Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2020/2094(BUD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A9-0125/2020

Ingediende teksten :

A9-0125/2020

Debatten :

Stemmingen :

PV 10/07/2020 - 13

Aangenomen teksten :

P9_TA(2020)0196

Aangenomen teksten
PDF 127kWORD 46k
Vrijdag 10 juli 2020 - Brussel
Mobilisering van de marge voor onvoorziene uitgaven in 2020 om humanitaire hulp aan vluchtelingen in Turkije voort te zetten
P9_TA(2020)0196A9-0125/2020
Resolutie
 Bijlage

Resolutie van het Europees Parlement van 10 juli 2020 over het voorstel voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad inzake de mobilisering van de marge voor onvoorziene uitgaven in 2020 om humanitaire hulp aan vluchtelingen in Turkije voort te zetten (COM(2020)0422 – C9-0162/2020 – 2020/2094(BUD))

Het Europees Parlement,

–  gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2020)0422 – C9‑0162/2020),

–  gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 van de Raad van 2 december 2013 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020(1), en met name artikel 13,

–  gezien het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer(2), en met name punt 14,

–  gezien de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2020, definitief vastgesteld op 27 november 2019(3),

–  gezien het ontwerp van gewijzigde begroting nr. 5/2020, goedgekeurd door de Commissie op 3 juni 2020 (COM(2020)0421),

–  gezien het standpunt inzake het ontwerp van gewijzigde begroting nr. 5/2020, vastgesteld door de Raad op 24 juni 2020 en de volgende dag toegezonden aan het Europees Parlement (09060/2020 – C9‑0189/2020),

–  gezien het verslag van de Begrotingscommissie (A9‑0125/2020),

A.  overwegende dat artikel 13 van Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 van de Raad voorziet in de vorming van een marge voor onvoorziene uitgaven van ten hoogste 0,03 % van het bruto nationaal inkomen van de Unie;

B.  overwegende dat de Commissie in verband met de financiering in het ontwerp van gewijzigde begroting nr. 5/2020 bij de algemene begroting van de Europese Unie voor 2020 heeft voorgesteld de marge voor onvoorziene uitgaven te mobiliseren om in de urgente behoeften voor humanitaire hulp aan vluchtelingen in Turkije te voorzien door de vastleggingskredieten in de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2020 tot boven het maximum van rubriek 4 van het MFK te verhogen;

1.  stemt ermee in dat de marge voor onvoorziene uitgaven wordt gebruikt om 481 572 239 EUR aan vastleggingskredieten te verstrekken boven op het maximum voor vastleggingen van rubriek 4 (Europa als wereldspeler) van het meerjarig financieel kader;

2.  hecht zijn goedkeuring aan het bij deze resolutie gevoegde besluit;

3.  verzoekt zijn Voorzitter dit besluit samen met de voorzitter van de Raad te ondertekenen en zorg te dragen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie;

4.  verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie, met inbegrip van de bijlage, te doen toekomen aan de Raad en de Commissie.

(1) PB L 347 van 20.12.2013, blz. 884.
(2) PB C 373 van 20.12.2013, blz. 1.
(3) PB L 57 van 27.2.2020.


BIJLAGE

BESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

inzake het aanspreken van de marge voor onvoorziene uitgaven in 2020 voor de voortzetting van humanitaire hulp aan vluchtelingen in Turkije

(De tekst van de bijlage wordt hier niet weergegeven, aangezien deze overeenkomt met de definitieve handeling: Besluit (EU) 2020/1268.)

Laatst bijgewerkt op: 9 december 2020Juridische mededeling - Privacybeleid