Persbericht
 

Europees Parlement neemt klimaat- en energiepakket aan

Verkiezingen 2009 - Milieu - 17-12-2008 - 14:05
Plenaire Vergaderingen
Delen

Na elf maanden wetgevend werk geeft het Europees Parlement zijn steun aan het klimaat- en energiepakket, dat ervoor moet zorgen dat de EU tegen 2020 haar klimaatdoelstellingen haalt: een vermindering van 20% van de broeikasgasemissies, een aandeel van 20 % hernieuwbare energie in het totale energieverbruik van de EU en 20% meer energie-efficiëntie.

Vóór de stemming van het Parlement in eerste lezing hadden Europarlementsleden al informele akkoorden met het Franse Voorzitterschap bereikt over de 6 voorstellen. Alle voorstellen vallen trouwens onder de medebeslissingsprocedure; het Europees Parlement en de Raad hebben gelijke wetgevende bevoegdheden.
 
Herziening van de handel in emissierechten (ETS) - verslag Avril DOYLE (EVP-ED, IE)
 
Het herziene systeem voor emissiehandel (ETS) is een belangrijk instrument om de doelstelling van het verminderen van de uitstoot van broeikasgassen te bereiken. Het systeem wordt van 2013 tot 2020 toegepast en moet zorgen voor een reductie van de broeikasgasemissies met 21 % ten opzichte van het niveau van 2005. Het emissiehandelsysteem is een "cap and trade" systeem: het beperkt de algemene hoeveelheid emissierechten, maar binnen die grenzen mogen deelnemers emissierechten vrij kopen en verkopen om de kosten van de emissies te beperken. De hoeveelheid emissierechten die jaarlijks in de EU wordt uitgegeven zal lineair afnemen om de totale uitstoot elk jaar geleidelijk terug te brengen.
 
Het ETS betreft momenteel meer dan 10 000 installaties in de energiesector en de industrie, die samen verantwoordelijk zijn voor bijna de helft van de CO2-uitstoot van de Unie en 40 % van de totale uitstoot van broeikasgassen (de overige 60 % zal niet onder het ETS vallen, maar onder de besluiten rond de 'Verdeling van de inspanningen').
 
Tijdens de eerste twee perioden van het ETS (2005-2012) werd het merendeel van de emissierechten gratis toegewezen aan installaties. Met de herziene richtlijn wordt vanaf 2013 veiling het principe (zoals voorgesteld door de Europese Commissie en gesteund door de milieucommissie), maar er zijn een aantal uitzonderingen op, die bepleit werden op de Europese Raad op 12 december 2008.
 
Voor de opwekking van elektriciteit zal volledige veiling in 2013 worden ingevoerd. Een overgangsuitzondering (tot 2020) zal mogelijk zijn, voornamelijk voor de nieuwe lidstaten en onder bepaalde voorwaarden.
 
Voor de verwerkende industrie zal het principe van veiling van de emissierechten geleidelijk worden ingevoerd. In 2013 krijgt ze een gratis toewijzing van 80 % van de emissierechten, tegen 2020 neemt dat af tot 30 % en vanaf 2027 worden alle emissierechten geveild.
 
Sectoren waarvoor een groot risico van een weglekeffect is vastgesteld (bedrijven die zich in derde landen vestigen met een minder streng klimaatbeleid en daar zo meer uitstoot veroorzaken) kunnen tot 2020 en onder bepaalde voorwaarden tot 100% van de rechten gratis krijgen, tot er een internationaal akkoord gesloten is.
 
Verdeling van de inspanningen: nationale doelstellingen voor vermindering van de CO2-uitstoot - verslag Satu Maijastiina HASSI (GROENEN/EVA, FI)
 
De beschikking voor de 'verdeling van de inspanningen' bevat nationale doelstellingen voor elke lidstaat voor de vermindering van broeikasgasemissies van de sectoren die niet onder het ETS vallen (weg- en zeevervoer, gebouwen, diensten, kleinere bedrijfsinstallaties en landbouw), tussen 2013 en 2020. Het gaat momenteel om ongeveer 60 % van alle broeikasgasemissies uit de EU. De beschikking moet zorgen voor een vermindering van die emissies van 10 % tussen 2013 en 2020, om bij te dragen tot de algemene doelstelling van een reductie van 20 % van alle broeikasgasemissies tegen 2020. De beschikking voor de 'verdeling van de inspanningen' is de eerste in haar soort.
 
Nationale doelstellingen voor België en Nederland:
 
Reducties van de broeikasgasemissies tegen 2020 ten opzichte van de hoeveelheid broeikasgasemissies in 2005 voor sectoren die niet onder Richtlijn 2003/87/EC vallen:
 
België: - 15 %
Nederland: - 16 %
 
Minder broeikasgassen uit transportbrandstoffen - verslag van Dorette CORBEY (PES, NL)
 
De herziene richtlijn brandstofkwaliteit stelt dat broeikasgassen die vrijkomen bij de winning of productie, transport, distributie, bewerking en verbranding van transportbrandstoffen (fossiele brandstoffen, zoals benzine, diesel en gasolie, maar ook biobrandstoffen, gemengde brandstoffen, elektriciteit en waterstof) tegen 2020 "zo geleidelijk mogelijk" met 10% moeten worden verminderd.
 
  • Een verplichte reductie van 6 % ten opzichte van 2010 moet tegen eind 2020 worden bereikt: lidstaten kunnen in eind 2014 en eind 2017 tussentijdse doelstellingen vastleggen.
  • De Commissie moet tegen 2012 een herziening indienen, zodat de richtlijn geamendeerd kan worden om ook de overige 4 % reductie verplicht te maken.
 
Elektriciteitscentrales uitrusten voor koolstofafvang en -opslag - verslag Chris DAVIES (ALDE/ADLE, UK)
 
Het Parlement nam ook een richtlijn aan, die een juridisch kader biedt voor de opkomende technologie van koolstofafvang en -opslag (CCS). Om hun CO2-uitstoot te beperken, kunnen industriële installaties en elektriciteitscentrales die technologie gebruiken om CO2 af te vangen en "permanent en veilig ondergronds" op te slaan. Europarlementsleden hebben ervoor gezorgd dat een aantal grootschalige demonstratieprojecten die werken volgens het principe van het afvangen en de opslag van CO2 gefinancierd zullen worden met 300 miljoen rechten uit het systeem voor emissiehandel.
 
20 % hernieuwbare energie in de totale EU-energieconsumptie tegen 2020 - verslag van Claude TURMES (GROENEN/EVA, LU)
 
Een nieuwe richtlijn legt bindende nationale doelstellingen vast, die lidstaten moeten bereiken door het bevorderen van het gebruik van hernieuwbare energie in elektriciteits-, verwarmings-, koelings- en transportsectoren. Zo moet bereikt worden, dat het aandeel hernieuwbare energie 20 % uitmaakt van het totale energieverbruik van de EU. Het akkoord voorziet dat tegen 2020 hernieuwbare energie (biobrandstoffen, elektriciteit en waterstof, geproduceerd door hernieuwbare bronnen) goed moet zijn voor ten minste 10 % van het totale brandstofverbruik in alle vormen van transport in de EU.
 
Nationale doelstellingen voor België en Nederland:
 
Aandeel hernieuwbare energie in het totale energieverbruik in 2005:
 
België: 2,2 %
Nederland: 2,4 %
 
Doelstelling voor aandeel hernieuwbare energie in het totale energieverbruik tegen 2020:
 
België: 13 %
Nederland: 14 %
 
Verminderen van CO2-uitstoot van nieuwe auto's - verslag van Guido SACCONI (PES, IT)
 
De nieuwe verordening bepaalt emissienormen voor nieuwe personenauto's (de "M1" categorie) die ingeschreven zijn in de EU. Het compromis steunt de door de Commissie voorgestelde doelstelling van een gemiddelde CO2-uitstoot van 120 gram per kilometer voor de hele auto-industrie tegen 2012 (i.p.v. de huidige 160 gram per kilometer). Volgens de verordening moeten verbeteringen in de motortechnologie het mogelijk maken een uitstoot van 130 gram/km voor nieuwe personenauto's te halen. Aparte aktes met aanvullende maatregelen zullen uiteenzetten hoe de extra 10 gram/km om tot de doelstelling van 120 gram/km te komen, behaald kunnen worden door andere technische verbeteringen zoals een betere bandenkwaliteit en het gebruik van biobrandstoffen. Het compromis introduceert ook een langetermijndoelstelling: vanaf 1 januari 2020 mag de gemiddelde uitstoot van de nieuwe auto's niet meer dan 95gram CO2 per kilometer bedragen.
 
Autofabrikanten krijgen tussentijdse doelstellingen, die ervoor moeten zorgen dat de gemiddelde CO2-uitstoot van 65% van hun autoproductie tegen januari 2012, 75% tegen januari 2013, 80% tegen januari 2014 en 100% vanaf 2015 voldoet aan de aan de fabrikant opgelegde CO2-emissiedoelstelling. Worden de doelstellingen overschreden, dan moeten de fabrikanten boetes betalen.
 
Procedure: Medebeslissing, eerste lezing / Debat: 16 december 2008 / Stemming: 17 december 2008 / Verslagen aangenomen met wijzigingen
REF.: 20081216IPR44857

Nadere informatie :