Index 
 Volledige tekst 
Procedure : 2006/2625(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Kies een document :

Ingediende teksten :

RC-B6-0512/2006

Debatten :

PV 27/09/2006 - 9
CRE 27/09/2006 - 9

Stemmingen :

PV 28/09/2006 - 7.6
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P6_TA(2006)0387

Debatten
Woensdag 27 september 2006 - Straatsburg Uitgave PB

9. Situatie in Darfoer (debat)
PV
MPphoto
 
 

  Marie-Arlette Carlotti (PSE ). – (FR) Mijnheer de Voorzitter, iedereen zegt: "Darfoer staat aan de rand van de afgrond". De partijen in het conflict gaan door met moorden en verkrachten. De burgerbevolking fungeert dag in dag uit als hun schietschijf. Hulpverleningsorganisaties worden tot vertrek gedwongen onder druk van intimidaties en zelfs moordpartijen, gezien de dertien doden van de afgelopen weken. Omdat het zich uitbreidt naar Tsjaad en de Centraal-Afrikaanse Republiek, vormt het conflict een bedreiging voor de hele subregio. Alles lijkt klaar voor de definitieve klap. Alles is klaar voor de slachting. De regering speelt een kat-en-muisspel met de internationale gemeenschap. Een tamelijk wreed spel, dat dagelijks zijn tol eist in de vorm van honderden mensenlevens.

De EU heeft sinds 2004 niet bepaald de hand op de knip gehouden, wat zeker heeft bijgedragen tot het voorkomen van een algeheel bloedbad. Op dit moment moet echter ook politiek gezien krachtiger stelling worden genomen. De prioriteit ligt bij het zo snel mogelijk sturen van een VN-vredesmacht op basis van resolutie 1706, die een mandaat krijgt om zo nodig geweld te gebruiken ter bescherming van de burgers.

De bevolking moet echter snel, dat wil zeggen hier en nu, worden beschermd door de Soedanese autoriteiten te dwingen hun huidige offensief te staken en het vredesakkoord uit te voeren in Darfoer; door het mandaat te versterken van en de materiële middelen te verschaffen aan de troepenmacht van de Afrikaanse Unie ter plaatse, die op dit moment inderdaad geen voldoende stevige buffer vormt ter bescherming van de burgerbevolking; door het onverwijld instellen, zoals al door mijn collega’s is opgemerkt, van het overvliegverbod op basis van VN-resolutie 1591. En, als het beroep op het gezond verstand geen soelaas biedt, door sancties: olie-embargo, internationaal arrestatiebevel, gerichte individuele sancties tegen degenen die verantwoordelijk zijn voor de wreedheden, met name de 51 personen die voorkomen op de lijst die is doorgegeven aan het Internationaal Strafhof. Beste collega’s, dit Parlement zal niet toestaan dat zich in stilte en vrijwel onder zijn ogen de eerste genocide van de 21e eeuw voltrekt.

 
Laatst bijgewerkt op: 28 november 2006Juridische mededeling