttechnologieën aanzienlijk te verbeteren en het concurrentievermogen van de Europese luchtvaart te versterken; overwegende dat de levensduur van de Gemeenschappelijke Onderneming is verlengd tot 31 december 2024;

D.  overwegende dat de oprichtende leden van de Gemeenschappelijke Onderneming de Unie, vertegenwoordigd door de Commissie, de leiders van de “Integrated Technology Demonstrators” (ITD’s), de “Innovative Aircraft Demonstrator Platforms” (IADP’s) en de transversale gebieden zijn, tezamen met de geassocieerde leden van de ITD’s;

E.  overwegende dat de maximale bijdrage van de Unie aan de Gemeenschappelijke Onderneming 1 755 000 000 EUR bedraagt, te betalen uit de begroting van Horizon 2020;

Financieel en begrotingsbeheer

1.  merkt op dat het Rekenkamer heeft bepaald dat de jaarrekening van de Gemeenschappelijke Onderneming voor het op 31 december 2018 afgesloten jaar op alle materiële punten een getrouw beeld geeft van de financiële situatie van de Gemeenschappelijke Onderneming per 31 december 2018, de resultaten van haar verrichtingen, haar kasstromen en de mutaties van haar nettoactiva over het desbetreffende jaar, overeenkomstig haar financieel reglement en de door de rekenplichtige van de Commissie vastgestelde boekhoudregels;

2.  neemt nota van het feit dat de Rekenkamer in haar verslag over de Gemeenschappelijke Onderneming Clean Sky 2 (“het verslag van de Rekenkamer”) stelt dat de onderliggende verrichtingen van de jaarrekening op alle materiële punten wettig en regelmatig zijn;

3.  stelt vast dat de definitieve begroting van de Gemeenschappelijke Onderneming voor 2018 in totaal 371 100 000 EUR aan vastleggingskredieten en 343 786 573 EUR aan betalingskredieten omvatte; stelt vast dat 98,7 % van de vastleggingskredieten en 98,6 % van de betalingskredieten subsidies van de Commissie en overdrachten van voorgaande jaren zijn;

4.  merkt op dat de vastleggingskredieten voor 99,2 % zijn gebruikt (vergeleken met 99,6 % in 2017) en dat de betalingskredieten voor 97,3 % zijn gebruikt (vergeleken met 98,5 % in 2017); wijst erop dat het uitvoeringspercentage van de betalingskredieten voor administratieve uitgaven is teruggelopen tot 79,23 % (in 2017 was dat 93,13 %);

5.  stelt met voldoening vast dat de Gemeenschappelijke Onderneming verscheidene instrumenten heeft ingevoerd om toezicht te houden op de uitvoering van het programma in termen van productiviteit, verwezenlijkingen en planning en risico’s van de activiteiten;

Meerjarige begrotingsuitvoering in het kader van het zevende kaderprogramma

6.  merkt op dat de bijdrage van de Unie 800 miljoen EUR uit het zevende kaderprogramma bedraagt en dat de leden uit de industriegroepering en de onderzoeksgroepering een bijdrage leveren ter hoogte van 608,3 miljoen EUR, waarvan 594,1 miljoen EUR in natura voor projecten van het zevende kaderprogramma die door de Gemeenschappelijke Onderneming brandstofcellen en waterstof 2 (FCH2) worden gefinancierd, alsook een geldelijke bijdrage van 14,9 miljoen EUR voor administratieve kosten;

7.  merkt op dat het zevende kaderprogramma in 2017 formeel is afgesloten, met een uitvoeringsniveau van ongeveer 100 %; stelt vast dat de Gemeenschappelijke Onderneming in 2018 nog voor 850 000 EUR aan terugvorderingen heeft ontvangen, die voortvloeiden uit uitstaande voorfinancieringen en uit de bevindingen van controles achteraf;

Meerjarige begrotingsuitvoering in het kader van Horizon 2020

8.  stelt vast dat aan het eind van 2018 van het totaalbedrag van 2 064 miljoen EUR voor in het kader van Horizon 2020 te financieren activiteiten, 816,7 miljoen EUR de financiële bijdrage in contanten van de Unie is, en 14,1 miljoen EUR de bijdrage in contanten van particuliere leden; merkt op dat de raad van bestuur eind 2018 bijdragen in natura ter hoogte van 273,9 miljoen EUR had gevalideerd, en er bijdragen in natura ter hoogte van nog eens 157,6 miljoen EUR waren gemeld maar nog niet gevalideerd, alsook 801,7 miljoen EUR aan bijdragen in natura van leden afkomstig uit de industrie voor aanvullende activiteiten;

Oproepen tot het indienen van voorstellen

9.  stelt vast dat de Gemeenschappelijke Onderneming in 2018 twee oproepen tot het indienen van voorstellen heeft gedaan, 417 in aanmerking komende voorstellen heeft ontvangen (van in totaal 420) en 131 voorstellen voor financiering heeft geselecteerd;

10.  wijst op de succesvolle afsluiting van de oproepen van vier kernpartners in 2017; neemt er nota van dat de activiteit in 2018 betrekking had op de tenuitvoerlegging van de nieuwe subsidieovereenkomsten voor leden (GAM’s) van alle geselecteerde kernpartners, waarvan een klein aantal in 2018 actief lid is geworden; merkt op dat de resultaten van alle vier de oproepen en de toetreding van de gekozen entiteiten als leden hebben geleid tot een cijfer van 183 kernpartners, waarvan 49 gelieerde ondernemingen of gelieerde derde partijen;

11.  merkt op dat er aan het einde van 2018 negen oproepen tot het indienen van voorstellen waren gedaan, waarvan er acht zijn geëvalueerd en volledig zijn afgerond of zich in de eindfase bevinden, en stelt vast dat bij deze acht oproepen meer dan 560 partners uit 27 verschillende landen zijn betrokken; stelt vast dat de zevende oproep tot het indienen van voorstellen in oktober 2018 werd afgerond en 198 deelnemers telde; dat de achtste oproep tot het indienen van voorstellen in november 2018 van start ging en 182 deelnemers telde; en dat de negende oproep tot het indienen van voorstellen eveneens in november 2018 van start ging en in maart 2019 werd geëvalueerd;

Functioneren

12.  stelt vast dat er vanwege de aard van de projecten nog geen informatie beschikbaar is over een aantal kernprestatie-indicatoren (KPI’s); toont zich tevreden over het feit dat de meeste specifieke KPI’s voltooid of in uitvoering zijn; neemt ter kennis dat de deskundigen oproepen tot nadere monitoring en analyse, waarbij zij een duidelijk onderscheid maken tussen de daadwerkelijk gerealiseerde KPI’s aan het einde van elk jaar, en de verwachte KPI’s;

13.  merkt op dat de beheerkostenratio (administratieve en operationele begroting) onder de 5 % blijft, wat wijst op een vrij slanke en efficiënte organisatiestructuur van de Gemeenschappelijke Onderneming;

14.  neemt kennis van het feit dat de Gemeenschappelijke Onderneming in 2017 en 2018 een hoog personeelsverloop kende voor tijdelijke werknemers en arbeidscontractanten; stelt vast dat het personeelsverloop voor tijdelijke werknemers met bijna 17 % is gestegen, en dat er in 2018 bijna twee keer meer tijdelijk personeel werd gebruikt;

15.  stelt vast dat het participatieniveau van vrouwen in 2017 en 2018 volgens de in het jaarlijkse activiteitenverslag van de Gemeenschappelijke Onderneming opgenomen kernprestatie-indicatoren inzake genderevenwicht weliswaar stabiel maar heel laag is: vrouwen tellen voor 22 % van alle bij het programma betrokken werknemers, 13 % van de programmacoördinatoren en 18 à 25 % van de adviseurs en deskundigen die beoordelingen en analyses uitvoeren en deel uitmaken van het wetenschappelijk comité; pleit voor permanente inspanningen om het participatieniveau van vrouwen in het programma te verhogen;

16.  stelt verheugd vast dat de Gemeenschappelijke Onderneming kan bogen op de grootste talenten en de beste middelen in Europa; stelt eveneens vast dat de Onderneming gebruikmaakt van de cruciale vaardigheden en kennis van de leidende Europese instellingen voor luchtvaartonderzoek en academische faculteiten;

Essentiële controles en toezichtsystemen

17.  stelt vast dat de Gemeenschappelijke Onderneming procedures voor controles vooraf heeft opgezet die zijn gebaseerd op controles van financiële en operationele stukken, controles achteraf van begunstigden van subsidies voor tussentijdse en eindbetalingen in het kader van het zevende kaderprogramma en voor kostendeclaraties voor Horizon 2020-projecten, en dat de gemeenschappelijke auditdienst van de Commissie verantwoordelijk is voor de controles achteraf;

18.  stelt vast dat het restfoutenpercentage voor controles achteraf dat werd gerapporteerd door de Gemeenschappelijke Onderneming 1,21 % bedroeg voor projecten in het kader van het zevende kaderprogramma en 1,11 % voor Horizon 2020-projecten, wat betekent dat beide percentages onder de materialiteitsdrempel van 2 % vallen;

Fraudebestrijdingsstrategie

19.  stelt vast dat de Gemeenschappelijke Onderneming bijzondere aandacht besteedt aan fraudepreventie en -opsporing; als gevolg hiervan implementeert DG RTD de fraudebestrijdingsstrategie voor 2020 samen met belanghebbenden, met als doel dubbele financiering op te sporen en te voorkomen; is evenwel verontrust over het feit dat er in 2018 drie gevallen van vermeend frauduleuze activiteiten zijn ontdekt die verband hielden met de ontvangst van middelen van de Gemeenschappelijke Onderneming en die zijn gemeld aan het Europees Bureau voor fraudebestrijding (OLAF);

Interne audit

20.  merkt op dat de dienst Interne audit (IAS) in 2018 een controle heeft uitgevoerd van de coördinatie met het gemeenschappelijk ondersteuningscentrum (CSC), met als doel de geschiktheid van het ontwerp van de Gemeenschappelijke Onderneming, het risicobeheer en de interne processen te beoordelen; stelt met tevredenheid vast dat de IAS de actieve rol van de Gemeenschappelijke Onderneming bij de uitwisseling van informatie met het CSC als een troef heeft aangemerkt; wijst er bovendien op dat de auditambtenaren kennis hebben genomen van de gezamenlijke aanpak van de directeurs voor de verwoording van hun behoeften op belangrijke gebieden zoals vertrouwelijkheid; daarnaast heeft de IAS verscheidene aanbevelingen ontvangen voor verdere aanpassingen aan de IT-systemen van de Commissie met het oog op het wegnemen van de resterende restricties voor de overdracht van gegevens; verzoekt de Gemeenschappelijke Onderneming de laatste hand te leggen aan de ontwikkeling van criteria en procedures voor het verwerken van vertrouwelijke gegevens van de begunstigden van de Gemeenschappelijke Onderneming;

Andere opmerkingen

21.  neemt kennis van de uitbreiding van de bilaterale contacten van de Gemeenschappelijke Onderneming met een aantal lidstaten en regio’s, op basis van de door de Gemeenschappelijke Onderneming opgestelde onderzoeks- en innovatiestrategieën voor slimme specialisatie (RIS3), en merkt op dat meer dan 60 regio’s aan de Gemeenschappelijke Onderneming hebben laten weten dat de luchtvaart of andere gerelateerde domeinen tot hun prioriteiten op het vlak van O&I behoren; verheugt zich daarenboven over de ondertekening in 2018 van een nieuw memorandum van overeenstemming (MoU) met een Duitse regio, waarmee het aantal MoU’s dat op 31 december 2018 van kracht was, op 17 werd gebracht; merkt op dat er in juni 2019 ook een MoU is ondertekend met de Franse regio Nouvelle Aquitaine;

22.  merkt op dat efficiënte communicatie essentieel is voor het welslagen van door de EU gefinancierde projecten; acht het belangrijk om de verwezenlijkingen van de Gemeenschappelijke Onderneming zichtbaarder te maken en meer informatie te verspreiden over de toegevoegde waarde ervan; vraagt de Gemeenschappelijke Onderneming een proactief communicatiebeleid te voeren en de resultaten van haar onderzoek mee te delen aan het grote publiek, onder meer via de sociale media en andere mediakanalen, met als doel de bevolking bewuster te maken van de impact van EU-steun en de aanvaarding door de markt te vergroten;

23.  verzoekt de Rekenkamer om een beoordeling van de degelijkheid en betrouwbaarheid van de methodologie voor het berekenen en waarderen van niet-financiële bijdragen; is van mening dat de Rekenkamer zich hierbij moet buigen over de structuur en de degelijkheid van de richtsnoeren voor de toepassing van de procedure inzake niet-financiële bijdragen, met als doel te assisteren op het gebied van planning, rapportage en certificatie voor wat deze niet-financiële bijdragen betreft;

Vervoer en toerisme

24.  wijst erop dat de doelstellingen van de Gemeenschappelijke Onderneming moeten worden aangepast aan de noodzaak van geleidelijke decarbonisatie en dringt erop aan dat automatisch alle financiële en personele middelen ter beschikking worden gesteld die de Gemeenschappelijke Onderneming nodig heeft om eventuele aanpassingen aan te brengen;

25.  wijst erop dat de Gemeenschappelijke Onderneming een publiek-privaat partnerschap van de Unie en de luchtvaartindustrie is, dat zich ten doel heeft gesteld baanbrekende technologie te ontwikkelen die de milieuprestaties van vliegtuigen en het luchtvervoer aanzienlijk moet verbeteren; merkt op dat de Onderneming in 2007 is opgericht uit hoofde van het zevende kaderprogramma voor onderzoek en technologische ontwikkeling (“KP7”) onder de naam “Gemeenschappelijke Onderneming Clean Sky”, waarna de Onderneming in 2014 uit hoofde van het kaderprogramma voor onderzoek en innovatie Horizon 2020 de naam “Gemeenschappelijke Onderneming Clean Sky 2” kreeg;

26.  merkt op dat de programma’s van de Gemeenschappelijke Onderneming gezamenlijk worden gefinancierd uit hoofde van het programma Horizon 2020 (voor de periode 2014-2020) door middel van subsidies van de Unie ten belope van 1 755 miljoen EUR en door middel van bijdragen in natura van de particuliere leden ten belope van ten minste 2 193,75 miljoen EUR; wijst erop dat de Unie en de particuliere leden de administratieve kosten, die over deze periode maximaal 78 miljoen EUR mogen bedragen, gelijk verdelen;

27.  is ingenomen met de belangrijke bijdrage die de Gemeenschappelijke Onderneming levert om de efficiëntie van de luchtvaartsector te verbeteren; wijst erop dat de Gemeenschappelijke Onderneming zeer goede resultaten heeft bereikt en een essentiële rol speelt bij het bespoedigen van groene technologieën in Europa die erop gericht zijn de uitstoot van CO2 en andere gassen en de geluidshinder van vliegtuigen te beperken; onderstreept het strategische belang van de Gemeenschappelijke Onderneming voor het toekomstige Horizon Europa-programma, wanneer het erom gaat bij te dragen tot de nieuwe doelstellingen inzake klimaatneutraliteit voor 2050 en de geplande beperking van CO2-uitstoot dankzij technologische vooruitgang;

28.  wijst erop dat het equivalent van de totale CO2-uitstoot van Nederland kan worden bespaard indien de technologieën die door de Gemeenschappelijke Onderneming zijn ontwikkeld en bevorderd, wereldwijd worden toegepast;

29.  wijst erop dat dankzij de Clean Sky I-technologieën de CO2-uitstoot per passagier op langeafstandsvliegtuigen met 19 % en op middellangeafstandsvliegtuigen met 40 % is verminderd; dringt erop aan dat de Gemeenschappelijke Onderneming alle nodige personele en financiële middelen krijgt om deze succesvolle aanpak voort te zetten;

30.  stelt vast dat maximaal 40 % van de middelen van de Gemeenschappelijke Onderneming wordt toegewezen aan de 16 leidinggevenden en hun geassocieerde leden, te weten de industriële ondernemingen die zich ertoe hebben verbonden om het volledige programma Clean Sky 2 binnen de looptijd ten uitvoer te leggen; merkt op dat 30 % van de voor de Gemeenschappelijke Onderneming bestemde middelen via oproepen tot het indienen van voorstellen en openbare aanbestedingen zal worden toegekend aan haar kernpartners (die zijn geselecteerd op basis van hun langetermijntoezeggingen aan het programma); merkt voorts op dat de overige 30 % van de middelen via oproepen tot het indienen van voorstellen en openbare aanbestedingen aan andere partners zal worden toegekend (die deelnemen aan specifieke thema’s en projecten in het kader van een duidelijk omschreven en beperkte toezegging);

31.  merkt op dat de particuliere leden van de Gemeenschappelijke Onderneming sinds de afsluiting van de voorlopige rekeningen van 2018 (eind februari 2019) melding hebben gemaakt van een cumulatieve som van 399 miljoen EUR aan bijdragen in natura aan operationele kosten, en dat de Gemeenschappelijke Onderneming gecertificeerde bijdragen ter waarde van 279,9 miljoen EUR heeft gevalideerd; merkt tevens op dat de particuliere leden melding hebben gemaakt van een cumulatieve som van 827,9 miljoen EUR aan bijdragen in natura voor aanvullende activiteiten, waarvan 620 miljoen EUR door de Gemeenschappelijke Onderneming is gevalideerd;

32.  stelt vast dat de Gemeenschappelijke Onderneming inmiddels 16 leidinggevenden telt en 193 kernpartners (waaronder 50 kmo’s), en dat er negen oproepen tot het indienen van voorstellen zijn gedaan met het oog op toewijzing van de resterende middelen aan andere partners; wijst erop dat acht van deze oproepen zijn geëvalueerd, waarna 560 partners afkomstig uit 27 landen zijn geselecteerd (waarvan 31 % kmo’s aan wie 25 % van de middelen is toegewezen);

33.  wijst erop dat de Gemeenschappelijke Onderneming beoogt haar financiële regels te herzien om deze in overeenstemming te brengen met de nieuwe financiële regels die overeenkomstig Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van toepassing zijn op de algemene begroting van de Unie(2);

34.  merkt op dat de dienst Interne Audit de Gemeenschappelijke Onderneming een uiterst belangrijke aanbeveling heeft gedaan, met name voor het opstellen van een geconsolideerd register van alle risico’s die van invloed zijn op het programma en op de Gemeenschappelijke Onderneming als zelfstandige entiteit; merkt op dat de dienst Interne Audit een melding heeft gemaakt van een gebrek aan objectiviteit van de kant van de directie van de Gemeenschappelijke Onderneming, die zich regelmatig bemoeit met managementtaken en kwaliteitsbeheersprocessen; dringt er bij de Gemeenschappelijke Onderneming op aan dit probleem onverwijld op te lossen en de aanbevelingen van de dienst Interne Audit volledig uit te voeren;

35.  merkt met bezorgdheid op dat de dienst Interne Audit diverse risicogebieden heeft aangewezen die maatregelen van de directie van de Gemeenschappelijke Onderneming vereisen; verwacht dat de directie van de Gemeenschappelijke Onderneming alle noodzakelijke maatregelen neemt om deze risico’s te beperken;

36.  merkt op dat in het jaar 2018 drie gevallen van vermeend frauduleuze activiteiten zijn ontdekt in verband met begunstigden die middelen van de Gemeenschappelijke Onderneming hebben ontvangen, waarna deze gevallen aan OLAF zijn gemeld; verzoekt de Gemeenschappelijke Onderneming alle noodzakelijke maatregelen te nemen om gevallen van fraude in de toekomst te voorkomen.

(1) Verordening (EU) nr. 558/2014 van de Raad van 6 mei 2014 tot oprichting van de Gemeenschappelijke Onderneming Clean Sky 2 (PB L 169 van 7.6.2014, blz. 77).
(2) Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 (PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1).

Laatst bijgewerkt op: 31 juli 2020Juridische mededeling - Privacybeleid